(navigation image)
Home American Libraries | Canadian Libraries | Universal Library | Community Texts | Project Gutenberg | Children's Library | Biodiversity Heritage Library | Additional Collections
Search: Advanced Search
Anonymous User (login or join us)
Upload
See other formats

Full text of "Nieuwe catalogus der oorkonden en handschriften, berustende in de Bockerij ..."

This is a digital copy of a book that was preserved for generations on library shelves bef ore it was carefully scanned by Google as part of a project 
to make the world's books discoverable online. 

It has survived long enough for the copyright to expire and the book to enter the public domain. A public domain book is one that was never subject 
to copyright or whose legal copyright term has expired. Whether a book is in the public domain may vary country to country. Public domain books 
are our gateways to the past, representing a wealth of history, culture and knowledge that 's often difficult to discover. 

Marks, notations and other marginalia present in the original volume will appear in this file - a reminder of this book's long journey from the 
publisher to a library and finally to you. 

Usage guidelines 

Google is proud to partner with libraries to digitize public domain materials and make them widely accessible. Public domain books belong to the 
public and we are merely their custodians. Nevertheless, this work is expensive, so in order to keep providing this resource, we have taken steps to 
prevent abuse by commercial parties, including placing technical restrictions on automated querying. 

We also ask that you: 

+ Make non-commercial use of the files We designed Google Book Search for use by individuals, and we request that you use these files for 
personal, non-commercial purposes. 

+ Refrainfrom automated querying Do not send automated queries of any sort to Google's system: If you are conducting research on machine 
translation, optical character recognition or other areas where access to a large amount of text is helpful, please contact us. We encourage the 
use of public domain materials for these purposes and may be able to help. 

+ Maintain attribution The Google "watermark" you see on each file is essential for informing people about this project and helping them find 
additional materials through Google Book Search. Please do not remove it. 

+ Keep it legal Whatever your use, remember that you are responsible for ensuring that what you are doing is legal. Do not assume that just 
because we believe a book is in the public domain for users in the United States, that the work is also in the public domain for users in other 
countries. Whether a book is still in copyright varies from country to country, and we can't offer guidance on whether any specific use of 
any specific book is allowed. Please do not assume that a book's appearance in Google Book Search means it can be used in any manner 
any where in the world. Copyright infringement liability can be quite severe. 

About Google Book Search 

Google's mission is to organize the world's Information and to make it universally accessible and useful. Google Book Search helps readers 
discover the world's books while helping authors and publishers reach new audiences. You can search through the full text of this book on the web 



at |http : //books . google . com/ 




Over dit boek 

Dit is een digitale kopie van een boek dat al generaties lang op bibliotheekplanken heeft gestaan, maar nu zorgvuldig is gescand door Google. Dat 
doen we omdat we alle boeken ter wereld online beschikbaar willen maken. 

Dit boek is zo oud dat het auteursrecht erop is verlopen, zodat het boek nu deel uitmaakt van het publieke domein. Een boek dat tot het publieke 
domein behoort, is een boek dat nooit onder het auteursrecht is gevallen, of waarvan de wettelijke auteur srechttermijn is verlopen. Het kan per land 
verschillen of een boek tot het publieke domein behoort. Boeken in het publieke domein zijn een stem uit het verleden. Ze vormen een bron van 
geschiedenis, cultuur en kennis die anders moeilijk te verkrijgen zou zijn. 

Aantekeningen, opmerkingen en andere kanttekeningen die in het origineel stonden, worden weergegeven in dit bestand, als herinnering aan de 
lange reis die het boek heeft gemaakt van uitgever naar bibliotheek, en uiteindelijk naar u. 

Richtlijnen voor gebruik 

Google werkt samen met bibliotheken om materiaal uit het publieke domein te digitaliseren, zodat het voor iedereen beschikbaar wordt. Boeken 
uit het publieke domein behoren toe aan het publiek; wij bewaren ze alleen. Dit is echter een kostbaar proces. Om deze dienst te kunnen blijven 
leveren, hebben we maatregelen genomen om misbruik door commerciële partijen te voorkomen, zoals het plaatsen van technische beperkingen op 
automatisch zoeken. 

Verder vragen we u het volgende: 

+ Gebruik de bestanden alleen voor niet-commerciële doeleinden We hebben Zoeken naar boeken met Google ontworpen voor gebruik door 
individuen. We vragen u deze bestanden alleen te gebruiken voor persoonlijke en niet-commerciële doeleinden. 

+ Voer geen geautomatiseerde zoekopdrachten uit Stuur geen geautomatiseerde zoekopdrachten naar het systeem van Google. Als u onderzoek 
doet naar computervertalingen, optische tekenherkenning of andere wetenschapsgebieden waarbij u toegang nodig heeft tot grote hoeveelhe- 
den tekst, kunt u contact met ons opnemen. We raden u aan hiervoor materiaal uit het publieke domein te gebruiken, en kunnen u misschien 
hiermee van dienst zijn. 

+ Laat de eigendomsverklaring staan Het "watermerk" van Google dat u onder aan elk bestand ziet, dient om mensen informatie over het 
project te geven, en ze te helpen extra materiaal te vinden met Zoeken naar boeken met Google. Verwijder dit watermerk niet. 

+ Houd u aan de wet Wat u ook doet, houd er rekening mee dat u er zelf verantwoordelijk voor bent dat alles wat u doet legaal is. U kunt er 
niet van uitgaan dat wanneer een werk beschikbaar lijkt te zijn voor het publieke domein in de Verenigde Staten, het ook publiek domein is 
voor gebruikers in andere landen. Of er nog auteursrecht op een boek rust, verschilt per land. We kunnen u niet vertellen wat u in uw geval 
met een bepaald boek mag doen. Neem niet zomaar aan dat u een boek overal ter wereld op allerlei manieren kunt gebruiken, wanneer het 
eenmaal in Zoeken naar boeken met Google staat. De wettelijke aansprakelijkheid voor auteursrechten is behoorlijk streng. 

Informatie over Zoeken naar boeken met Google 

Het doel van Google is om alle informatie wereldwijd toegankelijk en bruikbaar te maken. Zoeken naar boeken met Google helpt lezers boeken uit 
allerlei landen te ontdekken, en helpt auteurs en ui tgevers om een nieuw leespubliek te bereiken. U kunt de volledige tekst van dit boek doorzoeken 



op het web via http: //books .google . com 




"•'. . a .'fa«M«i|\Ma'* ^ 



Nieuwe Catalogus 



DER 



OORKONDEN 

EN 

HANDSCHRIFTEN 

BEROSTBNDB IN DB BOEKBRIJ 

VAH HET 

FroTindaal Qenootsoliap van Zunston 011 Wetensohappen in 
Noord-Brabant, 

OPGEMAAKT DOOR HET BESTUURSLID 

Jhr. Mr. A. F. 0. Tan SA8SE yan YSSELT. 
2.1. 



'B-HERTOGENBOSCH, 

P. STOKVIS & ZOON. 

1900. 






^eeRi^eeRD. 



--NAArgrVAA/*^ 



Daar er hjjna geen exemplaren meer voorhanden zyn van den 
Catalogus der Oorkonden en Handschriften van het ProvinciacU Qenoot- 
schap, die in 1875 door nu loylen Jhr. m^. P. J, Ridder van der 
Does de Bije werd samengesteld en daarenboven sedert dien de collectie 
Oorkonden en Handschriften van het Genootschap aanmerkelijk ver- 
meerderd isj zoo heb ik vermeend het best te doen met mij niet tot een 
supplementairen catalogus te bepalen maar een nieuwen catalogus van 
bedoelde coüectie op te maken. Ik heb daarbij, om zoo weinig mogelijk 
in eens onder den voet te moeten halen, de verdeeling tusschen Oorkonden 
en Handschriften gevolgd, zooals die door mijn genoemden voorganger 
gemaakt was. Van daar, dat er in mijnen catalogus onder de afdee- 
ling Handschriften sommige stukken voorkomen, die ik liever onder 
de Oorkonden zoude geplaatst hebben, wanneer ik den catalogus van 
meet af aan had moeten samenstellen. 

Bij het maken van dezen catalogus heb ik fouten hersteld, die 
geslopen waren in den catalogus der Oorkonden, welke door mijnen 
voorganger gemaakt werd. Ook héb ik de Handschriften in rubrieken 
verdeeld en zooveel mogelijk alphabetisch gerangschikt, omdat ik meende, 
dat dit het gebruik van den catalogus zoude vergemakkelijken. Om 
dezelfde reden omschreef ik de Handschriften uitvoeriger dan mijn 
voorganger. 

Moge mijn werk er toe bijdragen om, meer dan tot nu toe het 
geval was, te doen kennen den belangrijken inhoud der stukken, die 
de hier bedoelde coüectie uitmaken! 



mkiém 



SASSE VAU Y8SELT. 



OORKONDEN. 



M. O. De letter m achter een cijfer beteeken t dat 
de Oorkonde zich bevindt in eene der twee 
supplementaire doozen. 



1. 4 Febr, 1802 

Jan, zoon van den Graaf van Vlaanderen, Oraaf van Namen, verleent, 
om de goede diensten hem bewezen, aan Bondewijn van Poperaden, 
Bidder, kastelein van Aalst» driehonderd landsponden, jaarlijks te 
heffen uit de heerlijkheid van Ninove, losbaar met honderd duizend 
^nlke ponden. Deze en zijne nakomelingen moeten het hnis van 
Ninove bewaren en het baljuwschap aldaar waarnemen te hunnen 
koste. 

2. 5^ dag na Palmzondag 1309. 

Symon gezegd Open verkoopt voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
tegen een jaarlijkschen cijns aan Arnoldus Last een huis op den 
Vuchterdijk aldaar. Hierover waren als schepenen Nicolaas van 
Magen en Henricus van Son. 

3. Feria Quarta post Oct Paschae 1813, 

Johannes Woutersz. Broc van Ohestel verleent voor schepenen van 
's-Hertogenbosch ten behoeve van Berthout Stempel eene jaarrente 
van een mud rogge. Hierover waren als schepenen Willem llillezoon 
en Arnoldus Poeldonc. 

4. Daags na St. Jans Evangelist 1313. 

Wouter Wagebaert en Thijberijs, schepenen van Waalwijk, getuigen 
dat Aleijt Peter Gruterswij f opdroeg den Hove van Beke, bij vonnis der 
laten, die ten Hove behooren, alzulk erf en goed, als aan Loijden, 
die hare dochter Hadewich heeft, toekomen mochten van zijnen sweer 
en van zijnen zwager en voorts alles wat verder komen mocht van 
erven, zooals van de enderscutte (eendenkooi) ter veenewaarts te 



— 8 — 

Randonc, uitgezonderd het recht van den besten berg en alfulk 
havelijk goed, als zijn sweer hem ten huwelijk heeft g#geven. Het 
Hof gaf daarop het voorschreven goed aan Wijden hiervoor genoemd, 
die het wederom opdroeg ten Hove tot behoef van Jan van Oenderen. 

5. 1320. 

Petrus gezegd Wijtmer draagt over voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch aan Nicholaus van Maren een cijns uit een huis te Orthen. 
Hierover waren als schepenen Godefridus Beerewout en. . . . 

6a. (Zie %. 337a) Maandag na St. Valentjjn 1326. 

Brieven van verkoop des lands van Breda door Geeraert van 
Bj^eghem aan den Hertog van Brabant (afschrift uit de 16® eeuw.) 

7. Feria Q^xnta post Dominicam Jubüaie 1341, 

Wellinus Brugman draagt over voor schepenen van *s-Hertogeo- 
bosch aan Mathijs van Berlicum een huis en erf gelegen in de 
Beurzenstraat aldaar, tegen eene jaarrente van tien stuivers. Hierover 
waren als schepenen Jacobus van Zulichem en Godefridus Scheij vel. 

8. 1342, 

Arbitrale uitspraak van den Deken van St. Marie te Maastricht 
tusschen de kerken van Oirschot en Wintelre over de tienden te 
Wintelre. 

9. H. Kruisdag 1342. 

Machelt, dochter van Gijsbrecht Smeits van Oerle, bekent voor 
schepenen van Oerle, verleend te hebben aan Marcelis Jansz. van 
der Heiden eene jaarpacht van zeven mudden rogge uit hare goederen, 
gelegen in de parochie van Beerse, — waarover als schepenen waren 
Johan van der Heiden en Johan Gielenzoon van der Mere van 
Cnechtsel. 

10. Tweede Zondag na St. Jans Geboorte 1342. 

Mattheus NoU ekenszoon verkoopt voor schepenen van *s Hertogen- 
bosch tegen een jaarlijkschen cijns aan Hendrikus Roompot een huis 
in de Peperstraat aldaar. Hiervoor waren als schepenen Nicolaus 
van Berckel en Godescalcus Bosemont. 



— 9 — 

11. (abesf)' Fena 4 post Modest 1842. 

De Deken van de St.-Mariekerk te Maastricht, als daartoe gemachtigd, 
doet uitspraak in het verschil gerezen tnsschen Deken en Kapittel 
van Oirschot en Oodefridns van Aadenhoven over de tienden in 
Waalre. 

12. 27 Dec, 1343. 

Ëlisabeth, weduwe van Frederic en huisvrouw van Nicolaas van 
Meghen, wonende te 's-Hertogenbosch, vermaakt bij testament veertig 
stuivers jaarlijks aan de kerk van St Lambertus te Luik, een mud rogge 
jaarlijks aan den Heiligen Geest te 's Hertogenbosch, een mud rogge 
jaarlijks aan de Broeders de Porta Coeli bij 's-Hertogenbosch, en 
een half mud jaarlijks aan Henric, natuurlijken zoon van haren 
tegen woord igen man, na Henric's dood te komen aan de groote infir- 
merie der Begijnen te 's-Bosch, alle welke cijnsen geheven moesten 
worden uit haar goed te Oirschot. Dit testament werd verleden 
voor den notaris Marcelis Hendrics van Vught te 's- Bosch, klerk 
in het bisdom van Luik, in tegenwoordigheid van Jacob, den broeder 
van Ëlisabeth, Adam Top, Nicolaas Muleslach en Ooeswijn Rijkens 
Goeswijnszn. 

13. 1352. 

Een grootendeels vergane akte, waarbij Boeijen voor 

schepenen van 's-Hertogenbosch overdraagt een erfcijns, — waarover 

als schepenen waren 

en Ghiselbertus Lysscap. 

14. 1353. 

Jan, Hertog van Brabant, geeft machtiging aan Jan Dicbier, 
schout van den Bosch, om het dorp Erp te besturen, zooals hij het 
aan Bat van Borvel bevolen had. 

15. Zaterdag na St. Jan Baptists onthoofdingsdag 1355. 

Heer Willem, Heer van Megen, Ridder, doet besaat leggen op 
het land genaamd het Hoestratenscheguet, gelegen te Haren, tegen 
Heer Jan van Hoogstraten, heer van Cuijk, voor eene schuld van 
vierduizend goede oude guldene schilden — waarover waren Jan 



— 10 — 

Poelman van Lewen als rechter, Jan die Sinter van Haren en Jan 
van Mameren als gerechtslniden van het land van Megen, Hierbij 
een transüx van 1371, waarbij Jan, heer van Megen, den van voor- 
schreven handeling opgemaakten brief opdraagt aan Jan van Cuijk. 

16. Feria 2 posi Octav. van Paschen 1S55. 

# 

Ërkenrade, weduwe van Henric Cnijst van Eindhoven, draagt over 
bij schenking voor schepenen van 's- Hertogen bosch aan haren zoon 
Henric Cuijst dh helft eener pacht van zestien madden rogge, gaande 
uit het land genaamd ten Braeke onder de parochie van Woensel, < — 
waarover als schepenen waren Willem Vrancken en Henric Steen wegh. 

17. 18 Aug. 1856. 

Amoldas van Horst, peliifex, vermaakt bij zijn testament, ver- 
leden voor den notaris Theodoms IJper, alle zijne goederen aan 
Henrick Roompot en aan zijn eigen natuurlijken broeder Johannes 
Wolfaertsz., met bepaling, dat het vruchtgebruik daarvan zal hebben 
zijne vrouw Lutgarde en dat, bij kinderloos overlijden der erfgenamen, 
do goederen zouden komen aan de armen. 

Itt. 3 Maart 1358. 

Katerine Smeds Gielesdr., huisvrouw van Jan van Lubeke, draagt 
over voor schepenen van den Bij vang van Lier aan Henric van 
Wechle haar derde deel In de hoeve van Hagenbroeck, gehouden 
van de Hertoginne van Brabant, gevende Gieles de Smeds, haar 
broeder, tot deze overdracht zijne goedkeuring, — waarover als schepe- 
nen waren Willem van Wechle en Jan van den Doemhove. 

19. {Zie vo- 337a). Donderdag na Paschen 1350. 

Vidimus van een briei van Hertog Jan van Brabant, waarbij het 
Land van Breda verkocht wordt aan Jan van Folanen, heer van 
der Lecke. 

20. 8 Juli 1358. 

Willem Koefszoon en Peter Barthelemeuszoon, schepenen van 
ËiiidhovoD, getuigen, dat Johan Aemtse van den Papen ven tijdens 
zijn huwelijk ten eeuwigen dage helmelinghe vertegen heeft op Aleijt 
van Meijdens voert en hare zonen Johan en Peter, van alles wat 
bij heeft. 



— 11 — 

21. 20 Aprü 1359. 

Wouter van der Ballen draagt over voor schepenen van Eind- 
hoven aan Johannes, zoon van Bat van der Lijmbeke, eenige cijnsen, 
gevestigd op landen gelegen te Woensel aan den Heuvel en bij den 
Bavensdonc, — waarover als schepenen waren Willem Boefsxoon 
en Ghisebrecht Wouterszoon. 

22. 8t. Caiherina 1860, 

Jan van Gheesel en Willem, zijn broeder, dragen over voor sche- 
penen van Maren aan Gherit van Amersoijen, zwager van Gertrudis 
des Loeijen, al hun goed, erf en have, — waarover als schepenen 
waren Gosewijn Faeszoon, Gosewijn Helh'nc en anderen. Met een 
transfix. 

23. 8t. Bartholomem 1862. 

Gerrit en Dideric van der Brugghen, gebroeders, dragen over 
voor schepenen van Hil varenbeek aan Henric, hun broeder, hun land 
geheeten die Ëijnde, gelegen onder Baesschot en door hen geërfd 
van hunnen broeder Jan. — Hiervoor waren als schepenen Willem 
van der Aa en Gerit van den Velde. 

24. 15 Aug. 1868. 

Heer Henric Backe Lippen zoon van Hersel, deken van St. Peter 
te Oirschot, schenkt voor schepenen van Oirschot aan Heer Ghijs- 
brecht van Audenhoven een cijns van een half mud rogge 'sjaars 
uit het te Hedel onder Oirschot staand huis van Heer Willem Vos, 
kanonik en scholaster te Oirschot, welken cijns de schenker ver- 
kregen had van Andries van der Steghen, man van Aleid Jansdochter 
van Spulle. Hierover waren als schepenen Henric Brant, Jan van 
Blaertem, Godevaert van Zutte enz. 

25. Vrouwenavond Conceptio 1864. 

Johan van Vimenborch, bisschop van Utrecht, en Henric van 
Virnenborch, knape, bekennen aan Jan Oem schuldig te zijn eene 
som van tweehonderd acht en tachtig pond en vijilien schellingent 



— 12 — 

26. Zondag na Paschen 1365. 

Johannes Harte draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Oerardus gezegd Duijsborch van Hensden een erf bij het Minder- 
broedersklooster aldaar, — waarover als schepenen waren Ghiselbertns 
van Vlochoven en Otto Bilseman. 

27. (abest). Na Paschen 1365. 

Johannes Harte draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Oerard Duijsborch van Hensden eene rente van twaalf ponden, 
gevestigd op een erf achter het Minderbroedersklooster, — waarover 
als schepenen waren Oiselbert van Vlockhoven en Otto Bilseman. 

28. Zaterdag na InvocavU 1366. 

Theodoricus Posteel verkoopt voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Gerard Wijsseleer eene rente van vier ponden nit verschillende 
goederen te Son, — waarover als schepenen waren Bodo van Tiele 
en Jacobus Coptiten. 

29. Tweede Zondag na Allerheiligen 1366, 

Wolthems Wellen verkoopt voor schepenen van 's-Hertogenbosch, 
aan Henricus Crabbaert eene hoeve, afkomstig van Henricus de 
Slipen te Schijndel, tegen eenen jaarlijkschen cijns van drie ponden 
toumoois, — waarover als schepenen waren Ghiselbertns van Doom 
en Amoldns van Andel. 

30. {ahest). Kruisdag 1367, 

Gerard Duijsborch van Hoesden draagt over aan Gijsbert Boegart 
Poterszoon eene jaarrente van twaalf ponden, gevestigd op een huis 
gelegen achter het Minderbroedersklooster. Hierover waren als 
schepenen van *s-Hertogenbosch Willem van Eelkum en Bodo van 
Tiel. 

81. Zond, na St. Jan-Bapt 1367, 

Ghijsbrecht van Tuijl en JuflFronw Beatrijs van den Dike, dochter 
van Lodewijk Danielszn zijne huisvrouw, dragen op aan Henric van 
Epternaken, pastoor der kerk Noetsboeme en proost van den abt 
van Ep tem aken een derde deel der tienden van Berchem, ten be- 



— 13 - 

hoeve van Jan Papejan van Nuwelant, die daarop daarmede be- 
leend is. Hierover waren als leenmannen en bezegelaars JanRovere, 
Jan Pijlijseren, ridders, Jan van den Kelder, Henrick Liose, Oherijt 
van Vladeracken en Willem van Laer. 

32. St. Iluberi 1367. 

Marceiis en Dirk, zonen van wijlen Ancelijn van Ghemert, sartor, 
vestigen voor schepenen van 's-Hertogenbosch ten behoeve van 
Henric Oeden en diens kinderen eene rente van een mud rogge op 
land in de parochie van St. Oedenrode, — waarover als schepenen 
waren Giselbertas van Dome en llenricus Mechelijn. 

33. 4 Jan. 1368. 

Jan Vosken van Eindhoven draagt over voor schepenen van 
Eindhoven aan Willem van Emickhoven het land met een gracht 
genaamd de Hooge Kavensdonck, gelegen bij Eindhoven, — waarover 
als schepenen waren Willem Roefisz. en Ghisbrecht Henric Kuijstensz. 

34. Daags na Pinksteren 1368. 

Hendrik Gh-oneken, camifez, verkoopt voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aan Johannes, zoon van Nolleken den Verwer, eene rente 
nit een hnis in de Kolperstraat aldaar, waarover als schepenen waren 
Johannes Boude wijns en Nicolaos Scilder. 

35. Woensdag in de Finkstertoeek 1368. 

Henric te Watermael van Auddehoeve draagt over voor schepenen 
van Someren aan Henric Mertenszoon van Stiphont drie bunders 
heide in de parochie van Someren, — waarover als schepenen waren 
Maes van Aelst, Henric die Vroede enz. 

36. Maandag na O. L. V. Geboorte. 1368. 

Margarete, weduwe van Jan van den Hove, met hare kinderen, 
vestigt voor schepenen van Son ten behoeve van Godevaert, zoon 
van Godevaert Swederszn. van Eindhoven, eene rente van veer- 
tig schellingen, op eene hofstad gelegen op Ghenehove onder 
Son, enz. — waarover als schepenen waren Aemt van den Hove, 
Jan Diddenzoon en anderen. 



— 14 — 

37. {ahest). Feria 5 ante Nat. Joh. Bapt. 1371. 

Gerardus Boe draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Gerard van den Bredeacker een vierde deel* van een kamp land, 
gemeen met Heer Geerlac Rover, Bidder, en Johannes de Molle, 
hem aangekomen van Heer Henric Boe, kanonik der St. Janskerk 
te 's-Bosch. Hierover waren als schepenen Gooswijn Moedel van den 
Steenwegh en Johannes Trndezoon. — Waarbij gevoegd is het tes- 
tament van genoemden kanonik Henric Boe van 17 Ang. 1370. 
(dit testament is nog aanwezig). 

38. Als voor. 

Gerardus Bue draagt over voor schepenen van *s-Hertogenbosch 
aan Gerardns van den Bredeacker goederen gelegen onder 01 land, 
waarover als schepenen waren Goeswinns Moedel van den Steenwegh 
en Johannes Trndezoon. 

39 Zondag voor O. L. Vr. Dag, dat men kaarsen brandt 1372. 

Diderik van Driel, zoon van Heijmeric Janszn., schenkt voor sche- 
penen van Maren al het goed, dat hem van zijne grootouders was 
aanbestorven, aan Gherijt die Smit, zijnen zwager. Hierover waren 
als schepenen Daem Hawe, Jan de Ghier, enz. 

40. Dertiende avond 1374. 

Juffrouw Beatrijs, weduwe van Ghijsbrecht van Tule, draagt op 
aan Jan, Heer van Megen, den tocht van een tiend onder Gemonde 
en Thede en van eene rente van vier mudden rogge, gaande uit het 
land de Pot in de parochie Gestel, bij Herlaer gelegen, die haar 
vader Ëngbrecht Ludinck, zoon van Daniel van den Dijcke, van Jans 
voorvaderen. Graven van Megen, in leen hield, ten behoeve van 
Gosewijn van Tule, — en hierover waren als leenmannen heer 
Henric van Mordrecht, Ridder, Gijsbrecht Lijsscap, zoon van Aert 
IJsbouts en Sijmon van Mijrabeel — . 

41. Dertiende avond 1374. 

Gosewijn van Tule draagt op aan Jan, Heer van Megen, een tiend 
onder Gemonde en Thede en eene rente van vier mudden rogge, 
gaande uit het land de Pot in de parochie van Gestel bij Herlaer, 



— 15 — 

die hij van hem te leen hield, ten behoeve van Marten Honics, 
wonende te *s Hertogenbosch, die daarop daarmede beleend werd en 
daarvoor hnlde en manschap deed, — waarover als mannen van leen 
waren Heer Henric van Mordrecht. Ridder, Oijsbrecht Lijsscap, 
zoon van Art Usebouts, en Sijmon van Mijrabeel. 

42. 12 Juli 1874. 

Testament van Hadewich gezegd BaC| verleden voor Adam van 
Miert, notaris te 's-Hertogenbosch. — 

43. 6' Dagen na het Octaaf der H. Driekoningen 1376, 

Jacob de Oraij verbindt zich voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
wegens een cijns van acht ponden, gaande uit een huis aldaar van 
Nijcholans gezegd Coel. Hierover waren als schepenen Arnoldns 
van Andel en Johannes van Aadehensden. 

44. Feria 6 post Laet 1376. 

Arent Hoomken, Henric Oeden en Theodoricns Mout geven voor 
schepenen van 's Uertogenboscli aan Godfried van dan Eerchoven 
in erfpacht hnn goed ter Lake, gelegen onder St. Oedenrode, — waarover 
als schepenen waren Amond van Andei en Sijmon van Mirabel. 

45. Vrijdag na H. Sacramentsdag 1377, 

Johannes gezegd Becker draagt over voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aan Wolter van Oekel eene rente uit een huis in de 
Kerkstraat aldaar. — waarover als schepenen waren Amoldus van 
Andel en Ohiselbertus Lysscap. 

46. H. Kruisdag 1377, 

Gerardos dictus Duijsborch de Hoesden verkoopt voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch een erf achter het Minderbroeders-klooster 
aldaar aan Ghiselbert dictus Boegart, — waarover als schepenen 
waren Wilhelmus Tielkini en Todo van Tiel. 

47. Vrijdag na St. Jam Mattheus 1378. 

Bicout de Eoc, Bidder, schout van 's-Hertogenbosch, van wege den 
Hertog van Brabant, en schepenen, gezworenen en gemeene raden 



— 16 — 

van 's-Hertogenbosch, van wege die stad, geven eene kaart of gilde- 
brief aan het schrijnwerkers, draaiers, kuipers, en rademakersgilde 
aldaar. 

48. Daags na St Jan 1378. 

Otto, Heer van Arkel, machtigt Peter Pauwelsz.. zijnen schout in 
Bergambacht, om aan zijnen neef, Heer Pauwels van Haestrecht, 
in vollen eigendom over te geven een stuk land gelegen tusschen 
de Lek en de kade te Bergambacht. 

49. 10 Juni 1380. 

Heer Willem Vos, priester en scholaster te Oirschot, belooft voor 
schepenen van Oirschot te zullen geven aan Jan Oosewynszoons van 
der Ameijde, bij diens huwelijk met Katarina, zijne dochter, een 
mud rogge jaarpacht uit zijn huis en hof gelegen te Hedel onder 
Oirschot, ^ waarover als schepenen waren Jan van den Stadeck, 
Gielijs Zeghers, Dideric de Cromme, enz. 

50. Donderdag na het Octaaf der H, Driekoningen 1382 

Johannes de Vriese draagt over voor schepenen van 's-Hertogen 
bosch eene rente van twintig schellingen uit goederen te Schijndel 
aan Henricus Buc, — waarover als schepenen waren Johannes van 
Ërp en Johannes van Dinther. — 

(In deze akte komt voor de naam van Mr. Johannes Basijn, 
cyrurgicus.) — 

51. Feria 4 post Dom, Beminiscere 1383. 

Aegidius van Hofstaden, bekent voor schepenen van Mechelen, 
voor den tijd van honderd jaren aan Johannes van Valle zijn aan- 
deel in den tol van Mechelen verhuurd te hebben. Hierover waren 
als schepenen Bumoldus Ban en Johannes van Aedegheem. 

52. Feria 4 post Dom. Beminiscere 1383. 

Aegidius van Hofstaden, draagt over voor schepenen van Mechelen 
aan Johannes van Valle zijn aandeel in den tol van Mechelen. 
Hierover waren als schepenen Bumoldus Ban en Johannes van 
Aedegheem. 



17 
53. 6e. Zondag na O. L. R. Hemelvaart 1383, 

Theodoricus gezegd Scone verkoopt voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch aan Henrick Crabbaert een cijns, gaande nit goederen te 
Schijndel, waarover als schepenen waren Johannes van Bruhezen 
en Jordanns van Hocalen. — 

54 (zie no. 337a.) 8 Maart 1387. 

Vidimus van 1416 van een brief der Hertogin Johanna over de 
verpanding der heerlijkheden Groot- en Klein Zundert, de Hage, 
Spmndel en Nispen aan Jan van PolaDen, heer van Lecke en Breda, 
tot zekerheid van drie daizend franken aan hem verschnldigd. 

55. 1 Juli 1388. 

Otto, Heer van Arkel, draagt in vollen eigendom over aan zijnen 
neef Panwels van Haestrecht, heer van Loen, het land genaamd 
Beckevoert in Bergambacht. 

56. 1390 

Verzameling van schepenbrieven, uit het Latijn vertaald, betreffende 
de hnisarmen te Zatphen, van 1328 — 1390. 

57. Zondag na het Octaaf van Sexagesima 1390. 

Henricns en Heijlweg, kinderen van Albert van Bucstel, verkoopen 
voor schepenen van *s-Hertogenbosch aan hunne zuster Elisabeth 
een cijus, gaande uit een goed te Vught, waarover als schepenen 
waren Wilhelmus en Jordanus Tielkini Arnolduszn. 

58. 10 Juli 1390. 

Jan, zoon van Hend. van Eijke, draagt over voor schepenen van 
Oirschot aan Diderik, zoon van wijlen Goeswijn van der Hameijden, 
zijnen zwager, een jaarlijkschen erfpacht van drie loopen roggezaads, 
als zijn grootvader, fleer Willem Vos, op de goederen van genoemden 
Diderik bij testament bezet had. Hierover waren als schepenen 
Willem Andriesz., Jan die Cromme, Gosowijn van der Meer, Jan 
van den Raffendonc, Johannes van der Hofètat enz. 

2 



— 18 — 

59. Dcuigs na St Paulm Conv. 1393. 

Ghijsbrecht en Jutta, nagelaten kinderen van Willem Coptiten, 
maken voor schepenen van 's-Hertogenbosch eene nadere overeen- 
komst over de deeling hunner ouderlijke goederen, — waarover als 
schepenen waren Gosewijn Steenwech en Jordaen Artzn. Tielken. 

60. H. Maria Magdalena 1394, 

Henricns van Tuernhout draagt over voor schepeneo van 's-Her- 
togenbosch aan Amoldus van Beke een erf te Schijn del, — waarover 
als schepenen waren Ooeswious Steenwech en Johannes van Ghemert. 

61. Na St. Bavo 1394. 

Willem, Heer van Huern en Althena, stelt als zegsmannen aan 
Heer Robbin Bokelaer en Heer Jan Geredin, pri es teren, in het 
verschil met zijn neef Hendrik Pauwels van Haestrecht, Heer van 
Loen, ten einde de schade te regelen, die genoemde Hendrik voor- 
tijds van hem geleden had in zijne landen in Alteoa en zij do tienden, 
gepacht van het kapittel van Oudemunster, met bepaling dat, indien 
de zegsmannen het niet eens mochten worden, Heer Jan van Arkel, 
Heer van Hagestein, Pierrepont en Mechelen, hun zou worden 
toegevoegd. 

62. Des anderen daags na St. Bavo 1394. 

Willem, Heer van Hoerne en Althena, verklaart, dat alle geschil- 
len vereffend zijn tusschen hem en zijn neef Hendrik Pauwels van 
Haestrecht en dat deze, evenals zijne vrouw, Elsbeen van Dalem^ 
Vrouwe van Loen, voortaan vrij zullen zijn van alle beden voor 
hunne goederen in het land van Altena. 

63. Drie dagen na Barnabe 1396. 

Nicolaas Mijsz. van Lieshout draagt over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan Johannes Wijtfenne een stuk land gelegen in 
de parochie van Lieshout, — waarover als schepenen waren Heer 
Gosewijn van der Aa, Ridder, en Maarten Berwout. 



— 19 — 

64. Vrijdag na Si. Scholastica 1399. 

Ghijselbert Besselen verkoopt voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Johannes Groet van Herlaer eene rente van drie mud rogge, 
gaande nit goederen te Uden; van Henricus gezegd Grnijter van Uden, 
afkomstig, — waarover als schepenen waren Jacobus Tijt en Johannes 
Wolphards. 

65. St. Petr. 1399. 

Gherijt Gerbertszoon koopt voor schepenen van Vught van Gielis 
van der Bonen een hais en erf aldaar gelegen. — waarover als 
schepenen waren Jan Paep, Ni colaas van der S traeten. enz. 

66. Zond. na St. Vijt 1401. 

Johannes, zoon van wijlen Mr. Wolphert van Giesen, Nicolaes 
van Baerle en zijne zaster Jatta, Hendrik Hermansz. Schaijwint 
als man van Catharina Wander Johannes dochter, Jan zoon van 
Dirk Vrankzoon van Orthen, en Mr. Arent Buc, chirurgijn, dragen 
onderscheidene renten over aan Jonkvroaw Heilwig, wednwe van 
Bicold Borchgreve, — waarover waren als schepenen van 's-Herto- 
genbosch Johan van Bmheze en Jacob Coptiten. 

67. 15 Mei 1401. 

Godevaert Hillen Sibbenzoon vestigt voor schepenen van Oirschot 
voor Heer Dirk Berthoats, kanonik, ten behoeve van het kapittel 
aldaar tien schellingen jaarlijks op een beemde, geheeten de Tijmmer- 
donk en gelegen onder Spoordonck, belend aan Jan van Audenhoven. 
Hierover waren als schepenen Peter van der Laeck, Hendrik van 
Ghenen en anderen. 

68. Daags na St. Peter en Paulus 1401. 

Godescalcns gezegd Arntsoen verkoopt voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aan Henricus Bac, zoon van Godschalk gezegd Roesmont, 
een cijns uit eene hoeve te Vught, — waarover als schepenen waren 
Goeswinns Steen wech en Jacobus van Neijnsel. 



— 20 — 

69. St Lucasdag 1401. 

Willem van den Arenest verkoopt voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch eene rente, gaande uit goederen te Schijndel, aan Johan 
van de Middegael, — waarover als schepenen waren Arnoldus Weer 
en Amoldns Stamelart. 

70. 24 Januari 1402. 

Voor schepenen van *s-Hertogenbosch, (ïerardus van Berckel 
Gerardszn. en Petrus de Borchgreve, wordt aangegaan eene transactie 
over de grensscheiding van' erven in den Mortel aldaar tusschen 
Nicolaus gezegd Coel van Orthen en Johannes de Haze. 

71. Dinsdag na Palmzondag 1402. 

Bertoldns Bac, zoon van Johannes gezegd Bac van Tijlborch en 
zijn broeder Johannes dragen over voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosch eene rente van dertien Hollandsche guldens (flor. voc. moneta 
quondam Wilhelmi Holland.), gaande uit goederen te Tilburg, aan 
Qerardus, zoon van Johannes, den zoon van Johannes Bathenzoon, 
ten behoeve van diens broeder Ghiselbertus, investitus van Esch. — 
Hierover waren als schepenen Goeswinus van der Aa, ridder en 
Ëgidius Coptiten. 

72. 4 Juli 1403. 

Henricus Willemsen draagt over voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosch aan Aelbertus Thomaessen, wijlen Simon's zoon, een gedeelte 
van een erf, genaamd de Mortel, gelegen aldaar, tegelijk met een 
gedeelte van een daarbij staande nieuwen muur en het recht om 
een steegje en een watertrap te gebruiken, — waarover als schepenen 
waren Gerardus van Berckel Gerarduszn. en Peter die Borchgreve. 

73. Vierde Zondag na St. Laurentius 1404. 

IJda dochter van Godefridus van den Kolc verkoopt voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch haar land te Rosmalen tegen eenen jaarlijkschen 
cijns aan Ghiselbert van Doorn (de Spina) — waarover als schepenen 
waren Arnoldus Heijm en Bartholomeus Spiering. 



— 21 — 

74. St. Mathijs 1405. 

Hendrik, Amt en Hillegond, wettige nagelaten kinderen van 
Peter van der Moeien en Luitgard van Goerle, maken voor sche- 
penen van Eindhoven scheiding en deeling van hnnne ouderlijke 
goederen, — waarover als schepenen waren Eorstiaan Eorstiaansz. 
en Johannes Henric Pauwelse. 

75. St. Matheus 1406. 

Dirk Berwout, Ooeswin Steenwegh, Jacob Tijt, Jacob van Neijnsel 
en Oerrit Bathenzoon, gezworenen van 's Hertogenbosch, verklaren 
dat, toen zij ten vorigen jare met Ohijsbrecht van Doim en Jan 
Wolphaertszoon schepenen waren, voor hen verschenen waren Goswijn 
Boe, Dirk Herbertszoon en Roeloif van Tefelen, getuigenis afleggende, 
hoe dat onderscheidene cijnsen toekwamen aan Hendrik van Dordrecht 
en dat ze gebeurd werden eerst door hem en na zijnen dood achter- 
eenvolgens door zijne dochter Geertrui d en haren wettigen zoon Jan 
van Eeeldonc. — Hierover waren als schepenen van 's- Hertogen bosch 
Jan van Dordrecht, Jordaen Aert Nelkenszoon, Dirck Lu, Gielis 
van Gheel, Hendrik Üeijme en Jacob van Vladeracken. 

76. St. Petrus ad Cat. 1407. 

Dirk van Haestrecht Pauwelszoon, Bidder, draagt op aan Willem, 
Graaf van Holland, vier morgen land, gelegen in het land van Altena, 
ambacht van Sleeuwijk, ten behoeve van Roelof van Haestrecht, 
zijnen broeder, waarover waren als leenmannen de Heer van Was- 
senaer, burggraaf van Leiden en Heer Jan van Heemsteden, heer 
van Benthusen. 

77. 11 Duizend Maagden 1407. 

Hendrik Buchentop maakt eene overeenkomst met de gebroeders 
Hendrik en Pieter, zonen van Willem Mersse, over eenen scheidings- 
muur, staande tusschen erven in de Hinthamerstraat te *s-Hertogen- 
bosch. Hierover waren als schepenen van 's Hertogenbosch Hendrik 
van Uden en Amout Dicbier. 



— 22 — 

78. St Scholastica 1408. 

Johannes Pieterse van Druenen, genaamd Scheffennen, Johannes 
Oghe, Arnt. Hoenken en Gertrudis, zijne zuster, Henric die Bije 
Jansz., Johannes van Vlijmen, man van Christine, Jacob, zoon van 
Arnt Jacob, man van Yde, dochter evenals Christine van Jan die 
Bije, dragen over als erfgenamen van Johannes Pijnlec en Margarita 
Henricsdr., die Bije, voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Wal ter 
die Bije, zoon van Peter Hein Bijezoon, een stak land, gelegen in de 
parochie van Dmnen, ter plaatse genaamd de Brake, waarover als 
schepenen waren Gerard van Berkel en Barthulomeus Spierinc. 

79. Vijfde Zondag na Exaudi 1408. 

Elyas van Mondewijc draagt over voor schepenen van 's- Hertogen- 
bosch aan Peter Becker (Petrus Pistor) eene rente van twintig 
stuivers uit een goed te Boxtel, — waarover als schepenen waren 
Henricus van Uden en Johannes Yoede. 

80. Maandag na St. Aegidius 1408. 

Johannes van Mondewijc en zijn broeder Elyas dragen voor sche- 
penen van 's-Hertogenbosch op aan Petrus Becker eene rente van 
twintig schellingen, gaande uit goederen in den Bergacker te Boxtel, — 
waarover als schepenen waren Johannes Yoede en Sibertus van 
Hoculem. 

81. Vier dagen na St Mathijs 1409. 

Henricus gezegd Kannaert verkoopt voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch van Godefridus van de Mijddengael een cijns van twee 
goudguldens, gezegd nieuwe guldens van Geldersche munt, gaande 
uit verschillende goederen te Rosmalen en Hintham, — waaroverals 
schepenen waren Johannes van Beerse en Henrick Becker. 

82. Feria tertia post festum beati Viti 1410. 

PhUippus van Heesterbeke belooft voor schepenen van 's- Herto- 
gen bosch, dat hij Bodolpha, dochter van wijlen Petras Pelslauwer, 
zal doen toestemmen in de verdeeling van het erf „de Mortel, 



— 23 — 

gelegen aldaar aan de Coninxbrugge, — waarover als schepenen 
waren Jacobus van Neijnsel en Wilhelmas Broeder. 

83. Daags na Si. Hubert 1410, 

Nicolaas Coel van der Hamsvoert vestigt voor schepenen van 
's-fiertogenbosch ten behoeve van Hendrik Hoemken een cijns van 
eenen gouden Franschen penning of kroon op een huis en erf in 
de parochie van Dinther, — waarover als schepenen waren Johannes 
Heijm en Pieter van Best. 

84. 8 Maart 1411. 

Wijnrijc Henric Wijnrijcszoon draagt over voor schepenen van 
Mierlo aan Rover van Yaerlaer eenen erfcijns van een mud rogge, 
gaande uit vier stukken land, — waarover als schepenen waren 
Gelis van Bekelaer, Jan die Schomaker, Henric die Striker, Godert 
Vestaert, Maas Jans Bosezoen, Jan die Poert en Jute van der 
Schueren. 

85. 29 Dec. 1411. 

Jan Stoeps Willemse en Katharina, zijne huisvrouw, dragen over 
in erfpacht voor schepenen van Eindhoven aan Jan Peters van 
Meijensfort een huis en erf te Vlokhoven onder Woensel voor een 
canon van twee penningen en drie mudden rogge, — waarover als 
schepenen waren Roelof Roevervosse en Jan Dapper. 

86. 20 Mei 1412. 

Henricus van Sprengel genaamd Verwers bekent voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch geld schuldig aan Arnoldus van Gameren, 
verwer, — waarover als schepenen waren Goeswinus van Brecht en 
en Lambertus van den Hezeacker. 

87. 3 Oct 1412. 

Aegidius van Gerwen en de Kanoniken van het Kapittel van 
St. Jan Ev. te 's-Hertogenbosch verkoopen aan Arnoldus, zoon van 
Martinus Monachus (Monicx ?) en aan Henrick Steenwegh, zoon van 
Gerardus Monachus, eene jaarrente van twintig stuivers, door ge- 
noemden Martinus aan dat Kapittel geschonken voor het doen van 
zielmissen voor hem en voor zijne huisvrouw Aleijt. 



— 24 — 

88 Feria 4 post diem beati Galli 1413, 

Henrick Bolleken genaamd Cromken en Aleid, zijne huisvrouw, 
dragen over voor Burggraaf en schepenen van Nijmegen een huis 
en erf, gelegen aldaar aan de Burgstraat, aan Derijck van Redinc- 
haven, — waarover waren Emestps Ingennulant voor den Burggraaf, 
Johannes van Ubbergen en Sijmon van Bedinchaven als schepenen. 

89. 22 Febr. 1415. 

Heer Joannes Vosse, priester en perpetueel matricularius der 
Collegiale Kerk van St. Pieter te Oirschot, draagt over aan Gerardus 
van Achel huis en erf, staande te Oirschot in de wijk Hedel, door 
transportant verkregen van Margaretha, weduwe van DirkTielraanszn. 
van Ameijde, die het op zijne beurt verkregen had van Wilhelmus 
Vosse, priester en scholaster van na te melden Kapittel. — Hierover 
waren als getuigen Heer Auselmus de Baest, deken van het Kapittel 
van Oirschot, Joannes de Baest, priester van dat Kapittel, Henric 
vau den Bachecker, Willem en Jan, zonen van Henric Vosse en 
Jan Tijmmerman, clerici. — 

90. 9 Dec. 1415. 

Jutta, dochter van Willem Coptiten, draagt over voor schepenen 
van 's-llertogenbosch aan Hille, natuurlijke dochter van Arnold van 
Andel, eene rente van vier mudden rogge, gaande uit het goed 
ten Braeke onder Woensel, — waarover als schepenen waren 
Theodoricus Lu en Godefridus van Rode. 

91. 28 Mei 1416. 

Dirk, zoon van Gintaes Arnts Noijkens, Hillegont, Geertruit en 
Elisabeth, zijne zusters, en Henrick, zoon van Willem van den 
Hetsroede, als man van Beatrix, zuster als voor, dragen over voor 
schepenen van Eindhoven aan Arnt Arnts Noijkens een vierde in 
het goed Dombroecke, gelegen te Stratum, dat genoemde Gintaes 
Arnts Noijkens verkregen had van Jan en Willem, zonen van 
Willem Spreugers, — waarover als schepenen waren Kerstiaan 
Kerstiaansz. en Henric die Blake. 



— 25 — 

92. 3 Jan. 1417. 

Andries DIrksz. van den Lake doet afstand voor schepenen van 
's- Hertogenbosch aan Johannes Hoernken van al zijn recht op de 
goederen, die deze gekocht en verkregen had van zijne broeders en 
zosters, — waarover als schepenen waren Rudolf Beer wout en 
Johannes die Ln. (Betreft de hoeve ten Lake onder St. Oedenrode.) 

93. 19 Aug. 1417. 

Nicho]ans van Maren (forbicor) vestigt voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch op zijn huis aldaar ten behoeve van Petrus Witmer een cijns, — 
waarover als schepenen waren Marcelus die Lu en Arnoldus Monix. 

94. 2 April 1420. 

Jan Wouterszn. Oerlcmans en Wouter Willemzn. Oerlemans, 
schepenen van Wuderle en VVedert, (Waalre en Valkenswaard n.1.) 
verklaren aan huune medeschepenen, dat Vranck den Leeuw voor 
hen getuigd heeft, dat. Wouter van Berem een cijns van veertien 
loopen rogge geldende heeft op het Broechuis, dat vroeger aan Jor- 
daen van Hokelem toebehoorde. Hierover waren als schepenen 
Gijsbrecht van Ginhoven, Henric Hoghaerts, Godevaert Goeswijns, 
Mercelis van Dommelen en Arnt Udemans. 

95. Feria 3 post diem Panthaleonis 1420. 

Theodoor van Mokeren en Geertrui d, zijne huisvrouw, en Sijmon 
van Redinchaven Dirkszn. met zijne broeders en zusters dragen 
over voor Burggraaf en schepenen van Nijmegen aan Dirk van 
Leijenberch een huis en erf, gelegen in de Burgstraat aldaar, — 
waarover waren Johannes van Redinchaven voor den Burggraaf en 
Johannes van Zeiler en Adam van Heze als schepenen. 

96. 17 April 1421. 

Alard van Berlikem draagt over voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosch aan Johan Houbraken, zoon van Johannes Houbraken, natuur- 
lijken zoon van Johannes Houbraken van Scijnle, een huis in de 
Hintfaamerstraat te 's-Hertogenbosch, — waarover als schepenen 
warea Wolterus Colen van Oerle en Nicolaas Leenman. 



— 26 - 

97. 16 Juni 1421. 

Elsbeen van Dalem, Vrouw van Loen, verklaart dat Jan Crauwel, 
door niet te voldoen aan zijn leenplicht, zijn leen gelegen in het 
land van Altena onder Sleenwijk, dat haar man, wijlen Pauwels 
van Haestrecht, heer van Loen, hem in leen gegeven had, verbeurd 
heeft. 

98. • Daags na O. L. V. Conceptio 1422. 

Johannes Hoemken draagt over voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosoh aan broeder Amold Budolisz., ten behoeve van het klooster 
den Hage bij Eindhoven, onderscheidene cijnsen gevestigd op goe- 
deren gelegen in de parochie van Bakel, — waarover als schepenen 
waren Dirck de Lu en Gerard Scilder. 

99. 18 Juni 1422. 

Jan Dicbier, schout, mitsgaders schepenen en raden der stad 
'sHertogenbosch vernieuwen de kaart van het schrijnwerkers,- 
draaiers, kuipers en rademakers-gilde aldaar. 

100. 27 Octob. 1423, 

Wolterus Spierinck die Hoppenbrouwer, als man van Mechteld, 
dochter van Mechteld, geeft voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan 
Gibon, zoon van Ricard Heijnen, in erfpacht uit twee perceelen 
land gelegen te Borne onder Schijndel, — waarover als schepenen 
waren Jacobus Monix en Daniel Boesmont. 

101. Daags na Onnooz. Kinderen 1423. 

Kerstiaan, zoon van Kerstiaans Lijssouts draagt over voor schepe- 
nen van Eindhoven aan Lucas, zoon van Godevaert Swederszn, een 
cijns van elf loopen rogge uit een stuk land onder Woensel, ge- 
naamd de Langeecker, — waarover als schepenen waren Dideric 
des Verren en Willem van Heze Michielsz.. 

102. 8 Juli 1424, 

Johannes de Spiua (van Doorn) draagt voor schepenen van 's Her- 
togenbosch over aan Arnoldus Beerwout eene rente, gaande uit 



— 27 - 

goederen onder Haaren, ^ waarover als schepenen waren Godefridos 
van Druten en Bicoldas die Borchgreve. 

103. SU Maria Magdalena 1424. 

De Proost der Karthuizers bij Utrecht en Dirck Hazert vertijgen 
voor schout en schepenen van IJsselstein op Jan Evertszoon van 
der Laen van een huis, hofstede en twee morgen land aldaar. 
Hierover waren als schout Corstiaan Aernts van Muden en als sche- 
penen Dirck Jan Daniëlszoon en Hendrik van der Molen. 

104. 1424. 

Broeder Wilhelmus, prior der Karthuizers. en de overige defini- 
toren van het kapittel generaal dier orde, maken Mr. Martinus van 
Zomeren, klerk der schepenen en kanonik van St. Jan Ëv. te 
's-Hertogenbosch, deelachtig aan al de goede werken, welke door 
die orde gedaan zullen worden. 

105. St. Jan 1424. 

Geraert van Raethem verleent voor schepenen van Roermond een 
erfelijken cijns aan de huisarmen van den H. Geest, — waarover 
waren als richter Johan van Wylre en als schepenen Lambrecht van 
der Kraken en Johan van Boechoove. 

106. 1 Juli 1427. 

Henric Deden draagt over voor schepenen van 's- Hertogenbosch 
aan Jacob Oeden Henricsz. zijn recht van naasting op het goed 
ter Lake onder St. Oedenrode, — waarover als schepenen waren 
Dirk de Lu en Arnout Monix Gijsbrechtsz. 

107. Zondag na St. Petrus ad Vinc. 1427. 

Gerrit Wemersz., als man en voogd van Gheerborgh, zijne vrouw, 
draagt over voor schepenen van Vught aan Peter den Decker eene 
rente van vijf schellingen 'sjaars, gaande uit diens land, gelegen te 
Vught in de parochie van St. Lambert, — waarover als schepenen 
waren Wouter Aerts Vpghelaers en Peter zoon van Aert Zegers. 



— 28 — 

108. 24 April 1428. 

Gooswijn Moedel van den Donck.en Aemt Rover van der Por- 
ten doen voor schepenen van 's-Hertogenbosch uitspraak in eea 
twist over het maalrecht van de molens onder Oisterwijk, gerezen 
tusschen de molenaars Godschalk Roesmont, Aemt Houtappel, Bruijsten 
Bruijstenzoon van Oisterwijk, Olaes Cantor en anderen. Hierover 
waren als schepenen Gerit die Wael Gijsbrechtszn. en Goijaert van 
Drueten. 

109. 10 Juni 1428. 

Gerard Gijsbertsz. de Wael en Goijaert van Drueten, schepenen 
van 's-Hertogenbosch, geven ten verzoeke van Peter, zoon van God- 
schalk Peters en Daniel, zoon van Johannes van Buegen, een vidimus 
van een schepenbrief van 's-Hertogenbosch, gegeven feria secunda 
na Jubilate 1399, waarbij Heer Henric Buck, priester en kanonik van 
St. Jan Ev. aldaar, overdraagt aan Henric, zoon van Aben van der 
Loefoirt eene rogge pacht van een mud enz., gaande uit landerijen 
onder Berlicum ; een schepenbrief van Herpen van 1389, waarbij Claes 
Janszn. van Oss ten behoeve van Heijn Abenzoon eene roggepacht 
vestigt en een schepenbrief van 's-Hertogenbosch van 1400, waarbij 
Henric, zoon van Albert Zwart Abe land te Rosmalen in erf pacht gaf 
aan Ludekinus, zoon van Martinus Ludenzoon. 

110. 26 Juli 1428 

Pieter, Henric en Machtelt Ketelaers, kinderen van Jan Ketelaers 
Henrickszn. en zijne vrouw Katarine, dragen over voor schepenen 
van Eindhoven aan Peter, zoon van Henric Noellen, een streep lands 
onder Woensel, — waarover als schepenen waren Jan van Gestel 
Peterszn. en Thomas Gooswijnse. 

111. 1428. 

Schepenen, gezworenen, raadslieden, die men noemt ledige lieden, 
en dekens der ambachten van de stad *s-Hertogenbosch amplieren 
de kaart van het saai makersambacht aldaar. — Het charter was 
bezegeld door Jan van der Pussen, schout der gezegde stad. 



— 29 — 

112. 17 Juni 1430. 

Wolter, Heer van Scoenbeke, draagt over voor schepenen van 
's Hertogenbosch aan Nicolaus, zoon van Hnbert van Gemert eene jaar- 
rente van v^itien loopen rogge uit het goed genaamd het Broeck- 
hüijs in de parochie van Waabre, — waarover als schepenen waren 
Amoldus Rover van der Poorte en Sijmon van Gheel. 

113. 24 Juli 1430. 

Jacobus en Agnes, kinderen van Jacob van Berlijken, dragen voor 
schepenen van 's- Hertogenbosch aan Lambert, zoon van Johannes 
Jacobszn. c. s., tegen een jaarlijkschen cijns landerijen over gelegen 
onder St. Mich iels-Gestel ter plaatse Thede bij Herlaer, enz. Hierover 
waren als schepenen Lambertos van den Broeck en Adrianus van 
Ëijndhonts. 

114. 26 Jan. 1432. 

Wilhelmus, zoon van Petrus Jutten, verkoopt aan Nicolaas van 
Berkel Gerardszn. en aan Wilhelmus, zoon van Udeman van Roesvenne 
eene jaarrente van vijf malderen rogge. Hierover waren als schepe- 
nen van 's-Hertogenbosch Gerardus van Berck en Rutgerus van 
Geldrop, 

115. 28 Jan. 1432. 

Wilhelmus, zoon van Petrus Jutten, doet afstand aan Nicolaas 
van Berkel Gerardszn. en Wilhelmus, zoon van Udeman van Roesvenne. 
van zijn recht van vernadering op eene jaarrente van vijf malders rogge, 
die hij hun verkocht had, — waarover waren als schepenen van 's-Her- 
togenbosch Gerardus van Berck en Rutgerus van Geldrop. 

116. 28 Jan. 1432. 

Willem, zoon van Udeman van Roesvenne, als man en voogd van 
Heilwich, natuurlijke dochter van Katrina Willems Brasse, draagt 
over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Nicolaas van Berckel 
Gerardszn. eene jaarrente van vijf malderen rogge, gaande uit lan- 
derijen te Deume en Vlierden, — waarover als schepenen waren 
Gerard van Berck en Rutgerus van Geldrop. 



— 30 — 

117. 5 Mei 1439. 

Jacobus van der Heijden verkoopt voor schepenen van 's Herto- 
genbosch aan Rutger van Arkel eene rente van vier pond, gaande 
nit een huis in de Boertschestraat aldaar, waarover als schepenen 
waren Johannes Batensoon en Johannes de Ouden. 

118. 2 Juni 1439. 

Jan, natuurlijke zoon van Jan van den Nieuwenhuijs, den zoon van 
Jan Zegers, vestigt voor schepenen van 's Hertogenbosch ten behoeve 
van Arnoud Reijnersz. van der Locht een cijns van drie ponden op 
een huis en erf gelegen te Wijbosch onder Schijndel, — waarover 
als schepenen waren Johannes Batenzoon en Peter van Ërp. 

119. 11 Jan. 1440. 

Johannes, zoon van Reinier Haengreve, vestigt voor schepenen 
van 's Hertogenbosch ten behoeve van Lambert van Doem e Chris- 
tiaanszn. eene jaarpacht van een mud rogge op het land genaamd 
's Dekensbeempt in de parochie van Waalre en op den Haijsecker 
te Zeelst, — waarover als schepenen waren Gerard van Vladeracken 
en Arnoldus Berewout. 

120. 12 September 1440. 

Katharina, dochter van wijlen Nicolaas Wijnmans, verleent voor 
schepenen van *s Hertogenbosch aan Lambert van Doerne Christiaanszn. 
ten behoeve van Johannes, natuurlijken zoon van Rutger Wijnmans, 
eenen erfcijns van een half mud rogge op een huis en erf gelegen 
onder Zeelst, — waarover als schepenen waren Rudolph Lonijs en 
Tielman van Doerne. 

121. 12 September 1440. 

Katharina Wijnmans Nicolaasdr. draagt over voor schepenen van 
's Hertogenbosch aan Lambert van Doerne Christiaanszn eene rente 
van een mud rogge uit een land genoemd de Roestekker onder Zeelst, 
— waarover als schepenen waren Rudolph Lonijs en Tielman van 
Doerne. 



— 31 — 

122. 9 Juni 1441. 

Gerard van der Aa draagt over voor schepenen van 's Hertogen- 
bosch aan Godfried, natnnrlijken zoon van zekeren Gerard van der 
Aa, eene rente van tien ponden ait onderscheidene goederen gelegen 
onder Meerwijck, — waarover als schepenen waren Andries de Ln 
en Arnold Beerwont. 

123. 10 Juli 1441. 

Aert Eeris van der Egelmeer Janszn. van Milheze draagt over 
voor schepenen van Helmond aan Heer Ermbrecht Roeschmans, 
priester, ten behoeve van de O. L. V. Broederschap van Helmond 
en de priesters in de kerk te Helmond, een erfcyns van zes loopens 
rogge, jaarlijks gaande nit een huis en hofstad, gelegen in de parochie 
van Bakel ter plaatse genaamd Milheeze. Hierover waren als sche- 
penen Aernt van den Papendonck en Jan Dommelman. 

124 10 Augustus 1441. 

Juffrouw Luijtgaert van den Hoevel, bijgestaan door haar momber 
Henric Tollens, ontvangt in leen van Hertog Philips van Bourgon- 
dië eene rente van drie mudden rogge, gevestigd, op het goed van 
Vroonhoven , toebehoorende aan Jan van Ghemert, geheeten van 
Vroenhoven en diens broeder Claus van Ghemert, — waarover als 
leenmannen waren J®*". Jan Hinckart, raad en woudmeester van 
Someren en Willem van Berchem Claesz. 

125. Oct. 1441. 

Johanna van Ghijsselen draagt voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch aan Johannes van Nijfterick op eene rente van een mud 
i^ggo* gaande uit hare goederen te Schijndel, — waarover als 
schepenen waren Martinus Monix en Amoldus Groetart van Os. 

126. 13 Juni 1443. 

Godfried van Dommelen en Godfried van Eijck, respectievelijk 
gehuwd met Margaretha en Eva, kleindochters van wijlen Henrick 
Stiers, gewoond hebbende te 's-Hertogenbosch, verklaren voor notaris 
en getuigen te 's-Hertogenbosch, dat zij genoegen nemen met den 



— 32 — 

uitersten wil van Henrick Stiers voornoemd, — waarover waren 
als notaris Amold Sticker en als getuigen Willem van Valkenborch, 
Gerard Rijssonge en Willem Berchman. 

127. 1 Febr. 1444. 

Willem van Heerle, als man en voogd van Hadewig. dochter vaiv 
Jan Stoep Willemszn., draagt voor schepenen van Kindhoven over 
aan Jan Stoep, zoon van Jan Willemszn., al hun recht op de goede- 
ren, gekomen van Katarioa Wijnmans Nicolaasdr , — waarover als 
schepenen waren Henric Willems Wijnmans en Henric, zoon van 
Jan Pauwelsz. 

128. 9 Febr. 1444. 

Claas van den Broec, zoon van An dries van Erde, vestigt voor 
schepenen van Schijndel ten behoeve van Arnt van der Locht Reijnersz. 
eene jaarrente van een pond op een stuk land in de parochie van 
Schijndel, — waarover waren als schepenen Lambrecht van Berse, 
Jan van Wijtlene en anderen. 

129. 13 Juni 1444. 

Weijndelmoed weduwe van Jan die Loze en Albert, Jacob, Angela 
gehuwd met Henricus van Lier, en Seijnsa, kinderen van Jan die 
Loze en Weijndelmoed voornoemd, dragen over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch van eenen cijns van tien en een idem van zes 
oude schilden, gaande uit eene hoeve te Udenhout, aan Lambert 
van Doerne Christiaanszoon de helft ten behoeve van Albert Loden 
Reijnierszoon en de wederhelft ten behoeve van Amelius, Reijnier 
en Beatrix, kinderen van Amelius van den Hovel en Beatrix Loden 
Reijniersdr. Hierover waren als schepenen Godefridus van Drueten 
en Amoldus die Borchgreve. 

130. 21 Juli 1445. 

Johannes die Bie, zoon van Jan de Bie van Engelen, draagt voor 
schepenen van *s Hertogenbosch over aan Arnoud, zoon van Jan 
Geritszoon en Hille, weduwe van Johannes Danielszoon, twee en een 
halven morgen land, gelegen in de parochie van Empel, — waar- 
over als schepenen waren Rodolphus Lonijs en Christianus Coenen. 



— SS — 

131. 23 Aug. 1445. 

Jan van Brecht Godevaertszoon vestigt ten overstaan van sche- 
penen van Antwerpen eene jaarlijksche rente van drie ponden en 
tien schellingen op zijn hof te Diedeghem, gelegen te Schille, ten 
behoeve van Pieter den Boekei. Hierover waren als schepenen 
Jan van de Bijt en Willem Donwe. 

132. 14 Mei 1447. 

Theodoricns die Ln belooft voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Hilla, dochter van Gerard die Bije Ghibenzoon, een cijns uit 
zijne goederen te Thede bij Herlaer, — waarover als schepenen 
waren Amoldns van Gheel I^ambertszn. en Symon die Heeste. 

133. 31 Aug. 1447. 

Lambert van Doeme Christiaanszn. draagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch aan broeder Lippertns Bierkens, als prior 
van het klooster de Haghe bij Eindhoven, eene rente van drie 
mudden rogge, gaande nit een huis en erf in de Vrijestraat te 
Eindhoven en uit de helft in het broek, genaamd Dombroek, te 
Stratnm, - waarover als schepenen waren Godfried Boest en Sijmon 
van Hoesten. Dezen cijns had Lambertos van Doeme Christiaanszoon 
verkregen tegen Lippertos Bierkens als prior en Henricns de Woert 
als procurator van gezegd klooster. 

134. 8 üov. 1447. 

Lambertus gezegd van Beest draagt op voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch eene rente van twaalf pond, gaande nit verschillende 
goederen te Lithoijen, aan Henricus gezegd Heester, — waarover 
als schepenen waren Wilhelmus Dicbier Johanneszn. en Nicolaus 
Spierinc. 

135. tl Juni 1449. 

Ludovicns, kardinaal en pauselijk kamerheer, geeft kennis, dat 
Paus Nicolaus V aan Nicolaas van der Porte, kanonik van St. Jan 
te Maastricht, de helft van de inkomsten van diens kanoniksdij 
heeft kw^t gescholden. 

3 



— 34 — 

136. 13 Aug. 1449. 

Willem van der Aa Floriszoon draagt op aan Henrick van Haem, 
Heer tot Perweijs, Duffel enz., al zijn recht aan het goed Nieuw- 
Herlaar, ten behoeve van Henric van der Aa Oerritsz. Hierover 
waren als mannen van leen Ooijart van Erp, anders genaamd van 
Middegael, Oerrit van Eijck, Andries Aelbrechtszoon van Ghestel 
en Henrick van den Colck Dirckszn. 

137. 9 Febr. 1450. 

Jan, zoon van Jan Shogen, schepen van Waalre en Valkenswaard, 
vestigt voor schepenen van die dorpen ten behoeve van Jan Gosewijns 
Ploegmans een cijns van een mnd rogge op een land, geheeten 
Dangelen, gelegen in de parochie van Waalre, — waarover als schepe- 
nen waren Lambrecht Meeus, Jan Bminincx, Bombont Celen enz. 

138. 19 Febr. 1450. 

Henric, zoon Jacob van Oeden Henrickszn, draagt over voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan Mr. Gerard Hoornken Johannes- 
zoon en aan diens moeder Katharina, weduwe Johannes Hoornken, 
al zijn recht op het goed ier Lake in de parochie van St. Oeden- 
rode, — waarover als schepenen waren Johannes Bathenzoon en 
Martinns Goevij. 

139. 22 April 1450. 

Albertns Hendrikszoon van den Arendnest draagt over voor sche- 
penen van 's-Hertogenbosch aan Paula, weduwe Lambertus van den 
Broeck, een zesde in een stak weiland, gelegen op den Roemput te 
Rosmalen, — waarover als schepenen waren Petrus van Best en 
Gerardus Boest. 

140. 12 Febr. 1451. 

Aert Eeris van der Egelmeer draagt over voor schepenen van 
Helmond aan Heer Peter van der Straten, ten behoeve van den 
pastoor en de priesters in de kerk van Helmond, geproeveerd zijnde 
en die de proevenden verdienen zullen en dien daar stoelmeester zal 
zijn, een cijns van zes loopen rogge zaads, gevestigd op eene hofstede , 



— 85 — 

gelegen te Milheze in de parochie van fiakel, — waarover als 
schepenen waren Willem van Eindhoute en Peter Michiels. 

141. 14 Juni 1451. 

Aert van den Dijck, natnnrlgke zoon van Aert van den Dijck en 
zijne kinderen Jan, Mechteld en Lncie dragen over voor schepenen 
van Eersel aan Jan van den Porte, pastoor te Str^'p, het derde 
deel van eene w^er met land, gelegen tosschen Bergeijk en W ester- 
hoven ter plaatse genaamd Borkel, — waarover als schepenen waren 
Wonter zoon van Louis Bouwen Peters Boijenszn, Henric Mertens, 
Sijmon Boeis enz. 

142. 3 Juli 1451. 

Bntger, zoon van Jan Woutersz., draagt over voor schepenen van 
Eindhoven aan broeder Henric Rij kwijn ; als prior van het klooster 
de Haghe bij Eindhoven, een stuk land gelegen binnen Woensel, 
— waarover als schepenen, waren Oeraert Keteleer en Godevaert 
Lncaszoon. 

143. 23 Nov 1451. 

Jonkheer Anthonis van Bergen, Heer tot Wailhaing en Mellijn, 
geefb voor schepenen van Brussel aan Henrick van der Aa Gerritsz. 
en aan zijne borgen, Jonker Jan van Schoonhoven en Robbrecht de 
Loeze, a^heele kwijting voor eene som van een en twintighonderd 
rijnsche guldens, zijnde de koopprijs van het huis en hove genaamd 
Nieuw- Herlaer bij 's-Hertogenbosch, dat Jonker Anthonis en zijne 
gezellin hadden verkregen tegen Jan de Juede en dat zij aan voor- 
noemden Henrick van der Aa daarna hadden verkocht. Hierover 
waren als schepenen waren Jan de Mol en Jan Spijsken. 

144. 17 Mei 1452. 

Willem, Jan en Anthonis, zonen van Jan WiUemszn. Stoeps, doen 

voor schepenen van Eindhoven scheiding en deeling van de erfenis 

van hunnen vader, van hunne moeder Yda en van Catharina, de 

dochter van Nicolaes Wijnmans, — waarover als schepenen waren 

^ Godevaert, zoon van Godevaert Lucasz. en Willem Arnts Noijkenszoon. 



_ 36 ~ 

145. 30 Juli 1452. 

Deken en Kapittel van de O. -L. -V. -kerk te Geervliet geven een 
vldimus van een schepenbrief van Striene, gegeven na St. Jacobsdag 
1450, waarbij Gerard Jacob'szoon, schout van Striene, overgeeft aan 
Heer Pieter Meijs voor de kerk van Striene eene jaarrente van tien 
Bourgondische Philips-schilden, gevestigd op land gelegen in het 
Nieuwland van Striene, — waarover als schepenen waren Albert 
Meertensz., Math^s Meertenszoon en Jan Hogenzoon. 

146. 17 Febr. 1453. 

Henrick van der Aa, als leenman en zijne moeder Anna van Schoen, 
hoven, wednwe van Gerrit van der Aa, als lijftochteresse, dragen 
op aan Henrick van Hueme, Heer van Perweijs, Herlaor enz., hun 
leenheer, den tocht van het leen Nieuw Herlaer, gelegen onder de 
parochie van St. Michiels Gestel, om Jonkvrouw Margriet, dochter 
van Jan, heer van Bokhoven en Olmen, de aanstaande huisvrouw 
van genoemden Henrick van der Aa daaraan te tuchtigen, het- 
geen dan ook geschiedde. Hierover waren als mannen van leen 
Reiner van Diest, Gerrit van Eijck, Henrick van den Golck en Gijs- 
brecht 'sGreven. 

147. 1 Juli 1454. 

Jacob, zoon van Sijmon Weren, draagt over voor schepenen van 
Heusden aan Heer Everaert van Goch, als prior van het klooster 
St. Mariëndonck aldaar, een morgen land in de banne van Oudheus- 
den, — waarover als schepenen waren Philips, zoon van Jan Amts 
en Jan Maas van der Hulst. Hierin een vidimus van een schepenbrief 
van Heusden van 24 April 1444, waarbij Adriaan, zoon van Peter 
Vos, als momboir zijner vrouw Aleid, dochter van Symon Weren en 
Hadewijch, dochter van denzelfde, aan Jacob, zoon van Symon Weren, 
overdroegen de helft in voormelden morgen en in een huis met 
hofstede, staande te Heusden in de Smeetstraat. 

148. 4 Maart 1455. 

Machtelt, weduwe van Amoldus, zoon van Jan Gerrits, draagt 
over voor schepenen van 's Hertogenbosch aan Mr. Amoldus van 
Weilhusen Junior ten behoeve harer kinderen Christina, Agneta, 



— 37 — 

Ee£Fe en Yda het vrachtgebnzik van de helft van twee en een halven 
morgen land, gelegen in de parochie van Empel, welke helft haar 
man verkregen had van Jan Janszoon die Bije van Engelen, — waar- 
over waren als schepenen Lndolphus Bnck en (ïerardns Boest. 

149. 10 Oct. 1455. 

Henric Gijsbertez. van den Steen en sijne vronw (ïeertmid van 
den Wande, de dochter van Henric Arendszn., verleenen voor sche- 
penen van 's Hertogenboseh aan Lambert van Doeme Christiaansz., 
ten behoeve van Amt Beinersz. van der Locht, eene rente van drie 
ponden op een paar akkers, gelegen te Elschot onder Schijndel, — 
waarover als schepenen waren 6oesw\jn Toelinck en Jan Leenman 
Janszn. 

150. 5 Nov. 1455. 

Dirck, zoon van Henric Wijnen, bekent voor schepenen van Heeze 
en Leende aan broeder Art van der Aa, als procnrator van het 
klooster de Haghe bij Eindhoven, schuldig te zijn eene jaarrente 
van acht vaten rogge uit een huis en hof genaamd het Nnwenhais 
en eenige perceelen land, ^- waarover als schepenen waren Art 
Willems, Jan Michiels en anderen. 

151. 2 Jan. 1456. 

De Officiaal van het Bisdom Luik stelt aan Johannes Amelricus, 
notaris te 's Hertogenboseh, om ten behoeve en op verzoek van 
Ale^dis Back Arnoldns dochter, weduwe van Nicolaus van Maren 
en begijn van het Groot- Begijnhof te 's Hertogenboseh, een vormelijk 
testament te maken van hetgeen zy eertijds als haren uitersten wil 
opgaf aan Philippus van Bonijnghen, notaris. Hij verlijdt diensvolgens 
haar testament, waarbij zij allerlei kleinigheden vermaakte aan diverse 
stichtingen, o. a. een zilveren lepel en eene kist, zeekist genaamd, 
aan de lU. L. V. Broederschap te 's Hertogenboseh. 

152. 21 Jan. 1457. 

Henric Janse van Boert als man van Beien draagt over voor 
schepenen der heerlijkheid Heeze en Leende aan Jan Dirkszn. van 
Ghisenrode een stuk land aldaar gelegen, — waarover als schepenen 



— Be- 
waren Art Willemse, Jan Michiels, Jan van den Broeck, Jan Vors- 
terman, Henric Beeckmans, Wouter Wouters en Jacob Graendoncs. 

153. 2 Maart 1457. 

Margriet, Lodewijcs Boets dochter, draagt over voor schepenen 
van Olrschot aan Ooetstuwe, natuurlijke dochter van Jan van den 
Doeme, eene rente van negen loopen rogge 'sjaars, gaande uit een 
huis en hof in het Kerkhof te Oirsohot, welke rente zij verkregen 
had van haren zoon Diederic, zoon van Goswijn, den zoon van Die- 
deric Never, welke haar weder verkreeg van zijnen vader Goswijn, 
— waarover als schepenen waren Diederic Jan Henricszoon, Butger 
van der Vloeten, Mathijs Eemps, Dirok die Hoppenbrouwer, Willem 
Butgerszoon van Audenhoven^ Wouter van der Velde en Andries 
die MoUer. 

154. 8 Maart 1457. 

Claas Walborghe van Venloe en Hendrik van Oesen van Zevenum, 
als man van Gatharina Walborghen, dragen over voor schepenen van 
Deume aan Oerrit Zegers van Venloe de helft van een stuk land, 
gelegen in de parochie van Deume ter plaatse genaamd de Kleine 
Heijtraeck, — waarover als schepenen waren Dirck Maes, Peter 
Snijders en anderen. 

155. 16 Aug. 1457. 

Jan Janszoon van Beerse draagt over voor schepenen van Eersel 
aan Claas van den Venne eene erfpacht van tien loopen rogge zaads 
op landerijen onder Ëersel, hem aan bestorven van zijne moeder 
Lene, de dochter van Jan Snij wijn en Lijsbeth, de dochter van Jan 
üdemans van Vessem. Hierover waren als schepenen Wouter, zoon 
van Loeijs Bouwen Peters Boijenszn, Heijnrick Mertens enz. 

156. 19 Oct. 1457. 

Geertruid Qneens, huisvrouw van Peter Queens te Helmond, ver- 
maakt met toestemming van haren man onderscheidene legaten aan 
geestelijke en liefdadige gestichten te Helmond Het testament werd 
opgemaakt door Petrus Sweerts, coadjutor of kapelaan van den pastoor 
van Helmond. 



— Z9 — 

157. 10 Juni 1458, 

Thomas Thomaszoon van der Zandvoort, als kooper van na te 
melden huis, erkent openlijk voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
dat Oerard van den Kerckhove Hendrikszoon recht van vemadering 
heeft op het hnis het Verken in de Hinthamerstraat aldaar, — 
waarover als schepenen waren Jacobus van Berck en Henricns Noeden. 

158. 10 Juni 1458. 

Oerard Hendrikszoon van den Kerckhove doet afstand van zijn 
recht van vemadering op het huis het Verken in de Hinthamerstraat 
te 's-Hertogenbosch aan den eersten kooper Thomas Thomaszoon 
van den Zandvoort, — waarover als schepenen van *s-Hertogenbosch 
waren Jacobns van Berck en Henricns Noeden. 

159. 9 Aug. 1458. 

Batger van Arkel draagt voor schepenen van 's*Hertogenbosch 
over aan Lambertas van Doeme ten behoeve der DL O. L. V. 
Broederschap aldaar een cijns, gaande ait een hnis, staande aldaar 
achter het kerkhof der St. Janskerk in zeker steegje, zich aitstrek- 
kende van dat kerkhof tot aan de straat genaamd Weverholst, — 
waarover als schepenen waren Symon vaü Oheel en Henricns Noeden. 

160. 19 Nov. 1458. 

Philips, Hertog van Bonrgondië, beleent Goossen Steenwech 
Aemtsz. met de versterf van Osch en de daaronder behoorende 
plaatsen Berchem, Heesch, Nistelrode en Lithoijen en het schrijf- 
ambacht van Maasland,^ bij doode van Claes Loenmans, zijnen grootva- 
der, behondens den tocht van Aemt Steenwech en Kataline Loenmans, 
zijne onders. 

161. 20 Oct. 1459. 

Johannes van Hocolem Zibertszn. als weduwnaar van Hadewij 
Oerritsdr van de Poll, draagt over voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosch aan Lambert Christiaansz. van Doeme, ten behoeve van 
Zeijnse, Elisabeth en Agneta van Hoculem, nonnen in het klooster 
van St. Geertmid te 's-Hertogenbosch, zijne dochters, den tocht in 
de helft van eene rente van vier en twintig Fransche kronen, gaande 



— 40 — 

uit het huis van Zibert van Hoculem, staande in de Orthenstraat 
aldaar, uit het goed te Spiker te St. Oedenrode, het goed die Brugge 
te Neinsel en drie banken, die Zibertus van Hoculem had in de 
Vleeschhal te 's-Hertogenbosc]i, — waarover als schepenen waren 
Maarten de Rode en Johannes Steenwech. 

162. St 'Catharinadag in Nov. 1459. 

Verklaring omtrent de rechten door Jan Oem van Bokhoven 
bezeten in de heerlijkheid Olmen. 

163. {ahest). 8 Fehr. 1460. 

Lucas, zoon van Lucas Godevaerts, draagt over voor schepenen 
van Eindhoven aan Peter Hermans van Eijck zijn aandeel in den 
Haghenbeemd in de parochie van Woensel, — waarover als schepenen 
waren Oodevaert Jansz. en Jan Jan Pauwelse. 

164. 12 Dec, 1460. 

Peter, zoon van Peter de Decker en Aert, zijn broeder, doen 
voor schepenen van Vught scheiding en deeling van goederen, hun 
aangekomen van hunnen vader Peter, — waarover als schepenen waren 
Jan Dirkszoon van Oapelle en Everaert Colenzoon van Berlicum. 

J65. 12 Dec. 1460. 

Peter die Decker Peterszoon draagt over voor schepenen van 
Vught aan zijnen broeder Aert die Decker eene jaarpacht van een 
malder rogge, gaande uit het land geheeten in die Allendonck, 
gelegen in de parochie van Vught St. Peters. Hierover waren 
als schepenen Jan Dirkszoon van Capelle en Everaert Colenzoon 
van Berlicum. 

166. 14 Nov. 1461. 

Johannes Spiker Jansz. draagt over voor schepenen van *s-Herto- 
genbosch aan Boudewinus Dirksz. Nemien een stuk land genaamd 
het Gheerken in de parochie van Empel, hem bij koop aangekomen 
van Petrus Steenwech, schout van Empel en Meer wij ck, — waarover 
als schepenen waren Marcelintis van Veen en Wilhelmus van Wijck, 



— 41 — 

167. (abes^, 14 Sepi, 1462. 

Philips, Hertog van Boargondië, geeft opnieuw nit aan de inwoners 
▼an Liempde de heidens en vroeniens aldaar gelegen, zijnde hunne 
brieven daartoe betrekkelijk bij den grooten brand van *s*Hertogen- 
bosch in 1419 vernield geworden. 

168a. 14 SepL 1462. 

Philips, Hertog van Bourgondië, in aanmerking nemende, dat bij 
den brand, welke in 1419 te 's-Hertogenbosch woedde, de brieven 
of kaarten verbrand zijn, welke de goede luiden van Liempde in 
het Godshuis van de Predikheeren aldaar hadden liggen, en waarbij 
door zijne voorgangers en hunne rentmeesters aan hen de heiden en 
vroentens van Liempde waren uitgegeven, geeft vidimus van die 
brieven of kaarten en confirmeert, ratificeert en approbeert ze, met 
bepaling, dat de goede luiden van Liempde voorschreven heiden en 
vroentens ten eeuwigen dage zullen mogen gebruiken, mits betalende 
de daarvoor bedongen geweest zijnde cijnsen. — 

169. 17 Fehr, 1463, 

Johannes Pels Maartensz. en Johannes van Outheusden, als man 
van Fije, dochter van genoemden Maarten, dragen over voor sche- 
penen van 's- Hertogen bosch aan Mr. Johannes Monix Jansz. een cijns 
van twaalf ponden jaarlijks, gevestigd op de erven van Johannes 
Heirte aldaar, zijnde die cijns door Oijsbrecht Bochart Peterszn. 
verkregen van Gerard Duijsborch van Heusden, — waarover als 
schepenen waren Gooswijn van den Hezeacker en Christiaan Becker. 

170. 3 Nov 1463. 

Lijsbet, Heilwich, Ida en Geertruit, nagelatene dochters van Jan 
van der Hagen, den zoon van Ermgard Aarts dochter van der Hagen, 
dragen over voor schepenen van St. Oedenrode aan Art de Lu 
Coelenzoon drie gedeelten in eene erfpacht van zes loopen rogge, 
gaande uit goederen gelegen onder Son, — waarover als schepenen 
waren Art van Cuijck en Jan van Houthem. 

171. 10 Dec. 1463. 

Nicolaas, Heer van Assendelft, Heemskerk on Cralingen, begiftigt 
Heer Jan Pieterszoon, priester, met de vicarie gevestigd op het slot 



— 42 ~ 

Assumburg, opoDgevallen door het overlijden van Heer Adriaan yan 
Ëgmont, verzoekende daartoe de goedkeuring van den archidiaken 
van Utrecht. 

172. 10 April 1464. 

Lijbert, zoon van Willem Lijberts, draagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch aan Goswin Heer, zoon van Govert, slachter, 
een huis in de Vnchterstraat aldaar, — waarover als schepenen 
waren Goswin van den Hezeacker en Christiaan Becker. 

173. 15 Juni 1464. 

Philips, Hertog van Bourgondiê, geeft octrooi aan Claes Leenman 
om te beschikken over zijne leenen en goederen in Brabant gelegen. 

174. 30 Juni 1464. 

Johannes, Eaterina en Ëlysabeth van der Haghen, kinderen van 
Pieter, dragen over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Aert 
Golen Egidiüszn een cijns van zes loopen rogge, gaande oit goederen 
in de parochie van Someren, — waarover als schepenen waren 
Crispijn Becker en Wouter van Beerse. 

175. Zondag Jubüaie 1465. 

Dirck de Ghier draagt over voor schepenen van Driel aan Maas 
vao Zeelem Jacobszoon een vierde in eene waard onder het gericht 
van Driel, — waarover als schepenen waren Hendrik die B\je 
Hermanszoon en Hendrik Brantszoon. 

176. 20 Nov. 1465. 

Karel, Hertog van Bourgondiê, geeft mandament aan den eersten 
deurwaarder tot voortzettiDg van het rechtsgeding, hangende voor de 
schepenbank te Woudrichem, over landen liggende in Altena, en 
zulks ten verzoeke van Dirk van Haestrecht, Heer van Venloon. 

177. 9 Dec. 1465. 



lijne van Heemskerk, Vrouw van Noordeloos en van Oesthusen, 
geefl met haren gekoren voogds hand Jan van Naerden aan (Hrit 
van Assendelft, harer moeie zoon, eene stede en stoel in de kerk 
van Heemskerk. 



— 43 — 

178. 13 Maart 1466. 

Henricos Bredebaert draagt over voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosch aan Arnoldos Heijs twee renten uit den boedel van Budolf, 
zoon van Alard die Leijdecker, nadat eerstgenoemde Heijs aan voor- 
noemden Bredebaert had overgedragen de rechterlijke toewijzing, 
welke bij vonnis van de schepenen van 's-Hertogenbosch was gedaan 
ten behoeve van genoemden Heijs op grond van wanbetaling der 
voorschreven renten, — waarover als schepenen waren Lodolf Back, 
Bicold die Borchgreve, Oerard Bathenzoon en Maarten Glaaszoon. 

179. 21 April 1466, 

Claes van der Venne draagt over voor schepenen van Eersel aan 
Jan Willemszoon Vos» ten behoeve van het St. Gatharina-altaar in 
de kerk te Oirschot, eene erfpacht van tien loopen rogge zaads, 
jaarlijks gaande nit landerijen onder Eersel, — waarover als sche- 
penen waren Hendrik Loesen, Jan Hendriks, zoon van Meeus Willen, 
en anderen. 

180. ' 24 Mei 1466. 

Heer Amelis, priester, Beinier en Beatrix van den Hoevel en 
Johannes van den Ham, als gehnwd met genoemde Beatrix, dragen 
over voor schepenen van *s-Hertogenbosch aan hannen vader Amelis 
van den Hoevel hun aandeel in eene rente van tien en van zes 
oude schilden, gaande uit eene hoeve gelegen te Udenhout in de 
parochie van Oisterwijk, — waarover als schepenen waren (jerard 
Sijmons en Henric van Kessel. 

181. 24 Jan. 1468. 

Broeder Matheus Colen, rector, en zuster Elisabeth Lemmens, 
priorinne van het klooster O. L. V. in den Haghe bij Helmond, 
bekennen voor dat klooster eene som van honderd en vijftig Peters 
ontvangen te hebben van Heer en Meester Henric van Zomeren, 
Heer Claes van der Poerten en Heer Gerrit Hoemken, als uitvoerders 
van het testament van Meester Maarten van Zomeren, en zich te 
verbinden daarvoor voor dezen jaarlijks een jaargetijde in dat klooster 
te zullen honden en als het klooster zoude ophouden te bestaan, of 
dat de nichten van Mr. Maarten daaruit zouden gaan, alsdan het 
geld terug te zullen geven aan de genoemde executeurs, enz. 



— 44 — 

182. 13 Maart 1468, 

Jan van Arkel als stadhouder van Qoossen Heijm, rentmeester 
van den Hertog van Brabant, brengt openlijk in veiling land gelegen 
in de parochie van Helvoirt, wegens wanbetaling van den ver- 
scholdigden cijns, en wordt kooper Claes Woutersz. van den Staeck. 
Hierover waren als leenmannen Jan Moniz, Melis van Boechem, 
Butgher van Arkel en Amt Pels. 

183. 31 Aug. 1468, 

Wilhelmus Sterkens, poorter van Helmond, legateert met toe- 
stemming van zijne vrouw Sophie eenige cijnsen o. a. aan de 
parochiale kerk te Helmond en aan de vier bedelorden aldaar, bij 
testament, verleden voor den notaris Henricus Dreijkort van Helmond. 

184. 20 Mei 1469, 

Goedstuwe, natuurlijke dochter van Jan van den Doeme, draagt 
over voor schepenen van Oirschot eene rente van negen loopen rogge 
'sjaars aan Lauwerijn Jacobse van Best, ten behoeve van Deken 
en Kapittel van St. Peter te Oirschot. Hierover waren als schepenen 
Willem van Catwijck, Henrick Hoppenbrouwer, Jan die Wolf, Dirck 
Goossens, Gerart Maihijssen, Gielis Snellaert en Frank die Haest. — 

185. 9 Nov, 1470, 

Jan Steenweek, oud schepen van *s-Hertogenbosch, als gemachtigde 
van den abt van Epternach, verlijdt Jacob van den Duijnen, zoon 
van Adam van den Duijnen, met eenige tienden onder Osch, dezen 
aanbestorven bij doode zijner moeder, dochter van wijlen Willem 
Zoeners. Hierover waren als mannen van leen Aert van Vladeracken, 
Jan van Raendonc, Jacob Steenweek, Jan Kemp en Daniël Noe. 

186. 21 Fehr. 1471. 

Lijsbet, weduwe van Wouter Scaubroecs, en hare kinderen dragen 
over voor schepenen van Gestel aan Willem Cox Godevaertszn een 
akker en beemd gelegen onder Gestel in de parochie van St. Lambrecht 
te Blaarthem, behoudens eene rente van twaalf loopen rogge, daaruit 
verschuldigd aan een altaar te Beek, — waarover als schepenen 
waren Dirck Michiels van de Polbroeck en Jan Lambrechts van 
Broechove. 



— 45 — 

187. Donderdag na O. L, F. Hemelvaart 1471. 

Claes Jeliszoon de Hoeijmaker en Wendelmoet, z^jn wijf, vermaken 
zich over en weder den tocht hunner goederen, — waarover waren 
als Bchont der stad Utrecht Willem van Snellenbergh, en als schepenen 
Hendrik van Gente de Jonge, Beemt Orawert, Johan Enijff, Lubbert 
de Wael, Ernst Taete van Ameronghen, Jan de Coninck Jansz., 
Ernst van Drakenborch, Alfer Bu^jsch, Jan de Coninck, Willem de 
Bosse, Dirk Bor van Ameronghen en Panwels van Malsen. 

188. (abest) 20 Juli 1472, 

Gijsbrechfc Kelremans draagt over voor schepenen van Gestel aan 
Willem Goijaertsz, een stak van een beemd, gelegen in de parochie 
van St. Lambertns Blaerthem, — waarover als getaigen waren Dirk 
Miohielsz. en Lambertns, zoon van Broechoven. 

189. 9 SepL 1472. 

Broeder Ghijsbertns van Berlaer, investitns en pastoor der parochiale 
kerk van Lieshout, religieus en kanonik van het Klooster St. Maria 
der Praemonstratensers te Floreffe, verklaart dat ten overstaan van 
hem en van Jacobus, zoon van Nicolaus van den Broeck en Henricus 
Willemszoon van der Heyden, alsmede van meer andere mannen 
Henricus Wijtwen ziek te bed liggende verschillende legaten ver- 
maakte o. a. aan den Pastoor en den Koster vaii gezegde Kerk, aan 
altaren in die Kerk enz. 

190. 15 Sept 1472. 

Goossen Steenwech Aemtsz. draagt op aan den Stadhouder en 
mannen van leen van Brabant tegen zekere som twee mutsers land 
met de vorsterij van Osch en het schrijfambacht van Maasland, ten 
behoeve van Juffirouw Geertruid Steenwech, zijne zuster, wettige 
huisvrouw van Hendrik Colen, onder voorwaarde dat als zij vóór 
haren genoemden man zoude sterven zonder wettige geboorte na te 
laten deze man zijn leven lang dat leen zal blijven behouden als 
lijftochtenaar en dat daarna dit leen zal terugvallen op Goossen 
Steenwech of zijne erven en nakomelingen. Geertruid Steenwech is 
daarop met dit leen verleid. 



- 46 — 

191. 17 Maart 147 B, 

Mechtildis van Espdonck, weduwe van Hendrik van den Hoevel, 
draagt voor schepenen van *s-Hertogenbo8ch aan Rodolphos van den 
Bome over twee kamers {duas cameras), gelegen bij de Lombarts- 
bmgge aldaar, — waarover als schepenen waren Johannes Monix 
Jacobszn en Johannes van Erp Amoldoszn. 

192a. . 28 Juni 1473 

Theodoms van der Horst, vicarius van de parochie-kerk van Vechel, 
verkoopt aan Frank van Lange], ten behoeve van de O.-L.-V. -kapel 
ter Heijden in de parochie Meerveldhoven, eene rente van twee 
mudden rogge uit den tiend van Gemert te Zeelst, — waarover 
waren als schepenen van 's-Hertogenbosch Amoldus van Campen en 
Hermanus Coenen. 

I93a. 5 Sept 1473, 

Afschrift van een transportbriei voor schepenen van Oerle, waarbij 
Heer Dirck van der Horst, vicarius van de kerk van Vechel, over- 
draagt aan Vrank van Langel, ten behoeve van den Persoon van de 
O.-L.-V.-kapel ter Lijnden te Meèrveldhoven, een mud rogge uit 
den tiend van Gemert te Zeelst, — waarover als schepenen waren 
Jan van Stadacker en Peter Gerit 's Hugenzoon 

194. 27 Aov. 1473. 

Heer Henric van der Aa, ridder, heer van Bokhoven, zoon van 
Gerard van der Aa, belooft aan Heer Paulus van Zoem eren, prior 
van het Convent de Haghe bij Eindhoven, ten behoeve van dat 
klooster, — voor het geval dat Anna, Elsbena en Ermgardis, dochters 
van wijlen Robertus 't Zloschen en van Elsbena, dochter van Gerard 
van der Aa voornoemd, in rechten zouden willen opeischen een jaar- 
geld van tien ponden zwarte toumoisen en een pacht van vijf mud 
rogge, die genoemde Henricus op dezen dag aan gezegden prior heeft 
overgedragen, — dat dan hij, Henric van der Aa, al die aanspraken 
ten behoeve van gezegd klooster zal goedmaken met daaraan te 
betalen 128 rijnsguldens, welke som hij van het klooster voor het 
jaargeld ontvangen had; verbindende daarentegen het klooster zich 
om, als het deze som ontvangt, aan genoemde dochters over te 



— 47 — 

dragen yoorschreven jaaigeld en roggepacht. Hierover waren als 
schepenen van 's Hertogenbosch Qerard Kaijst en Jacob van den 
Hoevel. 

195. 17 Aprü 1474, 

Johan Monick Maartenszn. onfcvangt in leen een rijdenden tiend, 
gelegen onder Qemonde en St. Michiels-Gestel, ter plaatse genaamd 
Thede, alsmede eene rente, gaande nit het goed de Pot te St. Michiels- 
Gestel, van Johan van Erp Janszoon, stadhonder van den heer van 
Hnmberconrt, Graaf van Megen. Hierover waren als mannen van 
leen Frederic van Loe en Oerrit van der Snwen. 

196. 18 Juni 1474. 

Heer Ghijsbrecht van der Poirten, Heer Thomas van Berkel, 
priesteren in de kerk van St. Jan te 's-Hertogenbosch, voor na te 
noemen kanonïk, Heer Peter Beijen van Dijnslaken, biechtvader 
van de Zusters van Orthen, en Heer Adriaan Slnijter, vicecnreijt 
van de Begijnenkerk te 's-Hertogenbosch, voor na te noemen messen- 
maker, doen als scheidslieden nitspraak over de geschillen gerezen 
tnsschen Heer Jan Ghijzels, kanonik van St. Jan te 's-Hertogenbosch 
en Jacob Stiphout, den messenmaker, betreffende moren, druppen, 
goten, lichten, scheidingen, . enz. tnsschen hnnne erven. Partijen 
verklaren zich aan die nitspraak te onderwerpen. Hierover waren 
als getuigen Jan Moniz Jacobszoon en Jacob van den Heuvel, 
schepenen van 's-Hertogenbosch. 

197. 10 Jan. 1475. 

Jan Rodijs en Alijt, zijne huisvrouw, dragen over voor schepenen 
van Grave aan Claes Spaene een huis en erf aldaar, — waarover 
als schepenen waren Jacob Vennezoon en Jan van Wamel. 

198. 35 Jan. 1475. 

Sandems Pieck van Bathenborch erkent voor schepenen van 
's-Hertogenbosch dat Johannes Herinck Jansz. het recht van weder- 
koop heeft van erven, gelegen in den Mortel aldaar, — waarover 
als schepenen waren Petrus Steenwech en Henricus van Uden. 



— 48 - 

199. 25 Jan. 1475. 

Johannes Her i nek Janszn. staat voor schepenen van 's- Hertogen- 
bosch af aan Sander Pieck van fiathenborch, den zoon van Otto, 
het recht op wederinkoop van erven, gelegen in den Mortel aldaar, — 
waarover als schepenen waren Petras Steenwech en Henricus 
van Uden. 

200. 26 Fehr, 1475. 

President en Raden van het Hof vka Holland bekrachtigen den 
verkoop door Aelbrecht van Raaphorst van landen, renten en leenen 
gedaan aan Jan van Assendelft. — (Betreft goederen te Monster, 
specterende tot de vicarie op het altaar van St. Anna in de kerk te 
Heemskerk). 

201. 11 Mei 1475, 

Sandems Pieck van Bathenborch, de zoon van Otto, erkent voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch, dat Johannes Keteler Hermanszn. 
het recht van wederinkoop heeft van erven, gelegen in den Mortel 
aldaar, — waarover als schepenen waren Rodolphas Dicbier en 
Johannes Kanapart Janszn. 

202. 11 Mei 1475. 

Johannes Keteler Hermanszn. staat voor schepenen van 's-Herto- 
genbosch af aan Sander Pieck van Bathenborch, den zoon van Otto, 
het recht van wederinkoop van erven, gelegen in den Mortel 
aldaar, — waarover als schepenen waren Rodolphus Dicbier en 
Johannes Kanapart Janszn. 

^03. Maandag na St. Maarten in den winter 1475 

Heijmerich Snavel en Juffrouw Lijsbet, zijne dochter, doen voor 
schepenen van Herpen scheiding en deeling van haar moeders goed. 
Hierover waren als schepenen Gerit Lambert Aertse en PieterCoen 
Henricsz. 

204. 10 Febr, 1476, 

Ghent Wouters, na te noemen, draagt over aan Joost van Weijburch 
zeven hond lands gelegen in den ban Uitwijk in het land van 
Altena, — waarover waren als richter van Uitwijk Oherit Wouters 



^ 4d — 

en als heemraden van Uitwijk Ciaes van Cronenburch, Tonis Ariaena, 
Lanrens Simons en Peter Ariaense. 

205. 19 Dec. 1476. 

Johannes de Ouden verkoopt voor schepenen van *8-Hertogenbosch 
aan Ida filia Gerardi dicti die Cnper een cijns van vier pond en 
tien stoivers, gaande nit land te Berlicom, — waarover als schepenen 
waren Johannes Waerloes Janszn. en Ghiselbertns Pels. 

206. 6 . . ,1477. 

Derick van den Gluten en zijne vrouw Geertruid dragen over voor 
schepenen van Grave aan Johan van Cranenvelt en lijne erven een 
hali huis met erf, zijnde het heele huis te Grave gelegen tusschen 
het erf van Johan van Olmen, priester en dat van Ariaan Mersmans 
en Henrick Quaijpapen. — Hierover waren als schepenen Luijken 
Bidder en Zweder van den Sande. 

207. :^9 Oei, 1477. 

Johannes Willemsz. Glavijman draagt over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan Pleter Lambrechtszoon de Pottere eenen cijns 
van twee ponden, gaande uit een huis, staande te 's-Hertogenbosch 
in de Windmolenbergstraat en afkomstig van Johannes van Hall 
Hendrikszn., weduwnaar van Deliana Pelgrom Gijsbrechts dochter, 
die den cijns ten huwelijk had aangebracht. — Hierover waren als 
schepenen Martinus van Bode en Hendrik Zanders. 

208. e Sept. 1478. 

Earel van Bourgondië geeft brieven van maintenue aan Dirk van 
Haastrecht, Heer van Venloen, tegen Gijsbrecht van Dalem, die ten 
laste van zijnen vader Paulns van Haestrecht wegens eene gepre- 
tendeerde schuld van f 1500 goederen, gelegen in het land van 
Altena, in beslag genomen had en daarna van het gerecht van Woudri- 
chem bg verstek vonnis tegen dezen verkregen had, omdat deze toen 
stervende was en dienteugevolge voor dat gerecht niet had kunnen 
verschijnen, terwijl hij, Dirk van Haestrecht, dit evenmin had kunnen 
doen, omdat hg toen in het buitenland was. — Behoudens evenwel 

de kosten van bet défault. . 

4 



— 50 — 
209. 10 Dec. 1478. 

Johan» zoon van Johan Paawels, draagt over voor schepeDen van 
Woensel aan Gerard, zoon van Art I^ijkens, eene pacht van acht 
mudden rogge, gevestigd op landen onder Woensel, — waarover 
als schepenen waren Aernt Lozen en Wouter Wouterszoon Hubrechts. 

210a, 9 Juni 1479. 

Bartholt, Heer tot Obergen, Ridder en ritmeester te Bommel en 
Bommelerwaard, Claes van Haeften en Johan Clink, drossaard en 
ritmeester te Leerdam, en Burgemeesteren der steden Nijmegen, 
Zalt-Bommel en Leerdam verklaren uit naam van Frederik van 
Brunswijk-Lunenburg, hertog, voorstander van het hertogdom Gelder 
en de graa&chap Zntphen, het land van Arkel in dingtalen en 
nederzate aangenomen te hebben. 

211. 4 Nov. 1479. 

Broeder Wolterus Smolders, prior, en het geheele convent van de 
H. Maagd ten Hage bij Eindhoven maken wijlen Mr. Martinus van 
Zomeren deelachtig aan al hunne goede werken en verklaren ont- 
vangen te hebben eene som van vijftig guldens van den Heer en 
Mr. Gerardus Hoomkens en Mr. Ni colaas van de Porte, kanonik 
van St. Jan Ev. te 's-Hertogenbosch, als uitvoerders van het testament 
van Mr. Martinus van Zomeren voornoemd. 

212. 14 Febr. 1481. 

Ida, weduwe van Thomas Thomaszoon van der Zandvoert, doet 
afstand van haren tocht op een huis en erf gelegen te 's-Hertogen- 
bosch in de Hinthamerstraat, ten behoeve van hare kinderen Gerardus 
en Elisabeth, welk huis haar man verkregen had van Henricus van 
den Kerckhove. Hierover waren Reijner van den Heuvel en Gode- 
-fridus Zweders als schepenen van 's-Hertogenbosch. 

213. 18 Octoh. 1482. 

Henricus Stamelaert, zoon van Johannes Stamelaert de nastel- 
meker, vestigt voor schepenen van 's-Hertogenbosch ten behoeve van 
Katharina van Eertbrugge, de dochter van Johannes, eene rente op 
een kamp van drie bunders te Empel, — waarover als schepenen 
waren Johannes Kanapart Janszn. en Johannes van Aerle. 



~ 51 — 

214. 14 Maart 1484. 

Wilhelmus van G^ldrop Zegersza. verbindt rich aan Heer Johannes 
Gh^sels, kanonik van de St.*Jan8kerk te 's-Hertogenbesch, jaarlijks 
te betalen wegens den verkoop door dezen aan hem gedaan van een 
huis met erf en achterhuis, staande in de Hinthamerstraat aldaar, 
alsmede van eene daarbij behoorende steenen kamer, pnt en steeg, 
gelegen naast het hnis van Egidios de Porta, dat ie Pauw genaamd 
is, eene rente van zeventien en een halven gnlden, gevestigd 
op een hnis en erf in de Hinthamerstraat. Hierover waren als sche- 
penen van 's-Hertogenbosch Theodoms de Borchgrave en Wilhelmus 
van Ohent Wilhemszn. 

215. 24 Mei 1485. 

Frederic, broeder te Egmont, Heer tot Usselstein, tot Boeren, tot 
Bosinghem en 't land van Cranendonck, verklaart, dat hij in bewaring 
had gegeven aan Evert Baers te Nijmegen eene zangiojjnsche hoike 
mift parlen gheetickt ende enen langhen rolden flueelschen tabbert, die hem 
afhandig was gemaakt en dat hij die nu schenkt aan zijne zuster 
van Bronckhorst, met macht om die voorwerpen als haar eigendom 
tot zich te nemen. 

216. 1485, 

Aert Aelbrechts Stanbroeks draagt over voor schepenen van 
Oirschot aan Yewaen Goijaarts van Dommelen een beemd, een bunder 
groot, aldaar gelegen te Netelen, — waarover als schepenen waren 
Claes Thomasz. van Audenhoven, Loeijth van Heersel, Dirck Ma- 
thijszn., Franck die Haest, Aert Thomaszn. van de Ven, Jacob 
Ansems van Ho velt en Oherart Oheerlincs van den Melcrot. 

217. 29 Juli 1486. 

Elisabeth, dochter van Jan Janszoon Spijker, draagt over voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan Hendrik Wiilemszoon Vos een 
kamp land, gelegen onder de vrijheid dier stad ter plaatse genaamd 
Kalenborcfa, behoudens een cijns daaruit verschuldigd aan de St. -Jans- 
kerk aldaar, — waarover als schepenen waren Sijmon van Geel en 
Theodoor van der Hijnden. 



218, 21 Oct. 1486. 

Amt van Lomme met Oerritken, z^ne huisvrouw, The^jman van 
Craenvelt met Ërmken zijne vrouw en Betken, weduwe van Jan van 
Graenvelt, dragen over voor schepenen van Grave aan (Sodert Volperts 
een huis en eri aldaar, — waarover als schepenen waren Peter van 
der Werken en Derk Baden. 

219, 8 Maart U87. 

Henricus, zoon van wijlen Johannes van Groelst, als man van 
Johanna, weduwe van Budolf van Berkel, dragen over voor schepenen 
van 's-l'ertogenbosch aan Jacob en Elisabeth van Berkel, kinderen 
van genoemde Johanna en Budolf van Berkel, al hun recht van 
vruchtgebruik op eene rente van drie mudden min een vat 
rogge, gevestigd op het land genaamd Op Bersthet, gelegen in de 
parochie van Deume, welke rente indertijd door Nicolaas Gerards- 
zoon van Berkel was vermaakt aan zijne drie natuurlijke zonen 
Henric, Goswijn en Budolf, en hem, van Berkel, aangekomen was 
van Willem Udemans, — waarover als schepenen waren Ëngelbert 
van Uden en Johannes Pijnappel. 

220, 8 Maart 1487. 

Jacobus en Elisabeth van Berkel, kinderen van Bodolphus van 
Berkel en Johanna, dragen over voor schepenen van *8-Hertogenbosch 
gemelde rente van drie mudden min een vat rogge aan Gerardus 
van Berkel. Als schepenen waren hierover Ëngelbert van Uden 
en Johannes Pijnappel. (Zie No. 219) 

22L 19 Maart 1487. 

Wouter Lambrechts Michielszoon, Jan Lambrechtszoon, Lambrecht 
Lambrechtszn. en Lijsbet Lambrechtsdr., zoo voor zich als voor de 
kinderen van Wouter en Marie, de dochter van Lambrecht Michiels, 
dragen over voor schepenen van Woensel aan Jan Stoep Willemszn. 
een huis en erf in de parochie van Woensel, — waarover als sche* 
penen waren Gysbrecht Lambrechtszoon van Wolfswinkel en Willem 
Willems Janszoon. 



— 53 - 

222. 16 April 1487. 

Broeder Comelis de Bijcke, prior en het gemeen convent van 
3t Paolns, genaamd het Boode Klooster, van de Angastijner-orde 
in het bisdom Kamerijk en Wonde van Zonien bij Bmssel, geven 
volmacht aan genoemden Comelis de Bijcke om te verkoopen eene 
rente van vier ponden, staande op het hoekhuis van de Kerk- en 
Torenstraat te 's-Hertogenbosch en eene rente van tien schellingen, 
gaande nit een hnis in de Hinthamerstraat aldaar. 

223. 11 Mei 1487. 

Marcelios, zoon van Johannes Willems van Gestel, verleent voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan Herman, zoon van Johannes 
Hermans, eene rente van negen ponden op twee en een half bnnder 
land in de parochie van Maren. Hierover waren als schepenen 
GFerardos Kntjst en Johannes van Vncht- 

224. 19 Juni 1487. 

Heer Henricns Dreijcort, priester, draagt over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan Mr. Henricns Pelgrom, ten behoeve van den 
rector van het O. L.-V.-a]taar in de kerk van Helmond, tot het lezen 
van zielmissen voor wijlen Amoldos Brem en Ermegard, de 
hnisvronw van dezen, eene rente van een malder rogge, gaande o.a. 
uit een huis en erf, toebehoord hebbende aan' Ootfried Nesten, 
gelegen in de parochie van Mierlo, en door hem verkregen van 
Ooeswijn en Henrick, zonen van Henrick Strikers. Hierover waren 
als schepenen Oerardus Kuijst en Henricus van Uden. 

225. 14 Juli 1487. 

Oherlack die Rover, als schout van de grondheerlijkheid Gestel, 
verkoopt en draagt over voor schepenen van Gestel aan Mathijs 
Schenaerts, ten behoeve van het klooster de Hage bij Eindhoven, 
eene ven genaaAid de Kolcven, gelegen bij Oisterwgk, wegens wan- 
betaling van den daarop staanden cijns, verschuldigd door de kinderen 
van der Aa ; zulks na het houden der vereischte proclamatiën; — 
waarover als schepenen waren Willem Andries Scomanszoon, Willem 
Borchmans, Hath^s Feijtmans en Wouter Ansems. 



— 54 — 

226. 10 Oct. 1487. 

Johan van Hoeme, Bisschop van Lnik; Hertog van Bouillon en 
Qraaf van Loen, stelt zijnen kamerling, Aert Moniz, aan tot zijnen 
stadhouder in zijne Loiksche leenen. 

227. 7 Jan. 1488. 

. Anthonis en Servaes van der Donck, Jan Willems zonen, dragen 
over voor schepenen van Eindhoven aan Jan, Aleite, Baten en 
Dinghene, hun broeder en zusters, al het goed, dat hun van hunnen 
vader Jan en hunne moeder Lijsbeth was aangekomen, — waarover 
als schepenen waren Willem W outersz. SmoUeners en Peter Doerkens. 

228. 8 Juli 1488. 

Engelbert van Uden, Gerard van Eijck, Johannes Pijnappel en 
Johannes Dach verlies, schepenen van 's-Hertogenbosch, verklaren 
dat ten overstaan van hen Henricus Bredebaert overgedragen heeft 
aan Godfried Houbraken Willemszn. een huis en erf in de Amt- 
Berwoutsstraat aldaar, welk huis vroeger behoord had aan Johannes 
van Audenhoven Willemszn. en aan genoemden Bredebaert gekomen 
was, toen Jacobus die Witte het gerechtelijk had doen verkoopen 
wegens wanbetaling van eenen daarop gevestigden cijns. 

229. 18 Maart 1489. 

Henric Jacobsz. van der Heijden draagt over voor schepenen van 
Gestel aan Lijsbet, weduwe van Henric Bacs, een stuk land gelegen 
in de parochie van St. Lambrecht te Blaarthem onder Gestel, — waar- 
over als schepenen waren Comelis Schoemaker Janszn en Everard 
Dirck Michielsz. 

230. 21 Mei 1491. 

Godert Volpertsz. geefb voor schepenen van Grave volmacht aan 
zijn neef Heer Dirck Luw en aan Heer Goossen Schoen jj^ns, priester, om 
zijn huis in de Hooftschestraat te Grave te verkoopen of te verhuren 
en de roggepacht, die Dirck van den Gluijten daarop heeft, te 
lossen, — waarover als schepenen waren Jan ClaeszQoo en Loef 
Arentsz. 



— 55 — 

231. 27 Juli 1491. 

Willem en Nicolaas, zooen van Nicolaas Oem van Bokhoven en 
Petronella de Rover Willemsdr., en Wonter de Baez Hendriksz. als 
man en voogd van Jonkvr. Cornelia van Bokhoven, hnnne znster, 
maken scheiding en deeling van de cijnsen door hen van hnnne 
onders geërfd. Hierover waren als schepenen van 's-Hertogenbosch 
Johannes van Vncht en Amont Keijmp. 

232. 15 Sept 1491. 

Dirck die Borchgreve, zoon van Rycout Dirckz., vertijt ten be- 
hoeve van zijn oom, Dirck Dirckszoon die Borchgreve, van eenige 
leenen gelegen onder Oisterwijk en Tilbnrg, waaronder een steenen 
hnisken met toebehooroD, leenroerig aan de Dnitsche orde, en een 
hnis en hofstad gelegen te Berkel onder Oisterw^k, hem aangekomen 
van zijne grootmoeder Jonkvr. Margriet Houtappels., weduwe van 
Dirck die Borchgreve. Hierover waren, als mannen van leenen des 
Hertogs, Willem van Os Willemszoon en Aemt van Weilhuzen. 

233. 31 October 1491. 

Godefridus en Amoldus, zonen van Johannes die Molner alias 
Ghrgeelmeker, dragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch over aan 
Oosewinus van den Heseacker eene rente van twee ponden, gaande 
uit goederen te Empel, — waarover als schepenen waren Godefridus 
Groutart van Os en Wilhelmus Hagens. 

234. ld. 

Idem eene rente, gaande uit de Cortbeemden te Empel, — waar- 
over als schepenen waren alsvoor. 

235. 1 Maart 1492. 

Wolter van Beeck Gosewijnsz. verleent voor schepenen yan 's-Her. 
togenbosch aan Gerard van der Schueren, natuurlijken zoon van 
Gerard van der Schueren, een cijns van vier ponden, op een huis 
en erf, gelegen in de parochie van Erp, — waarover als schepenen 
waren Anthonis Spierinc en Adam Roompot 



— 56 — 

236. 7 Juni 1492. 

Henricus Stamelart vestigt voor schepenen van 's Hertogenbosdi 
ten behoeve van Goeswinns van den Hezeacker een cijns van twee 
pond op de Cortbeemden te Empel, — waarover als schepenen 
waren Gbdefridos Grotart van Os en Ywanns Knijst 

237. 24 April 1493. 

Jacob Wouter Dirkszoon en Willem van Stralen, genaamd de 
Asselt, timmerman, maken voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
eene overeenkomst betreffende eenen scheidingsmuur, staande aldaar 
aan de Coepoortstraat, achter den oliemolen van genoemden Jacob 
en het erf van Willem voornoemd. Hierover waren als schepenen 
Oerrit Kuijst en Adam Boempot. 

238. 18 Juli 1493. 

Amont en Reijner, gebroeders, Ida en Goeswina, gezusters, kin- 
deren van wijlen Goeswinns Eeijnersz., en Pieter Pieterse Comans 
als man en voogd van Hillegond, dochter van Ooeswinus Reijnersz., 
dragen over voor schepenen van *s-Hertogenbosch twee morgen land, 
gelegen in de parochie van Maren, aan Goswinus Hack, — waarover 
als schepenen waren Gerard Kuijst en Adam Boempot. 

239. 11 Sept. 1493. 

Heer Godefridus Vestart, kapelaan der kerk van St. Jan Evangelist te 
's-Hertogenbosch, maakt bij testament stichtingen in die kerk ten over- 
staan van den kanonik en notaris Johannes Pavonis «wonende aldaar op 
den Papenhulst bij het kerkhof van genoemde kerk, in verband met het 
testament, door Lijsbet van den Tangerijt Butgersdr., weduwe van 
Johannes van Os, poorter van 's-Hertogenbosch, in 1466 gemaakt. 
Hierover waren als getuigen Henric Matheusz. van Zomeren, priester, 
Johannes Herreman, Baldewijn Woutersz., Eustatius Lambert Pot- 
terszoon, Oherlac, zoon van Johannes Bover, Henric Jan Cranenzoon 
en Wolter Boudenzoon. 

240. 7 Dec. 1493. 

Henrick Goijaerts Verschuren draagt over voor schepenen der 
heerlijkheid Heeze en Leende aan broeder Jan Jans Gerrits, priester 



— 57 — 

en procurator van het klooster die Hage bij Eindhoven, ten behoeve 
van dat klooster, een akker gelegen te Heeze en Leende in de 
parochie van Oeldrop ter plaatse Hoogeckers, — waarover als 
schepenen waren Hap van Langbraken, Roef Boefsz., Henric die 
Warst, Art Wespen, Jan Pompen, Dirk Wontersz. en Willem 
Willemse. 

241. 19 Maart 1494. 

Franco van Langel draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Mr. Henricns van Uden, als rector van de fabriek der kerk 
van St. Jan Evangelist aldaar, eene rente van vijf en twintig ponden, 
afkomstig nit de erflating van Aleid, haisvroüw van Tielman van 
Engelen, inwoonster van 's-Hertogenbosch, — waarover als schepenen 
waren Johannes Pijnappel en Raso Baassen. 

242. 10 Sept. 1494. 

Jan, zoon van WilUem Jannen Janszn. Dirckszoon van Gijsenroij, 
draagt over voor schepenen van Heeze en Leende aan den prior van 
het klooster de Haghe bij Eindhoven, ten behoeve van dat 
klooster, zijn hois en erf, gelegen te Heeze en Leende in de 
parochie van Oeldrop, alsmede een schepenbrief van Heeze en 
Leende over een beemd, binnen die heerlijkheid gelegen, — waarover als 
schepenen waren Wouter Goeijarts, Willem Heijmerics, Jan Gerits 
en anderen, 

243a. 's Anderdaags na St. Bamabe 1495. 

Earel, Hertog van Gelre, geeft vrijgeleide aan de Bosschenaars en 
den Heer van Bokhoven om ten getale van twintig personen en 
twintig paarden naar Bossum te komen tot onderhandeling. 

244. 10 Febr. 1496. 

Wouter, zoon van Henrick van der Stake draagt over voor sche- 
penen van Helvoirt aan Jan, zoon van Claes Bakelman en aan Wouter, 
zoon van Claes van der Stake, eenen cijns van een half mud rogge, 
gevestigd op een huis en hoeve, gelegen in de parochie van Helvoirt,—- 
waarover als schepenen waren Jacob Loer en Gijsbrecbt Piers. 



— 58 — 

245. St. Dyonisiusdag 1497. 

Peter van Aken en Bntger van Doeme, schepenen van Orave» 
geven een vidimus van den brief van 21 Mei 1491, hiervoor ge 
plaatst onder N*. 230. 

246. 26 OcU 1497. 

Heer Ooosen Janszoon, priester, draagt over voor schepenen, van 
Orave aan Jan Dacroenx Jacobszn. een huis en erf aldaar, — waar- 
over als schepenen waren Loef Arentsz. en Peter van Aken. 

247. 31 Jan. 1498. 

Jan, zoon van Jan des Smeeds van Zeelst, verleent voor schepenen 
van Eindhoven aan Katarina Wijnmans Nicolaasdr. een cijns van 
een mud rogge op een akker genaamd de Roestekker te Zeelst, — 
waarover als schepenen waren Jan, zoon van Henric Panwels en 
Jan Thomasz. 

'248." Dag der Heilige Jonkvr. 1498. 

Panwels van Znits en Leonart van Hoeck, schepenen van Grave, 
verklaren nit een cedel gezien en gelezen te hebben, dat het hnis, 
daar zaliger Johan van Cranenvelt in placht te wonen, verkocht is 
met een last van twee pond alts, een pond payement en elf half 
malder rogge 's jaars, enz. 

249. 23 Aug. 1498. 

Johannes van Hoeme, Bisschop van Lnik, als daartoe gemachtigd 
door den Paaselijken Stoel^ geeft verlof aan rectors en fabriekmees- 
ters van de kapel van St Anna te 's-Hertogenbosch, om op het 
altaar van de H. Maagd en St. Anna missen te laten lezen door 
een bekwaam of •j'egalier geestelijke, ofschoon genoemd altaar nog 
niet was gewijd, en znlks met dispensatie van de provinciale en 
synodale verordeningen. 

250. 22 Sept. 1498. 

Boelof. Oetagea, Jacob Spaen Claeszn. en Geertmid Aelbert 
Qruijtersdr. getnigen voor schepenen van Grave, dat zij in 1407 te 



— 59 — 

Antwerpen op de Pinkstermarkt waren en dat toen aldaar Oodert 
Volpaerts in hnnne tegenwoordigheid opgedragen heeft aan Andries 
van Erckel, koopman in linnen, wonende te 's-Hertogenbosoh, om 
▼oor hem te verkoopen zijn huis en erf, staande te Grave, hetsij 
aan Jan Dncroenz, die met Oodert vuracr. dair aff ie woirden was 
gewest, of aan iemand anders, die hem voor zijnen godspenning 
25 goaden rynsgoldens meer zonde geven dan hij voor dat huis 
betaald had. Vervolgens getuigden alsvoor Andries van Arokel 
(Erckel?) voornoemd en Uken zijne hnis vrouw, dat zij voormeld 
hnis met erf verkocht hadden aan Jan Dncroenz voornoemd tegen 
denzelfden prijs, waarvoor Oodert voornoemd het gekocht had met 
de 25 gouden rijnsguldens bovendien. En toen dit alles aldus ver- 
kocht was, heeft Andries voornoemd zijne brieven geschreven aan 
Heeren Derick Luwe en Goossen Janszn., priesters, dat zij Jan 
Ducroenx in voorschreven huis en erf zouden vestigen, omdat zij 
daartoe door Godert gemachtigd waren. Waarop voor schepenen 
alsvoor verschenen zijn voornoemde priesters, die verklaarden met 
den verkoop, dien Andries gedaan had, tevreden te zijn en dat zij 
daarom Jan Ducroenx daarin behulpzaam wilden zijn. Hierover 
waren als schepenen Rutger van Doerne en Peter van Aken. 

251. 4 Febr. 1500. 

Hoghaert Plochmans draagt over voor schepenen van Waderle en 
Wedert aan Mr. Jan van Halen, priester, ten behoeve van het 
klooster den Haghe bij Eindhoven, eene erfpacht van een mud 
rogge uit een land genaamd de Rijt, gelegen te Waderle (Waalre), — 
waarover waren als schepenen Dirok die Pueijter, Dirck van den 
Wildenberch, Alaert Jansz , Ariaen Gobben en anderen. 

252. 15 Febr. 1502. 

Jan Goderts van der Bijesenrijt draagt over voor schepenen van 
Waderle en Wedert aan Jan, zoon van Jan HeüHcks Goedens, eene 
erfpacht van een mud rogge, gaande uit landen gelegen in de parochie 
van Waderle, — waarover als schepenen waren Dirck van den 
Wildenberch, Hogaert Janszn., Adriaen Gobben en anderen. 

253. 2 Juni 1502. 

Amoud Dirkszoon van Zoemeren draagt over voor schepenen van 



— 60 — 

's-Hertogenbosch aan Gooswijn van den Sloet eene jaarrente van 
vijf ponden, gevestigd op een huis en erf te Alem. Hierover waren 
als schepenen Johan van Vladeracken en Frans Toelinc. 

254. 10 Aug. 1502. 

Johannes van Hoeme, Bisschop van Luik, geeft verlof aan 
Mechtild Toelijncz, weduwe van Johannes Keijmp, om in de kapel 
van haar kasteel Seldensadt de mis door een bevoegd priester te 
laten lezen. 

255. 7 Juni 1503. 

Robbrecht van Grevenbroeck, Heer van Venloen, verlijdt Adriaen 
Willemszoon met vier morgen land onder Sleenwijk. Hierover 
waren als leenmannen van Brabant Jan van Haestrecht, Heer van 
Tilborch en van Goirle, en Hubert Janszoon. 

256. 3 Maart 1506. 

Anthonis Marcelis Bierenszoon, als man van Katrijne Godevaart 
Gruijtersdr., draagt over voor schepenen van Eindhoven aan broeder 
Henrick van Halen, prior van het klooster der Regulieren den 
Haghe bij Eindhoven, eene erfpacht van een mud rogge, gaande nit 
de helft van een land geheeten dat Bietbroeck in de parochie van 
Sonewijck, — waarover als schepenen waren Jacob Lodewijk Haghe- 
mans en Henrick IJewaenes. 

257. 10 Oct. 1506. 

Marcelis van Rriekenbeeck draagt over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan broeder Henrick die Vleminck| procurator 
van het Regulieren klooster bij Eindhoven, alle rechten op een huis 
gelegen onder Beek bij Aarle, en wel als gemachtigde van genoemden 
procurator, die knightens vonnis van schepenen van 's-Hertogenbosch 
wegens wanbetaling van cijnsen gemachtigd was dat huis te ver- 
koopen, — waarover als schepenen waren IJewanus Kuijst, Lambert 
de Wolf en Rudolph Noppen. 

258. 18 Febr. 1507. 

Jan Janse van Ghijsen maakt eene dading voor schepenen van 



— 61 — 

Eindhoyen met den Prior, Sabprior enz. van het klooster den 
Hagke bij Eindhoven over een verschil ter zake van den verkoop 
door hem aan dat klooster gedaan van een hnis en erf, gelegen 
ter plaatse de Meel onder de heerlijkheid Heeze en Leende en 
Geldrop, — waarover als schepenen waren Adriaen Jans Plateijn- 
honwerszoon en Jan Comelis Schoenmakers. 

259. 29 April 1507. 

Heer Dirck Lnwe, priester en rector van het Heilig Sacrament 
altaar in de St Ëlisabeth's kerk te Grave, c. s., dragen over voor 
schepenen aldaar aan Jan Dncroes een huis en erf in de Hoofsche 
straat aldaar, — waarover als schepenen waren Dirck Vaix en 
Jan van der Voort. 

260. 22 Mei 1507. 

Pater Wouter Jansz. draagt over voor schepenen van Gestel aan 
broeder Jacob van Meeuwen, als procurator van het klooster 
den Haghe bij Eindhoven, ten behoeve van dit klooster, een stuk 
land genaamd de Wassoert, onder Blaarthem bij Gestel gelegen, — 
waarover als schepenen waren Ooijart Willems van Ghennip en 
Jan Peterse. 

261. 19 Aug. 1507. 

Adam van der Duinen Jacobszoon wordt beleend met een tiend onder 
Osch ten overstaan van Henricus van Esch als stadhouder der 
leenen van den Abt van Echtemach en diens leenmannen Goossen 
van Brecht en Henrick Oieliszoon. 

262. 8t Maartensaoond 1507. 

fleer Willem van Mijl, als rector van St.-Catharine's, Heer Jan 
Touman, alB rector van St-Agathens en Heer Gerit van der Cluijten, 
als rector van St.-Johannes-Evangelist-altaren in de kerk te Grave, 
geven toestemming voor deken en kapittel van de St. ElisabethskerK 
te Grave aan Jan Dncroes, om eene rente van een pond, aan ge- 
noemde altaren verschuldigd en gevestigd op een door dezen verkoc 
hnis, op een ander goed over te brengen. 



— 62 — 

263. 6 Jan. 1508. 

Mechteld Toelijncz, weduwe van Johannes Eeymp, krijgt yer- 
gonning van den Paos om in de kapel van de H. Maagd en den 
H. Comelins, staande bij haar kasteel Seldensadt in het bisdom 
Lnik, op de zon- en feestdagen door een bevoegd geestelyke water 
te laten wijden en daarmede den zegen te geven. 

264. 6 Jan 1508. 

Mechteld Toelijncx, Vrouw van Seldensadt, weduwe van Johannes 
Eeijmp, krijgt vergunning van den Pauselijken Stoel om in de 
kapel, behoorende tot genoemd kasteel, het altaar door een bevoegd 
priester te laten bedienen. 

265. 31 Jan 1509. 

Johannes Boesmont Gijsbertszn. draagt voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aan Henricus van Uden over een vierde deel in eene 
rente van twintig ponden zwarte toumoois, gaande uit het huis 
(de Villa) 4e Empel, — waarover als schepenen waren A.rnoldus 
Monik en Godefridus Sijmons. (N.B. Henricus van Uden voegde 
hieraan als noot toe, dat het vierde in deze rente hem is opgedragen 
ten behoeve der 111. L. V. Broederschap te 's-Hertogenbosch.) 

266. 6 Juni 1509. 

Pieter, zoon van Andries Janse, draagt over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan Budolph de Haen Jansz. een huis en erf, 
gelegen aldaar in het straatje genaamd van Best, — waarover als 
schepenen waren Maarten van Rampen en Everardus van Doéme. 

267. 8 Aug, 1509. 

Vele leden van het schrijnwerkers-, kuipers-, rademakers-, stoel- 
makers- en beeldsn^jdersambacht te 's-Hertogenbosch, deponeeren 
.voor den notaris Bax en getuigen de statuten van dat gilde en be- 
loven die te zullen onderhouden. 

268. 8 Sept 1509. 

Maria Maes Boelantsdr. draagt over voor schepenen van Heeze 
^n Leende aan haren zoon Jan Jansz. van den Broeck de lijfrogge. 



— 63 — 

die sïj verkregen had van Dirck Janszoon van den Broeck, — waar- 
over als schepenen waren Jan Pompen, Daem Snoez, Henrie 
Verbeeck, enz. 

269. 31 Jan. 1510. 

Raso Raesz. en Amoldns Panwels, schepenenen van VHertogenbosch, 
geven een vidimus van een schepenbrief dier stad van 6 Nov. 1417, 
waarbij Heer Willem van Ghent, Ridder, Heer van Meerw\jck, ver- 
koopt aan Elisabeth, wedawe van Willem Bac, zoon van Mathijs, 
Heer van Molengrave, eene rente gevestigd op landen te Aarle en 
Ëmpel, — waarover destijds als schepenen waren Johannes Hoemken 
en Petros Steenwegh. 

270. 1 Febr. 1510. 

Macharis Willemse draagt over voor schepenen van Eindhoven 
aan Willem Stoops eene jaarpacht van vier vat rogge, gaande nit 
een hopveld gelegen onder Woensel, — waarover als schepenen 
waren Macharis Willemse en Peter Willem Wonterse. 

27L 20 Maart 1510. 

Erardns van der Marck, Bisschop van Laik, als daartoe van den 
Panselijken' Stoel gemachtigd, geeft verlof aan* het klooster van 
Su Anna te 's-Hertogenbosch om in de kapel van dat klooster, 
staadde bij de Gevangenpoort aldaar, op een altaar, toe te w\jden 
aan St. Christophoms, de mis te laten lezen. 

272a. * Zondag Exaudi 1511. 

Kaart voor het Schoenmakersgilde te 's-Hertogenbosch. 
273. 18 Jan. 1512. 

Petms van Quel Johanneszn. verleent voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aan Hector de Bever, den bastaard van Rodolph de 
Bever, een cgns, gaande uit het huis, genaamd het huis van Loon 
in de Loeffstraat te 's Hertogenbosch, en uit de hoeve Zelichem te 
Boxtel, welke goederen genoemde Petrus van Gael verkregen had 
van Anthonius Hinckaert. Hierover waren als schepenen Johannes 
van Erp en Albertos van Berckel. 



— 64 — 
274. Feria quarta p. d. St. Agnetae 1513. 

Rutger de Haze met Wendel, z^*ne hnisvronw, dragen over voor 
Burggraaf en schepenen van Nijmegen aan Otto van Heteren een 
huis en erf in de Pepergas aldaar, — waarover waren voor den 
Burggraaf Helias van Eek en als schepenen Petrus Andilien en 
van der Lawijck. 

275a. 1514. 

Vijf brieven door Earel, Prins van Castilië (later Earel V), gericht 
aan zijne gezanten te Parijs, den Graaf van Nassau en den Heer 
van Sempy, handelende over hunne geloofsbrieven en bevelen be- 
helzende over de uitvoering van den vrede van E^amerijk en over 
's Prinsen huwelijk met eene Fransche vorstin, enz. De brieven 
zijn gedagteekend 26 en 29 Jan., 7 en 15 Febr. en 2 Maart 
1514 en door den Prins onderteekend ; de laatste met een eigenhandig 
onderschrift betreffende het voorgenomen huwelijk. 

276. Juni 1514. 

Machteld Scheenkens Woutersdr. maakt te Vught testament voor 
den notaris Gerardus Pistoris, — waarover als getuigen waren 
Gijsbert Gijsbertsz. van B^nthum en Johannes van SijU. 

277. 13 Nov, 1515. 

Lauwrens van den Hout, timmermiaU; en Hendrik van Zomeren, 
als scheidslieden door partijen daartoe verzocht, doen uitspraak over 
een scheidingsmuur van een stal, staande achter het te 's-Hertogen- 
bosch staand huis genaamd het Gulden Hoofb, die buiten het lood 
gezonken was, —waarover als schepenen van 's-Hertogenbosch waren 
Jan van Vladeracken en Corstiaen Coenen. 

278. 15 Oct 1518. 

Ewout Damen, als gehuwd met de weduwe Jan W^tvens, Tijman 
Jan Cuperszoon, Jan Ciaesz. en Hendrik, Jan en Dirck W\jtvens 
doen voor schepenen van Lieshout scheiding en deeling van de 
goederen, hun aangekomen van Jan Wijtvens. Hierover waren als 
schepenen Gerrit Jans, Bartholomeus Jan Gbosensz. enz. 



— «5 — 

279. 28 Jan. 1519. 

Pieter Henrick Loesenzoon vestigt voor schepenen van Gestel aan 
Willem Jannes Straets eene rente van vier Peters op een akker 
land en beemd, gelegen te Blaarthem onder Gestel, — waarover 
als schepenen waren Goijart Willemsz. van Gennip en Henric 
Hannenzoon. 

280. 8 Aprü 1520. 

Comelis Willemszoon van Hamstede draagt over voor schepenen 
van *s-Hertogenbosch, tegen nitkeering van renten, aan Hendrik de 
flont een hnis en erf gelegen aldaar, hoek Markt en Kolperstaraat^ — 
waarover als schepenen waren Amont Monix en Willem van Os.. 

281. 6 Juni 1520. 

Mr. Lambert van der Voert, als man en voogd van Margarita, 
dochter van Jacob Zeberts, verleent aan Johan van Berkel Gerardszn. 
en Mr. Comelis van Weert ten behoeve van de benrzenstichting 
van Mr. Wolter de Beka, doctor in de beide rechten, eene rente 
van twintig gnldens op een huis te Hilvarenbeek. Hierover waren 
als schepenen van 's-Hertogenbosch Gerrit (^erritse van Berkel en 
Henric Pelgrom Dirksz. 

282. 6 Juni 1521. 

Extract nit het testament van Merten van Campen Aertsz. en 
Geertraid van Dommelen IJwansdr., zijne hnis vrouw, gegeven door 
den notaris Dani6l van Vlierden. 

283. 24 Sept. 1521. 

Claes Woutersz. van den Staeck, Gommaer Jansz. Poeijnenborch 
als man van Jenneke, dochter van Wouter van den Staeck, Jan 
Goossensz. van Uden van wege zijne zonen Wouter, Ariaan, Peter 
en Maarten, die hij had van zijne vrouw, wijlen Agnes van den 
Staeck Woutersdr. en Marck Willems Wijtman van w^e z\jne 
dochter Mechteld, die hij had van zijne overleden vrouw Mechteld 
Woutersdr. van den Staeck, doen voor schepenen van Helvoirt 
scheiding en deeling van de goederen hun aangekomen van Wouter 
van den Staeck en Zueteke z\jne huisvrouw, alsook van hunne moei| 

5 



Caihelijne van den Staeck, wedowe yan Hendrick van Deventer. 
Hierover waren als schepenen Jan Wouter Olieslagers en Ariaan 
Dirk Ghijsbrechts. 

284. 30 April 1528. 

Erardns van der Marck, Bisschop van Luik, vergunt aan de 
provisoren der kapel van St. Anna te 'sHertogenbosch acht huisjes, 
staande voor en achter die kapel, te verkoopen, om de kosten te 
vinden tot herbouw en herstel van genoemde kapel. 

285. 30 Aprü 1523 

Ërardus van der Marck, Bisschop van Luik, vergunt aan de 
provisoren der kapel van St. Anna te 's-Hertogenbosch eene rente 
van twee en veertig guldens te verkoopen, om de kosten te vinden 
tot herbouw en herstel van genoemde kapel, vermits daartoe de 
opbrengst van gemelde huisjes niet toereikend bleek. 

28Ö. 7 Aprü 1524:. 

Johanna, weduwe van Wautger Qerritszn. Melis, draagt overvoer 
schepenen van *s-Hertogenbosch het vruchtgebruik van een huis, 
staande te Hintham in de parochie van Rosmalen, aan Gijsbert van 
Tulden Johanszn., als man van Maria, Johan Strick Amoldszn., als 
man van Geertruid en Johan van Gemert, als man van Geerbuig, 
zijnde deze vrouwen de dochters van genoemde transportante en 
haren genoemden man, geschiedende deze overdracht zoo ten behoeve 
van haar zelve als van hare broeders en van haren minderjarigen 
oomzegger Jan, — waarover als schepenen waren Johannes de Bever 
en Anthonis van Achel. 

287. 16 Juni 1524. 

Jacob Hendriksz van Velpe vestigt voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch ten behoeve van Johannes Wouters Janszoon eene rente 
van drie en een half pond op een huis en erf in de parochie yan 
Empel, — waarover als schepenen waren Hendrik Dirkszoon Pelgrom 
en Everard van de Water, 

288. 27 Aprü 1525. 

Octrooi door Keizer Earel V gegeven aan Dierck van Oss, wettigen 
zoon van Jan van Oss, om te mogen beschikken over zijne leenen. 



— 67 ^ 

289. 30 Mei 1526. 

Vidimus door schepenen van LiUioiyen gegeven van een octrooi, 
door Keizer Karel V 27 April te voren gegeven aan Dirck van Oss, 
zoon van Jan van Oss, om te mogen beschikken over zyne leenen, 
.met verklaring, dat genoemde Dirck van Oss sich verbonden faeeü, 
uit kracht van dat octrooi, om Claes, zoon van Bntger Claaszn., 
te hnlp te komen ter zake van den verkoop door hem aan dezen 
gedaan van een stok land onder Lithoijen. 

290. 1 Nov. 1525. 

De Staten van Brabant geven een rentebriefnitvanv^f en twintig 
guldens jaarl^ks aan Mr. Henrick Pelgrom Dirkszoon. 

291. 21 Juni 1530. 

Egbert, zoon van Hendrik Willemse Vos, draagt over voor sche- 
penen van 's-Hertogenbosch aazi z^ne znster Heilwich de helft in 
een kamp lands gelagen onder de vrijheid van 's-Hertogenbosch te 
Calenborch. Hierover waren als schepenen Lambert van den Broeck 
en Gijsbert Pels. 

292. . 2 Aug. 1531. 

Adriaan Florisz., als gemachtigde van Marij van Haestrecht, vronwe 
van Loon, draagt op aan de Leenkamer van Holland vier morgen, 
geheeten de Cronwelsho&tad, gelegen bij de kerk van Sleentvijk, 
ten behoeve van Oielis Scellaert. Hierover waren als leenmannen 
Joost van Bijsw^jck Joostzn. en Claes Colf Hendriksz. 

293. 16 Aug. 1531. 

Henric Thonis Mathijsz. en Jan Oerardszn. Verschoijlen, schepe- 
penen van Eindhoven, geven een vidimus van een transportbrief 
voor schepenen van Aalst van 11 Febr. 1501, waarbg Oerard van 
de Byt voor zich en als gemachtigde van Jan zijnen broeder en 
Leene zijne znster, alsmede Thonis Jan Wont Ottenzoon en Jan 
Henrick Hermanszn., als man van Geertmid, verklaring doen van 
bdnne erfdeeling, — waarover als schepenen van Aalst waren Jan 
Haeugree&, Begner van de Water en anderen. ' , 



- «6 ^ 

294. M Jumi 1532. 

AfpaUuk, doohtar van Pietar Diriksz. van dan Sprangh, varbindt 
Ekdi TOOT fichapenan van 's-Hertogenbosoli jegana Hailwig Voe 
Hannakadr. aana rente vaa dria guldens, gaande mi ean stuk land 
ondar Oalapbareh« gelagan ia de vr^heid van 'a-Hartogaaboadi, ens., 
afloabaar ie atallan voor vijftig galdanB, *«* waarover als achepenen 
waren Evefardoa van de Water en Albartaa van Davenler. 

295. 20 Sept 1532. 

Instelling van twee jaarlijksche zielmissen in de kerk van St. Rn- 
moldoa ie lüechelan voor den Kardinaal Willem van Enokevoort. 

296. ^ Nav. 1532. 

Hoogheemraden van Maasland geven ten verzoeke van Comelis 
van Oss, sdiont van Maasland, beslisaingen omtrent liet opmaken 
van den Maaadgk onder Litiioyen. 

207, 13 Dec. 1532. 

Jan Claes Panwelszn. vestigt voor schepenen van Hensden ten 
behoeve van Jonkvrouw Elisabeth, wednwe van Mr. Aert Spiering 
van Aalburg, een cijns op land onder Hedikhnizeni — waarover 
als Bohepenen waren Claes fii^js Henricksan. en Bombout Godertazn. 

298. 9 Maart 1533, 

Ofaijsbert, zoon van Jan Ohijben Krijnsezoon met Heilwieh Schee* 
makers, zijne huisvrouw en anderen dragen over voor schepenen 
van Waderlee en Wedert aan broeder Rutgher van der Steghen, 
als procurator van het klooster den Hage bij Eindhoven, een sche- 
penbrief, bezegeld voor het gerecht van Waderle, inhoudende een 
transport van goederen aldaar gelegen, — waarover als schepenen 
waren Hoghart Jansen, Peter Oerritse en anderen. 

299. 3 Juli. 1533. 

Jaoobos en Johannes, zonen van Wilhelmns, den zoon van Jacoboa 
Heelbrekers en van Mechteld van der M^len, verleenen voor aoh^ 
penen van VHertogenboach aan Jan Henricksan Su^skena een e$na 



— M — 

van vier galdens, op hmme Imd o r p c a te Houtert onder SchijndeU*— 
waarover als schepenen waren Albertns van Berckel en Gerardos 
yaa Berekel. 

300. ia N9P. 1533. 

Ogsberi Heïjm en Wabaaf van Exp WabaaÉm« iotwpaBMi ym 
's-Hertogenbosch, geven een vidimus van een schepenfamf van VEhr- 
togenbosch van Zondag na Maria-Hemelvaart 1868, waarbg Johannes, 
Heer van Sevenborne, van Oranendonck en van Haps, aan Walter mun 
Erp Leoszn overdraagt eene rente van honderd ponden, gaande nit 
het dominium Boxtel, — waarover ala schepenen waren Johannes 
Baudew^ns en Henricns Marckelain. 

301. 12 Maart 1534. 

Johannes, zoon van Wonter Jansen, draagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch aan Jan Jansen van Beeck eene rente van drie 
en een half pond, gevestigd op een huis en erf te Empel, — waar- 
over als schepenen waren Godfried Sijmonsz. en Batger van Berkel. 

302. 29 Jan, 1537, 

Johannes van Utrecht Comelioszn. en zijne echtgenoote Maria Colen 
Johannesdr. dragen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Wil- 
lem Willemsen Godefriduszn. land over, gelegen te 's-Hertogenbosch 
buiten de poort de Boom. — Hierover waren als schepenen van 
's-Hertogenbosch Franciscos Bogart en Gerardos Michiels. 

303. 21 Maart 1537. 

Johan Philiptzoon Lippe van der Horst vestigt voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch ten behoeve van Johan van Boert, als man 
en voogd van Elisabeth Jacobsdr., vroeger wednwe van Johannes 
Zegens, en voorts ten behoeve van hare voordochter Elisabeth en 
van Johannes Pijnappel, eene rente van zes gnldens op goederen 
onder Zeelst en Strijp en op een derde in de tienden van Gemert, ge- 
heven wordende onder Meerveldhoven, — - waarover als schepenen 
waren Theodoros van Merevenne en Franciscos van der Cammen. 



— 70 — 

804. 21 Maart 1537. 

Johannes Philips Lippe van der Horst draagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch ten behoeve van Johannes van Boert als man 
en voogd en voorts ten behoeve alsvoor eene rente van zes gnlden 
gevestigd op landen te Zeelst en S trijp en op gemelden Ys tiend, — 
waarover als schepenen waren Theodoms vim Merevenne en Franciscns 
van der Caminen. 

805. 23 Mei 1537. 

Bm^sten Janszoon verbiïidt zich voor schepenen van Hemert 
tot de betaling van tien Rijnsche guldens en acht halve stuivers 
aan Jan Hendrikzn., — waarover als schepenen waren Baden Roelo&e 
en Gkrrit Pieterszoon. 

306. 12 Juni 1537. 

Mr. Fran9 en Aert Spierinck van Aelborch dragen voor schepenen 
van Hensden over aan mr. Henrick Fabri, deken van het Kapittel 
te Heusden, ten behoeve van hetzelve, cijnsen gaande uit landerijen 
te Iledikhuizeh, onder voorwaarden dat de Rapittelheeren daarvoor 
missen zullen lezen voor de zielerust hunner ouders mr. Aert Spie- 
rinck van Aelborch en Elisabeth van Eetroij en dat zij, op den 
Oudheusdenschen dijk aan de twaalf oude groote mannen met hunne 
moeder en aan de zes oude kleine mannen met hunne moeder van 
den tempel van Oudheusden, staande op den Oudheusdenschen dijk en 
aan de zes oude vrouwtjes, wonende op het Kerkhof te Heusden, 
wittebrooden zullen uitdeelen, mits die oude mannen en vrouwen 
op de dagen voor de missen gesteld zullen bidden voor genoemde 
echtelieden. Hierover waren als schepenen Adriaan Anthoniszn die 
Best en Joost van Weijborch. 

307. 1 April 1539. 

De Kardinaal Anthonius geeft aan Wilhelmus Duerlinck, klerk in 
het Utrechtsche Bisdom, dispensatie van jaren tot het aannemen 
.van sommige geestelijke bedieningen. 



— 71 — 

308a. 31 Jan. 1540. 

Verklaring van schepenen van 's-HertogenboBch, dat Jan van den 
Dangen, als blokmeester der huisarmen van en bg de Markt te 
's-Hertogenbosch, een vonnis heefk wegens wanbetaling van een cijns, 
gaande nit twee huizen met erven te Hintham, toebehoorende aan 
Roelof, zoon van wijlen Jan Toelinck. 

309a. 11 Fébr. 1540. 

Engelken, weduwe van Jan van Ghent, koopt tegea een cijns een 
huis genaamd de Croon, staande in de Hinthamerstraat te 's-Herto- 
genbosch naast het erf van Amt Coolbomer. 

310. Oct. 1540. 

Jan van Merode, Heer van Leefdael, verklaart jegens Englebert 
van den Dale, kanselier van Brabant, dat nu hem de heerlijkheid en 
baronie van Leefdael, met recht om er den titel van te voeren, is 
overgedragen, hij niet van dezen opeischen zal de rente van twee 
duizend guldens 'sjaars, die genoemde kanselier ten zijnen behoeve 
op die heerlijkheid gevestigd had en dat die kanselier zal mogen 
blijven dragen den titel van voorschreven heerlijkheid, zoolang hij 
kanselier zoude zijn. 

311. 17 Nov. 1542. 

Keizer Karel V machtigt de Meierij van "s-Hertogenbosch tot het 
verkoopen en verzegelen van eene losrente van tweeduizend guldens, 
uit aanmerking der schade, die zij onlangs geleden had, onder 
anderen bij den inval der Franschen onder Maarten van Rossum. 
Met het volgende transfix : 

312 29 Nov. 1542, 

Begenten der steden 's-Hertogenbosch, Helmond en Eindhoven en 
der vrijheden van St.*Oedenrode, Oerle, Oisterwijk, Osch, Oirschot en 
Hilvarenbeek verkoopen, krachtens bovenstaande machtiging, eene 
losrente van achttien gouden carolus guldens aan Jan Dirckszn die 
Becker en Hillegond zijne huisvrouw, wonende te Rosmalen. 



— 72 — 

318. 1 Nov. (Dec. ?) 1542 

Regenten der steden 's-Hertogenbosch, Helmond, Eindhoven en 
der vrgheden St-Oedenrode, Oerle, Oisterwijk, Oss, Oirschot en 
Hilvarenbeek verkoopen eene losrente van zeven en dertig en een 
halven gouden Carolas-galden aan Jan Bacx, rentmeester der domeinen 
van Brabant te 's-Hertogenbosch. Met het octrooi daartoe van 
Keizer Earel van den 17^®° te voren, transfix. 

314. 13 Sept 1542. 

Jan van Broegel, zoon van Willem, draagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch aan de gezusters Mechteld Johanna en Sophie, 
dochters van wijlen Hubert Hamer, eene rente van vier en twintig 
guldens, gevestigd op huizen en erven in de St. Jacob- en de Ver- 
werstraat aldaar, — waarover als schepenen waren Everardus van den 
Water en Johannes die WolfP. 

315. 9 Febr. 1543. 

Jan Dirkszoon, als eigenaar van het huis het Verken in de Hint- 
hamerstraat, te '-Bosch en Jan Hendriksz. van Welhuijzen, als eigenaar 
vaü een daarnaast Marktwaarts staand huis, maken voor schepenen van 
's-Hertogenbosch eene dading over een scheidingsmuur, — waarover 
als schepenen waren Nicolaas van der Stegen en Rudolf van Eijck. 

316. 6 Febr. 1544. 

Jan Maartensz. Moens verkoopt in openbare veiling voor notaris 
en getuigen aan Anthonis van Diepenbeeck Anthoniszn. een huis en 
erf aan de Botermarkt te 's-Hertogenbosch, genaamd de Witte Helm, 
— waarover als getuigen waren Qielis Doncker, Philips Vogels van 
Maeseijck, priesters enz. Met een notarieel afschrift van eene akte 
van vier dagen na Palmzondag 1544, waarbij genoemde kooper zich 
verbindt aan genoemden verkooper eenen jaaalijkschen cijns te betalen 

317. 27 Maart 1544. 

Keizer Karel V bevestigt de privilegiën, door zijne voorouders 
aan de vrijheid Oisterwijk verleend, met name die van Hertog 
Hendrick in 1280, en van Jan in 1854. 



— 73 — 

318. Na St.'Jelisdag 1544. 

Henrick Smaleveldfe en Anna, z^ne hmsvrouw, ten eenre en Dirck 
Smit, cremer, met Hilleken zijne vrouw, ter andere zijde maken voor 
schepenen van Nijmegen eene dading over hunne huizen in de 
Borchstraat, — waarover als schepenen waren Bartholomeus die 
Clair en Henrick Pels. 

319. St.'Lucasdag 1544. 

ArcDt Tuijsz. en Marie, zijne huisvrouw, dragen over voor sche- 
peuen van Nijmegen aan Gerit Geurtse Becker een huis en hoistad 
in de Pepergas aldaar, — waarover als schepenen waren Maarten 
van Andelst en Bartholomeus die Claer. 

320a. 13 Febr. 1545. 

Johan van Brecht, ridder, schout van 'sHertogenbosch, schepenen, 
gezworenen, raadslieden, die men noemt ledige luifden, dekenen van 
de ambachten, een deel der goede knapen en al die gemejjne stad 
van 's-Hertogenbosch geven eene nieuwe kaart aan het Bakkers- 
gilde aldaar. 

321. 19 Maart 1545. 

Paulus Baess en Goswinus van Hedel, schepenen van 's-Herto. 
genbosch, geven een vidimus van een schepenbrief van die stad van 
1 1 Maart 1 544, waarbij Johannes Scraigen zich verbindt van een 
huis en erf, gelegen in de Hinthamerstraat aldaar, een cijns te 
betalen aan Johannes Dirkszoon van Waelre, — waarover als sche- 
penen geweest waren Johannes van Baveschot en Goswinus, zoon 
van Heer Johannes van Brecht, ridder. (Hierachter eene verklaring 
van 20 Juni 1564, waarbij Eiisabeth, weduwe van Jan Dirckszn. 
van Waelre voor dezen cijns kwijting geeft aan Willem Lamberts 
van de Laerschot). 

322. 5 SepU 1545. 

Keizer Karel V bekrachtigt het verdrag, gemaakt iusschen de 
stad VHertogenbosch en Walraven van Gent, Heer van Oijen en 
Pieden, waarbij onder adderen het recht van in^ebod der stad op 



— 74 — 

Oijen en Dieden gehandhaafd wordt. Dit verdrag betrof een geschil 
over eene schnld, welke Walraven van Gent aan gemelde stad had 
wegens gelden van haar opgenomen door zijnen grootvader Willem 
van Oent, die daarvoor de heerlijkheid Oijen gekocht had, alsmede 
over eene schadevergoeding wegens het sloepen van het kasteel van 
Oijen. 

323. 3 Oct. 1545. 

Willem van Scheinck en Johan van Boetbergen, burgemeester van 
Nijmegen, maken eene dading voor Kanselier en Raden van Gelder- 
land over het huis Poel wij ck, staande onder Gendt. 

324. 10 Febr. 1546. 

Voor Jan Zegers, Tielman Gijben, Michiel Jan Vaesz., Henrick 
Loefs, Jan Joost Wontersz., Gerard Swesten en Mr. Henrick Jan 
Philipse, schepenen van Heeze en Leende, verklaren Tielman Gijben 
voornoemd, mitsgaders Henric die Hoeijmaker en Jan Buevens, als 
gezworenen in de buiten-parochiën van Geldrop, dat z^ van het 
klooster den Haghe bij Eindhoven ontvangen hebben achtien carolus 
guldens, als aandeel voor hetgeen dat klooster te betalen had voor 
brandschatting, opgelegd door Maarten van Rossum aan Geldrop met 
de buiten-parochiën onder het gerecht van Leende gelegen. 

325. 29 Maart 1547. 

Jan van Brecht, ridder, schout, schepenen, gezworenen, raden, 
die men noemt ledige luijden, en dekenen der ambachten der gemeine 
stad 's-Hertogenbosch vernieuwen de keur voor het Smeden- en 
messenmakersgilde aldaar. (Met eene bekrachtiging van die keur 
door Aiexander Schimmelpenninck, hoog- en laagschout van 's-Her- 
togenbosch en door hare regeering in 1693 gedaan). 

326. 23 Aug. 1547. 

Theodoricus Cornelissen verkoopt voor schepenen van 's-Hertogen- 
bosch aan Rutger, zoon van Willem Rutgers, een cijns, gevestigd 
op een huis, staande in de Vuchterstraat aldaar, — waarover als 
schepenen waren Henricus Kuijst Gerardszn. en Laurentius Pelgrom. 



^ — 75 — 

327. 5 Nov. 1547. 

Hendrik Bloeijman en Goijart van Vechel, schepenen van *sHerto- 
genbosch, als daartoe bij keizerlijk octrooi gemachtigd, benoemen 
Jan Scrage den Jonge, Hendrik van Uden Lambregtszoon, Hendrik 
Keijmp, raden, en Nicolaas' Jan Alewijnszoon tot momboirs over de 
onbejaarde kinderen van Jan Scrage den Oude, bij zijne vrouw 
Elisabeth verwekt, met machtiging tot verkoop van een huis cum 
annezis, staande in de Hinthamerstraat te 's-Hertogenbosch. 

328. 9 Nov. 1547. 

Dirk HankoDzoon draagt over voor schepenen van Heusden een 
buis en erf, gelegen binnen die stad, aan Glaes Dirkszoon, — waarover als 
schepenen waren Glaes Buis Henrickszoon en Jacob Willemszoon 
van Kuijk. 

329. 23 Nov. 1547. 

Hendrik de Hont de Oude en Claes Oielissen verdragen zich voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch over eenen scheid iDgsmuur tusschen 
hunne huizen in de Eolperstraat aldaar, — waarover als schepenen 
waren Marcelis Heijmans en Jan de Wolff. 

330. 26 Maart 1548. 

Heilwich, dochter van Hendrik Willemse Vos, draagt over voor 
schepenen van *s- Hertogen bosch aan Dirk Reijnerszoon van Meer 
een kamp, gelegen te Calenborch onder de stads vrij held. Hierover 
waren als schepen Everard van de Water en Franciscus Bogaert. 

331. 3 Juli 1549, 

Broeder Gideon van de Gk'acht, bisschop van Castorien, verricht 
de priesterlijke tonsuur aan Dirk Dirkszoon van Meer, uit 's-Her- 
togenbosch. 

332a. 26 Nov. 1549. 

Ten verzoeke van Adriaan van Mathenesse verklaren, bij wijze van 
turba, voor schepenen van 's-Hage : Mr. Jacob de Jonge, Heer van 
Baardwijk, Vincent Damasz, Heijman van de Ketel, Comelis Bart- 



— 76 — '^ 

hoats, Jan Pltimeon, Arent van Duvenvoorde, Jan van Aijngaerde, 
Dirck van Dnvenvoorde, Splinter van Archen, Heer van Oisterwijk, 
Pieter, Heer van Boon, ridder. Dirk Gobel, Mr. Beijnier Moons en 
Bondewijn van Ondekerke, op den eed als leenmannen van Holland 
gedaan, welke de rechten zgn van een vazal, die een verlei heeft 
verkregen. 

333. 7 Dec. 1552. 

Amoldus, zoon van Werner Janszoon van der Straten, als man 
en voogd van Elisabeth, dochter van Amoldns, zoon van Andries 
Oerardszoon van Arckel, schenkt mortis cansa yoor notaris en ge- 
tuigen aan de fabriek van de St.-Janskerk te 's-HertogenboscU eene 
rente van tien stuivers, — waarover waren Hendrick Loekeman als 
notaris en als getuigen Heer Eijmbertus Henrickszoon van Oirschot, 
priester en Aegidius Bormans van Hal» leek. 

334a. 9 Juni 1553. 

Een oud afschrift van de kaart van het Chirurg^'ns- en barbiersgilde 
te 's-Hertogenbosch, gegeven door Jan van Brecht, ridder, hoog en 
laag schout, alsmede door schepenen, enz. van 's-Hertogenbosch. 

335. 17 Juli 1553. 

Anna, weduwe van Hendrik van der Voert, met Comelissen, haren 
maD, draagt over voor schepenen van Helmond aan Frans die Porte, 
ten behoeve van de kerk van Helmond, eene rente gaande uit een 
stuk land in de Meijestraat aldaar. Hierover waren als schepenen 
Oielis Wijlars en Jan van Asten. 

336. 18 Maart 1554. 

Willem Hendrik Janse en Willem Hendriks, als momber van 
Elisabeth Hendrik Janse, enz. dragen over voor schepenen van 
Tuijl aan Hendrik Janse Amtz. en Fije, zijne huisvrouw» een kamp 
genaamd de Claas Clessenkamp, gelegen onder Herwijnen. Hierover 
Wftren als schepenen Johan van Asperen en Vuren en Melchior van 
Meteren. 



— 77 — 

3*7«- 1555. 

Rekeaüig der stad Breda over dit jaar. Hieraan ^jn toegevoegd 
copién van: a. den brief, waarbg Geei-aert van Easseghem in 1326 
aaa den Hertog van Brabant verkoopt de heerlijkheid Breda; 6. de 
^holdbekentenis. in 1387 wegens geleend geld door Jan, Hertog van 
Brabant, afgegeven aan Jan van Polanen, heer van Lecke en Breda, 
met verpanding van de heerüjkheden Groot- en Klein Zondert, de 
Hage, Sprundel en Nispen; c. den brief van 1350, waarbij Jan, 
Hertog van Brabant en Godevaart zijn zoon. met consent van hnnne 
dochter en zuster Johanna, aan Jan van Pohinen, heer van de Leek, 
verkoopen de heeriykheid en het land van Breda. 

338a. 2 Dec. 1555. 

Uitspraak van Schepenen en Raad der stad 's-Hertogenbosch ten 
verzoeke van Goijard, zoon van Gijsbert Bartenzoon. over het leggen 
van eene looden goot op het dak van een huis in de Kerkstraat aldaar. 

339a- 30 Dec. 1556. 

Conditiën, waarop Dirck en Jan van (Jent. gebroeders, zoo voor 
zich als voor hunne broeders Willem. Jan den Jonge en Wouter. 
aan Jan van Veldhuizen een huis verkoopen, genaiimd de Kroon, 
stuade in de Hiathamentraat te VHertogenboech. 

340. 29 Oct. 1557. 

Dirk Goyaartszoon van Morsvenne brengt voor notaris en getuigen 
in openbare veiling^ in de herberg genaamd op Groenenborch, staande 
aan de Markt te 's Hertogenbosoh, een huis genaamd de Leerze, 
staande aldaar achter het Minderbroedersklooster en een huis ge- 
naamd in St Pieter en Paulus, staande aldaar in de Hinthamerstraat, 
en wel krachtens een schepenvonnis ten zijnen behoeve gewezen 
wegens wanbetaling der daarop staande cijnsen. Hij werd kooper 
der huizen. Hierover waren An dries Oems, als notaris, Amt van 
Campen, als raad Mr. Jan' Broek, als secretaris der genoemde stad, 
en Mr. Henrick die Bije en Jasper Broek als getuigen, 

341. 3 Maart 1558. 

Broeder Oregorios Sylvius, professor in de heilige theologie, vicarins 
van het Luiksche bisdom, geeft de wijding van acoliet aan Dirk 
van der He«r vaa VHertogenboscb. 



~ 78 — 

342. 8 Maart 1558. 

Robertns van den Berg, bisschop van Luik, geeft zijne goedkeuring 
aan de bevordering van Dirk van der Meer tot sabdiaken. 

343. U April 1558. 

Waltems, zoon van Jacob Gielens, als man en voogd van Maria 
Geris, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Heer 
Mr. Cornelis, priester, zoon van Oerard die Potter, eene rente van 
zes en een halven gulden, gevestigd op een huis en erf, genaamd 
de Corenbergh te Osch, — waarover als schepenen waren Franciscus 
van Balen en Ooswinus van Brecht, zoon van Heer Jan van Brecht, 
ridder. 

344. 18 Oct 1558. 

Berent Aertsz. draagt over voor schepenen van Tuijl aan Oerrit 
Gielise vijfdehalven morgen land, geheeten de Olaes-Clessenkamp, te 
Herwijnen, — waarover als schepenen waren Melchior van Meteren 
en Henrik Janszn. 

345. 31 Dec. 1558. 

Ooijaert Hanrickszn., wonende op den Vnchterdyk te 's-Hertogen- 
bosch, maakt zijn testament voor Johannes Back notaris en kapelaan in 
de kerk van St. Jan Ev. te s-Hertogenbosch, — waarover als ge- 
tuigen waren Roelof Petersz. en Henrick Aemtszoon. 

346a. 27 Jan. 1559. 

Jonkvrouw Comelia van Harflf, Vrouwe van Bochoven, weduwe 
van Floris van Orevenbroeck, Heer van Bochoven, geeft machtiging 
aan Oerard van Stenis, haren schout, om haar leen, groot dertig 
morgen, in het land van Altena gelegen, te verheffen, — waarover 
waren als schepenen van Bokhoven Jan Jansen en Joachim Jan 
Peterse. 

347. 26 Febr. 1560. 

Philips II, Koning van Spanje, geeft aan de erfgenamen van 
Jan Snoecx mandement van relief van termijn in hun rechtsgeding 
voor schepenen van *s-HertogenboBch tegen Lenard Staels* 



— 79 — 
348. 15 Nóv. 1561. 

Henrica Glaesdr. van Hoberghen draagt over voor schepenen van 
Osch aan Claes A.ert Sandersz. een stuk land in de parochie van 
Osch, — waarover als schepenen waren Oeris Gerrit Jacobs en 
Ariaan Jans Loijen. 

349a. 27 Dec. 1561. 

Conditien, waarop Jan van Gent de Oade een hnis, genaamd de Croon, 
staande in de Hinthamerstraat te *s-Hertogenbosch en belend aan 
Willem Lamberts van de Laerschot, verkoopt aan Marcelis van Gasteren. 

350. 6 Febr. 1562. 

Bnrgemeester, schepenen en raad van Antwerpen getaigen, dat 
Adriaan Williaerts, stoeldraaier aldaar, voor hen verklaard heeft, dat 
Dirk van Strepe, stoeldraaier, geboren te 's-Hertogenbosch, gedurende 
drie jaren bij hem zijn ambacht heeft geleerd en dat zoowel Nicolaas 
Williaerts als Comelis van Biesthoven, gezworen dekens van het 
stoeldraaiersgilde te Antwerpen, verklaard hebben dat genoemde 
van Strepe de daarvoor verschuldigde rechten betaald heeft. 

351. 1 Maart 1562. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van vijftig guldens 
op de beden van Brabant, aflosbaar met achthonderd guldens, aan 
Catarijne, dochter van Fran9ois van der Cammen. 

352. 17 Juli 1562. 

Philips n, Koning van Spanje, bekrachtigt de kaart van het 
Eremersgilde te 's-Hertogenbosch. 

353. 9 Juli 1563. 

Voor Regenten van Antwerpen verklaren Franchois Gast, schrijn- 
werker en oud-deken van het schrijnwerkersambacht te Antwerpen 
en Jacob Bouwerix, zilversmid en buurman van genoemden Franchois, 
mede wonende te Antwerpen, dat Roelof Dirksz., afkomstig uit Megen 
bij 's-Hertogenbosch, gedurende twee jaren zijn leertijd als schrijnwerker 
bij den eerstgenoemde hunner volbracht en het daarvoor verschul- 
digde betaald heeft. 



— 80 — 

354. 29 JuU 1563. 

Dekens en Ondermans van het sehr^nwerkersambacht te Antwerpen 
verklaren voor Begenten dier stad, dat Boelof Dirkioon van Megen* 
schrynwerker, wonende te *8-Hertogenbo8ch, zijn leertijd behoorlijk 
bij genoemd ambacht volbracht heeft. 

355a. 4 April 1564. 

Henrick, zoon van Jan Henrick Willemszn, in den naam van al 
de kinderen en erfgenamen van Herman van Campen» voor de eene 
helft en Agnes, weduwe Jan die Bitter voor haar zelve en voor 
Herman, haren zwager en konne kinderen voor de andere helft geven 
kwijting aan Jaspar Boelo& voor 463 guldens als koopsom van drie 
morgen land, gelegen in de Peper achter de Vliert onder Orthen. 

356. 20 ApHl 1564. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van honderd guldens 
op de beden van Brabant, aflosbaar met acht honderd guldens, 
aan Dirck Be\jnierse van der Meer. 

357. 25 Aprü 1564. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van honderd guldens 
op de beden van Brabant, aflosbaar met zestien-honderd guldens, aan 
Lambrecht, zoon van Dirk Aarts. 

358. Dinsdag na Oculi 1564. 

Gerij t Vermoeien en Aelheidt, zijne huisvrouw, dragen over voor 
schepenen van Nijmegen aan Sijmon de Walbeick een huis en hofstad 
in de Pepergas aldaar, waarover als schepenen waren Wilhelm van 
Hoeckelom en Wilhelm Prick. 

359. 2 Nov. 1564. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van vijftig guldens 
op de beden van Brabant, aflosbaar met achthonderd guldens, aan 
Erasmus van Houwelingen, goudsmid. 



— 81 — 
360. 6 Nov. 1564. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van fl 35 op de 
beden van Brabant aan Jo'. Hendrik van Eijnhouts, ten behoeve 
van de Jonkvm. Barbara en Kaibarina, dochters van Jor. Jan van 
Baveschot. 

861. 21 Maart 1565. 

Agnes, dochter van Ariaen Janse van Uden, maakt haar testa. 
ment voor Heer Wonter Mathijszoon van der Eist, vice-cureijt der 
kerk van St. Jan Ev. en openbaar notaris te 's-Hertogenbosch, en 
bespreekt onder anderen een legaat aan de fabriek dier kerk, — 
waarover als getuigen waren Jan P^'nappel en Loef de Guijper. 

362. 31 Maart 1565. 

Anna Adams, weduwe van Sienr Jan Henrick Dirven, notaris te 
Breda, draagt over voor schepenen dier stad aan Rombout 's Graan wen, 
burger te Breda, een huis en erf genaamd eerst de Haan, daarna 
de Pauw en later de Hoop, staande in de Lange Brugstraat aldaar, 
— waarover als schepenen waren Willem Snellen en Johannes Da- 
missen. Hieraan zijn gehecht zes vroegere transporten van dat huis. 

363. 12 Mei 1565. 

Jan Dresens en Elisabeth, zijne huisvrouw, dragen over voor 
schepenen van Maastricht aan Henrick Noetsteck eene rente van 
vijflig guldens op de stad Antwerpen, — waarover als schepenen 
waren Nicolaes Vaechs en Johan Playoul. 

364. 27 Juli 1565. 

Begenten der stad Breda maken bekend, ten verzoeke van Jan 
Gh>dert6z. van Meersel, schrijnwerker te 's-Hertogenbosch, dat voor 
hen verschenen zijn Michiel Jan Ottenzoon van Galen, gezworene 
van het Schrijnwerkersambacht te Breda, en Jan Anthonis Jan Wil- 
lemse, schrijnwerker aldaar, verklarende, dat genoemde Jan Godertsz. 
van Meersel zijne leerjaren behoorlijk volbracht heefl bij Stoffel van 
Schaick, schrijnwerker te Breda. 

6 



365a. 29 Mei 1566. 

Copie van de akte van fundatie van het Borger (thans het 
Protestantsch) Weeshuis te *8-Hertogenboscb, alsmede van de ordon- 
nantie van Koning Philips II van Spanje van 10 Jnni 1561 tot het 
oprichten van een weeshuis aldaar. (Hierachter z^n gevoegd de ge- 
drukte reglementen van het Burger Weeshuis, alsmede twee gedrukte 
octrooien tot het oprichten van een Roomsch-Armenweeshuis te 
's-Hertogenbosch d.d. 12 Februari 1778, met het reglement daarvan 
van 26 April 1779 en eene naamlijst der regenten van dit wees- 
huis lot en met 1844 ; een reglement of ordonnantie, waarnaar de 
Itoomsche wees- en houwkinderen, zoomede de arme bejaarde men- 
schen, die in het geheel aangeslagen zijn, binnen de stad Leiden 
zich zullen hebben te gedragen). 

866a. 1568 en 1572 

Twee authentieke copiën van brieven van den Hertog van Alva 
aan de Staten van Brabant (een over het generaal - pardon in 
1568, de ander over zijn vertrek in 1572). — Hierbij bevindt zich 
zijn portret. 

367. 14 Sept. 1566. 

Philips, Koning van Castilië, enz. verlijdt Adriaan Janszoon van 
üijden met land onder Hedikhuizen en Maarland, hem aangekomen 
van zyne dochter Agniesken, verwekt bij Janneken Sijmon Jansdr., 
zijne huisvrouw, — waarover als leenmannen waren Gornelis Oem 
Hermansz. en anderen. 

368. (zie n«. 367). 27 Sept. 1566. 

Philips, Koning van Castilië, enz , verlijdt Adriaan Janszoon van 
Uijden met land onder Hedikhuizen, hem aangekomen van Simon 
Jan Wintkens, zijn schoonvader. Hierover waren als leenmannen 
Reinier Pauwelsz , Claes Oem Hermansz. en Thomas Petersz. 

369. 9 Febr. 1568. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van vijftig guldens 
op de beden van Brabant, aflosbaar met achthonderd guldens, 
aan de Jo^'. Mercelis en Aert, zonen wijlen Heer Jan van Brecht, ridder. 



— 8S — 

370. 24 Maart 1568. 

Dirck van OreveDbroeck, heer tot Yenloen, geeft als grootvader en 
momboir van Josina van Ghrevenbroeck, onmondige dochter van w^len 
Floris van Orevenbroeck, zijnen zoon en Comelie van Herff» vrouw 
tot Bokhoven, echtelieden, een vidimus van een brief van 3 November 
1561, waarbij Gillis Schellaert, drossaard en stadhouder van de leenen 
van het huis en heerlijkheid van Altena, Jkvr. Josina Florisdochter 
van Grevenbroeck verlijdt met 28 roeden land, gelegen in het land 
van Altena, waarover als leenmannen waren Aemt van Raveschot 
en Jacob van Eyswijck. 

371. 24 Juli 1568. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van tweeen veertig 
guldens op de beden van Brabant, afiosbaar met vijfhonderd vier 
guldens, aan Jaspar Hagens Janszoon. 

372. 17 Aug. 1568. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van zestien guldens 
tien stuivers op de beden van Brabant aan Daniel Machielszn. 

373. 21 Oct. 1568. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van honderd guldens 
op de beden van Brabant aan J^'. Jan Monicz. 

374. 5 Jan. 1570. 

Christoffel Gevaertsz. en zijne huisvrouw Henrica van Gerwen 
WiUemsdr. dragen over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan 
hunne dochters Machteld en Elisabeth; echtgenoote van Comelis van 
Neck, den tocht van een vierde in eene pachthoeve, gelegen te 
Haanwijk onder St. Michiels-Gestel. Hierover waren als schepenen 
Aemd van Campen en Jan van Hedel. 

375. 5 Jan. 1570. 

Vermits ChHstoffel Gevaertsz. en zijne huisvrouw Henrica van 
Gerwen Willemsdr. den tocht, hun competerende van een vierde in 
eene hoeve, gelegen in de parochie van St. Michiels-Gestel bij Her- 
laer ter plaatse genaamd Haanwijk, hadden overgedragen aan hunne 



— 84 — 

dochters Mechteld en Ëlisabeih, de echtgenoote van Comelis van 
Neck, in dier voege als die overdracht in een schepenbrief van 's-Herto- 
genbosch beschreven staat (zie No. 374), zoo hebben voor schepenen 
aldaar Mechteld voornoemd, genoemde Ëlisabeth, gehuwd met Comelis 
van Neck en door dezen bijgestaan en gemachtigd, voor een vierde 
gedeelte; Willem, zoon van Frans Henrickszn. en Anneken Willemsdr. 
van Gerwen, Jan Dirckszn. van Hees als man van Lucie, dochter 
van laatstgenoemde echtelieden, Henrick, zoon van dezelfden, voor 
het tweede een vierde gedeelte ; Jan en Mathijs, gebroeders, zonen 
van Ambrosius, den zoon van Willem van Gerwen, Daniel van Wijck 
Dirckszn. als man van Arijken, Jan Janszn. van Wijck, als man 
van Anneken, zijnde genoemde Arijken en Anneken de dochters van 
genoemden Ambrosius van Gerwen, Lieven Peterszn , Comelis Ooms, 
Jan Aelbrechtszn, korenkooper en Heniïck Ooms Ambosinszn., als 
momboiren over Henricken, Pee ter, Pauwels en MarikeD, minder- 
jarige kinderen van meergenoemden Ambrosius van Gerwen, voor 
het derde een vierde gedeelte ; Nicolaas Savaeszn, als man van Eli- 
sabeth, Andries Willemszn. van Flodrop, als man van Marijken, 
zijnde genoemde Elisabeth en Marijken dochters van Jan Mericz en 
Elisabeth, de dochter van genoemden Willem van Gerwen, Lieven 
Peterszn., Comelis Ooms, Jan Aelbrechtszn., korenkooper en Henrick 
Ooms Ambrosiuszn. als momboiren zoo over Elisabeth, minderjarige 
dochter van Goijart Henrick Aelbrechtszn. en Peterken, de dochter van 
Jan Heijnrickszn. en Elisabeth van Gerwen Willemsdr. voornoemd, als 
over de zes minderjarige zonen van Heijnrick, den zoon van 
Jan Heijnrickszn. en Elisabeth van Gerwen Willemsdr. laatstgenoemd, 
voor het overige vierde gedeelte, verkocht de voorschreven hoeve 
(welke in pacht was bij Corstiaan Laureijnszoon), tegen eenen jaar- 
lij kschen cijns aan Roelof, den zoon van Arndt Vastaert. Hierover 
waren als schepenen Arndt van Campen en Jan van Hedel. 
(Nog eene akte, gelijkluidend alsvoor). 

376. 9 Febr. 1570. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van vijftig guldens 
op de beden van Brabant aan Heer en Mr. Christiaen van Schijndel, 
priester en Rolifartszn. als momboirs over Boelofuen en Geertruid, 
kinderen van Lenard van Schijndel, zijnde de rente losbaar met 
zeshonderd guldens. 



— 85 — 

377. 26 Aug. 1570. 

Henrick Pelgrom, zoon van Frans en kleinzoon van Mr. Hendrik 
Pelgrom, die secretaris was der stad 's-Hertogenbosch, draagt over 
voor schepenen dier stad aan Gregorins van der Meer, zoon van 
Dirck Reinierszn, eene rente van zes gnldens, gevestigd op landerijen 
onder Eersel, — waarover als schepenen waren Aemt van Campen 
en Everardos Berwont 

378. 18 Oct. 1570. 

Lanrentins Metins. bisschop van 's-Hertogenbosch, als daartoe 
gemachtigd, verleent eene aflaat aan (ïerard Janszoon, burger van 
's-Hertogenbosch . 

379. 2 Jan 1572. 

Johanna dochter van Loewis Wijntkens, wednwe van Jan Ber- 
naertsz. alias van Oosten, wonende te Berchem, draagt over voor 
Mathijs van den Walle en Peter van den Sterke, laten van Hendrick 
van Berchem, ridder, in zijnen laathove te Berchem bij Antwerpen 
aan Dirk Wijntkens, haren broeder, alle hare rechten op de erfenis 
van hare onders Loewis Wijntkens en Adriana, echtelieden, alsook 
van de echtelieden Adriaan Janszn. van Uden en Marijke Wijntkens, 
zijnde deze laatste hare zuster. 

380. Dond. na Philippi en Jacohi 1571. (i Mei) 

Oatharina, weduwe van Jan van Boeninghen, Heer Jan, Dirck, 
Gerrit, Wijnant, Eva en Elisabeth van Boeningen, Heza van KoU, 
Amt van Koll, Jenneken weduwe van Johan van Bracht en de kinderen 
van laatstgenoemde weduwe dragen over voor schepenen van 
Nijmegen aan Johan Koijts, snijder, een huis en hofstad in de 
Pepergas, — waarover als schepenen waren Jan Poijn en Gerijt Kanijs. 

381. 25 Mei 1571. 

Jonker Willem die Borchgreve, Heer van Oerle en Merefelt, als 
man en momber van Jfvr. Everarda van Nulant, dochter van Jonker 
Everart van Nuland en van Jfvr. Adriana, dochter wijlen Jans van 
Kessel, vernadert voor schepenen van 's-Hertogenbosch de tienden 
van Gemert, geheven wordende onder Zeelst, tegen Nicolaas Wille- 



— 86 — 

brorts, — waarover als schepenen waren Jan van der Stegen en 
Jan van Hedel. 

382a. 26 Mei 1571. 

Opgave van de opbrengsten van een derde van de tienden onder 
Meerveldhoven, met vermelding der daamitgaande cijnsen. 

383. 9 Juni 1571. 

Nicolaas Willebrorts draagt over voor schepenen van Zeelst aan 
Willemen de Borchgreve, Heer der vrijheid Oerle en Heer van 
Merefelt, eene rente, gaande nit de tienden van Gemert, geheven 
wordende onder Zeelst, — waarover als schepenen waren Oielis 
Peterse en Daniël Lanwrense. 

384a. 17 Aug. 1571. 

Floris van der Mije als gemachtigde zijner zuster Zijburch van 
der Mije verkoopt en draagt over aan zijn neef Adam van der Duijn 
een rentebrief op de vijf groote Hollandsche steden: Dordrecht, 
Haarlem, Delft, Leiden en Gouda, van zes ponden, — waarover als 
getuigen waren J°', Albrecht van Schagen en J^^, Gijsbrecht van 
Schoten. 

385. 11 Dec. 1571. 

Anna, weduwe Lambert Peterse, en anderen dragen over voor 
schepenen der heerlijkheid Empel en Meerwyk een cijns van twee 
guldens, gaande uit een huis en hof gelegen ter plaatse genaamd de 
Grotewoert en uit land genaamd het Prieel, alles gelegen te Empel, 
aan Jane en Grietge, dochters van wijlen Beemt Goertse. Hierover 
waren als schepenen Dirk Willemse, Geert Luijcasse, Dirk Jan 
Beijenzoon en anderen. 

386a. 26 Dec. 1571. 

Zijberch van der Mije bekent ontvangen te hebben door Floris, 
haren broeder, van Adam van der Duijn, zijn neef, eene som van 
honderd ponden voor eenen hem overgedragen rentebrief. 



— 87 — 

387. 11 Aprü 1572, 

Bnrgemeesteren en schepenen der stad Ooes maken bekend, dat ten 
verzoeke van Dierick Evertse, wonende te 's-Hertogenbosch, voor hen 
gecompareerd zijn de dekens van het Schrijnwerkersgilde aldaar, 
verklarende, dat genoemde Dierick Evertse E\jn leertijd in dat gilde 
behoorlijk volbracht heeft. 

388a. 16 Juni 1572. 

Brief, door Adrianns Loeff, geschreven aan D. Theodoricus Spie- 
rinck, abt van Bern, over oorlogsberichten nit dien tijd, voornamelijk 
betreffende de overwioning door don Jaan van Oostenrijk op de 
Tarken behaald. 

389. 18 Juni 1572. 

Wouter Jan Amtsz., voor zich en als vader en voogd over zijne 
kinderen, draagt over voor schepenen van Uden aan Meeus Ooossens 
eene plaats gelegen te Uden, — waarover als schepenen waren 
Peter Verburcht en Doris Willemse. 

390. 20 Jan. 1574. 

Mazimiliaan, G-raaf van Oost-Friesland, Heer van Darbuy, Heeswijk, 
Dinther, Schijndel, Berlicum, enz., verklaart op zijnen huize Heeswijk, 
dat zekere hoeve, gelegen te Loosbroek, van hem te leen gehouden 
door Jacob van Berchem en oudtijds genaamd geweest de hoeve van 
Berze, voortaan zal zijn vrij en eigen goed. 

391. 18 Mei 1574. 

Butgher, zoon van wijlen Henrick, den zoon van wijlen Rutger 
Jacobszn., timmerman, verkoopt voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Antennen, zoon van wijlen Peter van Wel, molenmaker, een 
huis met erf enz., staande aldaar in de Mortelstraat, — waarover 
als schepenen waren Jan van der Stegen en Henrick floeren, 

392. 7 Sept. 1574. 

Laurentius Metsius, bisschop van 's-Hertogenbosch, verklaart Egi- 
dius Peters Cangieter, Bosch burger, met de Kerk verzoend. 



— 88 — 

393. 17 Maart 1576. 

Oregorias Dirkszoon van der Mere verbiDdt zich voor schepenen 
van 's«Bertogenbosch, aan Catharina, weduwe van Anthonis van 
Hou welingen, eene som van honderd vijf en veertig en een halven 
gulden uit te betalen ten behoeve van hare kleinzonen Gerard en 
Anthonis, onmondige zonen van Abraham, den zoon van genoemden 
Anthonis en zijne genoemde vrouw Catharina, en wel voor hen in 
eigendom en voor haar zelve in vruchtgebruik, — waarover als 
schepenen waren Martinus Moins en Faulus W^juants. 

394. J23 Maart 1576. 

Mathijs Boemer draagt over voor schepenen van Nijmegen aan 
Catrijn ter Horst twee schuldvorderingen, ieder van zeven en twin- 
tigdehalve guldens, op Mathijs ten Fut, — waarover als schepenen 
waren Aemdt Wichers en Derck van Rijswijck. 

S95. 24 Juni 1576. 

Philips n, Koning van Spanje, machtigt de Magistraat van 's-Her- 
togenbosch om van het Kapittel van St. Jan en van de andere 
geestelijkheid te 's-Hertogenbosch belastingen te vorderen. 

396. 17 Juli 1576. 

Henrik Gerrits, schout van Zeelst, Peter Joosten en Peter Jacobs 
verklaren voor schepenen van Oerle aan J®"^ Willem de Borchgrave, 
Heer van Oerle en Meerefelt, te voldoen elf mudden rogge en zeven 
Caroli-guldens wegens pacht van tienden onder Zeelst, Veld- en 
Meerveldhoven. Hierover waren als schepenen Amijs Claes en 
Wilbort L\jbrechts. 

397. 9 Oct. 1576. 

Philips n, Koning van Spanje, geeft octrooi aan Lenart Joosten 
en Elisabeth van Geffen, echtelieden, om over hunne leenen te 
beschikken. 

398. 13 Oct. 1576. 

De Staten van Brabant verkoopen aan Geertrui d Elen en Katerina 
die Ruijter, Zusteren van Orthen te 'sHertogenbosch, ten behoeve 



— 89 — 

van de kerk van dat klooster, eene rente van acht Garoli-goldens 
op de beden van Brabant. 

399. 3 Od, 1577. 

Peter Henrick Zagers vestigt voor schepenen van Eindhoven ten 
behoeve van Michiel Ratten Verhoeven eene rente van drie gnldens 
op een akker land genaamd de Pachtakker, gelegen te Vlokhoven 
onder Woensel, — waarover als schepenen waren Oerit Verschu\jl 
en Roelof van Berkel. 

400a. 1579. 

Brief van Nic. Bmnijnck, secretaris van prins Willem den Zwijger, 
aan van Deventer, schepen van *s-Hertogenbosch. 

401. 31 Dec. 1579. 

Gregorios van der Mere Dirkszoon draagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch aan Catharina, weduwe van Anthoni Gerardszoon 
van Houwelingen, het vruchtgebrnik, en aan Thomas Willemse, Rndolf 
Noppen Arnoldszn. en Robbert van Bniheze, als voogden over 
Gerard 1) en Anthonis, onmondige zonen van Abraham, den zoon 
van Anthoni Gerardszoon van Houwelingen en genoemde Catharina, 
den eigendom van eene rente, groot zeven en twintig guldens, gaande 
nit een huis genaamd de Gulden Leer, staande naast het huis de Roode 
Poort in de Hinthamerstraat te 's-Hertogenbosch, met recht van 
aflossing, — waarover als schepenen waren Aemt van Brecht en 
Godfried van Vlierden. 

402. 7 Juni 1580 

Koning Philips II van Spanje bevordert Mr. Gozewijn Batsen, 
advocaat-fiscaal in den Raad van Brabant, tot raad-ordinaris in 
dien Raad. 

403a. 1581, 1582 en 1586. 

Drie brieven van Ph. van Hohenlohe aan de regeering der stad 
Hensden. 

404a. 29 Maart 1581. 

Wilhelmus, zoon van Goeswijn de Inbeeck, als man van Hedewigh, 
1} Dezelfde als hg, die later vermaard werd onder den naam van Lekkerbeetje, 



— 90 - 

dochter van Jacob van der Leijden en Christina, de dochter van 
na te noemen Adrianus, verkoopen voor schepenen van 's-Herto^n- 
bosch na te melden cijns aan mr. Martinns Moins, in diens hoeda- 
nigheid van proost der L. Vrouwe Broederschap te 's-Hertogenbosch, 
— waarover als schepenen waren Wilhelmus de Borchgrave en Gre- 
gorius van der Meer. 

(Hieraan is gehecht een schepenbrief van 's-Hertogenbosch van 
2 Juni 1525, waarbij Henricus, zoon van Martinus gezegd Broek, 
verkoopt aan Adrianus, zoon van Zeger, die weder de zoon was van 
Johannes Heliasz., een erfelijken cijns, gaande uit een huis met erf, 
staande te *s-Hertogenbosch aan het Hinthamereinde tusschen de 
beide poorten). 

405a. 7 Aug. 1581. 

Opsomming der landerijen, onderworpen aan de tienden van Zeelst. 
Veldhoven en Meer veldhoven, gedaan ten verzoeke van Jonker 
Willem de Borchgrave door Niclaeus Wilborts als president - schepen 
van Veldhoven en Niclaeus Joesten als schepen van Meerveldhoven. 

406. 24 Jan. 1582, 

Openbare verkoop krachtens vonnis b\j uitgaan van kaarslicht 
gehouden door den notaris Johan de Beerdonck in de herberg ge- 
naamd Groenenborch te 's-Hertogenbosch van een huis, staande in 
de Hinthamerstraat aldaar naast het huis genaamd de Knoop. 

407. 9 Maart 1583. 

Thonis Jacobs en Henricke van Oirt, zijne huisvrouw, dragen 
over voor schepenen van Grave aan Leenert van Goch een huis en 
erf gelegen bij St. ChristofPel aldaar, — waarover als schepenen 
waren Luenis Verhorst en Jacob de Haes. Met twee transfixen. 

408. 5 Nov. 1583. 

Wilhelm van der Lindt, bisschop van Roermond, wijdt opnieuw, 
op verzoek van de fabriekmeesters der St.-Annakapel te 's-Hertogen- 
bosch, het altaar dier Kapel, toegewijd aan St. Anna, St. Joachim 
en St. Josephus, hetwelk door de Beeldstormers ontheiligd was. 
Hierbij worden als fabriekmeesters der Kapel genoemd Heer Petrus 



— 91 — 

Berchos Herselen, Willem van de Laarschot, Thomas Aben, Reinier 
de Haze en Comelis Hicspoer. 

409. 13 Oct. 1584. 

Dekenen en gezworenen van het gilde der schrijnwerkers, kuipers, 
draaiers en rademakers binnen 's-Hertogenbosch verkrijgen van de 
regeeriog dier stad handhaving hanner onde voorrechten tegen de 
niet gerechtigden tot die ambachten. 

410. 21 Juli 1586. 

Henrik van Oss, zoon van Willem Bottermans, draagt als man 
van Mariken Janssen over voor schepenen van Osch aan Aert Jansen 
van Uden eene hoeve, gelegen in de parochie van Heesch en lande- 
rijen onder Heesch, Kessel en Naland, — waarover als schepenen 
waren Claes Michielsz. en Hendrik Sijmonsz. 

411a. 7 Maart 1587, 

LfOttre dublicate de Philippe U, roi d'Espagne, aux magistrats de 
la ville de Bois Ie Duc sar Vestaple et libre marché des hestes a 
ccmes. (Hierbij zijn portret.) 

412a. 6 Jan, 1588. 

Brief van J. van der Velde, secretaris van 's*Hertogenbosch, aan 
Chr. d'Assonleville, seigneur de Hanlteville, over eene invorderiDg 
door den Koning van Spanje gedaan ten laste der stad *sHertogenbosch. 

413a. 6 Maart 1588. 

Philips graaf van Hohenlohe geeft te Oorinchem voor Peter van 
Ohistelle c. s. vrijgeleide om door 's-Hertogenbosch naar Duitsch- 
land te gaan. (Copie). 

414. 1 Juni 1598. 

De Staten van Brabant verkoopen eene rente van acht en twintig 
goldens op de beden van Brabant aan Jonker Hendrik van Eindhonts. 

415a. 1589. 

Yerclaringhe van eenighe persoenen, die mede gerekend worden 
onder de verraders ende schelmen, die Geertrnydenberghe vercoQl^t 
onde overghelevert hebben, 



— 92 — 
416. 20 MaaH 1589. 

De Raad van domeinen en finantiën te Bmssel bepaalt, dat te 
's Hertogenbosch of op bet fort te Engelen zal worden ontvangende 
tol van de scbepen, die Gorinchem passeeren en *s-Hertogenboscb voorbij 
komen en stelt tot ontvanger daarvan aan Godefroi Abselons. Mede 
onderteekend door C. van Grobbendonck. 

417a. 23 Juni 1589, 

Besluit van den Baad der stad *s-Hertogenbosch, dat alle hnizen, 
staande binnen een der negen blokken van die stad, zullen worden 
aangeslagen in de belasting tot goedmaking der kosten van reparatie 
der brandbluschmiddelen, met dien verstande, dat de huizen, welke 
watertrappen hebben, zullen worden gesteld op half geld. 

418a. 19 Mei 1590. 

Koning Philips van Spanje bepaalt op verzoek van Geerardt Willege- 
mans van Bodenborch, reeds zes jaren lang gevangen zittende in een 
besloten toren te 's-Hertogenbosch, dat de stukken van zijn proces 
tegen 6 Juni 1590 onder inventaris zullen worden gezonden aan 
Z. M. Raad in Brabant. Hierbij voorbedoeld request. 

419a. 29 Sept 1590. 

Rekening en verantwoording, gedaan door Jacob, zoon van Jan 
Jacops, aan de regeering van *s-Hertogenbosch wegens zijne 
ontvangsten en uitgaven, door hem over 1589 gedaan als meester 
van de arme gevangenen, zittende op de Gevangenpoort te 's Her- 
togenbosch. 

420. 1 Juli 1591. 

Testament van JufT. Catharina Bolles, geboren te Nieuwerkerke 
in Vlaanderen en wonende te Londen, huisvrouw eerst van Fabiaan 
de Vliet en thans van Wolfert van Bij Ier, te Newington verleden 
voor den notaris Tijpoots en getuigen. 

421a. 14 Aug. 1591. 

Brief van den Raad van State aan den Heer van Risoort over 
het plunderen door zijne ruiters van het hospitaal te Mierlo, in 
strijd met de gegeven pauvegarde. 



— 93 — 

422. 15 Aprü 1592. 

Openbare verkoop, krachtens vonnis gehouden bij : uitgaan van 
kaarsen in de herberg St.*Nicolaas aan de Groote Markt te 's- Her- 
togenbosch door den notaris Johan de Beerdonck, van een huis 
staande te 's-Hertogenbosch in de straat genaamd Dravel gits. 

423. 3 Juni 1592. 

Bevel van den Koning van Spanje aan de Regeering van 's*Herto- 
genbosch om ter bescherming van de inlandsche lakenindustrie te 
doen afkondigen, dat de Engelsche wollen stoffen, welke zich al- 
daar bevinden, tegen betaling zullen worden gekeurd. 

424. 3 Mei 1593. 

Willem Michie] Rutten draagt over voor schepenen van Woensel 
aan Henriken Peterse te Strijp eene rente van drie Rijnsche guldens, 
gevestigd op een stuk akkerland genaamd de Pachtakker, gelegen 
te Vlokhoven in de parochie van Woensel, — waarover als sche- 
penen waren Peter Jan Wouterszn. en Jasper Aertsz. 

425a. 1593 - 1593 

Vijf origineele stukken betreffende een rechtsgeding voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch over tooverij gevoerd tegen Lijsbeth, huisvrouw 
van Th^s Janszn van den Wolfberch. 

426a. 8 Sept 1593. 

Jonkvrouw Josine van Orevenbroeck met haar voogd Willem 
Pruijsser verheffen een leen, groot achtentwintig roeden in het land 
van Altena, haar aangekomen bij doode van haren vader Floris van 
Orevenbroeck, blijkens extract op bovengemelde dagteekening uit 
het leenregister van Altena folio 23 genomen. 

427 a. 3 Juni 1594. 

Kennisgeving aan de Regeering van 's Hertogenbosch, gedaan 
door Floris van Eijck genampt Berkel en B. van Eijck, dat zij ge- 
weigerd hebben op te treden als executeurs - testamentairs van 
wijlen den hoer van Rixtel en dat zij het daarom niet noodig ach- 
ten voor haar te verscbynen op het verzoek door N. Oudart 



— 94 -- 

gedaan, biddende zij mitsdien' om 't groot peryckel des weechs ende 
noodeloose costen te schoutoen, oock met onsen eijgen affairen nu seer 
geoccupeert zynie, ons in desen voor geexcuseert te houden, 

428a. 24 Juni 1594. 

Oad afschrift van de ordonnantie voor de lint- en passementwerkers 
binnen 's-Hertogenbosch. 

429a. 8 Juli 1594. 

Extract nit de propositien en resolutien gedaan binnen de Baronie 
van Boxtel door de Gecommitteerden van de vier kwartieren der 
Meierij van *e Hertogenbosch (betreffen zaken van oorlog). 

430a. 10 Nov. 1594. 

Brief van Aartshertog Ernestns van Oostenrijk betreffende vrijdom 
van elke belasting voor de materialen, door de regeering van 's-Her^ 
togenbosch aangekocht voor den opbouw harer kerk en huizen. 
(Hierbij zijn gevolgd vier portretten van dien aartshertog). 

431a. 18 Juli 1595. 

Brief door Chrlstoffel Mondragon over oorlogszaken geschreven uit 
het kamp te Eindhoven aan de Magistraat te 's-Bertogenbosch. 

432a. 1595. 

Klacht door het Bakkersgilde te 's-Hertogenbosch b\j de regeering 
van die stad ingediend wegens haar verbod aan de bakkers om 
granen te verkoopen voor twaalf uren. 

433a, 1595. 

Verklaring, door de ingebieders Willem Danckers en Comelis 
van Boij afgelegd omtrent henne bestekenisse van den gevangenisknecht 
aengaende zijn dienst op de Gevangenpoort (te 's-Hertogenbosch) te 
doen. 



— 95 — 

434. 19 April 1595, 

Lenart van Goch en Alken Wijnen zijne hoisvronw, dragen over 
voor schepenen van Grave aan Metken Moeren van Cuijok een hnisje, 
staande in een straatje, ingang hebbende in de Hoefsche Straat, — 
waarover als schepenen waren Art Schers en Hendrick Bnngelers^ 

435. J20 April 1596. 

Geertrui d van der Meer, dochter van Gregorias Dirkszn van der 
Meer en Heilwich Pelgrom, de dochter van Fran^hoijs Henrickszn. 
Felgrom en Margriet Eemps ; Goijaart Pijnappel Marceliszn., als 
man van Johanna van der Meer, dochter alsvoor en Lambrecht 
Paijman Bondewijnszn., als man van Franchoise van der Meer, 
dochter alsvoor, doen voor schepenen van 's-Hertogenbosch erfschei- 
ding van de cijnsen, behoorende tot den boedel harer moederlijke 
grootouders Fran^hoijs Hendriksz. Pelgrom en Margriet Eemps en van 
die, welke door hunne momboirs voor haar gekocht waren, — waarover 
als schepenen waren Gooijaart LoefP en Dirck van Vechel. Verdeeld 
werd o. a. een c^jns uit een^hooghuis, genaamd de Gulden Bodem, 
staande in de Orthenstraat te 's-Hertogenbosch op den hoek van 
bet straatje van Best. 

436. ^1 Mei 1596. 

Nicolaas van Geffen draagt over voor schepenen van Aavenstein 
aan Gerrit Hennes een erfbrief van een huis en erf, gelegen in de 
Hoofsche straat te Grave, — waarover als schepenen waren Jacob 
Butten en Gijsbert Beiners. 

437. 33 Juli 1596. 

Ghisbertus Masius, bisschop van 's-Hertogenbosch, vergunt aan 
het klooster van St.-Geertruid aldaar eene rente van twintig guldens 
op de beden van Brabant aan te nemen in de plaats van een cijns van 
gelijke waarde, gevestigd op landen, toebehoorende aan JufPer van 
Campen en gelegen onder Oirschot, Vught en buiten de vrijheid 
van 's-fiertogenbosch. 



- 96 — 
438a. 29 Juli 1696, 

Schepenen, burgemeesters, gezworenen en gemeine raden van de 
vrijheid van Osch en de dorpen van Heesch, Nistelrode, Dinther, 
Hees wijk, Berlicum Rosmalen, Naland, Lithoijen, Kessel, Maren, 
Alem, Empel en Berchem maken eene overeenkomst over het afvaar- 
digen van hunne vertegenwoordigers naar de kwartiervergadering 
van Maasland, enz. 

439. 15 Sept. 1596. 

Peter Adriaense, als man en momboir van Juff Margarite, zijne 
huisvrouw, dochter van wijlen Jonker Jan van Oudheusden, geeft 
voor schepenen van Lith volmacht aan Mr. Jacob van Berchem tot 
den verkoop van het secretaris-ambt en de vorsterij van Maasland. 
Hierover waren als schepenen Herman Henrickszn Clingh en Peter 
Henrickszn van Thefelen. 

440. 20 Nov. 1596. 

Gerard, zoon van Jan Willemszoon, als weduwnaar van Margriet 
de Heldt, verklaart voor schepenen van 's-Hertogenbosch, dat Oregoris 
van der Meer, raadsheer aldaar, in hoSfdsom en met den achterstand 
een cijns van zes guldens geheel afgelost heeft, zooals hij verschul- 
digd was ingevolge bijgevoegde schepenakte van 17 Juli 1540. 

44 ia. 3 Jan. 1598. 

Brief van Floris van Brederode, gouverneur van Heusden, aan 
Schout en regeerders van *s-Hertogenbosch met verzoek te willen voor- 
komen, dat de muiters, liggende te Herenthals, de inwoners van het 
land van Heusden brandschatten» daar hij het anders zal verhalen 
op de pachters en onderdanen der^stad 's-Hertogenbosch. 

442. 4 Maart 1598. 

Joflfrouw Everarda van Nulant, weduwe van Jonker Willem de 
Borchgrave, en haar zoon Jonker Everardt de Borchgrave herroepen voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch de beleedigende uitdrukkingen, door 
hen in eene akte van appel, opgemaakt door den notaris Jan Schen- 
ckels, gebezigd tegen Mr. Marten Moins, Henric Jansen van Gestel, 
Mr. Willem van Reijs, pensionaris, en Mr. Herman van Heumen, 
gezworenen en raden dezer stad, als zouden dezen onrechtvaardig 



— 97 — 

gehandeld hebben als commissarissen in een geding, door Ooossen 
Adriaens, Jan du Bercke, Hendrik Houbraken en consorten» soldaten 
in de compa^ie van wijlen Jonker Jan de Borchgrave, kapitein 
te 's-Hertogenbosch, gevoerd tegen genoemde retractanten als erfge- 
namen van dezen Jan de Borchgrave en als zouden zij valsche en 
versierde calamniën en malitiën geschreven hebben aan den aaditear- 
generaal van Z. M. leger; wordende de retractanten op intercessie 
van den Heer Anthonij van Grobbendonck en anderen van vervolging 
deswege ontslagen, — waarover als schepenen waren Aernt van 
Broeghel en Gooiaert van Engeland. 

443. 2r Aprü 1598, 

Heer Jacob van Brecht, ridder, Heer van Hagoirt, hoog en laag- 
schoat van de stad en meierij van 's-Uertogenbosch, stelt Mr. Jacob 
van Bergen, ingezetene van Osch, tot zijnen stadhouder aan in het 
kwartier van Maasland. 

444a. 29 Juni 1598, 

Janneken Huijberts van Weresteijn verkoopt voor notaris en ge- 
tuigen te 's-Hertogenbosch e^n leengoed, gelegen onder Uitwijk, aan 
Adriaan Peters, schout aldaar, — waarover waren Geerlingh Henricsz. 
Buijs als notaris, Willem van Beijs, raad en Beijnder Potte\j, burger 
der stad, als getuigen. 

445. 15 Sept. 1598, 

Fragment eener schepenakte van 's-Hertogenbosch, waarbij de 
dochters van wijlen Jan Pijnappel Janszn, in leven raadsheer van 
die stad, aan mr. Henrick van Broechoven, rentmeester der Staten 
van Brabant, kwartier van 's-Hertogenbosch, verkoopen hare on- 
roerende goederen, gelegen onder St-Michiels-Gestel. 

446a. 26 Oct en 2 Nov, 1598, 

Ordonnantie der regeering van 's-Hertogenbosch over de uitvaart 
aldaar te houden voor Philips II, koning van Spanje. 

447. 12 Jan, 1599. 

Mathijs Beijnderszoon van der Meer, raadsheer te 's-Hertogenbosch, 

7 



— 98 — 

als man van Comelia, dochter van Roelof Aert Vastarts, ook raads- 
heer aldaar, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan 
Gregorins van der Meer Dirkszoon, schepen en kapitein aldaar, 
eene hoeve met toebehoorende landerijen, gelegen te^St. Michiels- 
Gestel ter plaatse genaamd Haanwijk, — waarover als schepenen 
waren Hendrik Franszoon van Gestel en Hendrik Barthelemenszoon 
van der Elsfoirt. 

448. 18 Juni 1599. 

Willem Henrics, wonende te Berlicam, als man van zijne hois* 
vronw Bertken, vroeger weduwe van Henric Boovers, draagt over 
voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Jan en Anihonis, zonen 
van Henric Roevers en Bertken voornoemd, haar vruchtgebruik van 
eene rente van honderd guldens, door de stad 's-Hertogenbosch 21 
Maart 1537 uitgegeven aan Michiel van Enckevoirt, aartsdiaken van 
Kempenland, welk vruchtgebruik haar gecedeerd was door mr. Goijart 
Stooters van Enckevoirt, Comelis van de Leemput en Daniel van 
Vlierden als momboiren over de kinderen van Jan Stooters (den 
zoon van Peter Stooters en Agnes, dochter van Gerrit Michiels) en 
Maria van Balen, (de dochter van mr. Franchoijs van Balen), als 
mede door hunnen medemomboir Lambert Peterszn. Stooters van 
Enckevoirt. — Hierover waren als schepenen Gregoris van der 
Meer en Pieter van Broechoven. 

449a. 5 Aug. 1599. 

Janneken, dochter van wijlen Huijbert van Weresteijn, geeft voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch volmacht aan Huijbrecht van Ravens- 
waij om voor haar aan Tielman Jacobse Pieck over te dragen haar 
leengoed te Uitwyk, — waarover als schepenen waren Gregoor van 
der Mere en Goeijaart van Engelandt. 

450. 17 Aprü 1600. 

De Staten van Holland en Westfriesland geven een rentebrief uit 
aan Jacob Graaf. 

451. 14 Dec. 1600. 

Elisabeth Ververdonck, weduwe van Johannes Lieberts, gewoond 
hebbende te Vlijmen, als erfgename van den Heer Johannes Lam* 



-M- 

bertszn. van Berlicknm, priester, bekent voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aflossing gekregen te hebben van de helft eener rente 
van tien galdens, gevestigd op een huis, genaamd het Wit Lavoir, 
staande aan de Markt te 's Hertogenbosch, tosschen de Kolperstraat 
en het hnis van den apotheker Arnold Pleviers, welke rente genoemde 
priester indertijd gekocht had van Otto van Asperen als man van 
Catharina van Beest. — fliero^er waren als schepenen Leonard 
Vos en Franc Bardonl. 

452a. 22 Maart 1601. 

Jonker Engelbert van Immerzeel, Yrijheer van Bokhoven, geeft 
instmctie aan Mr. Bemard van der Ameijden tot het aanhooren en 
slniten van de rekeningen van Jan van Ësch, rentmeester van de 
goederen te Oirschot. 

453a. 14 Febr. 1602. 

Conditien, waarop Joorden en Ambrosins van de Laerschot o. s. 
aan Joost Jansz. Becker verkoopen het hnis genaamd het Vercxken 
in de Hinthamerstraat te 's-Hertogenbosch. 

454. 11 Juni 1602. 

Willem Sanders Willemszoon, als man van Jenneken, wed. Henr. 
Teenwens, draagt over voor schepenen van de vrijheid Osch aan 
Dirck van Oss vijf vaetsaet land gelegen in de Boijen aldaar, — 
waarover als schepenen waren Nicolaas van Oss en Dielis Gh>ossenzoon. 

455. 18 Sept. 1602. 

Artikelen van conciliatie van de stad Orave met Prins Maurits 
van Nassan, pandheer van Grave. 

456. 6 Maart 1603. 

Albert en Isabella, Hertogen van Brabant, geven aan Heiligen- 
Oeestmeesteren van Haaren bij Oisterwijk vergunning om eenige 
renten te verkoopen, omdat de comme (het archief) der gemeente 
door het krijgsvolk was geschonden en zij daarom het recht der 
armen op die renten niet meer konden bewijzen. 



— 100 — 
457. 27 Mei 1603. 

Mr. Reijnier van Rijswijck, licentiaat in de rechten en zijne echi- 
genoote transporteeren voor schepenen van Bmssel aan Bemard van 
Merode, heer van Asten, de vier zesde deelen van eene erfelijke rente 
van vijfhonderd rijnsgnldens, verpand op de Staten van Brabant. 
Hierover waren als schepenen Jonker Jacop van der Noot en Jonker 
Engelbert van Baveschot. 

458a. 21 Mei 1605. 

Order door Prins Manrits te Wouw gegeven, dat de matrozen van 
de pleiten, die onder zijnen neef Graaf Emest van Nassau stonden 
en zich nog te Bergen bevonden, zich aanstonds naar Wouw zullen 
begeven. 

459a. 18 Oct. 1605. 

Brief betrekkelijk zijn huwelijk geschreven door Charles Philippe, 
Hertog van Croy en Aerschot, aan de regeering van ^s-Hertogenbosch. 

460. 26 Maart 1606. 

Lijsbet, weduwe Ot van Malburch, met haar gekoren momboir en 
Stees Saesens verbinden zich voor schepenen van Tuijl, aan Henrick 
de Srootst eene som van honderd acht guldens te betalen — waar- 
over als schepenen waren Pieter Srooten en Maarten Hans. 

461. 23 Juli 1606. 

Alvaro Martines, luitenant van het kasteel te Weert, als volmacht 
hebbende van Jonkvr. Maria de Bevelle, vrouw van Bohain, weduwe 
van Johan Baptista du Bois, cum suis, draagt over voor schepenen 
van Someren aan Margaretha van Oudheusden, huisvrouw van den 
hopman Georgië Kitsaert, het Hooghuis te Someren, genaamd de 
Donk, enz., — waarover als schepenen waren Steven Aelbers Lam- 
brechtse en Anthonis Jansen van Asten, enz. 

462. 6 Mei 1607. 

Albert en Isabellai als Hertogen van Brabant, geven octrooi aan 
Gijsbert van Berchem en aan zijne vrouw Peterken, dochter Jans 
van Antwerpen, om over hunne leenen en goederen bij uitersten 
wil te beschikken. 



— 101 — 

463a. 16 Dec. 1607. 

Extract uit het boek der tnrben te *s- Hertogen bosch, gegeven 
door den pensionaris Qairin Crollins, waarbij Mr. Dirck van Veghel, 
Mr. Nicolaas van Tolden, Mr. Rogier van Orinsven, Mr. Oerard van 
Someren, schepenen. Mr. Herman Pelgrom, Mr. Jan van Broegel, 
raadsheeren, Qijsbert van den Velde, Peter van Hees, Dirck van 
Kessel, secretarissen. Mr. Oerrit van Berseler en Mr. Hendrik der 
Kinderen, procorears en praktizijns te 's-Hertogenbosch, (allen ver- 
meld met hunnen leeftijd), verklaring afleggen omtrent eene costuim 
dier stad op het punt van erven door de kinderen, ingeval het 
vruchtgebruik is vermaakt aan den langstlevenden ouder. 

464. 13 Dec. 1608. 

Getuigschrift van voornaamheid, goed gedrag en van trouw aan de 
B. Katholieke kerk, afgegeven door de regeering van VHertogenbosch 
ten behoeve van Rutger, den zoon van Petrus van Broechoven. 

465. 18 April 1609. 

Oijsbertus Masius, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt Franciscus 
Willems Sonners, wonende aldaar, tot subdiaken. 

466. 18 Mei 1609. 

Maria van der Meer ; Johan van der Starren, als man van Mar- 
griet de Haze, de dochter van Reijnder de Haze, raadsheer te 's -Bosch 
en Catharina van der Meer ; Henrick van den Berge als man van 
Geertruid de Haze, dochter alsvoor ; Lambrecht de Haze, zoon als- 
voor; Mathijs van der Meer, raadsheer te 's-Bosch, allen kinderen 
en kindskinderen van Reijnder van der Meer, zoon van Dirck 
Reijnderszoon van der Meer; Willem, Jenneken, Amolda en Geer- 
truid van der Meer, deze laatste gehuwd met Jan Janszn. in den 
Rijder, allen kinderen van Willem, den zoon van Dirck Reijnders- 
zoon van der Meer, dragen over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Gregorius van der Meer, raadsheer dier stad, zoon van Dirck 
Reynderszn, een kamp land, gelegen onder den vrijdom dier stad 
te Calenborch, — waarover als schepenen waren Johan van Tulden 
en Jacob van der Cammen, 



— 102 — 

467. 27 Juli 1609. 

Jan, zoon yan Joost Janssen Oosters van Asten, wonende te Hel- 
mond, verkoopt voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Jenneken, 
dochter van Jan Dirkszn Cremers, een cijns van achttien galdens, 
gaande uit een hnis met hof, staande te Helmond in de Nienwestraat, 
— waarover als schepenen waren Ratger van Grinsven en Pieter 
Pelgrom. 

468. 3 Aug. 1609. 

Jacob en Henrica, kinderen van Mathijs Henrich Willems en 
Margriet, verleenen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Aelken 
weduwe van mr. Zeger Adriaens, raadsheer van 's-Hertogenbosch, 
een cijns op een stok land, gelegen onder den Dangen, — waarover 
als schepenen waren Pieter Pelgrom en Rogier van Broechoven. 

469. 19 Dec. 1609. 

Oijsbertus Masins, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt broeder 
FraDciscns Sonners, conventaaal in het klooster de Hage bij Eind- 
hoven, tot diaken. 

470a. 2 Maart 1610. 

Leopold, Aartshertog van Oostenrijk, stelt verschillende goederen, 
o. a. het slot, de stad en de heerlijkheid van Ravenstein, tijdelijk 
vrij van oorlogslasten. 

471. 29 Maart 1610. 

Albert en Isabella, als Hertogen van Brabant, handhaven Johan 
van Berchem, secretaris van Osch, Lithoijen en Maren, in het leen 
van de erf-secretarie der vrijheid Osch en der dorpen voornoemd. 

472. 26 Juni 1610. 

Frans Lambrechtse, zoo voor zich en als gemachtigde van zijnen 
broeder Aert Lambrechtse, draagt over voor schepenen van Eind* 
hoven aan Goert Adams van Buel eene erfrente van dertig stuivers, 
die Lenaert Bonaerts, religieus in het klooster de Haghe bij Eindhoven, 
heft op de Staten van Brabant, kwartier van 's-Bosch, en jaarlijks aan 
de transportanten moet afdragen, — waarover als schepenen warei^ 
Gerard Brandts en Mathijs van Taterbeec^. 



— 108 — 

473. 26 Juli 1610. 

Testament van Mr. Gïjsbrecht van Berchem en Peterken» dochter 
Jans van Antwerpen, zijne huisvrouw, beiden wonende te Osch, 
verleden voor J^^ Dierck van Oss, Aert Herman Clinck en Pieter 
Jans SchoenmaeckerSy schepenen van Osch. 

474. 27 Juli 1610. 

Aartshertog Albert agreëert en confirmeert eene overeenkomst door 
de schouten der vier Kwartieren van de Meierij van *s-Hertogenbosch 
getroffen met den gouverneur en de regeering van die stad, tot het op- 
richten van een Jezuiten-college aldaar, waartoe de vier Kwartieren der 
Meierg fl 10.000 zullen hebben bij te dragen, om te slaan over de 
gemeentens, waaruit die Kwartieren bestaan, in voege als in dezen brief 
yan agreatie staat omschreven. 

475 2 Nov. 1610. 

Aelbert Willemse van Dnersen, als man en voogd van Griet Claas 
Boschdr., draagt over voor schepenen van Osch aan Joncker Dirk van 
Oss eenig land aldaar gelegen, — waarover als schepenen waren 
Aert Herman Giing, Comelis Aertse en Wouter Wouterse van Ger wen, 

476. 20 April 1611. 

Scheiding en deeling van de nalatenschap hunner ouders tusschen 
Mr. Gijsbrecht van Berchem en J^'^. Dierck van Oss, als man en voogd 
van JuÖr. Waltera van Berchem, beiden kinderen van Mr. Jacob van 
Berchem, schout van Maasland en Anna Gijsselen, — waarover waren 
als schepenen van Osch Aert Hermans, Pieter Jans Schoenmaekers en 
Gilles Goosenzoon. Tot de nalatenschap behoorde o. a, de helft in 
een huis met den houhoerck, genaamd het huis van Hemert, staande 
te 's-Hertogenbosch in de Orthenstraat. 

477. 3 Febr. 1612. 

Reijnder Ansems, Jan, zoon van Jan Woutersz. en Hendrik Reijnder 
Loijen zoo voor zich en als zich sterk makende voor de erven van 
Herman, zoon van Philips Boijen, dragen over voor schepenen van 
VHertogenbosch aan Jan van Weert Jacobszoon een huis en erf 
genaamd de £zel, gele^n aldaar aan de Markt ter plaatse de Corte 



— 104 — 

Gameren, met instandhonding der rechten van het vleeschhonwersgilde 
te 's-Hertogenbo8ch op het onderste gedeelte van het huis tot den 
eersten zolder toe. Hierover waren als schepenen Antonis Pijnappel 
en Aelbrecht van Brengel. 

478. 6 April 1612. 

Ghijsbertos Masins, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt Andreas 
Hubertz. Seijsmakers, wonende aldaar, tot acoliet. 

479. 8 Sept 1612. 

Mr. Willebord van der Borcht als man van Wilhelma, dochter van 
Wijnand Willems, draagt over voor schepenen van 's*Hertogenbosch 
aan J^'^ Ëverard van Doeme, Heer van Liessel, een deel in eene rente 
van drie mudden rogge, gaande nit goederen gelegen in de parochie 
van Denme, — waarover als schepenen waren Johannes van Tuiden 
en Albertus van Broegel. Volgens de akte was de rente afkomstig 
van Amoldus van Oetelaer, als man van Margaretha, dochter van 
Johannes de Blockerije en Johanna van Berckel, die de dochter was 
van Amold van Berckel, den zoon van Albert van Berckel, die zoon 
was van Hngo van Berckel, den zoon van Gerard van Berckel. 

480. 28 Sept. 1612. 

Mr. Willebord van der Borcht, als man alsvoor, draagt over voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan J®^ Everardus van Doerne, Heer 
van Liessel, een deel in gezegde rente van drie mudden rogge, gaande 
uit goederen gelegen in de parochie Deurne. Hierover waren als 
schepenen Johannes van Thulden en Albertus van Broegel. 

481. 16 Nov. 1612. 

Rudolf, zoon van Hubert Andrieszn Seijsemaeckers en zijne zuster 
Bertha c. s., als erven van Mr. Jacob Hubertszn. Seijsemaeckers, 
priester te 's-Hertogenbosch, dragen over voor schepenen van 's-Her- 
togenbosch aan Heer Godfried Thomasz. Metsers, als procurator van 
het L.- V.-Klooster bij Eindhoven, eene rente van vier ponden, ge- 
vestigd op een huis met erf te Erp, — waarover als schepenen waren 
Fieter Pelgrom en Godfried Loeff. Volgens de akte was de rente af- 
komstig van Johannes van Lotthem, sartor, zoon van Jacob Planckenzoon, 



— 105 — 

welke van Lotthem ze weder verkregen had van Gerardns van der 
Schueren, bastaard van Gerardns van der Schneren. 

482a. 25 Maart 1613, 

Jonkvr. Ide de Borchgrave sluit eene overeenkomst met den Rector 
der kapel in 't Eijck te Meerveldhoven over de betaling eener rogge- 
pacht van drie mudden rogge. 

483. 29 Mei 1613. 

Egbert Egbertsz. c. s. dragen over voor schepenen van Grave aan 
Claaske Jans van Cuijk een huis staande aldaar achter de Marstal ; 
— waarover als schepenen waren Marten van Lier en Goort Lenaerts. 

484. 13 Nov. 1613. 

Ëlisabeth Stassert, weduwe van Gk-egorius van der Meer, in leven 
raad van 's-Hertogenbosch en kapitein in dienst van H.E, zoon vian 
Dirck Reynders van der Meer; Geertruid, dochter van voornoemden 
Gregorius, door dezen in eerste huwelijk verwekt bij Heilwich 
Pelgrom Fran9oisdr ; Adriaan Maes, zijdelakenkooper als man van 
Johanna, dochter van Art van Werden Henrickszn. en Francisca, 
de dochter van Gregorius van der Meer en Heijlwich Pelgrom ; 
Adriaan Maes en Lucas van Werden als voogden over Arnd, zoon 
van Art van Werden en Francisca van der Meer ; de voogden over 
de onmondige kinderen van Lambrecht Feijmans en Francisca van 
der Meer voornoemd, dragen over voor schepenen van *s-Hertogen- 
bosch aan Heer Godefroy Pijnappel Marceliszoon, kapitein, gehuwd 
met Johanna van der Meer Gregoriusdr., 3/4 in twee huizen in de 
Hinthamerstraat aldaar, afkomstig van Mr. Dirck van der Meer, kanonik 
te 's-Bosch, Willem en Gijsbert van der Meer, zonen van Dirck 
Reijnders van der Meer, alsmede van Nicolaas Henrickszn. Kuijst, 
man van Hadewich van der Meer, dochter alsvoor. Hierover waren als 
schepenen van *s-Hertogenbosch Jacob van Balen en Gooijaart de Jegher. 

485. 25 Febr. 1614. 

Roelof Aertsz. vestigt voor schepenen van Bladel ten behoeve van 
de Heilige- Geesttafel te Netersel eene rente van drie Rijnsche gul- 
dens op een huis en hof in de parochie van Bladel, waarover als 
schepenen waren Michiel Reijners, Henrick Kuijsten, enz. 



— 106 — 

486a. U Juni 1614. 

Oijsbertns Masins, bisschop van 's-Hertogenbosch, stelt Anthonis 
Lanrensz. van Diepenbeeck in het genot van een beneficium, gefon- 
deerd in de kerk te Lierop. Zijn vader was Laurens van Diepenbeeck, 
burger van Helmond. 

487. 9 Dec. 1614. 

Claes Loefs en Henricske, z^ne hols vrouw, dragen over voor 
schepenen van Escharen aan het Gasthuis te Grave eene rente van 
negentien guldens en tien stuivers, gevestigd op een erf aldaar gelegen, 
— waarover als schepenen waren Henrick Jans Poot en Henrick 
Goessens. 

488. 4 Juni 1616. 

Reinier Joachims van Bavensteijn, als gemachtigde van Hans 
Fotteije, koopman te Amsterdam, man en voogd van Margriete Toelinck, 
Heijltgen van den Broeck weduwe van Goirt Toelinck, Hillebrant 
Peters, man en voogd van Hillegout Toelinck, en Catharina Toelinck 
dragen over voor schepenen van Megen aan J^*^. Dirk van Oss een 
morgen land onder TeefTelen, — waarover als schepenen waren Gabriël 
Butten en Johan Marcelis. 

489. 12 Juni 1616. 

Gerrit van Merijnen, burger te Utrecht, draagt namens de erven 
zijns vaders Laurens van Merijnen over voor schepenen van Wou- 
drichem aan Abraham ten Hagen, schout aldaar, twee morgen land 
gelegen in den banne van Dooren onder Almkerk naast Dirck van 
Teijlingen Simonszn, — waarover als schepenen waren Jan Pauwelssen 
en Henrick van Bamevelt Willemszn. 

490. 15 Juli 1616. 

De Baad van Brabant te Brussel handhaaft Jan van Berchem 
en Jacob van Berchem, zonen van Mr. Gijsbrecht van Berchem, in 
leven secretaris van het kwartier van Maasland, in de uitoefening 
van dit ambt en de vorsterij binnen de dorpen Rosmalen, Maren 
en Nuland, en zulks bij verstek tegen Aemout van Vladeracken, 
Sphout van Maasland, Gerar^ Jansen Stockborst, voorschepen. 



— 107 — 

Emond Wontersze en andere schepenen van Rosmalen en Naland, 
alsmede tegen Bogier Alardszn van Macharen, als snbstitnnt van 
Jan van Vladeracken, den soon van genoemden Aernont. 

49L 15 Juli 1616. 

Duplicaat van het vorige. 

492. 24 Sept. 1616. 

Nicolaas, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt tot diaken Pieter 
Fransz. van Nevel, kanonik van het klooster Marienhage bij Eindhoven. 

493. 9 Jan. 1617. 

Ohijsbert, zoon van Roelof Ohijsbertszn, als weduwnaar en erfge- 
naam van Heijlken, dochter van Jan Albertszn, draagt over voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan Jan, zoon van wijlen Henrick 
Albertszn, korenkooper, eene erfrente op de Staten van Brabant, 
kwartier van 's-Hertogenbosch, van zestien guldens en tien stuivers, 
17 Aug. 1568 door hen verleend aan Daniel Machiels, — waarover 
als schepenen waren Jan van Broegel en Jacob Vercnijlen. 

494. 25 Juli 1617. 

Amout Ooms en Jan Ooers, schepenen van Zevenbergen, geven 
ten verzoeke van Willem Janse van Dijck, schepen, en Oilles Nollens, 
notaris en procureur aldaar, een vidimus van een schepenbrief van 
Antwerpen van 12 Juli 1617, waarbij Jan Laurijsse Puijts, wonende 
in den lande van Zevenbergen, aan Jan de Meere en Janneke de 
Behout, zijne huisvrouw, een huis overdraagt genaamd de Verkeerde 
Wereld, gelegen in de Naaldwijkstraat te Antwerpen, — waarover 
als schepenen van Antwerpen waren Lancelot t' Seraerts, ridder, 
en Charles de Santa Cruz. 

495a. 29 Juli 1617. 

Brief van Aartshertog Albert van Oostenrijk over de noodzakelijk- 
heid van de stichting van een arsenaal te 's-Hertogenbosch. 

496a. 11 April 1618. 

^enric üageps, zoop yan Oerard, in leven lakenkooper 's-Bosch« 



— . 108 — 

geeft voor schepenen dier stad kwijting voor gelden, die zijn vader 
wegens laken, geleverd aan Cornelia van Herff, vrouw van Bok- 
hoven en weduwe van J**"^. Ooijard Tarck, te vorderen had van 
Jonker Engelbert van Immerseel, Vrij heer van Bokhoven, — waar- 
over als schepenen waren Peter van Gestel en Maarten van Weremondt. 

497. 29 Dec. 1618. 

Henric Jan Bluijssen, Jan Butsz. Lakermans en Margareta, weduwe 
Ooijaert Jan Bluijssen, allen wonende te Woensel, c. s. verbinden 
voor schepenen van Eindhoven aan den Prior en de Conventualen 
van de Haghe bij Eindhoven hunne goederen tot meerdere zekerheid 
eener rente van drie mudden en drie vaten rogge, gaande 
uit het goed ten Broecke onder Woensel en aan genoemd klooster 
verschuldigd, — waarover als schepenen waren Willem Fransen en 
Peter AUertsz. 

498. 1619. 

Accoord over de grenzen der gemeene gronden van Bergeijk, 
Westerhoven en Luiksgestel, getroffen tusschen de regeeringen en 
gemeene ingezeten van die dorpen, met de approbatie van den Raad 
van Brabant te Brussel van 3 October 1619 en van den Prins 
Bisschop van Luik van 25 November 1619. 

499a. 17 Juni 1619 

De kinderen van Jan Franszoon Spijkers en Fijke Brienen geven 
volmacht aan Corsten van Helffs tot het ontvangen van gelden van 
Henrick van Gasteren wegens een cijns, gaande uit het huis de 
Croon te *s-Bosch. Hierover waren als schepenen van Osch Jacob 
Lambertse en Uwen Gerritsz. 

500. 31 OcU 1619. 

Aanstelliog van Jan van Berchem, erf-secretaris van Osch en andere 
dorpen van Maasland, tot notaris van Brabant en Limburg en zijne 
beëedigicg in handen van den kanselier van Brabant op 2 November 
daaraanvolgende. 

501a. 21 Dec. 1619. 

Brief van de Staten van Holland aan J^'^ Johan van Mathenese. 



- 109 — 

Heer van Lisse, handelende over het naleven der bevelen, die zij 
gegeven hadden aan den officier dier plaats. 

502. 6 Nov. 1619. 

Henrick van Boecholt, schout der stad en heerlijkheid Weert, als 
man van Anna Kael van Kees Godartsdr., en als gemachtigde van 
Christina Kael van Kees, zijne schoonzuster, draagt over voor sche- 
penen van Wondrichem aan Arien Ariense, wonende aldaar, drie 
morgen lands onder Wondrichem, — waarover als schepenen waren 
Jan de Wolff Dirckszn. en Dirck ten Hagen Abrahamszn. (Hieraan 
gehecht de akte, waarbij genoemde Ariense voorbedoeld land over- 
draagt aan Adam Westerwolt an^ 1624.) 

603. 30 Jan. 1620. 

Jan Henricks, wonende te Erp, voor zich en zijne vrouw, verkoopt 
voor schepenen te s-Hertogenbosch aan Peter Moijses Leenaerts 
een cijns, gaande uit land te Erp, — waarover als schepenen waren 
Kobbrecht van Voorn en Albrecht van Dungen. 

504. 13 Juni 1620. 

Nicolaas, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt den sub-diaken 
Johannes Kutgerszoon Monix, uit het klooster Marienhage bij Eind- 
hoven, tot diaken. 

505. 5 SepL 1620. 

Albert en Isabella, als Hertogen van Brabant, geven octrooi aan 
J<>'. Joost van Hedikhuizen en Maria Hovelmaus, zijne huisvrouw, 
om te mogen beschikken over hunne leenen. 

506. 3 Dec. 1620. 

Maria Eeijniers, geboren van Hoim, draagt voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan het Jezuitenklooster aldaar over eene rente 
van achtien gouden guldens vijftien stuivers, ten laste der stad 
's-Hertogenbosch, — waarover als schepenen waren Michiel de 
Borchgraeff en Jacob de Cock de Jonge. 



— 110 — 

507. 5 Febr. 1621. 

Nicolaas, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt Willem Janse van 
der Vinne, sab-diaken in het klooster Marienhage bij Eindhoven, 
tot diaken. 

508. 5 Mei 1621. 

Jonker Johan Oudart, Heer tot Bixtel, Aarle, Beek en Stiphout, 
Oerard Pauwelse, schout van die dorpen, alsook schepenen en vele 
ingezetenen van genoemde dorpen, onder welken J^'*. Peter van Eijck, 
J^*"". Gerardt van Eijck, J^^. Caerle van Eijck, Mr. Thomas Pauwels, 
nemen voor die dorpen onder schepenzegel van Aarle geld op van 
Antonis Willemsz. Cocx, schepen van genoemde dorpen, en vestigen 
daarvoor ten diens behoeve op die dorpen eene losrente van twaalf 
en een halven gulden. 

509. 11 Jan 1622. 

Peter Andriessen Smits en Nicolaas Mariens Verwijnen, schepenen 
vau Someren, als daartoe door de regeering van dat dorp behoorlijk 
gemachtigd, verkoopen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan 
Adriaan Hendrikszoon van Zutphen, cremer aldaar, eene losrente 
van drie en en veertig guldens. Hierover waren als schepenen 
Ooijaert de Jegher en Bombout Bomboutsz. 

510a. * 2 Juni 1622. 

Brief van de Infante Isabella Clara Eugenia, dat zij alle zorg zal 
hebben voor het welzijn van 's-Hertogenbosch. 

511. 22 Juni 1622. 

Henric Hennes Weijtenszoon, als man van Machtelt, dochter van 
Joost Henrickszn. en Barbara Bierens c. s. bekennen voor schepenen 
van Eindhoven hun aandeel schuldig te zijn in erfpachten, geheven 
wordende onder Tongelre en toekomende aan het klooster van O.-L.-V. 
Haghe bij Eindhoven, — waarover als schepenen waren Jan Hermansz. 
en Jan Henric Boijmans. 



— 111 — 

512. 22 Dec. 1622. 

Michael, bisschop van 's-Hertogenbosch, verklaart, dat hij op Heoric 
Gerrits van Gerwen, scholier te Eindhoven, de tonsnre heeft verricht. 

513a. 19 Jan. 1623. 

Lucas Bierens en de wednwe Nlcolaas Gorris verklaren te Eind- 
hoven van Elisabeth van Berckel, tot afkoop van eene roggepacht 
van twee mudden rogge, gaande uit den tiend te Zeelst, eene 
geldsom te hebben ontvangen. 

514a. 14 Nov. 1623. 

Bnef van de Infante Isabella Clara Eugenia aan de regeering van 
s-Hertogenbosch om geene granen meer uit die stad te laten gaan. 

515. 10 Oct 1623. 

Jasper van den Broeck Lambertszn. verkoopt voor schepenen van 
*8-Hertogenbosch aan Anthonis, zoon van Jacob Anthonisse, bier- 
brouwer, een huis, genaamd St. Ohristoffel, met brouwhuis, brouwketels 
enz., staande aldaar aan de Korenbrug, — waarover als schepenen 
waren GFeerart van Broechoven en Aelbert van den Dungen. 

516. 21 Oct. 1623. 

Schout, schepenen, regeerders en gemeene ingezetenen der dorpen 
Zeelsty Blaarthem, Gestel, Sonderwijck en Meerveldhoven ter eenre 
en die van de vrijheid van Oerle en dorpen van ^intelre, Knechtsel, 
Hoogcasteren» Vessem en Oostelbeers ter andere zijde onderwerpen 
aan scheidslieden, als o. a. J^''. Johan Pallaes van der Sterre, heer 
van Zeelst, Blaarthem en Veldhoven, hun geschil over de grens- 
scheiding hunner communale gronden, waarna de benoemde scheids- 
lieden de grensscheiding vaststellen. 

517. 16 Maart 1624. 

Hendrik Frans van Gestel en Laurijns Janse de Leeuwe, sche- 
penen van 's-Hertogenbosch, geven een vidimu$ van eene volmacht, 
op 20 Juni 1617 gegevendoor schepenen, burgemeesters, kerkmeesters, 
Heiligen-Geeatmeesteren en ingezetenen van Breugel, op den eerzamen 
Hichiel Fransen en Goijaart Jan Lathouwers, hunne medeschepenen, 
tot het opnemen van gelden ten behoeve dier gemeente. 



— 112 « 

518. 2 April 1624. 

Bernardns Jansen Somers, inwoner van 's-Hertogenbosch, als bij 
schepenbnef van Schiedam behoorlijk gemachtigd door Amd Dircks, 
koopman, weduwnaar van Annitgen en Mathijs Hischen, den man 
van Geertken, beide dochters van Anthonis Sebastiaans en Emmeken 
Strick, draagt voor den raad en 'rentmeester der domeinen en leen- 
mannen te 's Hertogenbosch over aan Jan zoon van Peter Abels van 
Oeffel, bierbrouwer aldaar, eene domeinrente van negen guldens 
tien stuivers. 

519. 10 Oct, 1624. 

Hendrik zoon van Willem, den zoon van Jan Thomasse, wonende 
te St. Oedenrode, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Peter, zoon van Mo^jses Leenaerts, eene rente, gaande uit goederen 
te Sb. Oedenrode, — waarover als schepenen waren üenrick Franssen 
van Qestel en Gerardt van Horenbeeck. 

520. 15 Aprü 1624. * 

Henric Fransen van Gestel en Laureijn Jansen de Leeuwe, sche- 
penen van 's-Hertogenbosch, geven een vidunus van een octrooi van 
de Aartshertogen Albert en Isabella, gegeven op 9 Mei 1616, waarby 
regenten en ingezetenen van het dorp Breugel gemachtigd worden 
eene som van achtduizend guldens op te nemen. 

521. 25 Aug. 1625. 

Philips IV, Koning van Gastilë, als Hertog van Brabant, geeft 
octrooi aan Jan Pijnappel, burger van *s-Hertogenboscb, getrouwd 
geweest met Magdalena Waggens Hendriksdr., om tochtgoederen te 
verkoopen. 

522. 31 Jan. 1626. 

Jenneke Suijskens Jansdr., begijn te 's-Hertogenbosch, draagt voor 
schepenen aldaar op aan Peter, zoon van Moijses Lenaerts, een cyns, 
gaande uit goederen gelegen te Houtert onder Schijndel, — waarover 
als schepenen waren Rogier van Griensven en Nicolaas Donckers. 



— ns — 

523. 11 Febr. 1626, 

SchepeneDy burgemeesters en Heiligen-G^eestmeesters te ToDgelre 
verbinden zich tot de betaling van v^ftig B^nsche goldens jaarlijks 
aan Magdalena, weduwe van Aert Aertsen van Hoeve, wonende te 
Eindhoven. 

524. 26 Fehr. 1626. 

De erven van Peter Janssen Schoenmaeckers dragen over voor sche- 
penen van Osch aan J^^^*. Dierk van Oss een stok land aldaar ge- 
legen, — waarover als schepenen waren Dielis Goossens en Dierck 
Jordens. 

525a. 18 Juni 1626. 

Accoord tnsschen Bondewijn Jansen van Herpen en Mr. Geerlingh 
Bnijs, chimrgyn, ter eenre en Mr. Jacob Schoneas, chirurgijn, ter 
andere zijde over huizen, staande in de Kerkstraat te 's-Hertogen- 
bosch, tegenover den put in die straat. 

526. 2 Dec. 1626, 

Henrick Peeters van Oemert en Henriok van Buel, luitenant 
der Lanciers, geven eene verklaring voor schepenen van Oent, 
betreffende eene rente van twaalf guldens op de Staten van Brabant, 
kwartier 's-Hertogenbosch. Met de handteekening van den secretaris 
van Luijthen. 

527. 20 Jan, 1627. 

J^^. Bemaert van Merode, Heer van Asten, als gemachtigde van 
zijne dochters Juflr. Willemine, Agnes en Anna Magdalene van 
Merode, draagt over voor schepenen van Antwerpen aan Guillaume 
van Henxtum alias van DelU, oud-schepen der stad 's-Hertogenbosch, 
eene rente van honderd car. guldens op de Staten van Brabant, 
kwartier 's- Bosch, door zijne genoemde dochters geërfd van hare moeien 
Adriana van Brederode, vrouwe van Useren en Anna van Brederode, 
vrouwe douairière tot Bassigny en Boxtel, — waarover als schepe- 
nen waren Alexander van den Rroeck en Jan Boose. 

528a. 27 AprU 1621. 

Jan Janssen de Cremer, commissaris van Z« Maj, vivres te 's-Her- 

8 



— lU - 

logenbosch, verkoopt ten overstaan van J. van de Velde, notaris aldaar, 
aan Joost Janssen Bnechelins, sijnen schoonbroeder, wonende te Hel- 
mond, een huis met toebehooren, staande aldaar in de Veestraat. 

529a. 1—25 Sept 1628. 

Nieuwsberichten van het Hof der Infante te Brussel over de oor- 
logen der Spanjaarden. 

530. 6 Sept. 1629, 

Pater Oualterus, priester, rector van het College der Jezuiten te 
*s-Hertogenbosch, draagt als zoodanig voor schepenen aldaar op aan Mr. 
Amt van Moeurs» zilversmid, eene rente, groot achttien guldens en vigf» 
tien stuivers, te vergoeden door voorzegde stad, — waarover als sche- 
penen waren Oodefiroy van Herlaer en Henrick van Zoerendonck. 

531. 1629. 

Johann Witzers, kapitein van eene Hoogduitsche compagnie in het 
Groningsche regiment, geeft een eervol paspoort aan een soldaat. Dit 
stuk is niet ingevuld of onderteekend, doch merkwaardig om 
den vorm. 

532. 18 Juli 1629, 

Comelis Poussten, wonende te Drongelen, draagt voor schout en 
heemraden van Almkerk over aan Adriaan ten Haeften ten behoeve 
zijner moeder Beertruijt van Clootwijck wed®. Abraham ten Haeften, 
in zijn leven schout en penningmeester van Woudrichem en het land 
van Altena, twee morgen drie hond land, gelegen in den Banne van 
Santw\jck onder Almkerk. — waarover waren als schout Johan die 
Groot en als heemraden Willem Adriaanszn. Mulder en Jan Comelis 
Nanningen. 

533a. 30 Sept 1629. 

Brief van Abraham Booth, secretaris van Wijk bij Duurstede, aan 
zijnen broeder Comelis Booth, med. doctor te utrecht, waarbij h^ 
zijne vreugde te kennen geeft over de inneming van 's-Hertogenbosch 
en andere krijgsbedrijven van dien tijd. 



634a. 22 Dec. 1629. 

Koning Lodew^k XTTT yan Frankrijk vraagt aan de Staten van 
HoUand vrgheid van godsdienst voor de Katholieke inwoners van 
's-Hertogenbosch. (copie). 

535. 2 Atig. 1630. 

Notarieel afschrift van de kaart voor het Sohippersgilde te 
's-Hertogenbosch, gegeven door J^^. Hendrik van Bergaigne, rit- 
meester van eene compagnie paarden en hoog- en laagschont der 
stad en meierij van 's-Hertogenbosch, mitsgaders door de schepenen 
en raden dier stad. 

536. 8 Nov. 1680. 

Jan Thgssen van Ëessen met L^'ske, zijne huisvrouw, dragen over 
voor schepenen van Escharen aan Jan de Swart den Jonge en Hilleken, 
z^ne huisvrouw, eene rente van drie guldens, gevestigd op het land 
de Ëessen, gelegen aldaar, — waarover als schepenen waren Henrick 
Jans Poot en Comelis Jans. 

537. 22 Nov. 1630. 

Jan Scheffer de Oude, boekverkooper te 's-Hertogenbosch, draagt 
als gemachtigde van Anna de Ruijter, dochter van wijlen Henrick 
de Ruiter Henrickszn., voor schepenen aldaar over aan Maria 
Remmers eene erfrente van achttien gouden guldens twintig stuivers, 
te betalen door de stad van 's-Hertogenbosch, -^ waarover als 
schepenen waren Peter van Ghestel en Zeger, zoon van Mr. Zeger 
Adriaans. 

538. 5 Dec. 1630. 

Jan Giesberts en Lief ken, echtelieden, dragen over voor richter, 
d^kgraaf en schepenen der vrije heerlijkheid Batenburg aan Dirk 
Eckbertsen en Oeritgen, zijne huisvrouw, eene schaar weide op den 
Boeter onder Batenburg, — waarover waren Oonraadt Pieck als 
riehter en dijkgraaf. Jan van Batenburg Henrickszn, en Jan Weijers 
ab sekepenen. Met een transfiz. 



— 116 — 
539. 80 Juni 1631, 

De erfgenamen van Dirk van Ratingen en Margaretha Dibbits 
dragen over voor richter en schepenen van Malbnrgen aan Willem 
van Ratingen als grootvader en ten behoeve van Loitgen Drijvers, 
onmondige dochter van wijlen Jan Drijvers en Jenneke van Ratingen, 
drie vierdel in een morgen land aldaar gelegen, — waarover waren 
als richter Wilhelm van Vinceler en als schepenen Thonis Alberts 
en Willem Bemdts, 

540a. 15 SepL 1631. 

Ordonnantie voor de gezworen korenmeters te 's-Hertogenbosch. 

541a. 1632. 

Latijnsche gedichten, gemaakt door P. de Bard, Lasit., op elk 
van hen, die dat jaar schepenen vanj's-Hertogenbosch waren. (Daniel 
van Hamel, Jan Vloots, Henrick van Gasteren, Marten van Hooren- 
beeck, Robert de Bever, Elbert Le Lyon, Gijsbert Cuijsten, Hans 
van den Noort en Henrick van Vladeracken). 

542a 28 Jan. 1632. 

Mr. Aelbrecht van Broghel, licentiaat in de beide rechten en 
raadsheer van *s-Hertogenbosch, Joffronw Maria van Broghel wedawe 
van mr. Johan Costerins, licentiaat in de rechten, zijnde kinderen 
van Amt van Broghel, president der stad 'sHertogenbosch, mr. Simon 
van Broeghel, licentiaat in de rechten, zoon van wijlen mr. Johan 
van Broeghel, president der stad *8-Hertogenbosch, ook zoon van 
voornoemden Amt van Broeghel, — voor hen zelven, — en J®'. 
Dirck van den Water en mr. Simon van Broegel voornoemd als 
momboiren over de onmondige kinderen van mr. Johan van Broegel 
voornoemd, verdeelen de nalatenschap van wijlen Wouter van Broeghel, 
zoon van .\mt van Broeghel meergenoemd. 

543. U Aprü 1632. 

Elias Vorsterman, als procuratie hebbende van. Reyner Schaep 
en Juffrouw Anna Elisabeth van der Hoeven, echtelieden, draagt 
over voor schepenen van Grave aan den Heer Berteram (^uaedtvan 



— 117 — 

Wickraedt, ritmeester yan eene compagnie korassiers aldaar, een huis 
en erf in de Hoofdstraat aldaar, — waarover als schepenen waren 
Johan Heijmans en Sijbert Ooris. 

544. 19 Juni 1632. 

Jonker Jan van Henxcten, alias van Delft, oud kapitein ten dienste 
van zijne Z. K. M., zoon van Jonker Gaillanme, en Jnffronw Anna 
Coenen, draagt voor zich en zich sterk makende voor zijnen broeder 
Oerardns, priester der Sociëteit Jesn, over voor schepenen van Ant- 
werpen eenige renten aan zijnen broeder Melchior, ook priester der 
SociGteit Jesn. Hierover waren als schepenen Willem, van de Weine 
en Gnillanme de Caluaert. Eene van die renten was afkomstig van 
Elisabeth Gielisdr. van Broeckhoven, hnisvrouw van Jan van Delft; 
eene andere van Roelof de Raet Janszn ; nog eene andere van Glaes 
van Delft Henrickzn; weder eene andere van Nicolaes van der 
Stegen, zoon van mr. Jan ; enz. 

545. 12 Oct 1632. 

Aemdt, zoon van wijlen Herman, den zoon van Barthelmeens 
Lombaerts, transporteert voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan 
Mechtelti dochter van wijlen Jacob Dircx Symonszn van Dinther, 
wednwe van Jan Sebastiaans Niclaessen van Geldrop, een cijns 
gaande nit een stnk land, genaamd de Hooge Akker, gelegen te 
Oisterwijk ter plaatse geheeten Heukelom. Hierover waren als sche- 
penen Henrick van Gast-eren en Marten van Horenbeeck, 

546 18 Dec. 1632, 

Broeder Mïchaël, bisschop van 's-Hertogenbosch, wijdt Anthonis 
Gast, religieas in het klooster de Haghe bij Eindhoven, tot subdiaken. 

547a. 1634 en volgende jaren. 

Pachtcontracten over de geestelijke goederen in de Meierij van 
's-Hertogenbosch. (Hieronder contracten met onderteekeningen vanNico- 
laas Zoesios en Michael Ophovins, bisschoppen van 's-Hertogenbosch). 

548. 18 Fehr. 1634. 

Philips IV, Koning van Spanje, geeft abolitie van straf aan Jan 



— 118 — 

van Deschare, gebooiüg van 's-HertogenboMh, ter lake dat hij liöh 
tegen 'sEonings plakkaten langer aldaar had opgehonden dan het 
behoorde en vergnnt hem om zich te begeven ten platte lande van 
contribntie en wel te Geffen in de Meierij van 's-Hertogenbosch en 
aldaar te blijven wonen. 

549. 31 Juli 1635, 

Petras de Berchen, zoon van Mr. Ggsbert de Berohen Jacobszn, 
draagt voor schepenen van 'sHertogenbosoh over aan Laorens van 
Kessel eene roggepacht en een aandeel in eene roggepacht gaande 
nit landergen, gelegen te Udenhont, parochie Oisterw^jk» — waar- 
over als schepenen waren Gijsbertns Pieck en Antonins van Ont- 
hensden. 

550. 22 SepL 1635. 

Mandament van den Raad van Brabant, waarbij de eerste denr- 
waarder gemachtigd wordt Jacob van Berchem te handhaven in de 
secretarie van Nistelrode. 

551. 20 Dec, 1635, 

De Raad van Brabant te Brussel verbiedt, op het reqnest van Jan 
en Jacob van Berchem, leenhouders der secretarie en vorsterij van 
Maasland, het honden van openbare verkoopingen enz. in genoemd 
kwartier boiten bijzijn van schepenen en den secretaris of diens 
sabstitnnt. 

552a. 6 Juli 1637. 

VerklariDg van Johan van der Menlen, David van den Bosch en 
Gomelis van den Merendonck, schepenen van *s-Hertogenbosch, dat 
de DekcDon van het Schrijnwerkersgilde aldaar hebben een vonnis 
op een huis, staande in de Windmolenbergstraat aldaar, wegens 
wanbetaling eener rente, bedongen 6 Juni 1421 ten behoeve van 
Gijsbrecht Pelgrom. 

553. 25 Sept, 1636. 

Johan van Ravesteijn, zoon van Gornelis Hendrikszn, in leven 
koopman te Rotterdam, Margriete zijne zoster, weduwe van Johan 



— 119 — 

van der Stolck, Pieter Vermeulen als man van Johanna, ook doohto' 
van Comelis Hendrikszn. voornoemd zoo voor haar selve als zich 
sterk makende voor Johan van der Mij, man van Oatharina, dochter 
van Gomelis Hendrikszn. van Bavestein, dragen over voor schepenen 
van 's*Hertogenbosch aan Jan Willemse van de Graaff, koopman 
aldaar, een cijns van honderd tachtig guldens, indertijd gevestigd door 
Marie, gehuwd met Hendrick Olifiers en Emerentiana, gehuwd met 
Johanna van den Poll, dochters van den luitenant4colonel Pijnappel, 
op landerijen onder St.-Michiels-Gestel, — waarover als schepenen 
waren Henrick van Vladeracken en Butger Tulkens. 

554 4 Mei 1639. 

Jan, zoon van Lambert Paijmans, daaagt over voor schepenen van 
Bosmalen aan Lambert Peterse een akker teelland, gelegen aldaar 
aan de Kruisstraat, — waarover als schepenen waren Hendrik Glaes 
Woutersz. en Jan Gillesen. 

555a. 5 Aug. 1639. 

Brief van Adriaan van der Mijle, luitenant-generaal der artillerie, 
over den slechten gezondfaeidstoesand van Willemstad. 

556. 4 April 1640. 

Jan ICgberts van den Poel, als gemachtigde van Dirck van Oss, 
wordt voor den Baad en Leenhove van Brabant te 'sGravenhage 
beleend met vijf en twintig morgen land onder Lithoyen. 

557. 17 Nov, 1640, 

Philips IV, Koning van Spanje, geeft octooi aan Jan van Berghem 
en Juffr. Magdalena van Oss, zijne huisvrouw, om te beschikken 
over hunne leenen. 

558a. 25 April 1642, 

Advies door Gerard van Zoemeren gegeven te 's Hertogenbosch 
over de vraag of het plakkaat van reductie ook toepasselijk is op 
eeae te Schijndel geheven wordende roggepacht^ welke niet gevestigd 
werd b^ koop maar bj erfelgke gelofte. 



-_ 120 — 

559. IS Nov. 1642. 

Jan van Elimpt Woatersz., als man en voogd van Oeertruid de 
Leenw Henricsdr., draagt over voor schepenen van VHertogenbosch 
aan Hieronymns Lintermans, ten behoeve van den Heer en Mr. 
Gerard van Someren» licentiaat en oad-raad der stad 's-Hertogenbosch, 
een cijns, gaande nit een hnis bij het St-Janskerkhof op de Papenhnlst 
te 's-Hertogenbosch. Hierover waren als schepenen Ghijsbert Pieck 
van Tienhoven en Johan Pelgrom. 

560. 4 Ftbr 1643. 

Philip IV, Koning van Spanje, geeft kwijtschelding van straf en 
verlof om weder te Rosmalen te kunnen wonen aan Dirck Janszoon 
van SoD, die vertoond had nooit iets tegen de K. M. misdaan te 
hebben, altijd als een goed Katholiek zich te hebben gedragen en 
zich binnen 'Hertogenbosch alleen te hebben opgehouden ter waar- 
neming van zijn ambt. 

561. 19 Dec, 1644. 

De Raad van Brabant te Brussel doet uitspraak tusschen Willem 
Aertsz. en Jan Hartens pro se en als curators over de kinderen van 
wijlen Jan Peeters, ter eenre en de oud-burgemeesters van Mierio 
ter andere zijde over een gearresteerd paard. 

562. 6 Aprü 1645. 

Baltus van Gotsenhoven Benedictuszoon, wonende te Karckhoven 
onder Oisterwijk, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
aan Laurens van Kessel, ten behoeve van Mr. Gerard van Someren, 
licentiaat in de rechten en oud raad dier stad, eene jaarlijksche rente, 
gaande uit landerijen onder Oisterwijk, — waarover als schepenen 
waren Laurens van Berkel en Johan van Zutphen. 

563. 19 April 1645, 

Jan, zoon van wijlen Dielis Comeliszoon en wijlen Margreet» diens 
huisvrouw, draagt over voor schepenen van Rosmalen zijn vierde deel 
in een huis, hof en land, gelegen aldaar aan de Kruisstraat, aan 
liambert Peterszoon van Heesch, — waarover als schepenen waren 
M^erten Aert^z. vp.n Goph en Johap Hendriksz. van der Donckf 



— 121 — 

564. (dbesi.) 37 April 1645. 

Jan, zoon van Dielis Comeliseen, draagt over voor schepenen van 
Rosmalen aan Lambert Peterse een vierde deel in een hnis en hof, 
gelegen in de parochie aldaar, ^ waarover als schepenen waren 
Maerten Aerts van Goch en Johan Hendriksz. van der Donck. 

565. 4 Aug. 1645. 

Peter Walravens van Roosmalen, bierbrouwer, als man van Wille- 
mina van Weert, draagt voor schepenen van 's-Hertogenbosdi op 
aan Jan Sonmans ten behoeve van diens minderjarigen broeder en 
zuster eene rente, gaande nit eene gewezen brouwerij in de Vuch- 
terstraat bij de H. Kruispoort aldaar, — waarover als schepenen 
waren Johan van den Berch en Johan van den Noort. 

566. 18 Mei 1646. 

Huijbert Willemse van Geldrop als vader van Peter van Geldrop 
stelt zich voor schepenen van 's Hertogenbosch borg voor de betaling 
van cijnsen, gaande uit land, door genoemden Peter verkocht aan 
Jonker Johan van der Stegen, — waarover als schepenen waren 
Willem van Houten en Johan Donckers. 

567. 29 Dec. 1646. 

De Leen- en Tolkamer te 'Hertogenbosch geeft bewijs, dat de 
inwoners van Lithoijen door den Raad van State ontlast zijn van 
het betalen van een cijns van zes guldens en het doen van rekening en 
verantwoording om de tien jaren van de opbrengst der verpachting van 
de gemeene straten onder Lithoijen, hun opgelegd bij octrooi van Aarts- 
Hertog Albert en Isabella, maar dat daarentegen de jaarcijns van vier 
Keulsche penningen, bij de uitgifte van de gemeene weide van 
Lithoijen in 1287 door Hertog Jan bedongen, zoude in stand blijven, 
tot betaling waarvan schepenen van Lithoijen zich verbinden, alsmede 
dat de Staat eigenaar zoude blijven van een wiel aldaar. — Is ge- 
teekend door den griffier W. Schuijll. 

568a. 12 Juli 1647. 

Jan Aarts Swinkels en Lucas Willems Colen, schepenen van Aarie, 
stellen eene superscriptie op eep besloten testaoiept, hup aangeboden 



— 122 — 

door Bartel van Heessel, secretaris dier plaats, en Jenneken Verbeeck, 
zijne huisvrouw. 

669. 30 Juü 1647. 

Juffrouw Catharina Heerenhoyen, weduwe van wijlen J**''. Dirck 
van Oss, draagt over voor schepenen van Megen aanMr. Jacob, zoon 
van Ogsbert van Berchem, eenig land gelegen onder Megen, — ^ waar- 
over als schepenen waren Anthonis Jacobs en Jan Willemse. 

570. 4 Nav. 1647. 

Hendrik Breijer, als gemachtigde van J^'. Henderick Valckenaer, 
Heer van Valckenaer, Duckenburg enz, c. s, draagt over voor het 
leenhof van Batenburg aan Mr. Peter van Hesdingen, advocaat voor 
het Hof van Utrecht, land in het kerspel van Leur, waarmede deze 
daarop beleend is, — waarover als leenmannen waren Bastiaan 
Dirksz. en Jan Hendrikszn. van Batenburch. 

671a. 1648. 

Vertoog der Baanderheeren, Edelen en Steden van Brabant, dat 
dit gewest niet als generaliteitsland behoorde te worden beschouwd 
maar deel moest hebben aan 'slands regeering. 

572a. 17 April 1648. 

Gerrit van Ëijck en Jan Boon, oud-burgemeesters van Woudrichem, 
leggen eene verklaring af voor Christiaan Leeuwevelt, notaris aldaar, 
betrekkelijk Volckerus, Jenneke en Agatha, de drie kinderen van 
Juffrouw Anna van der Dusse, laatst weduwe van Huijbert van Eek, 
secretaris te Leerdam, verwekt bij haren eersten man Adriaen van 
Westerwout, in leven raad en generaal in Oost-Indië. 

573. 6 Mei 1648. 

Jan van Oemert, Andries Peeters en Jan Janszn. van Heusden, als 
voogden van Maria van Gemert, dragen over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan Peter van Venroy een huis genaamd in St. 
Barber, staande in de Hinthamerstraat aldaar, — waarover als sche- 
penen waren Johan Oans en Pieter SchuijU. 



— 128 — 

574. 22 Febr. 1651. 

De Raad van Brabant te 's-Gravenhage handhaaft Mr. Jacob van 
Berchem, licentiaat in de rechten, wonende te Osch, na doode lijns 
broeders Jan, in het erf-secretariaat van de vrijheid Osch en beveelt 
dat Abraham Hendriks, chirurgijn te Osch, nit de bediening daarvan 
zal worden gezet. 

575. nihil 

576. 14 Maart 1651. 

Adriaan, zoon van wijlen Aert Lamberts Ooien, wonende in de 
parochie van Brengel, voor zich en als man van Janneken, dochter 
van wijlen Peter Jan Wel ten, verkoopt aan Geraerdt Tielmansi 
raad en rentmeester van 's-Hertogenbosch, een jaarlijkschen en 
erfelijken cijns van negen carolns guldens, gaande uit eene boerderij 
te Breugel aan de Lindeplaats. Hierover waren als schepenen van 
's-Hertogenbosch Jacob Focanus en Gillis van Brussel. 

577. 31 Maart 1651. 

De Baad en Leenhof van Brabant te *8-Hage beleent Anthonis, 
zoon van Hendrik Marcelissen, wonende te Helvoirt, met eenigland 
gelegen in de parochie van Helvoirt en afkomstig van de erven 
Hendrijck Bochussen. 

578. 23 Juli 1652. 

Jonker Diderick van Grevenbroeck, heer van Mierlo, bekent schuldig 
te wezen aan Anneken, onmondige dochter van wijlen Oomelis Goorts, 
eene losrente van vijf en dertig guldens. Hierover stonden als sche- 
penen van Mierlo Willem Versantvoort en Jan Gorts van Couwenbergh. 

579. 11 Juni 1653. 

Benedictus Eelkens, pastoor van Megen, executeur en Geraerd 
Doncker, drossaard der graafschap Megen, nomine officii mede- 
executeur loco J^^ Willem van Bevere zal, van den sterfhuize van 
Oodefridus van Gorcum, dragen over voor schepenen aldaar aan 
Maijken Wanmaers een rentbrief van twee-honderd guldens kapitaal, 
gevestigd op goederen, gelegen onder Berkel, — waarover s^ls sphepene)) 
waren Jan Timmermans Junior en Hendrick G^^bnela. 



— 124 - 

580. 31 Juni 1652. 

Nicolaas Reijnders de Visschere en erard Rijcken, als momboiren 
en Dierick van der Dassen als cnratoi iver Peter Eoelofs Wijnandszn 
verkoopen voor schepenen van *8-Hertogenbosch aan Diericke, dochter 
van wijlen Coenraad Salomons en weduwe van Nicolaas Janssen van 
Berckel, een jaarlijkschen cijns van achttien guldens, gaande uiteen 
huis in de Hinthamerstraat aldaar, genaamd het Zwart Leeuwke, — 
waarover als schepenen waren Jacobus Eocanus en Mathijs BruU. 

581. 18 Juli 1653. 

De Eerw. Heer en Mr. Philips van Zoerendoncq, kanon ik binnen 
de stad 's- Hertogen bosch, als gemachtigde van Juffrouw Margaretha 
de Gort, dochter van Jan Floriszoon de Gort en weduwe van Sr. 
Hendrick van Zoerendoncq, raad dier stad, draagt over voor sche- 
penen aldaar aan Thomas van Hijnsbergh, notaris en klerk ter secre- 
tarie dier stad, ten behoeve van Jan Jasperszoon vijf onderscheidene 
renten op de beden van. Brabant, — waarover als schepenen waren 
Peeter Lus en &ijsbert Kuijsten. 

582 24 Juli 1653. 

De Raad en Leenhof van Brabant te *s Hage geeft octrooi aan 
Juff. Judith van Berghen, dochter van wijlen Mr. Gijsbrecht van 
Berghen, om over hare leenen te beschikken. 

583. 29 Jan. 1654. 

Jan Soermans, wonende te Heukelom, als man van Diliaantje van 
Eijck, draagt over voor schepenen van Woudrichem aan Willem 
Grillart Stevenszn vier morgen vijftig roeden lands aldaar, — waar- 
over als schepenen waren Tjerck van de Graeff en Henrick van Bel- 
licum. 

584. 17 Maart 1654. 

Gijsbert, zoon van Jan Gijsbertszoon, wonende in de heerlijkheid 
Geffen, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan G\js- 
bertken Roeckaerts, een cijns van tien guldens, gevestigd op een 
stuk land genaamd b^t Gropte Heijken, ^ele^en iu de parochie van 



— 125 — 

Geffen, ter plaatse genaamd de Papendijksche straat, — waarover 
als schepeneD waren Jnstos Versterre en Johan van Oirle. 

585. U Dec. 1654. 

Goossens Dirkaz. van Lencken draagt over voor schepenen der 
vrijheid van Osch aan Monsr. Gijsbert Boonaerts anderhalven morgen 
land aldaar in de Hoolbeemden gelegen, — waarover als schepenen 
waren Johan Dielissen en Leonaert Jacobs Verhe\jen. 

586. 15 Juni 1655. 

Willem III, Prins van Oranje, heer van Steenbergen, vernieuwt 
met toestemming zijner voogden de kaart, door Philips Willem, 
Prins van Oranje, in het jaar 1609 aan de schutterij van de stad, 
het land en de baronie van Steenbergen gegeven en de nit kracht 
daarvan gemaakte keuren van dit gilde. Hij deed zulks, omdat de 
polder de Heen was ingedijkt en te Kruisland een tweede gilde was 
opgericht. De vernieuwde kaart is onderteekend door Marie Amelie 
d'Orange. 

587. 29 Dec. 1656. 

Evert Willemszn. van Ravesteijn draagt over voor schepenen van 
Geffen aan Mr. David Ackerman, schoolmeester aldaar, een stuk 
akkerland gelegen op 't Hoogveld bij de kerk te Geffen, — waarover 
als schepenen waren Jacob Jacobse van Grinsven en Geerlingh 
Anthonisz. 

588. 20 Febr. 1657. 

De Baad en Leenhof van Brabant te 's-(}ravenhage geeft octrooi 
aan Beertken, weduwe, eerst van Geraerdt Hendrick Somers, daarna 
van Henrick Hermans Strick, en aan Teuneken, dochters van wijlen 
Joost Jansz. van Guijck en van Geertruid Donckers Laurensdr., zijne 
huisvrouw, om een huis genaamd het Varken, staande in de Hintha- 
merstraat te 's-Hertogenbosch, en zijnde fiduciair goed, te mogen 
verkoopen. 

589. 8 Aug. 1657. 

Lambert Pauw en Bombout, advocaten voor het Hof van Utrecht 



— 126 — 

en domheeren yan het St. Peters-gasthuis, venoeken voor het Leenhof 
van Batenburg, dat Mr. Comelis Vervelst, adyocaat te Utrecht, aal wor- 
den beleend met een vierde deel van van Meekerenshof, gelegen 
onder Leur, waarna h\j daarmede beleend is, — waarover waren 
Dr. Nathan Eleinbach als stadhouder en Oerrit Thielens, schout te 
Batenburg en Aert Bastiaans als leenmannen. 

590. 16 Mei 1658. 

Burgemeesteren, Schepenen, Kerkmeesters en Heiligen- Geestmees- 
ters van Someren verkoopen, krachtens octrooi van den Raad van 
Brabant te 's-Gravenhage van 26 Januari 1650, tegen eene hoofdsom 
van twaalfduisend guldens eene erfelijke jaarrente van vijftig guldens 
aan Juffrouw Geertruid van den Berghe, weduwe van Willem Poolen, 
president te Eindhoven. 

591. 26 Sept. 1658. 

Gudula, dochter van Jan Hendrikszn. van der Last draagt over 
voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Jan Anthonissen Scheffers, 
boekverkooper aldaar, twee erfrenten op de Staten van Brabant, 
kwartier 's-Hertogenbosch, — waarover als schepenen waren Jan 
van Zutphen en Johan Schoock. 

592a 1659. 

Stukken betrekkelijk de uitwinnin^ der inkomsten van de heer- 
lijkheid Heese en Leende, gedaan door Pieter Sohuijl van Walhom, 
rentmeester van de Capittularia te 's-Hertogenbosch, ten einde daaruit 
te verhalen de achterstallige canons eener rente, door Bene de 
Renesse, graaf van Warfiisé en heer van Heeze en Leende, op die 
heerl^kheid gevestigd, niettegenstaande deze ten gevolge van het 
overlijden z^ner vrouw Albertina van Egmo^d daarvan slechts den 
tocht had. 

593a. 1659. 

Stukken, betrekkelQk een geschil tusschen genoemden Schuil van 

Walhom, als rentmeester der geestelijke goederen te 's-Hertogenbosc^, 

en Alexander van Renesse, graaf van Warfusé, over eene rente, 

gaande o. a. uit het tiendrecht, behoorende tot diens heerlijkheid 

eeze en Leende. 



— 127 — 
594 i Aug. 1659. 

De Raad en Leenhof van Brabant te 's-Gravenhage geeft octrooi 
aan Johanna van Hoven om over hare leenen bij uitersten wil te 
beschikken. 

595. 2 Sept. 1659. 

Latirens van Kessel, secretaris der stad 's-Hertogenboscfa, zoon van 
den secretaris Dirck van Kessel, verkoopt voor schepenen van die 
stad aan Mr. Gk)defroy van Mu^jlenborch, licentiaat in de rechten en 
advocaat bij den Hove van Holland, eene roggepacht, gaande uit 
landerijen te Udenhont, parochie Oisterwijk, — waarover als schepenen 
waren Herman Cnchlinns en Johan Franchoys Balbian. 

596. 16 Sept. 1659. 

Dr. Amoldt van der Yoordt en Naeleken de Vries, echtelieden, 
geven elkander over en weder voor stadhoader en schepenen van 
Gent (Betuwe) den lijftocht hunner goederen, — waarover waren 
als stadhouder Jordaen Franken en als schepenen Hendrik van den 
Kerckhoff en Hendrik de Laer. 

697. 18 Sept. 1659, 

Docter Amoldt van der Voort en Naeleken de Vries, zijne huis- 
vrouw, vermaken elkander over en weder vooramptman engerichts- 
lieden van het land van Maas en Waal den lijftocht hunner goederen, 
— waarover waren Sweder van den Boetzelaer als amptman en 
richter en Johan Bridt en Jan Sanders van Well alsgerichtslieden. 

598. 11 Maart 1660. 

De Prior en de Rechtsgeleerde faculteit te Leuven bevorderen 
Jacob van Grinsven, wonende te 's-Hertogenbosch, tot licentiaat in 
de rechteui na aflegging zijner geloofsbelijdenis. Den lO^^Dec. 1601 
l^gde h$ den eed van advocaat af in handen van Johan van Thulden, 
eersten raad-ordinaris van den Souvereinen Baad van Brabant. 

599. 17 April 1660. 

Jurefaes Dirksz., wonende te Nuland, draagt over voor schepenen 
van Oeffen aan Hendrickgen weduwe Hendrik Jansz. de Olieslager 



— 128 — 

te *8-HertogeDbo8ch twee stokken teel- éki akkerland in de heerl^k- 
heid Geffen, — waarover als schepenen waren Bemard Geraerts, 
president, en Adriaen Hendriks van Greijll. 

600a. 1661. 

Requesten door Philip van Zoerendonck, ond 77 jaren, Nicolaes 
van Broeckhoven, ond V3 jaren, Andries Timmermans, ond 70 jaren, 
Hendrik Plasmans, ond 75 jaren en Lodewijk Smetjers, ond omtrent 
66 jaren, zijnde dezen de eenig overgebleven kanoniken der Collegiale 
Kerk van St Jan Evaogelist te 's-Hertogenbosch, gericht aan de 
Staten-Generaal der Ver. Nederlanden om nitkeeriDg der hnn toege- 
legde inkomsten, die de rentmeester der geestelijke goedereü, Schnijl 
van Walhom, hnn onttrok, met concept adviezen van antwoord 
daarop van 1661 en 1662, denkelijk van de hand van genoemden 
Schniyl van Walhom. 

601. 6- Oct 1661. 

Agnes Bnijs wednwe van Henricns van Schijndel verkoopt voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan Joost Hartens van Vechel een 
cijns, gaande mt een hnis in de Vnchterstraat met een nitgang in 
de Postelstraat aldaar, — waarover als schepenen waren Beijnier 
Tempelaer en Nicolaes de Lobel. 

602. 27 April 1662. 

Mr. David Ackerman, nn schoolmeester te Berlicnm, vroeger te 
Geffen, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Agnes 
Bnssy, wonende aldaar, landerijen gelegen op de Heegt, het Hoog- 
veld en den Elshof te Geffen, — waarover als schepenen van 's-Her- 
togenbosch waren Aemt van Thienen en Abraham Graswinkel. 

603. 17 Dec. 1662. 

Heer Everardns Schnlins, predikant te Berlicnm, vernadert voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch tegenover Agnes Bassy, wonende 
aldaar, landen gelegen op de Hecht, den Elshof en het Hoogveld 
onder de heerlijkheid Geffen, die zij gekocht had van David Ackerman, 
— waarover als schepenen waren Nicolaas de Lobel en Jacob van 
Gasteren. 



— 12Ö — 

604 30 Juni 1663. 

Scheiding en deeling der nalatenschap van Geertmid, dochtervan 
Hendrik Janszoon Olieslagers en Henrickgen Jansen, tuschen haren 
broeder Jacob en znster Aelken en de kinderen van hare znster 
Margriet, gehuwd met Anthonis Glaeszn van der Coevering, — waar- 
over waren als schepenen van 's-Hertogenbosch Franchoys Bmijnincx 
en Jacob Lodewijck de Valckenaer. 

605. 30 Juni 1663. 
Daplicaat van het vorige. 

606. 11 Maart 1664. 

Fran^ois van Eessel, koopman te 's-Hertogenbosch, verleent 
voor schepenen aldaar ten behoeve van Daniël Boons, als curator 
van Johanna Bacx, eene rente op het huis de Gulden Arend in de 
Vuchterstraat aldaar, — waarover als getuigen waren de schepenen 
Willem van Houten en Pieter van Teffelen. 

607. 23 Juli 1665. 

De Baad en Leenhof van Brabant te 's-Gravenhage geeft venia 
aeiatis aan Anthonis Glaessen van Gouvringe, inwoner te 's-Herto- 
genbosch. 

608. 20 Sept. 1666. 

De Raad van State der Vereen igde Nederlanden vergunt aan den 
polder van Alem, Maren en Eessel een kapitaal van dertigduizend 
guldens op te nemen. 

609a. 1667. 

Twee brieven aan de regeering der stad 's-Hertogenbosch, de een 
van Johan Hompesch, om gedaan te krijgen van de Regeering te 
Broflsel, dat zij het plakkaat op de landvracht verzachte, de ander 
van de Staten-Generaal der Vereen. Nederlanden over de naleving 
van het echtreglement van 18 Maart 1656. 

610. 22 Mei 1667. 

Het Hof van Holland, Zeeland en West-Friesland geeft ten verzoeke 

9 



— i30 — 

van Johannes, David enNicolaas Dragon, zonen van na te noemen weduwe, 
mandament van arrest en daagsele tegen Joost Schimmelpenningh, 
die met Maria Dragon, dochter van Isaack Dragon, ook zoon van 
genoemde wednwe, clandestiene sponsalia gecontracteerd had, opdat 
hij zonde eerbiedigen de testamentaire erflating van Maria Sohier, 
weduwe van Jacques Dragon. 

611. 22 Juli 1668. 

Alardus Adrianus van Riedwijck, heer van Rocqueny, als man van 
Antonetta d'Abselons, dochter van J^^'' Guilliam d'Abselons, voor de 
eene helft en Jacob de Bije, notaris te *s-Hertogenbosch, als curator 
over de minderjarige kinderen van wijlen J^'' Roger d*Abselons 
en Marike Barbara de Rijckel, voor de andere helft, dragen over 
voor schepenen van *s- Hertogenbosch aan Hendrick Buijsch ten be- 
hoeve van Jaspar van Emmerick, koopman aldaar^ eene rente van 
vijftig guldens op de beden van Brabant in het kwartier *s- Hertogen- 
bosch, — waarover als schepenen waren Arent van Tienen en Daniel 
van der Meulen. 

612. 22 Maart 1669. 

Adriaan ten Hagen draagt over voor schepenen van Woudrichem 
aan den luitenant der cavalerie Nicolaas van Winteroy een morgen 
land, gelegen aldaar, waarover als schepenen waren Abraham Stoffels 
van Steen en Tieleman .Janszn. 

613. 28 Jan. 1670. 

De Raad en Leenhof van Brabant te *s-Gravenhage geeft verlof 
aan Mr Jacob van Grinsven, licentiaat in de rechten, en Maria Anna 
van Nuenen, zijne huisvrouw, beiden wonende te 's-Hertogenbosch, 
om te beschikken over hunne leengoederen. 

614. 16 April 1670. 

Johan van Rosmaer verheft voor den Raad en Leenhove van 
Brabant te 's-Oravenhage zijn leen, gelegen aan den Oegel onder 
Helvoirt, hem aangekomen bij doode Reijnders van Rosmaer, zijn 
vader. 



— 131 — 

615. 28 Jan. 1671. 

Johan ^ils, wonende te Breda, draagt over voor schepenen van 
Breda aan Johan Stickers, apotheker aldaar, een hnis en erf ge- 
legen te Breda, eerst genaamd Bethlehem, nu de Pluim, — waar- 
over als schepenen waren Johannes Damisse en Comelis Scotte. 

616. 8 April 1673. 

Simon van de Westacker, wonende te Heusden, als man van 
Antoniske Simon Dirck Bniijstens, verbindt voor schuld voor sche- 
penen van Heusden haar land, gelegen te Luttelherpt, ten behoeve 
van Pieter Martensse van Heldere, brouwer te Heusden, — waarover 
als schepenen van die stad waren Dirck Wijntrack en Adolph van 
de Waell. 

617a. 11 Juni 1673. 

Notarieel afschrift van eene vertaling in het Hollandsch eener 
volmacht, gegeven voor burgemeester en raad van Warde door 
Jens Pallesen als gehuwd met Mettie Severijnsdochter en door Hans 
Ewesen als gehuwd met Maria Severijnsdochter, waarbij zij machtigen 
Dirck Sijlru om in te vorderen de erfenis van Hans Pieterse, koop- 
man te Amsterdam, welke Dirck Sijlru wederom daartoe machtigt 
Theunis Lauwrenszoon Kreutsenberch, tabakkooper aldaar. 

618a. 25 Juli 1673. 

Volmacht afgegeven voor burgemeester en raad te Warde door 
Christen Hansen als gehuwd met Karen Severijnsdochter, Jens Christen- 
sen als gehuwd met Anna Severijnsdochter, Jens Pallesen als gehuwd 
met Mette Severijnsdochter en Hans Ewesen als gehuwd met Marien 
Severijnsdochter, erfgenamen van Severijn Bronckhorst, op Theunis 
Laurenszoon Kreutsenberch, koopman te Amsterdam, om in te vor- 
deren de erfenis van hunnen oom Joan Pieterszn Bronckhorst. 

ei9a. 29 Oct. 1673. 

Brief van du Louvois uit Versailles aan den graaf de Broglie, 
inhoudende dat dezen daarbij twee ordonnantiën van den Koning 
worden toegezonden. 



- iaè- 

620. J?7 Dec. 1673. 

Peter Postiens vestigt voor Schout, Bargemeester en Schepenen 
van Echt eene rente van vijftig rijksdaalders op zijne goederen aldaar 
ten behoeve van Gerart Driessen en Catharina Wijmen zgne haisvroaw. 

621a. 17 Sept. 1676. 

Request van Oomelïs Gans, heer van Nuland, oud-president der 
Stad *s-Hertogenbosch, ten einde de Raad van Brabant zoude ver- 
klaren dat hy is suiker ende innocent van de perjurie ende perturha- 
tie, die te zijnen laste in het Resolutieboek van 's Hertogenbosch 
staan vermeld ; met bevel van gezegden Raad aan de Regeering van 
*s -Hertogenbosch om uit alle registei-s dier stad te doen ro^ferenofte 
doen uitlichten, sander eenige memorie daervan ovet'ich hl^e, de be- 
wuste injurieuse aenteyckeninge. 

622a. 10 Oct. 1676. 

Aanbod, door Hillebrant Schagen, postmeester van den Prins van 
Oranje, aan de Regeeriug van 's-Hertogenbosch gedaan, om gebruik 
te maken van zyne uitvinding om een zoodanigen postdienst in te 
stellen, dat brieven en pakketten spoediger zouden kunnen worden 
verzonden en besteld dan tot nu toe geschiedt, met verklaring der 
gecommitteerde schepenen van 's-Hertogenboscb, dat de postboden 
en kooplieden met de voorgestelde verandering niet gediend zyn. 

623. 3 Jan. 1679. 

Schepenen, gezworenen en raden der stad *s-Hertogenbosch ver- 
nieuwen de kaart van het schrijnwerkers-, draaiers-, kuipers- en 
rademakers-gilde aldaar. 

624a. 7 Fehr. 1679. 

De secretarissen der stad Brussel verklaren ten verzoeke van 
J®'^. Théodore van Heusden genaamd d'Ëlshout, heer van Middelswaele 
en Soijsele, schepen dier stad, dat de contracten door hem aangegaan 
met Jonker Henrik van Gestel, adjunct-rentmeester van Zijne Eeiz. 
Maj. in het kwartier van Thienen, en diens huisvrouw Gertruda van 



— 133 - 

Hedickhaijsen, moeten worden vemieuwd. Onderteekend B. Diestins, 
J. B. Honwaert en E. Sax, met legalisatie. 

625. 25 April 1679. 

De Baad en Leenhof van Brabant te 'sOravenhage geeft octrooi 
aan Gijsbert Bonaerts, rentmeester van het kwartier van Maasland, 
en Agnes van Meerwijck, zijne huisvroaw, wonende te Osch, om te 
mogen beschikken over honne leenen. 

626a. 8 Mei 1679. 

Koning Lodewijk XIV van Frankrijk geeft een verlof van twee 
maanden aan den Graaf de Broglia. gouvernear van Avesnes. Met 
handteekening van den Koning. 

627a. 9 Juli 1679. 

Verklaring van den Keurvorst Johann Wilhelm betrekkelyk de 
geestelijke jurisdictie over zijn graafsehap Megen. (Copie). 

628. 20 Dec. 1679. 

Geertruid en Oatharina, dochters van Aert Hendriks Oiemeels, 
dragen over voor schepenen van 's-Hertogénbosch aan Maria van 
den Berg, weduwe van Anthonij van Drunen, hare huizinge met 
brouwerij, genaamd in St. Christoffel, staande aan de Korenbrug 
aldaar, — waarover als schepenen waren Joost Nagel en Johan 
Franchoys Balbiaen. 

629a. 9 Oct. 1681. 

Mr. Gerard van Santvoort, licentiaat in de rechten, geeft kwyting 
voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Wouter van Vechel, 
execateur in den boedel van Maria van Hees wijk weduwe w\jlen 
Pieter van Santvoort, zijnen grootvader, — waarover als schepenen 
waren Henrick Copes en Johan van den Berch. 

630. 17 Maart 1682. 

Maria van Bam, weduwe van Charles Antoni van Vladeracken, 



~ 134 — 

verheft het goed, genaamd het Leenhof van OarckhoveD, gelegen onder 
Oisterwijk, voor den Baad en Leenhove van Brabant te 's-Gravenhage. 

631a. 28 Nov. 1683. 

Brief van Jan van de Poll te Hedel over het aanhouden van eenen 
Dierck van de Laer, pretens burger van 's-Hertogenbosch Hij zou 
aan de wenschen der regeering van die stad voldoen, hoewel Gijs- 
bert Hamel hem zei ven aldaar onlangs voor eene futiliteit had ge- 
arresteerd. 
632a. 1687. 

Requost door het Vleeschhouwersgilde te 's-Hertogenbosch gericht 
aan den Raad van Brabant te *s-Hage om te herstellen het onrecht, 
dat door de Regeering van 's-Hertogenbosch aan dat gilde zoude 
zijn aangedaan door zijne kaart of statuten te wijzigen, met voorloo- 
pige beschikking daarop van de Staten-Generaal van 9 April 1688. 

633. 26 April 1687. 

Mr. Huibert van Maren, chirurgijn, wonende te Lithoijen , gewezen 
man enmomboirvan Jenneke Cocks, als toch tenaar harer nalatenschap. 
Mr. Antoni van Maren, mede chirurgijn, wonende te Ophemert, en 
Hendrik van Maren, Claes Janse Clingh en Adriaen Geurt Bogaerts, 
momboiren over Hendrick van Maren, allen kinderen van Gijsbert van 
Maren en Jenneke Cocks, als erfgenamen van deze laatste, dragen 
over voor schepenen van Osch aan Mr. Dirk Bressy, kwartier-schout 
en dijkgraaf van Maasland, een huis en hof in den Brughoek te 
Osch, — waarover als schepenen waren Dielis Peters en Jan van 
(remert de Jonge. 
634a. 27 Sept. 1688. 

Extract uit het register van schepenen, gezworen en raden van 
's-Hertogenbosch, houdende goedkeuring van het rapport door de 
Heeren Frederik Hendrik Sweerts de Landas, Mr. Comelis Ackersdijk, 
Johan van Zutphen en Balbiaen uitgebracht over de ampliatie der 
kaart van het schrijnwerkers-, kuipers-, en stoeldraaiersgilde aldaar. 

635a. 12 Dec. 1688. 

De Prins van Rubempré, Graaf van Vertin, verzoekt sauvegarde 
aan de bevelhebbers van het Fransche leger voor zijne goederen 
gelegen onder Gestel. 



— 135 — 

636. 20 Dec, 1688. 

Venia aetatis door den Baad van Brabant verleend aan Joanna 
Lacia des Menschen, eenige dochter van Oovert des Menscheo, 
wonende te 's-Hertogenbosch, 

637a. 1689. 

Johan Philips baron van Leefdael, heer van Waalwijk en Beek» 
beklaagt zich bij den Baad van Brabant, dat, ofschoon hij zich niets 
te verw\jt«n heeft, hij ingevolge besluit van Schepenen van 's-Her- 
togenbosch bij edicte ter pnie van het stadhuis aldaar en met aan- 
plakking is gedagvaard om voor Wethouders aldaar te komen aanhooren 
eene klacht ten crimineele tegen hem ingediend. Hij acht de citatie 
nietig en injuriens en verzoekt de nietigverklaring daarvan. 

638. 2 Mei 1687. 

Ariaen Lucassen draagt over voor schepenen van Osch aan Mr. 
Diderik Bressy, schout en dijkgraaf van Maasland, een gedeelte van 
zijn hoi gelegen in den Brughoek onder Osch| — waarover als sche- 
penen waren Dilis Peters en Wouter Francis van Osch. 

639. 13 Aug. 1689. 

De Baad en Leenhof van Brabant te 's-Gravenhage geeft octrooi 
aan Gijsbert Bonarts, rentmeester van het kwartier van Maasland, 
weduwnaar van Agnes van Meerwijck, om te mogen beschikken over 
zijne leenen. 

640. 20 Oct. 1689. 

De Baad en Leenhof van Brabant te 's-Gravenhage geeft verlof 
aan Hendrik Claeszoon van Osch, wonende te den Dungen, om te 
beschikken over zijne leenen. 

641a. 26 Jan. 1690. 

Versoekschrift van de Magistraat van 's-Hertogenbosch aan de 
Baden van Willem III om den toestand der rivier de Maas nabij 
de monding van de Dieze te mogen verbeteren ; met de daarop ge- 
geven besdiikkingen van 26 Juni en 11 Sept. 1600. 



— 136 ~ 
642a. 2 Dec. 1690. 

Bezegelde schuldbekentenis van Johan Friederich Spieker aan 
Arent Burger, hoeismid te 's-Graveohage. 

643a. 20 Feb. 1691. 

Request van de Regeering van 's-Hertogenbosch aan den Raad 
van State om goed te keuren een projekt tot het inrichten van het 
klooster in de Tolbrugstraat te 's-Hertogenbosèh tot tuchthuis; met 
beschikking van den Raad van State, waarbij te dien einde aan 
de stad 's-Hertogenbosch gezegd klooster wordt afgestaan, mits zij op 
hare kosten dat klooster tot tuchthuis inrichte, de gevangenen en 
hunne bewaarders op hare kosten onderhoude en aan den overge- 
bleven pater en nonnen van het klooster eene bekwame woning 
verstrekke. 

644. 22 April 169L 

Gijsbrecht en Adriaan Boonaerts, gebroeders, dragen over voor 
schepenen van Osch aan Johannes Boonaerts Gijsbertszoon een huis 
en erf, gelegen op Hatwijck onder Osch — waarover waren Dirk 
Sas als stadhouder en Jan van Meeuwen als president schepen. 

645. 5 Dec 1692. 

Jan Ariaen Dirkszoon van Geulen, inwoner der heerlijkheid Amel- 
rode, als daartoe verlof hebbende van den Baron van Arckel, Heer 
van A meirode, draagt over voor schepenen van Osch aan Gijsbert 
Boonaerts een stuk land aldaar gelegen, — waarover waren Dirk Sas 
als stadhouder, Antoni van Orsouw en Jan Aerts als schepenen. 

646. 17 Maart 1693. 

Jan Jansen van Meeuwen, president-schepen en Jan Ardt Peeters 
en Antoni van Orsouw, schepenen van Osch, geven een vidimus ysji 
eene resolutie van H. H. M., de Staten-Gencraal, van 18 Febr. 1693, 
waarbij de commissie van het secretariaat van Osch en het grifSers- 
en dij kschrij versambt van Maasland op Gerit Croon wordt ingetrokken 
en geapprobeerd wordt de collatie van voorschreven ambten, gedaan 
op Johannes Devenijns door Gijsbert Boonaerts, als hebbende deze 



— 137 - 

het erfrecht op diverse secretarien en vorsterijen in de Meierij van 
's-Hertogenbosch. 

647. (abest) 1 Juni 1693. 

Alexander Schimmelpenninck van der Oije, hoog- en laag-schont, 
en Schepenen, Gezworens en Raden van 's-Hertogenbosch wijzigen 
de kenr van het smedenambacht aldaar. 

648. 27 Juni 1693. 

Jan Janse Boovers draagt over voor den stadhouder Broeckhnijsen 
en schepenen van Osch aan Gijsbert Boonaerts twee en een halven 
morgen weiland, gelegen aldaar, — waarover als schepenen waren 
Jan Arts en Peeter Meegens. 

649. 13 Fel. 1694. 

Steven van den Havick, als in huwelijk hebbende Helena Criellaert, 
draagt over voor schout en schepeoen van Woudrichem aan Agata 
Westerwout, weduwe van den ritmeester Nicolaus van Winteroij, 
wonende te Woudrichem, vier hond vijftig roeden land, gelegen 
aldaar, waarover waren als schout Beuedictus Wittens en als schepenen 
Adriaen de Witt en Izaak van Walgeren. 

650. 13 Fehr. 1694. 

Mons. Marcus Anthonij Sauve, schoolmeester in de Fransche taal 
te Oonda als in huwelijk hebbende Johanna Criellaert en Gillis 
Aertszn van Andel, als gehuwd met Lijsbet Criellaert, dragen over 
voor schout en schepenen van Woudrichem aan Agata Westerwolt, 
weduwe van den ritmeester Nicolaes van Winteroij, wonende aldaar, 
vier morgen vijflig roeden land, gelegen aldaar, — waarover schout 
en schepenen waren alsvoor. 

651a. 22 April 1694. 

Johanna, Johan, Maria Catharina, Boudewijn en Adrianus Vloots» 
kinderen van Hendrik Vloots, verklaren eenige renten op de beden 
van Brabant te sullen transporteeren aan hunne zuster Ulanda Vloot$i 



— 138 — 

652a 23 Maart 1696. 

SchepeDen van Ravenstein berichten aan hnnne collega's van 
's-Hertogenbosch, dat het niet hunne schald maar wel die van bun- 
nen Kenrvorst is, dat zij den gearresteerden Anthonij Vester nog 
niet losgelaten hebben en dat zij daarom verzoeken dat Banm, land- 
schrijver van Ravenstein, die door schepenen van 's-Hertogenbosch 
bij wijze van represaille gevangen genomen is, bij provisie gerelazeerd 
zal worden. 

653. 10 April 1696. 

Adriaan Peters van Beeck, wonende te Moergestel, verklaart voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch wegens geleend geld schuldig te 
zijn de som van twee-honderd guldens aan Anna Maria Bartholomeus 
Theulinghs, wonende te Antwerpen — waarover als schepenen waren 
Gornelis Thooft en Comelis Ackersdijck. 

654. 1» Mei 1696. 

Herman Gremers, als daartoe gemachtigd door den Raad van 
State, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Mr. 
Comelis Ackersdijk, advocaat en schepen aldaar, eene rente van 
twee en dertig guldens op de beden Brabant, afkomstig van de Jonkers 
Marcelis en Aert, zonen van Jan van Brecht, — waarover als sche- 
penen waren Abraham Daesdonck en Thomas van Beresteijn 

655. 30 Mei 1696. 

Herman Gremers, als daartoe gemachtigd door den Raad van 
State, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Mar- 
garetha van Esch eene rente op de beden van Brabant, gevestigd 
in 1562 ten behoeve van CathariDa, dochter van Fran9ois van der Kam- 
men, — waarover als schepenen waren Gornelis Ackersdijck en 
Gillis van Berckel. 

656. 30 Mei 1696. 

Herman Gremers, als daartoe gemachtigd door den Raad van 
State, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Mar- 
garetha VAQ ^sch eene rente op de beden vfua Brs^bant, gevesti^ 



— 139 — 

ia 1564 ten behoeve van Lambert, zoon van Dirck Aerts. Hierover 
waren als schepenen Cornelis Ackersdijck en Gillis van Berckel. 

657. 30 Mei 1696. 

Herman Cremers, als daartoe gemachtigd door den Raad van 
State, draagt over voor schepenen 's Hertogenbosch aan Johanna Maria 
van Ësch eene rente op de beden van Brabant, gevestigd 2 Nov. 
1564 ten behoeve van Erasmus van Houwelingen Hierover waren 
als schepenen Cornelis Ackersdijck en Gillis van Berckel. 

658. 2 Juli 1696. 

Dr. Engelbert Beeckman, ambtman en rechter der heerlijkheid 
Horssen, laat over aan juffrouw Naletta van der Voort, weduwe van 
Heer Willem Pieck, ambtman tot Batenburg en als zoodanig rent- 
meester van de goederen, die eerst toebehoorden aan het Kapittel 
aldaar en nu aan Isabella Justina Gravin van en tot Hornes, zes 
morgen land genaamd de Stooter, gelegen onder Horssen, waarvan 
zij het verwin had ten laste van de weduwe Herman Jans de Haart 
en Gerrit de Ruijter Met een transfix. 

659. 19 Dec. 1696. 

Frans van Heum, rentmeester der geestelijke goederen in Peel- 
land, in zijne hoedanigheid van gemachtigde van Hugo Repelaer, in 
den ouden raad der stad Dordrecht, als voogd over de kinderen 
door Diderik de Bressy, in leven kwartier-schout en dijkgraaf van 
Maasland, verwekt bij Walterie Cools, draagt over voor schepenen 
▼an 's-Hertogenbosch aan Reinier van Bueren, ontvanger van de 
gemeene middelen in Maasland, de huizing en erve Arentsvlucht te 
Osch, welke huizing door Diderick de Bressy uit den grond opge- 
timmerd was, — waarover als schepenen waren Cornelis 't Hooft 
en Cornelis Ackersdijck. 

660a 1697. 

Akten betrekkelijk de aanstelling van Johan van Steenhuijsen tot 
krankenbezoeker der stad 's-Hertogenbosch in de plaats van Cornelis 
yim Poederoijen. 



— 140 — 
661. 20 April 1697. 

Gemt Melchiors, secretaris van Dassen en Dirck Joestens dragen 
over voor Schoat en Heemraden te Dnssen aan Jan Leenderts van 
Clootwijck land, gelegen aldaar in het ambacht van Munsterkerk, — 
waarover waren als schoat ^driaan Pieters. richter in gezegd ambacht 
en als heemraden Aert Joestens, Pieter Adriaens, Jan Slijpts en 
Comelis Dircks. 

662a. 27 Juni 1697, 

Brief door Walrad Graaf van Nassau, generaal der cavalerie ten 
dienste der Vereenigde Nederlanden, en goavemeur van Bergen op 
Zoom, „in 'tleeger bij Deijnse" aan de Magistraat van 's-Hertogen- 
bosch gericht over het verkregen verlof om een Spaanschen ruiter 
te 's-Hertogenbosch te doen ezecuteeren. (Hierbij bevindt zich het 
portret van Walrad van Nassau.) 

663a. 23 Aug. 1697. 

Kennisgeving, dat Maximiliaan Emanuel, Hertog van Opper- en 
Neder-Beijeren en den Opperpalts, gouverneur der Zuid. Nederlanden, 
bepaald heeft, dat met ingang van 25 Augustusl697 de kooplieden 
en goede lieden van 's-Hertogenbosch met hunne koopwaren vrijelijk 
kunnen komen op de vrije Bamisjaarmarkt, die te Antwerpen zal 
gehouden worden. 

664. 29 Nov. 1697. 

Willem Willems van Oyersteghen en Pieter Arts de Smijdt, als 
kerkmeesters van Dussen, dragen over voor Schout en Heemraden 
aldaar aan Jan Leenderts van Clootwijck, land, gelegen aldaar in 
het ambacht van Munsterkerk, — waarover waren als schout Adriaen 
Pieters, richter in het ambacht van Munsterkerk en als heemraden 
Aert Joesten, Pieter Adriaens, Jan Slijpts, Comelis Dircks, Jacob 
Ploeys, Joest Aerts en Aert Goessens. 

665a. 24 Dec. 1697. 

Aanschrijving der Staten Generaal aan de Regeering van 's-Her- 
togenboscb om de Fransche Réfugiés in kennis te stellen met de 



— Ui — 

bepaling van den Koning van Frankrijk, dat geen refagié in cijn 
Rijk mag terogkomen, temy dat h^ cUvoorens ahjuratie van zjfne 
religie soude hebhen gedaen en vervolgens Moer te leven aU een goed 
Catholycq. 

666a. 5 Sept 1698. 

Uittreksel uit de re6oluti6n van den Baad van State, waarbij 
afwijzend wordt beschikt op een verzoek van schepenen van *S;Her- 
togenbosch om het gehncht den Dungen te eximeeren van de publieke 
verpachting van 's lands middelen, welk verzoek door hen was ge- 
daan naar aanleiding van een request der ingezetenen van den Dongen. 

667. JO Dec. 1698. 

Theodoms van Asten, notaris en klerk ter secretarie te 's-Herto- 
genbosch, als gemachtigde van den gesnspezideerden ontvanger van 
Maasland Reinier van Bneren, wiens vrouw was Anna Elisabeth 
Oraham, draagt over voor schepenen van VHertogenbosch aan Johan 
Baptist Bonaerts de huizinge Arentsvlucht met toebehooren onder 
Osch, — waarover als schepenen waren I/endrik Copes en Rutger 
Tulleken. 

668. 3 Jan. 1699. 

Mons. Jacob van Rijckevorsel, notaris en procureur te Breda, als 
curator over den boedel van Rombout 's Graeuwe en Gomelia van 
den Rieboom en daartoe door de magistraat gemachtigd, draagt over 
voor schepenen van Breda aan Lambertus Buijsschaerts, med. doctor 
en diens vrouw Johanna Maria de Winter, een huis, huisbrouwerij 
en brandewijnstokerij, genaamd de Hoop, staande in de Lange 
Brugstraat aldaar, den genoemden Rombout 's Graeuwe in 1665 
aangekomen — waarover als schepenen waren Comelis Vereijck 
en Mr. Johannes Gerardus van Goor. 

669. 17 Jan. 1699. 

Aert van der Colff, wonende te Woudrichem, als curateur over den 
boedel van Benedictus Willems, zoo voor dezen in privé en als in 
huwelijk hebl^ende vrouwe Henrietta van Nispen, draagt over voor 
schout en schepenen van Woudrichem aan Agatha Westerwolt, weduwe 



— 142 — 

van den ritmeester Nicolaas van Wiateroij, vier morgenland, gelegen 
onder Rijswijk (^land van Altena}^ — waarover waren als schont 
Adriaen van der Colff en als schepenen Dirck ten Haegen en Izaak 
van Walcheren. 

670. 26 Sept, 1699. 

Johannes Woestenbnrch, wonende te 's-Hertogenbosch, verbindt 
voor schepenen aldaar zijn huis, genaamd in de Koningin van 
Engeland, staande aldaar, ten behoeve van Margaretha van Ësch, 
wonende aldaar, wegens eene schuld van vijfhonderd guldens, — 
waarover als schepenen waren Johan Sestus van Breugel en Rutger 
Tulleken. 

67 L 3 Nov. 1700. 

Johannes van Woestenburch, wonende te 's-Hertogenbosch, bekent 
voor Schepenen van 'sHertogenbosch aan Hendrik van Utrecht, 
wonende aldaar, driehonderd guldens schuldig, — waarover als 
schepenen waren Henrick van Berckel en Jan Adriaan Ruijsch. 

672. 30 Aug. 1703. 

Schepenen en Raden van 's-Hertogenbosch getuigen , dat Cornelis 
Gerrits van den Dungen, wonende aldaar, een goed ter naam en faam 
staand poorter dier stad is en den eed heeft afgelegd, dat hij op 
dezen tolbrief geen andere goederen voeren of doen vervoeren zal 
voorbij de tollen van Brabant, Limburg, Luxemburg, Gelderland, 
Graafschap Zutphen, Landen van Ravenstein en Herpen, enz., dan 
zijne eigene goederen en die zijner medepoorters, welke jaar en dag 
inwonende poorters waren. Get. Cattenburch. 

673a. 18 Nov. 1703. 

Verzoek om schadevergoeding, uit Breda gedaan aan Schout, 
Schepenen en Regenten te Zundert op grond, dat de vijand genomen 
heeft twee paarden van de conducteurs van requestrant, die door 
genoemde regenten tot assistentie van de sauvegarde op 25 Juli 1.1. 
aangehouden waren. (Handteekening onleesbaar). 



— 143 - 

674. 30 April 1704, 

Johan Philip Baron van Leefdael, heer van V\'aalwijk, Beek enz. 
als vader en voogd over Oomelia Joanna, verwekt bij wijlen zijne 
huisvrouw Henriefcta van Vladeracken, draagt op aan den Baad en 
Leenhove van Brabant te 'sHage het goed genaamd het Leenhof 
van Eerckhoven, gelegen onder Oisterwijk, ten behoeve van Petrus 
van Corsvarem, Oraaf van Niel, kolonel te paard in Staten dienst, 
welke daarop met dit goed beleend is. 

675. 7 April 1706. 

De erven van Elisabeth Jansen, wedawe Willem Baessen, te 
Diessen overleden, dragen over voor schepenen van Hilvarenbeek 
aan Johan Moonen de helft in een beemd, gelegen onder Diessen bij 
*t Hooghois, — waarover als schepenen waren Laurijs van den 
Nienwenhaijsen en Jan Dirk Bartels. 

676. 14 Sept. 1707. 

Willem en Christoffel Dijnant, als lasthebbers hunner moeder 
Beatrix Griellaert weduwe Christoffel Dijnant, wonende te Gorinchem, 
dragen over voor schout en schepenen van Woudrichem aan Agatba 
Westerwolt, weduwe van den ritmeester Nicolaas van Winteroije, 
wonende aldaar, land gelegen onder Rijswijk en Woudrichem, — 
waarover waren als schout Benedictus Wittens en als schepenen 
Qerrit van den Havick en Comelis Tauws. 

677. 27 Juni 1709. 

De Staten van Holland en West-Friesland, uit aanmerking dat 
de kerk van Sleeuwijk geene andere inkomsten heefl dan ongeveer 
v^f tig guldens 's jaars, z^nde de opbrengst der collecte en begrafenissen 
en dat dientengevolge de kerk met haar torentje, het predi kants- en 
bet schoolhuis niét konden worden gerepareerd zooals het behoorde, 
waardoor die gebouwen erg vervallen waren, vergunnen aan hare 
kerkmeesters eene loterij te doen houden van tweemaal honderd- 
daisend guldens. 



— 144 — 

678a. 20 Juli 1709. 

Extract uit eene resolutie der Staten Oenerraal van dien datam 
voor de voorlezers, kosters en schoolmeesters in de General iteit, met 
eenige andere resoluties en reglementen voor die landstreek. 

679a. 9 Oei. 1709. 

Franchois Cleijmans c. s. verkoopen voor schepenen van 's- Her- 
togenbosch een buitenhuis te Yught aan Gk>defridus Stappers, — 
waarover als schepenen waren Mathias de Vlamingh en Pieter 
*s Oravesande. 

680. 8 Jan. 1710. 

Juffrouw Hendrina van den Heesacker, wonende t« 's-Hertogen- 
bosch als gemachtigde van Vrouwe Johanna de Bije, weduwe van 
Johan Ferdinand van Gasteren, in zijn leven kapitein ten dienste 
dezer landen, in hare qualiteit van executrice testamentaire van 
Jacob de Bije, in leven notaris en oud procureur van 's-Hertogen- 
bosch, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Pero 
de Gassemaior, notaris aldaar, drie cijnsen, gaande uit een huis, staande 
te 's-Bosch op den hoek der Earstraat (zijnde het huis genaamd 
St. Pieter), uit de Baronie van Granendonck en uit goederen gelegen te 
Empel en Schijndel, — waarover als schepenen waren Jacob Lede 
wijk Sweerts de Landas en Fran^ois van Blotenburgh. 

681. 20 April 1716. 

Mr. Gornelis van Gampenhout, chirurgijn, wonende in de Hoeven, 
als weduwnaar van Geertruid van Vlimmeren, draagt over voor sche- 
penen van Hilvarenbeek aan Jan van Geffen huizing en landerijen 
aldaar gelegen, — waarover als schepenen waren Guillam Verhart 
en Michiel van de Sande. 

682. 29 Nav. 1718. 

Isaac Baron van Gronstrom, brigadier en kolonel in Staatechen 
diensten voogd over zijne oudste dochter Ghristina Elisabeth Gronstrom, 
wordt door den Raad en den Leenhove van Brabant beleend met het 
Leenboek van de achterleenen, behoorende tot de goedereui gelegen 



— 145 - 

te Kerckhoven onder Oisterwijk, haar aangekomen bij koop van Cor- 
nelia Johanna Baronesse van Leefdael, Markiezin d'Asch. 

683. 22 Dec, 1719. 

Johan Baron van Schten, heer van Echten, overste der infanterie 
in Staatschen dienst, als vader en voogd van zijne dochter Anna 
Christina, verwekt bij zijne overledene vrouw Ghristina Elisabeth 
Baronesse Cronstrom, doet opdracht en kwytschelding voor den 
Baad en Leenhove van Brabant te 's«Gravenhage van haar goed 
genaamd het Leenhof van Kerckhoven, gelegen onder Oisterwijk, 
ten behoeve van Isaac Baron Cronstrom, brigadier in Staatschen 
dienst en kommandant van Veome en Dixmoijden. 

684a. 80 Dec. 1721. 

Testament, gemaakt te Amsterdam door Anna Gatharina Lnijken, 
wednwe van Qtemt van Oosten, wonende aldaar, ten behoeve harer 
kinderen. 

685. 7 Oct. 1722. 

Albnmblad, door Stephanns Johannes van den Velde gezegd 
Honselaer, liefkehher der ondheü zooals hij zich noemde, gewoond 
hebbende te 's-Hertogenbosch in de St.-Jorisstraat, beschreven voor 
Willem Blankaert, raad van Vianen en Ameijde. 

686. 9 Dec. 1723. 

Jacobas Fiers, Mr. metselaar te Breda, draagt over voor schepenen 
aldaar aan Frederic de la Oochez, klerk ter secretarie aldaar, een 
hais en erf, staande in de Nieawstraat aan de Kleine Brag aldaar. 
Hierover waren als schepenen Uuijbrecht Jan Ooms en Thomas Ernst 
van Gk>or. 

687. 19 OcL 1724. 

De Raad en Leenhove van Brabant machtigt den eersten denr- 
waarder om ten verzoeke van Gijsberta van Berckel, weduwe wijlen 
Johan-Bapista Bonaerts Gijsbertszn, wonende te Osch, als moeder en 
voogdesse van Qijsbertus Bonaerts, opvolger in de erf -secretarie van 
Maasland b^ doode zijns vaders en grootvaders, aan te zeggen aan 
Hendrik Garel van Sevenhoven om de secretarie van Berlicum en 
Middelrode te ontruimen. 

10 



— Ud — 

688. 20 Jan. 1728, 

De Baad en Leenhove van Brabant, ten verzoeke van den meer- 
derjarig geworden zijnde Gijabert Bonaerts, erf-secretans van Ber- 
licnm en Middelrode, gelast den eersten deurwaarder 's Hofs om de 
facto nit gemelde secretaiie te zetten den persoon van Hendrik 
Carel van Sevenhoven, 

689a. 28 &pt. 1729. 

De Kerkeraad der Hervormde gemeente te Eindhoven roept op de 
naborige predikanten om op 3 October 1720 in de consistoriekamer te 
Eindhoven te komen ten einde over het beroep te staan van Ds. Gerardns 
Thielen, predikant te Eijsden, die beroepen was als predikant van 
Eindhoven en Strijp in de plaats van wijlen Ds. Hermanns Cnijpers ; 
met verklaringen der naburige predikanten, dat zij de oproeping ont- 
vangen hebben. 

690. 26 Juni 1731. 

Hendrik VVillemsz. Smits en Oerit Ariëns op 't Hoog, wonende 
te den Dongen, verbinden zich voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
tot de betaling van tweehonderd goldens aan Catharina van Oeffen, 
weduwe Andries van Bavest\jn, wonende te VHertogenbosoh. Hier- 
over waren als schepenen Alexander Berend van Eybergen en Jere- 
mias Storm 's-Gravensande. 

69 1. 17 Juni 1783. 

Voor schepenen der stad en landen van Niervaart gezegd de 
Glundert transporteert Fran9ois van Riet, wonende te Hooge Zwaluwe, 
aan Simon Adriaan de Vries, wonende te Oosterhout, land gelegen 
te Niervaart. Hierover waren als schepenen Jacobus Bu\jl, Jacobus 
Hogendyk en Andries Saarloos. 

692. 16 Nov. 1784. 

Hendrik Willemse Smits en Gerit Ariëns op 't Hoog, wonende te 
den Dungen, verbinden zich te betalen eene som van honderd v^ftig 
guldens aan Gerard Janssen van Grinsven en Jan Teunisse Spierinz^ 
als armmeesters %e den Dungen. Hierover waren als schepenen der stad 
s- Bosch Daniël de Lobell en Ewoud Hendrik Storm van 's-Gxavesande. 



— 147 — 

603. 1736, 

Oiders aan het garnizoen van Bergen op Zoom, gegeven door den 
gouverneur van Rheede tot Oinkel. 

604a. 7 Mei 1736. 

Thomas Jacobos baron van Wassenaer-Warmond, praepositas 
van de St. Servaaskerk te Maastricht, geeft kennis, dat hij met het 
beneficie van het in die kerk staand altaar der H. Gecilia begiftigd 
heeft Ooilelmus Beijnems Op velt, geestelijke van het bisdom Luik. 

695. 8 Jan. 1737, 

Willem Roels. gezworen klerk ter secretarie te 's-Hertogenbosch, 
als gemachtigde van de schuldeischers van Anna Botermans, weduwe 
Hendrik de Paap, draagt over voor schepenen van 's-Hertogenbosch 
een huis en erf, eertijds genaamd in St. Barbara nu de Eierkorf, 
staande aldaar in de Hinthamerstraat, aan W^'nand de Oroot, burger 
van 's-Hertogenbo6ch, — waarover als schepenen waren Abraham 
Hubert en Jeremias Storm van 's-Gravesande. 

696a. 23 Dec. 1737. 

Burgemeesters en schepenen der stad Eindhoven vernieuwen de 
kaart van het Brouwers-, wijntappers- en beenhouwersgilde aldaar. 

697a. 9 Jan. 1738. 

Advies van Schepenen van 's-Hertogenbosch over de kwestie of 
de erfgenamen van Marten en Jacobus Eijmberts, die te St. Michiels- 
Gestel vermoord werden, gehouden zijn te betalen de kosten van 
de schouwing der lijken van dezen 

698a. 1 April 1738. 

Resolutie der Staten Generaal betrekkelijk het aanhouden van 
vagebonden in de Meier^ van 's-Hertogenbosch. 

699. 2b April 1739. 

Antoinetta van den Eijnde, als erfgenaam van haren eersten man 
Sr. Fredericus de la Cochez, geassisteerd door haren tweeden man 



— I4g — 

Sr. Anthonij Wiercx, Mr. knoopmaker te Breda, draagt over voor 
schepenen van Breda aan Oerhardas de Ridder, kapitein-luitenant 
in het regiment cavalerie van den Prins van Hessen- Philipsthal en 
zijne vrouw Gerharda J^aria Dingemans een huis en erf, staande in 
de Nieuwstraat aldaar aan de kleine Brug, — waarover als schepenen 
waren Andries David Knoliaert en Mr. Willem Hendrik Verbrugge, 

VOO. 26 Juni 1739. 

Johan Louis Verster en Johan van Esch, als gecommitteerden van 
den polder van der Eijgen, dragen over vo »r schepenen van *s Her- 
togenbosch aan Lambertus van Rosmalen, wonende, te *s-Hertogen- 
bosch, een morgen en vierde half land in de Boekenlaaren onder 
Empel, — waarover als schepenen waren Daniël Mobachius Quaat 
en Johan Philips van Ëijs. 

701a. 1740. 

Kwitantie ten behoeve van het schrijnwerkers-, kuipers-» draaiers 
en rademakers-gilde te *s Hertogenbosch. 

7ü2a. 31 Dec. 1740, 

Brief van St. Joh. Van den Velde gezegd Honselaer over den toen- 
raaligen watersnood te 's- Hertogenbosch. 

703. 23 April 1743. 

Wilhelmus van der Laagen, wonende te St. Michiels-Gestel, draagt 
over voor schepenen van 's -Hertogenbosch aan Mr. Cornelis Ackers- 
dijk, oud-raad en schepen dier stad, eene rente op de beden van 
Brabant, gevestigd in 1568 en eene schuldvordering op het dorp 
Lithoyen, — waarover als schepenen waren Johan Louis Vester en 
Fran9ois van Paddenburg. 

704. J23 Juli 1743. 

De Raad en Leenhove van Brabant approbeert ten verzoeke van 
Nicolaas Floris Lach, als voogd over de drie minderjarige kinderen 
van wijlen zijne zuster Catharina Lach, bij haar verwekt door haren 
man Cornelis Johannes Rijcken, alsmede ten verzoeke van dezen 



— 149 — 

laatste als vader en toezienden voogd van genoemde kinderen, — 
een accoord betrekkelijk de nalatenschap van Johanna Ëlisabeth de 
Pottere weduwe van Warnems Lach, in zijn leven predikant te 
Bergen op Zoom, welke erflaatster bij haar testament tot hare eenige 
erfgenamen instelde hare kinderen, met namen Nicolaas Floris Lach, 
Gatharina Lach, (de overleden hnisvronw van den tweeden suppliant), 
Johannes, Ghristina en Warnems Adrianns Lach. 

705. 5 Dec. 1743. 

De Raad en Leenhove van Brabant verleent venia aetatis aan Adriana 
Petronella van Bommel, oud over de 20 jaren, wonende te Bergen 
op Zoom, dochter van wijlen Adrianns van Bommel, in z^n leven 
burgemeester aldaar en van wijlen zijne eerste vrouw Maria Ëlisabeth 
van Uffele. (Zijne tweede vrouw was Johanna Helena Lindheijmer.) 

706. 13 Aug 1745. 

Het Leenhof van het Markiezaat van Bergen op Zoom verklaart 
ontvangen te hebben van Comelis Johannes Rijcken, als man én 
momboir van Adriana Petronella van Bommel, bij doode van haren 
vader Adrianns van Bommel, hulde en manschap wegens eene hoeve 
met cijns, staande in den Auvergne en aldaar in den 's Heer Boudes- 
polder. 

707a. 4 Juli 1746. 

De Raad en Leenhove van Brabant geeft provisie van daagsele 
tegen onderscheidene personen, die gelden verschuldigd zijn wegens 
salaris aan Mr. Willem Comelis Ackersdijk| advocaat te 's-Her- 
togenbosch. 

708. 19 Fehr. 1750. 

Johan-Baptista Boonaerts, wonende te Osch, bekent voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch schuldig te zijn vijfhonderd Caroli guldens 
togen eene rente van vier en een half ten honderd aan Roelof Tibosch, 
koopman aldaar, — waarover als schepenen waren Jan van Heum 
en Francis van Rotterdam. 



— 150 — 

700a. 31 Maart 1761. 

Brief van Hermanns, abt van Postel, (sonder adres), inhoudende 
bericht van terugzending van bagage en geld van iemand, die uit 
het noviciaat was teroggetreden. 

.710a. 1753 en 1754. 

Akten, betreffende het verkoopen van stedelijke ambten te Breda 
tot redres der finantiën van die stad. 

711. 12 Mei 1756. 

Amoldns Fahrii woonachtig te Wassenberg, en Jan van Ro$, 
wonende te Soh^ndel, als man en momboir van Isabella Fabri, ver- 
koopen voor schepenen van 's-Hertogenbosch aan Johan Hendrik 
Gombert, wonende aldaar, een hols, staande in de St. Jacobstraat 
aldaar, — waarover als schepenen waren Willem Bopp en Arent 
Verspljk. 

712ii. 25 Mei 1758. 

Reglement van de Vredemakers te Prinsenland. 

713a. 1759 en volgende jaren. 

Verpachtingen der tienden te Oriel door Martinns van Bamevelt, 
heer van Engelen en Vl\jmen, burgemeester van Gorinchem. 

71 4a. 20 Mei 1759. 

Uitgifte door Carcdina gravin van Bentheim, douarière van Frederik 
graaf van Gronsveld, ambachtsvrouw van Werkendam, van eene erf- 
pacht ten behoeve van Hendrik van der Mast, mr. timmerman aldaar. 

715. 5 Sept. 1764. 

Johannes Ludovious Schoutheet, griffier van den lande van Dender- 
monde, verheft voor den Raad en Leenhove van Brabant syn leen 
in den Gegel onder Ilelvoirt, hem aangekomen als erfgenaam van 
Adriana Elisabeth Doncquers. 



— 151 — 

716. 23 Fébr. 1765. 

Amoldns Mahie, wonende te Voght, draaagt over voor schepenen 
van 's-Hertogenbosch aan Oodefndos van Osch, wonende aldaar, een 
hnis, staande aldaar achter het Stadhuis, — waarover als schepenen 
waren F. C. Ghombach en W. C. van Heemskerk. 

717. 9 Oct. 1765, 

Albert Walraven, med. doctor te 's-Hertogenbosch, als regent 
van het Borger Weeshuis aldaar, draagt over voor schepenen van 
's-Hertogenbosch aan Joseph Perswiel een hnis, staande in de St. 
Jaoobstraat aldaar, — waarover als schepenen waren Anthonij Johan 
de Vlieger en Mr. Peter van Wnllen. 

718. 5 Dec. 1768. 

Dina Henrietta Baronesse van Cronstrom, douairière Deelen van 
Schonenbnrgh, verheft voor den Raad en Leenhove van Brabant het 
goed genaamd het Leenhof van Kerckhoven, gelegen onder Oisterwijk, 
haar aangekomen bij doode van haren broeder Daniel Isaac Baron 
van Qronstrom. 

719. 27 Juli 1770 

Willem Smits, wonende te den Dongen, verbindt zich te betalen 
eene som van tweehonderd guldens aan den Heer Henricus Vor- 
stenbosch, priester, wonende op het kasteel Zegenwerp onder St. 
Michiels-Gestel, ten behoeve van Maria Henrica en Anna Maria, 
dochters van Benedictus de Stockmans, ook wonende op Zegenwerp. 
Hierover waren als schepenen van 's-Hertogenbosch Ant. van Hans- 
w^k en D. J. Saijer. 

720. 18 Juli 177 L 

Johan Watrin als vader en voogd van Jacobus Watrin verheft 
voor Ai&a Baad en Leenhove van Brabant zijn leen, gelegen in den 
Ghgel onder Helvoirt, hem voor z^nen genoemden zoon b(| koop 
aangekomen van de erven Adriana Elisabeth Dencquers. 



— 152 — 

721, 17 Mei 1772, 

De Hooge Baad van Holland geeft teo verzoeke van Nicolaas 
Dragon zoo voor zich en als erfgenaam van w\jlen zgnen broeder 
David Dragon en voorts ten verzoeke van de erfgenamen van Johan 
Dragon, allen erfgenamen van Maria Sohier, mandament van dag- 
vaarding in appel tegen Joost Schimmelpenningh, gehuwd met Maria 
Dragon en diens crediteuren. 

722. 20 Aug. 177 B. 

Jan A. van Bergen, scheepstimmermansbaas te Groningen, draagt 
over voor Dr. Dirk Jan Nauta, geconstitueerden richter te Siddeburen, 
aan Pieter Jans Coster, schipper te Pekelaa, en zijne vrouw Mar- 
gien Harms een nieuw gebouwd kofschip voor de som van 3675 
guldens. Hierbij eene quitantie, transfiz. 

723a. 1 Juli 177 é. 

Brevet door Koning Lodew\jk van Frankrijk verleend aan den 
miniatuurschilder Gerard van Spaendonck om na het overladen van 
Fran^oise Madeleine Basseporte te vervullen de betrekking van 
miniatuurschilder van Z. M. in den Jardin Royal des Plantes. 

724. 20 Dec. 1776. 

Adriana Geertruda Ie Grand, weduwe van Casparus de Jong, 
Heer van Spanbroek, Spierdijk en Zuij dermeer, verheft voor den 
Raad en Leenhove van Brabant het goed, genaamd het Leenhof van 
Kerckhoven, gelegen onder Oisterwijk, haar aangekomen als erfge- 
naam van haren man. 

725. 12 Jan. 1776. 

Joannes Stephanus van Gulick, in leven geneesheer te *s Herto- 
genbosch, promoveert te Leiden tot doctor in de medicijnen. 

726. 3 Oct 1777. 

Paspoort door den Kommandeur van Venlo, Carel August graaf 
van Rechteren, te Utrecht gegeven aan den ruiter Adriaan Haneveer, 
geboortig van Oosterhout. 



— 153 — 

727a. 31 Jan. 1780, 

Extract uit de resolotiën van den Baad van State betreffende het 
recht van het St. Jorisgilde van Lommei op de exercitie van de 
waag aldaar. 

728a. Maart 1783, 

Verzoekschrift van Regenten van Lommei aan den Baad van State 
om de tienden onder Lommei, behoorende aan het Kapittel van 
St. Pieter te Hilvarenbeek, in admodiatie te mogen honden ; met 
goedgnnstige beschikking daarop. 

729a. 4 Maart 1783, 

Extract nit het dorps resolutieboek van Lommei betrekkelijk het 
indienen van voormeld verzoekschrift. 

730a. 2 Jan. 1786. 

Oswalt Theodorus Talleken, ambachtsheer van Bijswijk in het 
Land van Altena, stelt op den huize Bijswijk Abraham Antonij 
Heermans aan tot voorzanger en schoolmeester van die heerlijkheid. 

731a. 26 Féhr. 1786. 

Jan de Groot, Mr. schr^nwerker, verklaart voor den notaris G* 
Kerkhoff af te zien van alle actie tegen het schrynwerkers-, kuipers- 
en draaiersgilde te 's-Bosch, ter zake van een kabinet, door een 
timmerman vervaardigd, dat uit het huis van Comelis Willekes 
gehaald en wegens eene boete door bedoelden timmerman jegens het 
gilde beloopen ten voordeele van het gilde verkocht was, terwijl hij er 
eigenaar van was. , 

732a, 1786^1793. 

Vier brieven van C. Doers, president-schepen te Lierop, o a. 
over de jacht en de tienden aldaar aan den advocaat Ackersdijk 
als representant van den heervanGhemen, rentmeester der Domein ent 
geschreven op het laatst der achttiende eeuw in toen al niet meer 
gebmikelqk schrift. 



— 154 — 

733a. 15 Febr, 17S8. 

Obligatie van het Visohkoopersgilde te 's-Hertogenbosch ten be- 
hoeve van bet Metnelaars-, tinunerliedeni en leidekkerogilde aldaar. 

734a. 1789—90, 

Correspondentie gevoerd tosschen den Baad en Leenhof van 
Brabant te 's Hage en B. Baron van der Borch te Breda, in diens 
hoedanigheid van drossaard der stad, baronie en lande van Breda, 
over de vraag of en op welke w^'ze het Officie Fiscaal van Brabant 
bevoegd is aanhoudingen of apprehensien te doen van personen, in 
de stad of baronie van Breda gedomicilieerd of aldaar zich op- 
hoadende. 

735. 16 Maart 1790, 

Theodoras Luijks, koopman te 's-Hertogenbosoh, als ||remachtigde 
van Adriana Mechtildis Petronella van Kerrenbroeck, geboren 
Oravin van Orimberghen, wonende te Brussel, draagt over voor 
schepenen van 's-Hertogenbosch aan den Heer Johannes Spierinckx, 
Roomsch pastoor, een huis en erf in de Postelstraat aldaar, thans door 
dezen bewoond wordende, grenzende aan de erven van de heeren 
Thomas van Bijckevorsel en van Wassenaer, heer van Onsenoort, — 
waarover als schepenen waren Mr. Jan Hendrik van Heom en Fraa- 
9ois Lonis de Oraffenried. Met de handteekening van den secretaris 
O. van Brengel. Deze verkoop geschiedde ondar voorwaarde dat 
het huis zoude dienen voor een Roomsch kerkehuis. 

736. 15 Jan, 1792, 

Brief door den Stadhouder Prins Willem V uit Breda geschreven 
over de vraag of eene resolutie, door de Staten van Friesland ge- 
nomen omtrent den soldaat Hendriks, wel effsct kan hebben buiten 
hunne provincie. 
737a. 24 Juli 1794. 

Memorie van de Municipaliteit van Uitwijk betrekkelijk trans- 
porten en leverantiën gedaan voor de Fransche troepen, met nog eene 
rekening van 1793 van den waardsman van den banne van Zand w^ck 
en eene aanstelling in 1779 van schepenen van Almkerk, Zandwgck c. a. 



— 156 — 

738a. 13 Oei. 1794. 

Order van Stadhouder Prins Willem V om te Oorinchem aan te 
honden de schepen, bevracht met de bagage van den Oouvemenr van 
's-Hertogenbosch, waarb^ de raad (sub rosa), dat deae welasal doen 
met te vluchten. (Hierb\j bevindt zich het portret van Willem V). 

739a 15 Aug. 1795. 

Protest van eenige Monioipaiitieiten van het Kwartier van Oister- 
wijk tegen de verkieaing door de Kwartiersvergadering te Oisterwijk 
op 27 Jnli 1795 gedaan van zes representanten. 

740a. 25 Juli 1796. 

Resolutie van de Bepresentanten van Bataafech- Brabant om de 
tienden van Lommei aan deze gemeente in admodiatie te laten. 

74 Ia. 16 Juni 1797. 

Besolutiën van de Representanten van Bataafsch- Brabant alsvoor. 
742a. 30 Jan. 1798. 

Obligatie der stad 's-Hertogenbosch ten behoev« van het Timmer- 
lieden-, metselaars en leidekkersgilde^aldaar. 

743. 5 Juli 1802. 

Johannes Georgius Münch, geboortig van Zwolle, wordt te Duis* 
burg gepromoveerd tot doctor in de medicijnen. 

744. 3 Sept. 1804. 

Besluit van het Staatsbewind van de Bataafsche Republiek om aan 
W. J. Melchior, geboortig van Ghrave, gewezen kanonik van het 
gesnpprimeerd Kapittel van Kranenburg, wegens het verlies z^'ner 
prebende een pensioen toe te kennen. 

745a. 1813. 

Brief van den minister Oogel aan Hoppenbrouwers te Breda. 



— 156 — 

746a. 15 Aprü I8I3. 

Bargemeesters der stad Rotterdam vergunnen aan Coenradus Marinus 
van der Meiüen, R. K. student in de godgeleerdheid, om binnen die 
stad bij zijne gelooisgenooten te collecteeren ten einde zijne studiën 
te kunnen voortzetten. 

747a. 7 Juli 1827. 

Extract uit de notulen der Nederl. Huish. Maatschappij te 's Her- 
togenbosch, houdende de benoeming der commissiën voor de hoofdvak- 
ken ter bevordering van de Nationale Nijverheid. 

28 Mei 1829. 

Eigenhandig rapport van J. van Speijk, geschreven aan boord 
van Z. M. korvet Triton. (Hierbij bevindt zich eene afbeelding van 
het stuk van zijn lichaam, dat gebakemd is). 

749. 1854, 

Brieven van Ab del Kader, den Franschen dichter de Lamartine 
en den schilder N. Pieneman. 



NASCHRIFT 



Van eenige oorkonden, welke in den catalogas van Jbr. mr. de 
Bije voorkomen, vermeldde ik in dezen catalogas, dat z\j weg sijn 
{abest). Ik deed dit, omdat ik ze niet vond in de collectie, welke door 
Jhr. mr. de Bije in zijnen catalogas beschreven werd. Ik heb thans ech- 
ter reden om te veronderstellen, dat de meesten daarvan gekomen z^n 
onder de oorkonden, welke het Genootschap in zijn bezit kreeg, nadat 
de Bije zijnen catalogas had gemaakt en dat zij alzoo nog wel aan- 
wezig zijn. Zoo zal dan zjjn oorkonde n® 11 n^ 8 ; n^ 27 n^ 26; 
n» 30 n»46; n« 37 n» 38 ; n» 167 n« 168a; n« 647 n» 325. 
Er zallen derhalve maar enkele oorkonden werkel^k verloren ge- 
raakt zijn. 

De volledige analyse van oorkonde n^ 8 is als volgt: 

Woensdag na St. Vitas en filodestas, martelaren ; 1342. De Deken 
van St. Maria, de Deken van St Jan en de Officiaal te Maastricht, 
pauselijke gemachtigden, rechtdoende in hooger beroep tasschen den 
Deken en het Kapittel van Oirschot ter eenre en Godefridus van 
Aadenhoven, in diens hoedanigheid van rector of*vicarias perpetaas 
der kerk van Wintelre, ter andere zijde, vernietigen de uitspraak 
van den Officiaal van Luik, die genoemden Rector in diens geschil 
over de tienden van Wintelre, welke door dezen in bezit genomen 
waren, in het gel^'k en gemeld Kapittel in eene boete veroordeeld 
had, — waarna zij verklaren voor recht, dat de tienden van Wintelre 
aan meergemeld Kapittel moeten blijven en niet door Wintelre mogen 
geheven worden. 

In oorkonde n* 6a moet gelezen worden voor van Buseghem van 
Basseghem; het jaartal van oorkonde n® 19 moet zijn 1350 en de dag 
der oorkonde n* 61 behoort te zijn: des anderen daags naSt.Bavo. 

Al de hiervoor beschreven oorkonden zijn op perkament, behalve 
die welke zich bevinden in de supplementaire doozen enden^^ 531, 
685, 726, 736, 744, 748 en 749. 

A. V. S. v. Y. 



ALPHABIDTI8CH REGISTER, 

OP DE VOORNAAMSTE ONDERWEBPEK, DIE IN DE 
OORKONDEN BEHANDELD ZIJN. 



Nota. Z)e cijfers geven aan de volgnummers 
der oorkonden. 

Aa familie van der 122, 136, 143, 146, 194. 

Ab del Kader brief van 749. 

Abselons Godefroi, aangesteld tot ontvanger van den tol te 

Engelen 46. 
Albert Aartshertog van Oostenrijk 495. 
Alem Maren en Eessel. Polder van 608. 
AlTa hertog van 866. 

Ameyde familie van der 49, 58, 89, 452. 
Assnmbarg Vicarie op het kasteel 171. 
AsteM heeren van 457, 527. 

Bae familie 42^68. 71, 151, 269. 

Baanderheeren van Brabant vertoog der 571. 

Baessehot het land genaamd die Eijnde onder 23. 

Berehem tiend van 31. 

Berehem familie van 443, 462, 471, 473, 476, 490, 491, 500, 

549, 550. 551, 557, 574, 582. 
Berekel familie van 114, 115, 116, 219, 220, 281, 479. 
Bergen op Zoom order van Prins Maurits aan de matrozen 

der aldaar liggende pleiten 458. 

Orders aan het Oamizoen 698. 
BergeyiL grensscheiding van 498. 
Be¥er familie de 273, 579. 
Boe familie 37, 38. 

Boeeholt Henrick van, schout van Weert 502. 
Bommel familie van 705, 706. 
BonaerfS familie 585, 625, 639, 644, 645, 646, 648,667,687, 

688, 708. 



— 159. — 

BorehgmTe familie de 232, 881, 383, 396, 405, 442, 482. 

Blaarthem greDsscheiding van 516. 

Breeht familie van 131, 369, 443. 

Breda verkoop van het land van Breda 6, 19. Van stedelijke 

ambten 710. Bekening der stad Breda 837. 
Brederode Floris van 441. 
Brevgel het dorp neemt geld op 517, 520. 
Brengel familie van 542. 
BreerUiOTeii familie van 464. 
BreelLhwis goed onder Waalre 94, 112. 
Bronynek Nicolaas 400. 
Coptlten familie 59, 90. 
Croy Charles Philippe hertog van Croy en Aerschot geeft kennis 

van zijn huwelijk 459. 

Bieden heerlijkheid 322. 

Bieze mond der 641. 

BeeFMe van heer van Liessel 479, 480. 

Briel tienden te 713. 

BmUsboreh Tan Hensden familie 26, 27, 30, 46. 

den Bnngen verzoek om vrijdom van belasting 666. 

EindhoTen Predikant te 689 
Empel hnis te 265. 
KnekeTeirt familie van 448. 

Kardinaal Willem van 295. 
Emestns Aartshertog van Oostenrijk 430. 
lEwp dorp 14. 

familie van 300. 

Gans Comelis heer van Nnland 621. 

Geeilraldeivberg de Bergverkoopers 415. 

Gemonde tiend te 40, 41, 195. 

Geatel grensscheiding van 516. 

Gilden te Eindhoven : Brouwers-, wijntappers en beenhouwers- 

gilde 696 

te 's Bosch : 

Bakkersgilde 320, 432. 



— 16Ó — 

Chirurgijns* en barbiersgilde 334. 

Eorenmetersgilde 540. 

Eremersgilde 352. 

Lint- en passementwerkersgilde 428. 

Metselaars-, timmerlieden en leidekkersgilde 733, 742. 

Saaimakersgilde 11 i. 

Schippersgilde 535. 

Schoenmakersgilde 272. 

Schrijnwerkers*, draaiers-, kaipers en radermakersgilde 47, 99, 

267, 350, 353, 354, 364, 387, 409, 552, 623. 634, 701, 731. 

Smeden- en messenmakersgilde 325, 647. 

Vischkoopersgilde 733« 

Vleeschhonwersgilde 477, 632. 

te Lommei: 

St Jorisgilde 727. 

te Steenbergen: 

Schattersgilde 586. 

Gogel brief van minister 745. 

GalirlL Dr. Joannes Stephanus van 725. 

GraTe Conciliatie met prins Manrits 455. 

Gasthais 487. 

Kerk 259, 262. 

W. J. Melchior, kanonik te Kranenbarg 744. 

transport van hnizen 206, 218, 230, 245, 246, 248, 250, 259, 

407. 434, 436, 483, 543. 
Grevenbroeek familie van 255, 346, 370, 426, 578. 
GrinsTen Jacob van, licentiaat te 's Bosch, 598, 613. 

Haanwyk hoeve onder 374, 375, 447. 

Haaren H. Oeestmeesteren bekomen vergunning om cynsen te 

verkoopen 456. 
Haestrecht familie van 48, 55, 61, 62, 76, 97, 176, 208, 255, 292. 
HedilLhalzeii familie van 505, 624. 

Heemskerki stede, stoel en vicarie in de kerk van 177, 200. 
HeeswyiL hais en heerlijkheid 390. 
Heeze en EieeMde heerlijkheid van 592, 593. 
HelmoMd kerk 123, 140, 156, 183, 224, 335. 

Klooster van O. L. V. in den Hage 181. 



— 161 — 

Verkoop van een hais aan de Veestraat 528. 
HeMXtoB ceMmmmd tab Delft familie van 527, 544. 
*8 Hertogesboseh Aanslag der huizen in de kosten der]brand- 

weer 417. 

Abraham Booth bericht de inneming der stad 533 

Arsenaal 405. 

Bevel tot keuring der Engelsche lakens 423. 

Brieven aan de regeering der stad 609. 

Broawerij in de Vachterstraat bij de H. Emispoort 565. 

Oostoim in zake erfrecht 463. 

Gedicht van P. de Bard op elk van hen, die in 1632 schepen 

der stad waren 541. 

Gilden, Zie in V.£ 

Hugenoten 665. 

Hnis van Hemert in de Orthenstraat 476. 

Hnis van Loon in de Loeffstraat 273. 
9 het Gnlden Hoofd 277. 

Uoekhuis Markt en Eolperstraat 280. 

Huis het Varken in de Hinthamerstraat 157, 158, 315, 453, 588. 

Huis de Pauw in de Hinthamerstraat en de daarnaast gelegen 

steeg 214. 

Hoekhuis Kerk- en Torenstraat 222. 

Huis de Witte Helm aan de Botermarkt 316. 

Huis in het Straatje van Best 266. 

Huis St Pieter aan den hoek der Karrestraat 680. 

Huis de Gulden Bodem, staande aan den hoek der Orthenstraat 

en het straatje van Best 435. 

Huis de Kroon in de Hinthamerstraat 309, 339, 849, 499. 

Huis in de Amt Berewoutstraat 228. 

Huis in de Leers achter het Minderbroedersklooster 340. 

Huis in St Peter en Paulus in de Hinthamerstraat 340. 

Huis het Wit Lavoir aan de Markt 451. 

Huis de Ezel aan de Markt 477. 

Huis in St Christoflfel aan de Korenbrug 515, 628. 

Huis de Gulden Arend in de Vuchterstraat 606. 

Huis in St Barbara in de Hinthamerstraat 573, 695. 

Huis het Zwart Leeuwke in de „ 580. 

Huis in de Koningin van Engeland 670. 

11 



— i6è — 

Jezaitenklooster 474, 506, 530. 

Eanomken van St Jan 37, 87, 109, 135, 196, 214, 395, 581, 
592, 600. 

Klooster der Zasters van Orthen 196, 398. 
Koning Lodewijk van Frankrijk vraagt vrijheid van godsdienst 
voor de Katholieke inwoners 534. 
Krankenbezoeker 660. 

de Mortel 70, 72, 82, 198, 199. 201, 202, 391. 
O. L. V. Broederschap 151, 159, 214, 404. 
Roomsch bedehuis in de Postelstraat 735. 
St. Anna kapel (thans vervangen door de Ned. fierv kerk) 
249, 271, 284, 285, 408. 
St. Oeertniiklooster 161. 437. 
St. Janskerk 196, 239, 241, 333, 345, 361, 430. 
Veemarkt 411. 

Voorstel tot verbetering van den postdienst 622. 
Vrijgeleide aan de Bosschenaren 243. 
Tuchthnis 419, 433, 643. 
Watersnood 702. 

Weeshuis (burger, thans Protestantsch) 365, 717. 
„ (^Roomsch) 365 

Heasden Brandschatting van het land van 441. 

Brieven gericht door Philip van Hohenlohe aan de regeering 

van 403. 

Kapittel 306. 

Klooster Mariendonk 147. 

Heasden Theodore van H. genaamd van Elshont 624. 
HIlYarenbeek Kapittel van St Pieter 728, 729. 
Hohenlohe Philip van 403, 413. 
Hoog Casteren grensscheiding van 516. 

Immerzeel heer van Bokhoven 452, 496. 
Isabella infante van Spanje. Brieven aan de regeering van 
's Bosch 510, 514, 529. 

Karel V brieven van 275. 



- i6d — 

KarChutzerorder 103, i04. 

SLMeehtoel grensscheidiDg yan 516. 

liAch, familie te Bergen op Zoom 704. 
limmartlne brief van den dichter de 749. 
Ijeetdael familie van 637, 674, 682. 

9 heerlijkheid 310. 

lieemhof Tmm Kerkhoveii (te Oisterwijk) 630, 674, 682, 

683, 718, 724. 
lieULerbee^e en zijne familie 359. 393, 401. 
lilempde heide en vroentens te 167, 168. 
lilerop kerk te 486. 
lileshoat kerk te 189. 
lilChoUeH dijkplichtigheid onder 296. 

gemeene weide 567. 
Ii#aTol8 brief van dn 619. 
Iialksgestel grensscheiding van 498. 

Maaslmnd kwartiervergadering van 438. 

Mmaslmnd Erfeecretariaat van, 160, 173, 190, 462, 471, 490, 

491, 500, 550, 551, 557, 574, 582, 646, 687, 688. 
Mmrienhage, klooster te Woensel, 98, 133, 142, 150, 194, 

211, 225. 240, 242, 251, 256, 257, 258, 260. 298, 324, 472, 

478, 481, 492, 497, 504, 507, 511. 512, 546, 
Mmslas, bisschop van 's Bosch, 437, 465, 469, 478. 
Meer familie van der 330, 331, 341, 342, 356, 377, 393, 401, 

435, 440, 447, 466, 484. 
MeerYeldhoTeH grensscheiding van 516. 

O. L. V. Kapel 192, 193, 482. 

tiend van Gemert onder 303, 304, 382, 396, 405. 
MeerwUk Willem van Ghent, heer van 269. 
Meeawen familie van 260, 644, 646. 
Megen geestelijke jurisdictie over 627. 

heer van 15. 

M^il«.*il »» ^.llA«^h 1 geestelijke goederen 547, 593. 
MeUerU Tmm s Besch | jg^ken van oorlog 429. 

lletlas bisschop van 's Bosch 378, 392. 
8t. MIehlels- Gestel tiend te Thede onder 40, 41, 195. 
moord te 697. 



— Ift4 — 

Mierik plandering van het hospitaal te 421. 

procedure over de inbesIagiBemiiig van eea paard 5&i 
Sl^ndragoii Gristoffel 431. 
Moiilx familie 41, 87, 1&9, U5, 22% 373, 504. 

Massaa brief van Walrad graaf van 563. 

Nieuw- Herlmer 136, 143, 146. 

NUmecea transport van huizen 88, 9.% 274, 318, 3 19, 358,^380. 

Mlspeii gemeente 54. 

Oem familie 25, 162. 231. 

Oerle grensscheiding van 516 

Oyen en Dleden heerlijkheid 322. 

Olmeii heerlijkheid 162. 

Olrschot St Gatharina altaar in de Kerk te 179. 

kerk te 8. 

Eanoniken van 24, 49, 67, 89, 184. 
Olsterwyk Ewartiersvergadering te 739. 

molens te 108. 

privilegiën van 317. 
Oostelbeen grensscheiding van 516. 
OphOTlus bisschop van *s Bosch 547. 
Osch huizing Arendsvlucht 633, 638, 659, 667. 

huis de Gorenberch 343. 

tienden 185, 261. 

vorsterg en erfsecretariaat 160, 17H, 190. 
OSS familie van 288, 289, 410, 454, 473, 475, 476, 488, 524, 

556, 569. 
Oadheudeii familie van 499, 461. 

Prinsenhage 54. 

Prlnsenlmnd reglement der Vredemakers 712. 
Philips n brief van; zijne uitvaart te 's Bosch 441, 446. 
Philips IV verleent kwijtschelding van straf 548, 560. 
PlenemaM brief van den schilder 749. 
Pynappel familie 435, 445, 484, 521, 553. 
Poelwyk het huis onder Gendt 323. 
Poll Jan van de P. te Hedel 631. 



165 

RaVMiflAMidL «de Boo|pe bij EmdiioFeii 33. 

RaTenstelH geschil met de etad VBosch over de wedenijdsche 

aaahoadiDg ran bmgers 652. 

Vrgstelliiig van oorlogalasten 470. 
RaTeseh«t &milie vu 860, 
RUswUk heerlijkheid bj Woudriehem 730. 
Rixtel heer van 427, 508. 
R«ermoB4 H. Oeestarmen aldaar £05. 

SehelTer (of Scheffers) familie te 's Bosch 537, 591. 
8eho0lnieesten in de Generaliteit 678. 
Seldensadt Kasteel te Middelrode 254. 263, 264, 308, 488. 
SleeawUk kerk te 677. 

transport van grond (Cronwelshofstad) 292. 
SoBtereii het Hooghnis te 461. 

transport van heide 35. 
Spaemdomek schilder Oerard van 723. 
SpeUk zeeheld J. van 748. 
Splerlnek £atmilie 297, 306, 388. 
Bpmndel 54. 

Stoghem familie van der 24, 298, 566. 
Strleme 145. 

Tem Braeke het goed onder Woensel 16, 90. 
Ter limmk goed onder St Oedenrode 44, 106, 138. 
To0TerU procednre over 425. 
Ti4|l familie van 31, 40, 41. 

Telde J. van der, secretaris van 's Bosch 412. 

Telde St. van den V. gezegd Honselaer 685, 702. 

Tessem grensscheiding van 516. 

Tleeti familie 651. 

Tlaanderen Jan zoon van den graaf van i. 

Taght bnitenhuis te 679. 

UTaalwyk schepenen van 4. 

UTeaterheTeii grensscheiding van 498. 

WlUefli T prins W. V. stadhouder. Brieven over de terecht- 



166 

stelling van een soldaat en de aanhouding van de bagage van 

den Oonverneor van 's Bosch 736, 738. 
HTUlegeiiians G^erardt W. van Bodenborch gevangene te 

's Bosch 418. 
Wlllemstod slechte gezondheidstoestand van 555. 
Wlntelre grensscheiding van 516. 

tienden van 8. 
Wlnter^U familie van 612, 640, 650, 669» 676. 

Zeelst grensscheiding van 516. 

tiend van Gemert onder 381, 383, 396, 405, 513. 
Zegenwerp kasteel 719. 
Zoemereil Mr Qerard van 558, 559^ 562. 
Zoeslas bisschop van 's Bosch 547. 
Zonderwlfk grensscheiding van 516. 
Zandert Groot en Klein 54, 67? 
Zatphem hoisarmen te 56. 



n. 



HANDSCHRIFTEN. 



NEDERLAND- 

a. m HET ALGEMEEN. 



AdverfiUirlm. (Liber adversanorum miscellaDeorum ; hand- 
schrift uit het laatst der vorige eeuw, loopende over verschillende 
onderwerpen.) 

Bataafsehe Rapabllek. Memorie over de defensie - 
liniën der Bataafsche Republiek, door den eersten luitenant 
Van Swieten. 1801. 

Bedevoering door J. H. ten tijde der Bataafsche Republiek ge- 
houden onder het motto: Den moed der Patriotten is in alle 
zijne verdrukking den vyand zijner vijanden, 
BlMerdyk. Aanteekeningen van H. Palier betre£fende Mr. 
W. Bilderdflk en vrouwe K. W. Bilderdijk. 

Hendrik Falier, die dit handschrift maakte evenals zoovele 
andere, die hieronder zullen worden vermeld, was een afstam- 
meling van den Hugenoot Charles Palier, die na de her- 
roeping van het Bdict van Nantes uit Frankrijk vluchtte 
en zich als boekdrukker te 's-Bosch vestigde. De oudoom 
van Hendrik Palier was Johan üarel Palier, professor en 
predikant te 's-Bosch. Hendrik Palier werd aldaar 10 Juli 
1785 geboren uit het huwelijk van Hendrik Palier en 
Amolda Schouw (welke laatste na doode van harem ge- 
noemden man hertrouwde met Mr. Salomon Krul). Hij was 
ook boekdrukker en had zijne drukkerij in het huis, dat 
te 's-Bosoh staat op den hoek der Markt en Kolperstraat 
en eerst heette Set Oulden Lavoir, daarna de Vijf Vocalen. 
Van het Prov. Genootschap was Ji\j theBamier en bestuur- 
der. H\j huwde lo. Amelia Sterk, 2o. Elisabeth Oerdina 
Van^Hoften. Den 14 Juni 1858 stierf hij te 's-Bosoh. Veel 
deed h^* voor de geschiedenis van Noordbrabant en hare 



— 170 — 

5 Aanteekeningen betrekkelijk Mr. Willem Bilderdijk. 

6 Boeken. Lijst van oade en zeldzame Nederlandsche boeken. 

7 Naamlijst van boeken, die in de XVII Vereen. Provinciën ge- 
durende de XVe eeuw gedrukt zijn. 

8 Dr. G. R. Hermans. De Boekdrukkunst in Nederland. 

Dr, Gamelius Budolphus Hermans, die dit handschrift ver- 
vaardigde, evenals zoovele andere, welke ook hieronder zullen 
vermeld worden, werd te Osch geboren. 

Den 17 October 1834 aanvaardde hij het rectoraat der 
toenmalige Latijnsche school, thans het Gymnasium te 
's-Bosch, welke betrekking hij tot aan zijn dood (14 Dec. 
1869) bekleedde. Hij was bibliothecaris en bestuurder van 
het Prov. Genootschap; een groot deel van deszelfs ver- 
zamelingen werd door hem bijeengebracht; veel is het 
Genootschap dan ook aan hem verschuldigd. Vele zijner 
werken verschenen in druk. Hij bereikte den leeftijd van 
64 jaren. 

9 Bonapmrte. Genealogie der familie. 

10 Barmannns. Antiquitates Romanae van Petrus ^urmannt^^. 
2 Dln. 

11 GeschledschryTers. De praecipuis patrise historiae scrip- 
toribus. 

12 Gymnmsla. Handteekeningen van rectoren van gijmnasia en 

latijnsche scholen in Nederland. 1850. 

13 Aanteekeningen van Dr. G. B. Hermans betrekkelijk de la- 
tijnsche scholen en gijmnasia in Nederland. 

iSbis Idem. 

14 Cl. Hmas. Jus publicum Belgicum. 

15 Hogendorp. Dirk van. Verdediging van D. van H., ge- 
schorst gezaghebber van Java's Oosthoek, tegen de beschul- 
digingen door de Hooge Regeering te Batavia in 1798 tegen 
hem ingebracht. 

16 Kerkeiyke zaken. Dr. G. R. Hermans Analyse van 
charters betrekkelijk kerkelijke zaken in Nederland. 

17 Idem. 

18 Dr. G. R. Hermans, Verzameling' van plakkaten en resoluties 
betrekkelijk kerkelijke zaken in Nederland. 1600 — 1793. 



— 171 — 

19 Dr. C. R. Hermaos. Aanteekeningen betrekkelijk de R. Ka- 
tholieke Kerk hier te lande. 

20 Dr. G. R. Hermans. Aanteekeningen betrekkelijk de vroegere 
Kloosters in Nederland. 

21 Idem. 

21^ Memorie over de verdediging van de Maas door den luitenant 
van Swieten. IB42. 

22 MilMtweaseil* Analytische opgave van de plakkaten en wetten, 
betrekkelijk het muntwezen in de Republiek der Ver. Neder- 
landen. 

23 Verhandeling over de Noord- en Zuid- Nederlandsche munten. 

24 Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over oude muntenen 
zegels. 

25 Dr. G. R. Hermans. Munten der graven van Holland. 

26 Dr. C. R. Hermans. Vermaarde Nederl. penningkundigen. 

27 Ormi^e-Itfmssaa. Genealogie van het huis. 

28 PlaatsbeschrljYlng. H. Palier, alphabetische lijst van stads- 
en dorpsgezichten enz., in Nederland. 

29 Reder^ken en Gilden. Beschrijving door Dr. C. R. Hermans. 
AO BehrUfcmhIer van 1627. 

31 Nihü, 

32 Bmallenbarg. N. Dictata ad Instituta 4 Dln. 

33 BpeUert Tmn EUck. S. Latijnsche gedichten. 

34 Staatsbewlnd in 1801. Alphabetische klapper op den 
buitengewonen secreten index van het Staatsbewind in 1801. 

35 Btmten-Generaal. Resolutiên van Hunne Hoogmogenden 
1587—1600; 1604—1606; 1609—1622. 12 Dln. fol. 

36 TIeMdeM. Analijtische opgave van charters, plakkaten en 
resolutiên in zake het tiendrecht in Nederland. 1260 — 1813. 

37 Tolllas. H. Voorlezingen over de Nederduitsche spraak- 
kunst 1733. 

38 TrUaetselmrlJ. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans. 

39 UTaterstmmt. Verhandelingen over den. 2 Dln. 

40 Weyeramil. J. Campo. Nederduitsche gedichten. 

41 WetgeTing. P. Van Slijpe. Diction. de la législation Fran- 
^aise 1786—1813. 6 Dln. 

Zegelkande. Zie no. 24. 

42 Afbeeldingen der zegels van de Graven van Holland. 



— 172 — 
6. DE VER80HILLENI3E PROVINCIËN. 

NOORD-BRABANT. 



B^ de GaUlogiBeering dw handschriften op dit gewest 
betrekking hebbende is tot gronddag genomon de historische 
indeeliag yan Noord-Brabant. Het is daarotn, dat aan dit 
gedeelte van den catalogos voora^aat de navolgende be- 
schrijving van de verschillende gebieden, waamat deze 
provincie bestond vóór 1795, zijnde het Jaar waarin haar 
Brabantsch deel een afzonderlijk souverein gewest werd 
onder den naam van Bataaf sch Brabant, na sedert 1629 
generaliteitsland te zijn geweest. De gegevens voor deze 
beschrgving zyn geput nit eene lezing, die Mr. A. C. Bon- 
dam, rijksarchivaris te s Bosch, hield in de a^geneene ver- 
gadering van het Genootschap van 8 November 1890. 

Noord-Brabant is naar hare historische indeeling een samen- 
voegsel van verschillende gebieden en gebledsdeelen. 

Vóór 1795 onderscheidde men het tegenwoordig grond- 
gebied van Noord-Brabant in: 

A Een Brabantsch deel. 

B Min of meer zel&tandige gebieden. 

C Oeldersche heerl^kheden. 

D Een Hollandsch deel. 

E Zeenwsche streken. 

Ad. K. 

Tot het Brabantsch deel behoorden: 

io. De stad en meierij van 's-Hertogenbosch, verdeeld in 

a. Stad en vr^heid, n.1. de stadden Bosch* iVMitOrÜien, 

Hintham en den Dongen. 
h. Kwartier van Oisterw^k. 

c. „ m Kempenland (behalve Limihq gQfl toi, dat in 

1807 geruild wevd tegen Lanmel). 

d. » » PeeUand. 
0^ n m MaaslAndi 



— 17S — 

2o. De stad Grave en het land van Oaijk (waartoe 
behoorden Ghrave, Cnijk, St. Agatha, Haps,, Lin- 
den, Bficharen, Ghissel, Beers, Bengen, B\jkevoort, 
Neerloon, Mil en St. Bnbert, Wanrooi, Oploo 
en Ledeakker, Sambeek, Maashees, Overloon en 
Vierlingsbeek.) 

3o. De Buronie van Breda. 

4o. Het Markiexaat van Bergen op Zoom, bestaande nit : 

a. De stad Bergen op Zoom met de (verdronken) 
heerlijkheid Hildemisse. 

b. Westkwartier. 

c. Znidkwartier. 

d. Oostkwartier. 

e. Noordkwartier, 

5o. De Prinselijke heerlijkheden : 

a. Steenbergen. 

b, Willemstad. 
e. Prinsenland. 



Ad. 



De zelfstandige gebieden waren : 

lo. Het graafschap Bokhoven. 

2o. Het graafschap Megen (waartoe behoorden Megen, 
Haren, Macharen en Teeffelen). 

3o. Het land van Bavenstein (waartoe behoorden Raven- 
stein, Denrsen, Demen, Neder- en OverLangel, 
Dennenbnrg, Hoisseling, Herpen, Schaijk, Beek, 
Velp, Zeeland, Uden, Volkel en Boekei. 

4o. De heerlijkheid Oeffelt. 

5o. De Baronie van Boxmeer (Boxmeer en St. Anthonis), 

60. De heerlijkheid Gemert (met Handel). 

Ad. C. 

De Geldersche heerlijkheden waren : 

a. O^en. 

b. Dieden. 



— 174 — 
Ad. D. 

Tot het HoUandsch deel behoorden : 

lo. Het land van Hensden (waartoe behoorden Hensden, 
Ondhensden, Elshont, Herpt en Bern, Hedikhui- 
zen, Onsenoort, Engelen. Vlijmen, Baard wijk, 
Drongelen, Doeveren, Genderen, Eethen, Meeu- 
wen, Babiloniënbroek, Heesbeen, Aalborg, Wijk 
en Veen). 

2o. Het Land van Altena (waartoe behoorden Op - An- 
del, Neer • Andel, (Hessen, Rijswijk, Wondrichem, 
Sleeuwijk, de Werken, Uitwijk, Almkerk, Em- 
mikhoven o. a. en Hill). 

3o Deelen van het Baljuwschap van Zuid-Holland, 

waartoe behoorden : 

a. Een deel der Langstraat (waartoe behoorden de 

dorpen 's Gravemoer, Baamsdonk, Groot Waspik, 

's Grevelduin Capelle, Beso\jen en Sprang en 

de heerlijkheden Klein Waspik, Nederveen- 

Capelle, Zuidewijn Capelle, Vrijhoeven Capelle 

en Hendrik-Luijten- Ambacht.) 

h. De ambachtsheerlijkheid Drimmelen en Stanthaze. 

c. Drie ambachten van de Zuidhollandsche waard: 

Werkendam, Dussen M^sterkerk en Muilkerk. 

4o. Vier hooge heerlijkheden van Holland: 
a. Geertruidenberg (met Made). 
h. Hooge en Lage Zwaluwe. 

c. Zevenbergen. 

d. Niervaart (of Klundert). 

Ad. E. 

Tot de Zeeuwsche streken behoorden : 
a. Hinkelenoord. 
h. Nieuw Vosmeer. 

Hoe na 1795 deze verschillende gebieden ten slotte zijn 
geworden de tegenwoordige provincie Noord- Brabant 
is voor dezen catalogus niet van belang te vermelden. 



- 175 — 

NOORD-BRABANT IN HET ALGEMEEN, 

48 AmrdrUkskandIg woordenboek van N. Brabant. 

44 Idem. 

45 Aanteekeningen van Dr. C R. Hermans op het reisboek van 
Antoninus en de kaart van Peutingerus. 

46 Adres en reclmaekaaryes van N. Brabanters, verza- 
meld door H. Palier. 

47 Ambteii. Resolutie der Staten-Oeneraal van 1 Octob. 166 l 
omtrent de verdeeling van het recht van vergeving der ambten 
in de Oeneraliteit, opgemaakt tusschen hen, Staten-Qeneraal, 
en den Raad van State. 

48 Oax* Aanteekeningen betrekkelijk de N. Brab. krijgsoversten 
Paul as, Marcelis en Joan Bax. 

49 Belastingwezeii. La jorispradence des charges pnbliques, 
réelles, personelles et mixtes dans la province et duché de 
Brabant, établie par les Edits des Princes et confirmée par 
des arrêts. Déduite en ordre par Messire Ooswin comte de 
Wynants, cij-devant conseiller an conseil de Brabant. 1710. 
Een deel. (Binnen den band staat geschreven : Je suis appar- 
tenant a Ghiiüaume Pierre van Velpe, avocat au souverain con- 
seil de Brabant, natif de la ville de Bois Ie Duc, résidant d 
BruxeUes, 1725) 

50 Tabellen voor het heffen van belastingen in N. Brabant voor 
1790—92. 

51 Proces verbal des séances dn conseil dn Département des 
Bonches dn Rhin en 1810, concernantes les contribntions 
directes ponr 1811. Tablean van de plans voor de plaatselijke 
belastingen in het Departement Brabant over het jaar 1810. 
2 Dln. 

52 BenehryTlDg van N. Brabant door N. G. van Kampen. 

53 Beschrijving. (Gesch.-, Letterk.,- en Kerkelijke). 

54 „ van N. Brabant door Dr. C. R. Hermans. 

55 Aanteekeningen van H. Palier omtrent werken ten onderwerp 
hebbende de beschrijving van N. Brabant. 3 Dln. folio. 

56 BeTolklog. Statistiek der bevolking van N. Brabant in 
1816 en 1817. 

57 Volkstelling in N. Brabant op 1 Jan. 1818. 



— 176 — 

58 BMyveH^es. Verzameling van bidprentjes van bekende 
N. Brabanters. 

59 Boeken en beekdrukkera. Dr. G. R. Hermans. Lijsfc 
van boeken over N. Brabant. 

60 H. Palier. Recensie van werken over de provincie N. firabant. 

61 Aanteekeningen van H. Palier betrekkelijk boeken over platen, 
penningen en landkaarten van N. Brabant. 

62 H. Palier. Lijst van boeken in N. Brabant gedrukt van 1476 — 
1839. 2 Dln fol. 

68 Alphab. naamlijst van N. Brabantsche boekdrukkers over 1484 — 
1846. (Verg. Dr. O. R. Hermans Bijdragen II blz. 329 en vlgd). 

64 H. Bronnen. Aanteekeningen van Dr. O. R. Hermans. 

65 Cmrillons. Rapporten in 1840 uitgebracht door de Districts- 
commissarissen en Burgemeesters van N. Brabant over de 
carillons aldaar. 

66 Ckmrten. Anal^'tische catalogus van charters betrekkelijk 
N. Brabant, berust hebbende onder M'. W. C. Ackersdijck. 

67 ld. 

68 Analijtische opgave van charters betrekkelijk N. Brabant. 

69 Dr. C. R. Hermans Analijtische opgave van charters betrek- 
kelijk N. Brabant van 1099— 1800. 7 Dln. (Vergel. de door 
hem uitgegeven Analijtische opgave van charters ens). 

70 Dr. C. R. Hermans. Analijtische opgave van charters betrekke- 
lijk N. Brabant en van resolutien van de Staten van Brabant. 
1180— 1662. 6 Dln. 

71 A&chriften van charters betreffende verschillende plaatsen in 
N. Brabant. 

72 Dr. C. R. Hermans. Opgave van boeken, waarin charters over 
N. Brabant te vinden zijn. 

73 Aanteekeningen op de Brabantsche charters» voorkomende in 
de Opera Diplomatica van Miraeus. 

74 A&chriften van charters betreffende N. Brabant. 

75 Crimineele zaken* Processtukken behoorende tot proce- 
dures in crimineele zaken gevoerd in de 17e en 18e eeuw. 

76 DepmrCenientaal Bestanr ymn Brmbant. Resolutien 
over 1800 — 1805 van den Commissaris van het Uitvoerend 
Bewind der Bataafsche Republiek b^' het Departementaal 



— 177 — 

Bestaor van de Dommel, als speciaal belast zijnde met het in 
bezit nemen der landen, door de Fransche Republiek aan de 
Bataafsche bij transactie van 5 Janaari 1800 afgestaan. Beso- 
Intiön van den Agent van inwendige politie en toezicht op de 
dijken, wegen en straten der Bataa&cheRepnbliekvan 1802.-~ 
Besolatiên van het Staatsbewind der Bataafsche Repnbliek van 
1802. — Besolatiên van het Departementaal Bestaor van Bra- 
bant van 1803, voornamelijk betrefiPende het in bezit nemen 
van het Graafschap Megen, het Land van Bavenstein en 
Oeffelt. Extracten ait het verbaal van den Landdrost van 
Brabant van 1809. 

77 Extracten ait het register der resolutiën van den Baad van 
Finantiën in het Departement Braband van 1805 — 1806. 

78 Correspondentie van den Inspectear der nationale middelen te 
lande in het Departement Brabant met den opziener derzelfde 
middelen in het ressort 's Bosch over 1807 — 1808. 

79 Idem over 1809. 

80 Correspondentie van den Inspectear der nationale middelen 
te lande in het Departement Brabant met den onder-inspecteur 
derzelfde middelen in het ressort 's Bosch over 1810. 

81 DepartemeBt des B^tneliMi dtn Rhta. 

Stokken betrefiPende de Prófectore van het Departement des 
Booches do Bhin over 1811 — 1813. Agenda voor Ie Conseil 
General van dit departement van 10 Maart 1813. Zie nog n^ 51. 

82 Stokken betreffende genoemde Prófectore en processenverbaal 
van verkoopingen van domeingoederen, als incolte gronden en 
tienden, door het Domeinbestoor van gezegd Departement in 
1811 gehooden. 

83 Joomal des évènements dans Ie Département des Booches do 
Bhin depois Ie 11 Dec. 1813 — 27 Jan. 1814 par Ie sécrétaire 
général J. Linsen. 

84 Joomal contenant les principaox évènements sorvenos dans 
Ie Département des Booches do Bhin et les mesores prises par 
Mr. Ie secrétaire général (J. Linsen) depois Ie 11 Déc. 1813, 
joor pü il a été delegoé par Mr. Ie Préfet poor Ie remplacer 
dans ses fonctions, josqu' ét 20 Jan. 1810. (betreft voornamelijk 
*s Bosch.) 

85 Eneyel^paedle van N. Brabant. Alphabethische verzameling 

12 



— 178 - 



viin aanteekeningen en stukken betirekkelgk allerlei N. Brabant- 
sche onderwerpen, bijeengebracht door H. Palier. Tien Dln fol. 

86 Fabrlekwesen. Aanteekeningen van Dr. C. B. Hermans 
over het fabriekwezen yan N. Brabant over 1800 ~ 1850. 

87 Alphab. overzicht van het fabriekwezen in het Département 
des Bouches du Rhin in 1812. 

88 Staat van de fabrieken en trafieken in N. Brabant in 1817. 

89 GeeAteiyklield. Veertien brieven en andere stukken van 
Brabantsche geestelyken, waaronder eene kennisgeving van 
Bisschop Masius van 27 Sept. 1610. 

00 Genealogien van N. Brab. geslachten. 

Aa, van Banderode genaamd van Jeger, de 

Adama, Pijbes d' [der, Kessel, van 

Berckel, van Leefdael, van 

Bergen Op Zoom, heeren van Heulen, van der 

Zie no. 562. 

Bonebacker. Millinck. 

Does, van der Muijckens. 

Dynasten (Dr. C. R. Hermans Proening van Deventer, 
geneal. aanteekeningen betrek- 
kelijk N. Brab.) 



Raet, de 

Scheffers ( of Schoeffer) 2 stuks 

Spoor. 

Steinlagen. 

Steenhuijs, van 

Verheijen. 

Voocht, de 

Water, van de 



Ënckevoirt, van 
Endevoets. 
Oerwen, van 
Grevenbroeck, van 
Gruijter, de 
Hanewinckel. 
Heusden, heeren van 
Zie no. 497. 
Honselaer, van. 

91 Stickers. 

92 Generallteltslaild. Vertoog door baanderheeren, edelen en 
steden van Brabant aan de Staten Generaal gedaan om Brabant 
niet als generaliteitsland te beschouwen maar haar ook deel te. 
doen hebben aan 's lands regeering. 1648. (zie ook Deel I no 
571 a). 

93 Gescliledeiiis. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans op de 
Commentarii de bello Gallico van C. J. Caesar met betrekking 
tot N. Brabant. 



— It* — 

94 H. Palier. Geschiedenis van N. Brabant tofc 1830. 

95 Dr. C. [B. 'Hermans. Proeve eener beknopte geschiedenis van 
N. Brabant. 

96 Dr. C. B. Hermans. Beknopte goschiedenis van N. Brabant 
voor de jengd van de vroegste tijden tot het jaar 1300. 

97 Geschiedkundige aanteekeningen betrekkelijk N. Brabant. 

98 H. Palier. Geschiedenis van N. Brabant maandsgewijs gerang- 
schikt tot 1850 toe. 

'99 Chronologische opgave der geschiedkundige bijzonderheden be- 
trekkelijk N. Brabant over 1747 ~ 1792, welke voorkomen in 
de Nederl. Jaarboeken. 

jOO Dr. C. B. Hermans. De staatkundige toestand van N. Brabant 
in 1781. 

101 ld. De gebeurtenissen van N. Brabant in 1795. 

102 Merkwaardige gebeurtenissen in N. Brabant voorgevallen tus- 
schen 1850 en 1853. 

103 GrafzerlLeil. Alphab. lijst van personen, die in N.Brabant 
onder grafzerken begraven lagen, voornamelijk getrokken uit 
Le Boy Thé&tre Sacré du Brabant en een handschrift van 
M. H. van Heum. 

104 Afbeeldingen, gemaakt door Jhr. H. B. Martini van Geffen en 
anderen, van grafzerken die in 1842 nog aanwezig waren in: 
de Herv. Kerk te Helvoirt; B. E. kerk te Boxtel (met eene 
afbeelding van die kerk en de daaarbij staande grafkapel der 
familie de Hartitzsch) ; B. K. kerk te Caijk ; B. E. kerk te 
Beugen ; voormalige kerk te Haaren (bij Oisterwijk) ; Herv. 
Eerk te Leur bij Ëtten ; B. E. kerk te Bokhoven ; voorma- 
lige B. K. kerk te Esch en de Herv. kerk te Zevenbergen; 
grafzerk te Oisterwijk ; grafzerk van mr. Comelis Jan Wouter 
Nahugs, heer van Burgst, op het Kerkhof Zuilen nabij Breda ; 
grafzerk in de B. E. kerk te Grave ; id. te St. Michiels-Ges- 
tel ; id. te Someren ; grafzerken in de voormalige B^ K. kerk 
te Eindhoven ; afbeelding van een kerkraam, vermoedelijk 
gestaan hebbende in de B. E. kerk te Megen; afbeeldingen van 
kerkramen, gestaan hebbende in de B. K. kerk te Mierio ; 
grafzerken in de B. E. kerk te Oirschot ; idem op het B. E. 
kerkhof te Tilburg ; grafzerk te Aalburg. 

105 HlMirdfltedeB. Diverse aanteekeningen van Dr. C. B. Hermans, 



- 180 — 

waaronder een extract ait het register van hertellingen der 
haardsteden in N. Brabant van 1437. 

106 HeeriyUiedeil. Lijst der heerlijkheden in N. Brabant 
mitsgaders der namen en woonplaatsen harer eigenaars, opge- 
gemaakt in het begin der 19e eenw. 

107 Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrekkelijk N. Brabant- 
sche heerlijkheden. 

108 Project schadeloosstelling aan de eigenaars van heerlijkheden 
in N. Brabant te betalen voor het gemis van het recht van 
voordracht van administratieve ambtenaren van -4- het jaar 1820. 

100 Project schadeloosstelling aan de eigenaars van heerlijkheden 
in N. Brabant wegens het verlies van voordracht van schout 
en secretaris van Hh het jaar 1820. 

1 10 Mr. C. G. Hultman. Stukken betreffende mr. C. G. Hnltman, 
benoemd tot gouverneur van N. Brabant in 1814. 

1 1 1 Letterkundige verhandelingen van mr. C. O. Hult man. 

112 Catalogus philologicus librorum rariorum ex variarum scientia- 
rum generibus et ex typographiae incunabilis in bibliotheca 
Hultmanniana asservatorum. 3 Dln fol. 

113 Hertogen Tan Brabant. Hunne vazallen. Zie no. 100. 

114 HerTornide Kerk. Reglement van orde voor het Prov. 
Collegie van toezicht op de kerkelijke administratie der Her- 
vormden in N. Brabant van 1836. 

115 JaarntarlLten. Rapport van den Prefect van het Départe- 
ment des Bouches du Rhin van 1811 over de jaarmarkten in 
N. Brabant. 

116 Jacht. Een zeer oud register, inhoudende de afschriften van 
zes ordonnantiën, rakende het recht van de jacht en warande 
in Brabant, uitgevaardigd door Hertog Philips van Brabant 
16 Febr. 1452; 12 Juni 1454; 24 Febr. 1454 ; 22 Maart 
1459 ; 10 Dec. 1460 en 2 April 1456 ; de laatste is een volledig 

jachtreglement. Geen dezer ordonnantiën komt voor in de 
plakkaatboeken van Brabant of in den Codex Belgicus van 
Anselmus. 
116 hi$. Extract uit een plakkaat van Philips II van Spanje op 
de warandmeesterschappen van 26 Febr. 1568 (verbodsbepaling 
tegen het vangen of schieten van reigers, veldhoenders en 
duiven). 



— 181 — 

117 Kasteelen. Bapporta sar les chftteaaz et monaments anti- 
qaes de 1' arrondissement de Nimègue, (waaronder behoorden 
de yoormalige Kantons Boxmeer, Grave en Ravenstein). 1810. 
Copie. 

118 Kerkeiyke (eseliledeiiifl. Aanteekeningen van Dr. C. 
B. Hermans betrekkelijk de kerkelijke geschiedenis van N> 
Brabant. 

119 Kermissen. Rapport van den Prefect van het Département 
des Boaches da Rhin van 1811 over de kermissen in N. Brabant. 
Zie no. 115. 

120 Kleesters. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrek- 
kelijk de kloosters in N. Brabant in 1526. 
Klekkenistes. Lijst van N. Brabantsche klokkenisten 
Zie no. 61. 

121 KrosyiL. DU is de Gronike van Brabant ende van Orimber- 
bergen, daerinne gestéli worden de oorlogen, die ie hertogen van 
Brabant hadden tegen de heeren van Grimbergen ende ia uyjt 
een Cronicke in Bijme in prose verandert (met vele wapens). 

122. liftger OnderwUs. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans 
betrekkelijk het lager onderwijs in N. Brabant over 1800 — 1850. 

123 liandbouw. Prijsverhandelingen over den landbouw in N. Bra- 
bant 1841 — 1843. 

124 liABddrest* Extracten uit de verbalen van den Landdrost 
van Brabant over 1809. 

125 ld. Zie no. 76. 

126 liaty nsehe seholen Dr. C. R. Hermans. De geschiedenis 
der Latijnsche scholen in N. Brabant. 

127 lieenreclit. Afschriften van oude stukken rakende het leen* 
recht in Brabant. 

128 DU is d* boecke van den Leenhove in Brabant, zijnde een band 
inhoudende : de manier van procedeeren in zaken van leenrecht ; 
het leenrecht van Brabant ; het leenrecht van den huize van 
Bierbeke ; het leenrecht van Aerschot ; het leenrecht van Sant- 
hoven ; het leenrecht van de (J^enadigste Vrouwe van Brabant ; 
het leenrecht van den Abt van Ynden te Kortrijk ; costuimen 
der stad Brussel ; formulieren van akten, gebruikelijk te Rijssel, 
Doornik enz.; willekeuren van Zevenbergen van 1519; order 
van justitie der stad ^n Unde van Breda van 1 554 ; costuimen 



— 182 — 

en municipale rechten der stad en jurisdictie van Breda van 
1573. Hierb^ is nog~^geyoegd : Costuimen of ordounantien van 
leenrechten van den Leenhoi van Oud- Herlaer (onder St. Mi- 
chiels- Gestel) met de rol van dat Hof over 1613 en 1614. 

129 liadewUk XIV* Beschouwiogen over het recht van Z^'ne 
Majesteit Lodewijk XIV van Frankr^k op het Hertogdom 
Brabant en de graafschappen Henegouwen, Namen enz. wegens 
B^n huwelijk met Maria Theresia van Spanje. Haodschrift uit 
zijnen tijd. 

130 MoBUflieilteil. Statistieke gegevens over N. Brabant 1815 — 
1850. Hierbij eeue opgave van de gedenkteekenen en merk- 
waardige gebouwen, zich in N. Brabant bevindende en vau de 
beroemde personen, die aldaar geboren zyn. Volgens deze op- 
gave bevonden zich gedenkteekenen of merkwaardige gebouwen 
te Bergen op Zoom, Bokhoven, Breda, Grave, Heusden, Meges, 
()osterhout« Sch\)ndel, Zevenbergen en Zundert. Zie ook nog 
no. 117. 

Zie nog onder grafzerken no. 104. 

131 MuBteii en Penningen. Aanteekeningen van H. Palier 

over N. Brabantsche penningen. Zie ook nog no. 61. 

132 Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over N. Brabantsche 
munten. Zie ook nog no. 265. 

133 Dr. C. B. Hermans. Over munten en penningen van N. Brabant. 

134 Catalogus der munten en penningen, behoorende tot de verza- 
melingen van het Prov Genootschap, opgemaakt door den oud- 
kolonel der genie Noot. 

135 IVoerdbrabanters. Handteekeningen van voorname Noord- 
brabanters van het jaar -f- 1850. 

136 Dr. C. R. Hermans. Verhandeling over de wetenschappen 
en schoone kunsten, welke in N. Brabant gabloeid hebben en 
door N. Brabanters beoefend zijn. 

137 H. Palier. Alphabetische lijst van beroemde, geleerde en 
aanzienlijke N. Brabanters. 

138 Alphabetische lijst van N. Brabanters, die van 1685 — 1845 
promoveerden, met vermelding der onderwerpen hunner disser- 
taties. 

139 Lijst, opgemaakt door H. Palier van N. Brabanters, die op 
dissertatiee of theses promoveeiden* 



— 183 - 

140 H. Palier. Alphabetisch register van N. Brabanters, die op 
dissertaties promoyeerden. 

141 ld. van N. Brabanters, die op dissertaties en theses promoyeerden. 

142 Oee^n^aiiflelie t#estoBd. Besluit yan Koning Lodewijk 
Napoleon van 3 Mei 1800 om verbeteringen aan te brengen in 
den toestand der provincie N. Brabant en daartoe aanwijzen- 
de eene som van fl. 500. 

143 OttderwUfl* Aanteekeningen van Dr. G. B. Hermans over 
het onderwijs in N. Brabant in de eerste helft der 19e eeuw. 

144 O^rlL^lidem. Lijst van oorkonden, betrekkelijk Bergen- op 
SiOom, Breda, Geertrnidenberg, 's Hertogenbosch, Heusden, 
Ravenstein, en Steenbergen, getrokken uit het Oeneraal-register 
der archieven, berustende in het Rijksarchie^bouw te Brussel. 
Zie nog in Ve. charters no. 66 en volg. 
Organlstem. N. Brabantsche Zie no. 61. 

145 Ondhedeii van N. Brabant. Brieven daarover door onder- 
scheidene geleerden geschreven aan Dr. C. R. Hermans. 

146 Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over N. Brabant*s 
oudheden. 

ld. 

147 OYerstraoaiillKeii. Handelingen der centrale en permanente 
commissie tot leeniging der waterrampen in N. Brabant over 
1850. 

148 Dr. C. R. Hermans. Geschiedenis der overstroomingen langs de 
Maas in N. Brabant. 

Pennliigem. Zie munten en. 
140 Plaatobeseliry Ying* Dr. C. R. Hermans. Aanteekeningen 

over de verschillende gemeentens van N. Brabant. 

Zie nog 61. 
IM P^lderregleaaent. Beantwooording eener prijsvraag van 

het Prov. Genootschap over het aanbrengen van verbeteringen 

in het Polderreglement van N. Brabant, in 1856. 

151 Portretten. H. Palier. Lijst van portretten vanpersonen, 
die in N. Brabant lieden van beteekenis waren. 

152 Dr, C. R Hermans. Opgave der werken, waarin portretten van 
N. Brabanters te vinden z^n. 

153 PrlvlleflSB. Verzameling van privilegiën, ordonnantiën, enz., 
rakende bet Hertogdom Brabant in het algemeen, doch 



- 184 — 

grootendeels de stad 's Bosch in het bijzonder, van 1191 — 
1549. (Handschrift uit de 16e eenw). Een deel. 

154 Procesreclit en dlTersa. 

Een band inhoudende t 

fti privilegie door de Aartshertogen Albertas en IsabelJa aan 
die van Oisterwijk gegeven. 

b. bericht van de Rekenkamer van Holland op de missive van het 
Hof van Holland aan de Staten Generaal, concemerende het beta- 
len aan en laten genieten van traktement door den advocaat- 
fiscaal en procureur-generaal mr. Wolphert Nobeling gedurende 
den tijd, dat mr. Andries Hofland als zoodanig was geschorst. 
e. bericht aan het Hof van Holland op het request, door mr. 
Hofland ingediend over het sub b vermelde. 

d. Consideratiën omtrent diens provisioneele schorsing. 

e. memoriën omtrent hetgeen in cas van reformatie te obser- 
veeren is. 

f. notulen in een cas van purge van 1760. (betreft Sebastiaan 
Knijpers, notaris en procureur te Woudrichem en schout en 
secretaris van Almkerk, die impetrant van mandament van 
purge was contra Jacob Philip baron van Boetzelaer, baljuw 
van Woudrichem en het land van Altena enz). 

g. memoriën over defaulten en derzelver purge. 

b. memorie over het verzoek tot legitimatie der kinderen, 
gesproten uit het huwelijk van Urselke Comelis, verlaten huis- 
vrouw van den Engelschman Bogier Mylors, met Cornelis 
Janze Visser, 1648. 

I. missive der Staten van Zeeland aan het Hof van Holland 
over verleende mandamenten en provisiën van justitie zoo in 
criminalibus als in civilibus. 

J. advies van den Raad van Brabant aan de Staten Generaal 
over het verleenen van mandament van reformatie in crimina- 
libus (betreft eene procedure van mr. G. de Jong, drossaard 
van Beek en Donk, tegen Dirck Cleene). 

II. deductie om aan te toonen het recht van surintendance, 
competerende aan baljuw en leenmannen van Voorne over de 
politie en regeering van het platteland van Voorne. 

1. grieven, die de advocaten hebben tegen de nieuwe ordon- 
nantie op het declareereii v^ hup salaris (1659). 



— 185 — 

■i. Kort begrip der grievoD, door de advocaten over gezegde 
ordonnantie aan den Hoogen Raad medegedeeld (1659). 
n. idem der procnrears (1650). 

•. resolutie der Heeren Baden van het Huis van Bergen- op 
Zoom. conoemerende het vergeven van kleine bedieningen in 
den Oüdenbosch (22 October 1738). 

p. articnlen der landrechten van Clnijk, door Keizer Karel V 
18 Aug. 1550 verleend. 

q. memorie, waarom aan Peter Verwent in zake o* Otto van 
Wijhe, heer van Echteld, de revisie behoort te worden toegestaan, 
r. manier van procedeeren in Gelderland. 
8 memorie omtrent het generaal verband te 's Bosch in ge- 
bruik zijnde. 

t. missives daarover aan den Baad van State en processtukken 
daarover 

tü. memorie in zake mr. Adriaen van der Mieden, raadsheer 
in den Hove van Holland, contra den Procureur-Oeneraal van 
Holland, Zeeland en West- Vriesland. 1744. 

155 Raad en lieenliof van Brabant. Uittreksel uit de civiele 
rol van den Baad en Leenhof van Brabant te 's Hage van af 
1586 tot 1705. S Dln folio. 

1 56 Uittreksels uit de crimineele rol van gemelden Baad v. 1 634 — 1 795. 

157 Adviezen en missiven van gemelden Baad van 1695-1795. 7 
dln folio. 

158 Besolutiën van gemelden Baad van af 25 Febr. 1586 tot 9 Sept. 
1795. (handschrift van mr. Benjamin van Engelen van Strijen, 
geb. te Bergen op Zoom 5 Dec. 1732 en gestorven te Goes 
28 Mei 1808). 11 dln folio en een alphabetisch register. 

159 Alphabetisch register op de vier eerste doelen der Besolutie- 
boeken van gemelden Baad, beginnende met het jaar 1591 en 
eindigende met het jaar 1722. Dit register werd in 1723 ge- 
maakt door mr. N. Vegelin van Claerbergen, raad-ordinaris in 
gemelden raad. 

160 Uittreksels uit de dagelijksche notulen van gemelden Baad van 
af 13 Juni 1681 tot 19 Dec. 1766. 

161 Aparte notulen van gemelden Baad, van af 2 Febr. 1788 tot 
30 Oct. 1793, gehouden in absentie van mr. W. Van Laar, 
eersten presideerenden raad» ep mrs Nicolaas Willen H^irtmaQ 



— 186 -^ 

Daoiel Ste^jn Parvé en Lambert Engelbert van Eek, omdat 
deie heeren aich moesten ontbonden van het geven van beslis* 
sing in de zaken, welke op de Patriotten betrekking kadden. 

162 Notnlen tot veraoeken van defanlt in verschillende actiën of 
processen voor gemelden Raad gevoerd met de daarop gegeven 
appoin tementen van 1608 — 1692. 

163 Pagegaai of formnlierboek ten behoeve van gemelden JEb&ad. 

164 Idem. 

165 Extracten uit eenige resoluties van gemelden Raad v. 1632 — 1756. 

166 Uittreksels uit de registers der communicatoire processen voor 
gemelden Raad gevoerd, beginnende met 30 April 1633 en 
eindigende met 22 Dec. 1699. 

167—169 Nihü, 

170 Copiën van eenige sententiën van gemelden Raad van af 
1580 tot 1794. 

171 Manier van procedeeren voor gemelden Raad. 

172 GoUectanea, rakende den stijl van procedeeren voor gemelden 
Raad. 

173 Raad Tan State. Alphabetische klapper op eenige resolutiën 
van de Staten Oeneraal en den Raad van State, betreffende 
Staats-Brabant. R. — Z. 

174 Reelat. Plakkaat van Keizer Earel V op het beneficie van 
cessie van 302Aug 1536 Zie No. 270. 

Privilegie van Hertogin Johanna van Brabant van 15 Juli 1384 
omtrent de praescriptie van schuldvorderingen en verjaring van 
cijnsen» alsmede twee getuigenverklaringen in turba van 1564 
over deze verjaringen. Zie No. 270. 

175 Verzameling van 'slandts en stadie ordonnanüên op de hmoelyke 
saaken op vereoek van de Magistraat der Hoofdeiadt 'e Bosch 
by den anderen gebragt door mr, Antony Martini, pensionaris 
der voorsz studt 1767, Een deel 

176 Matrimonieel handboek of pit en merg uit het Echtreglement 
en andere plakkaten en resolutiën op het trouwen in de 
Oeneraliteit. 

177 Alphabetische klapper op eenige onderwerpen van Oud-Brabantsch 
recht. 

178 Annotationes ad Decisiones D. Stockmans, faotae ab (Jerardp 
Vromen, Supremae Curiae Brabaatiae fispalif 



— 187 — 

179 Rederykera. Aanteekeaingen van Dr. C. B. HermsaBover 

Bederijkers in N. Brabant. 

180 Diverse aanteekeningen betrekkelijk de Bederijkerskamers in 
N. Brabant. 

181 Re0«l«tlSB. Dr. C. B. Hermans. Analytische opgave van 
resolntiën, ordonnantiën en reglementen betrekkelijk N. Brabant 
van 1649—1800. 

Analytische opgave der resolntiën van de Staten van Brabant. 
1180 — 1662. 6 dln. Zie no 70. Zie nog no. 190. 

182 Lijst der wetten en besluiten, betreffende Noord-Brabant, voor 
zooverre die staan in het Staatsblad van 1813 — 1820. 

183 Rtupieii. Beantwoording eener prijsvraag, die in 1839 door 
het Prov. (Genootschap over de rapsen is nitgeschreven. 
Schilden, teekemaara en graTeon. fl. Palier. Lyst 
van N. Brab schilders. Zie no 61. 

184 Bijdragen over N. Brabantsche schilders, teekenaars en graveurs. 

185 SehryYers. Letterkundig Noord-Brabant. Aanteekeningen 
van H. Palier omtrent N. Brabantsche schryvers. 6 Dln folio. 

186 Briefwisseling door H. Palier gevoerd over de samenstelling 
eener letterkundige geschiedenis van N. Brabant. 

187 Alphabetische lijst van N. Brabantsche schrijvers, door H. 
Palier opgemaakt. 

188 Dr. C. R. Hermans. Alphabetische beschrijving van N. Brabantsche 
schrijvers. 

189 N. Brabantsche Letterkundigen. 6 Dln. 

190 Staatflbrabant. Extracten uit het Begister der Resolutiën 
van het intermediair administratief bestuur van Staats- Brabant 
van 1795— 1799. Een portefeuille. 

Zie nog no. 76. 
Staten Generaal. Alphabetische klapper op eenige resolu- 
tiCn van de Staten-Geueraal betreffende Staats-Brabant. O^Z. 
Zie no. 173. 

191 Statistiek van N. Brabant over 1813 — 1816. 

192 ld 07er 1813 — 1818. 

Statistieke gegevens voor N. Brabant van af 1815 — 1850, 
Zie no. 130. 
TIendreebt. Zie no. 82. 

193 Tellen. Stqkk^n, betreffende den Groeten Brabandggheu 



— 188 — 

Swijgende Landtol, Geleijde en Paardegeld (in een portefeuille, 
waarin nog een register van de ordonnantiën, reglementen enz. 
van 's Bosch van af 1676 —1729). 

104 Bol der procedures, gevoerd door de pachters van gezegden 
tol voor de Leen- en Tolkamer der stad en Meierij van 's Bosch 
van af 1748 — 7 April 1791. Een register. 

105 Oude aanteekeningen betrekkelijk: De Groote Brahandse zwü- 
gende Landtól, Gelyde en Paardegeld Een portefeuille. 

106 Extract uit het conolusieboek van 's Bosch, houdende dat de 
pachter van gemelden tol zich zal gedragen naar de instructie 
voor de pachters van dien tol in 1610 gemaakt. 

Deductie van Johan Heeren, koopman te 's Bosch, tegen de 
erven van Willem van Hanswijk, pachter van den Landtol en 
de in deze zaak gewezen vonnissen. Zie no. 428. 

107 Verpachtingsconditiën van gezegden tol in 1770. 

108 Terdediging. Beschrijving van de waterlinie te maken tot 
versterking van het frontier tusschen de Schelde en de Maas. 1777. 
Memorie over de verdediging der Zuidelijke grenzen van Ne- 
derland tussche de Maas en de Schelde, door den majoor Geij. 
1831. 

MTeteiiscliappeB. Verhandeling over de wetenschappen en 
schoone kunsten, welke in N. Brabant gebloeid hebben. Zie 
no. 136. 

St. IVillebrordusputteii. Rapporten van de Districts- 
sommissarissen en burgemeesters van N. Brabant over de St. 
Willebrordusputten aldaar, 1840. Zie no. 65. 
IVoeste gronden. Uitgifte van gemeentegronden in Staats- 
brabant. Zie no. 74. 
100 Beschrijving van de streken in N. Brabant, alwaar woeste gron- 
den gevonden worden, van ^ het jaar 1840. 
Verkoop van woeste gronden. Zie no. 82. 



— 180 — 

2. DB MEIERIJ VAN 's-BOSCH- 

DE MEIERIJ IN HET ALGEMEEN. 



200 Aa rivier de. Procesverbaal van schoawvoering deser rivier 
van af Helmond tot *s-Bo8ch van 14 Aog. 1498. Gopie. 

201 Allerhande zaken. Registers van zaaken rakende deStadi 
en Meyer^ van 's Bosch, loopende over de jaren 1525 — 1705 
en bevattende resolutiën en ordonnantiön, als op de aannemin- 
gen, accijnsen, ambten, armwezen, Begijnhof, beden, begrafenis- 
sen, besmettelijke ziekten, blokmeesters, baanderheeren, bruggen, 
cijnsen, crimineele zaken, dijkwezen, de Dieze, gilden, gemeen- 
tegronden, handel, hoogschonten, houtschat, jacht, kerken, kloos- 
ters, krijgswezen, kwartierschonten, landbouw, leenen, markt- 
wezen, montwezen, onderwijs, paapsche stoutigheden. pegge, 
pootrecht, predikanten, priesters (Roomsche), politie wezen, pri- 
vilegiën, posterij, rentmeesters, rouwmantels, secretariaten, schut- 
terijen, straatwegen, tiendrecht, tollen, veenderijen, veeren, 
vestingwerken, visscherij, weeshuizen, zwanendrift. 12 banden 
en 1 alphab. register. 

202 Registers van allerhande stukken betreffende de stad en Meier\j 
van 's fiosch (benevens een paar stukken betrekkelijk de baronie 
van Breda), loopende over de jaren 1547 — 1738, als plakkaten 
der Hertogen van Brabant ; resolutiën der Staten Generaal ; 
beschikkingen der Schepenbank van 's Bosch ; privilegiën der 
stad 's Bosch ; stukken betreffende de stad en Meierij van 
*s Bosch gedurende den Tachtigjarigen oorlog ; procedures der 
stad 's Bosch tegen schepenen van dorpen in de Meierij ^ rechten 
der stad 's Bosch op de ezecutiën harer vonnissen ; vertoogen 
der Baanderheeren, Edelen en steden van Brabant, dat de 
provincie Brabant deel behoort te hebben aan 's lands regeering; 
beweerd recht der Staten Generaal om inzage te nemen van de 
rekeningen der stad 's Bosch ; bewering der stad *s Bosch, dat zy 
recht heeft om hare magistraat te benoemen ; deducties, dat de 
stad en het land van Megen, alsmede de stad en het land van 
Bavenstein tot de Meierij van 's Bosch behooren ; opneming der 
rekeningen der stad 's Bosch ; verplichting der stad 's Bosch 
om te betalen de ordinaris groote of kleine bede ; klachten 



— lÖO — 

der stad en Meierij van 's Bosch over de belastingen, die hare 
bewoners meer moeten opbrengen dan die der andere provincies ; 
secretarissen en notarissen in de stad en Meierij van 's Bosch ; 
geschil tosschen Rogier van Leefdael, heer van Deome en de 
ingezetenen van die heerlijkheid over de rechten, welke hem 
daarop toekomen ; J. B. Keppel, hoogschoat der stad en Meie- 
rt vjin *8 Bosch ; klacht van de familie van Pieter Pacqai, 
bnrger van Breda, over een vonnis van het gerecht aldaar ; 
dednctie van het recht der heeren en stad Breda, benevens 
der andere steden en vrijheden van Brabant om in alle crimi- 
neele zaken te vonnissen bij arrest ; enz.; 3 banden, over 1547 — 
1738 en 1 dl. folio over 1570— 1585. 

Aaabtenaren* Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over 
de hoofdambtenaren der stad en Meierij van 's Bosch na de 
overgave dier stad in 1629. Zie no. 100. 

203 Alphabetische lijst van hen, die ambtenaren waren in de stad 
en Meierij van *s Bosch van af 1746—1815. 

204 Belastingeii. Memoriën van den ontvanger mr. C. van 
Brengel over de verpondingen en gemeene middelen in de stad 
en Meierij van 's Bosch v. 1703. Zij bevatten beschouwingen over 
het belastingwezen van gezegde landstreek van af 1629 tot 1793, 
alsmede over de herziening van hetzelve. 5 dln. 

205 Mr. C. van Breogel. Qaohieren der belastingen voor het kwartier 
van Oisterwijki het kwartier van Rempenland, het kwartier van 
Peelland en het kwartier van Maasland, over 1785 —1791. 4 dln. 

206 Algemeene taxatie der huizen in de vier kwartieren der Meierij, 
gedaan door mr. C. van Brengel 1781 — 1795. Een deel. 

207 Beschrijving van de Meiery van 's Bosch, gediend hebbende 
voor de he£Qng van de belastingen aldaar en opgemaakt door 
mr. C van Brengel over 1786 — 1 792, met eene memorie van hem 
over de verandering der taze van die belastingen. Een portefenille. 

208 Portefenille met resolutiën, memoriön en andere stnkken, ra- 
kende de belastingen in de Meierij van 's-Bosch over de jaren 
1634 — 1791, en b^eengebracht door mr. G. van Brengel. 

209 Legger der ambtenaren op de middelen te lande in het res- 
sort 's Bosch van 1808. 

Besckryvinc der Meierjj. Zie no. 207. 

210 Beslvlten. Verzameling van beslniten, brieven, ordonnantiën, 



— 191 — 

yonnissen, adyieiOD, aanteekeningen enz , betreffende de stad 
en Meierij van 's Bosch van af 1663 — 1761. (Hieronder: 
Dedactie tot bewijs, dat de stad en het land van Megen be- 
hooren tot de Meierij van *s Bosch ; idem voor wat betreft de 
stad en het land van Ravenstein ; Vertoog der Baanderheeren, 
Edelen en Steden van Brabant, dat dese provincie deel behoort 
uit te maken van 's landsregeering). 3 dln fol. 

211 Aanteekeningen, in alphabetische orde tot het jaar 1740 ge- 
maakt door den pensionaris mr. Antony van fleanii op de 
plakkaten, resolutiën, besluiten, reglementen, privilegiën, deduc- 
tiën en memoriën, betreffende de stad en Meierij van 's Bosch 
6 dln fol. 

212 Vervolg op voorschreven aanteekeningen. 2 dln fol. 

213 Korte inhoud der plakkaten, edicten, resolutiën, waarschuwin- 
gen enz., betrekkelijk de stad en de Meierij van *s Bosch uit- 
gevaardigd van af 1232 — 1792 door de Hertogen van Brabant, 
den ] Raad van State, den Raad en Leenhof van Brabant, de 
Prinsen van Oranje en de Magistraat van 's Bosch. 

214 Alphabetische klapper op twaalf boekdeelen plakkaten, ordon- 
nantiën, memoriën en resolutiën door de Hertogen van Brabant, 
de Staten Oeneraal, den Raad van State en den Raad en Leen- 
hof van Brabant betrekkelijk de stad en Meierij va;^ 's Bosch 
uitgevaardigd over 1309 — 1756, welke boekdeelen samen- 
gesteld werden door mr. Antony van Heum, pensionaris der 
stad 's Bosch en na zijnen dood door de Magistraat van die 
stad op 27 Mei 1760 van zijne weduwe aangekocht zyn. 

215 Extracten uit de plakkaten en resolutiën van de Staten Generaal 
en den Raad van State, betreffende de stad en Meierij van 
"s Bosch, loopende over 1629 — 1756 en 1761—1769; 13 dln 
foUo (het 11e deel ontbreekt). 

216 Extracten uit de resolutiën van de Staten Oeneraal en den 
Raad van State, betrekkelijk de stad en Meierij van 's Bosch 
van 1702—1757. 

Benrzen ad stiidia. Zie nos 313 en 223. 

217 Blsd^Bl '8 B«8eh. Diarium Rev. Dom^ Michaelis Ophovii 
Episcopi. 4 Aug. 1629—1 Jan. 1632. Copie. 

218 Expositie status episcopatus Buscoducensis Romam missa a 
R. D. Judoco Uoubraken, ejusdem dioecesis vicario apostolico. 
1677, Copie. 



— 102 — 

219 Copia anthentica van het vorige met eene toelichting van den 
Utrechtsohen Professor Bogaards. 

220 Béponse k quelques objections qne Ton faites ét l'évêqne de 
Boremonde an snjet dn vicariat général de Bois Ie Duc, 
anqnel la Gonr de Bome Ie destine (betreft den bischop Sangnessa). 

22 L ClTlele proeedares. Processtukken in civiele zaken, rakende 
personen en goederen der stad en Meierij van 's Bosch, over 
de I7e en I8e eenw. 3 dln fol. 
222 DomelneB. Begister van de dagelijksche besognes der heeren 
Baden en Bentmeester-generaal der Domeinen van Brabant 
en der Leenmannen van de Leen- en Tolkamer der stad 
en ICeierij van 's Bosch, gebonden door den griffier mr. Jan 
Hendrik van Henm over het jaar 1739. 
228 Begister van den rentmeester der Domeinen voor het Kwartier 
's-Hertogenbosch, inhoudende : 

a. Inset op 1 L Februari 1588 van gronden, gelegen onder 
St Oedenrode ter plaatse genaamd Stompartshoeck, welke 
door Symon Fierlants in zijne qualiteit van raad en rent- 
meester-generaal van Z. M. den Hertog van Brabant over 
het kwartier van 's Hertogenbosch wegens wanbetaling van 
een daarop drukkende c^ns ten openbaren verkoop waren 
aangeslagen. 
h. Verbandbrief d d. 11 Maart 1589 van Heer Peeter van 
Griensven, priester en kanonik der Cathedrale kerk van 
's Hertogenbosch, aangaande zijne fundatie van 15 eersame en- 
de leersatne scholieren. 

c. Uitgifte in erfpacht aan Jacob van Berchem, kapitein van 
een vendel voetknechten van Z. M., liggende in garnizoen 
in de stad en op het slot van Megen, alsmede op eenige 
andere forten^ van een stuk opgehoogden groud daer eer- 
tyts opgestaen heeft zekere schanse op den dyck van der Maeze 
tussohen heyde de sluipeen, geheeten Gewande^ niet verre van 
de sladt van *8 Hartogenhoscht nu teenemaal geslecht ende 
geworpen; van een wiel en van een tegenover gezegd stuk 
grond in de Maas gelegene zandplaat. 17 Mei 1590. 

d. Schepenen, H. Geestmeesters , Kerkmeesters en Ingezetenen 
van V'ught verbinden zich voor dit dorp om na te komen 
de voorwaarden, waarop door den Hertog van Brabant aan 



— 198 — 

de regeering van dit dorp vergund was zijne commnnale 
gronden te verhoren en verkoopen 25 Apnl 1587. 

e. Burgemeesters, Kerkmeesters en H. G^eestmeesters van het 
dorp Haaren b^ Oisterw^k verbinden zich voor dit dorp om 
na te komen de voorwaarden, waarop door den Hertog van 
Brabant aan dit dorp veigond was een gedeelte van syne 
commnnale gronden te verkoopen en uit te geven. 5 Dec. 
1581. 

/. Goijart van Engelant, als rector van den Goidtskujjse der 
iinneloose menschen, staande te 's-Hertogenbosch, koopt bij 
gerechtelijke nitwinning aan zekere ledige er/fenisse gelegen 
(aldaar) cplen hoeck van 8t. Jaeohsstraete. 12 Febr. 1582. 

g. Jonker Floris van Onthensden, zoon van Jan, verbindt 
zich aan Willem Wels Willemszn. en Amt. Janssen van 
Vlijmen, als voogden over de onmondige kinderen van Goos- 
w^n GKiebels, eene zekere som gelds te betalen en verbindt 
daarvoor zijne goederen. 23 Febr. 1583. 

A. Ten verzoeke van Rogier Peeter Gieliszn. van Broeckhoven» 
bierbrouwer te 's Hertogenbosch, verklaren de Rentmeester 
van Z. M. Domeinen en de Leenmannen van het Kwartier 
van 's Hertogenbosch, dat zij opgenomen hebben een uit- 
steeksel van het achterhuis, behoorende tot het huis van 
requestrant, genaamd het schud van Frankryk, staande te 
*s Hertogenbosch aan de Groote Markt en zich uitstrekkende 
tot aan de Dieze en welk uitsteeksel boven die rivier ge- 
maakt was. 16 Mei 1583. 

i. Jan AmtszD, burger van 's Hertogenbosch, verbindt voor 
een cijns zijn huis, staande aldaar aan den hoek van de 
Toren- en Hinthamerstraat. 28 April 1584. 

j. Aert van Weerden, burger van *s Hertogenbosch, verbindt 
voor een cijns, door hem verleend voor het bekomen van 
vergunning tot het maken van een kelder onder de openbare 
straat ten behoeve van zijn na te melden huis, — het huis 
genaamd De Drie Roozen, staande aan de Markt te 's Her- 
togenbosch. 

k. Aan ^ Henrick de Raet woidt tegen beding van een c^ns 
toegestaan een muur te zetten ter versterking van zijn huis, 

13 



— \94 - 

^genaamd ie Zwarte Ruiter ^ staande te 's Dertogencioscb aati 
de Vischmarkt. 30 Mei 1584. 

I. Ghysbrecht Eoijsten, burger van *b Hertogenbosch, verbindt 
voor een cijns zijn hnis genaamd de Begenhoog, staande al- 
daar aan de Markt, welken cgns hij aangenomen had te 
betalen als recognitie voor het maken van een kelder vóór 
dat hnis. 13 Jnli 1584. 

m. De Prior, Subprior, Procurator en Gemeene Broederen van 
den Convente van der Hemelschen Poirte (Baseldonck), etaende 
binnen der stadt van 's-Hertogenbossche opten W^tmoelenberchf 
verbinden wegens eenen recognitiecijns een windmolen, die 
hun vergund was op hun erf te maken tegen betaling van 
dien cijns. 4 Januari 1585. 

n. Pater, Mater ende gemeijne Convente van Betanien, gemeynl^ck 
genaempt den Wintmolenberg, staande binnen der Hadt van 
*8'Hertogenbo88che, verbinden voor eenen cijns alle goederen 
van hun convent ten behoeve van den Hertog van Brabant, 
welke cyns door hem bedongen was bij het verleenen van 
machtiging aan dat klooster om erfenissen te aanvaarden tot 
een bedrag van tien duizend carolus guldens. 12 Maart 1587. 

o. Symon Fierlants, raad en rentmeester van Z. M. Domeinen 
in het kwartier van 's-Hertogenbosch, verklaart dat ten 
z\jnen overstaan is opgemeten en afgepaald een stuk groes- 
land, zijnde gemeente van het dorp Vught, gelegen tegenover 
de huysinge van Joncheeren Johannen van Heym, de Clei^e 
Diese genoempt, gelegen ronfsomme in den stroom en welk 
stuk groesland Eoelof Aert Vastaerts, raadsheer der stad 
's-Hertogenbosch, in beleening had gehad. 19 Febr. 1587. 

p. Dezelfde verklaart, dat ten zijnen overstaan is afgepaald 
een stuk gemeente, dat door de Schepenen, Burgemeesters 
en naburen van Vught, Cromvoirt en Oetheren was verkocht 
aan Mathys van der Meer en gelegen was aan den Win- 
terstroom achter het Convent der Karthuizers te Vught. 
30 Juni 1587. 

224 Ctoesteiyke goederen. Afschriften van rekeningen en 
verantwoordingen, gedaan door de rentmeester der geestelyke 
goederen in de Meierij van 's Bosch over 1680 en 1081. 



— rtfs — 

225 Repartities over het inkomen van de kloosters en d0 geette^' 
lijkheid van de Meiery van *& Bosch, gemaakt ingevolge de 
resolutie van H. H. M. M. van 11 Nov. 1634, en geordonneerd 
tot onderhond van de predikanten en schoolmeesters in do Meierg. 
Staten van het comptoir der geestelijke goederen in de 
Meierij (met naamlijsten der predikanten, kosters, voorlezers en 
schoolmeesters aldaar). 

Staten van de inkomsten der geestelijke goederen in de 
Meierij van 's Bosch. 

een en ander loopende over de jaren 1690 en 1608. 
Heeriykheden* De heerlijkheden in de Meier\j van 
's Bosch, zie no. 100. 

226 liABdflieflBg. Portefeuille met resolntiën, memorifin en an- 
dere stukken, rakende het vereffenen van jurisdiotiekwesties, 
gerezen bij gelegenheid van de landmeting in de Meierij van 
's Bosch in 1790 en volgende jaren, bijeenverzameld door mr. 
G. van Brengel. 

Ijeen en folkaaier. Zie no. 222. 

227 Dicta ordinaria van de Leen- en Tolkamer der stad en Meierij 
van *s Bosch, beginnende met 13 April 1699 en eindigende op 
30 Maart 1758. 

228 Register van transporten van gemeentegronden, plaats gehad 
hebbende voor de Leen- en Tolkamer der stad en Meierij van 
's Bosch van 31 Jan. 1792 — 29 April 1794. 

229 Memorie van de jura der Leen- en Tolkamer voorzegd, zooals 
die ten tijde der griffiers Copes, Verster, J. van Heurn en 
J. H. van Heurn zijn gevorderd geworden, met de verdeeling 
derzelven. 

230 Notitieboek van mr. J. H. van Heurn, griffier der Leen- en 
Tolkamer voorzegd, wegens de hem in die qualiteit verschul- 
digde rechten. 1770—1791. 

231 Audientieblad der Leen- en Tolkamer van *s Bosch van 14 Sept. 
1772-^15 Sept. 1794. Een register. 

2Slbi8 Maasland Erfsecretariaat van. Processtukken over dit 
ambt 1616 — 1738. Hieronder afschriften van diverse stukken, 
houdende de uitgifte en de verdere geschiedenis van dit ambt, 
ook van belang voor de genealogie der families vanVladeracken, 
van Steenwegh, van Brecht, van Oss, van Outheusden, van 
Berchem en Bonaerts. 



— 19Ö — 

232 Molenaars. Memorie van Mr. Casper van Breugel, ontvanger 
der gemeene middelen over de vier kwartieren der Meierij, be* 
treffende het maalloon en de rechten der molenaars aldaar. 1790. 

233 Resolntiën van den Kaad van State en notnlen van de Leen- 
en Tolkamer te 's Bosch, over 1788 — 1794, rakende de be- 
lastingen op het gemaal: alsmede aan teeken ingen over het 
maalloon der molenaars, bijeengebracht en gemaakt door voor- 
noemden Mr. G. van B reugel. 2 Dln. 

234 OorkoBden. Afschriiten van oorkonden, betreffende Bergeik, 
Dmnen, Ëersel, Eindhoven, Ësch, Gansoijen, *8 Hertogenbosch, 
Lieshout, Lithoijen, St. Mich iels-Gestel, Seldensadt, Someren, 
Steensel, Tilburg en Goirle,Vught en Waalwijk 

235 Peelland. Resolutieboeken der Gecommitteerden van het 
Kwartier van Peelland van af 12 Maart 1602 tot 22 Mei 1680. 
3 dln fol. 

236 Polders. Diverse stukken over het dijkrecht in het Kwartier 
van Maasland, loopende over 1614 tot 1700 en betrekking 
hebbende op Berchem, Ëmpel en Meerwijk, den Groenendijk, 
Kessel, Maren, Nuland, Oijen, Osch, Rosmalen en de polders 
van der Eigen, Empel, het Hoog Hemaal en het Laag Hemaal. 
Een band. 

237 Oprichtingsbrief van den Polder van der Eigen van 1309 (in 
duplo). Oude copién. 

238 Procesverbaal van de klopschouw, gehouden op den Maasd^k 
in het hemaal van der Eigen onder Orthen op 31 Mei, 1 en 
2 Juni 1570. 

239 Reqnest door de polders van der Eigen, Laag Hemaal en 
Empel aan de Staten Generaal gericht om te weigeren een 
verzoek door de regeering van Lithoijen aan H. H. M. M. 
gedaan om te amo veeren den zoogenaamden Schatlakenschen 
dam, liggende in den polder van het Hoog Hemaal 1755. 
Resoluties van den Raad van State van 1694 en 1701 om- 
trent de dijken te Ëmpel en Beers. Zie no. 100. 

240 Procesverbaal van den dijkschouw op den Maasdijk onder Alem 
van 7 Maart 1691. 

241 Oud afschrift van het charter, waarbij door Jan van Brabant 
op St: Maartensavond 1326 het recht van waterlossing op de 
Maas te Gewande is gegeven aan Megen, Haren, Macharen en 
Teeffelen. 



— 197 — 

242 Reglement Tan den polder het Hoog HenujJ van 1787 met 
den opricktingBbrief van dien polder en eenige resolntieB dien 
polder betreffende. Copiên. 

243 Archief van den polder het Hoog Hemaai van 1638—1822 
(hieronder veel over den Ghoenend^k). Hierbg nog eenprooes* 
verbaal van schonw voering over deien polder van 1638. 
Het dijksehrijversambt van den polder het Hoog Hemaai ; sie 
no. 23 ibis. Zie nog no. 296 en 575 in Deel I. 
PredllumteB. Zie no. 224, 225 en 252. 

244 Procesrecht* Manier van procedeeren in de Meiei^ van 
's Bosch 

245 Recllt* Dedactien en adviesen betrekkelijk het oostomier 
en strafrecht in de Meierij. 2 dio. Hierbij nog eene getoigen- 
verklaring in tarba afgelegd over het gewoonterecht omtrent 
het recht, dat de langstlevende echtgenoot en de kinderen 
hebben op de nalatenschap van den eerst stervenden echtgenoot. 

246 RegleaiCBtCB* Manoale van mr. J. C. Santvoort op de 
reglementen betrekkelijk de stad en Meierij van *s Bosch. 

247 RellLeBlBg. Manuaal of woordeboeck betrekkelijk tot alle 
de rekeningen van de steeden, vrijheden en dorpen, gelegen in 
de vier quartieren van de Meijerije van 's Bosch, samengesteld 
door mr. Johan Comelis Santvoort, griffier der hoofdstad 
's Bosch. 

248 SchoafCB. Nader bericht door den Hoog- en Laagschont der 
stad en Meierij van 's Bosch overgegeven aan de Staten-Generaal 
Daar aanleiding eener klacht, door de vier Kwartierschonten 
tegen hem ingebracht. 1682. 

249 SclioaWToerlBC* H^cieil van stnkkeo, betrekkel^'k de ge* 
schillen bestaan hebbende tasschen de stad en Meiery van 
's Bosch ter eenre en Philip Willem de Schmeling, in diens 
hoedanigheid van raad en rentmeester-generaal der domeinen 
van Brabant in het Kwartier van 's Bosch, ter andere sijde, 
over het schouwen der openbare wegen en rivieren in de 
Meierij. 1750—1758. 2 dln. fol. 

250 TleildcB. Memoriën en rapporten over het a^haffen der 
novale tienden, geheven wordende door het Bestuur der Do- 
meinen in de Meierij van 's Bosch. 1802 — 1810. Een portefeuille. 

251 Wcduwefondscn Notulenboek der weduwensocieteit (fonds 



— 198 — 

ten behoeye der wedawen van drossaarden, secretarissen, 
predikanten, schoolmeesters, commiezen enz in de Meierij) van 
1750—1777. 
252 Boek van de Wednwenbenrze de Eerw. Classis van 's-fiosch, 
opgericht in 1740. 
WoMte gronden Zie no. 228. 



Dl rimliHilli jleatstt m ii IiH 



BAE£L 

253 Cijnsboek van Beek op de Donck en Bakel van 1656 — 1804. 
Kenrboek van Bakel* betreffende de gemeentegronden en 
de Peel. 

BEEK EN DOiNK 

Zie no. 154. 

n n 258. 

BERGEIK 

Earel V geefl een vidimus van en bekrachtigt de uitgifte der 
gemeentegronden, door Hertog Jan van Brabant 21 Sept. 1331 
aan de ingezetenen van Bergeik en Westerhoven gedaan 26 Mei 
1544. Zie no. 234. 
Zie ook nog onder Ëersel. 

BEST 

Zie no. 428. 

254 Bestek volgens hetwelk de Magistraat van 's Bosch in 1774 
aanbesteedde het maken van een nieuw barrierhuis te Best. 

CROMVOIRT 

Zie no. 223. 

DECRNE 

Zie no. 202. 



— IW — 

DRÜNEN 

255 Model van een boomboek voor de heerlijkheid Dranen. 1792. 
Afschrift van den brief, waarbij Jan III, Hertog Tan Brabant, 
20 Deo. 1831 aan de ingezetenen van Dranen de gemeene 
weide uitgaf. (Zie Dr. C B. Hermans (ïesch. Mengelwerk 
II blz 246 en no. 234 hiervoor.) 

ËËRS ËL 

Jan in. Hertog van Brabant, geeft nit aan de inwoners 
van Ëersel, Bercht, Broeck, Wedebosch, Hapert, Hoogoasteren 
en Dnizel gemeentegronden. 20 Dec. 1326. 

Octrooi van Philips IV van Spanje om staangeld te kunnen 
vorderen van de kramers op de weekmarkt te Eersel. 7 Nov. 
1624. 

Zie no. 234. 

EINDHOVEN 

Hertog Hendrik van Brabant verklaart aan de stad en de 
burgers van Eindhoven dezelfde rechten te hebben gegeven 
als 's-Hertogenbosch bezit. Hij verleent aan Eindhoven tevens 
eene weekmarkt en beveelt aan de naburen deze markt te be- 
zoeken. Anno 1232. (Zie Houben Gesch. van Eindhoven I blz 26). 

Statuten van het Kapittel te Eindhoven. 25 Juni 1487. 

Aanteekening betrefifende Joannes ab Eindhoven, legatus ad 
Ludovicum Galliae regem 1 482, regulae St. Augustini, episcopus 
Agosensis ante annum 1484, stierf 1508. 

Zie no. 234. 

Zie ook nog no. 427. 

256 Recueil van de privilegiën der stad Eindhoven. Een register. 

EBdPEL 

Resoluties van den Baad van State van 1604 en 1701 om- 
trent de dyken te Beers en Émpel. Zie no. 100. 

ESCH 

Uitgifte der gemeentegronden aan de gemeente Elsch namens 
den Hertog van Brabant. 23 Juni 1314. 



— 200 — 

Resolutie der Staten Oeneraal, dat de ingezetenen van Esch, 
Helvoirt, Haaren, Udenhout en Berkel moeten betalen den 
zesden penning van het door hen gekapt wordend hout. 18 
Deo. 1698. 

Zie no. 234. 

GANSOIJEN 

Aartshertog Mazimiliaan van Oostenrijk handhaaft Jan van 
Weerdenborch in het bezit der heerlijkheid Oansoijen. 
Zie no. 284. 



Zie no. 223c. 



Zie no. 223e. 



GEWANDE 

HAAREN 
HAGOORT 



Arend van der Dussen, ridder, heer van der Haghen, ver- 
klaart, dat hij na beraad met zijne zonen Claus en Jan ge- 
geven heeft aan Oijsbrecht Mallantszoon en Jan die Wilde, 
diens broeder, zijne magen en voorts aan zijne onderzaten 
uter Haghen al zulke rechten en vrijheden als de goede luiden 
van Waalwijk hebben of verkrijgen zullen en verder alles wat 
nog in deze akte omschreven staat. Donderdag na St. Matheus 
Ev. 1405. 

Zie no. 234. 

's-HERTOGENBOSCH 

257 Aanbestedingen. Aanbestedingen en verpachtingen door de 
stad 's Bosch gedaan over 1749 — 1758. Een register. 
Allerhande zaken. Zie no. 201 en no. 85. 

258 Arehleven. Verslag omtrent de archieven der gemeente 
's Bosch van 1827. 

Lijst der oude doop- en trouwregisters van 's Bosch. 



— 201 — 

Instructie voor den archivaris der gemeente 'sBcsch van 1841. 
Verslag der raadscommissie, belast met het toezicht op het 
stedelijk van archief 1841 — 1848. In een portefeuille. 
Belasflngen. Zie no. 202. 
Beleg der sted in 1603 en 1629: 
250 Twee nienwe liedekens van de belegering van 's Bosch in 
1603. Copiën. 

260 Mémoires des choses qni se sont passées durant Ie siège de 
Bois Ie Dnc en 1620. Copie. 

260&is Diarinm obsidionis ha jus urbis Sylveducensis. 1620. 

261 Description du siège de la ville de Bois Ie Duc en 1620. Copie. 

262 Ephemerides Huartii. Ëztract. 

263 Verzameling van origineele stukken betreffende het beleg en 
de inneming van 's Bosch in 1620. Hierbij eene authentieke 
copie van de resolutiën van de Magistraat dier stad van 1620. 

264 StuJcken over het beleg van 's Bosch in 1620, door Dr. C. R. 
Hermans uitgegeven. 

265 BerellLel. Th. van. Aanteekeningen van Dr. G. R. Hermans 
over den stempelsnijder Th. van Berckel en eenige munten, 
welke in N. Brabant geslagen zijn. 

266 Bibliotheek. De stedelijke. 

267 Boekdrakkers. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans 
over de Bossche boekdrukkers. 

268 Booze Grief Aanteekeningen van Dr C. R. Hermans over 
het kanon de Booze Griet. 

Capaeynen. Levensbeschrijving van Pater Basilius van 
Brugge, laatsten gardiaan van het Gapucijnenklooster te 's Bosch 
vóór de overgave dier stad in 1620. 
Zie no. 334. 

260 CommlssleboekeB Commissieboeken der stad van 1 Febr. 
1758—10 Nov. 1760; 1760—1770; (duplicaat van dit laatste 
1760—1778); 1780—1786. 4 dln folio. 

270 Coslalmeil. Costumen en usantiën van de stad *s-Bosch. 

271 Costuijmen van 's-Bosch, Hilvarenbeek, enz. 

272 Costumen, usantiën en stijl van procedeeren der stad 's Bosch, 
vastgesteld door Schout, Schepenen en Raad dier stad. 

273 Costuimen van *s Bosch. 



— 202 — 

274 Uittreksels ait de costnimen der stad en Meierij van 's Bosch. 
Zie nog no. 439 en vlgd in Ve van Zoemeren. 

275 Crlmlneele Jasfltle. Consideratiën van den graaf van 
Reeb teren, hoogschout der stad en Meierij van 'sBosoh, over 
het conceptreglement op de manier van procedeeren in orimi- 
neele zaken voor schepenen der stad 's Bosch. 1758. 

270 Consideratiën van den advocaat-fiscaal W* van der Esch d.d. 
24 Sept. 1759 over een concept-reglement op de manier van 
procedeeren in crimineele zaken. 

277 Concept reglement op de manier van procedeeren in crimineele 
zaken v^or schepenen van 's Bosch, zooals dat in 1762 is op- 
gesteld door Commissarissen uit den Baad en Leenhof van 
Brabant en de Magistraat van 's Bosch. (Bis. met eenige be- 
schonwingen over dit concept). 

278 Idem. 

279 Korte remarqaes door de Gecommitteerden der stad 's Bosch 
op dit ontwerp gemaakt en in 1781 overgegeven aan de Com- 
missarissen ait den Raad van State. 

280 Nader concept- reglement, over voorzegde materie in 1781 op- 
gemaakt door den Hoogschout van 's Bosch. 

281 Nader concept-reglement, over voorzegde materie opgemaakt 
door de Commissarissen ait den Baad van State, den Hoog- 
schout en de Gecommitteerden der stad 's Bosch. 1781. 

282 Rapport der commissarissen uit de Magistraat van 's Bosch 
(A. Verster, W. M. Althuijsen, J. H van Heurn, C. L. Ac- 
kersdijck« D. de Eempenaer en M. Bowier) over de geprojec- 
teerde ordonnantie van den Raad van Brabant, uitgebracht 28 
Maart 1782. 

283 Memorie van doleantie van Mr. W. C. Ackersdijck, schepen 
en raad, mitsgaders van Mr. Ant. Martini, pensionaris der 
stad 's Bosch, over gemeld rapport ingeleverd 25 April 1782. 

284 Reglement en ordonnantie op de crimineele justitie en den 
stijl van procedeeren in crimineele zaken voor het Gerecht 
van 's Bosch van 1791. 

Cynseii* Zie no. 223. 
g85 pieze en Hayen* Bestekken voor het onderhoud van dij- 



— 20S — 

keDy broggen, slmxen, steoowcgen, bankkeii en k«4 mfali»p— 
der Bümendieae en Hmven te a Boseh. Bea poitefenüle. 
Zie nog no. 420. 

Beaolnüën Ysn 1768 omtrent betaling der kosten Ysn iMt nit- 
diepen der Hmven. Zie no. 428. 

286 Fnuisclie tyA. Venameling ymn pablicatién ens. betref- 
fende 's Boseh sedert den overgang der stad aan de Franschen 
op Zondag 12 Oct. 1794 totSJnoi 1705. Een band. 

287 Proclamatie van den Franschen Kolonel -Kommandant der ves- 
ting 's Bosch Mooie de la Kaitrie van 8 Jan. 1814. Verklaring 
van de Borgemeesteren van *s Bosch, dat Johannes Philippns 
Zimmennans, metselaar te *s Bosch, in 1814 door aynen gver 
en moed veel bijdroeg tot de spoedige overgave van de citadel 
der vesting 's Bosch en de verlossing dier stad van de Fransche 
overheersching. 1816. Zie no. 84. 

Generaal Terband. Memorie omtrent het generaal verband 
te 's Bosch in gebruik zijnde : missives daarover van den Baad 
van State ; processtukken over hetzelfde. Zie no. 154. 

288 Gereelitjriliof • Albam der leden van het Gerechtshof te 
's Bosch, aangelegd in Mei 1877 en eindigende Febmari 1880. 
(met vele wapens geteekend door J. M. Lion). 

Gilden* De kaarten of oprichtingsbrieven der verschillende 
gilden te 's Bosch. Zie no. 374. 

289 Bakkersgüde. Archief van het. 

290 Chirurgijns- en barbiersgüde. Boekje inhoudende de namen der 
meesters van het Chirurgijns en barbiersgilde. 1512 — 1752. 

291 Kleedermakersgüde. Naamlijst der leden van het kleedermakers- 
gilde van 1773-1860. 

292 Schilders-, glazenmakers- 1 beeldsnijders; Ugwerkers-, en bordiiwr- 
werkersgüde. Kaart van het 

293 Naamlijst der leden 1555—1649. 

294 Idem 1703—1728. 

295 Boek van ontvangsten en uitgaven van dit gilde 1573—1674. 

296 Idem 1675—1713. 

297 Idem 1753—1798. 

298 Diverse stukken betreffende dit gilde. 

299 Schoenmakersgüde. Archief van het. 2 dooze(). 
Idem een portefeuille. 



— 204 — 

300 Schijntoerker$', kuipers-, draaiers- en rademakersgüde. Ontvang- 
sten en uitgaven gedaan door de dekens van dit gilde van 
1558—1666 en 1686—1705. 

301 ld van 1717 — 1736 en 1737—1796 2 Dln folio. 

302 Ontvangsten en uitgaven wegens grondrenten aan het gilde 
toekomende en de H. Mis, die de dekens en wasmeesters van 
dit gilde daarvoor jaarlijks moeten laten lezen op een altaar 
in de St. Jan te 's Bosch. 1571 — 1707. 

303 Naamlijst van de bazen, leerknapen en stukwerkers van dit 
gilde van 1707 — 1806. 

304 Kwitanties ten behoeve van dit gilde uit het laatst der vorige 
eeuw. 

305 Het overige archief van dit gilde. 

306 Het Timmerlieden-, steenhouwers- , metselaars en leiendekkersgilde. 
Extracten uit de resolutiên der Begeering van 's Bosch be- 
trekkelijk dit gilde 1678 — 1775. Notulen van de vergaderingen 
van dit gilde van 1776 — 1778 en 1787. 

Charter van 1505, waarbij Jan Mijschen. Gherit Hellinck 
en Hendrick de Leijdecker, dekenen van het gilde, verklaren, 
dat hetzelve begeert: dat de Provisors van den Eertcerdigen 
Heiligen Sacrament in Synt Janskerke (te's Bosch) de kersse 
(van het gilde) opt ocxael staende by hoeren knaep jaerlicx 
willen doen ontsteken, te wetene opten yersten sondach nae dar- 
tiendach die geheel vigüie uuyt ; item smaendachs daemae onder 
der processie ende die misse van Requiem ter tyt toe dat die 
heren van den Cappitlel ter hare geioeest hebben. Item opten 
paesdach in de geheel mettene, in de processie ende hoomisse. 
Item opten dag als men Onse Lieve Vrouwe draecht in de geheel 
mettene ende hoomisse. Item op Onser Liever Vrouwendach te 
half oextj als men singht indt middelt van der kercken Immdata ende 
borrende bliven de geheele hoomisse uuigt Item opten Kermis- 
dach onder die processie ende die geheel hoomusse uuyt. Item 
op Alre Ueiligendach die geheel vigilie uuyt. Item op Alre 
Zieldaci, als men ommegaet, ende borrende bliven die geheel 
misse van requiem uuyt. Item opten Korsnacht, als men leest 
die sevende lesse in de mettene ende borrende bliven dan 
^sheilichs Korsmisse ende die geheel mettene uuyt is. 

307 Verantwoording der ontvangsten in de bus van gemeld gilde. 
1738- 1777. 



--- 205 - 

308 Verantwoordhig van ontvangsten en uitgaven door de dekens 
van gemeld gilde gedaan van 1674 — 1755. 

309 Idem door de boekhouders en dekens van dit gilde gedaan 
van 1755—1708. 

310 Godshaizen. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over 
de Godshuizen te 's Bosch. 

311 Eztracten uit de rekeningen van de mannen* en maagdengods- 
huizen van JufPr. Hester van Grinsven 1750. 

Lijst van alle godshuizen, die aan de stad rekenplichtig z(jn. 
Zie no. 258. 

312 GraelT Tan de. Annotationes in consuetudines Antverpienses, 
scriptae ab Abrahame van de Oraeff. advocate Sylvaducensi. 
1680. Ëen band. 

313 GrlnSTen Petrus Ëmbertszn. van; zegelbewaarder van het 
Bisdom 's Bosch, stierf 20 Maart 1589. (Zie Handel. Prov. Gen. 
1891 — 93 blz. 204). Den wandelgraedt scholaer ende clericael 
des Bisdoms Sylveducael Fundatie van studiebeurzen ten be- 
hoeve der R. K. Kerk door Petrus Ëmbertszn. van Grinsven 
uit Geffen 31 Dec. 1580. 

314 Galpen J. B. yan, een Bossche boekenliefhebber, die al- 
daar 30 Maart 1804 overleed. D. R. van Nierop Zon - en 
maansloop, met aanteekeningen, door J. B. van Gulpen in 1800 
te *s Bosch gemaakt. 

315 J. B. van Gulpen. Eeuwigdurende almanak. 

316 Gymnasiaal (voorheen de Ijafl|BSelie sehool). Rede- 
voeringen, uitgesproken bij gelegenheid der jaarlij ksche prijsuit- 
deelingen en promoties naar de Hooge scholen van 1835 — 1864. 
Hierbij nog oraties bij dezelfde gelegenheden uitgesproken door 
de leerlingen Henr. Bern. Martini 1783 ; J. Losecaat 1789 en 
Petr. Ger. Ant. Losecaat 1798. 

317 Stukken betrekkelijk het Gijmnasium van 1847 — 1863. 

318 HandllelitlBgeB. Register van boedelafstanden, gedaan voor 
schepenen van *s Bosch van af 1718 — 1810 

319 Heratans* Dr. G. R. Aanteekeningen op de Commantarii de 
Bello Gallico G. J. Gaesaris. 

Heom. Joannes van. Dissertatie de poena falsam monetam 
cudentium 1772. Zie no. 316. 

320 Adveraaria van mr. Franfl van Heum (gest. te 's ^o•ck 



— 206 — 

16 Jan 1781). Betreffen meerendeels Rom. en Grieksche anti- 
quiteiten. 

821 Hoex Lambertus. Memorie tot betoog, dat door den vicaris 
Lambertus Hoex (R. E. priester in het kerkenhnis achter de 
Tolbrog te *8 Bosch), niets is gedaan, dat str^dig is met de 
resolntiën van H. H. M, M. 1756. Belaas vaneene samenspraak, 
door dien priester op 8 of 9 April 1756 gehouden met Otto 
Juijn, stadhouder te 's Bosch. 

^22 Hontseliat. Stukken betreffende den vrijdom van den hout- 
schat, 27 Sept. 1356 toegestaan aan de poorters van 's Bosch 
door Hertog Wenceslaus en Hertogin Johanna van Brabant, 
alsmede stukken der daarover gevoerde processen. Uit de tweede 
helft der 18e eeuw. Een portefeuille. 

323 Halzen. H. Palier. Lijst van namen der wijken, straten en 
huizen, alsmede plattegrond der gemeente 's Bosch, opgemaakt 
in 1852. 

324 H. Palier, Naamlijst van eenige huizen, opgemaakt omstreeks 
1852. 

325 Illasfre li. T. Br^edersehap. Oudste rekeningen der 
UI. L. V. Broederschap, geschreven volgens Dr. C. R. Hermans op 
het oudste papier, dat in Nederland gebruikt is, van 1330, 1336, 
1339, 1351—52. 1354—57, 1359-64,1366-68,1370-1399. 

326 Watermerken van het papier dezer rekeningen, beschreven door 
Dr. C. R. Hermans, met afbeeldingen van eenige andere 
watermerken. 

327 Aanteekeningen over deze broederschap. 

328 Naamlijst der leden van af de oprichting tot 1810, meteenige 
aanteekeningen betreffende deze broederschap. 

Dr C. R. Hermans De Proosten der 111. L. V. Broederschap. 
Zie no. 266. 

329 De Lieve Vrouwe Poort (het vroegere gebouw der 111. L. V. 
Broederschap), beschreven in 1832, met een paar schetsteeke- 
ningen van het ordeteeken der leden van die Broederschap 
en van haar wapenschild. 

330 Sf. Janskerk. De grafeerken in de St Jan, opgemeten en 
a%eteekend door Jhr. E. M. Martini in 1821. 

Dr. C. R. Hermans. De toren en de doopvont der St-Janskerk 
Zie no. 268. 



— 20f — 

331 Bapport, den 3 Janaari 1850 over de restaoratie der Si- Jaosr 
kerk uitgebracht aan het Bestaar dier Kerk door Frans en 
Henri Donckers, beeldhonwers en architecten te 's-Bosch. 

332 Dr. C. R. Hermans. Aanteekeningen over de St* Janskerk en het 
miracnlens beeld der O. L. Yronw aldaar. 

3S3 Namen der altaren, gestaan hebbende in de St -Janskerk vóór 
1629. 

334 Lijst der altaren, vóór 1620 gestaan hebbende in de St.-Jans- 
kerk; lijsten der kanoniken, pastoors en beneficianten van die 
kerk. 

335 Namen van de beneficianten en kanoniken der St.-Jan na de 
overgave der stad in 1620. 

336 Copie van het mirakelboek van O. L. Vroaw van den Bosch. 

337 Kloosters Copia litteramm erectionis conventas Fratmm 
Bogardomm Bascodncensinm in Monasterium Monialinm snb 
invocatione B. Annae, anctoritate apostolica facta. Silvae Dncis 
apud Dominicinos Fratres anno Dni 1504. Copie uit de 19e eenw. 
Het Klooster der Broeders des Oemeenen Levens. Zie no. 340. 

338 Afschriften van stakken betreffende laatstgezegd klooster en 
het gesticht der Bonifanten. 

339 KronykLOB Jaarboeken van 's Bosch 608—1504. (Zie hier- 
over Dr. C. R. Hermans. Verzameling van Kronijken enss. 
bla XI.) 

340 W. Molios Annales Civitatis Bascodncensis. (Hierachter eene 
beschr^'ving: de domo fratmm in communi viventium in urbe 
Silvadncis notabilis narratio) Gopiën nit de 10e eeuw. 

341 Alphabetisch register door Dr. C. R. Hermans gemaakt op 
z\jne Verzameling van Kron\jken. 

342 Historia cronologica oppidi de Bascodncis ab ejus exordio 
nsqne ad annnm 1565 per magistros Davidem E vers wijn, Bar- 
tholomenm Loeff et Jacobam van Balen composita. Copie. 

348 Het Schepenkroniekje van 's Bosch van 1403 tot 1603 (copie). 

344 DagrQgister van 's Bosch van 10 Jan. 1505 tot 24 Dec. 1602, 
door Willem Adriaens. 

345 Kroniek der stad 's Bosch, gevolgd door eene korte kroniek 
der stad Antwerpen, samengesteld door broeder AelbertCnpe- 
rinns. Copie nit de 16e eeuw. Zie hierover Dr. C. R. Hermans 
Versameling van Kronijken^bls. UI. 



— 208 — 

346 Vermeerderde en vervolgde kroniek der stad *s Hartogenbosch 
van Caperinns. Copie nit het begin der 19e eeuw. 

347 Oorspronck van 's Hertogenbosch door Simon Pelgromins. Copie 
door H. Palier gemaakt. 

348 KngUnus. Rechtsgeleerde adviezen, gegeven in 1660 en 
volgende jaren door Herman Kuglinos, advocaat te 's Bosch. 
Hierachter : Akten van protest van Schepenen te 's Bosch tegen 
diverse rechtshandelingen over 1674 — 77. Een register. 

349 Kml. Aanteekeningen van mr. Salomon Krol over diverse 
onderwerpen (van geen belang.) Hij was letterkundige te 's Bosch, 
alwaar hij stierf U Dec. 1826. 

350 mr. S. Krol. de Lingna Belgica (bibliographische adversaria) 

351 mr. S Kml. Schets eener Nederdaitsche spraakkunst. 

352 liekLkerbee^e. Waarachtig verhaal van den slag van Lek- 
kerbeetje op 5 Febr. 1600, met de namen van hen, die er aan 
deelnamen. Eene oude copie. 

353 Afschriften van gedichten en aanteekeningen betrekkelijk den 
kampstrijd van Lekkerbeetje op 5 Febr. 1600. Zie nog in Deel I. 
nos. 359, 393, 401. 

354 lietiermiBDeDd Genootschap Notulen van het te 
's Bosch gevestigd geweest zijnd Letterminnend Genootschap 
onder de einsprenk: Tot Oefening. 1818 — 1830. 2 dln. 

355 SUlltmlreD. 's Landsresolutito over het verplegen van zieke 
militairen te 's Bosch, van 1743 — 1745. In een portefeuille. 

356 MonteD. NasporlDgen omtrent de munten van 's Bosch. 
OorkondeD : a De Regeering van *s Bosch stelt de inge- 
zetenen van Roermond vrij van het vestgeld, wanneer die van 
's Bosch door Roermond vrijgesteld werden van de fermiteit Anno 
1277. (Zie Nijhofif H. 19). 

h Kwitantie eener geldboete door de stad *s Bosch aan den 

Bisschop van Luik betaald, omdat die stad eenige misdadigers 

op het kerkhof der Minderbroeders gevangen genomen had, 

d. d. 30 Dec. 1368. 

c Afschrift der oorkonde in het Ie Deel omschreven sub 

no. 845. 

Zie no 234. 

Zie ook nog no. 144. 

357 OpTOld. Familiepapieren van R W. Opveld, in leven rector 
van het GNgmnasinm te 's Bosch, 



— 20Ö - 

358 Palier. J. C, professor en predikant te *8 Bosch. Register 
van eenige waarnemingen, gedaan door J. C. Palier, professor 
en predikant te 's Bosch, over de koude en de warmte van het 
weder in 1776; het wonderglas ; het steengewas; het planten 
van de hop; de rijp; het weder in 1768; beenderen, welke 
in de Bommelerwaard gevonden zijn ; ens. 

350 Nataorkondige aanteekenlngen van denzelfde. 

360 Zedekondige aanteekeningen van denzelfde. 

361 Aanteekeningen van denzelfde over nataarkundige onderwerpen. 

362 Albnm amicorum van Prof J. C. Palier over 1747 en volgende 
jaren. 

363 Leerredenen van Prof. J. C. Palier 22 dln. 

364 Patrlotteotyd. Journaal van W. Schuil van der Does over 
de vlucht door hem en zijne familie voor de Prinsgezinden ge- 
daan van 's Bosch naar België. 

365 Beschr^ving van de plundering van 's Bosch tusschen 8 en 
10 Nov. 1787. 

366 Journaal van het merkwaardigste voorgevallen voor, op en na 
de geweldige beroering 's nachts tusschen Donderdag en Vrij- 
dag den 8e en Oe en tusschen Vrijdag en Zaterdag den 9e 
en 10e Nov. 1787 in 's Bosch (Journaal van 6 Nov. 1787 — 
17 Juni 1788). Hierachter: L\jst van de huizen, die geplun- 
derd en waarvan de glazen ingeslagen zijn te *s Bosch iu den 
nacht tusschen 8 en 9 en 9 en 10 Nov. 1787 ; afbeelding van 
de bestraffing van een der oproerige soldaten te 's Bosch ; 
*s Bossche Courant van 13 Nov. 1787; publicatie van de openbare 
verkooping in 1789 gehouden van geweren, die afgenomen wer- 
den van de Patriotten der Meierij en Langstraat ; klaagliederen 
over gezegde plunderingen ; relaas van het ontwapenen van 
het garnizoen te 's Bosch op 26 Nov. 1787, Een band. 

.367 Eenvoudig verhaal van de plundering van 's Bosch in 1787. 
PennlDgen Aanteekeningen van Dr. O. R. Hermans over 
een penning, geslagen ter eere, dat de stad 's Bosch in 1577 
van vreemd krijgsvolk verlost werd. Zie no. 64. 

368 H. Palier. De vroedschapspenningen der stad 's Bosch. 

369 Aanteekeningen. over de Bossche stadhuis- of vroedschapspen- 
ningen door H. Palier. 

14 



— 210 — 

Dr C. R. Hermans. Aanteekeningen over de Bossche stadhuis- 
penningeD. Zie no. 266 en 268. 

370 Philips II. Petros Vladerackos Ezeqniamm fnnebrium D. 
Philippo Secondo observantiae et pietatis ergo Silvaednois 
exhibitamm brevis et eztemporalis qnaedam descriptio. Copie. 
PosierUeo Instructie voor den commies van het Postkan- 
toor van 1770. /ie no. 428. 

371 PredikaDtoD. H. Palier. Predikbeurten der Predikanten te 
's Bosch en de teksten hunner preeken van af 1815 — 1834. 
Hierbij eene lijst van hen, die sedert 1629 predikant te 's Bosch 
waren (b\jge werkt tot 1900) en tien Bossche kerkbriefjes, 
waaryan het oudste is van 1758 en het jongste van 1839. 

372 Lijst der predikanten, welke te *8 Bosch stonden van 1566 — 
1751. 

373 Mr. J. Ackersdijck. Naamlijst der Hervormde predikanten te 
's Bosch van 1629 tot 1787. 

Zie over het tegenwoordig kerkgebouw der Ned. Herv. ge- 
meente te 's Bosch no. 85 : Encyclopaedie in Ve Eapel. 

374 PrlvUeglSn AfschriAen van de privilegiën der stad 's-Her- 
togenbosch, waaronder verschillende ordonuantiën van de 
regeering dier stad, o.a. op de gilden. 9 dln. 

375 Becueil van charters en privilegiën van 's Bosch (zeer oud 
handschrift). 

376 Tafel van de privilegiën der stad 's Bosch, die zich bevonden 
in het O. L. V. Koor der St.-Janskerk aldaar. 

377 Idem. Zie nog no. 153. 

378 Alphabetisch register op de rechten der stad 's Bosch. Hand- 
schrift uit de 18e eeuw. 

379 Afdruksel van het privilegie der stad 's Bosch van Donderdag 
na dertiendag of driekoningen 1329, vergeleken met het oorspron- 
kelijke en met aanteekeningen omtrent alle verschilpunten, 
die tusschen beiden bestaan, voorzien. (Zie hierover : Tweede 
proeve van oudheit, taal en dichtkunde door het (Genootschap : 
„Dulces ante omnia musae." Utrecht 1782 blz 43 — 86). 

380 ProYlneiaal Geoootschap. Stukken betrekkelijk de op« 
richting van het Provinciaal Genootschap van Kunsten en 
Wetenschappen in N. Brabant. 1836 en 1887. Ben band. 
Rariteitskamer Dr. C. R. Hermans. De Rariteitskamer 
Zie no. 266. 



— 211 — 

381 Reekt. Bechtsgeleerde adviezen te 's Bosch uitgebracht In 
de tweede helft der 17e eenw. 2 banden. 

382 Idem in de eerste helft der t8e eeuw. Een band. 

383 Verhandeling van J. P. Verster, advocaat te 's Bosch, over de 
vraag of de dnbbelde devolatie aldaar gerecipieerd is en aldaar 
moet geobserveerd worden. 

384 Regeerlng. Naamlijst van de schepenen van 's Bosch van 
af 1209-1795. 

385 Namen en wapens der schepenen, pensionarissen, griffiers en 
secretarissen van 's Bosch van af 1629* 1793. 

386 Alphabetische klapper op het register der resolntién van de 
stad 's Bosch, beginnende met 15 Sept. 1629 en eindigende 
op 24 Deo. 1734. 

387 Alphabetisch register op de resolntiën der regeering van de 
stad 's-Bosch. 1730—1795. 

388 Alphabetisch register op de resolntiKn van de stad 's Bosch. 
1735—1749, litterae A— J en K— Z. 

Idem 1750—1759, litterae A— O. 

Idem 1750—1759, litterae P— Z. 4 Dhi fol. 

389 Alphabetisch register op de besluiten der stedemke regeering 
van 's Bosch. 1759—1780. 

390 Excerpten, in alphabetische volgorde door Mr. Antonij van 
Henm, griffier der stad 's Bosch, getrokken uit de schepenre- 
gisters dier stad van af 25 Sept. 1629 tot 23 Oct. 1721. 
4 dln folio. 

391 Index op de resolntiën van scheepenen, gezworens en raaden 
der hoofdstad 's Hertogenbosch over de jaren 1764—1769, 
waarin de zaken te vinden zijn na ordre des tijds. 

392 Chronologisch register op de resolntiën van schepenen, gezwo- 
rens en raden der hoofdstad 's Hertogenbosch. 1761 — 1770. 
ld. 1771—1778. 

ld. 1779—1787. Drie doelen folio. 

393 Notalen der vergaderingen van schepenen, gezworenen en raden 
van 's Hertogenbosch van 1756—1787. 32 dln folio. 

394 ld. 1756— >1787. 6 dln folio. 

395 Alphabetisch register op de notulen der resolntiën van de stad 
's Hertogenbosch. 1751—1763, litterae M — Z. 

396 Ohronologisch register op de notulen der resolntiën van de stad 



— èia — 

's Herfogenbosok, beginnende met 15 Sept. 1620 en eindigende 
op 13 Januari 1734. 

307 Registratieboeken van memoriën, resolatiën, commissoriaal en 
andere zaken, betreffende de Commissie van den beleide en 
het politiecomptoir te 's Boscb, beginnende met 1772 en ein 
digende in 1708. 3 dln fol. 

308 Procedures gevoerd voor de Schepenbank van 's Bosch. 1750 
- 1763. 

300 ld. 1754—1769. 

400 Rekeningen der stad 's Bosch 1463 — 1506 (copie). Ontvangboek 
van H. B. Martini, rentmeester der stad 's Bosch, wegens 
renten, accijnsen en pachten van bamis 1723 — bamis 1724. Ont- 
vangsten en uitgaven van denzelfden rentmeester over 1724 —25. 
Rekening en verantwoording van ontvangsten en uitgaven door 
Dr. Theodorus de Marcq gedaan over 1756 wegens het comptoir 
der renten. Rekening en verantwoording gedaan door Mr. Hiero- 
nymus Gerbade, politie-rentmeester van 's Bosch, wegens ontvang- 
sten en uitgaven voor het politie-comptoir over 1750. 5 dln. 
Beweerd recht der Stat en Generaal om inzage te nemen van 
de rekeningen der stad 's-Bosch en opneming van die rekeningen. 
Zie no. 202. 

Inventaris op de rekeningen der stad 's*Bosch van 1406 — 1800. 

Zieno. 258. 

Arbitrale uitspraak tusschen de stad en Meierij van 's-Bosch 

van 25 Aug. 1405 over de transport-en van schepenbrieven, 

ingeboden en executiën. Zie no. 270. 

Rechten der stad 's-Bosch op de executiën van hare vonnissen. 

Zie no. 202. 

Bewering 'der stad 's Bosch, dat zij het recht heeft om hare 

magistraat te benoemen. Zie alsvoor. 

Akten van protest van schepenen van 's-Bosch tegen diverse 

rechtshandelingen over 1674 — 77. Zie no. 348. 

401 Formulierboek ten behoeve der secretarie der stad 's Bosch 
van + 1738 

402 Dertien brieven, geschreven aan de Regeering van 's-Bosch. In 
een portefeuille. 

ReglementeD. Register van de ordonnantiën, reglementen 
enz. van 's-Bosch over 1676 tot 1720. Zie no. 103. 



— 213 — 

403 Register yan publicaties der regeering van 's-BoscK van 168(( — 
1756. 

404 Codex instmotionam of verzameling van verschillende politieke 
ordonnantiën, reglementen, instructiën en resolatiën, door de 
Magistraat van 'sBosch in de 17e en 18e eeuw gearresteerd 
en genomen. 2 dln folio. 

Lijst der reglementen der stad 's- Bosch 1730 — 1800. Zie no. 258. 

405 Dr C. R. Hermans. Lijst der reglementen van de stad 's Bosch 
1700—1830. 

406 Alphabetisch register op de keuren en reglementen van 's Bosch 
van 1737 — 1790. Een deel Zie nog no. 420. 

407—416 nihil, 

417 Reisbesehri|¥iDg. Beschrijving van een reisje gedaan naar 
's Bosch, Maastricht, Brussel, Antwerpen, Breda en Dordrecht 
29 Juli— 20 Aug. 1771. 

418 Resolotiëo. Verzameling van resolutiën door de Staten- 
Generaal en de Regeering van 's Bosch uitgevaardigd van 1747 
tot 1755. Een band. 

419 Roomseh Katholieke godsdienst. Gopie d*une lettre 
escrite par Ie Roy de France aux Estats dUIoUande en faveur de 
ceulx de Bois Ie JDuc. 22 Dec. 1629. ("Brief geschreven om te ver- 
krijgen vrijheid van godsdienst voor de R Katholieken van 'sBosoh, 
over welken brief men zie het Diarium van Bisschop Ophovius 
ad 11 Jan. 1630, vermeld onder no. 217). Zie nog dl I no. 534a. 
SehepenbaokL. Zie hiervoor onder Regeering. 

420 SehooWYOerlDg. Procedures gevoerd voor den Raad en 
Leenhof van Brabant tusschen de Magistraat van 's Bosch 
en den Rentmeester-generaal der Domeinen van Brabant over 
de schouw door dezen gevoerd over de roosters, goten, brug- 
gen en straten binnen 's Bosch. 1763 — 1774. 

Hierbij nog eene politieverordening voor *s Bosch van het jaar 
1593 en een besluit tot verbreeding van een boog over de Dieze 
in de Minderbroedersstraat van 1711. Een portefeuille. 

421 SehotterUeo. Kaart voor het Groote Schuttersgilde van den 
voetboog van 10 Aug. 1453 met de akte van vernieuwing 
dezer kaart. 

Vonnis over de twee zwanen, welke de Hertog van Brabant 
jaarlijks gehouden was te geven aan de Oude Schutters te 
's Bosch, van 5 Dec. 1408. 



— 214 — 

Vonnis, 10 Febr. 1553 ie Antwerpen gewesen, waarbij 
bevolen werd, dat Lambert de Haese, die te Antwerpen ge- 
vangen was genomen wegens schalden der stad 's Bosch, in 
vrijheid zonde worden gesteld, omdat hij was schntter van 
den Oaden Voetboog te 's Bosch. 

Vonnissen, in 1573 gewesen tnsschen gemeld gilde en de re- 
geering van Engelen over het recht op de visscherij, aan dat 
gilde toekomende tot aan de rivier de Maas ingevolge octrooi 
van 10 Ang. 1453. 

Octrooi door den Hertog van Brabant aan de vier schntterijen 
van 's Bosch in 1580 voor den tijd van twee jaren verleend 
om ezempt te sijn van alle arresten op hnnne personen en 
goederen ter zake van scholden der gezegde stad. (Oude copiën 
in een portefenille). 

422 Extracten nit de resolntiën der regeering van 's Bosch over 
de schutterijen, 1618 — 1716; ordonnantie op het houden der 
wacht door de burgerij van 1 688 ; resolntiën van de ofHcieren 
der schutterijen ; verdeeliDg der stadsgrachten ; lijst der rotge- 
zeilen van 1721 ; twee lijsten van rotgezellen en eenige reso- 
lntiën van de regeering van 's Bosch op de schutterijen ; order 
op het breken van het ijs der stadsgrachten van 12 Febr. 1605 ; 
request van eenige leden der schutterij den Colveniers -Boogaard 
van 3 Mei 1785 ; lijst van de ordonnantiën op de schutterijen; 
resolntiën der regeeriDg van 's Bosch over de schutterijen van 
17 Jan. 1680 en 10 Maart 1725; twee gedrukte publicatiën der 
regeering van 's Bosch omtrent de schutterijen. In een portefeuille. 
Accoord tnsschen de steden 's Bosch en Heusden van 3 1 Dec. 
1611 om van elkaers schutterijen geene^leden voor schulden 
aan te houden. Zie no. 270. 

Schreven van schepenen van 's Bosch over het feit, dat in 
strijd met dit accoord de Bossche schutter Gijsbert Lintermans 
" te Heusden is aang-ehouden. Zie als voor. 

423 Verschillende aanteekeningen over de vier schutterijen, welke 
men oudtijds te ^s Bosch had. Een band. 

424 Aanteekeningen, gemaakt door mr. H. B. Martini, president* 
schepen en kolonel der vier schutterijen te 's Bosch, over 
hetgeen de schutterijen aldaar in 1766 te doen hadden bij 
gelegenheid van de installatie en beëediging van Prins Willem 



— 215 — 

V «Is etiatadlioader en kiyitaüi en admlrMil-gqnftrMd der Varee- 
nigde NedarleBden, elsmede over hetgeen er te 's Bosdi fag die 
gelegenliflid ie geschied. Een tnoid. 

425 S^cletoltoB. Beglemant der Sociëteit Amicitia Tin 1809. 

426 Notolenboek vmn de Sociëteit de unie over 1827 -~ 1854 en 
stnkken betrekkel^k de tot die sociëteit behoord hebbende hsnd- 
boogschntterij, alsmede eene beschrgTing vmn die sociëteit 
Ben portefeuille. 

Zie verder nog no. 85. 

427 StFmatwec *s B^sch — Best— Eindh^TeD— Belfl- 

sehe (reHS. Stokken, betreffende den aanl^ van een straat- 
weg van 's Bosch naar Eindhoven en van daar tot aan de 
grenzen van het Bisdom Luik. 1740 — 1784 ; in twee portefeuilles. 

428 Diverse stokken, rakende de stad 's Hertogenbosch, als: een 
ontwerp voor den aanleg van een straatw^ van Best tot aan 
de grensen van den Staat, met de adviesen daarover in 1766 
uitgebracht door Mr. H. B. Martini en eenige andere stokken 
betreffende het ontwerpen van dien weg. Een band. 
Stimten. Zie no. 323. 

429 SuUskLems. Mr. P. Schriftelijke adviesen, uitgebracht door 
Mr. Paolos Suijskens, advocaat te 's Bosch. (9 Juli 1692 werd 
hij te Leuven bevorderd tot licentiaat in de rechten). 3 dln folio. 

430 TeB O^Ter. Dr. H. H. Aanteekeningen over godsdienstige 
onderwerpen gemaakt door Dr. H. H. Ten Oever, professoren 
predikant te 's Bosch en gestorven aldaar 2 Mei 1825. 

431 Roowklacht over het overlijden van Martina Mickenschryver, 
echtgenoote van Dr. H. H. Ten Oever voornoemd en overleden 
te 's Bosch 9 Nov. 1788. 

482 TestlHg Bestek van 1738 voor het aanbesteden van twee 
contragardes met borstweringen, gracht, bedekten weg en twee 
places d' armes, alles rechts en links van het ravelijn buiten 
de Hinthamerpoort over en in de kapitale gracht van het 
hoornwerk aldaar. Een deel. 

Besolutiön van 1769 tot het bouwen van barakken en van 
1760 en 1771 tot het vernieuwen van het corps de gardes 
by de Orthenpoort. Zie 428. 

433 Weesholzen. Rekening van het Burger, thans Protestantsch 
Weeshuis over 1704 tot 1708. Een raster. 



— 216 — 

434 Oprichting van het Boomsch Annenweeshois te 's Bosch in 
1778i met beschrijving en plattegrond van hetzelve Een band. 

435 Zegels. Afbeeldingen van Bossche schepenzegels. 5 din. 

436 Idem. Een deel. 

437 Zoemeren Oerard van. Levensbeschrijving van den Bosschen 
rechtsgeleerde Qerard van Zoemeren. Handschrift oit het begin 
der 19e eenw. 

438 Oerard van Zoemeren ad consaetudines Boscodacenses. Een 
deel folio. 

439 Aanteekeningen van Oerard van Zoemeren op de Bossche 
costuimen. 3 dln folio. 

440 Idem. 3 dln folio. 

441 Oerard van Zoemeren over de costnimen van den Bosch. Een deel. 

442 Idem. 

HILVARENBEEK 

443 Beeanos. Dr. C. E. Hermans. Levensbeschrijving van Jt>annes 
Ooropins Becanns, geneesheer, geboren te Hilvarenbeek 1518 
en gestorven te Maastricht 1572. 

Costuimen van Hilvarenbeek. Zie no. 271. 

HINTHAM 

444 Rekening van het Leprozenhuis te Hintham over 1717. Een 
register. 

KESSEL 

445 Lijst der eigenaren van de heerlijkheid Eessel van af 1220. 
Handschrift uit het begin der 19e eeuw. 

LIESHOUT 

Hertog Jan van Brabant geeft uit de gemeente aan de inge- 
zetenen van Lieshout. Daags na Beati Petri ad vincula 1311. 
(Vergelijk Dr. Hermans Bijdragen I blz 200). Zie no. 234. 

LITHOIJEN 

Hertog Jan van Brabant geeit uit de gemeene weide aan de 
ingezetenen van Lithoijen. Feria quinta post Octavam Epiphaniae 
1287. (Vergelijk no. 567 in Deel I). Zie no. 234 

446 Stukken betrefiPende het secretaris-ambt en de varstery te 
Lithoijen. 1648-1785. Een portefeuille. 



— È17 — 

MAREN 

447 Stokken betrefTende het secretarisambt en de vorstery te Maren. 
1663—1787. Een portefeuille. 

St. MICHIELS-GESTEL. 

Uitgifte der Thederheide door Willem van Hoorn, heer van 
Oud-Herlaer. 1381. 

Johan van Merode, heer van Gestel, Oad-Herlaer enz, verleent 
octrooi aan Jonker Jan Coenen en z\jne huisvrouw Margaretha 
van Etten om te testeeren over hunne leengoederen, waaronder 
het leengoed Zegenwerp. 6 Juni 1500. Zie no. 234. 

448 Rolmel. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over het 
gehucht Rui mei. 

440 Proeesstokkeo uitgegaan van Isaac Elsevier, als drossaard 
der heerlijkheid St. Michiels-Gestel. Een band. 
Ood*Herlaer. Costuimen of ordonnaotiën van leenrechten 
van den Leenhof ^an Oud-Herlaer met de rol van dat Hof 
over 1613 en 1614. Zie no. 128. 

450 Kletae Rowenberg. Archief van de in dit huis gevestigd 
geweest zijnde Maatschappij tot invoering der zijdeteelt in 
N. Brabant. 1820—1855. 

MIDDELRODE 

Afschriften van oorkonden betreffende Seldensadt. Zie no. 234 
en Deel I in Ve Seldensadt. 

MIERLO 

451 Pootkaart. Albert en Isabella vernieuwen het octrooi, waar- 
bij Karel van Bourgondié aan het dorp Mierlo het recht van 
voorpoting verleende, 10 Dec. 1614. Oude copie. 
Ineolte groDdeo. Pleitnota over het eigendomsrecht der 
Hoeren van Mierlo op de incnlte gronden aldaar van ^ 1848. 

452 IiB€ke¥Oirt. Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans be- 
treffende den Kardinaal Willem van Enckevoirt. 

453 Heerllfkheld Afschriften der privilegiebrieven en leenver- 
heffingen betrekkelijk de heerl^kheid Mierlo met eene lijat 



— 218 — 

harer besitters. Ben band. 

De heeren van Mierlo. Zie no. 100. 

St. oe denrode 

454 Charters. A. C. Broek. Charters betrekkel^k St. Oedenrode. 
Stomparlsh^ek. Zie no. 223a. 

OIRSCflOT 

455 Dr088aard. Dedaotie gedaan voor den Raad en Leenhove 
van Brabant uijt den naam van Jacob Dirk baron Sweerts de 
Landas, heer der vrij- en heerlijkheid van Oirschot en Best, 
voor zich zelf en voor zooveel noodig als executenr van het 
testament van w\jlen dementia Geertruid barones van Els tot 
Boedelham, in zijne zaak tegen Antonij Obreen, koopman te Rot- 
terdam, als ezecateor testamentair der nalatenschap en voogd oyer 
de kinderen van Jaoobns Goenraats, in leven drossaard der ge- 
noemde vrij- en heerl^'kheid. Het proces betrof een eisoh, door ge- 
noemde vrouwe van Oirschot ingesteld tegen voorzegden Coen- 
raats om haar te betalen eene recognitie wagens z^ne aanstelling 
tot drossaard en al hetgeen aan hem was betaald wagens con- 
traventie en ooglaiking van den R. Katholieken godsdienst 
zoo te Oirschot als te Best. Van omstreeks 1746. 
Heeriykheld. De halfheeren van Oirschot. Zie no. 100. 

456 HerTormde Kerk. Dr. C. R. Hermans. De O. L. V. Kapel, 
thans de Hervormde kerk te Oirschot. 

457 SteeDOTens Extracten uit het Resolutieboek der vry- en 
heerlijkheid Oirschot betrekkelijk het hebben van steenovens 
aldaar. 1715—1744. 

OISTERWIJK 

PrlTÜegle door Albert en Isabella aan die van Oisterwgk 
gegeven Zie no. 154a. 

OSCH 

458 Arehiei. Inventaris der privilegiën, charters, protocollen en 
gemeenterekeningen van de stad Oss, welke in 1753 nog aan- 
wezig wacen op de gemeentesecretarie te Osch. 



— 21» — 

Brf secretarie van Osch. Zie deel I in ve Maasland en verder : 

459 Nika. 

460 Een poriefemlle met stokken betreffende de erfsecretarie van 
Osch 1601 — 1797. Hieronder bevinden sich o.a: 

Akte, waarbg Oijsbertns Josephus Bönards. zoo voor sioh en 
als gemachtigde van Gijsberdina van Berkel wed*, van 
Johan Baptista Bonards, eigenaren van de secretarie van Oss, 
griffiersambt van Maasland en dykschry versambt van het Hoog 
Hemaal, het profijt van deze ambten uitgeeft aan Tieleman 
Dirck van Breugel. 2 Sept. 1746. 

Testament van Johan van Meenwen en Johanna Maria Potters 
echtelieden van 8 April 1783. 

Contract, waarby vrouwe Johanna Maria Potters, wednwe, 
erfgename en boedelhondster van wijlen den heer Johan 
van Meenwen, in leven erfgriffier van Maasland en erfsecre- 
taris van Oss, geassisteerd met baren meerderjarigen zoon 
Petrus Andreas van Meeuwen, praktiserend advocaat te 's Bosch, 
overeenkomen met mr. Justus van der Hoeven, griffier van het 
Kwartier van Maasland en secretaris van Oss, — ter beëindiging 
der disputen tusschen ben gerezen naar aanleiding van een 
contract door dezen laatste met wijlen genoemden Johan van 
Meeuwen gesloten, — dat de buizing Arendsvlugt te Oss zal 
blijven ter vrije bewoning van gezegden van der Hoeven, 
zoolang deze zijne voormelde ambten zal blijven bekleeden. 1797. 
46 1 Een portefeuille inhoudende de volgende akten : 

De voogden van de kinderen Diderick Bressij, kwartierschout 
van Maasland, verkoopen het huis Arentsvlucht te Oss aan 
Beijnier van Bueren. 1696. 

Verkoop ven het huis Arensvlucht te Oss, sooals Beijnier van 
Bueren het in koop bekwam van de voogden der kinderen van 
Diderick Bressij, kwartierschout van Maasland. Kooper werd 
Johanes Bonaerts. 30 Oct. 1698. 

Johannes Boonaerts, Gijsbertus Boonaerts, beiden wonende te 
Oss en Pieter van den Endepoel, wijnkooper te 's Bosch, 
verklaren in 1698 geld schuldig te zijn van Wilhelmina Mus 
te *s Bosch, waarvoor in 1744 M. J. van der Poll, moeder van 
de Arme Clarissen, te Megen kwijting gaf aan de weduwe 
van Johan Baptist Boonaerts. 



~ 220 - 

Schnldbekenteüis ten behoeve van Gijsbertus Josephns Bonaerts, 
Gysberta van Berckel weduwe van Johan Baptista Bonaerts en 
Maria ËHsabeth Bonaerts, allen te Oss wonende. 1735, 
Johan Bonaerts verklaart geld schuldig te zijn aan Elisabeth 
van Elss, douairière Sweerts de Landas, vrij vrouw van Oijen, 
te wier behoeve zich borg stelt Gijsbert Bonaerts, erfsecretaris 
van Maasland. 1702. 

Verklaring, dat Henrikus van Breugel sedert 1706 heeft gehad 
het gebruik van het griffiersambt van Maasland, het secretaris- 
ambt van Oss en het dijkschrij versschap van het Hoog-Uemaal. 
Gijsbertus Josephus Bonaerts zoo voor zich en als gemachtigde 
zoo van zijne modder Gijsberta van Berckel weduwe Johan 
Baptista Bonaerts als van zijne zuster Elisabeth Bonaerts bekent 
geld schuldig te zijn. 1735 

Processtuk van mr. Dirk Coets, eischer, contra Gijsbertus Bonarts, 
erfsecretaris te Oss. 1744. 

Citatie van Gijsbertus Bonaarts, erfgriffier en secretaris van 
Maasland. 1744. 

462 Af olendwang. Uitgifte voor den molen te Osch ten behoeve 
van ridder Phil. Hinckaert, als man van Hadewich van Osch, 
van den molendwang over Osch, Heesch, Berchem, Nistelrode 
en Dueren (Deursen), met vier bijlagen. Copiën uit de 17e 
eeuw. (Zie over dezen molendwang : Steph. Hanewinkel Gesch. 
en Aardr Beschr. der stad en Meierij van 's Bosch bladz 534.) 

ROSMALEN 

Dr. C. R. Hermans. Aanteekeningen over Rosmalen Zie no. 448. 

SCHÏJNDEL 

463 De zeeheld Jan van Amstel en het journaal door hem in 1665 
gehouden op het schip de Vrijheid. Beschrijvingen uit de löe 
eeuw, in een portefeuille. 

SOMEREN 

Zie oorkonde onder no. 234 (copie van die voorkomende in Dl 
I onder no. 461.) 

STEENSEL 

Jan Hertog van Brabant geefl aan de goede luiden van Steensel, 
Veldhoven, Seijtert en Woll hoven de gemeente. 10 Maart 
1349, Zie no. 234. 



— 221 — 

STERKSEL 

Dr. C. R. Hermans. AanteekoDiDgen over Sterksel Zie no. 448 

TILBURG en GOIRLE 

Dr. C. R. Hermans Aanteekeningen over Tilbnrg. Zie no. 448. 
OorkLOBdeo: Jan Hertog van Brabant en Rogier van Leefdael, 
burggraaf van Brussel, heei" van Oirschot en Hilvarenbeek, 
verkoopen aan de goede lieden van West-Tilburg en Goirle 
de gemeente. St. Gillisdag 1329. 

Ignatius van Grobbendoncq, heer van Houtven, Oisterwijk, enz, 
als momboir over Charles Hubertus de Orobbendoncq zijnen 
neef, machtigt mr. van der Landen om voor de Staten Generaal 
te verheffen de heerlijkheid Tilburg en Goirle, dien neef aan- 
gekomen bij testament en partage, gemaakt door constituants 
broeder^ den Grave van Grobbendoncq, Gouverneur en kapitein - 
generaal van het Hertogdom Limburg, den vader van den 
minderjarige. 5 April 1666. Zie no. 234. 
464 Gronijkje van eenige zaken, die sedert en in het jaar 1774 
te Tilburg en daaromtrent zijn voorgevallen tot den 18 Julij 
1830. Copie. 

464 bis Schets eener militaire verkenning van een gedeelte der 
omstreken van Tilburg door den 1 e luitenant van Swieten. 1843. 

465 Reglement voor de huishouding en finantiewezen van de heer- 
lijkheden Tilburg en Goirle van 8 Mei 1732 met een e resolutie 
door den Raad van State dienaangaande op denzelfden datum 
genomen. 

466 Eenige stukken betreffende de verkiezingen te Tilburg in 1705 
en voorts de omwenteling in Staats Brabant van dat jaar. 

467 Advertissement van rechten gedaan voor den Raad van Brabant 
uit den naam van Josephus de Grobbendonck, heer van Tilburg, 
Goirle enz, tegen de erfgenamen van Anna van Hambroeck, 
in leven vrouwe van Jekschot, en Johanna de Roij, in leven 
weduwe van Adriaen Comans. 1680. Het gold hier de pro- 
cedure tot rekening en verantwoording van de kosten van 
opbouw van een molen aan den Heikant te Tilburg, door 
de tegenpartij van genoemden van Grobbendonck uitgevoerd. 



— 222 — 

VtJGHT. 

Oorkonden De Pastoor van Sfc Lambert te Voght staat 
toe aan de Zusters van Orthen te Voght te hebben eene eigen 
kerk met klok, kerkhof en de bediening der H. H. Sacramenten 
tegen een jaarlijkschen cijns van vier gonden Wilhelmus schil- 
den. 10 Febr. 1452. 

Dezelfde staat toe aan de Zusters van Bethanié te Vught 
hetzelfde te hebben tegen een jaarlijkschen cgns van een 
gouden Wilhelmus schild. 8 Dec. 1461. 

Akte, waarbij de commandeur van Oemert, als gecommitteerde 
van het kapittel van Aldenbiezen, aan Comelis Euchlinus, 
ontvanger van 's lands middelen en raad te 's Bosch, verkoopt 
de goederen van de Commanderij der Duitsche Orde te Vught. 
22 Dec. 1663. 
Zie No. 234. 

Aanteekeningen van Dr. G. B. Hermans Zie no. 448. 
Zie ook nog no. 223 o en p. 

WESTERHOVEN 

Oorkonde. Zie onder Bergeik. 

WAALWIJK 

468 Afschriften van stukken, rakende de rechten en vrijheden der 
goede luiden van Waalwijk. 1330—1517. 
Willem van Besoijen, ambachtsheer van Besoijen en de Heem. 
raden van dat ambacht verklaren, dat zij aan de poorters van 
Waalwijk verzocht hebben een stuk dijk binnen gezegd am- 
bacht te leggen onder belofte, dat de poorters van Waalwijk 
altijd vr^ zullen zijn van alle schade of calange, die daarvan 
komen mocht en dat zy de aarde kunnen halen ter naaste lage 
en minste schade. 3 Febr. 1431. 
Zie no. 234. 

3. DE HEERLIJKHEID OIJEN. 



>o O^^i 



De heerlijkheid Oijen. Zie no. 100. 

Dr. C. R. Hermans* Aanteekeningen over munten, welke te 

O^en geslagen werden. Zie no. 64, 



~ 223 — 

4. HET GRAAFSCHAP MEQBN. 



409 Afschriiten van charters betrefiPende het graafschap Megen. 
1357 — 1747. Een deel. Handschrift uit het laatste der 18e eenw. 
Deductie tot bewijs, dat de stad en het land van Megen be- 
hooren tot de Meierij van *s Bosch. Zie no. 210. 
Idem. Zie no. 202. 

470 Recneil des plusieurs informations et titres par lesquels appert 
qne la centre et la ville de Meghen avecq ses appendices est 
pays et territoire de Brabant, membre de la mayerie de 
Bois Ie Dncq, etc. Handschrift uit de 17e eenw. 
Landrecht. Zie no. 470. 

471 Lijst der incnnabelen, berustende in het klooster der Minder- 
broeders te Megen. 1858. 

472 Correspondentie in 1852 gevoerd over het oprichten van een 
standbeeld voor Earel van Brimeu te Megen. Hierbij eene 
brochure van A* van den Heuvel, leeraar aan de Latijnsche 
school te Ravenstein, over het vernieuwde kerkhof te Megen 
en het aldaar gevonden graf van Karel van Brimeu. 
Stukken betrekkelijk het inbezit nemen door de Bataafsche 
Republiek van het graafschap Megen, nadat haar dit door de 
Fransche Republiek was afgestaan. Zie no. 76. 

ö. HET LAND VAN 
RAVENSTEIN. 



Zie over deze heerlijkheid: Stad en land van Rav€n$tein nos. 
473 en vlgd. 

DENNENBÜRG. 

AiBteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrekkelijk de kerk 
te Dennenburg. Zie no. 120. 



— 224 — 

HERPEN. 

Getuigenissen in tnrba over de heerlijkheid Herpen en hare 
verhouding tot de stad 's Bosch. Woensdag na St- Margariten- 
dag 1365. Zie no. 270. 

NEERL ANGEL. 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrekkelijk de kerk 
te Neerlangel. Zie no. 120. 

STAD EN LAND VAN RAVENSTEIN. 

473 Afschriften van charters, betrefiPende de stad en het land van 
Ravenstein, 1339 — 1665. Alsmede ordonnantie en tarief van 
de gerechtelijke en buitengerechtelijke jura in de stad en 
heerlijkheid Ravenstein. 

Charters van Ravenstein van 1657 en 1687. Zie No 100. 
Zie ook nog No. 144. 

474 Diverse stukken en aanteekeningen over Ravenstein, bijeenge- 
bracht door Dr. C. R. Hermans en gedeeltelijk afgedrukt 
in zijn werk over Ravenstein. 

475 Correspondentie door Dr. C. R. Hermans gevoerd voor de sa- 
menstelling van dit werk. 

476 Landrechten der stad en lande van Ravenstein, alsmede der 
stad en graafschap Megen. Een band Handschrift uit de 1 7e eeuw. 
Uittreksels uit de costuimen van het land van Ravenstein. Zie 
No. 274. 

Deductie tot bewijs, dat de stad en het land van Ravenstein 

behooren tot de Meierij van 's Bosch. Zie No. 210. 

ld. Zie No. 202. 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over de R. K. kerk 

te Ravenstein. Zie No. 120. 

Ordonnanties tegen het prediken van den Hervormden godsdienst 

te Ravenstein. Zie No. 100. 

Overdracht van de stad en het land van Ravenstein door de 

Fransche aan de Bataafsche Republiek, Zie No. 76. 



— 225 — 

UDEN 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrekkelijk de kerk 
te Uden. Zie No. 120. 

VELP 

Idem. 

6. DB STAD GR AVE EN HET 
LAND VAN CülJK. 



477 Proeve van een Gharterboek van het land van Coijk. (Hand- 
schrift der 10e eeuw). 

478 OorlLonden. Afschriften der navolgende oorkonden: 

a. Jan van Caijk geeft nit gemeentegronden aan de inwoners 
van Beugen, Beers, Coijk, Brakel, Eerklinden, Mill, Escharen 
en Grave. 20 April 1308. (Vergelijk Paringet Memoriaal blz. 
473-475). 

h. De OfEcialis van Luik bedreigt een ieder met den kerke- 
lijken ban en eene zware boete, die de novale tienden niet 
mocht laten volgen aan de Pastoors van het Land van Caijk 
en aan het St. Catharinagasthuis te Orave. 26 Oct. 1440. 

c. Goi de Brimeu, graaf van Megen en loitenant-generaal langs 
de Maas, stelt in het ongelijk hen, die in het Land van Caijk 
weigerachtig zijn om tiend te betalen aan het St. Catharina- 
gasthuis te Grave en verwijst hen bij verdere weigerachtigheid 
naar den gewonen rechter. 26 Aug. 1475. 

d. Arnt. Janssen, gewezen knecht van den Kapelaan te Cuijk, 
verklaart voor Schepenen van Grave, dat de korentiend van 
den Druil te Linden altijd genoten is voor de eene helft door 
het St. Catharinagasthuis te Grave en voor de andere helft 
door den Pastoor van Cuijk. 's Anderendaags na St. Peter en 
Paalus 1546. 

e. Brief van den Rentmeester der Domeinen van Grave en den 
Lande van Cuijk aan den Raad van Brabant, waarin hij erkent 
dat de Koning van Spanje geen recht heeft op den novalen 
tiend onder Mill, Wanroij, Beers, Escharen en Gassel, blijkens 
privilegie van heer Jan van Cuijk. 1 Aug. 1556. 

15 



— 226 — 

479 Handschrift van Paringet: Cort verhaal aangaande de stad 
(}rave en den Lande van Co^jk. Dit handschrift is grootendeels 
uitgeven door mr. Paul van Alen. 

Uittreksels nit de costnimen van Gnijk. Zie no. 274. 
Articulen der landrechten van Caijk, 18 Ang. 1550 door Keizer 
Earel V verleend. Zie no. 154. 

St. AGATHA 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans over de kerk te St. 
Agatha. Zie no. 120. 

BEERS 

Resoluties van den Raad van State van 1694 en 1701 omtrent 
de d\jken te Beers en Empel. Zie no. 100. 

GRAVE 

480 Journal du siège de Grave en 1674 en Journal du siège de 
Ghrave en 1814. Copiên. 

481 Beschrijving van de stad Grave. Keuren van die stad. Privi- 
legiën van die stad. Handschrift der 17e eeuw. Een band. 

4B2 Rekening door Johan van der Plaat, als rentmeester van alle 
middelen der stad Grave, over 1751 aan de Magistraat van die 
stad gedaan. 

483 Register van de servitiën der stad Grave over 1688—1744. 
(betreft inkwartieringen van troepen). 

484 Bestek voor het vernieuwen en verbeteren van de commandeurs- 
woning met drie platte gronden en twee teekeningen voor den 
voorgevel van gezegde woning. 1762. 

Beschrijving van het fondament van eenen zoogenaamden toren 
aan den opgang der stadswal aan de Brugpoort, in welken 
toren van wege de gemeente Grave in 1834 een nieuwe water- 
put is gemaakt, met eene afbeelding van het overblijfsel van 
dien toren. 



— 227 — 

485 Monament ter nagedachtenis van Hertog Amold van Gelder 
in de St. Elisabethskerk te Orave, beschreven door Jean Alex. 
Krieger, vrederechter aldaar 1813. 

486 Geestelijk liedboek van Zuster Maria ( Wilhelmina of Wijnanda 
van Raveste^'n), begijn in het Begijnenklooster Mariengraff te 
Grave van af ongeveer 1630 — 1692. Aan dit handschrift ont- 
leende Prof. J. A. Alberdingk Thijm gedeeltelijk zijne novelle : 
Het Begijnenklooster te Grave en zijne dichteres. 

487 Levensbeschrijving van Joannes Wiers, geneesheer, geboren te 
Grave 1515 en gestorven te Teckelenborgh 1588, door Dr. G. 
B. Hermans. 

MAASHEES 

488 Advertissement van rechten, gedaan voor den Baad en Leen- 
hof van Brabant nit den naam van Amoldns LiefiFkens, mits- 
gaders Marcns Lieffkens, als de arrementen van den processe 
overgenomen hebbende van zich zelven en van de verdere 
erfgenamen van Gerard Lieffkens, in leven postmeester te 
Maashees, alsmede namens de weduwe en boedelhoudster van 
Aert Aertsy zoo voor zich en als moeder-voogdes over hare 
mindeijarige kinderen, en voorts de schepenen van Maashees, 
in hunne zaak tegen Johan Reijnier van der Bo^en, heer 
van Venraij, Helden, Nederijssche en Macken. ^ 1669. Het 
gold hier het recht van veer te Beekerstaejj, waarop genoemde 
van der Boijen als heer van Macken aanspraak maakte. 

7. DE HEERLIJKHEID 
OEFFELT. 



Overneming van OefiFelt door de Bataafsche van de Fransche 
Republiek. Zie no. 76. 



— èèö — 



a DE HEERLIJKHEID 
GBMERT. 



489 Betoog van J. van Oudenhoven dat de Landcommanderij te 
Ghemert tengevolge van de overgave van Maastricht aan de 
Staatschen jnre belli is gekomen aan de Bepnbliek der Ver- 
eenige Nederlanden. 

490 Mémoire concemant la seigneorie de Gemert et quelqnes atitres 
de leors biens da 30 Nov. .J802, met bijlagen, voornamelijk 
betreffende de opheffing van deze heerlijkheid door de Fransche 
Republiek. 

491 Kaart figuratief van een gedeelte der heerlijkheid Oemert, in 
1703 opgemaakt door den landmeter Peter van Oldezee. 

9. HET LAND VAN HBüSDEN 
EN ALTEN A. 



492 Brief van het Dykbestuur van den Hoogen Maasd^k 's Lands 
van Heusden aan het Polderbestuur vau het Oud Land van 
Altena om op te nemen de hulpgaten in den Oud-Heusdenschen 
Zeedijk met bijlagen. 1741. 

493 Stukken betreffende de waterschappen van den Hoogen Maasdijk 
's Lands van Heusden en het Oud Land van Altena. 1740 — 1790. 
Een portefeuille. 

494 Vertrouweiyke brieven van den luitenant-generaal van Helden 
aan den gouverneur van N. Brabant Hultman over de vereeni- 
ging der landen van Heusden en Altena met het overige der 
tegenwoordige provincie N. Brabant, alsmede over eenige per- 
sonen in die landen verblijf houdende. 1814 — 1818. Een 
portefeuille. 



— 229 — 

495 Handvesten der stad en lande van Heosden. Ben register uit 
de 17e eeuw. 

496 Beschrijving der stad en lande van Heusden (toegeschreven aan 
Theod. Oroen, geboortig van Hensden en in leven predikant 
te Maastricht), zijnde een handschrift der 17e eeuw; met een 
vervolg op dat handschrift tot 1 742 (toegeschreven aan Manrits 
de Leu de Wilhem). 

497 Oeslachts register en korte levensbeschrijving der aloude Heeren 
van Heusden, alsmede van eenige edelen uit den Huize van 
Heusden gesproten. Privilegiën, handvesten, octrooien enz. van 
de stad en lande van Heusden. Beschrijving van de dorpen en 
heerlijkheden Engelen, Vlijmen, Heesbeen, Drongelen en Aalburg. 
Hierbij eene beschouwing van Prof. Tydeman over dit fraaie 
handschrift; hij schrijft het toe aan Maurits de Leu de Wil- 
hem, die volgens hem het zoude hebben gemaakt naar een 
handschrif); van Theod. Oroen, predikant te Maastricht. Zie 
hierover Tijdschrift van Sassen Hl blz. 10. 

498 Stukken betrekkelijk de overstrooming van het land van 
Heusden en Arkel op 30 en 31 Januari 1609. Een register. 

AALBURG 

Zie no 497. 

ALM KERK 

499 Processenverbaal van verpachting der tienden in de bannen 
van Zantwijk, üppel en Doom onder de heerlijkheid Almkerk. 
1762 — 1810. ld. der tienden behoord hebbende aan het Kantoor 
der kerkelijke goederen en geheven wordende over de heer- 
lijkheden Almkerk, de Werken, Hill enBabiloniënbroek. 1778. 
Een portefeuille. 

500 Rekening en verantwoording gedaan van de opbrengst der 
belastingen: a door Sebastiaan Kuipers, als secretaris van 
Almkerk, over 1774 en door Willem van Eeten, secretaris 
alsvoor, over 1775 — 1792. Een portefeuille. 



— 230 — 

501 Bekening en verantwoording gedaan door Hoijbert Helleman 
als kerkmeester van Almkerk over 1789/90 en 1790/91. 
Staat van de renten, toebehoorende aan de kerk van Almkerk 
over 1675, 1690 en 1791. 

ANDEL 

Overdracht van twee perceelen land, gelegen onder Andeier 
Broek, aan de Wede Cornelis Wolfi. 1679. Zie no 501. 
Processenverbaal van verpachting der tienden onder Giessen en 
Neer-Andel, toebehoorende aan het Kapittel van Oad-Mun- 
ster te Utrecht. 1797—1807. Zie no. 499. 

502 ld. 1805—1815. Een portefeuille. 

503 Vidimus 23 Dec. 1509 gegeven door den Prior van het Klooster 
St. Mariakroon binnen Hoosden van eene arbitrale uitspraak, 
in 1467 gedaan tusschen de dorpen Wijk en Veen ter eenre 
en Andel en Giessen ter andere zijde omtrent sluizen, vlieten 
en kaden. Een register. 

B ABILON IE N BROEK 

Tienden. Zie no. 499. 

BERN 

504 Copie van de beschrijving der stichting van de abdij van Bern, 
opgemaakt door C. van Alkemade en P. van der Schelling. 

DRONGELEN 

Beschrijving van Drongelen. Zie no. 497. 

EL8H0UT 

Aanteekeningen van Dr. C. B. Hermans. Zie no. 448. 

EMMIKBOVEN 

505 Begister van de brugdamcijnsen en kerkrenten, gaande uit 
landerijen onder Emmikhoven, opgemaakt in 1729. 



— 231 — 

ENGELEN 

Beschrijving van Engelen. Zie no. 497. 

GENDEREN 

506 Dijkkaart van Genderen van 29 April 1444. 

GI ESSEN 

Zie nos. 499, 502. en 503. 

HEESBEEN 

Beschrijving van Heesbeen. Zie no. 497. 
Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans. Zie no. 448. 

HEÜSDEN 

Beschrijving van de stad Heusden, Zie no. 497. 

507 Charters. Afschrift van charterB, betreffende Heosden, gemaakt 
door Dr. C. B. Hermans naar een geschreven charterboekje, 
berustende in het gemeentearchief te Heusden. 

508 Afschriften van charters en privilegiën betrekkelijk de stad 
Hoosden. 1290 — 1449 Copie der 19e eeuw. Zie ook nog no. 
144. 

Oud afschrift van eenige oorkonden betreffende Heusden. Zie 
no. 503. 

509 Rechten en costuimen van Hensden. Copie van 1670. 

510 Rechten en costuimen der stad Heusden. Copie van de vorige 
uit de 18e eeuw. 

511 Extract uit de Chronijke van Holland, Zeeland en Vriesland 
door Ellert de Veer, voor zooverre die Heusden betreft. 

512 Lijst der fortificatiën in en om Heusden. 1804. 

513 St. Joris Broederschap. Reglement voor de St. Joris Broeder- 
schap, opgericht te Heusden 1 Jan. 1809 onder de zinspreuk : 
,^Door eendragt verbonden", 



— 232 - 

514 Reglement van 1800 voor de Latijnsche school te Heusden. 
Bescbrgving van den gedenkpenning op het ontzet van Heusden 
van 21 Sept. 1787. Zie no. 100. 

DE HILL 

Tienden. Zie No. 499. 

OÜDHEÜSDEN 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans. Zie No. 448. 

OUD LAND VAN ALTEN A (POLDER) 

(polder). 

515 Rekening en verantwoording afgelegd door mr. Diderik van 
Bleyswijk, penningmeester van het Oud Land van Altene, 
van den ontvangst en uitgaaf eener som van fl. 20000, door 
de Raden van Zuid-HoUand bij resolutie van 18 Febr. 1741 
aan dien polder geschonken om daarmede te betalen de kosten 
van herstelling der dijken, die door de laatste zware overstroo- 
ming waren vernield. 

RIJSWIJK 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betreffende Rijswijk. 
Zie no. 448. 

SLEECWIJK 

516 Lijst van charters aangaande de heerlijkheid Sleeuwijk. 

VEEN 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betreffende Veen. Zie 

no. 448. 

Zie nog no. 503. 

VLIJMEN 

Beschrijving. Zie no. 497. 

Akte, waarbij de geërfden van het dorp en den polder van 
Vlijmen aan vier hunner medegeërfden volmacht geven om de 
rekening van dien polder op te nemen 23 Jan. 1711. 



— 233 — 

DE WERKEN 

517 Qaarboek der ordinaire verponding in 1777 over het dorp de 
Werken en het ressort van dien, mitsgaders van den lOOen 
penning van de huizen, tienden en visscherij en van den 200en 
penning van de landerijen aldaar. 

Tienden. Zie no. 499. 

WOUDEICHEM 

518 Handvesten en besluiten betreflTende de stad Woudrichem en 
het land van Altena. 690—1841. 

Notulen in een cas van purge. Zij betrejBfen Sebastiaan Kuipers, 
notaris en procureur te Woudrichem en schout en secretaris 
van Almkerk, die impetrant van mandament van purge was 
contra Jacob Philip baron van Boetzelaer, baljuw van Woudri- 
chem en het Land van Altena. 1760. Zie no. 154. 
Aanteekeningen van Dr. C. B. Hermans. Zie no. 448. 

WIJK 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans. Zie no. 448. 
Zie nog no. 503. 



10. HET BALJUWSCHAP 
VAN ZülD-flOLLAND. 

■ u»a ■ 

RAAMSDONK 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrekkelijk Raams- 
donk. Zie no. 448. 

SPRANG 

Idem betrekkelijk Sprang. Zie alsvoor. 



— 234 — 

WERKENDAM 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betrekkelijk Werkendam. 
Zie no 448. 
510 Memorie wegens de heerlijkheid Werkendam, getrokken uit 
van Oadenhoven's beschrijving van Zuid- Holland. 

ZÜID-HOLLANDSCHE POLDER 

520 Lijsten der charters, behoorende aan en van de morgentalen, 
behoorende tot den Zuid-Hollandschen Polder. 

ZÜIDEWIJN 

520 bis Akte, waarbij Dirrick van der Merwede bij doode van 
Dirck van der Merwede Danielszn. zijnen vader, beleend wordt 
met de ambachtsheerlijkheid Zuidewijn. Hulde deed Jan van 
der Merwede zijn oom. 12 Jan. 1528. Copie. 

IL DB BARONIE VAN BREDA- 



DE BARONIE IN HET ALGEMEEN. 

521 Costuijmen ende usantiën der stad en lande van Breda. 1547. 

521 bis Costuijmen der stad en lande van Breda. 

522 Costuijmen der stad en lande van Breda, bijeenverzameld door 
den advocaat mr. Hendrick Montens. 1598. 

523 Register van reglementen voor stad en land van Breda, 
n.b. 1597—1835. 

Costumen en municipale rechten der stad en jurisdictie van 
Breda. 1573. Order van justitie der stad en lande van Breda. 
1554. Zie no. 128. 

524 Alphabetisch register op de ordonnantiën van de Hoofd- en 
Leenbank van Breda van I60Ö. (Hierachter een formulierboek 
voor de wijze van procedeeren voor den Hove van Holland), n.b, 

525 Verzameling van stukken betrekkelijk de stad en het land van 
Breda, als : geschiedenis der Heeren van Breda ; verkoop van 
Breda op 1 April 1350; beduit van Prins Maurits als regent 



— 235 — 

en administrateur van de goederen van Philips Willem prins 
van Nassau d.d. 6 Juli 1527; notulen en resolutiën van de 
landsvergadering der Baronie van Breda van 28 Aug. 1681 ; 
advies over den vrijdom van belastingen der stad en baronie 
van Breda van 14 Aug. 1682; contracten der stad Breda over 
het onderhoud van 's lands werken ; aanstelling van predikanten 
in de Baronie van Breda; inkwartiering van Engelsche regi- 
menten te Baarle-Nassau in 1709; de Drossaard van de stad 
en lande van Breda ; belastingwezen ; de jurisdictie over 
Castelre ; begeving van ambten ; de Gouverneur van Breda ; 
instructies voor ambtenaren enz. (Verzameling van omstreeks 
het jaar 1750). Een band. 

526 Verzameling van stukken van 1415 tot 1793, betreffende eenige 
belangrijke aangelegenheden der stad en lande van Breda. 
Verzameling van charters, resolutiën, plakkaten, reglementen, 
publicatiën, adviezen en registers betrekkelijk de stad en lande 
van Breda. 9 dln folio. 

Klacht van de familie van Pieter Pacqui, burger van Breda, 
over een vonnis van het Gerecht aldaar ; deductie van het 
recht der heeren van en van de stad Breda, benevens de andere 
steden en vr^heden van Brabant om in alle crimineele zaken 
te vonnissen bij arrest. Zie no 202. 

527 Staat en inventaris der goederen, welke het Bisdom Antwerpen 
in 1760 bezat in de Baronie van Breda. Copie. 

528 Reglementen van 1690 op de gemeene middelen in de Baronie 
van Breda, mitsgaders verschillende reglementen en ordonnan- 
tien op het innen van die middelen. Handschrift der 18e eeuw. 

529 Deductie van het recht der steden over de omliggende ende 
daeronder behoorende dorpen ende vlecken des lands ende 
Baronnie van Breda, noopende ende raeckende het verbieden 
van eenige hoofdneeringen ofte ambachten aldaer te doen, 
opgemaakt door Marcus Zuerius Boxhornius. Copie van 1760. 

530 Deductie gedaan maken uijt den name ende van wegens de 
gesamentlijke vrijheden, heerlijkheden ende dorpen des landts 
van Breda ofte derselve gecommitteerdens op ende tegens 
Burgemeesters, schepenen ende Raade der stad Breda (betreit 
hetzelfde onderwerp als in het vorige nummer^. Copie. 

531 Iets over de oude landmaten van de st^d en lande van Breda. 



— 236 — 

532 Afschriften van oorkonden betreffende Breda, Etten, Oosterhont, 
Rosendaal, Rijsbergen, den polder Zwartsenberg. 

533 Rapport sur les brayères et terrains vagnes. propres au cam- 
pement des corps d*armées anx environs de Breda, redige par 
Ie major van S wieten en 1817. 

534 Aanteekeningen betreffende de waterstaats werken, welke van 
af 1817 tot 1842 in het arrondissement Breda uitgevoerd zijn 
onder directie van den ingenieur van den Waterstaat A. de 
Geus. 

DE STAD BREDA 

535 Kronijk van Breda (toegeschreven aan J. van Vliet of Vlitius) ; 
handvesten en privilegiën der stad Breda ; lijst der drossaarden 
van de stad en lande van Breda over 1249 - 1658. Een en 
ander in een band samengebracht door K. van Alkemade en 
P. van der Schelling. 

Oorkonden. Afschriften van de navolgende : De Drost van 
Breda schrijf)) namens den Koning van Spanje de bezitters van 
leengoederen aan, dat zij zich ten spoedigste hebben uit te rus* 
ten met eene volledige kr^sgstoerusting, daar anders hunne 
leenrechten verbeurd zullen worden verklaard. 28 Febr. 1573. 
Philips Willem van Nassau, prins van Oranje, vergunt aan de 
regeering van Breda drie jaarlijksche paarden- en beestenmark- 
ten te houden. 10 Nov. 1613. 

Op het request van de Nonnen van St. Gatharinendaal te 
Breda vergunt Prins Frederik Hendrik als baron van Breda 
aan haar om buiten de stad (n. 1. te Oosterhout) een klooster 
te bouwen met behoud harer goederen 20 April 1640. 
Zie no. 532. 
Zie ook nog no. 144. 

536 Keurboek der stad Breda. 1637. 

537 Keuren van Breda (handschrift uit de 17e eeuw). Een band. 

538 Keuren van Breda, gecoUationneerd door Joh. van de Corput. 
Een band. 

589 Keurboek van Breda. Handschrift uit de 16e eeuw. 
540 Ordonnantie op de manier van procedeeren te Breda van 1606. 
£en deel. 



— 237 — 

541 Mr. A. G. EJeija. Uittreksels uit de poorterboeken, stadsreke- 
ningen en charters, berustende in het Stedelijk Archief te Breda. 

542 Extracten nit de onde rekeningen van Breda. 1300 — 1600. 
Handschrift der 10e eeuw. 

543 Het H. Sacrament van Mirakel te Breda, vroeger genaamd het 
H. Sacrament van der Niervaart (Klnndert) Copie oit de 
19e eenw. 

544 Hemeltergende heiligschennis, zigtbaar door Ood gestraft te Breda 
op Kerstnacht 25 December 1778. 

545 De gilden der stad Breda. Een register inhoudende de afschriften 
hunner kaarten. 

546 Memorie over de verdedigbaarheid der vesting Breda (uit het 
begin der 19e eeuw). 

547 Register inhoudende : stukken betrekkelijk het overdragen van 
het Militair Hospitaal te Breda door de Magistraat dier 
stad aan den Baad van State, 1750 — 51 ; stukken be- 
treffende de ammunitie der vesting Breda, 1751 ; stukken 
betreffende het garnizoen te Breda, 1769; stukken betreffende 
het innen der belastingen in de stad en lande van Breda en 
het beheer der domeinen aldaar, 1785 — 1795. 

548 Inventaris der resolutiën, plakkaten en verdere documenten 
rakende het comptoir van 's lands verpondingen te Breda. 
1717 — 1799. 

519 Akten, uitgegaan van Willem Pieter van Persijn, als ontvanger 
der verpondingen over de stad en lande van Breda. 1796 — 98. 
In eene portefeuille. 

550 Copie van den catalogus van de bibliotheek der stad Breda, 
opgemaakt door J. van Vliet in 1651. 

Copie van den catalogus van die bibliotheek in 1835. 

551 Dr. C. R. Hermans Over de noodmunten te Breda. 

552 Een liedeken van 't innemen van Breda, uit ; Een nieu Oeusen 
lied' boecxken. Dordrecht 1629. Copie. 

553 Triumphlijedt over de victorieuse overwinninge der stad Breda. 
1637. 

554 Gedicht van Casper van Baerle op de inneming van Breda 
* door Prinó Frederik Hendrik en het verlies van Roermond in 

1637. 



— 238 — 

555 Drie verhalen van het gebeurde ter audiëntie van ^eizer 
Napoleon te Breda op 6 Mei 1810. 

De Lazarij te Breda. Zie no. 100. 

556 Bekeningen van de vereenigii^ ^Vroechdendaer te Breda van 
1492 — 1578 en resolatiën der magistraat te Breda omtrent die 
vereeniging 1559 — 1655. Gopiën. 

557 Gopiën van een : Eeglement van het gilde St Sebastiaan te 
Breda; id. van de Harmonie aldaar; herdenking van het tweede 
eeuwfeest der inneming van Breda in 1637; vonnis den 10 
April 1787 gewezen tegen den brandstichter A. van Campen, 
wonende te Dorst, met diens eigenhandig geschreven brandbrief. 

ETTEN 

Ordonnantie op het gebruik van den Geer van 18 Mei 1620. 
Reglement voor de arm- en gasthuismeesters van 19 Mei 
1700. IdémopdeLeursche Vaart van 14 Jan. 1704. Zi.eno. 532. 

558 A. J. van der Foest Clement. Onderzoek naar oudheden in 
1850 gevonden te Etten. 

OOSTERHOÜT 

559 Journaal van een reisje naar het kampement bij Oosterhout 
in Sept. 1732. 

560 Het Klooster St. Eatharinadal. 

Het slot van Strijen. Zie nos. 100 en 532. 
Philips n, koning van Spaiye, bepaalt, dat de uitgeweken in- 
gezetenen van Oosterhout met de andere ingezetenen in de 
beden en andere belastingen zullen bijdragen. 13 Dec. 1579. 
Zie no. 532. 

ROSENDAAL 

OorlLonden. Engelbrecht graaf van Nassau vernieuwt en be- 
vestigt het octrooi waarbij aan Bosendaal was toegestaan eene 
weekmarkt te houden. 20 Sept. 1502. 

Philips Willem van Nassau, prins van Oranje, bevestigt de 
privilegies aan Bosendaal en Nispen door zijnen vader 28 Juli 
1561, verleend. 22 Sept. 1614. 



— 239 — 

De Raad van Brabant te 's Hage handhaaft de vrijheid van 

Bosendaal in haar voorrecht van vr\j te zijn van hofdiensten. 

17 Mei 1618. 

Prins Maurits van Oranje bevestigt den privilegiebrief van 22 

Sept. 1614 hiervoor gemeld. 23 April 1619. 

Prins Frederik Hendrik bevestigt de privilegiën, door zijne 

voorzaten aan Bosendaal verleend. 19 Maart 1638. 

Prins Willem II doet alsvoor. 20 Mei 1647, 

Zie no. 532. 

RIJSBERGEN 

Reglement op de klapwakers van 23 Jan. 1789. 
Brandreglement van 1823. 
Schntreglement van 1836. Zie no. 532. 

ZÜNDERT 

561 Beschrijving van het hois te Laar met eene afbeelding van 
het wapen der familie van Beeck. 

POLDER ZWARTSENBERG 

Protest der stad Breda tegen de nitgifte van dezen polder, in 
zooverre hare rechten daardoor benadeeld mochten worden. 
23 Jnli 1518. Zie no. 532. 

12. HET MARKIBZAAT VAN 
BERGEN OP ZOOM. 



562 Beschrijving der stad Bergen op Zoom en harer privilegiën ; 
genealogie en levensbeschrijving der markiezen van Bergen op 
Zoom; beschrijving van het graafschap Strijen; een en ander 
samengesteld door E. van Alkemade en van aanteekeningen 
voorzien door P. van der Schelling. Een deel. 



— 240 — 

563 Memorie tot adstractie van het recht van gratie, remissie 
en abolitie aan de Markiezen van Bergen op Zoom zelfs in 
crimineele zaken toekomende wegens misdrijven gepleegd binnen 
het markiezaat van Bergen op Zoom. 21 April 1798. Met be- 
wijsstnkken. Een band. 

564 Verzameling van stukken betreffende de stad en het markiezaat 
van Bergen op Zoom, voornamelijk het Zuid- en Westkwartier 
en loopende over 1566 — 1738, met een bijvoegsel, handelende 
over het aanstellen der regeering in de dorpen van het mar- 
kiezaat van 1536 — 1705. Onder deze stukken komen o. a. voor : 
de grensscheiding van het markiezaat; reglement van order 
der kwartiersvergaderingen van het Oostkwartier; jurisdictie over 
de Hoeven en den St. Maartenspolder ; de regeering van 
Bergen op Zoom; memories over de rechten der markiezen; 
houtvesterij en jagermeesterschap van het markiezaat ; plakkaat 
omtrent de secretarissen ; reglement van politie voor Ouden- 
bosch en Oud- en Nieuw Gastel; belastingen; instructies voor 
de schouten en drossaarden van den Markies ; procedure van 
den Markies tegen de magistraat der stad Tholen; procedures 
van den Drossaard van Wouw tegen den gedetineerde Laureijs 
Valkenburg; resoluties over de jacht. Een band. 

565 Afschrift van eene akte van scheiding en deeling tusschen 
Johan graaf van Nassau, heer van Breda en Johan, heer van 
Bergen op Zoom, aangaande Bosendaal, Steenbergen, Gastel, 
Ouden- en Nieuwenbosch en de Hoeven. 28 April 1458. 
Afschrift der akte, waarby Philips van Bourgondië voorschreven 
scheiding en verdeeling bevestigt. 3 Juni 1450. 

Bequest door de in het markiezaat van Bergen op Zoom wo- 
nende schuldeischers van den Markies van Bergen op Zoom 
aan de Aartshertogen Albert en Isabella gericht om in hunne 
rechten te worden gehandhaafd. 18 Nov. 1604. In een portefeuille. 

566 Bekening en verantwoording afgelegd aan de Staten Generaal 
door Justus Turcq, als rentmeester van de geestelijke goederen 
in het markiezaat van Bergen op Zoom. 1669. Een band. 

567 Dr. G. E. Hermans. Beschrijving der boekwerken, handelende 
over de geschiedenis der stad en lande van Bergen op Zoom. 



— 241 — 

BERGEN OP ZOOM 

568 Beschrijving van Bergen op Zoom tot het jaar 1795. Hand- 
schrift nit het begin der 19e eeaw. 

Idem. Zie no. 562. 

569 Privilegiën van Bergen op Zoom, rakende de Engelsche koop- 
lieden. 1519. Een register, 

570 Alphabetisch register der resolntiën van den Broeden Baad en 
Magistraat van Bergen op Zoom. 

571 Afschrift van de crimineele rol der Vierschaar van Bergen 
op Zoom, beginnnende 26 Getob. 1626 en eindigende 26 Mei 
1642. Een deel. 

572 Lofdichten op „den slag voor Berghen op den Zoom daer se 
Don Lonys de Reqnensentes willekom geheeten den 18 Jann- 
.ar^ 1574" ; en op het ontzet van Bergen op Zoom op 3 Oct. 1622. 
Chanson sar la prise de Bergen op Zoom en 1747. Copiën. 

573 Jac Adr. Folkers. Dagverhaal van het beleg van Bergen op 
Zoom in 1747. 

574 Belaas van de overgave van Bergen op Zoom in 1747. 

575 Leerrede, gehouden door Johannes Janssen, predikant te Ber^ 
gen op Zoom, ter inwijding van de herstelling der kerk aldaar 
op 15 Oct 1752, waarbij gevoegd is: Kort en beknopt verhaal 
van het gepasseerde ten tijde van de overrompeling van Bergen, 
op Zoom op 16 Sopt. 1747. 

576 Memorie van hetgeene in 'tgaamisoen van Bergen op Zoom 
is voorgevallen bij de aannadering der Fransche Tronpes naar 
't territoir van den staat, beginnende met de maand November 
1792 en eindigende met 6 Ang. 1793. 

577 Correspondentie van den Landdrost van Maasland, Staatsraad 
C. G. Hultman, over de overgave van Bergen op Zoom aan 
de Franschen in 1810. 

578 Thomas de Bouck. Memoriaal van de gouverneurs van Bergen 
op Zoom van 1576—1658. Aangevuld met eene naamlijst dier 
gouverneurs van af 1642 — 1784. Copie. 

579 Thomas de Rouck. Beschrijving der gouverneurs van Bergen 
op Zoom van 1576 — 1658. Copie. 

Oorkonden betreffende Bergen op Zoom. Zie no. 144. 

16 



— 242 — 

FIJNAART EN HEININGEN 

580 Staat der scholden van den Markies van Bergen op Zoom, 
waarvoor bezwaard zijn diens goederen onder F\j naart en 
Heiningen. 1746. 

581 Reglement van het St. Jorlsgilde d. d. 20. Nov. 1636. Copie. 

HOOGERHEIDE 

582 Beschrijving der heerlijkheden Hoogerheide en Ossendrecht en 
opgave der redenen, die de raden en meesters van rekening 
van het Hnis van Bergen op Zoom bewogen hebben den Mar- 
kies van Bergen op Zoom aan te raden de heerlijkheid Hoo- 
gerheide en half>0s8endrecht te koopen en te voegen bij z\jn 
Markiezaat. 

OSSENDRECHT 

Zie het vorig nummer. 

OÜDENBOSCH 

583 Dedactie gedaan voor den Raad en Leenhove van Brabant ait 
naam van Johan Den Dooven, notaris en procareor te Ouden- 
boschy tegen Antonins de Stoppelaer, predikant aldaar, Daniel 
van den Broek, Gomelis de Krom en Jacobns van der Vooren, 
ook wonende aldaar. Hij beweerde, dat zijne tegenpartij hem 
beleedigd had door hem ten laste te leggen, dat hij als pretens 
kerkmeester de consistoriekamer te Ondenbosch, alwaar z\j ver- 
gaderd waren, had willen binnendringen en vry onbschaamd 
en zeer oneerbiedig hen in han karakter en fanctie van leden 
van den Kerkeraad bejegend had. Van omstreeks 1760. 
Resolutie der heeren raden van het Huis van Bergen op Zoom, 
concemereode het vergeven van kleine bedieningen in den 
Oudenbosch. 22 Oct. 1788. Zie no. 154. 



— 243 — 

RUCPHEN 

Afschrift van het charter, waarbij Heinric van Bontershem en 
zijne huisvronw Marie van Marxhem, heer en vrouwe van 
Bergen op Zoom, verkochten aan Jan van den Houte, ridder, 
CS. ze^en en dertig hoeven meergrond en v^f en vijftig en een 
halve hoeve wildernis, gelegen tnsschen den Bosendaalschen 
weg, geheeten den Langendijk en Spmndel ; zij regelden daarbij 
tevens den rechtstoestand van hen, die zich op voormelde 
- gronden vestigen zullen. 5 Jan. 135Ö. 
Zie no. 565. 

13. DE PRINSELIJKE 
HEERLIJKHEDEN. 



STEENBERGEN 

Zie no. 144. 

584 Extract uit den uitgiftbrief van den Graaf Hendrikspolder, 
gegeven door Bene de Ghftlons 13 Dec. 1538. 

Idem uit den uitgiftbrief van Eruisland, gegeven door graaf 
van Nassau. 21 Nov. 1488. Copiën. 

WILLEMSTAD 

585 Charter, waarbij Jan van Witthem, markies van Bergen op 
Zoom, aan het dorp en heerlijkheid Ruigenhil eene vrije week- 
markt geeft. 8 Maart 1581. 

Bericht der Staten-Generaal aan de regeering van Willemstad, 
dat zij op hare hoede moet zijn voor de Spanjaarden, vermits er 
vrees bestaan had, dat de Spaansche vloot, welke den 13®>3 Sept. 
1631 door de Staatschen veroverd was, op Willemstad had willen 
afkomen. 15 Sept. 1631. Copiën. 



— 244 — 

14. DB VIER flOOGB HEER- 
LIJKHEDEN VAN HOLLAND. 

GEERTRUIDEN BERG 

586 Lied op Geertmidenberg uit: Een nieu Oeusenlied Boeckxen. 

Dordrecht 1629. Copie. 
586 bis Een nieu liedeken van de Berghsche soldaten, doen sij de 

sfadt aen den vyant verkocht hadden. Copie. 

Dr. O. R. Hermans. Geertmidenberg gedurende den Patriotten 

en Franschen tijd. Zie no. 100. Zie ook nog no. 144. 

HOOGE EN LAGE ZWALUWE 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans. Zie no. 448. 

KLUNDERT 

586 ter Accoord tusschen den Prins van Oranje als heer der vrijheid 
van Niervaart ter eenre en de gemeene pachters en inwoners 
dier vrijheid ter andere zijde over het heffen van bier-en wijn- 
accijns, het onderhouden van wegen en straten en het be- 
zoldigen van den schoolmeester, chirurgijn en vroedvrouw. 30 
Sept. 1578. Copie. 

Zie nog no. 543. 

ZEVENBERGEN 

Aanteekeningen van Dr. C. R. Hermans betreffende Zevenber- 
gen. Zie no. 448. 

587 Privilegiën van de stad en lande van Zevenbergen. Een band. 
Handschrift uit de 18e eeuw. 

588 Afbeelding van het monument te Zevenbergen voor Jan de 
Ligne, graaf van Arenbergh, baron van Zevenbergen enz, gesneu- 
veld te Heiligerlee 1568, en de 16 kwartieren van hem en zijne 
vrouw, boven zijn graf staande, uitgewerkt door Jhr. mr. P. J. 
van der Does de Bije. Zie nog no. 104. 

Willekeuren van Zevenbergen van 1519. Zie no. 128. 



— 245 — 

II 

DE PROVINCIËN NOORD- EN 
ZÜID-HOLLAND. 

589 Index op de resolutiën van den Hove van Holland van 1 Jan 
1720 tot den laatsten December 1741. 

589 his. Register der resolntiën der Staten van Holland en West- 
Friesland van 1732 — 36 tot redres der crimineele ordonnantie 
van 1570. 

590 Diverse remonstrantiën overgeleverd aan de Staten van Holland 
en West-Friesland. Een band. 

591 Korte beschrijving van de Hoven van Jnstitie in Holland en 
van de manier van procedeeren voor dezelven door A. S. 
Handschrift der 18e eeuw. 

592 Privilegieboek der stad Delft. Handschrift der 17e eeuw. 

593 Catalogus der boeken van de Amsterdamsche Bibliotheek. 1787. 

594 Joumael van een reijse in de maendt Meij 1749 in geselschap 
van de Heeren van der Dassen en Geesteranus gedaan met 
het buijten jagt van d* Admiraliteit op de Maaze naar Gouda 
en het eiland Bozenburg. 

Journaal van de reijse, die ik met mijn huijsvrouw en twee 
oudste kinderen in geselschap van de heer en Mevr. van der 
Dussen met haer WelEd. twee dogters benevens den heer 
J. Geesteranus hebbe gedaan naar Dordrecht, Antwerpen, Brus- 
sel, Mechelen. 

595 Gedicht op het instorten op 13 Mei 1818 van het Bossc&e 
Koffijhuis te Haarlem, voorheen de woning van Lourens Janszn. 
Koster. 



III 
ZEELAND. 

596 Dr. C. R. Hermans. Aanteekeningen over de kerkelijke ge- 
meenteu in Zeeland. 



— 246 — 

IV 
GELDERLAND. 

597 Dr. C. E. Hermans. Aanteekeningen over de kerkelijke ge- 
schiedenis van Gelderland en Limburg. Zie no. 1 18. 

508 Handelingen der Synode van Gelderland. 1803. 

590 Een register der recessen van den Landdag te Zatphen in 
1711 en 1712. 

600 Een register, houdende akten van uitkoop van tienden en tijn- 
sen in Gelderland. 1600—1729. 

601 Gildebrieven van de Amhemsche gilden (Copiën uit verschil- 
lende eeuwen). 

602 Journaal door F\jnebril, opzichter van 's Ryks Waterstaat, ge- 
houden van werken aan de Spoelsche sluis bij Kuilenburg. 
1851—52. 

603 Verkenning in de Bommelerwaard door den luitenant van 
Swieten. 1842. 

604 nihü. 

Rapports sur les ch&teaux et monuments antiques de Tarron- 
dissement de Nimègue 1810. Zie no. 117. 



LIMBURG. 

605 Dr. C. R. Hermans. Aanteekeningen over het Bisdom Roermond, 
ld. over de kerkelijke geschiedenis van Limburg. Zie no. 118. 
Uittreksels uit de costuimen van Limburg. Zie no. 274. 

606 Liventaris der privilegiën van Venlo en copie van een charter 
van Hertog Karel van Gelder van 1525 ten behoeve dier stad. 

607 Origo et fundatie, consistentia et immunitas coenobii, abbatiae 
ac terrae Thom. (Copie). 

608 Theod. Dirks, pastoor te Venra^'. Verhandeling over de eclipsen 
van zon en maan. 



— 247 — 

B. BELGIË EN LUXEMBURG. 

600 Inventaris van al de charters en papieren, die in het jaar 1569 
wegens de troubelen z\jn vervoerd van het kasteel te Vilvoor- 
den naar Brussel en van daar wederom naar dat kasteel zijn 
gebracht. 

610 Rapport door mr. Hendrik van W\jn, archivaris der Bataafsche 
Republiek, in 1806 uitgebracht over de gewichtigste archieven» 
zich bevindende in de Oostenrijksche en Fransche Nederlanden 
(Antwerpen, Gent, Brugge, Ruppelmonde, R^ssel, Doornik, 
Bergen, Brussel, Leuven en Mechelen). 

611 Mémoire sur les rivières et les canaux en géneral et sur ceux 
de la Flandre en particulier, presenté par Tabbé Mannen 1781. 

612 Reconnaissance militaire de la province de Liège et des moyens 
de défendre la ville de Liège. Rapport redigé par Ie major 

van S wieten en 1817. 

613 Gonsidérations sur les moyens les plus économiques pour ior- 
tifier la nouvelle ligne des places fortes en Belgique, presentées 
au Roi en 1815 par Ie major van S wieten. 

614 Rapport du major van S wieten sur les lieux propres & la 
réunion des troupes dans les provinces de Liège et de Limbourg. 
1817. 

615 nihü. 

616 Reconnaissance géologique dans la province de Namur par Ie 
capitaine Frice. 1826. 

617 Observations minéralogico-géologiques, faites pendant un voyage 
en France et en Belgique par Ie Major van Swieten. 1826. 

618 Voyage dans Ie Luxembourg et Liège par Ie Maj. v. Swieten. 
1827. 

61Ö Voyage minéralogico-géologique dans la province de Namur 
par Ie major van Swieten. 1826. 

620 Vervolg op no. 618 door denzelfde. 1827. 

621 Topographie en statistiek van Luxemburg, opgedragen aan 
Frins Frederik, door denzelfde. 1827. 

622 Militaire aangelegenheden van Luxemburg, door denzelfde. 1827. 
023 Memorie over de kanalen van La Bassée naar Sensée en Air^i 



248 

voor zooverre die de rivier de Schelde zouden kuDoen bena- 
deelen, door denzelfde; met bijlagen. 1823. 

624 Memorie over idem met bijlagen, door denzelfde. 1825. 

625 Reconnaissance militaire de la province de Liège, door 
denzelfde. 1817. 

626 Extrait de reconnaissance militaire da pays entre la Meuse et 
la Moselle, par Tétat-major du quartier-maitre-général. 1816 — 
1819. 

627 Correspondance du major van S wieten relative au mémoire 
de la défense de la Belgique avec Ie It. général de Constant 
Eebecque. 1818. 

628 Mémoire sur la défense de la Belgique, par Ie major van Swieten. 

629 Memorie van verdediging der vesting Antwerpen en hare ci- 
tadel. 1817. 

630 Journaal, gehouden in 1782 op het Belgische schip, de D waa- 
iende Comeete. 

631 Beschrijving van het dorp Iteghem. 

6.^2 Akten betreffende de heerlijkheid Hameijden. 

633 Dictaat gehouden in 1697 door den Bredanaar Adrianus van 
Welt van het college, gegeven door professor Gorbion te Leu- 
ven over ^dialectica sive manuductio ad logicam*" 

634 Alphabetische lijst van gezichten op steden, dorpen en kasteelen 
in België. 



C. VARIA. 

635 Antiphonarium op perkament, volgens Jhr. Mr. P. J« van der 
Does de Bije in 1478 door zuster Diewaris Pelgroms in het 
klooster der Reguliere Eanonikessen te Beverwijk geschreven. 

636 Gebedenboek in middeleeuwsch schrift op perkament. 

637 Gebedenboek op perkament, hebbende tot opschrift : „Marijken 
Paulus bet voer mijn Sijel." 1512. 

638 Gebedenboek op perkament in middeleeuwsch schrift. 

639 Gebedenboek alsvoor. 

640 Gebedenboek ala voor. Ao. 1434. 

641 Meditatie op perkament in oud schrift, 



— 249 — 

642 Meditatie alsvoor. 

643 Meditatie alsvoor. 

644 Meditatie alsvoor. 1516. 

645 Gebedenboek op perkament in oud schrift. 

646 Idem. 

647 Gebedenboek alsvoor. 

648 Gebedenboek alsvoor. 

640 Horae dinrnae uit de vijftiende eeuw, uit het klooster van 
St. Agatha. 

650 Epilogus de exerpto ex speculo disciplinari Dni Bonaventurae 
card. Met eene verhandeling van den H. Thomas van Aquine 
de puritate conscientiae et de modo confitendi. 

651 Tractatus de calendario ecclesiastico. 

652 Handelsverslagen over Brazilië 1826 — 1830. 

653 Geldtelling der negers in Suriname. 

654 Brief uit Oost-Indie van Paulus Jacob Valckenaer, die op de 
terugreis met zijn schip is vergaan. 1775. 

655 Catalogus van werktuigen voor electriciteit vaa Dr. Jan Esdre. 

656 Verhandeling over aardrijkskunde door mr. J. C, gedagteekend 
Amersfoort 1765. 

657 Aanhangsel tot de lichaamsmeting. 

658 De toepassing der algebra op de geometrie. 
650 Inleiding tot de wiskunde. Vier stuks. 

660 Van de rechthoekige driehoeken. 

661 Memories en brief van 15 Aug. 1790 over eene nieuwe uit- 
gave van de Teuthonista van Gherard van der Schueren, ge- 
heimraad van Adolf en Johannes, hertogen van Kleef,, uitge- 
geven te Keulen in 1475 en 1477. 

662 Aanteekeningen over schryvers van de Ie tot de 16e eeuw. 



REGISTER 



VAN DE NAMSiN DER GEWESTEN EIV PliAAT- 
SEN, DIE IN DEEIi II VERM ELD ZIJN. 



Blz. 

Aalburg. ...... 220 

St. Agatha 226 

Almkerk 229 

Altena, land van. ... 228 

Andel 230 

Babilonienbroek .... „ 

Bakel .198 

Beek en Donk- .... « 

Beers 226 

België 247 

Bergen op Zoom, markiezaat 

van. . . 239 

„ „ » , stad . . 241 

Bergeik ....... 198 

Bern 230 

Best ........ 198 

Breda, baronie van . . . 234 

M > stad 236 

Cromyoirt 198 

Ga\jk land van .... 225 

Dennenborg 223 

Deurne 198 

Drongelen 230 

Dmnen 199 

Eersel „ 

Eindhoven „ 

Elshout 230 

Emmikhoven „ 

Empel 199 



Blz. 

Engelen 231 

Esch ........ J 99 

Etten 238 

Fijnaart 242 

Oansoijen 200 

Geertruidenberg .... 244 

Gelderland 246 

Gemert 228 

Genderen 231 

Gewande ...... 200 

Giessen 231 

Goirle 221 

Grave, 226 

Haaren 200 

Hagoort , 

Heerle 242 

Heesbeen 231 

Heiningen 242 

Herpen 224 

*s-Hertogenbo8ch .... 200 

Hoosden, land van . . . 228 

„ , stad. .... 231 

Hill, de 232 

Hilvarenbeek 216 

Hintham „ 

Hoogerheide 242 

Eessel 216 

Elondert 244 

Lieshout 216 



Limburg. 246 

Lithoijen 216 

Luxemburg 247 

Maashees 227 

Maasland 195 

Maren 217 

Mogen 223 

Meiery van *R«Bo8ch. . . 189 

St Michiels Gestel . . . 217 

Middelrode. . . , . . „ 

Mierlo „ 

Nederland 169 

Neerlangel 224 

Noord-Brabant 172 

Noord-Holland 245 

St Oedenrode 218 

Oeffelt 227 

Oirschot 218 

Oisterwijk „ 

Oostexhout 288 

Osch 218 

Ossendrecht 242 

Oudenbosch » 

Oudheusden 232 

Oijen 222 

Feelland ' . . 106 

Polderi : 

Eigen van der .... 196 

Empel en Meerwijk . . „ 

Gb'aaf Hendrikspolder 243 

Hoog Hemaal .... 197 

Hooge Maasd^k . . . 228 

Laag Hemaal .... 196 
Oud Land van Altena 228 en 232 

Z. Hollandsche polder . 234 

Zwartsenberger polder • 239 



Ravenstein, land van . . 223 

„ » stad .... 224 

Baamsdonk 233 

Bosendaal 238 

Bosmalen 220 

Rucphen 243 

Rosbergen 239 

Rgswjk 232 

Schijndel 220 

Sleeuw\jk 232 

Someren 220 

Sprang 233 

Steenbergen 243 

Steensel 220 

Sterksel 221 

Tilburg en Goirle ... „ 

Uden 225 

Veen 232 

Velp 225 

Vimmen 232 

Vught 222 

Waalwijk „ 

Werken, de 233 

Werkendam 234 

Westerhoven 222 

Willemstad 243 

Woudrichem 233 

Wyk « 

Zeeland provincie . . . 245 

Zevenbergen 244 

Zuid-Holland 245 

Zuidewijn 234 

Zundert 239 

Zwaluwe 244 



— IAAAjWLAAA/»— — — 



BI2. 160 9e regel v. b. staat radermakersgilde lees rademakersgilde. 

„ 163 3e » „o. » Metius « Hetsins. 

, 169 6e » « b. « Snpnbliek „ Bepnbliek. 

188 13e , » o. „ tossche , tnsschen. 

,9 204 Ie „ ,, b. ,9 sohjjnwerkers n schrynwerkers. 



Nieuwe Catalogus 



DER 



OORKONDEN 

EN 

HANDSCHRIFTEN, 

Berustende tn de Boeker^ 

VAN HET 

ProTiieiaal GeiflBtsclip tii Kiistei ei Weteisclippei 
il Noord-Briliit 

EERSTE SUPPLEMENT, 

f Samensesield door het Bestuurslid 

Jlr. Ir. A. F. 0. tii SASSE tii YSSELT. 



» ^^iK C » • 



LUTKIE & CRANENBURG — 's-HERTOGENBOSCH. 
1915. 



VOORWOORD. 



Het is thans vgftien jaren geleden sedert dat ik den Nieuwen 
Catalogus der oorkonden en handschriften^ berustende in de Boekerg 
van het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen 
in Noord' Brabant^ in het licht deed schgnen. 

Gedurende dat tgdsverloop is de verzameling oorkonden en 
handschriften van het Genootschap meer dan verdubbeld zoowel 
wat betreft de hoeveelheid als de hoedanigheid. 

Het Genootschap dankt zulks in hoofdzaak aan de vrg» 
gevigheid van wglen mr. P. F. van Cooth, griffier der Staten 
van Noord-Brabants van L, Gast, pastoor te Oostelbeers en van 
wglen Aug. Sassen, notaris te Helmond. 

Verder is de vermeerdering der oorkonden en handschriften 
het gevolg, behalve van enkele kleine schenkingen, van aan- 
koopen uit de verzamelingen der Jonkheeren van den Bogaerde 
van Terbrugge, R. A. van Zuylen en mr. R. baron van Breugel 
Douglas. 

De nieuw verkregen oorkonden heb ik in dit supplement 
zoo volledig mogelgk beschreven, zoodat het bgna niet meer 
noodig zal zgn die stukken zelven te raadplegen; met de hand- 
schriften was dat echter niet mogelgk; die zullen daarom door 
hen, die daarvan wenschen gebruik te maken, zelf behooren te 
worden ingezien; de moeilgkheid bestaat echter in de wgze 
waarop; door middel van uitleening gaat dat niet, want dan 
bestaat het gevaar dat zg verloren gaan ; en door inzage op de 
leeskamer van het Genootschap gaat dat bgna niet, omdat deszelfs 
Bibliothecaris te weinig tgd heeft om daar eiken dag van 2 tot 
4 uren aanwezig te zgn; het best ware het daarom aan den 
Rgksarchivaris van NoordBrabant te verzoeken om, als iemand 
de handschriften wenscht in te zien, dat onder zgn toezicht en 
in zgn archief te willen doen plaats hebben. 

A. VAN SASSE VAN YSSELT. 



I. 



OORKONDEN. 



IT. B. De letter a achter een nummer beteekent, dat 
de oorkonde zich bevindt in eene der twee 
doozen, gemerkt A. 



la. i6« van Gertimaand iSiO. 

Getuigenverklaringen voor Schepenen en Gezworenen der stad 
Helmond afgelegd over de gemeene weide van die stad. Copie. 

%a. i Maart iS25. 

Hertog Jan van Brabant verkoopt aan de luiden van Bakel en 
Aarle en hunne nakomelingen de gemeene gronden, gelegen aldaar. 
Copie. 

8a. Tweede Zondag na H. Sacramentsdag i334. 

Hertog Jan van Brabant geeft aan de ingezetenen van Middel-, 
Oost- en Westelbeers de gemeente aldaar uit. Copie. 

3a (bU). Des Donderdags na St. Math^sdag iS36. 

Jan van Drongelen en Jan van Besoijen komen met elkander 
overeen een veerschip over de oude Maas te leggen tusschen Dron- 
gelen in het gerecht van genoemden Jan van Drongelen eenerzijds 
en het gerecht van Jan van Besoijen voornoemd anderzijds. (Oude 
copie). 
4. Daags voor St, Jacoh Apostel i357. 

De Deken en het Kapittel van Breda geven een vidimus 1) van 
eenen brief van voormelden datum, waarbij Henrick Heer van 
Brederode en diens echtgenoote IJsenbeel van Fonteyne verklaren 
van Jan van Polanen 2) geleend te hebben 160 pond oude groote 
toumoois van de munt van Frankrijk en aan deze tot zekerheid van 
de terugbetaling daarvan in pand geven het baljuwschap van het 
land van Brederode, gelegen tusschen de Lek en de Merwede; ge- 

1) Dit geschiedde blijkbaar in de 14e eeuw. 

2) Hij was de stichter van de Burcht van Breda. 



— 8 — 

lovende voorts Willem Graaf van Henegouwen, Holland en 2^1and 
hem in het bezit van dat pand te zullen handhaven. 

4a (bit). Des Zondags na U. Sacramentsdag iS39, 

Willem van Henegouwen, graaf van Holland, beleent Jan van 
Besoijen met het ambacht van Besoijen. (Oude copie). 

5. In het Octaaf van Pinksteren i343. 

Yda, dochter van Ghiselbertus van den Leempoel en Aleid, hare 
dochter, alsmede Henricus Wouterszoon en Enghelbertus Dirkszoon 
genaamd van Ek, schoonzonen van genoemde Yda, verkoopen voor 
Schepenen van Oisterwijk aan Enghbrecht van den Leempoel, broeder 
van Yda voornoemd, een vierde in de bouwhoeve te Berkel onder 
Oisterwijk, waarin hij thans woont, en welk een vierde hun bij doode 
van Heilwig, moeder van Enghbrecht en Yda voornoemd, is aange- 
komen. Hierover waren als schepenen Jacobus Jacobszoon en Thomas 
van Carckhoven. 

6. Derde Zondag na Dominicam invocavit i345. 

Henrick van den Hoevel verkoopt voor Schepenen van den Bosch 
aan den kleermaker Goijart, zoon van Mathijs, den rademaker, een 
huis, 1) staande te 's Hertogen bosch op den hoek van de Markt en 
de Kolperstraat, met twee kamers er naast. Hierover waren als schepe- 
nen Henrick van Arkel en Arnd Aykens. 

7. 99 November iS45. 

Nycolaus Koel verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Dirck 
van Doorn (de Spina) eene grondrente uit het goed de Eertbrugghe, 
gelegen in de parochie van Haaren bij Oisterwijk achter het erf van 
Gerard Koelbuyc en aan genoemden Koel door voorzegden van Doom 
tegen die grondrente overgedragen. Hierover waren als schepenen 
Amold IJsebout en Arnd Aijkens. 

8. Maandag vóór Vastenavond iS54. 

Boudewijn die Rademeker, Jan Mathijszoon, Jan die Tay, Jan 
Hondertpont, Jan van Bychlaer, Jacob Marienzoon en Willem Wil- 
lemszoon van den Velde, schepenen van Liempde (Lijmde), verklaren, 

1) Dit is het huis het Gulden lavoir. 



— 9 — 

dat in hunnen gheseten ghedinghe Henric Henric Manszoon en Jan, 
de bastaardzoon van Jan Monicx, ter voldoening eener schuld van 
4000 pond, die na te noemen Herbrecht had schuldig beleden aan : 
Jan en Jacob, zonen van Lambrecht, den broeder van dien 
Herbrecht; Henric Henric Manszoon als momboir over zijne vrouw 
Mechteld, de dochter van genoemden Lambrecht ; Jan Rutgerszoon 
als man en momboir van Lysbeth, de natuurlijke dochter van meer- 
genoemden Lambrecht; Jan eerstgenoemd en zijnen broeder Lambrecht, 
kinderen van genoemden Jan Monicx, den broeder van denzelfden 
Herbrecht ; Amd Henric Manszoon als momboir over zijne vrouw 
Mechteld, de dochter van meergenoemden Jan Monicx en Godevarde 
Boudewijnszoon als momboir over zijne vrouw Mechteld, de bastaard- 
dochter van Henric Bies, den broeder van dienzelfden Herbrecht, 
en welke schuldvordering zij hadden overgedragen aan Henric Henric 
Manszoon en Jan, den zoon van Jan Monicx, voornoemd — het goed 
van Herbrecht, ver Mechteiden soens van Vriluhaven^ overgedragen 
hebben aan Loyen Marienzoon van den Berghe. 

9a. U Juni i360. 

Wenceslaus van Bohemen Hertog en zijne echtgenoote Johanna 
Hertogin van Brabant dragen over aan Reinoud van Brederode het 
dorp en de vrijheid Waalwijk met de hooge en lage heerlijkheid, 
renten, cijnsen en boeten, — onder beding, dat als genoemde van 
Brederode of zijne nakomelingen in gezegd dorp een huis zouden 
bouwen hetzelve voor hen of hunne nakomelingen een open huis 
zoude zijn. Copie. 

(Hierbij nog een charter van 1303, waarbij Hertog Jan van Brabant 
aan zijne luiden van Waalwijk voor altijd dezelfde vrijheden schenkt 
als die van Leuven en den Bosch bezitten. Copie). 

10. 2e Zondag na St. Kgidius Abt iS6L 

Godefridus en Petrus, zonen van Johannes van £rp Lucaszoon, en 
Margaretha, zuster van Amd Aykens, verkoopen voor Schepenen 
van 's Bosch eene grondrente, gaande uit gronden, toebehoorende 
aan Dirk, heer van Craenendonck en gelegen te Acht in de parochie 
Woensel, welke grondrente door genoemden Heer van Craenendonck 
was verleend aan gezegden Amd Aykens en aan genoemde ver- 
koopers was verkocht door Petrus, den zoon van Petrus van den 
Steenwech, bij den verkoop van al de goederen van meergezegden 



— 10 — 

Arnd Aykens. Hierover waren als schepenen Johannes van Ghestel 
en Henricus van den Kelre (de Penu). (Hieronder twee zegels in 
groene was, waarvan dat van van Ghestel is drie klimmende leeuwen 
en dat van van den Kelre drie vogels (2 en 1), in het midden waar- 
van eene ster.) 

11. Dinsdag na St. Mathijs 1362. 

Claes van der Rijt schenkt voor Schepenen van Oisterwijk aan 
zijnen neef Ghysbrecht Houtappel een stuk land, groot twee loopens 
rogge in Made^ gelegen te Berkel op Montens hofstad tusschen het erf 
van Enghbrecht van den Leempoel eenerzijdsenheterf vanZuetmen 
van Haren anderzijds. Hierover waren als schepenen Willem Coman 
en Jan van £el. 

12. Octaaf van O. L, H. Hemelvaart i964. 

Wolterus, zoon van Leonius van Erp, draagt voor Schepenen van 
's Bosch over aan Jordanus van Roesmalen, smid (faber), zijn zevende 
deel in eene grondrente, die Walterus, zoon van Nicolaus van Oerle, 
jaarlijks had te betalen en Enghbrecht van den Leempoel nu verplicht 
is aan genoemden Wolterus te voldoen. Hierover waren als schepenen 
Henricus van Uden en Gerardus Vos. 

13. Des anderen daags na O. L, V> Geboortedag i967. 

Schepenen, gezworenen, rentmeesters, dekens der ambachten, een 
deel van de goede knapen en de gemeene stad van 's Bosch vergun- 
nen aan Ghisebrecht Keijst, den zoon van wijlen Henrick Keijst, om 
eenen overwelfden kelder te maken voor de Korte Kamers aldaar 
en wel voor zijnen kelder onder de straat, gelijk die aldaar gemaakt 
en overwelfd is. 

14. 4e Zondag na Dominica qtia canlatur Judica i9d9. 

Petrus van Woesic, als gemachtigde van het klooster de Porta 
Coeli, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Ruth van Woesic 
een huis, staande aldaar aan het straatje, waardoor men van de 
Hinthamerstraat naar gezegd klooster gaat. 1) Hierover waren als 
schepenen Ghiselbertus de Spina (van Doom), Ghiselbertus Lisscap, 

1) Het Baselaarsstraatje. 



— 11 — 

Henricus Loze, Wilhelmus van Neijnsel, Johannes, zoon van Baldewijn 
en Nicolaus Scilder. 

15a. i8 Fehuari iSli. 

Verdrag tusschen de steden en vrijheden van Brabant, als Leuven, 
Brussel, 's Hertogenbosch, Bergen op Zoom, Steenbergen, Grave, 
Helmond, Eindhoven, Oisterwijk, Oirschot, St. Oedenrode, Waalwijk, 
Oerle, Eersel, enz. om onderlinge eendracht en vriendschap te onder- 
houden en om de kaart van Kortenberg, door Hertog Jan II van 
Brabant in 1312 verleend, na te komen. Copie. (Men zie hierover 
van Heum Historie I p. 217.) 

16. Zondag na H. Saeramentêdag iS^fi. 

Schepenen, gezworenen, rentmeesters, dekens van de ambachten, 
een deel der goede knapen en de gemeene stad van 's Bosch ver- 
koopen aan Roelof van den Grave de helft van eenen kamp, gelegen 
voor Engelen aan de Dieze. 

17. Dinsdag voor St. Agnetendag iS7S. 

Heymeryc van Lennenshovel, Jan van den Soen, Heynryc van den 
Laer, Wouter Mariensoen, Willem Snider, Henrick van der Bekeen 
Wouter van Roede, schepenen van Boxtel, verklaren dat ten hunnen 
overstaan Delye en Aleid, kinderen van Jan Peterszoon, geassisteerd 
met dezen, aan Jan, zoon van Metken van den Eynde, hebben ver- 
kocht haar aandeel in eenen beemd, genaamd de Ëendenbeemd, gelegen 
te Boxtel ter plaatse genaamd „in gheen meddelf\ 

Hieraan zijn verbonden de navolgende akten : 

Eene vanSNov. 1487, waarbij voor Johannes Pijnappel en Godefridus 
Grotart van Os, schepenen van 's Bosch, Stephanus, zoon van Petrus 
(den zoon van Stephanus) van de Leemputten en Catharina, de 
dochter van Amold van Liemde, aan Henrick Ghijsselen verkoopt 
Vy in eenen beemd, gelegen te Boxtel ter plaatse genaamd die meddel 
en in een akker teelland, genaamd Tongercamp, ook gelegen te 
Boxtel, nadat zijn vader afstand had gedaan van diens vruchtgebruik 
op Vs IQ gezegde perceelen ten behoeve zoo van genoemden Stephanus 
van de Leemputten, als van diens broeders Jan, Danckolphus en 
Henrick, en van hunne zuster Heilwig en Ermgard, en 

Eene van 8 April 1491, waarbij voor Amoldus Keymp en Johannes 



— 12 — 

van Achel, schepenen van *s Bosch, Johannes, zoon van Lambert, 
den zoon van Augustinus Goossenszoon, een stukje beemd, gelegen 
te Boxtel ter plaatse genaamd Meddel aan het riviertje de Aa, 
verkoopt aan Henrick Ghijsselen, waarop deze verklaart, dat Heer 
Johannes Dirckszoon van Bucstel, priester, gerechtigd is dat stukje 
beemd te vemaderen. 

18. Daags voor St. Luciadag 1373. 

Jan van Ghemonden verleent voor Schepenen van den Bosch aan 
Jan Wrede van Herpen eene grondrente uit zijnen mansus^ ge- 
naamd de Laer, gelegen in de parochie van Boxtel ter plaatse Zelisel, 
welke mansus door hem gekocht was van Willem van Os, ridder 
en diens broeders. Hierover waren als schepenen £mond deRoover 
en Ywan Stierken. 

19. Woentdag na het Octaaf van St. Deny$ martelaar i374. 

Ghysbrecht geheeten Houtappel eenerzijds en Ghysbrecht geheeten 
van den Leempoel, zoon van wijlen Enghbrecht van den Leempoel, 
en Diederic geheeten Waghebaert, zijn zwager, in den naam en van 
wege Ënghelken, zijne echtgenoote, voor hen zelven en voor hunne 
mede-erfgenamen van genoemden Enghbrecht en diens huisvrouw 
Agnesen, anderzijds, verdeelen voor Schepenen van Oisterwijk goederen, 
gelegen in de parochie van dien naam in eene stede, genaamd Berkel. 
Hierover waren als schepenen Merten van Dusel en Ghysbrecht 
Jacobszoon. 

20. SU Severyn 1376. 

Albert, natuurlijke zoon van Henrick, den zoon van Albert van 
Bucstel, verkoopt voor schepenen van 's Bosch aan Johannes de 
Globo, priester, ten behoeve van na te noemen Sophia, zijnde diens 
moeder, een akker lands, geheeten da/ Sc^ndelstuc^ gelegen in de 
parochie van Boxtel, ter plaatse genaamd Mulsel, tusschen het erf 
van Sophia weduwe van Arnoldus de Globo eenerzijds en dat van 
Gerard, den natuurlijken zoon van Heer Gerard van Bucstel, ander- 
zijds. Hierover waren als schepenen Arnoldus van Andel en Symon 
de Myrabello. 

2 In. Des Vrijdags voor alre Posteldag in de Hooimaand 1377, 
Jan, heer van Geldrop, geeft aan de luiden van Geldrop uit de 



— 13 — 

gemeente van dat dorp bij een charter, bezegeld door hem en zijnen 
zoon Philips, alsmede door Dirck de Roover, heer van Rixtel, Hen- 
drick, persoon van G^ldrop en Jan Oem, heer van Bokhoven, zwager 
van Jan voornoemd. Copie. 

22a. iS Maart 1379. 

Wenceslaus Hertog van Brabant geeft aan de Magistraat van den 
Bosch het recht keuren te maken op den verkoop van brood, wijn 
en bier, mits dat de helft van de opbrengst daarvan zal zijn ten 
zijnen behoeve en de andere helft ten behoeve der voormelde stad. 
Oude Copie. 

23. St Mareusdag iSSO. 

Verklaring van Jan de Roover, dat hij en zijn ouder altijd ghecroeni 
hebben op allerlei vennen en heiden, gelegen op den Brant en dat 
hij het recht op dat croenen schenkt aan de geburen en het dorp van 
Mierlo. Zij was mede bezegeld door zijnen broeder Dirck de Roover 
en zijnen neef Heer Jan van Geldrop, ridder, alsmede door Maes 
den Hoghen. 

24. iÖ Ociober 1380. 

Willem van Aerle, Henric van Aerle, Gylis Zegherszn, Dieric die 
Cromme, Jan van der Wassendonc en Godevaert Eckermans van 
Best, schepenen van Oirschot, verklaren, dat ten hunnen overstaan 
Jan (roeswijnszn van der Hameyden heeft overgedragen aan diens 
broeder Dierick eene roggepacht, gaande uit eene hoeve te Hedel, 
die placht toe te behooren aan Heer Willem Vos en welke rogge- 
pacht hem verleend was door Heer Willem voornoemd met diens 
dochter Katelinen. 

25o. 5 Februari 1386. 

Jóhanna Hertogin van Brabant bepaalt, dat de Kwartieren van 
Peelland, Oisterwijk en Kempenland zullen bij te dragen hebben in 
de kosten van het onderhoud van haar leger, welke kosten tot dus- 
verre alleen gekomen waren ten laste van de ingezetenen van het 
Kwartier van Maasland, omdat dat leger zich aldaar bevond ter 
bestrijding van de Gelderschen. 

20. Daag» voor St Petershanden i393. 

Henrick van Eycke, zoon van Gerard van Eycke, den zoon van 



— 14 — 

Henrick Posteel, verkoopt aan Philips Jozollus land, gelegen te Meer- 
wijk en toebehoorende aan Elisabeth van Zonne zijne {vrouw?; het 
hier gestaan hebbend woord is bijna geheel vergaan). Hierover waren 
als schepenen Symon de M3rrabello en Amoldus Weer. 

27. V^fde dag na den Zondag^ waarop gezongen wordt Oculi i394. 

Jan van Dormalen, bakker, zoon van Dirck van Dormalen, verkoopt 
voor Schepenen van den Bosch al de landerijen, welke hij en zijn 
broeder Paulus van hunnen vader Dirck geërfd hadden en gelegen 
zijn te Oirschot ter plaatse genaamd Best, aan hunnen oomzegger Jan 
Keympt. Hierover waren als schepenen Jan Coptiten en HeymerickGroy. 

28. Vjifde Zondag na Paschen 1398. 

Johannes, zoon van Henricus, genaamd Hencenszoon van Rode 
St Ode, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Andries van 
Ouderichem eene grondrente uit land, gelegen onder Boxtel ter plaatse 
genaamd Borselaer en uit een huis met erf, gelegen te St. Oedenrode 
ter plaatse genaamd Onlant. Hierover waren als schepenen Amoldus 
van Vladeracken en Ëngelbertus Ludinc Pijnappel. 

29. Daags na U. Saei*amentsdag iSdS. 

Petrus Becker, zoon van Petrus, als man van Jutke, dochter van 
Walter Rijke Godefriduszoon, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Henric Donc Willemszoon het een vierde gedeelte van een huis 
en erf, staande en gelegen aldaar in de Vughterstraat. Hierover waren 
als schepenen Amoldus Stamelart van Spanct en Enghelbertus Ludinc 
Pijnappel. 

30. St. Agnes Maagd i399. 

Willem gheheyten Hadelwighen, zoon van wijlen Daiiiel van den 
Hautert, verleent voor Schepenen van Oistcrwijk aan Janne gheheyten 
van den Staec, zoon van Willem van den Staec, zoo ten behoeve 
van dezen Janne als van diens voorkinderen, die hij had van Maryen 
sifirn voerwyvé, eene grondrente uit de helft eener hoeve, genaamd 
de Brabantsche hoeve, gelegen in de parochie Oisterwijk ter plaatse 
genaamd Udenhout. Hierover waren als schepenen Jan van den Eindt 
en Anchem die Wale. 

Hieraan eene akte van St. Leonard Abt 1411, waarbij voor Jacobus 
van Vladeracken en Johannes Dicbier, schepenen van 's Bosch, Walterus, 



— 15 — 

zoon van Johannes genaamd Willemszoon van Udenhout, voorschre* 
ven grondrente overdraagt aan Delyana, dochter van Janne, den 
zoon van Willem van den Staec. 

31. St. Jan$ Baptistdag te midden zomer i999. 

Lambrecht genaamd van den Langhen Cruus verkoopt voor Sche- 
penen van Gestel (Moergestel ?) aan Gherijt Gherijtszoon van Gorpe 
ten behoeve van dezen en ten behoeve van Willem Sniders vanden 
Langhen Cruus, zijnen zweer^ zijn aandeel in eenen beemd, genaamd 
het Broecsken, gelegen in de parochie van Gestel. Hierover waren 
als schepenen Aert Eliaszoon, Jan van der Eycken, Jan Tymmerman 
en Gooswijn Jan Gooswijnszoon. 

32. Begin i5e eeuw. 

(Betreft de Noordbrabaniecke tmn BylandVe.) 

Notum sit universis praesentia visuris, quod cum Willelmus, Johan- 
nes, Ghevardus, Theodericus dictus Bylant, fratres, liberi quondam 
domini Johannis de Eyndoven, militis, Amoldus dictus de Eyndoven, 
filius quondam Ghevardi de Eyndoven et Amoldus dictus die Veer 
promisissent ut debitores principales indivisi super se et bona sua 
omnia habita et habenda se daturos et soluturos Henrico dicto de 
Hoemen, filio quondam Johannis, Eremberto, filio Johannis dicti 
Erenbrechtssoen, generis quondam Huberti dicti de Hellu et Hadewigi, 
filiae ejusdem quondam Huberti de Hellu, annuum et hereditorium 
censum quadraginta librarum monete pro tempore solutionis hujus- 
modi census in Buscodusis ab bursam communiter cnrrentis anno 
quolibet haereditarie in festo beati Petri ad cathedram de et ex 
omnibus bonis et singulis dictorum Willelmi, Johannis, Ghevardi et 
Theoderici Bylant, fratrum, Arnoldi et Arnoldi habitis et habendis 
quocumque locorum consistentibus sive sitis et cum deinde t?) antedic i 
Willelmus, Johannes, Ghevardus et Theodericus Bylant, fratres, pro- 
misissent ut debitores principales indivisi super se et bona sua omn^ 
habita et habenda dictos Arnoldum de Eyndoven et Arnoldiwa ^e^^ 
a dicto censu ac ab omnibus dampnis eeisdem Amoldo et ^^^^^^ 
occasione dicti hereditarii census eventione ac ^^^°*\^^^ ?^^^^ ^^^^eris 
et penitus indempnes observare pro ut haec in ^"*^^^ "^^j^etur. 
scabinorum in Buscoducis super hoc confectis plenius ^^^^^ ftUus 

Constitutus igitur coram scabinis infrascriptis dictus Johan^ ae^itor 
quondam domini Johannis de Eyndoven, militis, promisit 



— 16 — 

principalis super se et bona sua omnia ab eo ad praesens habita et 
in posterum ab eis habenda et acquirenda. (Het overige ontbreekt). 

82a (bis,) SL Bamahaê Apostel i40i. 

Verleening eener grondrente ten behoeve van Jan de Penu (van 
den Kelre), zoon van Amold Stamelart de Penu. 

33. Vyfde Zondag na het octaaf van H. Sacramentsdag i40L 

Henricus Roempot, zoon van Johannes, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch op grondrente land, gelegen te Esch, aan Johannes 
Belenzoon. Hierover waren als schepenen Jacobus Coptiten en Jacobus 
van Neynsel. 

Hierbij nog : eene akte van 1407, waarbij voor Gerardus van der 
Aa en Amoldus Dicbier, schepenen van 's Bosch, Laurentius, zoon 
van Laurentius van der Bruggen, voorschreven grondrente, die hij 
verkregen had van voornoemden Henricus Roempot, overdraagt aan 
zijne zuster Luytgard, alsmede eene akte van 1471, waarbij voor Petrus 
Pels en Johannes Pijnappel, schepenen van 's Bosch, Johannes, zoon 
van Willem Peterszoon en Geertruid, dochter van Luytgard van 
der Bruggen Laurentiusdochter, dezelfde grondrente overdraagt aan 
Johannes Croeck Henrickszoon. 

34. St. Péter^anden iAOi. 

Jan van Rysinghen en Jan van den Audenhuys, schepenen van 
St, Oedenrode, verklaren, dat ten hunnen overstaan Deynout, zoon 
van wijlen Deynout, den zoon van wijlen Henrick van den Rode, 
verkocht heeft aan Henrijc van Stijphout Mertenszoon eene grondrente, 
die Arnt, zoon van Gheertrud van den Rode en zijne kinderen ver- 
leend hadden uit eene bouwhoeve en uit eenen beemd. (Het zegel 
van van Rysinghen bestaat uit 3 molenijzers 2 en 1.) 

35. Vigilie van St. Matheus Apostel i404. 

Oda van der Meer weduwe van Ghijsbrecht van den Leempoel, 
den zoon van Enghbrecht ; Johannes, Engbertus, Henricus, Walterus 
en Heylwigis, kinderen van genoemde echtelieden; Johannes Byts, 
smid (faber), als man van Elizabeth en Henricus van der Vlasvoirt 
Walterus zoon, als man van Agnese, dochter der eerstgenoemde 
echtelieden, voor zich en voor Ghiselbertus, haren broeder, alsmede 
Engbertus van den Yvenlaer Willemszoon verdeelen voor Schepenen 



- 17 — 

van 's Bosch een goed, genaamd het goed ten Leempoel, afkomstig 
van Ënghbrecht van den Leempoel, gelegen in de parochie van 
Oisterwijk ter plaatse genaamd Berkel ; hiervan werd toebedeeld : 
het huis, genaamd die aude tkofstat^ de Lage GrashofT, de Straet- 
acker, de Hoffacker, gelegen bij de waterleiding, genaamd dit Afcyn^ 
een perceel land, gelegen bij de Kapel te Berkel, een perceel, 
gelegen ter plaatse genaamd Udenhout, een perceel, gelegen te 
Helvoirt, ter plaatse genaamd Noortbroeck, een perceel, genaamd 
de Heyhoeve, gelegen in de parochie van Venioen enz., aan Engbertus 
van den Yvenlaer; enz. Hierover waren als schepenen Walterus 
Coptiten en Arnoldus Heym. (Op den rug staat: Brieven van mijn 
zoone (n.1. den zoon van Mr. Gerard van S^meren) van de partyen 
int generael gelegen tot Berckel^ üdenhaut^ Loon^ Tilborch ende Helvoirt), 
Zie oorkonden nos 5 en 19. 

36. V^fde Zondag na O. L. V, geboorte i405. 

Johannes, Petrus, Gobelinus en Henricus, zonen van Gobelinus 
van den Berghe, Bela, dochter van Hubert Camauwe en We)aidel- 
moedis, de dochter van laatstgenoemden Gobelinus, en Gerardus 
Neve als man van Katharina, dochter van meergenoemden Gobelinus, 
verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Engbertus, zoon van 
Willem van den Yvenlaer, een stukje land, gelegen in de parochie 
van Oisterwijk ter plaatse genaamd Berkel tusschen het erf van 
genoemden kooper eenerzijds en dat van Johannes Doerman ander- 
zijds. Hierover waren als schepenen Goesewinus Steenwech en 
Gerardus Bathenzoon. Zie de vorige oorkonde. 

37. ^'Üfde Zondag na Pinksteren i407. 

Henricus, Johannes, Stephanus, Gertrudis, Heylwig en Margaretha, 
kinderen van Johannes Tymmerman, verkoopen voor Schepenen van 
's Bosch aan Engbertus Willemszoon van den Yvenlaer een stuk 
grond, gelegen in de parochie van Oisterwijk ter plaatse genaamd 
Berkel, op de plaats genaamd Leempoel, tusschen het erf van 
genoemden kooper eenerzijds en het erf van Hessellon Gobelszoon 
anderzijds, zich uitstrekkende van af den openbaren weg tot aan het 
erf van Johannes van Doom. Hierover waren als schepenen Jacobus 
van Wyel en Johannes Heym. Zie de vorige oorkonde. 

38. Vijfde Zondag na Driekoningen i408, 

Gerardus, Johannes, Wilhelmus en Herbertus, zonen van Willem 



- 18 — 

Berkelman; Rutgerus, zoon van Goeswinus van Zegeworp als 
man van Gertrudis, dochter van genoemden Willem Berkelman; 
Ghiselbertus, zoon van Nycolaus Berkelman, en Johannes, zoon van 
Walter Berkelman, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan 
Engbertus, zoon van Willem van den Yvenlaer, twee stukjes land, 
gelegen in de parochie van Oisterwijk, ter plaatse genaamd Berkel, 
tusschen het erf van genoemden kooper en dat van Johannes van 
Kets. Hierover waren als schepenen Amoldus Hejrm en Johannes 
van Best. Zie de vorige oorkonde. 

39. St. Peter ad cathedram 1408. 

Voor Schepenen van Mill verkenen Gerit van Diependael en Yda, 
zijne huisvrouw, aan Egbert den MoUer en Fyen, zijne huisvrouw, 
eene roggepacht van derde half malder rogge, Graafsche maat, uit 
twee stukken land, waarvan een gelegen is naast de Hostaard in den 
Diependael. (Hierbij een akte van S Mei 1488, waarbij voor schepenen 
van Mill Lambert die MoUer en Beert, zijne huisvrouw, voorschreven 
roggepacht overdragen aan de Armmeesters van Mill tot eene erfspijnde, 
te spijnden in de Moederkerk aldaar). 

40.- 5 Augustus i409. 

Yda, dochter van Amold, genaamd Rover Boest, weduwe van 
Matheus, den zoon van Willem Posteel en Heylwig, verbindt zich 
ter voldoening aan het testament harer genoemde schoonouders 
jegens broeder Johannes Lisscap, priester en conventuaal in het 
klooster de Porta Coeli bij 's Bosch, van uit hare landerijen Schoenoert 
te Orthen te zullen voldoen de grondrenten, door hare genoemde 
schoonouders bij hun testament vermaakt aan het Gasthuis van 
Antonius Vinscot en dat van Henrick van Neynsel te 's Bosch. 

41. Zetde Zondag na den feestdag van St Mathys apostel i4i0, 

Gerardus, bastaardzoon van Willem Eelkens, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Wouter Donc, zoon van Willem, eene roggepacht, 
gaande uit een perceel, genaamd Gheynswinckel, gelegen te Mierlo 
ter plaatse genaamd /Aüuf^ welke grondrente Willem Donc verkregen 
had van Jan, den zoon van Gerlach de Roover, ridder en nu hem, 
Gerardus, toebehoort. Hierover waren als schepenen Ywan Stierken 
en Jacob van Wyel. 



- lÖ — 

42. Daag$ vó&r SL Jacoh Apostel i4iO. 

Egidius van Gheel en Goeswijn van Berkel, schepenen van 's Bosch, 
geven vidimus van eenen schepenbrief van die stad van 1374, waarbij 
voor Johannes van Dordrecht en Gerard van Uden, schepenen van 
's Bosch, Jan, zoon van Gerlach de Roover, ridder, aan Willem ge- 
naamd Donc verleende eene grondrente uit een erf, genaamd Gheyns- 
winckel, gelegen in de parochie Mierlo ter plaatse genaamd het Hout, 
alsmede eene verklaring, dat na deze lezing Henrick genaamd Donc, 
zoon van Willem, ten hunnen overstaan zich verbonden heeft gemel- 
den brief ten zijnen behoeve en ten behoeve zoo van Wouter zijnen 
broeder, zoon van genoemden Willem, als van Gerard, bastaardzoon 
van Willem Eelkens, te zullen bewaren. Zie de vorige oorkonde. 

43. Daags wwr 8U Severinus iAiO. 

Wouter Donck, zoon van Willem Donck, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Petrus Witmer eene grondrente, gaande uit het 
perceel Gheynswinckel, gelegen te Mierlo te plaatse genaamd thaufy 
welke grondrente genoemde Willem Donck verkregen had van 
Jan, zoon van Heer Gerlach de Roover, ridder. Hierover waren als 
schepenen Ywan Stierken en Petrus van Best Zie oorkonde n^ 42. 

44. Daags na SU Caiharina, maagd en martelares^ i4ii. 

Willelmus van Laervenne, als procurator van de Tafel van den 
H. Geest te 's Bosch, verkoopt met machtiging van de provisors 
dierzelfde tafel voor Schepenen van 's Bosch aan Walterus van Os 
een huis met erf, staande aldaar in de Hinthamerstraat naast het 
erf van Jacob Avenzoon en zich uitstrekkende tot aan de Dieze, 
welk huis met erf Godefridus Sceyvel Johanneszoon aan genoemde 
Tafel vermaakt had onder bepaling, dat zij daarvan in het bezit 
zoude kunnen treden na doode van Aleid weduwe van Ywan van 
Gravia. Hierover waren als schepenen Dirck Rover, Johannes van 
Dussen en Johannes Dicbier. 

45. i4 December UU. 

Gerardus van Ellaer verleent voor Schepenen van 's Bosch aan 
Henrick, zoon van Willem Donck, eene grondrente uit een huis met 
erf, staande in de Vugbterstraat aldaar tusschen het erf van Jacob 
van den Wijel eenerzijds en dat van Henrick van den Kerchove 



anderzijds. Hierover waren als schepenen Danijel Roesmont en 
Jacobus van Vladeracken. Zie oorkonde n* 29. 

46. 98 Juli i4i3. 

Henrick Dicbier, zoon van Godefridus, Amoldus Heym, Henrick van 
Uden en Bartholomeus Spyerinc, schepenen van 's Bosch, getuigen, dat 
zij ten verzoeke van Petrus van Langvelt afgescheiden hebben een 
gedeelte eener plaats van Godefridus Sceyvel, zoon van Johannes 
Sceyvel, gelegen te 's Bosch achter het huis en erf van genoemden 
Godefridus aan de overzijde der Dieze tusschen de gracht van het 
Klooster der Predikheeren aldaar eenerzijds en het erf van Engbertus 
van Delft, zoon van Jacob genaamd Avenzoon, anderzijds, en zich 
uitstrekkende vanaf gezegde rivier tot aan eene andere gracht, te 
weten het gedeelte der plaats, die zich uitstrekt vanaf de Dieze tot 
aan het riool van gezegd klooster, zijnde tengevolge dezer afscheiding 
gekomen een derde gedeelte der plaats, namelijk het gedeelte, dat 
gelegen is naast het erf van genoemden Engbertus, aan Petrus van 
Langvelt, een ander derde gedeelte, namelijk dat, hetwelk gelegen 
is naast de eerstbedoelde gracht van meergezegd klooster, aan dat 
klooster en het overig een derde gedeelte, namelijk dat, hetwelk 
gelegen is tusschen de hiervoren bedoelde gedeelten, ook aan Petrus 
van Langvelt. Zie oorkonde n^ 44. 

47. 2 Augtulus i4iS. 

Petrus van Langvelt als man van Elizabeth, dochter van Gode- 
fridus van Bruheze, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Petrus 
Gorter twee derde gedeelten eener plaats van Godefridus Sceyvel, 
zoon van Johannes Sceyvel, gelegen te 's Bosch achter het huis en 
erf van genoemde Godefridus aan de overzijde van het water de 
Dieze en tusschen de gracht van het Klooster der Predikheeren 
aldaar eenerzijds en het erf van Engbertus van Delft, den zoon van 
Jacob genaamd Avenzoon, anderzijds, en zich uitstrekkende vanaf de 
Dieze tot aan eene andere gracht, zijnde het verkochte een deel der 
plaats, voor zooverre die zich uitstrekt vanaf de Dieze tot aan 
het riool van gezegd klooster, en zijnde die twee derde gedeelten 
gelegen tusschen het erf van genoemden Engbertus van Delft en 
het overige één derde gedeelte, hetwelk aan meergezegd klooster 
toebehoort, terwijl dat overige één deide gelegen is achter de 
verkochte twee derde gedeelten ; alsmede twee derde gedeelten der 



— 21 - 

brug, aldaar over het water gelegen. Hierover waren als schepenen 
Henrick van Uden en Bartholomeus Spyerinc. 
(Zie oorkonde n<* 46). 

48. De$ Zondagê na Si. Petenbanden 1414. 

Aert Houtappel, zoon van wijlen Ghijsbrecht Houtappel, verkoopt 
voor Schepenen van Oisterwijk aan Engbertus, zoon van wijlen Willem 
van den Yvenlaer, een stuk land, gelegen te Berkel op Wouters hofstad. 
Hierover waren als schepenen Jan Jan Wytmanszoon en Laureyns van 
der Heyden. Zie oorkonde n® 87. 

49. 3 Augu8tu$ 1416. 

Henrick die Bye Janszoon en Jan Boin Lambrechtzoon, schepenen 
van Drunen, verklaren, dat ten hunnen overstaan Gherit van Nesch 
Aert Luttelmanszoon verleend heeft aan Rutger den Bye Robbrechts- 
zoon en Diderijc Loef Jan Loefszoon eene grondrente uit een stuk 
land, gelegen in den Ban van Drunen. 

50. fi Aufftutus 1416. 

Willem, zoon van Amoldus Kuyc, verkoopt voor Schepenen van 
*s Bosch aan Henrick, zoon van Sander van Os, eene grondrente, 
gaande uit een huis en erf, gelegen te 's Bosch buiten de Pijnappels 
poort tusschen het erf van Willem van den Pre, schoenmaker, eener« 
zijds en dat van Johannes Voet anderzijds en zich uitstrekkende tot 
aan het water, welke grondrente genoemde Willem van Kuyc gekocht 
had van Rodolph, zoon van Amoldus van Kuyc. Hierover waren 
als schepenen Arnoldus Stamelaert van Uden en Willem van der Aa. 

51. 3 FebruaH 1417. 

Testament van Bartholomeus Wedigen, wonende te 's Bosch over 
de Tolbrug en van diens echtgenoote Catharina. 

52. 6 Juli 1418. 

Johannes van Orthen, zoon van den physicus Mr. Petrus van 
Orthen, den bastaardzoon van Johannes, den zoon van Trude, ver- 
koopt voor Schepenen van 's Bosch aan Johannes, zoon van Bemard 
Hughen, gewandsnijder (pannicida), een steenen huis met erf en stal, 
afkomstig van genoemden Johannes, den zoon van Trude, staande 



— 23 — 

te 's Bosch aan de Kerkstraat tusschen het erf van Albert die Wael 
eeherzijds en dat van Andries van Oudrigem anderzijds en zich uit- 
strekkende van af gezegde straat tot aan het erf van Godefridus 
Petri en dat van Willen Paeuwe, welk goed aan genoemden Johannes 
van Orthen was ten deel gevallen bij de scheiding en deeling, ge- 
maakt van de goederen, die aan Nycolaus van Os genaamd van 
Lievedael en diens echtgenoote Katherina, dochter van Gerard van 
Arkel en zuster van Johannes, den zoon van Trude, bij doode van 
genoemden Johannes, den zoon van Trude, waren aangekomen, en dat 
daarna was overgedragen aan meergezegden Johannes van Orthen 
door Petrus van Orthen, den zoon van Ghenard van Orthen. Hier- 
over waren als schepenen Jacob van Vladeracken en Rodolph Berwout 

53. i2 Mei i4i9. 

Macharis de Buck, vicaris der kerken van Bakel en Deume, en 
Rutger Arndszn van Doerne, in diens hoedanigheid van curaat der 
gezegde kerken, erkennen ten overstaan van Dirck Onstaden van 
Asten, priester en notaris, het legaat van Lana, dochter van Emond 
van Vlierden en echtgenoote van Jan, den snijder (sartor), van Deume, 
waarbij zij aan de Heilige geestmeesters van Deume, ten behoeve 
van de armen aldaar, vier vaten rogge, te leveren door de weduwe 
en kinderen van haren broeder Dirck van Vlierden, legateerde onder 
voorwaarde, dat anderhalf ander vat rogge, door denzeliden verschul- 
digd, zal komen aan de kerk van Deume en haren vicaris en onder 
hen gelijkelijk zal worden verdeeld. 

54. SO Jannari i420. 

Zibertus van Hoculem en Johannes van der Hagen, schepenen van 
's Bosch, verklaren, dat ten hunnen overstaan heer Johannes van 
Dommelen, genaamd Merskens, priester, zoon van Godefridus Merkens, 
den zoon van Johannes van Dommelen, bakker, onder eede heeft ver- 
klaard in het bezit te zijn eener grondrente, gaande zoo uit de helft 
van een huis, staande in de Hinthamerstraat te 's Bosch tusschen een 
straatje, gaande van die straat naar het klooster de Porta Coeli en het 
erf van Gerard Broecrienmaker, als uit de erven van Dirck, zoon 
van Johannes van Heze, en dat deze grondrente in het jaar 1884 aan 
genoemden bakker verleend is door Dirck voornoemd, zijnde de brief 
daarvan verbrand bij den brand, welke daags voor de maand Mei 



— 28 — 

(precipue mensis Maij) in 1419 te 's Bosch woedde. Hiema hebben deze 
verklaring met eede bevestigd Johannes van Hezewijc, Godefridus 
Kempke, schoenmaker en Nycolaus Godden, (Zie oorkonde no 14). 

55. 9 September i4S9. 

Meester Petrus Cromme, deken der Collegiale Kerk van St Jan 
Evangelist te 's Bosch, verkoopt in tegenwoordigheid en met toestem- 
ming van Johannes Bathenzoon en Henricus Muddekens, kanunniken 
van gezegde kerk, alsmede van het geheele Elapittel en de Kapittel- 
heeren dier kerk, voor Schepenen van 's Bosch een steenen huis 
met erf en plaats, afkomstig van twee huizen met erven en plaatsen, 
toebehoord hebbende aan Johannes Trudenzoon, daarna aan mr. 
Petrus van Orthen, physicus, gelegen te 's Bosch in de Kerkstraat 
tusschen het erf van Johannes Wouterszoon eenerzijds en dat van 
Godefridus de Vos anderzijds en zich achterwaarts uitstrekkende tot 
aan het erf van Godefridus, zoon van Peter Sac, alsmede van dat van 
Willem in den Paeuwe, — tegen eene grondrente, aan Willem van 
Loen Janszoon, bakker. Hierover waren als schepenen Henricus 
Dicbier Godefriduszoon en Henrick Steenwech. (Zie oorkonde n^ 52). 

56. i5 Juni i4f3. 

Ghiselbertus genaamd Wonder, zoon van wijlen Amoldus genaamd 
Wonder, alsmede Amoldus en Gerardus, gebroeders, Katherina en 
Oda, gezusters, kinderen van genoemden Ghiselbertus, Johannes, 
genaamd van Breugel, als manenmomboirvanMechtildis, en Jacobus 
genaamd Cnode, als man en momboir van Hadewigis, dochters van 
genoemden Ghiselbertus, ieder hoofdelijk en voor het geheel en onder 
verband van hunne tegenwoordige en toekomstige goederen, beloven 
ten overstaan van Schepenen van 's Bosch aan Johannes, zoon van 
wijlen Rodolphus genaamd de Bever, om, indien de erfchijns van 
18 ponden, die met afdoening van alle andere kosten was blijven 
rusten op eene kamer, gelegen te 's Bosch tusschen de Kamers der 
kooplieden en vroeger toebehoorende aan wijlen Christina genaamd 
Berewout en daarna door Wilhelmus Scilder erfelijk verkocht aan 
Godescalcus, zoon van wijlen Rodolphus genaamd Roesmont, tot 
hooger cours mocht stijgen dan het geld tot betaling van een chijns 
van 18 ponden ter beurze van den Graaf (van Holland) geldt, dit 
meerdere aan genoemden Johannes ten allen tijde te vergoeden. Hier- 
over waren als schepenen Gerardus Scilder en Johannes Loenman. 



— 24 — 
57. iO Decembei' 1495. 

Godefridus van Rode als gemachtigde van de Tafel van den H. Geest 
te 's Bosch, ingevolge machtiging van de Provisoren van die Tafel, 
verkoopt voor Schepenen aldaar, tegen eene grondrente, een hofke, 
gelegen in de parochie van Oisterwijk ter plaatse genaamd Berkel in 
de plaats de Leempoelen tusschen het erf van Josephus Hermanszoon 
eenerzijds en het erf van Ëngbertus van den IJvenlaer, zoon van 
Willem Eliaszoon, anderzijds, aan genoemden Ëngbertus van den 
IJvelaer. Hierover waren als schepenen Godefridus van Rode voor- 
noemd en Bertoldus die Lu. 

Hierbij eene akte van 81 Juli 1504, waarbij voor Jordanus de 
Boert en Mathias Brugman, schepenen van 's Bosch, Rutger, zoonjvan 
Rutger Jacobszoon Keelbreker, zijne zuster Elisabeth, dochter van 
laatstgenoemden Rutger, Henricus, zoon van Paulus (zoon van Petrus 
Ghibenzoon) en Elisabeth voornoemd, Amoldus, zoon van Johannes 
Heeren, als man van Gertrudis en Wilhelmus, zoon van Willem die 
Haen als man van Margaretha, dochters van genoemden Rutger 
Jacobszoon Keelbreker, van hun recht op eene grondrente uit eene 
bouwhoeve (mansus) van Johannes Hals junior, — gelegen in de parochie 
van Oisterwijk, ter plaatse genaamd Udenhout in de Leempoel met 
den houtwas en met de landerijen, gelegen in de parochies van Tilburg, 
Venloon en Helvoirt, welke bouwhoeve Gerardus van den Pass, land- 
bouwer (colonus), wonende op die bouwhoeve, in gebruik heeft, — 
afstand doen ten behoeve van mr. Henrick die Bye alsmede ten 
behoeve van de andere personen, die van genoemden Johannes Hals 
Johanneszoon vanwege diens moeder Agnes, dochter van Engbertus 
van den IJvenlaer, erfgenamen zijn. (Zie oorkonde n^ 88). 

57 a (bis). 9 Maart i4S8. 

Jonker Dirck van Meerheym, heer van Boxtel, verhuurt ten over- 
staan van schepenen aldaar eenige zijner landerijen, gelegen aldaar 
ter plaatse genaamd Tongeren, enz. Hierover waren als schepenen 
Danckolff Eliaeszn van Lucel, Henrick die Zeelander, Mathijs die 
Mollenaer, Peter die Visscher, Wouter van Dessel en Dirck Godevaertszn. 

Hierbij nog eene schepenakte van 's Bosch van 30 Juli 1450, waarbij 
ten overstaan van Ghiselbertus Haec en Rodolphus die Bever, sche- 
penen aldaar, Gerardus Brant, zoon van Herman Brant, aan Lambert 
van Doeme Christiaanszoon ten behoeve van juffrouw Elisabeth, 



— 25 — 

bastaarddochter van Heer Dirck van Meerhcym, in leven heer van 
Boxtel, eene grondrente verleent uit voorschreven landerijen, die nu 
gezegd worden eene hofstede te zijn. 

58. 6 Juni 1498. 

Jan, zoon van wijlen Heynen Stywszoon, draagt voor Schepenen 
van Helmond over aan Jan Bonenzoon van Deume een vierdel 
eener hofstede, gelegen te Helmond naast de straat, waarmede men 
gaat naar de Bossche straat. Hierover waren als schepenen Amd 
Peter Meuszn en Jan Snoex. 

59. Vigilie van St, Andreas^ apoitel» i488. 

Vermits Johannes van Uden Janszoon het recht van wederinkoop 
heeft eener grondrente, verleend aan Engbertus van den Yvenlaer 
door Godefridus de Campo, natuurlijken zoon van Heer Godefridus 
de Campo, deken van Woensel, en door diens vrouw Wynrica, zoo 
heeft genoemde Johannes van Uden daarvan voor Schepenen van 
's Bosch afstand gedaan ten behoeve van Engbertus van den Yvenlaer 
voornoemd. Hierover waren als schepenen Petrus van Best en 
Godefridus van Erp. 

Hierbij een schepenbrief van 's Bosch, waarbij genoemde £ngber« 
tus van den Yvenlaer voorschreven recht van wederinkoop erkende. 

60. 5 Maart i429. 

Eene bijna niet leesbare akte van den notaris Rutger van Arkel, 
betreffende afstand van grondrenten, behoorende tot eene fundatie, 
gemaakt voor het altaar van St. Sebastiaan, Wilhelmus en Quirinus in 
eene kapel, die staat aan het Hinthamereind te 's Bosch nabij de poort, 
waarmee men gaat naar het klooster de Porta Coeli. Bedoelde kapel 
zal geweest zijn de St. Antoniuskapel en de fundatie, in de akte 
bedoeld, zal geweest zijn eene van die, waarvan Schutjes spreekt in 
zijne geschiedenis van het Bisdom 's Bosch IV blz. 879. 

61. 15 December 1490. 

Boudewijn, zoon van Johannes Barmerszoon, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan Willem, zoon van Henrick van der Sluysen, 
de helft in eenen kamp broekgrond, gelegen in de parochie van 
Maren ter plaatse genaamd die Delen. Hierover waren als sch'epe- 
nen Johannes van Erp Janszoon en Gerardus Balyaert. 



— 26 — 

62. fO Jan. i43i. 

Petrus Steen wech en Johannes Bathens zoon, schepenen van 's Bosch, 
geven vidimus van een schepenbrief van die stad van den laatsen 
Augustus 1431, waarbij voor Johannes van Erp Johanszoon en Ge- 
rardus Baylyaert, schepenen van die stad, Johannes die Lu de jonge, 
zoon van Dirck die Lu, tegen eene grondrente verkoopt aan mr. 
Andreas die Lu, zijnen zoon, een steenen huis met erf, van Johannes 
van Ghestel afkomstig, staande te 's Bosch achter de straat genaamd 
de Papenhulst bij de Dieze, alsmede een gedeelte van eene plaats, 
gelegen voor gezegd huis met erf in de richting van gezegde straat 
tusschen de Dieze eenerzijds en het erf van Henrick van Broeckhoven 
anderzijds en zich uitstrekkende van af gezegd huis met erf en de 
Dieze tot aan de openbare straat Zij verklaren verder, dat na voor- 
schreven lezing ten hunnen overstaan Marcelis die I^u verklaard heeft, 
dat hij voormelden brief voor zich en ten behoeve van Johannes die 
Lu den jongen, zoon van Dirck die Lu, zal bewaren. Zie over het 
hier bedoeld huis mijne Voorname huizen van *s Bosch II p. 503. 

63. Op den anderen dag in Juni i4S3, 

Ludolf Staeck van Wyc en Willem die Borchgrave, schepenen van 
Heusden, getuigen, dat ten hunnen overstaan Willem Arent, moeder 
van Dirck zoons zoon, aan het Kapittel, den H. Geest en het Gast* 
huis binnen Heusden verleend heeft eene grondrente uit twee stuk- 
ken land, gelegen in den Ban van Vlijmen op de Nieuwe Heide 
tusschen Willem Jan Goeswinuszoons zoon oostwaarts en de gemeente 
westwaarts buiten fwijs en binnen fwijs. • 

64. 6 Juli 1436. ^ 

Willem van Haevelt, Henric Willemszoon, Jan Coel, Henric van 
den Rullen, Daniel Jans Smoelnerszoon, Tyelman Amdszoon en 
Gherit Roeverszoon van Tuystoffe, schepenen van Vechel, verklaren, 
dat ten hunnen overstaan Heer Dirc van der Heest, priester-vicaris 
der kerk van Vechel, daartoe door den Bisschop van Luik gemach- 
tigd, aan Roelof, bastaardzoon van Sionge Deenkens, verkocht heeft 
een huis met erf, staande neven het kerkhof van Vechel, eenerzijds 
naast het erf van het altaar van St. Agatha, in voorschreven kerk 
gesticht, en anderzijds langs de Aa aldaar, verbindende zich de 
kooper aan den genoemden vicaris of diens opvolger jaarlijks te 
zullen voldoen twee pond Bosch geld, waarvan deze twee oude 
grooten zal hebben te betalen aan den Rector van gezegd altaar. 



— 27 ^ 

65. iO Fehruari 1439. 

Jan, zoon van wijlen Peter van der Donschot, als man van Kathe- 
lijn, dochter van wijlen Margriet, natuurlijke dochter van Katherina 
Meyen, draagt voor Schepenen van Helmond over aan Aelbrecht, zoon 
van wijlen Gerit Weilarts, eene roggepacht, door zijne vrouw geërfd 
van voornoemde Margriet, hare moeder, die ze blijkens schepenbrief 
van Deurne verkregen had van Bruysten, zoon van wijlen Bruysten van 
den Schoetecker, die ze weder verkregen had van Henrick, den zoon 
van Henrick Cuelman van Nystelre Junior, zijnde ze verder door 
genoemden Henrick Junior gekocht geweest van Henrick Cuelman 
Senior; hierna heeft Lucas, zoon van wijlen Bruysten Aelbrechts, 
broeder van genoemde Katherina, van gezegde roggepacht afstand 
gedaan ten behoeve van voornoemden Aelbrecht. Hierover waren 
de schepenen Herman Eycman en Udeman van Thefelen. 

66. 4 Juli i439. 

Vermits Guedeldis weduwe van Henrick van Vessem, zoon van 
Gerard, den zoon van Henrick van Vessem, het vruchtgebruik van 
eene grondrente, gaande vooreerst uit bouwland, gelegen te Boxtel 
ter plaatse genaamd Mulsel tusschen het erf van Willem Pieckeener- 
zijds en dat van Dirck Snyder anderzijds, verder uit land, gelegen 
alsvoren tusschen het erf van Sophia de Globo eenerzijds en dat van 
Henrick van Elsbroeck anderzijds, en eindelijk uit een huis met erf, 

staande te Boxtel tusschen het erf eenerzijds en de rivier 

de Dommel anderzijds, had afgestaan aan Henrick van Vessem, 
haren zoon, zoo ten zijnen behoeve als ten behoeve van Sophia en 
Petra, dochters van Lambert Drynchellinc en Lysmoda van Vessem, 
hare dochter, zoo hebben voor Schepenen van 's Bosch laatsgenoem- 
de Henrick van Vessem, Wychman van den Berghe als man van 
genoemde Sophia en Franco Bollens als man van Petra voorschreven 
grondrente verkocht aan Sophia weduwe van Henrick van Geffen. 
Hierover waren als schepenen Henrick van Arendnest en Johannes 
de Ouden Willemszoon. (Zie oorkonde n» 20). 

67. 5 Dec. i439. 

Theodoricus, Amoldus en Johannes, zonen van Theodoricus van der 
Capellen en Gerardus Scheenken als man van Elatharina, dochtef 
van laatst genoemden Theodoricus van der Capellen, verkoopen voor 



— 28 — 

Schepenen van *s Bosch aan hunnen broeder Petrus van der Capellen 
hun aandeel in eene grondrente, gaande uit een huis met erf, 
staande in de parochie van Vucht St. Lambert tusschen het erf 
van Amoldus Diric Bytszoon eenerzijds en dat van Henrick die 
Bysscher anderzijds, alsmede uit een huis met erf, staande in ge- 
zegde parochie tusschen het erf der kinderen van Pouwels Heynen 

zoon eenerzijds en dat van aldaar anderzijds, welke 

grondrente Theodoricus van der Capellen senior verkregen had van 
Theodericus Byts. Hierover waren als schepenen Henricus Dicbier 
en Tielemannus de Spina (van Doom). 

68. i8 Augu$tU8 i440. 

Johannes de Ridder Petruszoon verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch een stukje land, gelegen in de parochie van Oisterwijk ter 
plaatse genaamd Berkel tusschen het erf van Engbert van den Yven- 
laer Ëngbertszoon, aan dezen laatste. Hierover waren als schepenen 
Rodolphus Lonys en Henricus Berwout 

69a. i Februari 1442. 

Jacobus Heer, zoon van den slachter Godefridus Heerken, als man 
van Margaretha, eerder weduwe van Henrick van Vlijmen Wouterszoon, 
draagt voor Schepenen van 's Bosch aan Heilwig weduwe van Gerard 
Groy over haar aandeel in eene grondrente, gaande uit de bezittingen 
van Dirck van Meerheym, heer van Boxtel, ridder en diens echtge- 
noote Maria, vrouwe van Boxtel, welk aandeel Henrick van Vlijmen 
Wouterszoon gekocht had van Gerard Ëelkens. Hierover waren als 
schepenen Daniel Roesmont en Godefridus Eoest. 

Hierbij eene schepenakte van 4 Juli 1462, waarbij Dionysius, zoon 
van Henrick, den zoon van Michiel van Breda, ten overstaan van 
Amoldus Heer Ghiselbertszoon en Tieleman Pyckenet, schepenen 
van 's Bosch, dat aandeel verkocht aan Lambert van Doeme Christiaans- 
zoon ten behoeve van Ëlisabeth weduwe van Johannes Hals en 
dochter van Michiel van Breda. 

70. 87 Augustus 1443. 

Laurentius, zoon van Laurentius van den Bruekelen, als man van 
Jutta, dochter van Tyman Claeszoon, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Lambert van Doerne Christiaanszoon ten behoeve van 
Beatrix, dochter van Wouter Sconderman Henrickszoon, land gelegen 



— 29 — 

te St Michielsgestel bij Herlaer ter plaatse genaamd Griensvenne. 
Hierover waren als schepenen Godefridus Boest en Johannes van 
Craendonc. 

71. 30 September 1444, 

Johannes van den Doren Janszoon verleent voor Schepenen van 
's Bosch eene grondrente aan Nycolaus, zoon van Amold Corstiaens, 
uit den Dorenakker, gelegen in de parochie van Haaren tusschen 
het erf der erfgenamen van £lyas van Kuyc en dat van Amoldus 
van Laerhoven, en zich uitstrekkende van den gemeenen weg tot aan 
het erf van Stephanus van der Amervoirt; alsmede uit eene streep 
grondsi gelegen alsvoren tusschen het erf van genoemden Nycolaus 
en dat van het altaar van St. Catharina in de kerk van Oisterwijk. 
Hierover waren als schepenen Johannes van £rp en Willem die Joede. 

72. i4 Mei i445. 

Vermits Gerardus Mol van Driel de helft van een huis, staande 
in de Hinthamerstraat te 's Bosch tusschen een straatje, loopende 
van die straat naar het klooster de Porta Coeli en tusschen een erf 
van Gerard Broekrijenmaker, alsmede andere erven van Dirck, zoon 
van Johannes van Heeze, wegens wanbetaling eener grondrente, toe- 
behoorende aan Johannes van Dommelen, genaamd Merskens, priester^ 
zoon van Godefridus Merskens, den zoon van Johannes van Dommelen, 
bakker, den 20 Juni 1420 bij gerechtelijke uitwinning gekocht had, 
zoo heeft Gerardus Mol voorschreven helft wederom verkocht aan 
Henricus van Stiphout Henrickszn, behoudens de rechten, welke de 
overige renthefiers als Ambrosius, zoon van Johannes van der Stegen, 
enz., daarop kunnen doen gelden. Geschiedende zulks ten overstaan 
van de schepenen van 's Bosch Rodolphus Lonys, Wilhelmus Dicbier, 
zoon van Henrick, Rodolphus Scilder, Amelius van den Hoevel en 
Christianus Coenen. (Zie de oorkonde n^ 54). 

73. 28 Juli i445. 

Nycholaus Loenman verleent voor Schepenen van 's Bosch aan 
Herman van Amerzoyen Janszoon eene grondrente uit eene bouw- 
hoeve, genaamd Everbest, gelegen in de parochie van Beek bij Aarle. 
Hierover waren als schepenen Willem Dicbier Henrickszn en Roelof 
Scilder. 



— 80 — 

74. 25 Jfnil i450. 

Johannes van den Doren Janszoon verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch eene grondrente, — die Johannes van den Loe Petruszoon 
hem verleend had uit eene hofstede in de parochie van Haaren, — 
aan Elisabeth, dochter van Udeman van Bniheze en Gerardus, zoon 
van Bartholomeus Brabants. Hierover waren als schepenen Johannes 
Spierinc en Gerardus Boest. Hierbij eene akte, waarbij Gerardus, 
zoon van Bartholomeus Brabants, voor Schepenen van 's Bosch ver- 
koopt aan Ëlisabeth, dochter van Udeman van Bruheze, de helft van 
gezegde grondrente, die genoemde Elisabeth en voorzegde Gerardus 
van laatstgenoemden Johannes van den Doren verkregen hadden. 
Hierover waren als schepenen Gerardus Boest en Giselbertus Haeck. 

75. i5 Mei 1450. 

Gerardus, zoon van Bartholomeus Brabants, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan Elisabeth^ dochter van Udeman van Bruheze, 
de helft van eene grondrente, die Nycolaus, zoon van Amoldus 
Corstiaans had verleend aan Johannes van den Doren Johannes* 
zoon uit een stuk land, genaamd de Dorenacker, gelegen in de 
parochie van Haaren tusschen het erf der erfgenamen van Ëlias van 
Kuyck eenerzijds en dat van Amoldus van Laerhoven anderzijds, 
alsmede uit een stuk land, gelegen alsvoren tusschen het erf van 
Nycolaus, zoon van Amoldus Corstiaans eenerzijds en dat van het 
St. Catharina-altaar in de Kerk van Oisterwijk anderzijds, en welke 
grondrente Elisabeth, dochter van Udeman van Bruheze en Gerardus, 
zoon van Bartholomeus Brabants, beiden voornoemd, hadden ver- 
kregen van Johannes van den Doren Janszoon. Hierover waren als 
schepenen Gerardus Boest en Giselbertus Haeck. (Zie oorkonde n« 71.) 

76. i5 Januari 1452. 

Stephanus Heijs, verblijvende te Breda, draagt als uitvoerder van 
het testament zijner huisvrouw Margaretha over aan de kapel van 
Merkendale onder Breda roggepachten, gaande uit landerijen, gelegen 
te Haseldonk. 

77. 20 Mei 1452. 

Goeste, Godevaerts Henrickszoon dochter en huisvrouw van Jan 
van Ypelair verkoopt voor Schepenen van Oosterhout aan Rombout 
Lenaert Hoyszoon eenen beemd, geheeten de Hoijbloec. Hierover 



— 81 — 

waren als schepenen Lambrecht Stevenszoon en Aert Johanneszoon. 
Hierbij een transfix, waarbij voor Jan van Buy te en Lambrecht Stevens- 
zoon, schepenen van Oosterhout, genoemde Rombout Lenaert Moys- 
zoon 10 Juli 1462 gezegden beemd verkoopt aan Jacob van Ringelberch. 

78. 7 Februari i45S. 

Testament van Henricus van der Haseldonck Peterszoon, inwoner van 
Vught, gepasseerd voor Otto van Hedel, priester der St Pieterskerk 
aldaar. Hij vermaakt daarbij o. a. legaten aan de Fabriek van 
die kerk, aan het daarin staand altaar van St. Barbara,aan degilden 
van St. Joris en St. Barbara te Vught, enz. 

79. ii Februari i45$. 

Henrick, zoon van Henrick de Becker Rodolphszoon als man van 
Petra, dochter van Godescoedis en haren eersten man Amold, zoon 
van Gerard Jan Vranckenzoon, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Johannes Vuchs, zoon van Jan, de helft in een huis met erf, 
staande in de vrijheid van 's Bosch ter plaatse genaamd den Dungen 
aan de Litsche straat, van welk half huis en erf Daniel van den 
Yser, als man van Godescoedis voornoemd den tocht had, doch 
dien hij en zijne genoemde vrouw hadden overgedragen aan Lam- 
bert van Doeme Christiaanszoon ten behoeve van genoemde Petra. 
Hierover waren ■ als schepenen Goeswijn van Beeck en Godefridus 
van Lancvelt 

80. i6 December i453. 

Bemardus Hughen, Goeswinus Toelinc en Heilwigis Pcnnincs als 
uitvoerders van den uitersten wil van Petrus die Gorter, poorter van 
's Hertogenbosch, schenken ten overstaan van den priester Hennes 
van Eyck, notaris aldaar, aan Godefridus van Vücht, prior van het 
Predikheerenklooster aldaar, ten behoeve van hetzelve, twee derde 
gedeelten eener plaats, toebehoord hebbende aan Godefridus ^^T^^^^ 
zoon van Johannes Sceyvel, gelegen te 's Bosch ^^^^f' . ^^^ ^^^^e 
erf van genoemden Godefridus aan de overzijde der rivier ae ^^^ 
tusschen de gracht van gezegd klooster eenerzijds en het ei^ ^^^^ 
Engbertus van Delft, zoon van Jacob Avenzoon, anderzijds e ^^ 
uitstrekkende van af de Dieze tot aan eene andere p^^*»/*^^ ^et 
van dat gedeelte der plaats, dat loopt van af de ^*^*^^^. voor- 

riool van meergezegd klooster, zijnde de twee derde gedeeii 



— 82 — 

zegd gelegen tusschen het erf van genoemde Engbertus van Delft 
en het overige een derde gedeelte, dat aan het meerbedoeld klooster 
toebehoort en gelegen is achter de twee derde gedeelten ; soomede 
twee derde gedeelten der brug, aldaar over de Dieze gelegen en het 
recht om in opposito aniiquae cloacae van meergezegd klooster te bou- 
wen een steenen gebouw, genaamd stenen gevel^ dat aan genoemden 
Petrus die Gorter eertijds toegestaan was door broeder Johannes 
van Sonne, prior van hetzelfde klooster, — hebbende Petrus die 
Gorter de twee hiervorenbedoelde derde gedeelten gekocht gehad van 
Petrus van Lancvelt als man van Elizabeth, dochter van Godefridus 
van Bruyheze. (Zie oorkonde n* 47). 

81a. 9 Januari i45i. 

Ten overstaan van Schepenen van den Bosch verdeelen Rombout 
Brekelman en Beatrix weduwe van Ghyselbert Hessels eene bouw- 
hoeve, gelegen te Helvoirt ter plaatse genaamd „aen den Gestel." 
Hierover waren als schepenen Peter Steenwech en Jan Spiker. 

82. 59 November i^54. 

Jan Maes van der Hulst en Robbert van Drongelen Peterzoon, 
schepenen van Heusden, getuigen dat Jutte, die de vrouw was van 
Ghijsbert Geerlic'szoon en haar zoon Roelof, wiens vader was Wil- 
lem Dries Kempen, hebben opgedragen aan Aleijt, die de vrouw was 
van Roelof Reijnerszoon, het vierde gedeelte van eenen kamp lands, 
gelegen in den Banne van Engelen en genaamd Aemts Kamp, die 
het eigendom phicht te wezen van Ghijsbert Gheerlic'szoon en gele- 
gen is tusschen de straat eenerzijds en het erf van Aleijt voornoemd 
anderzijds, terwijl het zich uitstrekt van af het erf van Roelof van 
Bochoven tot dat van Aleijt voornoemd, met den dijk, sloot, tuin en 
wetering daartoe behoorende; — alsmede dat Jutte voornoemd aan de 
meergenoemde Aleijt beloofd heeft den eigendom van voorschreven 
een vierde deel ten eeuwigen dage te zullen vrijwaren ; dat Roelof 
voornoemd aan haar, Aleijt, beloofd heeft, dat hij van dat een vierde 
zoude afdoen den kommer, dien hij daarop gemaakt mocht hebben 
en dat Aemt Gheerlic'szoon, Jan Gheerlics'zoon, Ghijsbert Aemt 
Beijszoon als momboir van zijne vrouw Marie en Henric van Est 
Henric'szoon als momboir van zijne vrouw Qheertrude afstand gedaan 
hebben van hun recht op meerbedoeld een vierde deel. 



83. m Juni 1455. 

Extract, op dezen datum afgegeven, uit het testament van Henricus, 
den zoon van Johannes Pijeck, in leven poorter van 's Bosch. Vol- 
gens dat uittreksel legateerde hij unam ranseam^ die aan zijne vrouw 
Beatrix had toebehoord, aan de Lieve Vrouw Broederschap te 's Ëosch 
de taga zijner dochter, en legaten aan onderscheidene altaren te 
's Bosch voor de zielerust van hem, zijne vrouwen Beatrix en Johanna, 
en zijne dochters Belia en Aleid. 

84. i9 Januari 1456. 

Bertoldus van Beke Amdszoon draagt over voor Schepenen van 
's Bosch aan zijne zuster Agnes eene roggepacht, gaande uit eene 
bouwhoeve, genaamd het goed Ter Heijden, gelegen in de parochie 
van Berlicum tusschen de gemeente Heeswijk ex uno en de openbare 
straat ex alio, welke roggepacht blijkens eene schepenacte van 's Bosch 
Rutger van Arkel ten behoeve van genoemden Bertoldus van Beke 
had verkregen van Jan van Beke Willemszoon. Hierover waren als 
schepenen Dirck van der Aa en Adam die Lu. 

Hierbij : 

a eene Bossche schepenakte van den laatsten October 1466, waarbij 
meergenoemde Bertoldus van Beke eene zelfde grondrente, gaande 
uit dezelfde bouwhoeve, die Ghijselbert Wonder bij wijze van 
gift verleend had aan Jan, den bastaardzoon van Reymbold de 
Cossen en diens huisvrouw Aleid, de dochter van Ghijselbert voor- 
noemd en die Rutger van Arkel ten behoeve van Bertoldus van Beke 
Amdszoon verkregen had van Johannes van Beke Willemszoon, over- 
draagt aan Agnes van Beke, dochter van genoemden Amd. 

^ eene Bossche schepenakte van 2 Augustus 1698, waarbij Theo- 
dorus van Asten, notaris en klerk ter secretarie der stad 's Bosch, 
voor zich en namens zijnen minderjarigen broeder en zuster, Steven 
Stolwerck als man van Maria Anna van Asten, Alegonda van Asten, 
Francis van Asten, Gerardus van Asten en Johannes van Asten, 
broeders en zusters, eene der voorschreven roggepachten, gaande uit 
de bouwhoeve, nu genaamd de Heycampsche hoeve, welke hun ver- 
maakt was door Anna van Asten bij testament, verleden voor den 
notaris Roeland van Edenburch te Delft, verkochten aan Hendrick 
de Lepo, notaris te 's Bosch. 

3 



— 34 — 

85. i Maart i456. 

Verklaring van Henri Aert Roverszoon en Henrick van Domme- 
len, schepenen van St. Oedenrode, dat ten hunnen overstaan Wou- 
ter van Vroenhoven aan zijnen broeder Aert den smid, zijnde hunnen 
medeschepen, verkocht heeft eene grondrente, gaande uit een stuk 
land en eenen beemd, gelegen te St. Oedenrode ter plaatse genaamd 
Sproeuwelair, alsmede uit een gedeelte in eene grondrente, door hem 
gekocht van Wouter Jan Bontmekerszoon, die ze eertijds verkregen 
had van Jan, zijnen vader en van Heer Jorden, priester en Jan, 
zijne broeders. 

86a. f7 Januari 1457. 

Heer Henrick, priester, zoon van Henrick Janszn, verkoopt aan 
Katherina, dochter van Huybert Witten van Tilborch, eene grond- 
rente, gaande uit een huis, erf, plaats en achterhuis, staande te den 
Bosch op den Papenhuls tusschen het huis van Heer Maarten Ste- 
vens, priester, ^x uno en dat van Heer Willem Hals, priester, ex aliOy 
en zich van gezegde straat achterwaarts uitstrekkende tot aan de 
Begijnengraaf ; uit een huis, erf en plaats, staande te den Bosch tus- 
schen het huis van Heer 3artholomeus Crom, priester, ex uno en dat 
van Heer Henrick die Smijt, priester, ex alio^ en zich van de straat 
achterwaarts uitstrekkende tot aan het Vondelingenhuis en uit land, 
gelegen te Macharen. Hierbij nog eenige latere transporten van deze 
grondrente. Oude copién. 

87. 90 Juli 1457. 

Henricus, zoon van Jacob 's Bressers van Beke, als man van Ka- 
'tharina, dochter van Dirck Kuyst, verkoopt voor Schepenen van 
s Bosch aan Lambertus van Doerne Christiaanszoon ten behoeve 
van Ghyselbert Back, kanunnik der kerk van St Jan Evangelist 
aldaar, eene grondrente, gaande uit erven van Johannes Peysters, 
gelegen te Beek ter plaatse genaamd die Haghehorst, welke grond- 
rente Henricus Kyes van den Bosch als man van Ëlisabeth, dochter 
van Johannes Peysters van Beke, schonk aan Coenrardus die Writer 
en Amoldus van Roestenberch gewoon was uit gezegde erven te 
betalen, zooals Willem, zoon van Willem Arnolduszoon Tielkini en 
Guedeldis zijne vrouw na den grooten brand in 's Bosch van 1419 
bij monde van Henricus Behaut voor schepenen van die stad hebben 



— S5 - 

verklaard. Hierover waren als schepenen Amelis van Boechem en 
Ghyselbert van den Broeck. 

88. 23 Juli 1457. 

Amelis van Boechem en Ghyselbert van den Broeck, schepenen 
van 's Bosch, geven vidimus van een schepenbrief van 29 Januari 1420, 
waarbij Zibertus van Hoculem, Wouter Colen van Oerle, Nycolaus 
Loenman en Johannes van der Hagen, schepenen van *s Bosch, ver- 
klaren, dat ten hunnen overstaan Willem, zoon van Willem Ar- 
nolduszoon Tielkini, als man van Guedeldis, dochter van Johannes 
van £yck en genoemde Guedeldis tacHs sacrosancHs getuigden en 
met eede bevestigden, dat zij eigenaars zijn van grondrenten, gaande 
uit goederen gelegen te Hagelhorst en uit een goed, gelegen in het 
kerspel Hilvarenbeek ter plaatse genaamd Westerswijk en dat ver- 
volgens Godefridus Janszoon en Amoldus Haeck, slachter, 

onder eede verklaard hebben, dat voorschreven eed goed en niet 
valsch is. Hierna heeft voor Schepenen als voren Henricus, zoon van 
Jacob 's Bressers van Beke, bekend, dat hij voormelden schepenbrief 
bewaart zoo voor zich als voor Heer Ghysèlbertus Eack, kanunnik te 
's Bosch en zich verbindt dien aan Lambert van Doeme Christi- 
aanszoon ten behoeve van genoemden Heer Back te zullen uitreiken, 
zoo dikwijls als deze dien zal behoeven. 

89. U Mei 1458. 

Goeswinus, zoon van Jacobus van den Hout, als man van Elisa- 
beth, dochter van Engbertus van den Eijnde, verkoopt voor Schepe- 
nen van 's Bosch aan Johannes, zoon van Willem van den Hout, 
eene grondrente, gaande uit eene weide, gelegen te Oisterwijk ter 
plaatse genaamd Riedonck, welke grondrente genoemde Engbertus 
van den Eijnde verkregen had van Hessellonc Snabbe. Hierover 
waren als schepenen Amoldus Monicx, zoon van Ghiselbertus en 
Willem Dicbier, zoon van Johannes. 

90. f4 November 1459. 

Ambrosius, zoon van Johannes van der Stegen, doet voor schepenen 
van 's Bosch afstand van het vruchtgebruik van eene grondrente, 
gaande uit een huis en erf, gelegen te 's Bosch in de Baseldonksche 
straat tusschen die straat eenerzijds en het erf van Johannes van 



Coll Meeuszoon anderzijds en door hem verkregen van Amoldus die 
Bye Janszoon. Hij draagt daarop deze rente over aan Lambertus 
van Doerne, zoon van Christiaan, ten behoeve van Dirckje, dochter 
van hem, Ambrosius. Hierover waren als schepenen Johannes Steen wech 
en Johannes Neve. (Op den rug staat : deze rente is afgelost door 
Henrick Janszoon die Lange „in den Ancker/' waaruit kan worden 
opgemaakt welk huis het hier geldt). Hierop volgt eene akte van 
denzelfden datum, waarbij voor Schepenen van 's Bosch Symon, zoon 
van Egbert Scheenken, als man van genoemde Dirckje, voorschreven 
grondrente verkoopt aan Henrick, zoon van Johannes die Langhe. Hier- 
over waren ook als schepenen Johannes Steenwech en Johannes Neve. 

91. i Februari i46i. 

Nycolaus, zoon van Jan van den Steen, verleent voor Schepenen 
van den Bosch aan Henrick Brant, zoon van Rodolph Delft, eene 
grondrente uit huis, erf, plaats en erfenissen, gelegen te den Dungen 
ter plaatse genaamd Sporct. Hierover waren als schepenen Marcelis 
van Uden en Willem van Wyck Leoniuszoon. 

Hierbij nog eene akte van 22 Januari 1599, waarbij Mechteld, 
weduwe van Jan, zoon van Willem Gijsbertszn in den Put, Robbert, 
zoon van Petrus van Brouhese als man van Wilhelma, dochtervan 
Jan Janszn Snoeck en Margaretha, de dochter van genoemden Willem 
Gijsbertszn in den Put en Petrus, zoon van Gerard Havens, als 
man van Antonia, dochter van Amold de Wyse en weduwe van 
Paulus, zoon van meergenoemden Willem Gijsbertszn, voormelde 
grondrente, die zij als recht verkrijgers van Henrick Brant verkregen 
hadden, verkoopen aan Maria Havens Fransdochter ten behoeve van 
Adriana van Gameren, eerst weduwe van genoemden Frans Havens 
en daarna van Jan Thomassen. 

92. 6 Sept. 1462. 

Jutta weduwe van Daniel Croeck Danielszoon, doet voor Schepe- 
nen van 's Bosch aan Rutger van Arkel ten behoeve van Heilwigh 
en Verl...dis, gezusters, dochters van haar en Daniel Croeck voor- 
noemd, alsmede ten behoeve van de nakomelingschap van haar en 
genoemden haren man afstand van tocht op een huis met erf, 
staande te *s Bosch op den Ouden Huls tegenover de kapel van 
St. Joris den martelaar tusschen het erf van Johannes van Doorn 
eenerzijds en dat van Henrick Stelleken anderzijds; alsmede op eene 



— 37 — 

grondrente, welke Daniel van Vladeracken verleend had aan Agnes, 
dochter van Johannes van Alphen, uit een erf, gelegen te 's Bosch 
op den Ouden Huls bij het huis van Wouter Lucken, alsmede op 
eene grondrente, gaande uit te *s Bosch gelegen goederen, toebehoord 
hebbende eerst aan Johannes van Alphen, vervolgens aan Johannes 
Danielszoon van Vladeracken en daarna aan Johannes van Catwyck, 
welk huis en grondrenten Daniel Croeck Danielszoon gekocht had van 
Petrus van Arendnest als man van Guedelen, dochter van Johannes 
van Catwyck. Hierover waren als schepenen Arnoldus Stamelart 
Henrickszoon en Arnoldus Heer Ghyselbertszoon. 

93. i2 Febr. 1463. 

Verklaring van Dirk Wouters, Jan Eliaszoon van Lucel, Wouter 
Peterszoon van de Loeck, Willem Claas Horkenszoon, Jan Eliaszoon 
van Laerscot, Embrecht Embrechtszoon van de Bersellare en Michiel 
Henrixs Avengoenszoon, schepenen van Boxtel, dat ten hunnen overstaan 
Lysbeth Lambrechtsdochter van den Horrick en weduwe van Henrick 
van Weert, aan Lambrecht Augustijns Goessenzoon heeft overgegeven 
een testament, houdende beschikkingen omtrent beemden en hooi- 
landen, gelegen te Boxtel ter plaatsen genaamd op Nerghenna, bij de 
Loobrugge en de Wetensbrug en dat zij genoemden Lambrecht Augus- 
tijns Goessenzoon als kooper in die landerijen heeft gevest, zoomede dat 
Gerrit, zoon wijlen Jan van Weert, als momboir over de kinderen 
van wijlen Henrick van Weert, Willem, zoon van wijlen Jan van 
Weert en Lysbeth voornoemd zich verbonden hebben om Lysbet, 
Marie en Adriana, dochters van Henrick van Weert, te brengen tot 
hare mondige dagen en te doen vertijden van voorschreven gronden. 

94. 14 Oclober 1463. 

Vidimus van een testament van Aleid, echtgenoote van Willem 
Nuweert, ingezeten van 's Bosch en dochter van mr. Willem van 
Oudenhoven, den 8 Februari li54 opgemaakt ter plaatse genaamd 
0/ ten zij il achter het Wild Varken. Zij legateert daarbij o. a. goederen 
aan Rutger, Henrick en Aleid, natuurlijke kinderen van heer Rutger 
van Oudenhoven. 

95. 20 Oclober 1463. 

Vermits Elisabeth weduwe van Gerard van OUant het vruchtgebruik 
van een huis met erf, toebehoord hebbende aan haren genoemden 



— 88 — 

man en staande te 's Bosch in de Vughterstraat tusschen het erf van 
Petrus Witmeereenerzijds en dat van Gerard van den Broeck Godefridus- 
zooii anderzijds, had opgedragen aan Rutger van Arkel ten behoeve 
vanj Petrus, Gerard, Johannes, Hadewigis, Mechteldis, Elisabeth en 
Alefd, kinderen van Elisabeth en Gerard voornoemd, alsmede ten 
behoeve van Gerard, Johannes en Gerard den jonge, kinderen van 
Johannes, (den zoon van Gerard van der Eycke) en Hilla, dochter 
van Elisabeth en Gerard meergenoemd, zoo hebben voor Schepenen 
van 's Bosch Gerard en Elisabeth, alsmede Godefridus Janszoon van 
Helmont, als man van Hadewigis, Everardus, zoon van Jacob Funsel, 
als man van Mechteldis en Henricus, zoon van Wellinus Mughovels, 
als man van Aleid, allen hiervoren genoemd, zoomede Johannes, 
zoon van Gerard van der Eycke, als voogd van genoemde Elisabeth, 
zeven achtste gedeelten in voorschreven huis met erf verkocht aan 
Johannes, den zoon van Elisabeth en Gerard meermalen genoemd. 
Hierover waren als schepenen Symon van Geel en Johannes Ghijsselen 
Janszoon. 

96. ^ Juli 1464. 

Johannes van Dommelen, goudsmid, bastaardzoon van Heer Johannes 
van Dommelen genaamd Merskens, priester, den zoon van Godefridus 
Merskens, den zoon van Johannes van Dommelen, bakker, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Henrick die Lange, den zoon van 
Johannes die Lange, eene grondrente, gaande uit de helft van een 
huis, staande te 's Bosch in de Hinthamerstraat tusschen het straatje, 
gaande naar het KloosterdePortaCoelien tusschen het erf van Gerard 
Broecrijenmaker, alsmede uit de overige erven van Dirck, den zoon 
van Johannes van Heze. Hierover waren als schepenen Johannes 
Monicx Jacobszoon en Goeswinus van den Hezeacker. (Zie oor 
konde n© 72;, 

97. 5 Januari 1466, 

Vermits Gerard, zoon van Johannes van den Nuwenhuys, verklaard 
heeft te kunnen vemaderen een stuk land, gelegen in de parochie 
van Haaren ter plaatse genaamd Ruydonc en aan Henrick Ghijsselen 
verkocht door Engbert en Lambert, gebroeders, Engelbema en Aleit, 
gezusters, kinderen van Petrus Venman, enz. en vermits daarna 
genoemde Henrick dat naastingsrecht heeft erkend, zoo heeft voor 
Schepenen van 's Bosch genoemde Gerard al zijn recht op voorschreven 



— 89 — 

land afgestaan aan Henrick Ghijsselen voornoemd. Hierover waren 
als schepenen Gerard Bathensoen en Willem Pyckenet. 

Ö8. 9 Augu8tu9 1466^2 September 1766. 

Schepenbricven, betrekkelijk eene grondren te of roggepacht, gaande uit 
goederen gelegen te Wargartshuizen onder Vucht, van inhoud als volgt : 

a. Theodoricus van Wetten en Enghelbertus van Uden, schepenen 
van 's Bosch, geven vidimus !<> van eenen schepenbrief van die stad 
van den twaalfden dag voor St Maarten in den winter 1309, waarbij 
Henricus van Neynsel en Arnoldus Poeldonc, schepenen dierzelfde 
stad, verklaren, dat ten hunnen overstaan Aleid, dochter van Jan 
Spiker, poorter van 's Bosch, al haar recht op zekere goederen, gelegen 
onder Wargherdshuesen, en welke goederen eertijds toebehoorden aan 
haren genoemden vader, verkoopt aan haren broeder Jan Spiker. 

2^ van idem van den vierden Zondag na Maria Lichtmis 1830, 
waarbij voor Elias den gewandsnijder en Gerlach van 2^nne, sche- 
penen van 's Bosch, Ghibo van Wergarthuzen en Arnoldus, zijn 
zoon, aan Hille, weduwe van Jan Spiker, verleenen eene grondrente 
uit goederen, gelegen onder Wergartshusen, aan genoemden Ghibo 
toebehoorende en die genoemde Jan Spiker aan voorzegden Ghibo 
tegen voorschreven grondrente had verkocht. 

8<* van idem van den zesden 2^ndag na O. H. besnijdenis 1847, 
waarbij voor Jacobus Coptijt en Ghiselbertus van Doom, schepenen 
van 's Bosch, Wilhelmus Slijc afstand doet van zijn recht van 
vruchtgebruik op al de erfelijke goederen, welke op broeder Tielman 
Spiker van de orde der Predikheeren, op zijne zuster Katharina 
Spiker, alsmede op Henrick Spiker, zoon van Herman, den zwaard- 
veger (forbitor), door den dood van Beenne, echtgenoote van hem, 
Wilhelmus, vererfd waren en wel ten behoeve van die erfgenamen. 

4'* van idem van den zesden Zondag na O. H. besnijdenis 
1847, waarbij voor Jacobus Coptijt en Ghiselbertus vbu Doorn, 
schepenen van 's Bosch, Katherina Spiker en Henrick Spiker hun 
aandeel in voorschreven goederen verkoopen aan genoemden Wilhel- 
mus Slijc, alles onder voorbehoud van het recht van broeder Tielman 
Spiker op hetgeen hem door Wilhelmus Slijc versproken was en het 
het recht van genoemden Henrick op de grondrente, die Arnoldus 
Knode van Vught gehouden is te betalen aan genoemden Wilhelmus 
Slijc gedurende diens leven. 

&» van idem van den zesden Zondag na den feestdag van de 



— 40 — 

H. Margaretha, maagd, 1878, waarbij, — overmits Wilhelmus Slike 
al de goederen, welke aan broeder Tielman Spiker van de orde 
der Predikheeren en diens zuster Katherina Spiker, alsmede aan 
Henrick Spiker, zoon van Herman, den zwaardveger, bij doode 
zijner vrouw Beene verstorven waren, van genoemde Katherina en 
Henrick had gekocht, — Leoninus, zoon van Leoninus van Erp, als 
man van Agnes, dochter van Nicolaus van Megen en Eefsa, dochter 
van genoemden Wilhelmus Slike, voor Goeswijn Moedel van Steenwech 
en Laurens Boijen, schepenen van 's Bosch, aan Johannes Steen, ketel- 
maker (cacabarius), verkoopt meerbedoelde grondrente, die Ghibo van 
Wergartshuzen en diens zoon Amold verleend hadden aan Hille 
weduwe van Jan Spiker van uit hunne goederen, gelegen te Wergarts- 
huzen en aan genoemden Ghibo toebehoorende, en op welke grond- 
rente voorzegde Agnes gerechtigd is. 

Ten slotte getuigen voornoemde schepenen, dat ten hunnen overstaan 
Foyssa, weduwe van Johannes Ludinx van Uden, Ënghelbertus van 
Uden, zoon van haar en Johannes voornoemd, Godefridus Mostart, 
zwager van genoemden Enghelbertus en Jan iPels, zoon van Petrus, 
verklaard hebben, dat zij voormelde schepenbrieven zoo voor hen 
zelven als voor Amold, den zoon van Willem Heijnmanszoon, aan 
hen, schepenen, in bewaring hebben gegeven 9 Augustus 1466 

b, Foyssa, weduwe van Johannes Luedincs van Uden, draagt voor 
Martinus Monicx en Willem Pijckenet, schepenen van 's Bosch, over 
het vruchtgebruik van de helft eener grondrente, die Ghibo van 
Wargarshuysen en Arnoldus, zijn zoon, aan Hille, weduwe van Jan 
Spiker, verleend hadden uit goederen, gelegen te Wergashuesen en 
welke grondrente Johannes Steen, ketelmaker (cacabarius), gekocht 
had van Leoninus, zoon van Leoninus van £rp, als man van Agnes, 
dochter van Nicolaus van Megen, — aan Enghelbertus van Uden, 
haren zoon, zoo ten diens behoeve als ten behoeve van diens zuster 
Deliana; 5 Januari 1466. 

c. Vermits Foissa, weduwe van Johannes Luedinx van Uden, het 
vruchtgebruik van de helft eener grondrente, die Ghybo van War- 
garshuysen en Arnoldus, zijn zoon, verleend hadden aan Hille 
weduwe van Jan Spycker uit goederen, gelegen te Wargarshuysen en 
welke grondrente Johannes Steen, ketelmaker (cacabarius), gekocht 
had van Leonius, zoon van Leonius van Erp, als man van Agnes, 
dochter van Nicolaus van Megen, — overgedragen had aan haren 
zoon Enghelbertus van Uden, zoo ten diens behoeve als ten behoeve 



— 41 — 

van diens zuster Deliana, — en vermits vervolgens genoemde Engel- 
bertus van Uden en Godefridus Mostart als man van genoemde 
Deliana voorschreven helft verkocht hadden aan Amold, den zoon 
van Willem Heymanszoon blijkens schepenbrief van 's Bosch van 5 
Januari 1466, zoo heeft voor Franciscus van Balen en Zeger Adriaans, 
schepenen van 's Bosch, Everardus Pels Gijsbertszoon, als ten overstaan 
van burgemeesters, schepenen en raden der stad Antwerpen daartoe 
gemachtigd door Aernout Pels, voorschreven helft verkocht aan 
Herman, zoon van Jan de Leeuwe ; 11 September 1562. 

d, Everardus Pels Ghijsbertszoon, als daartoe voor burgemeesters, 
schepenen en raden der stad Antwerpen gemachtigd door Aernout 
Pels, verkoopt voor Franciscus van Balen en Zeger Adriaans, sche- 
penen van 's Bosch, aan Herman, zoon van Jan die Leeuwe, de 
helft eener grondrente, die Ghibo van Wargarshuysen en Amoldus, 
zijn zoon, verleend hadden aan Hille, weduwe van Jan Spijcker, uit 
goederen gelegen te Wargarshuysen en welke grondrente Johannes 
Steen, cacabarius, gekocht had van Leonius, zoon van Leonius van 
Erp, als man van Agnes, dochter van Nycolaus van Megen, zijnde 
vervolgens de helft daarvan den 9 Augustus 1466 door Amold, zoon 
van Willem Heijmanszn, gekocht van Jan Pels, zoon van Petrus 
Pels, als man van Mechteld, dochter van Amold van Leempde 
genaamd Becker; 11 September 1562. 1) 

e. Burgemeesters, schepenen en raden der stad Antwerpen ver- 
klaren, dat ten hunnen overstaan Aernout Pels, koopman en poorter 
van die stad, gemachtigd heeft Everard Pels Ghijsbertszoon, zijnen 
neef, wonende te *s Bosch, om te verkoopen alle goederen, die wijlen 
Gijsbrecht Pels voornoemd voor hem den 4 Juli 1544 van Jacob 
de Wolflf en den 4 November van datzelfde jaar van Peeter de 
Wolff, als man Elisabeth, dochter van Peter Peterszoon, gekocht had 
blijkens schepenbrieven van 's Bosch ; 8 Juni 1562. 

1) Blijkens een bij deze akte zich bevindend oud extract uit de schepen- 
brieven, welke op deze rente betrekking hadden en thans gedeeltelijk niet 
meer bestaan, had den 9 Aug. 1466 Jan Pels de helft van die grondrente ver- 
kocht aan Aert Heijmans ; had den 5 Januari van dat jaar Engelbertus van 
Uden c. s. dit reeds gedaan met de wederhelft daarvan ; verkocht 4 Juli 1544 
Jacob de Wolflf, bastaardzoon van den kanunnik Reinier de Wolff, al zijne 
goederen aan Ghijsbert Pels ten behoeve van diens broeder Amold Pels; 
machtigde 21 Juli 1547 Amold Pels, koopman te Antwerpen, zijnen broeder 
Ghijsbert Pels om al zijne goederen te verkoopen en machtigde dezelfde den 
3 Juni 1562 voor schep>enen van Antwerpen zijnen neef Everardus Pels Gijs- 
bertszoon om te verkoopen alle goederen, die deze Gijsbert voor hem, Arnold 
Pels, gekocht had van Jacob de Wolff en Peter de Wolflf als man van Eliza- 
beth, dochter van Peter Peterszoon. 



— 42 — 

/. Alzoo Jan en Nyclaes, gebroeders, Catharina en Eefken, 
gezusters^ kinderen van wijlen Herman die Leeuwe, in het jaar 1564 
de nalatenschappen hunner ouders gedeeld hadden en daarbij aan 
genoemde Catharina was toebedeeld eene grondrente of roggepacht 
van drie en een half mud rogge Bossche maat, welke pacht Ghibo 
van Wargarshuysen en Amd, zijn zoon, hadden verleend aan Hille, 
weduwe van Jan van den Spyker, uit goederen gelegen te Wargars- 
huysen en Everaert Pels Gijsbertszoon als gemachtigde van Amoudt 
Pels voor schepenen van 's Bosch den 11 September 1562 bij twee 
onderscheidene schepenbrieven had verkocht aan genoemden Herman 
die Leeuwe, — zoo heeft voor Dierck van Vechel en Marten]Monis, 
schepenen van 's Bosch, Arnt van der Straeten, als gemachtigde van 
Jan, Nyclaes en Eefken voornoemd, afstand gedaan van alle recht, 
dat hun op voorschreven roggepacht toekwam; 1 April 1577. 

In het op de vorige bladzijde aangehaald extract staat nog ver- 
meld: Anno 1578 den 6 Meert heeft mijn Vader Nicolaes Geraerissen 
van Zoemeren aengetekent^ dat Jaujfr, PelSy {dewekke was de voirs, 
Joffr, Catharina de Leuw^ weduwe J^ Everts Peis^gasthuysmeester)^ 
dese pacht hem gegeven hadde tot behoef van Gerarden ende Everden^ 
syne kinderen ; V selve hsdde hy oick gescreven in sijn testament van 
den jaere 1579. Maer in sijn renthoeck folio 11 heeft hy gescreven^ 
dat hy dese pacht gekocht heeft van Jouffr. Catharina Pels op den 
12 April 1577. 

g, Juffr. Helena van Zomeren, weduwe van de heer Norbertus 
Mutsaerts, in leven licentiaat in de rechten, en Walburch van Zomeren, 
weduwe van den heer Gijsbertus Eelkens, in leven ook licentiaat in 
de rechten en drossaard der heerlijkheid Rethy, dochters van wijlen 
de heer Gerardt van Zomeren, in leven ook licentiaat in de rechten 
en oud-raad van 's Bosch, voor haar zelven en S^ Johan Scheffers 
ais gemachtigde van Nicolaes van Zomeren, mede licentiaat in de 
rechten en cantor te Hilvarenbeek, zoon van genoemden Gerardt 
van Zomeren, allen als erfgenamen hunner zuster Johanna van Zomeren, 
verkoopen voor Reynier Tempeïaer en Johan Daesdonck, schepenen 
van 's Bosch, aan Jan Pauls van Geulen eene roggepacht van drie en 
half mud rogge Bossche maat, welke Catharina, dochter van wijlen 
Harman, den zoon van wijlen Jan de Leeuw, den 12 April 1577 
verkocht had aan mr. Jacob Donck ten behoeve van Nicolaes, zoon 
van wijlen Geraerdt Daniels en die genoemde Johanna van Zomeren 
ingevolge het testament van mr. Gerardt van Zomeren voorzegd, 



— 48 — 

zoon van voornoemden Nicolaes Gerardtszoon, geërfd heeft; 23 Ja- 
nuari 1670. 

h, David Albrecht Zehender, sous-luitenant in het regiment Zwitsers 
van den kolonel May, verkoopt voor Antonij van Hanswijck en mr. 
Willem Comelis Ackersdijck, schepenen van 's Bosch, aan Jan Spens, 
inwoner van die stad, meerbedoelde grondrente of roggepacht, thans 
vergolden wordende door den heer van Kessel, de erven Paijmans, 
van Heeswijki molenaar te Vught en Jan Heesters, en hem aange- 
komen bij overlijden zijner huisvrouw Catharina Adriana de Marcq, 
die ze 9 Juni 1757 had verkregen bij de deeling der nalatenschap 
van wijlen haren vader Theodorus de Marcq, in leven schepen van 
's Bosch, opgemaakt tusschen Leonard de Marcq, secretaris te Oirschot, 
cum suis, als voogden over de minderjarige kinderen van genoemden 
Theodorus de Marcq ter eenre en diens meerderjarigen zoon D' Everard 
de Marcq, ter andere zijde ; 2 September 1766. (Hierbij nog eenige 
akten op papier, ook op deze grondrente betrekkelijk), 

99a. 8 Auguêttu i468. 

Karel van Bourgondië, Hertog van Brabant, geeft opnieuw com- 
munale gronden aan Vlierden uit (Oude copie.) 

99a (6m0 90 Julii^O. 

Verklaring van Jan Kerberts van Erfurt, clericus van het Bisdom 
Maintz en notaris, dat ten zijnen overstaan Wouter van Howeninghen 
aan Johannes Peterszoon Witmeer in diens hoedanigheid van meester 
en rector van het Oude Mannengasthuis op den Uilenburg te den 
Bosch eenige akten van schepenen van den Bosch en Vught, toebe- 
hoorende aan dat gasthuis, heeft overgegeven, waarvan die van den 
Bosch inhouden : „de eerste. Jan van Zidewinden draagt over een huis, 
staande op den Ulenborch te den Bosch naast het erf van het 
Huis van Postel, 1380 ; de tweede, Jan Wouterszn Koge verbindt 
zich, 1380 ; de derde, Jan Wouterszn Koge, 1382 ; de vierde, Wouter 
van Erp huis en erf, 1382; de vijfde Arnd van den Zidewinden 
Janszn, 1411; Henrick Dicbier, heer van Mierlo, de tiend, geheeten 
de ryende van Gesel, 1407 ; Jan die Bye, zoon van Henrick die Bye 
van Druenen, 1364 ; en die van Vught., aanvangende de eerste : 
Wij Amt Reyners enz. getuigen, dat ten hunnen overstaan de 
gebroeders Jan, 2^ger en Henrick hebben verkocht de Bontenbeemd, 
1377; de tweede, Wij Henrick Knoyen enz. 1380 ; voorts een schepen- 



— 44 — 

brief van den Bosch, beginnende : Jan Dummoer, zoon van Jan 
Victorszn., 1458 ; het testament van Jacob Goni, handelende over 
een vat rogge, te leveren uit land te Berlicum en het testament van 
Heer Petrus Mollenaer, handelende over eene geldrente. 

99a (ter). Des Dinsdags voor O, L. V, Onbevlekt Ontvangenis 1470. 

Lismaet Dirckdochter verleent aan Aert Aertszn, richter in het 
Ambacht van Muilkerk en Munsterkerk en voor Heemraden van 
datzelfde ambacht aan de Kerkmeesters van Munsterkerk en Dussen 
eene grondrente, bestaande in vijf pond was, elk jaar te leveren 
van eenen kamp lands, gelegen te Munsterkerk over de Dibbercht, 
genaamd het Sijne Kampje. (Oude copie.) 

100. 4 December 1470. 

Voor Aert Aertszn, richter in het Ambacht van Muilkerk en 
Munsterkerk en voor heemraden in hetzelfde ambacht, zijnde Ariaan 
Janszoon, Laurens Janszoon, Scale van der Eyck Wouterszoon, Claes 
Aertszn , Cornelis Janszn, Gielis Reijerszn en Melis Geritszn, draagt 
Lismoet, dochter van Dirck, aan Aert van der Dussen en Jan Hen- 
rixzn, als kerkmeesters van Muilkerk, in eigendom over en neemt 
daarop van hen in erfpacht aan een kamp lands, gelegen te Munster- 
kerk over de Dibborcht, zijnde geheeten Sisekampje, tegen eenen 
jaarlijkschen cijns van 5 'ponden was, te betalen op St. Peter in 
Syl • . . . , verbindende zij zich het gezegde land te vrijen en te 
waren óuUn dans ende binnen bans van alle onkosten zonder tot 
eenigen verderen last gehouden te zijn, behoudens dat zij den dijk, 
tot meergezegd land behoorende, nog zal opmaken. 

101. 9 December van het 7e jaar van het pausdom van paus PaulusIL 

Philippus, bisschop van , staat toe, dat in de paro- 
chiale kerk van Vlijmen door een daartoe bevoegd geestelijke de 
Mis gelezen wordt op het altaar van de H. Barbara, maagd en 
martelares, hoewel het nog niet gewijd is. 

102. 25 Juli 1472. 

Alzoo Johannes, zoon van Frank van Uden den jonge, als weduwnaar 
van Jutte, dochter van Henrick Glaviman, het vruchtgebruik van 
een stuk land, gelegen in het kerspel Helvoirt ter plaatse genaamd 
die Luwacker tusschen het erf der Tafel van den H. Geest te 's Bosch 



— 45 — 

eenerzijds en dat van Nycolaus van den Staeck anderzijds; item van 
een stuk broekgrond {terra paludiaHs\ gelegen in gezegd kerspel ter 
plaatse genaamd 't Broexkeh tusschen het erf van Coenraad van den 
Staeck eenerzijds en dat van Nycolaus van Lucel anderzijds, alsmede van 
andere goederen, door zijne gezegde vrouw nagelaten, had afgestaan 
aan Willem Glaviman, zoon van Henrick, zoo heeft deze voorschreven 
goederen voor Schepenen van 's Bosch verkocht aan genoemden 
Johannes van Uden, onder belofte van vrijwaring, zoo door hem 
Willem Glaviman als door zijne zonen Henrick en Jan. Hierover 
waren als schepenen Adam die Lu en Johannes Pynappel. 

Aan deze akte is gehecht een schepenbrief van 's Bosch van 
23 Juli 1472, waarbij voor schepenen voornoemd Johannes van Uden 
voorschreven afstand van vruchtgebruik deed. 

103. i5 Ocioher i473. 

Testament van Gherardus van Ghestel, kanunnik der Collegiale kerk 
van St Katherina te Eindhoven. Hij legateerde daarbij o. a. aan de 
Kapelanen van gezegde kerk eene grondrente, die voldaan moest 
worden door Gerardus, zoon van Johannes Gherardszoon, wonende 
te Eindhoven, uit een huis, staande aldaar eenerzijds naast het erf 
der kinderen Heynrick Sterken en anderzijds naast dat van Johannes 
Smets; aan de Kerkfabriek van gezegde kerk eene grondrente, die 
de weduwe van Lucas Erken en hare kinderen, te Woensel wonende, 
te voldoen had uit hunne erven ; eene grondrente, die hem te betalen 
had Heer Arnoldus Scoermans uit diens panden; aan het Klooster 
St. Sophia der Karthuizers te Vucht eene grondrente, die hem te 
betalen had Nicolaus, zoon van Arnoldus Christiaans, wonende te 
Acht, parochie Woensel; aan Godefridus van Werdingen, wonende 
te Stratum, zijnen zwager, eene grondrente, die deze hem te betalen 
had; aan Everard, zoon van Erke, zijne zuster, eene grondrente. 
Verder legateerde hij nog zijn huis met erf en plaats, staande in 
de stad Eindhoven met den eenen kant naast het kerkhof van 
genoemde Collegiale kerk en met het andere eind naast het erf van 
Wolter, zoon van Heynrick Berssen, en met het eene eind aan de 
Kerkstraat en het andere eind aan het erf van hem, testator, alsmede 
zijn ander huis met erf en plaats, staande in gezegde stad met den 
eenen kant naast het erf van Anselma weduwe van Nycolaus Sonck 
en met den anderen kant naast het erf van Wilhelmus Scoenmekers 
en met een eind aan de Molenstraat en met het andere eind aan 



— 46 — 

het erf van hem, testator, — voor een derde gedeelte aan de Fabriek 
der meergezegde kerk, voor een ander derde gedeelte tot versiering 
van de tafel, staande in die kerk in het hoofdaltaar en voor het 
overig een derde gedeelte aan de O. L. Vrouwe broederschap in die 
kerk, tot het lezen van plechtige missen. Tot uitvoerders van zijnen 
uitersten wil benoemde hij Heynric Happozoon, clericus, Heynric 
Coenen en Wolter Keteler, leeken. 

104. 8 FehruaH i^4. 

Willem Donck, Alard Spyker en Amoldus Houbraken verklaren 
voor Schepenen van 's Bosch, dat ten aanzien van twee stukken land, 
behoorde tot eene bouwhoeve, genaamd dU grote h4f€t*e^ die toebe- 
hoorde eerst aan Johannes de Globo en daarna aan Meester Johannes 
en Juffer Sophia, zijne zuster, kinderen van Henrick van Geffen, en 
gelegen is te Boxtel ter plaatse genaamd Mulsel, en welke stukken 
land door Henrick Noeden, Elizabeth, dochter van Johannes Spijker 
den jonge en Henrick Moei van Houbraken voor Schepenen van 
's Bosch verkocht waren aan meester Amold van den Cluyten, — > 
deze laatste hun naastingsrecht erkend heeft. Hierover waren als sche- 
penen Gerard Symons en Johannes Kanapart Janszoon. 

104a (bit.) Si Maart 1475. 

Judocus, zoon van Willem van Nuwelant, verkoopt aan Amoldus 
die Beye, apotheker, den zoon van Gerard, een derde in het huis 
de Lelie, staande aan de Markt te 's Bosch nabij het Stadhuis. 

106. 8 Jpril i475. 

Verklaring van Bartelmeeus Jans Brouwerszoon en Jan van der 
Spont, schepenen van Oosterhout, dat ten hunnen overstaan Willem 
Janszoon van Bedaf aan Jan van Emmichoven heeft verleend eene 
roggepacht van uit zijn land, gelegen bij het bosch van de kinderen 
Peter Joerdens oostwaarts en het land van het in de kerk van 
Oosterhout staand O. L. Vrouwe altaar westwaarts. 

Hieraan zijn gehecht de navolgende schepenakten : 

£ene van 12 Aug. 1476, waarbij voor Bartelmeeus Janszooon en 
Godscalck Janszoon, schepenen van Oosterhout, genoemde Jan van 
Emmichoven voorbedoelde grondrente verkoopt aan Jacop Jan Lip- 
penzoon en 

Eene van 16 December 1475, waarbij voor Bartelmeeus Jans Brou* 



— 47 — 

werszoon en Godscalck Jan Godschalckszoon, schepenen van Ooster- 
hout, genoemde Jacop Jan Lippenzoon meerbedoelde grondrente 
verkoopt aan Henrick Henrick Omenzoon. 

106. 25 Fcln^uari i476. 

Jan, zoon van Ambrosius Janszoon, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Margaretha weduwe van Jacob Janszoon een huis met 
erf, staande in de vrijheid van 's Bosch ter plaatse genaamd den 
Dungen, welk huis mei erf genoemde Jan gekocht had van Henrick 
en Anthonius, zonen van Henrick Everitszoon, en van Jan, zoon 
van Rutger van Griensvenne, als man van Mechteld, dochter van 
Henrick Everitszoon voornoemd. Hierover waren als schepenen 
Willem Pyckenet en Gijselbertus Pels. 

107. 7 Februari i477. 

Broeders Macharias Loenman, prior, Symon van Oesterhout, procu- 
rator, Petrus Lisscap en Johannes van Gerwen, kloosterlingen van 
het Predikheerenklooster te 's Bosch, verkoopen voor Schepenen 
aldaar aan m' Willem van den Eosch ten behoeve van Henrick, zoon 
van Willem Melissoen, eene grondrente, gaande uit huis, erf en 
achterhuis, gelegen te 's Bosch op den Papenhuls tusschen de erven 
van Martinus Stevens, priester eenerzijds en Willem Hals, priester 
anderzijds; uit een huis en erf, gelegen tusschen de erven van Bar- 
tholomeus Crom, priester, eenerzijds en Henrick die Smyt, priester, 
anderzijds en uit een stuk land, gelegen in de parochie van Macharen 
tusschen de erven van Jacob, zoon van Henrick Janszn eenerzijds 
en Dirck van Macharen anderzijds, welke grondrente Katherina, 
dochter van Hubert Wyten van Tilborch, bij koop verkregen had 
van Henrick, priester, zoon van Henrick Janszn en door haar ver- 
volgens gelegateerd was aan voorzegd klooster. Hierover waren als 
schepenen Goeswijn van Beeck en Henrick Sanders. 

103. 8 Juli i4m. 

Jan, zoon van Heymerik Janszoon genaamd Degens, verleent 
voor Schepenen van 's Bosch aan Ghiselbertus, zoon van Aelbert 
Ghysbrechtszoon, lakenscheerder, eene grondrente uit zijn huis, 
staande te 's Bosch aan de Orthenstraat tegenover de Vischstraat, 
naast het huis de Zon, eene poort met gang tusschen beiden lig- 
gende. Hierover waren als schepenen Henrick van Kessel en Ghisel- 
bertus Pels. Zie mijne Voorname Bossche huizen I p. 146. 



— 48 — 

109. 14 Fehruan i478. 

Bul, waarbij bisschop , aan aartshertog Maximiliaan 

van Oostenrijk meldt, dat hij aan de O. L. V. Broederschap, gefun- 
deerd in de St. Jacobskapel te 's Bosch, toestaat, aldaar een draagbaar 
altaar ter eere van O. L. V. te hebben. 

Hieraan een charter van 8 November 1483, waarbij Johannesvan 
Hoerne, bisschop van Luik, aan dezelfde broederschap vergunt aan 
gezegde bul uitvoering te geven. 

109a (bis.) 30 Maart i^9. 

Testament van Johannes Monicx Jacobszn, schepen en burger 
van 's Bosch, waarbij hij verschillende legaten maakt, o. a. ten 
behoeve van de kerk van St Jan Evangelist aldaar, van de Armen 
aldaar, van het klooster der Zusters van Orthen aldaar, van het 
St. Geertruiklooster aldaar, waarin dochters van zijnen broeder 
Maarten waren, enz. 

110. iO Oeiober i48i. 

Aleid, weduwe van Petrus de Bon, burger van Nijmegen, verkoopt 
voor Schepenen van den Bosch aan Goijart, zoon van Goijart van 
Vairlaer, eene grondrente, gaande uit een huis en erf, gelegen aldaar 
in het Nyestraetken, tusschen dat straatje ex uno en het erl van 
David Janszn ex aliOy welke grondrente Petrus de Bon voornoemd 
gekocht had van Petrus, zoon van Mathijs Noyen. Hierover waren 
als schepenen Willem Steenwech en Reinier van den Hoevel. 

111. i5 November i48i. 

Johannes van Spaendonck, zoon van Petrus van Spaendonck, 
verleent voor Schepenen van 's Bosch aan m' Willem van den Bosch 
(de Busco) ten behoeve van Zeger, zoon van Johannes Elyaeszoon, 
eene grondrente uit een huis met erven, staande en gelegen in de 
parochie van Haaren bij Oisterwijk ter plaatse genaamd die GAener, 
alsmede uit eenen beemd, gelegen alsvoren ter plaatse genaamd a/ het 
Roet tusschen het water genaamd die Molenloop en het water genaamd 
die Aa en uit eenen beemd, gelegen te Hel voirt ter plaatse ^^/ iV<?ör/- 
broeck. Hierover waren als schepenen Johannes van der Aa en 
Willem Steenwech. 



— 49 — 

112. 99 Januari i48S, 

De gemeente 's Bosch verleent eene erfrente aan Aleyt weduwe 
van Arnt van Reeth Henri^kszoon. 

113. 7 Juli iASB. 

Bartelmeeus Jans Brouwers zoon en Jan van der Spont, schepenen 
van Oosterhout, verklaren, dat ten hunnen overstaan Peter Claeus 
Scheijnen zoon en Johannes Janszoon van Dongen aan Claeus 
Coman Adriaenszn verkocht hebben drie morgen land, hun, ver- 
koopers, aangekomen bij doode van hunne moeder en van juffruow 
Geertruyde, hunne moei, en gelegen naast het erf van vrouwe van Lyer 
eenerzijds en dat van Claeus voornoemd en anderen anderzijds. 

Hieraan eene akte van 27 Juli 1491, waarbij Jacob Heijmans en 
Johannes Willem Janszn, schepenen van Oosterhout, verklaren, dat 
ten hunnen overstaan Claeus Coeman Adriaenszoon voorschreven 
stuk land verkocht heeft aan Jan Adriaen Ghyselszoon. 

114. 90 Ociober i48S. 

De stad 's Bosch verkoopt aan Aelbert, zoon van wijlen Aelbert 
Ketelaer, eene losrente. 

Hierbij een extract uit het testament van Aelbrecht, zoon van 
Jan Aelbertszoon, zeemtouwer, den 25 September 1577 verleden 
ten overstaan van Heer Willem van Laerheven, priester en vice- 
cureyt der St Pieterskerk te 's Bosch, waarbij hij zijn aandeel in 
gezegde losrente, die hij met zijne beide broeders bezat, legateerde 
aan Grietken, dochter van Jan Aertszoon, zijne tegenwoordige 
huisvrouw. 

115. 90 Oetober i48S. 

Testament van Laurentius, zoon van Helye Huben, wonende te 
Vught, waarbij hij legaten vermaakt aan de Kerkfabriek van Luik, 
aan de Fabriek, de definitores en den custos der Kerk van St Peter 
te Vught, aan zijne broeders en zusters, enz. 

116. De$ anderen daag$ na St. Merdensdag den H, Bitsehop 1485. 

Voor schepenen van Mill verleen en Aemt Willem Essekenzoon 
en Vken, zijne huisvrouw, aan Ermgaert weduwe van Goessen 
Babben eene roggepacht van twee malder rogge Graafsche maat uit 
eenen kamp lands met huis en tuin, gelegen te Wanrooi bij de kapel. 

4 



— 50 — 

117. i April 1486. 

Verklaring van Jan van Leeuwen, rechter te Escharen, Johan van 
Ëesscheren en Jan Meliszoon, laten aldaar, dat ten hunnen overstaan 
Jasper van Esscheren Derickszoon, Aleid, zijne huisvrouw en Jutta, 
de dochter van Thomas van Esscheren, overgedragen hebben aan 
Henrick Claeszoon die sloetmecker eene grondrente, groot vier 
malder rogge 'sjaars, gaande uit eenen kamp lands op de uiter- 
waard aan de Maas, die Kersten Kerstenszoon en Hadewich, zijne 
huisvrouw, plachten te vergelden. 

Hierbij een schepenbrief van Escharen van Maandag na den 
Zondag, als men in de kerk zingt Laetare Jerusalem, 1541, waarbij 
schepenen van dat dorp verklaren, dat Henrick Vertogen en Jutte, 
zijne huisvrouw, hebben overgedragen aan Henrick Peterszoon en 
Henrijke, zijne huisvrouw, voorschreven grondrente, waarvan nu 
gezegd wordt, dat zij te Grave moet vergolden worden, en aan 
transportanten van vader en moeder was aanbestorven, alsmede, dat 
zij thans slechts met twee malder rogge vergolden wordt. 

118. iO Oetober i486. 

Testament van Margaretha, dochter van wijlen Arnold Willems- 
zoon, woonachtig te Vlijmen, verleden ten overstaan van Rodulphus 
van Dommelen, priester van het Bisdom Luik, ten deze optredende 
voor en namens den afwezigen pastoor van Vlijmen: Johannes van 
Orthen, regulier kanunnik der Premonstratenser Abdij van Beme. 
Zij bepaalt daarbij, dat zij wenscht begraven te worden in de parochie- 
kerk te Vlijmen; behalve eenige kleine legaten aan liefdadige instel- 
lingen, vermaakt zij nog eene graanrente van drie vat rogge, jaarlijks 
te betalen uit een land, genaamd de Slage, aan de H. Geestmeesters 
aldaar, waarna zij het overige harer nalatenschap vermaakt aan de 
wettige leden harer familie. 

119. 3 December i486. 

De stad 's Bosch verkoopt eene erfrente aan Zeger en Groijard, 
zonen van Jan van Hedel Goijardszoon en Yda, dochter van 2^er 
van Brede. 

120. 2i Maart i487. 

Vermits aan mr. Arnd van der Cluyten bij vonnis van Schepenen 
van 's Bosch, bij gebreke van betaling eener grondrente, door Gerard 



— 51 — 

van Mulsen Adriaanszoon aan genoemden van der Cluyten op 
1 April 1486 verleend, de goederen van genoemden van Mulsen zijn 
toegewezen, en daarop meergenoemde van der Cluyten die had 
overgedragen aan Henrick Bredebairt, zoo heeft vervolgens voor 
Schepenen van 's Bosch laatstgenoemde die goederen, welke bij die 
stad en bij Boxtel gelegen zijn, in het bijzonder eene roggepacht, 
gaande uit land te Boxtel, verkocht aan Maarten van £lmpt. Hier- 
over waren als schepenen Ëngelbert van Uden, Gerard van £yck, 
Johannes Pynappel en Goijart Grotart van Os. 

121. 94 Maart 1487. 

Maarten van Elmpt verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
m' Amold van der Gluten eene grondrente, gaande uit eene hoeve 
te Boxtel en afkomstig van Gerard van Mulsen Adriaanszoon. Hier- 
over waren als schepenen Engelbertus van Uden en Johannes Pijn- 
appel. (Zie oorkonde n^ 120.) 

122. S3 Juni i487. 

Herman geheeten die Mommer, Pauwels Jacobszoon, Matheus 
Henrick Janszoon, Aert Ghys Woutgheerszoon, Peter Schuerman en 
Peter van der Borre als procureurs van het dorp Esch verkoopen 
ten overstaan van Schepenen aldaar uit kracht van octrooi en macht 
aan het dorp en de ingezetenen van Esch door hunnen genadigen Heer 
den Koning als Hertog van Brabant gegeven en van brieven van 
procuratie hun, goede mannen voornoemd, door de gemeene buren 
van Esch of het raeerendeel hunner verleend, — aan Henrick dieGreve 
Martenszoon een stuk coinmunalen grond, genaamd het Scoetken. 
Hierover waren als schepenen Aelbrecht Henrick Abenzoon, Jan 
Laureyns Hubenzoon, Willem Tymmerman en Willem Janszoon. 

123. i2 December i487. 

Jan en Willem, gebroeders en Ida hunne zuster, kinderen van 
Henrick Wouterszoon en Ida Sanders; Ida, dochter van Johannes 
Sanders; Nicolaus, zoon van Aelbert Claeszoon, als man van Oda, 
dochter van Henrick Sanders; Amoldus van de Rundven Dircks- 
zoon; Henricus, Rutger en Egidius, zonen van Johannes Bogart 
Rutgerszoon, voor zich en voor Matheus en Wouter, hunne broeders 
en Heylwich hunne zuster, ook kinderen van Johannes Bogart Rut- 
gerszoon, allen erfgenamen en rechtverkrijgenden van Johannes Bogart 
van Hyntham, zoon van Johannes Balenszoon, van de zijde van den 
vader van genoemden Johannes Bogart ; Elisabeth weduwe van Dirck 



- 62 - 

Bolants ; Johannes en Diohysius, zonen van Dirck Bolants en Elisabeth 
voornoemd voor zich en voor Willem 'en Katharina, ook kinderen 
van laatstgenoemde echtelieden, alsmede voor Willem en Ratharina, 
kinderen van Henrick Vos en wijlen Judoca, dochter van Dirck 
Bolants en Elisabeth meergenoemd, allen erfgenamen en rechtver- 
krijgenden van genoemden Johannes Bogart, van de zijde van diens 
moeder, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch land, afkomstig van 
meergenoemden Johannes Bogart, zoon van Johannes Balenszoon, 
gelegen te Rosmalen ter plaatse genaamd de Hooge Vliedart, 1) — 
aan Johannes, zoon van Ada van Kempen. Hierover waren als 
schepenen Johannes Dachverlies en Godefridus Groetart van Os. 

Hierbij de navolgende transfixen : 

Een van 9 April 1510, waarbij voor Amoldus Monicx en Gerard 
van der Bruggen schepenen van 's Bosch, Johannes Scellens, zoon 
van Godschalk Noijens, als man van Hillegond, bastaarddochter van 
Johannes, zoon van Ada van Kempen genaamd Huijskens en genoemde 
Johannes, zoon van Ada van Kempen, aan Wouter Oems Janszoon 
verkoopen voorbedoeld land, gelegen in de Hooge Vliedart naast 
het erf van Amold Beys Amdszoon en door Johannes, zoon vaii 
Ada van Kempen en Sophia, zijne vrouw, aan genoemden Johannes 
Scellens bij zijn huwelijk met Hillegond geschonken. 

ld. van denzelfden datum, waarbij genoemde Johannes Scellens 
en Johannes van Kempen zich voor genoemde Schepenen jegens 
Wouter Oems Janszoon verbinden om gedurende een tijdvak van 
twee achtereenvolgende jaren te betalen de twee grondrenten, op 
voorschreven land klevende, waarvan de eene te voldoen had Willem 
Vos, zoon van Henrick en de andere Johannes Bloeymans. 

ld. van 18 Sept. 1517, waarbij voor Johannes Monicx en Nycolaus 
van Buckhoven, schepenen van 's Bosch, Andreas, zoon van Jan 
Andrieszoon, aan Wouter Oems Janszoon verkoopt broekland, gelegen 
te Rosmalen ter plaatse, genaamd die Hoich Vliedert^ tusschen het 
erf van het Leprozenhuis, genaamd Ter Eycendonck, eenerzijds en dat 
van de kinderen van Ghysbert die Cock anderzijds en zich uitstrek- 
kende van eene openbare steeg tot aan het erf van genoemden kooper. 

124. K Juni 1488. 

Engbrecht van den Bersselare, Wouter van de Laeck, Jan die 
Momber, Michiel Anegoen, Amt van Vucht, Gherit van de Loo en 
Jan Lancxzoon, schepenen van Boxtel, getuigen, dat ten hunnen 

1) Thans genaamd de Hooge Vliert. 



— 68 — 

overstaan Laureijns, zoon van wijlen Engbrecht van den Bersselare, 
aan meester Arnd van der Cluyten heeft verkocht eene erfrente, door 
Joest, Aert Vrients zoon, van Heylwijg, wettige dochter van Adriaen 
Melen Aertszoon en van Jan Jan Meeuszoon als man van Machteld, 
wettige dochter van Adriaen voornoemd, verkregen en die aan 
genoemden Laureijns jaarlijks moet betaald worden van uit een huis, 
hof en hofstad melten cuyUn^ voorheen toebehoorende aan wijlen 
Ruelen Aertszoon, gelegen te Boxtel ter plaatse genaamd Munsel 
eenerzijds aan het erf van wijlen Wouter Engelen en anderzijds aan 
de erven van de erfgenamen van Aert Hacken en anderen, enz. 

125. iS Ocioher i48S. 

Michiel Henrickszoon en Jan Willem Stoopszoon, schepenen van 
Eindhoven, verklaren, dat ten hunnen overstaan Rutgher, de zoon 
van wijlen Aert Happen, procurator van het Klooster der Regu- 
lieren „die Haghe", gelegen bij Eindhoven, ten behoeve van dat 
klooster verkocht heeft eene roggepacht van een mud rogge, die 
Jacop, de zoon van Engbrecht Ghevartszoon, had verleend aan 
Elyzabeth, de <}ochter van Amt Boudewijnszoon van den Hoeve, 
uut der beUringhe van eenen beemd, genaamd de Elsbroeck, gelegen 
in de parochie van Woensel, tusschen het erf van Gheertruyd, de 
dochter van Henrick Michiels, eenerzijds en dat van Aleyt Boelarts en 
hare kinderen anderzijds en zich uitstrekkende met het eene eind 
tot <un den doden grove en met het andere eind tot aan het erf van 
Reyner Willemszoon, alsmede uut der beteringhe van eenen beemd, 
genaamd die hoeve beempt, en uit een euwsel daarboven gelegen, 
beide stukken gelegen in gezegde parochie tusschen het erf van 
Heilwigh Everards Parmansweduwe en hare kinderen en dat van 
Amt Happenzoon eenerzijds en tusschen het erf van genoemde 
Heilwigh en hare kinderen en dat van Aemt Spyckincx anderzijds 
en zich uitstrekkende met het eene eind tot aan de Dommel en met 
het andere eind tot aan den akker van genoemden Jacop, genaamd 
die hoeve streepe, zijnde voorschreven beteringhen door voornoemden 
Rutgher wegens wanbetaling eener roggepacht van een mud rogge 
gerechtelijk verkocht geweest aan Jan Gherit Ketelerszoon, die ze 
wederom verkocht aan Rutgher meergenoemd. 

126. £8 Nw^mher 1488. 

Gielis Jan Ghyselszoon verkoopt voor Schepenen van Oosterhout 
aan Ascensius Janszoon een loopens land. Hierover waren als schepenen 
Jan van der Spont en Jan Aert Joeszoon. 



— 64 — 

127. 4 Maart i49i. 

Jan van Put, als uitvoerder van het testament van Jacoba, natuur- 
lijke dochter van Amd Jacobszoon en huisvrouw van Goijart Comelis- 
zoon Sprenkel, ter eenre en Gerrit Jacobszoon de Zeelmaker, Jan 
Damen de Grove en Jan Conincx, ingezetenen van Breda, als kapel- 
meesters der kapel van Merkendale, staande buiten de poort van 
die stad, ter andere zijde, komen met elkander overeen omtrent 
goederen, aangewezen voor de fundatie eener Mis in gezegde kapeU 

128. 30 Maan i49L 

Wolterus van Brede, zoon van Jacob en Hilla, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Johannes Dagens eene grondrente, die 
Gerardus van £llair verleend had aan Henrick, zoon van Willem 
Donck, van uit een huis met erf, staande te 's Bosch in de Vughter- 
straat tusschen het erf van Jacob van den Wyel eenerzijds en dat 
van Henrick van den Kerckhoff anderzijds, alsmede van uit eene 
grondrente, ook gaande uit voorschreven huis met erf en eene plaats 
van Willem die Rijcke, zijnde de eerstbedoelde grondrente door ge- 
noemde Hilla aan haren zoon Wolterus geschonken als bijdrage voor 
diens huwelijk met Hilla, dochter van Tijelman Pyeckenet, en zijnde 
voorschreven huis met erf thans gelegen tusschen het erf der erven van 
Wolterus Vuchts eenerzijds en dat van Katherina van den Acker ander* 
zijds en strekkende het zich uit van af de straat tot aan de Dieze. Hier- 
over waren als schepenen Yewanus Kuijst en Willem Hagens. (Zie 
oorkonde n^ 45.) 

129. 3 April 1491. 

Meester Kuyst verbindt zich voor Schepenen van den Bosch jegens 
Marcelis van Ekart, kramer, dat hij het attemptaai^ door de Priorin 
van het Klooster der Regularissen te Helmond of haren procureur 
tegen voornoemden Marcelis voor den Ofïlciaal van Luik, te Leuven 
residerende, gedaan, af zal doen en dat gezegde Priorin of haar 
procureur tegen hem, Marcelis, niet meer zal procedeeren, zoomeide, 
dat als meergenoemde Marcelis vrijgesproken wordt, deze ter zake 
voorschreven niet meer voor den geestelijken rechter zal getrokken 
worden, maar bij reformatie gedagvaard worden voor den Ranselier 
en Raad van Brabant. Hierover waren als schepenen Yewaen Kuyst 
en Willem Hagens. 



— 56 -- 

130. i8 Januari 1492. 

Cornelius, zoon van Willem die Canter, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Godefridus van Lancvelt Lonijszoon eene grond- 
rente uit erven, gelegen in de parochie Oisterwijk ter plaatse genaamd 
Udenhout Hierover waren als schepenen Gerardus Kuyst en Petrus 
van Vladeracken. Hieraan eene akte van 22 September 1598, 
waarbij voor Franciscus Bardoul en David Everswijn, schepenen van 
's Bosch, Nicolaus en Johannes, zonen van Henrick Peterssen van 
Ophoven, voor zich en voor de overige erfgenamen van genoemden 
Henrick, voorschreven grondrente verkoopen aan Petrus Janssen van 
Tilborch. 

131. 29 Januari i492. 

Vermits Godefridus die Ridder, zoon van Egidius Henrickszoon 
en zijne vrouw Johanna, dochter van Everard Janszoon, eene grond- 
rente, die Amoldus, zoon van Willem van den levelaer, verleend 
had aan Gerard Moll, zoon van Andries, uit eenen akker, toebehoord 
hebbende aan Dirck Sceyvel en gelegen ter plaatse genaamd die 
Slaegen en uit de overige erven aldaar gelegen ; verder eene grond- 
rente, die Amoldus, zoon van Willem van den levelaer, aan ge- 
noemden Gerard Moll uit het voorschreven verleend had en voorts 
de helft van een stuk land, gelegen in de parochie van Roesmalen 
(Rosmalen) ter plaatse genaamd die Hoeven tusschen het erf van 
Marcelis van Uden eenerzijds en dat van Everard van den Water 
en Johannes Monicx Jacobszoon anderzijds, — verkocht hadden aan 
Arnoldus, zoon van Willem Heijmanszoon, zoo hebben voor Schepenen 
van 's Bosch Godefridus die Ridder en zijne vrouw Johanna hier- 
boven genoemd aan genoemden Amoldus Willemszoon beloofd voor 
zich zelven alsmede voor Georgius Reijmbrants als man van Elisabet 
de oude, Franck Post als man van Geertruid, Laurentius van Reeck 
als man van Elisabet de jonge en Martinus van Loen Janszoon als 
man van Heilwigh, de dochters van genoemde echtelieden, binnen 
twee jaar afstand te doen van alle aanspraken, die zij op het ver- 
kochte zouden hebben. Hierover waren als schepenen Gerardus Kuyst 
en Anthonius Spierinc. 

132. i April i492. 

Schepenen, gezworenen, raadslieden, die men noemt Mig€ luden^ 
dekens van de ambachten en de geheele gemeene stad van 's Her- 
togenbosch, verklaren, dat zij aan Arnd Peter Stevenszoon van de 



~ 56 — 

Amervoirty deti molner (multor), toegestaan hebben het gebruik van 
een stuk erf, gelegen te 's Bosch buiten de H. Kruispoort oostwaarts 
aan den stadsstroom en binnen de Pieckenpoort, o. a. onder de 
bepaling, dat hij en zijne rechtverkrijgenden daarop ten eeuwigen 
dage eenen lossen rosmolen zullen mogen hebben ten gerieve van 
de poorters en ingezetenen van voorschreven stad. 

133. 5 Januari i49S, 

Johannes, zoon van Paulus genaamd Roever Coenenzoon, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Paulus genaamd Roever, zoon van 
Rudolphus Coenen, zijnen vader, eene grondrente, gaande uit eene 
boerderij, gelegen in de parochie van Helvoirt ter plaatse genaamd 
de Afterstraat, welke grondrente door hem verkregen was van Jacobus, 
zoon van Egidius Loniszoon. Hierover waren als schepenen Johannes 
van Hedel en Henricus Eyckmans. 

134 abest. 

135. i9 September i4Sè of 1494. 

Testament van Geertruid, dochter van Dirck Snoecx en weduwe 
van Henrick die Langhe, genaamd in den Ancker, burger van 's Bosch. 
Zij maakt daarbij verschillende legaten, o. a. grondrenten ten behoeve 
van de Fabriek van de Kerk van St. Lambert te Luik ; de Fabriek van 
de Kerk van St. Jan £v. te 's Bosch; het Minderbroedersklooster aldaai ; 
het Predikheerenklooster aldaar ; een altaar in de kapel van St. Jacob 
op den Windmolenberg aldaar; het Karthuizersklooster te Vucht; 
de nieuwe kapel van St. Antonius aan het eind van het Hinthamereind 
te 's Bosch ; de Armenblokken aldaar enz., welke grondrenten zij 
vestigde op hare twee huizen, staande te 's Bosch op het Hinthamereind 
nabij de Zwengelbrug in de straat, waardoor men gaat naar het 
klooster de Porta Coelt. £nz. (Zie oorkonden n^. 90 en 96). 

136. 9 September 1493. 

Jacobus, zoon van Egidius Loniszoon, verleent voor Schepenen van 
's Bosch aan Johannes, zoon van Paulus Roever Coenenzoon, eene 
grondrente uit eene boerderij, gelegen in de parochie van Helvoirt 
ter plaatse genaamd die Afterstraet naast het erf van Engbertus, 
zoon van Henrick Brabants en zich uitstrekkende van het erf van 
Johannes van den Stadeacker tot de gemeene straat. Hierover waren 
als schepenen Goeswinus van den Hezeacker en Adam Roempot 



— 57 ^ 

(Hierin een briefje, waarbij Roeloff Noppen Janszoon verklaart, dat 
meester Goijart Grootart hem deze grondrente den 4 Mei 1587 heeft 
overgedragen.) Zie oorkonde n» 138. 

137. i9 Maart 1494. 

Heer Johannes, priester, zoon van Henrick van Stakenborch, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Mathys, zoon van Johannes van 
Vladeracken, eene grondrente uit twee derde gedeelten in een huis 
met erf, staande aldaar aan de Zadelmakersstraat tusschen het erf 
van Willem die Becker eenerzijds en dat van Henrick die Cuyper 
anderzijds, welke parten Henrick en Willem, zonen van Henrick 
Goetkynt en Luytgard, van hunne ouders geërfd hadden, zijnde 
bedoelde grondrente door Dirck, zoon van Christiaan van den Hoe vel, 
verkregen, zoo ten behoeve van dezen als van hem zelven, zijnen 
broeder Henrick en Yda, dochter van Johannes genaamd Minder- 
broeder. Hierover waren als schepenen Johannes Pynappelen Dirck Pels. 

138. 2 Jan. i494. 

Petrus van Milheze en Marcelius van den Hoevel, in hunne 
hoedanigheid van uitvoerders van den uitersten wil van Geertruid, 
weduwe van Henrick die Lange, verkoopen voor Schepenen van 
's Bosch de helft in het huis genaamd het ^;7>^^r, staande te 's Bosch 
op het Hinthamereind in de richting van het klooster de Porta 
Coeli, welke helft Henrick van Stiphout, zoon van Henrick, had 
gekocht van Gerard MoU van Driel en vervolgens had verkocht aan 
zijnen broeder Nicolaas, waarna die was gekomen aan diens weduwe 
Geertruid, die na zijnen dood hertrouwde met Henrick die Lange. 
Kooper werd Petrus Bardeyn van Os onder verplichting van daarop 
eenige grondrenten te vestigen ten behoeve van het Leprozenhuis 
op den Ëykendonck, van de Armen Blokken te 's Bosch enz; tot 
fundatie van twee missen in de nieuwe St Antoniuskapel aldaar, 
enz. Hierover waren als schepenen Johannes Pynappel en Dirck Pels. 
(Zie oorkonde n» 185). 

139. 2 Jan. 1404. 

Petrus Bardeyn van Os en Coenrard die Cuyper, zoon van Dirk 
Stevenszoon, komen voor Schepenen van den Bosch met elkander 
overeen over hunne wederzijdsche rechten en verplichtingen ten 
aanzien van het huis het Anker, staande op het Hhithamereind te 



— 58 — 

*s Bosch in de richting van het klooster de Porta Coeli en waarvan 
elk hunner een gedeelte had gekocht van Petnis van Milheze en 
Marcelius van den Hoevel in hunne hoedanigheid van uitvoerders 
der uiterste wilsbeschikking van Geertruid weduwe van Henrick die 
Lange, genaamd in den Ancker. Hierover waren als schepenen 
Johannes Pynappel en Dirck Pels. (Zie de vorige oorkonde). 

139a (biê). 12 Juni 1494. 

Adriana weduwe van Coenrard van den Staeck verleent voor 
Schepenen van 's Bosch aan hare dochter Coenrarda eene grondrente 
uit een huis met erf en land, staande en gelegen te Haaren ter 
plaatse genaamd Belveren. Vrijwaring te dier zake geeft met haar 
haar broeder Jacobus, zoon van Gerard Ghyselair. 

140. 21 Noü. 1494. 

Henrick Dierxzoon, Peter Valkenaer, Goyart van Herentum, Dierick 
die Visser, Peter van de Loo, Willem Lanxzoon en Gherit Coppens, 
schepenen van Boxtel, getuigen, dat ten hunnen overstaan Roelof 
Aryaens Roelofszoon zich jegens meester Arnd van der Cluyten 
verbonden heeft om erfelijk te vergelden eene roggepacht aan den 
H. Geest te Boxtel ; item aan de Heeren van St Oedenrode 1) te 
Rooi ; item aan het Clarissenklooster te 's Bosch, met dien verstande, 
dat de goederen van mr. Arnd ten eeuwigen dage daarvan vrij zullen 
blijven. (Hieraan een zegel, voorstellende een heilige met een sleutel 
in de hand). 

141. 19 Maart 1498. 

Heer Jan Venmans, priester en rector van het St. Catherinaaltaar 
te Helmond, Heer Geraert Swerts, prriester en rector van het 
H. Geestaltaar in voorschreven kerken Heer Dieryck Snoecx, priester 
en rector van Sint Salvators ook in die kerk, voor zich en voor en 
namens hunne andere medebeneficiaten, nu wezende en later zullende 
zijn, zich sterk makende, verkoopen voor Schepenen van Helmond 
aan Jan Beek eenen hof, genaamd den Gasthuishof, gelegen aldaar 
bij een huis, genaamd 't Eiuyskens huis, tusschen de Kampstraat en 
de Kerkstraat, en eertijds toebehoord hebbende aan nu wijlen Luitgard 
van de Capellen, welken hof de voornoemde beneficiaten voortijds 

1) Hiermede zullen bedoeld zijn de Kapittelheeren van St. Oedenrode. 



— 59 — 

verkregen hadden van Daniel van der Hellen, welke dien te voren 
gekocht had, een en ander blijkens schepenbrieven van Helmond. 
Hierover waren als schepenen Jan Snoecx en Dieryck Swerts. 

142. 7 Maari i499. 

Johannes en Quirinus, gebroeders en Godefrida, hunne zuster, 
kinderen van Henrick van den Laer en Mechteld, dochter van Jan 
Akaryns ; Otto, zoon van Adriaan van den Oever als man van Eva 
en Willem, zoon van Willem van den Roijenacker, als man van 
Catharina, dochters van Henrick van den Laer en Mechteld voornoemd, 
deelen voor Schepenen van 's Bosch de nalatenschappen van laatst- 
genoemde echtelieden, waartoe o. a. behoorden een huis in de Tolbrug- 
straat te 's Bosch ; eene roggepacht, gaande uit goederen onder Heeswijk 
gelegen enz. Hierover waren als schepenen Johannes Monicx en 
Amoldus Beys. (Hierbij nog een tweetal transporten betreffende 
gezegde roggepacht, hebbende bij de eerste d.d. 10 Aug. 1699 mrs. 
Jacobus en Theodorus Schoneus, chirurgyns wonende te 's Bosch, 
als executeurs-testamentair van hunnen vader mr. Gerard Schoneus, 
insgelijks chirurgijn te 's Bosch, Vs daarvan verkocht aan Pieter Jacques, 
weesvader aldaar en echtgenoot van Maria van Ravenswaey). 

143. ^ Mei 1500. 

Vermits Amoldus Cnoden, zoon van Jan Houweningen, als man 
van Heilwig, dochter van Wouter van Os, lakenbereider, eene grond- 
rente, gaande uit het goed Ten Velde, gelegen te St. Oedenrode en 
toebehoorende eerst aan Beertken van den Velde, vervolgens aan 
Ëdmond die Roover, zoon van Johannes van Hellu, verkocht had 
aan Wouter van Os, zoon van Wouter van Os, lakenbereider, en die 
rente vervolgens gekomen was aan mr. Johannes Sampson, weduwnaar 
van Hillegond Loyer Jacobsdochter, als vruchtgebruiker en aan hunne 
kinderen Johannes, Jacobus en Nicolaus, als bloote eigenaren, en 
vermits daarna genoemde mr. Sampson van zijn vruchtgebruik ten 
behoeve van zijne voorzegde zonen Jacobus en Nicolaus afstand had 
gedaan, zoo hebben dezen voor Schepenen van 's Bosch gemelde 
grondrente verkocht aan Johannes Heym. Hierover waren als schepenen 
Johannes van Arkel Fetruszoon en Johannes Ghysselen. 

144. 3i JanuaH i50i. 

Henricus, zoon van Henricus, den zoon van Wolterus van der 
Heijden, weduwnaar van Geertrudis, de dochter van Johannes Scellekens, 



— 60 — 

alsmede Wolterus, Johannes, Henricus en Anthonius, zonen van 
eerstgenoemden Henricus en diens vrouw Geertrudis, voor zich zelven 
en als zich sterk makende voor Paulus, den zoon van deze echtelieden, 
verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Andreas en Johannes, 
zonen van Lodovicus van Berze, zoo ten dezer behoeve als ten 
behoeve van hunne zuster Katherina, een derde in : a. huis met erf, 
plaats en gebouwen, staande en gelegen in de parochie Oirschot in 
den heerdgang (pastoria) van Spoerdonck tusschen het erf van Andreas, 
zoon van Lodovicus van Beerze, timmerman, diens broeder Johannes 
en diens zuster Katherina eenerzijds en het erf van Johannes Leemans 
anderzijds, zich uitstrekkende van de gemeene straat tot aan het erf 
van Jordanus van der Vloet; b. den Luytenacker, gelegen alsvoren, 
tusschen het erf van genoemde koopers en zich uitstrekkende van de 
gemeene straat tot aan het] erf van genoemden Jordanus van der 
Vloet; c. tria pecia hereditatum^ gelegen alsvoren tusschen het erf van 
genoemde koopers eenerzijds en dat van Wolterus genaamd Loyen 
Timmermans anderzijds en zich uitstrekkende van het erf van den Heer 
van Meerrodt tot aan de gemeene straat; d. een stuk land, genaamd 
de Streep, gelegen alsvoren tusschen het erf van genoemden Heer 
van Meerrodt en dat voorheen van Heer Willem van der Heyden, en 
zich uitstrekkende van het erf van Petrus Gieliszoon tot de gemeene 
straat ; e twee bonaria weiland van zes bonaria weiland, gelegen alsvoren 
tusschen de erven van Henrick Janszoon van Aelst en Willem die 
Decker van Berze eenerzijds en het erf van het Huis van Postel en. 
anderen anderzijds en zich uitstrekkende van het erf, genaamd die 
Langdonck en meer andere tot aan de gemeene straat, welke beide 
bonaria rijdende zijn met de overige hiervoren bedoelde bonaria ; 
/. dua pecia weiland, aan elkaar gelegen ter plaatse alsvoren tusschen 
het erf van meergenoemden Jordanus van der Vloet, zich uitstrekkende 
van het eri der kinderen van Willem van der Vloet tot aan de 
gemeente Oisterwijk ; g den halven bonariutn weiland van twee en een 
halven bonarium weiland, gelegen alsvoren tusschen het erf van meer- 
genoemden Jordanus van der Vloet eenerzijds en dat van Paulus 
Vlemincx anderzijds en zich uitstrekkende van het erf der genoemde 
kinderen van Willem van der Vloet tot aan de gemeente Oisterwijk; 
g een halven bonarium^ genaamd de Audenbeempt, gelegen alsvoren 
tusschen het erf van genoemden Jordanus ven der Vloet en zich 
uitstrekkende tot aan gezegde gemeente; zijnde het voorschrevene 
aan eerstgenoemden Henricus van der Heijden, en zijne genoemde 
kinderen aangekomen bij doode van den in de tweede plaats ge*^ 



— 61 — 

noemden Henricus van der Heijden, hunnen vader en grootvader, 
respectief. Hierover waren als schepenen Lambertus Bogaert en' 
Amoldus Paeuweter. 

N. B. De in deze akte genoemde van der Heijdens waren 
van eene andere familie dan die van Best. 

145. iO Februari iÖOi. 

Lauwreys, zoon van wijlen Jan Greeys en Comelis van den Eynde, 
zoon van wijlen Peter van den Eynde, als erfgenamen van wijlen 
Jan Boeyen, zoo voor zich als in den naam van diens andere erfgenamen 
verkoopcn voor Schepenen van Oisterwijk aan Peter, zoon van wijlen 
Jan Tielmans, twee huizen met hunne hoeven en gronden, te zamen 
groot een half mudzaat lands, gelegen in de parochie van Oisterwijk 
ter plaatse genaamd Kerkhoven tusschen het erf van Willem van 
Oss eenerzijds en dat van Geertruid weduwe van Benedictus Heyen 
met hare kinderen, een gemeen straatje tusschen beiden liggende, 
anderzijds, strekkende vanaf de gemeene straat tot aan het erf der 
erfgenamen van wijlen Aert Goessens, enz. Hierover waren als. 
schepenen Wouter Thomaszoon en Henrick Willem Edmonzoon. 

146. i4 Maart i502. 

Johannes, zoon van Dirck Voss en Katharina van Heerssel Jans- 
dochter, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Gerlach die 
Roover een vierde gedeelte in een huis met erf, plaats en achterhuis, 
staande aldaar aan den Papenhuls tusschen het erf van Rodolph die 
Bever eenerzijds en dat van Heer Everard van den Water, kanunnik 
te 's Bosch, anderzijds, van welk part zijn genoemde vader, als 
weduwnaar van Katharina voornoemd, had het vruchtgebruik doch 
waarvan deze had afstand gedaan ten behoeve van zijnen gezegden 
zoon. Hierover waren als schepenen Goeswijn van Brecht en Lambert 
Millinck. (Zie over dit huis mijne Voorname Bossche huizen Up. 503). 

147. i4 Nw. iSaS. 

Vermits Amoldus, zoon van Andries Bemts, twee kamers onder 
een dak, staande te 's Bosch achter het Dries Bemts straatje, loopende 
van de Korte Colperstraat tot aan een plaatsje van genoemden Amoldus, 
gelegen vóór gezegde kamers en de overige twee kamers van denzelfden 
Amoldus, met de helft van den scheidingsmuur tusschen de beide 
eerstbedoelde en de beide laatstbedoelde kamers en met het recht 



van gebruik te maken zoo van een riool (cloaca seu ia/rina)^ loopende 
van de eerstbedoelde kamers naar de Ridderstraat, als van gezegd 
plaatsje en straatje, verkocht had aan Dirck Geritszoon, bakker en 
Willem, zoon van Willem van Gerwen, zoo heeft genoemde Willem 
van Gerwen Willemszoon zijn recht op eene der eerstbedoelde kamers 
voor Schepenen van 's Bosch verkocht aan genoemden Dirck Geritszoon, 
bakker. Hierover waren als schepenen Lambert Millinck en Gerardus 
van Berckel Gerardszoon. 

148a. i4 Juni iSOS. 

Testament van Andries Moll Gerardszoon en diens echtgenoote 
Katherina, dochter van Laurentius Gijsbrechtszoon, beiden burgers 
van *s Bosch, zoomede een nader testament van genoemde Katherina 
van 7 September 1519, met den inventaris der gelden, door de 
Kerkmeesters der St. Janskerk te 's Bosch in hare nalatenschap ten 
huize van Roelof van den Broeck gevonden. 

149. 98 Juli i503. 

Mathijs, zoon van Johannes van Vladeracken, draagt over voor 
Schepenen van 's Bosch aan Katherina weduwe van Comelius Roelofs- 
zoon eene grondrente, gaande uit een huis aan de Zadelstraat te 
's Bosch en door hem verkregen van den priester Heer Johannes, 
zoon van Henrick van Stakenborch. Hierover waren als schepenen 
Goeswyn van Brecht en Gerard van Berckel. (Zie oorkonde n^ 187). 

150a. 93 September izM. 

Willem en Jan Canghieter, zonen van Gijsbrecht en burgers van 
's Bosch, maken bij hun testament legaten aan verschillende armen- 
en kerkelijke instellingen aldaar. 

151. 90 Januari 1504. 

Wouter van Chaam, Johan van den Putt en Mercelis de Backer 
als kerkmeesters der O. L. V. kerk te Breda, verkoopen wegens de 
lasten en nooden van die kerk aan de kapel van Merkendaal, staande 
buiten die stad, eene grondrente, die Cornelia, dochter van Aert 
Rusenaers, gelegateerd had aan gezegde kerk. 

152. 29 Auguêluê 1504. 

Vermits Chrispina weduwe van Petrus Bardeyn aan hunne zonen 
Meester Willem en Heer Johannes Bardeyn, priesters, had afgestaan 



het vruchtgebruik van twee derde gedeelten in een huis met erf, 
staande te 's Bosch aan het eind der Hinthamerstraat bij de brug, 
genaamd de Zwengelbrug tusschen een straatje, genaamd het Sint 
Anthonis straetken, eenerzijds en tusschen het erf van Coenrard die 
Cuyper anderzijds, waarvan de eigendom bij doode huns vaders 
geérfd was door hare voornoemde zonen, zoo heeft voor Schepenen 
van 's Bosch genoemde Meester Willem Bardeyn zijn een derde 
gedeelte in voorschreven huis overgedragen aan zijnen broeder Heer 
Johannes. Hierover waren als schepenen Jordanus van Boert en 
en Johannes Monicx Johanneszoon. (Zie oorkonde n^ 139). 

153. 15 Januari 1505. 

Vermits Goeswinus, zoon van Petrus Pryker en van diens tweede 
vrouw Katherina, dochter van Johannes Vuchs, voor zich en als zich 
sterk makende voor zijne zuster Katherina, alsmede Elisabeth, zijne 
zuster, begijn in het Groot Begijnhof te 's Bosch, aan Aleid, dochter 
van genoemden Petrus Pryker en ook hunne zuster, eene grondrente 
hadden verleend van uit een huis met erf, plaats en achterhuis, 
staande te 's Bosch aan de Peperstraat tusschen het erf van Aleid 
weduwe van Lambert van den Hoevel eenerzijds en dat van Eva 
weduwe van Herbert Hals en hare kinderen anderzijds, zoo heeft 
voor Schepenen van 's Bosch genoemde Goeswinus voor zich en voor 
zijne zuster Katherina zich jegens eerstgenoemde Aleid verbonden 
voorschreven grondrente te zullen aflossen wanneer het goed, waarop 
die kleeft, verkocht zal worden. Hierover waren als schepenen 
Lambertus Bogart en Johannes Keymp. (Zie over dit huis mijne 
Voorname Bossche huizen II p. 462.) 

154. 30 Maart iSOó. 

Jan Tempeler verkoopt voor Schepenen van Helmond aan Herbert 
Berthoutszoon van Wetten e^n zill lantSy gelegen te Helmond in 
die Meyensiraet Hierover waren als schepenen Jan Starkens en Dieryck 
Ziberts. 

155a. 4 mx>. 1506. 

Amoldus, zoon van Andreas Bemts, verleent voor Yewan Kuyst en 
Rodolph Noppen, schepenen van 's Bosch, aan Jan, zoon van Woutger 
van Merlaer, eene grondrente uit a een kamp, genaamd den ballinc 
buenrey gelegen in de parochie van St. Oedenrode tusschen de erven 



— 64 — 

van Jordanus Vrients, Elisabeth Geerlix en Wouter die J^;ereenerzijds 
en die van Juflfer Sophia weduwe van Anthonius Spierinck en hunne 
kinderen anderzijds en zich uitstrekkende van af het erf van Stephanus 
Goetscalx tot aan het gemeene broek ; b twee kamers en hare erven, 
gelegen te *s Bosch in een straatje nabij de Colperstraat tusschen het 
erf van Goeswyn Janszoon van Doeme eenerzijds en dat van Dirck 
G^ritszoon» verwer, anderzijds en zich van achteren uitstrekkende tot 
aan het erf van Catharina, dochter van Wouter *sBien en Goyart 
Martens, gewandsnijder. 

Hieronder staat: 

D* Eerw. Heeren ende broederen Peeter van Beeru^ /^^> Mathijs 
van Hees^ licentiatt in de H. Godtheyt^ Jan van Herssel senior ende 
Willem Somers^ procurator des Convents van Predickheeren binnen 
deser stadt van 's Hertogenbossche^ in name ende van wegen dessel/s 
convents^ verklaren, dat Willem Willemszoon van Esch, gezworen bode 
der voorzegde stad, als eigenaar van eene der voorschreven kamers, 
aan hen voormelde grondrente heeft afgelost 6 Aug. 1618. (Onder 
de onderteekenaars komt genoemde Willem Somers niet voor, doch 
wel frater Johannes Teysterbant supprior en frater Godefridus Booms 
ab Oosserwijck. 

156. VJ Nw. i506. 

Willem, zoon van Henrick van Griensvenne, als man van Mar- 
garetha, dochter van Hubert Ëliaszoon, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan domicella Katherina weduwe van Henrick Ghys- 
selen een perceel weiland, gelegen te Boxtel ter plaatse genaamd 
de Tongerensche beemden. Hierover waren als schepenen Lambert 
die Wolf en Rodolph Noppen. 

167. 8 Juli iSm. 

Maximiliaan, Roomsch Koning, Aartshertog van Oostenrijk, Hertog 
van Brabant, staat aan meester Jan van der Stegen en Margriet, 
zijne huisvrouw, toe om bij uitersten wil over al hunne goederen 
te beschikken. 

158a. i9 Ocioher id07. 

De Kanselier van Brabant gelast de Regeering van 's Hertogen- 
bosch te dienen van dupliek in hare procedure met den Graaf van 
Megen. Hierbij het antwoord daarop van de Regenten van gezegde 
stad aan voorbedoelden Kanselier. 



^ 66 — 

159. ii Januari iöQS. 

Goessen, zoon van wijlen Peter Prykers, machtigt voor Schepenen 
van 's Bosch Claessen, zoon van Goessen Gorten, zijnen zwager, om 
te verkoopen de helft in een huis met erf, staande in de Peperstraat 
aldaar en nu bewoond door mr. Frans Toelinck. Hierover waren 
als schepenen Joirden van Boert en Willem van Achel. (Zie over dit 
huis mijne Voorname Bossche huizen II p. 464). 

IdO. iO Maart iSQ8. 

Vermits eerst Henricus van Stiphout Henrickszn de helft in een 
huis, staande te 's Bosch in de Hinthamerstraat naast het straatje, 
gaande van die straat naar het klooster de Porta Coeli, verkregen 
had van Gerard Moll van Driel en daarna genoemde Henricus van 
Stiphout die helft verkocht had aan zijnen broeder Nycolaus, zijnde 
voorschreven helft thans een geheel huis met een daarachter gelegen 
achterhuis en staande het nu tusschen voorschreven straatje eenerzijds 
en het overige van dat huis, toebehoorende eertijds aan Henrick 
die Lange genaamd in den Anckcr en zijne vrouw Geertruid, ver- 
volgens aan Coenrard die Cuyper, zoon van Dirck Stevenszoon, 
anderzijds. En vermits vervolgens Petrus van Milheze en Marcelis 
van den Hoevel, als executeurs-testamentair van genoemde Geertruid, 
voorschreven huis met achterhuis, den Ancker genaamd, verkocht 
hebben aan Petrus Bardeyn van Os, zoo heeft voor Schepenen van 
's Bosch Heer Lambertus, priester, zoon van genoemden Petrus Bardeyn 
van Os, een derde in datzelfde huis met achterhuis verkocht aan 
zijnen broeder Heer Johannes, priester. Hierover waren als schepenen 
Gerardus Kuyst en Philippus Sanders. (Zie oorkonde no 152). 

161. S Juni 1508. 

Notarieele verklaring van Johannes Bacx van Herenthals, notaris 
te *s Bosch, dat ten huize van Jan de Cock in SA Jacob^ zijnde eene 
openbare herberg aan de Markt 1) te 's Bosch, Ghijsbert de Cock 
Janszoon en Jan de Wit Janszoon, timmerman, bij gerechtelijke 
uitwinning eigenaars zijn geworden van de navolgende onroerende 
goederen van hunnen schuldenaar Wouter de Brouwer Janszoon : een 
huis met erf, vier kamers en tuin; een stuk erf met recht van uitweg 
en eene rosmolenplaats, alles gelegen op het Ortheneind te *s Bosch. 

1) Is thans de Pensmarkt. 



— 66 - 

162. 28 Januari 1509. 

Vermits Paulus, zoon van Adrianus van den Akeren, verleend had 
aan Heer Johannes, priester, zoon van Dirck van den Zande, eene 
erfrente van vier Rijnsche guldens uit huis, erf en landerijen, staande 
en gelegen in de parochie van Esch, ter plaatse genaamd Breedeacker, 
tusschen het water aldaar stroomende, de Aa genaamd, eenerzijds en 
tusschen den gemeentegrond van Esch anderzijds, alsmede uit eenige 
landerijen, — zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch genoemde 
rentheffer verklaard, dat voornoemde eigenaar de rente steeds zal 
kunnen aflossen met twee en zeventig dezelfde guldens. Hierover 
waren als schepenen Godefridus Symons en Gerard van der Bruggen. 

163. SO Januari iSOO. 

Gerard, zoon van Henrick Dirickszoon en Mechteld, de dochter van 
Johannes van Grotell en Hadewig, de dochter van Johannes van den 
Kelder en Oda, de dochter van Dirck die Lu ; Lucas Barniers als 
man van Johanna, dochter van Johannes van Grotell en Hadewig 
voornoemd en Yda, dochter alsvoren, verkoopen voor Schepenen 
van 's Bosch hun aandeel in een huis met plaats en achterhuis, 
staande aldaar aan den Papenhuls tusschen het erf van Rodolph 
die Bever eenerzijds en het erf van heer Peter die Ruyter, kanunnik 
der Collegiale kerk van St. Jan Ev. te 's Bosch, anderzijds, zich 
uitstrekkende van de straat tot aan het water, welk aandeel zij 
hadden geërfd van Andries die Lu, zoon van Dirck voornoemd, — 
aan Gerlach die Rover. Hierover waren als schepenen Arnold Monicx 
en Lambertus Bogart. (Zie over dit huis mijne Voorname Bossche 
huizen II p. 504). 

164a. ^ Februari 1509. 

De Schepenen van Bakel en van Aarle komen als vertegenwoor- 
digers van die dorpen overeen, dat al degenen, die recht beweren 
te hebben op de gemeene gronden van Bakel en Aarle, jaarlijks 
zullen hebben te verschijnen op de gtmttfu waarheid^ die gehouden 
zal worden te Bakel ter plaatse, genaamd de Wolfsput, nadat zij 
daartoe zullen zijn ontboden door de zes goede mannen, welke 
gekozen zijn door hen, aan wie gezegde gemeente is verleend en dat 
zij, die daarop niet verschijnen of bevonden zullen worden op het 
recht op meergezegde gemeente inbreuk te hebben gemaakt, eene 
boete zullen verbeuren, in te vorderen door den Heer. van Bakel. 



— 67 — 

165. 13 Maart 1509. 

Geerlick die Rover verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Mr. Claes Kuyst ten behoeve van den Deken en het Kapittel van 
St Jan Evangelist aldaar een erf of tuin, gelegen in gezegde stad, 
ter plaatse genaamd de Papenhuls, tusschen het erf van Peter de 
Ruyter, kanunnik te 's, Bosch, eenerzijds en de poort met gang van 
den verkooper anderzijds. (Het gold den verkoop van het erf, waarop 
later de zoogenaamde Heerenkelder gebouwd is). Hierover waren als 
schepenen Amt Monicx en Gerrit van der Bruggen. (Zie nog mijne 
Voorname Bossche huizen II p. 509). 

166. n Juni i509. 

Henricus van Esch, priester, als commissaris en stadhouder der 
leenen van den Eerwaardigen Vader den Abt en het Convent van 
Echtemaken, getuigt, dat voor hem in zijne voorschreven qualiteit 
van stadhouder en voor Dirck van Doime, mr. Amt van der Ameyden, 
Dirck van Oss en Jaspar van Esch, als mannen van leen van 
genoemden Abt en Convent: de eerbare Marten Janszoon van 
Birghelen verklaard heeft, dat hij een vierde in den tiend van Vlierden, 
dat hij in leen heeft van meergenoemden Abt en Convent, verkocht 
heeft en het hem, stadhouder voornoemd, daarom opdraagt ten 
behoeve van mr. Claes Coelenzoon en Gerrit diens broeder, alsmede 
dat hij, stadhouder, daarop deze beide laatsten met dat een vierde 
beleend heeft 

167. 29 Maart i5iO, 

Hadewig, dochter van Nicolaas Meliszoon en Hadewig, dochter van 
Johannes van Groetelt, doet voor Schepenen van 's Bosch afstand 
van het recht, toekomende aan hare moeder en aan haar op een 
huis met erf, plaats, achterhuis en andere gebouwen, staande aldaar 
aan den Papenhuls tusschen het erf der erfgenamen van Roelof die 
Bever eenerzijds en het erf van Heer Petrus die Ruyter, kanunnik der 
Collegiale kerk van St Jan Ev. te 's Bosch, anderzijds en zich 
uitstrekkende tot aan het water, zooals haar dat recht bij erfenis 
was aangekomen van Andries die Lu, zoon van Dirck die Lu, — 
ten behoeve van Geerlach die Roever. Hierover waren als schepenen 
Roelof van den Broeck en Arnold Paeuweter. (Zie over dit huis mijne 
Voorname Bossche huizen II p. 604). 



— 66 - 

168. 5 Juli i5i0. 

Martinus van Campen als man van Geertruid, dochter van Ywan 
van Dommelen, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan }ohannes, 
zoon van Johannes Franckenzn van Uden, de helft eener weide, 
gelegen in de parochie van Oisterwijk ter plaatse genaamd Udenhout 
en de helft eener weide, genaamd de Berkelsche beemd, gelegen ter 
plaatse genaamd Nartbroeck. Hierover waren als schepenen Johannes 
Kanapert Janszoon en Henricus van Uden. 

169. ii Juni iSii. 

Lysbeth weduwe van Peter Jan Tyelmanszoon, dochter van wijlen 
Lambrecht Goyaertszoon, bekrachtigt voor Schepenen van Helvoirt 
het testament, hetwelk zij met wijlen haren genoemden man den 
29 September 1489 voor Schepenen van Oisterwijk gemaakt had, 
waarna zij voor Schepen voornoemd al de goederen, die zij met 
haren man bezat, hetzij die gelegen mochten zijn te Oisterwijk, Beek, 
Tilburg, Haaren, Helvoirt of ergens anders, overdraagt aan Goyard 
Wouter Stickerszoon, onder verplichting van dezen laatste om in 
haar levensonderhoud haar leven lang te voorzien en na haren dood 
voor haar een eerlycke uuytvaert te doen houden en alle hoire kercken 
rechten te betalen. Hierover waren als schepenen Jan van der Hoeven 
en Jan Peter Holttenzoon. (Hieraan het schepenzegel van Helvoirt). 

170a. 7 Nwemher iSii. 

Henrick Raymeker, Willem LamBrechtszoon, Henrick van den 
Bogaert, Gerinck van Houthem, Jan Lybrechts, Jan Rycartszoon en 
Gerit van der Hauthart, schepenen van Schijndel, verklaren, dat ten 
hunnen overstaan Roelof Dirckszoon van Ghent verkocht heeft aan 
mr. Jan van Berkel eenen kamp lands, de Knottenkamp genaamd, 
gelegen in de parochie van Schijndel in de Dinthersche kampen en 
eenen kamp lands, de Nieuwe kamp genaamd, gelegen ter plaatse 
voorschreven aan de Landweer tusschen de gemeente van Schijndel 
eenerzijds en de gemeente van Vechel anderzijds, welke kampen ge- 
noemde van Ghent verkregen had tegen Heer Jan van Zochel, priester. 

Hierbij nog: 

a eene Schepenakte van Schijndel van 18 November 1541, waarbij 
voor Ardt van Zochel en Peter Reynders, schepenen, Claes, Adriaen, 
Hugo, Anna eQ Sofia, allen wettige kinderen van wijlen mr. Jan, 
den bastaardzoon van wijlen Qaes van Berkel, en diens huisvrouw 



Mariken ; en Jan, zoon van wijlen Jan van der Dussen als man van 
Margriet, ook wettig kind van mr. Jan en Mariken voornoemd, met 
consent van hunne genoemde dochter Mariken, wettige dochter van 
Elias Dirckszoon van Hamellenborch, eenige goederen van wijlen 
mr. Jan deelen ; Claes van Berkel en Jan van der Dussen kregen 
daarbij voor hun deel Hendrik Timmermanshuis^ staande te 's Bosch 
op het Hinthamereind aan de Pijnappelspoort tusschen de Dieze tot 
aan de stadsmuren toe eenerzijds en Michiel Loeckemans anderzijds ; 
alsmede eenen kamp genaamd de Zeven bunders, gelegen te Schijndel, 
tusschen de gemeenten van Schijndel en Vechel en eenen kamp, 
gelegen te Schijndel aan het Wybosch op de Locht bij het duin; 

b eene Schepenakte van Schijndel van 17 Mei 1552, waarbij voor 
Jan van Oetelaer en Jan Rutger Janssen, schepenen, Niclaes, zoon 
van wijlen mr. Jan van fierkei, en Marten, zoon van wijlen Pauwei 
Pauwelszoon van Boxtel als man van Margriet 1), dochter van 
genoemden mr. Jan, verdeelen eenige kampen lands, gelegen onder 
Schijndel. 

171. 2i Maart 1512. 

Adriaan, zoon van wijlen Jan Berckelmans als man van Margriet, 
dochter van wijlen Goijart die Becker, doet voor Schepenen van 
Oisterwijk ten behoeve van Goijard, zoon van wijlen Wouter 
Stickers, afstand van de nalatenschap van wijlen Elisabeth weduwe 
van wijlen Peter Jan Tielmans zoon en dochter van wijlen Lambert 
Goijarts. Hierover waren als schepenen Jan Andries Lambrechtszoon 
en Jacop Henrick Emeyszoon. 

172. iS Augustus i5i% 

Lauwerijs en Embrecht, zonen van wijlen Claes Tielmans en Jan, 
zoon van wijlen Jan Tielmans, zoo voor zich en namens hunne 
zuster Beatrijse, die buitenlands is en voor wie zij gezamenlijk in- 
staan; Gerrit, zoon van wijlen Henrick Leuw en Huybrecht, zoon 
van wijlen Jan van Gerwen als momboiren over Kathelijn, Johanna 
en Elizabeth, onmondige kinderen van wijlen Jan Tielmans; Jan, 
zoon van wijlen Goeyaert Roosen en wijlen Heylwigh, de dochter 
van wijlen Jan Tielmans eerstgenoemd; Aert, zoon van wijlen 
Lambrecht van Woensel, als man van Katheryne, dochter van wijlen 

1) Hij was haar tweede man ; van haren eersten man van der Dassen had 
sij twee kinderen. 



- 70 — 

Goeyaert en Heylwigh voornoemd; Heer Bartholomeus Jan Blanc- 
kaertS20on, priester en Jan Roosen voornoemd als momboiren over de 
onmondige kinderen van wijlen Embrecht, (zoon van wijlen Goeyaert 
en Heylwigh meeigenoemd), en van diens huisvrouw Geertruye, dochter 
van Jan Blanckaerts voornoemd; Alaert, zoon van wijlen Henrick 
Alaerts en Jan Roosen voornoemd als momboiren over de onmondige 
kinderen van wijlen Gerrit, zoon van wijlen Goeyarts en Heylwigh 
dikwerf genoemd, allen als nakomelingen en erfgenamen van wijlen 
Peter, den zoon van wijlen Jan Tielmans voornoemd, doen ten over- 
staan van Schepenen van Oisterwijk (?), afstand van alle hunne 
rechten op diens nalatenschap ten behoeve van Goyaerd, zoon van 
wijlen Wouter Stickers. Hierover waren als schepenen Wouter Thomas 
Wouterszoon en Aelbrecht Willemszoon. (Zie oorkonde nP 171). 

173. 90 Auguêtut i5i9. 

Ten overstaan van den notaris Joannes Bacx van Herenthals, cl^rUus^ 
verklaren Henricus van Uden en Wouter van der Rullen, kerk- 
meesters der Collegiale en parochiale kerk van St Jan Ev. te 's Bosch, 
ontvangen te hebben van Barbara Meyerijnne, afr^i7/a, en uitvoerster 
van den uitersten wil van wijlen strenui vM et miiitis Andreas Knoef, 
in de wandeling genaamd cUyn enderlijn^ nuncupati atque capiianei^ 
dum vixerat^ ctsareae majestatisy verschillende geldsommen, kleinodiën 
en zilveren vaten om die te verdeelen onder eenige godshuizen en 
armen. Hierna verklaarden den 5 Méi 1518, bij akte ten overstaan van 
genoemden notaris opgemaakt, nobilis et strenuus Dominus Symon de 
Phirty miles^ cansitiarius Caesareae majestatis, als gemachtigde van 
zijne Keizerlijke Majesteit en van den honorabilis vir Gabriel Surgant, 
als gemachtigde der zusters en erfgenamen van heer Andreas, ge- 
naamd cleyn enderlijriy blijkens akten van volmacht hierna te ver» 
melden, en Barbara als weduwe van dezen laatste te hebben terug 
ontvangen van de Fabriekmeesters der gezegde kerk de som van 
200 gouden rijnsguldens, welke som was overgebleven van hetgeen 
dezen als voorzegd ontvangen hadden en van geene aanspraak meer 
te zullen maken op hetgeen dezen meer hadden ontvangen; deze 
verklaring werd gedaan door heer Symon in het logement de Roode 
Poort in de Hinthamerstraat en door Barbara in een huis, staande 
op (apud) de Markt naast het logement de Gulden Kop (hospitium 
aurecapitum) te 's Bosch. 

Volgen de volmachten : 

a. die, waarbij de Roomsche Keizer den ridder en raad heer Symon 



— 71 — 

van Phyrt machtigt om in zijne handen te stellen alle goederen van 
wijlen zijnen kapitein cleyn anderle^ zooals die door dezen nage* 
laten zijn, en ze te verdeelen tusschen de naaste vrienden en magen 
van dezen, weshalve hij een ieder gelast om die goederen aan 
genoemden heer Symon uit te leveren. 

b. die, waarbij Gabriel Surgant, gemachtigde van Ennely en Rosy 
Konopfiin, zusters van wijlen heer cleyn enderiin^ substitueert den 
edelen Jonker Symon van Phirt om de goederen van genoemden 
cleyn enderlin op te vorderen en daarvoor kwijting te geven. 

Hierbij nog eene akte van 14 Mei 1518, waarbij Lambert van 
Burderick en Art Kemp verklaren ontvangen te hebben uit handen 
van de Kerkmeesters van den Bosch de twee honderd gouden 
guldens, die zij gehouden waren aan de erfgenamen van wijlen Heer 
Andries Knoef, die men hiet cleen enderlinck^ terug te geven van 
de penningen, welke Berber Meyerinne, zijne huisvrouw, aan ge* 
noemde Kerkmeesters had ter hand gesteld om die te geven aan zeker 
Godshuis tot zaligheid zijner ziel, hebbende voor gezegde tweehonderd 
gulden Heer Simon van Feert en Berber voornoemd kwitantie 
gegeven. (Zie over genoemden Knoef Taxandria VIII blz 246 en 
vlgd en IX blz 180 en vlgd). 

174. iS Apnl iöiS. 

Testament van Henrick Glavimans Willemszn en zijne huisvrouw 
Mary van Meyelsvoert Jansdr, verleden ten overstaan van Henrick 
de Bye Henrickszoon, notaris te den Bosch. Zij legateeren daarbij 
hun woonhuis, genaamd Ae/ Lavosr, staande aan de Markt aldaar, 
op den hoek der Kolperstraat, onder bepaalde voorwaarden aan het 
Groot Ziekengasthuis aldaar. 

175. 9 Augustus i5i5. 

Paschasius van Breijn Willemszoon als man van Ëngela, dochter van 
Henrick van Merlaer, den zoon van Amoldus van Merlaer, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Henrick, zoon van Roelof 
Ambroeszoon, het aandeel zijner vrouw in: a eene grondrente, die 
Zebertus, zoon van Nycolaus Coel, den zoon van 2^bertus die Dorre, 
verleend had aan Ëlizabeth weduwe van Johannes, den zoon van 
Nycolaus Coel Keelbreker en aan Mechteld, de dochter van Ëlizabeth 
en Johannes voornoemd, van uit eene hofstede, gelegen te Eerlykem 
(Berlicum) ter plaatse genaamd Beeckvelt tusschen het erf van het 



— 72 — 

Klooster van Berae eenerzijds en dat van Gerard, den zoon van Gerard 
die Tijmmerman anderzijds, alsmede uit een stuk bouwland en eenen 
kamp broekgrond terzelfder plaatse gelegen tusschen het erf van 
Amold Tengnagel en Jacob Vranckenzoen eenerzijds en dat van 
gezegd klooster en genoemden Amold Tengnagel anderzijds, hebbende 
genoemde Henrick van Merlaer voorschreven grondrente gekocht 
van Henrick van Arkel als man van Mechteld, de dochter van Johannes, 
den zoon van Nycolaus Coel Keelbrekers; b eene grondrente, die 
Johannes, zoon van Wautger Martenszoon, verleend had aan Gerard, den 
zoon van Johannes Sporken, uit eene hofstede, gelegen in de parochie 
van Berlykem ter plaatse genaamd op die Loeffoirt tusschen de ge- 
meene straat eenerzijds en het erf van Judocus Peterssoen en anderen 
anderzijds, alsmede uit den Kepkensakker, gelegen alsvoren tusschen 
het erf van Gerard Lanensoen eenerzijds en dat van Gibo Bolle en 
anderen anderzijds, zoomede uit een stuk land, gelegen in de parochie 
van Roesmalen (Rosmalen) ter plaatse genaamd Kolcmanscamp 
tusschen het erf van Nycolaus Aelbrecht Cleijssoenszoen eenerzijds 
en dat van Gerard Dircxsoen anderzijds, hebbende meergenoemde 
Henrick van Merlaer deze grondrente gekocht van Rutger, den zoon 
van Jacob Keelbreker, als man van Heijlwig, de dochter van Gerard, 
den zoon van Johannes Sporken. Hierover waren als schepenen 
Matheus Kuijst en Johannes van Gunsterslair. 

Hieraan zijn verbonden: 

a eene akte van 

22 April 1532. 

waarbij Godefridus Symionis en Everardus van den Water, schepenen 
van 's Bosch, vidimus geven van : V^ een schepenbrief van die stad 
van 15 Januari 1436, waarbij voor hare schepenen, Bertoldus die 
Luu en Nycolaus van Berze, — Elisabeth weduwe van Johannes, 
den zoon van Nycolaus Coel Keelbreker en Mechteld, de dochter 
van genoemde Elisabeth en Johannes tegen het beding van eerst- 
bedoelde grondrente aan 2^bertus, zoon van Nycolaus Coel, den 
zoon van Zebertus die Dorre, verkoopen eene hofstede, gelegen in 
de parochie van Berlikem ter plaatse genaamd Beecvelt tusschen 
het erf van het klooster van Beme eenerzijds en dat van Gerard, 
zoon van Gerard die tijmmerman, anderzijds en zich uitstrekkende 
van af het erf van Petrus Lemmens tot aan de gemeene straat, 
alsmede een stuk bouwland en eenen kamp broekgrond, gelegen 
terzelfder plaatse tusschen het erf van Arnold Tengnaegell en Jacob 



— 73 — 

Vranckenszoon eenerzijds en het erf van het klooster van Berne en 
dat van Arnold Tengnaegell anderzijds, zich uitstrekkende vanaf de 
rivier die Aa tot aan het erf van genoemden Arnold Tengnaegell ; 
29 een schepenbrief van gezegde stad van 16 Juli 1459, waarbij voor 
hare schepenen Nycolaus Spierinc en Wolterus van Vucht, Henricus 
van Arkell als man van Mechteld, de dochter van Johannes, den 
zoon van Nycolaus Coel Keelbreker, voorschreven grondrente verkoopt 
aan Henrick van Meerlaer, den zoon van Amoldus Henrickszoon 
van Meerlaer. 
i. eene akte van 

20 Maart iM6. 

waarbij voor schepenen van 's Bosch, Franciscus Toelinc en Nycolaus 
van Buchoeven, — Amoldus, zoon van Henrick van Meerlaer, 
krachtens volmacht, bij schepenbrief der stad Bergen in Henegouwen 
verleend aan hem en m' Henrick die Bye door Pascasius genaamd 
Pasquier de Braine als man van Engela en door Johannes Gondelier als 
man van Aleid, dochters van genoemden Henrick van Meerlaer, zoo- 
mede door Johannes Wautquier als man van Johanna en door Elisabeth, 
Henrick en Aleid, kinderen van Henrick van Meerlaer, den zoon van 
genoeihden Henrick van Meerlaer, het recht van dezen op de in de 
akte van 9 Augustus 1515 vermelde grondrenten verkoopt aan 
m' Henrick die Bye en Henrick Roelofssoen, genaamd glaesmakcr, 

c. eene akte van 

25 Octoher i552. 

waarbij voor schepenen van 's Bosch Jan van der Stegen en Frans 
Boogaerty — * overmits van de eerste der beide laatstbedoelde 
grondrenten Jutken, dochter van Roelof, den zoon van wijlen 
Henrick, den zoon van wijlen Roelof Broeszn, genaamd ge^aesmaktr, 
voor zich en voor Jan, haren broeder, den zoon van wijlen Roelof 
voornoemd, den zoon van wijlen Henrick, den zoon van wijlen 
Roelof Broeszn, genaamd geloismaker^ aan Janne, den zoon van wijlen 
Peter Jacopszn, als man van Ëngelkene, dochter van wijlen Henrick, 
den zoon van wijlen Roelof Broeszn, genaamd gelaesmaker^ een vierde 
gedeelte had verkocht, — laatstgenoemde Janne als man van voor. 
noemde Ëngelkene de helft van die grondrente wederom verkocht 
aan Wouter, den zoon van wijlen Fajmbert Toelinck. 

d. eene akte van 

S November 1614, 

waarbij voor schepenen van 's Bosch, Herman van Huemen en 



— 74 — 

Gherardt van den Berghe, — Roeloff Noppen Henricxzn, burger van 
die stad, als bij schepenbrieven der stad Amsterdam gemachtigd 
door de voogden over de kinderen van den juwelier Hans Thijssen 
en Katalijn Boel, de dochter van Augustijn Boel en Aelbertken, 
de dochter van Wouter, den zoon van Eijmbert Henrickzn Toelinck, 
laatstbedoelde helft der grondrente verkoopt aan Jan, den zoon van 
wijlen Peter Henxickszn Wonders van Roosmalen, bierbrouwer. 

176. 129 April i5i7. 

Amold, Willem, Hillegond en Elisabeth, kinderen van Henrick 
van Volken en Willelma, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch 
aan Jacob Donck Henrickszoon een paar perceelen land, gelegen te 
Rosmalen, ter plaatse genaamd Heze, waarvan het eerste o.a. grensde 
aan het erf van Johan van Vladeracken, heer van Geffen en Nuland 
en van welke perceelen hunne genoemde moeder den tocht had, 
waarvan zij echter ten hunnen behoeve had afstand gedaan. Hier» 
over waren als schepenen Maarten van Campen en Frans Toelinck. 

177. iO October i5i7. 

Schepenen en Raden der stad 's Hertogenbosch verklaren: a. dat 
op voorschreven datum Jan van Balen als procureur der Susieren 
V2n Orthen van Sinte Andries huys bijnnen deser stad f gelegen hun 
getoond heeft een brief, waarbij Karel Hertog van Bourgondie, 
Lotharingen, Brabant, enz. verklaart dat hem de la part de nous 
bien aimez, les seurs de la maison Saint Andrien de Orthen en 
nostre ville de Bois Ie Duc nous ait esté exposé et remonstré 
comment en la dite maison de Saint Andrien a eté dancienneté et 
encores est i present une notable congregation de femmes y vivans 
en commun et conensemble et gaignans leur vie honnestement è 
filer et faire linges et jè soit ce que les dites femmes ou seurs ne 
soient dans une religion ou profession ains ajant franc arbitre de 
pouvoir yssir et partir de la dicte maison de Saint Andrien quant 
bon leur semble et comme personnes layes eulx mettre en estat de 
mariage ou autrement on leur plaisir et que d'autre part les dites 
seurs estans et demourans en icelle maison soient neantmoins subjectes 
k notre jurisdiction contribuans en nos aydes et subventions et 
generalment en tous leurs faiz et condicion telle que autres personnes 
layes bourgois manans et habitants en nostre ville de Bois Ie Duc 
mesmement en fait de succession, tellement quelles sont capables et 



— 76 — 

habiles a succeder en leur parens et amys aussi que Ion leur peut 
et doit succeder avec ce aussi de povoir faire acquestes et venditions 
de biens, telz que bon leur semble, neantmoins elles font doubte 
que au temps advenir aucuns ne voulsissent quant a ce soubz couleur 
de leur dicte congregation tenir et reputer de la condicion des per- 
sonnes ecclesiastiques ayant fait profession en cloistres ou religion 
et lesquelles par certaine ordonnance faicte par feu nostre tres 
chier Sr. et père, que Dieu absoille, en Tan soixante troix, ne peuvent 
faire aucuns acquestes que ce ne soit de nostre consentement, ne 
peuvent aussi succeder k leurs parens et amys, ce que seroit un tres 
grant grieff, interest et dommage des dites seurs non estans com* 
prises en la dite ordonnance. Ainsi que sont personnes prives layes 
et de la condicion dessus declairée si comme elles dient, en nous 
supplians pour ce tres humblement que pour Ie seuite pour temps 
advenir nostre plaisir soit sur ce faire aucune declaracion et dicelle 
leur faire expedier nos lettre patentes a ce pertinentes. Savoir faisons 
que nous ces choses considerées et après ce que les lettres patentes 
contenans la dite ordonnance ou la copie d'icelles ont esté veues 
et visitées en nostre grant conseil et sur tout en bon advis aux 
seurs de Orthen inclinans k leur dite supplication et requeste avons 
au cas dessus dit dedaré et declarons en leur octroyant et consentant 
se mestier est par ces presentes que nonobstant leur dite congre- 
gation elles comme personnes layées pourront succeder k leurs 
parens et amys et k leurs biens, eens, rentes et autres heritaiges aussi 
que leurs dits parens et amys pourroient semblement succeder a 
icelles seurs d'Orthen et k leurs biens, eens, rentes et heritaiges, 
pourroient avecq ce faire acquestes et vendicions tout ainsi et par 
les forme et manieres que font, peuvent et doivent faire autres per- 
sonnes layes manans et habitans en nostre dite ville de Bois Ie Duc 
et en la mayerie dicelle etc. 27 April 1474. 

d. dat meester Claes Kuyst, meester Peter van Oss en meester 
Symon van den Coudenborch, secretarissen dezer stad, eenparig ver- 
klaarden op hun eed ter manisse des leegen scauth^ dat die moeder 
ende procuratrix met een ofte meer susteren desselve huys van 
Sin te Andries bij consente huers proviseurs vestinge doen ende erf ven 
voir scepenen deser stadt ende insgelijcx hen weder aen geguedt 
ende gevest wordt ende hebben van gelycken verscheyden extracten 
als secretarissen geprotocoUeert ende voir scepenen gepasseert zijn 
geweest. Item meester Peter van Oss voirgen. tuyghde noch hem 



— 76 — 

kennelyck te zijn, dat zuster Mechtelt van Helmont, oick bijnnen 
dese huyse woenende, in de gueden by hueren alders achtergelaten 
tegen Goyartden, hueren brueder, gedeylt heeft tot gelycker portien. 
Item Cemen Henricxszn, cremer, tuyghde by synen eede ter manisse 
des leegen scouth voirgen. hem kennelijck te zijn, dat Connegondt 
Voss, wesende suster totten susteren van Orthen voirs. met hueren 
medeerfgenamen heeft gedeylt die gueden van hueren vader ende 
moeder gebleven. Enz. Item Heer Dirck van Loemel, priester, tuyghde 
in priesterlycke formen, sijn hant op sijn borst leggende, dat Lysbeth 
Nyss ende Margriet Nyss, woenende ten susteren van Orthen, van 
den gueden, van hueren vader ende olden vader aengecomen, hunne 
portie tegen hunne bruederen ende susteren gehadt hebben, dair se 
mede tevreden waren, enz. Item Margriet Goyens, mater der voirs. 
susteren van Orthen, tuyghde by hueren eede ter manisse des Richters 
accorderende met Heeren Dircken voirgen. Item suster Sophia Janss, 
woenende in den voirs. huyse tuyghde by hueren eede, dat zy bijnnen 
een jair herwaerts suster wesende oft dairomtrent gedeylt heeft tegen 
huere susteren enz. Item Cemen Henricxszn ende Claes Meliszn 
voirgen. tuyghden noch by hueren eede hen kennelijck te zijn, dat 
sekere susteren uuyten susterhuyse voirgen. zijn gegaen, aennemende 
een huwelycken staet ofte anderssins in der werelt blyvende. Item 
enz. Item Heer Marcus van Geele, priester, tuyghde in priesterlycke 
formen, sijn hant op sijn borst leggende, hem kennelick te zyne, 
dat nadien Heylwich, dochter wilner Willems Janszn van Balen int 
suster huys van Orthen gegaen is geweest, die zwagers van huere 
zusteren gecomen zijn ende hebben zuster Heylwigen ofte huere 
oeverste geontenteert van huere kijndsgedeelte enz. Item Dirck 
Scoercop (?) ende Dirck van Creyelt, twee van de zesse gecommit- 
teerde totten poliecen deser stadt, tuyghden eendrechtelick by huennen 
eeden by manisse des Richters, dat zy houden die zusteren van 
Orthen bijnnen dese stadt genoch voir weerlijck persoenen, mitsdien 
zy gelden ende contribueren in deser stadt assysen, te wetene in 
maelgelt settinge gelijck andere borgers deser stadt ende hueren 
byerassijns tegens derselver stadt tanderen tyden met een sekere 
somme van penningen affgecoft hebben. 

178. 2 April i5i8. 

Schepenen, Gezworenen, Raadslieden, dü men noempt ledige luiden^ 
Dekenen van de Ambachten, een deel der Goede Knapen en geheel 
de gemeene stad 's Bosch verleenen eene erfrente aan Frans Vuchts 



— 77 — 

Peterszoon, goudsmid. Hieraan een zegel, bestaande uit een grooten 
boom tusschen twee kleine. 

179. 6 Mei 1519. 

Schepenen, Gezworenen, Kerkmeesters, H, Geestmeesters en de 
gemeene naburen en ingezetenen van £sch verkoopen uit kracht van 
het octrooi, hun door den Koning van Spanje als hertog van Brabant 
verleend, aan M' Marten de Greve, secretaris der stad 's Bosch, een 
stuk heide, behoorende tot den gemeenen grond van £sch en 
gelegen in de parochie van Vucht St. Peter aan het eind der 
gemeene akkers, genaamd de Hoeven. 

180a. S2 Mei 1519. 

Broeder Johan van Zwolle, biechtvader der Zusters van het 
Klooster achter de Tolbrug te 's Bosch, bekent ontvangen te hebben 
van de stad Leiden „bij hande des thesoriers derselver stede" de 
som van drie pond Vlaamsch, 

181. 81 Sept. 1519 

Broeder Wilhelmus de Rino (van Rijn), prior en magister-generalis 
der orde van het H. Kruis en behoorende tot het Klooster dier 
orde te Hoei, maakt Willem van Oss en diens vrouw Katherina 
deelachtig aan al de goede werken, welke door gezegde Orde zullen 
verricht worden. Gegeven in het huis dezer Orde te 's Bosch. 

182. 4 Sept. 152... 

Vermits Stephanus, zoon van Henrick van Keysersweerten weduwnaar 

van Maria, dochter van Coenrard , ten behoeve zijner kinderen 

Coenrard, Adam en Heilwig had afstand gedaan van den tocht 
op V4eener weide, gelegen te Helvoirt ter plaatse genaamd Int 
Byesbroic naast het erf van Adriana weduwe van Heer Johannes 
Bacx ; item op Vé van eenen akker, genaamd de Kalverkamp, gelegen 
in de parochie van Vucht St. Peter uifra de Dommel ; item op Vi 
van eenen akker, gelegen in de parochie van Vucht St. Lambert 
ter plaatse genaamd Cromvoirt; item op V4 in twee huizen met erven 
en kamer, naast elkaar staande te 's Bosch in de Postelstraat naast het 
erf van Gerard van Dueren, zoo hebben zijne voornoemde kinderen 
aan M' Henrick Pelgrom Dirckszoon, als uitvoerder van den uiter- 
sten wil van voor Schepenen van 's Bosch enz. (de akte is verder 



- 78 - 

grootendeels vergaan). Hierover waren als schepenen Johannes van 
Vladeracken en Herman van Deventer. 

183. 4 Juni 1590. 

Willem van £rp, zoon van heer Willem van Erp, ridder, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan G«rardus Michielszn ten behoeve 
van heer en meester Willem van Enckenvoirt een perceel grond, 
genaamd de Laeracker, gelegen in de parochie van Vechel tusschen 
het erf van Heer Leo van der Horst, priester, eenerzijds en dat der 
erven van Johannes Dircx anderzijds en zich uitstrekkende van af het 
water de Laeck tot aan het erf van Amoldus Bitssen. Hierover waren 
als schepenen Gerardus van Berckel en Henrick Pelgrom Dirckszoon. 

184. i2 Juni iSiO. 

Vermits Walterus Oems Janszoon een huis met erf, staande aan 
de Markt te 's Bosch, tusschen dat van Dirck de Roover, ridder, 
eenerzijds en dat, waarin Gijsbert van Vlochoven woonde, anderzijds 
en door hem gekocht geweest van Marcelis van Crieckenbeck, tegen 
eene grondrente had verkocht aan Lambert, den zoon van Willem 
van den Laerschot, zoo heeft genoemde Walterus Oems voor 
Schepenen van 's Bosch verklaard, dat Lambert van den Laerschot 
die grondrente kan aflossen in ander geld dan te voren bedongen 
was. Hierover waren als schepenen Gerardus van Berckel en Henrick 
Pelgrom Dirckszoon. 

Hierbij de navolgende Bossche Schepenakten : 

a. 80 Januari 1628. Boudewijn, zoon van wijlen Henrick, (den 
zoon van Wouter Boudewijns) en Johanna, de dochter van Jan Ëelkens; 
Peter, zoon van wijlen Willem Somers, als man van Aalken en Herman, 
zoon van wijlen Willem Somers als man van Johanna, dochters van 
Henrick, (zoon van Wouter Boudewijns) en Johanna Eelkens voor- 
noemd; en Wouter, zoon van Henrick en Johanna voornoemd, 
verkoopen voor Schepenen van 's Bosch een voorhuis, middelhuis, 
achterhuis en een ander huis, staande aldaar aan de Markt, eertijds 
tusschen het huis van Henrick Robben eenerzijds en het huis of 
erf van Jonker Goeswyn van Brecht en meer anderen anderzijds en 
zich achterwaarts uitstrekkende van de Markt over de Dieze tot aan 
de openbare straat, welk goed Joost de Bye, zoon van Herman, als 
man van Elisabeth, de dochter van Mathijs Stooters Lambertszoon en 
weduwe van Jan Kemp Henrickszoon, krachtens het testament van 



— 7Ö — 

dezen laatste en met consent van Nyclaes Kemp Henrickszoon, Lambert 
Stooters Mathijszoon en Lambert van den Heesacker, als executeurs 
van dat testament, den 15 Februari 1565 had verkocht aan voor- 
noemden Wouter, den zoon van Boudewijn Henrickszoon, van wien 
het bij boedelscheiding kwam aan zijnen genoemden zoon Henrick, 
en welk goed nu is een voorhuis aan de Markt, genaamd ^^ jPa/<^tfj/, 
met zijne kelders, plaats, zomerkeuken, middelhuis, andere plaats, 
tuin en achterhuis of brouwhuis boven het water, staande tusschen 
de huizen en erven, behoord hebbende tot de huizing, genaamd de 
Moriaan^ eertijds toebehoord hebbende aan Jonker Goeswijn van 
Brecht.en meer anderen, eenerzijds en het huis, genaam de Drie 
Koningen^ toebehoorende aan de kinderen Comelis van Horenbeeck, 
anderzijds en zich achterwaarts uitstrekkende van de Markt over 
het water tot aan de Tolbrugstraat, — aan Peter, zoon van Adriaan 
Wynants van Dinther. 

b. 11 December 1624. Maria, dochter van wijlen Adriaan van 
Empel en weduwe van Peter Adriaanszoon van Dinther verkoopt 
het huis de Papegaai aan Dierick Tolinck Aertszoon. 

c. 9 April 1675. Adriaan van Schyndel, wijnkooper te 's Bosch, 
verbindt zich om aan Marcellus van der Sluyse, medicinae doctor, 
als actie en transport hebbende van al de geprocedeerde kooppen- 
ningen van het huis de Papegaai^ eene grondrente 'Uit dat huis te 
betalen. 

185. 28 Juli i5S0. 

Schepenen, Gezworenen, Raadslieden, die men noemt ledige luyden^ 
Dekenen van de Ambachten, een deel der goede knapen en alle de 
gemeenen van de stad 's Bosch, verklaren, dat zij van wege die stad 
hebben verleend eene rente aan Mr. Jan die Wolff, priester en 
Hadewigh, zijne zuster, kinderen van wijlen Jandie WolffClaaszoon. 
Op den rug dezer akte staat : fiat vidimus de ista littera pro Johanne, 
fïlio Jacobi van de Venne et reddatur littera Johannae, relictae 
quondam Nycolai Kuysten. Testes Engelant et Stegen ; datum ultima 
Februarii 1598. 

186. 6 Apnl i52i. 

De gemeente 's Bosch verleent eene erfrenle aan Joris den zoon 
van wijlen Jan Sampsons. 

Hierbij eene akte, den 5 Mei 1578 verieden voor Schepenen van 



— 80 — 

's Bosch Jeronimus Wynants en Jacob van der Cammen, waarbij 
Jonker Hugo van Berckel, schout van het Kwartier van Peelland, 
als man van Angela van Boshuysen, dochter van Jonker Willem van 
Boshuysen en wijlen Anna, de dochter van voornoemden Joris Samp- 
sonsy voorschreven geldrente verkoopt aan Jonker Jan, den zoon 
van wijlen Jonker Everard van Amerzoyen. 

Alsmede eene akte, den 27 November 1591 verleden voor Schepenen 
van 's Bosch Marten Moins en Herman Pelgrom, waarbij Willem van 
den Oetelaer, stadhouder van gezegd kwartier van Peelland, als 
gemachtigde van voornoemden Jonker Jan van Amerzoyen voor- 
schreven geldrente verkoopt aan Amd van Breugel, raad van 's Bosch, 
den zoon van mr. Jan. 

187. f2 Dee. i58i. 

Schepenen, gezworenen, raadslieden, di^ men noempt ledige lude^ 
dekenen van de ambachten, een deel der goede knapen en geheel 
de gemeene stad 's Bosch, verleenen eene erfrente aan Hadewigh, 
dochter van wijlen Jan die Wolflf Claeszoon. 

188. 90 Sepf. i599. 

Breed gemotiveerd vonnis, gewezen door Lambrecht Bogart, Geerlaeck 
die Roever, Dirck die Borchgreve Dirckszoon, Jan van den Wyngart, 
Jan van Raveschot en Henrick van Deventer, schepenen van 's Bosch^ 
in zake de procedure, voor den Laag Schout van gezegde stad en 
hen. Schepenen, hangende tusschen Dirck Geritszoon die Becker, 
eischer, en Boudewyn Loniszoon, gedaagde, wegens het te diep graven 
en maken van een privaat bij 's eischers huis, staande te 's Bosch 
in de Kolperstraat ten einde der Ververstraat. (Hierin worden woor- 
delijk aangehaald de titels van bedoeld huis en de verklaringen der 
door de Schepenen in deze zaak gehoorde getuigen ; op den rug van 
het vonnis staat : betreft het huis tegenover de Ververstraat naast 
den biijndei spiegel). 

189a. SS Januari i523. 

Uitspraak van Schepenen van 's Bosch ten gunste van het Klooster 
der Bogarden aldaar nopens de verplichting van de Kerkmeesters 
der St. Janskerk aldaar om aan dat klooster te betalen de grondrente, 
die Aert Monicx Ghijsbrechtszoon, burger van *s Bosch, bij zijn 



— 81 — 

testament van 1464 aan dat klooster onder verplichting van het lezen 
van zielmissen had vermaakt. 

190. 22 Januari 1523, 

Verklaring van Jan Wouterszoon en Claes Saessenszoon, schepenen 
van Wottdrichem, dat ten hunnen overstaan Jan van Ryswyck 
Gerytszoon van Jacop van Hal honderd Rijnsche guldens heeft opge- 
nomen onder verband zijner goederen» in het land van Altena gelegen. 

19i. i7 Juni i523. 

De Regeering der stad 's Bosch verkoopt eene lijfrente aan 
Ghysbrecht de Cock, oud omtrent 4 jaren, zoon van Jan en Barbara, 
de dochter van wijlen Leonard van Kelmis. 

192. 8 AuguatUÊ i5tS. 

Heer Henric van den Corput, priester en kanunnik te Breda, 
bijgestaan door Comelis Jan Gijsbrechtszoon, zijnen voogd, verleent 
voor Schepenen van Breda aan Magdalena Willem Rutgers dochter 
weduwe van Jan Gheldolfs Hoghen zoon en aan Mechteld Willem 
Rutgers dochter weduwe van Jan Beerten, hare zuster, eene grond- 
rente uit een huis met erf en tuin, door hem van Magdalena en 
Mechteld voornoemd verkregen en staande aan de Katerstraat te 
Breda, tusschen een ander huis van hem, Henric van den Corput, 
Westwaarts, en het huis van de erfgenamen van Heer Peter Stevens, 
priester en kapelaan te Breda, Oostwaarts, behoudens den tocht van 
voorschreven grondrente ten behoeve van Adriaan Buys, natuurlijken 
zoon van wijlen Comelis Buys en wel ter vervanging van den tocht, 
dien deze op voormeld huis had. Tot zekerheid dezer grondrente 
verbindt hij zijne andere huizen, staande in de Katerstraat naast 
het voorschreven huis Oostwaarts en het huis van Jorijs van 
Froenhuyzen. Hierover waren als schepenenen Jan van Nedervenne 
en Anthonis van den Brandt 

193a. 28 Augustus i523. 

Schepenen van Hilvarenbeek geven vidimus van eenen brief van 
6 December 1894, waarbij Jan Jan Leemanszn de hoeve ten Clapstaart 
onder Esbeek in erfpacht gaf aan Henrick van der Spaendonck tegen 
eene canon van 12 mudden 's jaars. Hierbij nog eenige akten van 
1670 en volgende jaren, betreffende de vraag welke personen die 
erfpacht te betalen hadden. 

6 



— 82 - 

104. i Na9. 1594. 

De Regeering der stad Antwerpen verleent eene erfrente aan 
Daniel van der Cammen. 

195. 4 Dee. i525. 

Prelaten, Edelen en Steden van het land van Brabant, represen- 
teerende de drie Staten van dat land, verkoopen eene erfrente aan 
den Eerwerdtghen Canvenie van Sinte Barbaren Huyse geheiiin 
Cathuseren te Keulen. 

196. i9 September 1590. 

Cornelis, zoon van wijlen Larobrecht Maes, ab man van Margriet, 
dochter van wijlen Willem die Necker, verkoopt voor Schepenen 
van Oisterwijk aan Jan, zoon van wijlen Jan Langerbeens en Jan, 
zoon van wijlen Aert die Meyer, als kapelmeesters der St. Willebrords 
kapel te Berkel, ten behoeve van die kapel, een stukje land, Uf 
een buchtken liggende^ gelegen nabij gezegde kapel. Hierover waren 
als schepenen Wouter Thomas Wouterszn en Wouter Jacob Stynenzoon. 

1966Ma. 7 April 1597. 

Wouter, zoon van Erenbert Loyenszn; Paulus, zoon van Henrick 
's Grevenzoon ; Johannes, zoon van Amoldus Bolants ; Willem, zoon 
van Johannes van Gyersbergen; Johannes van Nertingen Jacobszoon 
en Petrus, zoon van Godefridus van Helmont, verleenen voor Schepenen 
van 's Boscli aan Jacobus Ckielbomer, zoon van Johannes Coelbomer, 
eene grondrente uit de navolgende perceelen: a een perceel van 
genoemden Wouter, gelegen in de parochie van Vucht St Peter ter 
plaatse genaamd op ie jr^tr^/r/tusschen de gemeene straat eenerzijds 
en het erf van Mr, Willem, den broeder van voornoemden Wouter 
anderzijds en zich uitstrekkende vanaf het erf van Erenbert, zoon van 
Hendrick van den Stappen, tot het overige erf van meergenoemden 
Wouter, een weg tusschen beiden liggende ; b een huis met erf van 
genoemden Paulus, gelegen in de parochie van Vucht St Peter nabij 
de kerk van St. Peter tusschen het kerkhof van die kerk eenerzijds 
en zich uitstrekkende vanaf de Vicarie dier kerk tot de gemeene straat; 
c een huis met erf van genoemden Johannes Bolants, gelegen in de 
parochie van Vucht St. Lambert bij de kerk van St. Lambert tusschen 
het erf van het Personaat dier kerk eenerzijds en de gemeene straat 
anderzijds ; d een stuk grond van genoemden Willem, gelegen in de 



- 88 - 

parochie van Vucht St. Peter ter plaatse genaamde op ie scorfvoitt 
tusschen het erf van Arnd Heymeenerzijdsen dat van de Karthuizers 
te Vucht anderzijds en zich uitstrekkende van af het erf van 
genoemden Arnd Heym tot aan het erf van Lodewijk Ërenbertszoon; 
e een huis met erf en weiland van genoemden Johannes van Nertingen, 
gelegen in de parochie van Vucht St. Lambert ter plaatse genaamd 
Cauwenberch tusschen de rivier de Dieze eenerzijds en de gemeene 
straat anderzijds en zich uitstrekkende tot aan het erf van genoemden 
Petrus van Helmont ; ƒ twee huizen met erven van meergenoemden 
Petrus van Helmont, gelegen in de parochie van Vucht St Lambert 
ter plaatse genaand op 7 water tusschen de rivier de Dieze eenerzijds 
en eene steeg anderzijds. Hierover waren als schepenen Willem 
Pijnappel eh Anthonius Belarts. 

197. 4 3fel i557. 

Everardus, zoon van Willem Wyntkens, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Henrick Boyens ten behoeve van Margaretha weduwe 
van Johannes van Gunterslair eene grondrente uit eene boerderij, 
gelegen in de parochie van Ëmpel bij de kerk aldaar tusschen het 
erf van Bela weduwe van Petrus Joesten eenerzijds en de gemeene 
straat anderzijds, alsmede uit een stuk land, genaamd den Hoevel, 
gelegen in voorschreven parochie tusschen de gemeene straat eenerzijds 
en het erf der investitorum ecclesiae de Empel anderzijds, enz. 
Hierover waren als schepenen Johannes van Brecht en Johannes 
van der Stegen. 

198. fO Deeemher i5f7. 

Gherit Rutten en Thomas Lambertszoon, schepenen van Berlicum, 
geven vidimus van eenen brief, voorzien van het abtszegel van Bern, 
waarbij heer Art van Wyck, abt van Bern, op 28 Mei 1480 aan 
Anthonis Gheritszoon in erfpacht uitgafeenigeperceelen land, gelegen 
te Berlicum ter plaatse genaamd Beekveld. 

199. 9 Januari 1598. 

Petrus, zoon van Petrus Claeszn, als man van Yda, dochter van 
Heer Johannes Bardeyn, priester, zoon van Petrus Bardeyn van Os; 
Heer Lambertus Bardeyn, priester, zoon van genoemden Petrus Bardeyn 
en Hermanus, zoon van Johannes die Leeuwe, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch aan Gerard, zoon van Wouter van der Hoeven, 
een huis met erf en achterhuis, genaamd in den ancker^ toebehoord 



- 84 - 

hebbende, eerst aan Henrick die Lange, genaamd in dtn aticker 
en zijne vrouw Geertruid, daarna aan genoemden Petrus Eardeyn, 
en staande te *s Bosch aan de Hinthamerstraat tusschen een straatje, 
loopende van die straat naar het Klooster de Porta Coeli, eenerzijds 
en een ander huis en erf, ook eerst toebehoord hebbende aan 
genoemde echtelieden die Lange en daarna toebehoorende aan 
Coenrard die Cuyper, zoon van Dirck Stevenszn, anderzijds, en 
achterwaarts zich uitstrekkende van af de Hinthamerstraat tot aan 
het erf van Wautgerus, zoon van Gerard Meliszoen, genaamd in den 
wildeman^ terwijl het voorschreven achterhuis achterwaarts zich 
uitstrekt langs het huis en erf van genoemden Coenrard. Hebbende 
genoemde Petrus Bardeyn van Os het verkochte huis met erf en 
achterhuis tegen eene grondrente gekocht van Petrus van Milheze en 
Marcelus van den Hoevel in hunne hoedanigheid van uitvoerders 
van den uitersten wil van genoemde Geertniid en hebbende Heer 
Johannes Bardeyn, zoon van meergenoemden Petrus, een derde deel 
daarvan gekocht van zijnen broeder Meester Wilhelmus en een 
ander derde deel van zijnen anderen broeder Heer Lambertus; en 
hebbende daarna meergenoemde Heer Johannes Bardeyn bij zijn 
testament het voorbedoelde huis met erf en achterhuis vermaakt 
aan zijne bastaarden, n.1. zijnen zoon Raphael en zijne dochters 
Anthonia en Yda, waarna van dit huis met erf en achterhuis Jordanus, 
zoon van Nycolaus die Leeuwe, als man vfm genoemde Anthonia, 
een derde deel heeft verkocht aan eerstgenoemden Heer Lambertus 
Bardeyn en Hermanus die Leeuwe, zijnde ten slotte aan Petrus, 
zoon van Petrus Claeszn als man van Yda, alsmede aan eerst- 
genoemden Heer Lambertus Bardeyn en aan Hermanus die Leeuwe 
het dikwerf bedoeld huis met erf en achterhuis tegelijk met een 
kamp lands, in de parochie van Oss gelegen, bij boedelscheiding, 
tusschen hen en genoemden Raphael opgemaakt, toebedeeld geworden. 
De koopers verbinden zich te voldoen de uit het verkochte gaande 
grondrenten, als eene aan den Hertog van Brabant, eene aan het 
Leprozenhuis, genaamd ter Eyckendonck te Hintham en eene tot 
het lezen van Missen in de St. Anthoniuskapel aldaar. Hierover 
waren als schepenen Dirck die Borchgreve Dirckszoon en Willelmus 
van Haestrecht Willemszoon. (Zie oorkonde N« 160.) 

200. i Od. i528. 

Henrick, zoon van Johannes Boyens, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Johannes, zoon van Ywan van den Hoevel en 



-« 86 — 

Willem, zoon van Dirck Janszoon, : a een stuk land, afkomstig van 
Jan van den Wouwer Janszoon, gelegen in de parochie Tilburg ter 
plaatse genaamd de Broekzijde tusschen het erf der kinderen van 
Wouter Michielszoon aan de eene zijde en den akker, genaamd den 
Cleynen Vedijck, aan de andere zijde en zich uitstrekkende vanaf de 
Tafel van den H. Geest te Tilburg tot aan het erf van genoemden 
Wouter Michielszoon; b een stuk weiland, afkomstig van denzelfden 
van den Wouwer, gelegen in de parochie Tilburg aan de Broekzijde 
ter plaatse genaamd den Veedyck in de Lange beemden tusschen 
het erf van den Persoon der kerk van Tilburg aan de eene zijde 
en het erf van Aleid weduwe van Marcelis van Vessem en hare 
kinderen aan de andere zijde en zich uitstrekkende vanaf het erf, 
genaamd Heystendijck, tot aan gezegden akker, genaamd den Veedijck; 
c een kamp lands, afkomstig van denzelfden van den Wouwer, 
gelegen in de parochie Tilburg op Hoenvoirt tusschen het erf van 
het Klooster Tongerloo aan de eene zijde en het erf der kinderen 
van Willem van den Gheyn en meer anderen aan de andere zijde, 
haddende genoemde verkooper voorschreven perceelen bekomen bij 
gerechtelijke uitwinning. Hierover waren als schepenen Mathijs Stooters 
Lambertszoon en Antonius Beelaerts. 

201. iO Jan. i53i. 

Everard van den Water en Jacop Colen, schepenen van 's Bosch, 
getuigen, dat ten hunnen overstaan Jan van de Wiel, ^oesi onser 
liever vrowen hruederscappen binnen der kercken Sint Jan Evangelist 
in de stadt van den Bosche ; Heer Jacop Sanders, priester zoo voor 
zich als voor zijne broeders en zusters, voor wie hij instaat en Heer 
Laurens Cuypers, priester, voor en namens Claes van Ravesteyn als 
man en momboir van Agatha, dochter van wijlen Jacop van Bree, 
alsmede voor en namens Willeken van den Hoevel, voor wie Heer 
Laurens zich sterk maakt, als verkoopers eener bouwhoeve, gelegen 
te Boxtel, ter plaatse genaamd Mulsel, hun door meester Amd van 
der Cluijten bij zijn testament gemaakt, ter eenre en Amd Willemszn 
van Meyelsvoirt als kooper der voorzegde hoeve van Anthonis 
Janszoon, ter andere zijde^ verklaard hebben, onder beding eener 
boete van fl 100, aan het oordeel van de navolgende arbiters, te 
weten Eyerard van den Water en Ghysbrecht Pels, vanwege den 
voornoemden Jan de Wiel cum suis en Lambrecht Amdszoon en 
Gverit Peterszoon van de Loe, vanwege den voornoemden Arnd van 



— 86 — 

Meyelsvoirt, te onderwerpen een geschil, dat tusschen verkoopers en 
kooper der hoeve was ontstaan wegens een tiend, dien daarop de 
Heer van Boxtel en eene roggepacht, die daarop het Klooster op den 
Donk pretendeerde. 

203. 20 Mei i55f . 

Vermits aan Petrus van Wyck als gemachtigde van Herman van 
Deventher bij vonnis der Schepenen van 's Bosch een huis met erf, 
staande aldaar aan het Ortheneind tusschen het erf van Frederick 
Olyslegers en dat van Didekin Witmer, was toegewezen op grond 
van wanbetaling eener grondrente, die Johannes (van Hazelberch, 
zoon van Lambert, daaruit op 4 Maart 1487 verleend had aan 
Johannes, zoon van Goeswyn van den Waude en vermits vervolgens 
genoemde Petrus van Wyck voorbedoelde toewijzing had overgedragen 
aan Zweder van Gerwen, zoo heeft, nadat de gebruikelijke afkondigingen 
hadden plaats gehad, deze van Gerwen voorschreven huis met erf 
voor Schepenen van 's Bosch verkocht aan genoemden Petrus van 
Wyck ten behoeve van voornoemden Herman van Deventher. Hierover 
waren als schepenen Henricus Kuyst Gerardszoon, Henricus Pelgrom 
Dirckszoon en Henricus van Eyck. 

203. 9 Nav, iSSi. 

Vermits Marcelis van Maren Symonszoon had verleend aan Lambert 
van den Broeck Gerardszoon eene grondrente uit zijne gerechtigheid 
in een stuk land, gelegen in de parochie van Maren ter plaatse 
genaamd op te Bemeleyen tusschen het erf der kinderen van Johannes 
Hack Goossenszoon eenerzijdsen dat van Goeswinus Hack Goossenszn 
anderzijds, alsmede uit een huis met erf, plaats en achterhuis, staande 
te 's Bosch aan de Kerkstraat tusschen het huis van Gerard Buckinck, 
borduurstikker, eenerzijds en dat van Adriana weduwe van Herman 
Preyt, goudsmid, anderzijds, zoo sluiten genoemde rentheffer en rent- 
plichtige voor Schepenen van 's Bosch over de aflossing dier rente met 
elkander eene overeenkomst. Hierover waren als schepenen Everardüs 
van de Water en Johannes Pynappel, zoon van Johannes Bouwenszoon. 

204. 23 Anguêtui ibS2. 

Volmacht van Henric van Merode, heer van Petershem, Diepen beeck, 
Herlaer, Oirschot, enz., op Henric van der Schoot, vorster en 
gruitmeester te Oirschot 



— 87 ~ 

204a(6ü) SUeiiSSS. 

Verklaring van Derick Aemt Drieszoon, Cornelis Aemdszoon 
van Loeken, Peter Goeijenszoon en Jan Willemszoon, schepenen van 
Uden, dat de gemeene buren van de ivyerwaken" van het Land 
vaii Uden, bijeen vergaderd zijnde aan de kerk te Uden, vergund 
hebben op verzoek van Joost de Gruyter, dat deze en diens recht- 
verkrijgers, gebruikers zijnde van eene der twee nieuwe hoeven, 
onder Uden en bij de Graspeel gelegen, hunne beesten zullen mogen 
doen weiden op de Graspeel en de gemeente (communale gronden) 
van Uden. Hierbij eene verklaring d.d. 8 November 1585, van Johan 
Hertog van Kleef, als vader en voogd van Hertog Wilhelm, Heer 
van Ravenstein, 1) waarbij hij voorschreven consent goedkeurt. 

205. 24 December i5S3. 

Lambert, zoon van Thomas Loryens, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Heer en Meester Bartholomeus de Merlair, priester 
en beniHciaat der Collegiale Kerk van St. Jan £v. aldaar, eene 
grondrente van uit eene bouwhoeve, gelegen te Breugel aan de Plaets 
en zich uitstrekkende van d^ Plaets tot aan den stroom, de Beek 
genaamd, alsmede van uit een kamp, gelegen te Breugel nabij het 
erf van het EJooster Hooidonk. Hierover waren als schepenen 
Adriaan van Eyndhouts en Gerardus van Berckel Janszoon. 

206. 9 Juni 1585. 

Verklaring van Goijart Symons en Herman (Proening) van 
Deventher, schepenen van den Bosch, dat ten hunnen overstaan 
Willem Pynappel als meester en rector der fabriek van de St. Jans- 
kerk te den Bosch ; Rutger van Berckel namens de erfgenamen van 
Juffrouw Luytgart van Berckel weduwe van Wouter van Beeck; en 
Gijsbrecht van den Asdonck, Lambrecht van Meyel, zoon van Amd 
Geritszn van den Venne, Stans Jans Lemmenszn, Wouter Dirckszn 
van Beth, Henrick Dirck Scosterszn, Gerard Janszn van den Schoer, 
en Peters Janszn van Lierop zich jegens elkander verbinden om 
voor gemeenschappelijke rekening te zullen voortzetten het proces 
tusschen de oude hofsteden van Strijp ter eenre en die van Stiphout 
ter andere zijde over het gebruik van de gemeene gronden van 
Stiphout. 

f) Men sie over hem Charters en Gesch. bescheiden» betrekkelijk het Land 
van Ravestein lp. 26. 



- 88 - 

207. 7 Juli 1585. 

Alzoo Adrianus, zoon van Zeger die Ruyter, aan Godefridus Grotart 
van Oss ten behoeve van Klatharina weduwe van Gerard Jacopszoon 
Baliart in vruchtgebruik en ten behoeve van dezer kinderen Jacop 
en Magdalena, alsmede ten behoeve van de kinderen van Gerard, 
den zoon van Gerard Baliart en Klatharina, in eigendom had ver- 
leend eene grondrente uit een huis, erf en achterhuis, staande te 
's Bosch op het Hinthamereind over de Zwengelbrug en beneden de 
Pynappelpoort tusschen het erf van Joost Amdszoon van der Weyden 
en dat der kinderen van Gysbert Ix)eckeman, onder beding van die 
groqdrente te mogen aflossen, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch 
verklaard Paulus, 1) zoon van Hubert die Ruyter, dat hij van wege 
^noemde Katharina en hare kinderen uit handen van Adrianus, 
zoon van Zeger die Ruyter, de voor de aflossing bepaalde somont* 
vangen heeft. Hierover waren als schepenen Goeswinus van der 
Stegen en Johannes die WolfT. 

208. 7 FibruaH i5S6. 

Voor den notaris Oswald Wemtz stellen de magnifici ei tiobiUs viri 
Domini Antonius Fugger en Hieronymus Y\x%%tx^ fratrueles cives Impe- 
riaHscvoitaiisAugusUu Vindelicorum/u CesareaeeiCatholicae Majestatis 
consiliarii^ Vitus Herle tot hunnen lasthebber te Antwerpen aan. 

209. £5 December i5B6. 

Keizer Karel V als hertog van Brabant en de Staten van dat 
Hertogdom verleenen eene erfrente aan Symon Bacx Janszoon ten 
behoeve der kinderen van wijlen Anthonis van Achelen. 

210. 4 Januari ioS8. 

Johannes, zoon van Arnoldus Naets, draagt voor Schepenen van 
den Bosch eene kamp lands, gelegen te Empel ter plaatse genaamd 
Op Rees, over aan Henrick, zoon van Johannes Jordenszn van 
Scynle. Hierover waren als schepenen Hermanus van Deventher 
en Hendrick van Eyndthouts. 

211. 28 JanuaH 1588. 

Vermits Petrus, zoon van Johannes Coelbomer, als man van Mar- 

garetha, dochter van Dirck van Homoet en weduwe van Arnold 

1) Hij was waarschijalijk de oudoom van den Bosschen ossenkooper Herman 
de Ruyter. 



— 89 — 

Diricxzoon die Sloetmaker, van het vruchtgebruik, haar toekomende 
op een huis met erf en ledige plaats, staande te 's Bosch achter de 
Minderbroederskerk tusschen het erf van Roelof, zoon van Gerard 
van Nauwen, smid (faber), eenerzijds en dat van Ghysbert van 
Broeckhoven anderzijds, had afstand gedaan ten behoeve van Antho- 
nius, zoon van Amold Janszoon, als man van Agnes, dochter van 
genoemde Margaretha en Amold, zoo heeft genoemde Anthonius 
als man van genoemde Agnes, aan Henrick, zoon van Henrick van 
Tulden, voor Schepenen van 's Bosch eene grondrente uit voor- 
schreven pand verleend. Hierover waren als schepenen Wolterus van 
Achel en Franciscus van Balen. 

Hieraan eene schepenacte van denzelfden datum, houdende den 
voorschreven afstand van vruchtgebruik. 

212. i5 Maart 1588. 

De gemeente 's Bosch verleent eene erfrente aan Melchior Cock, 
burger van Keulen en diens huisvrouw Geertruyt van Zegheen. 

213. 18 At>ril 1540. 

Jacobus, Cornelius en Johannes, zonen van Cornelius van der 
Loigenhage en Henrica, de dochter van Johannes Marceliszn van 
den Ekart en Geertrudis, de dochter van Henricus, den zoon van 
Willem Meliszoon, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan 
Franciscus van der Cammen drie vierde gedeelten in eene grond* 
rente, gaande uit een huis met erf en achterhuis, staande en gelegen 
te 's Bosch op den Papenhuls tusschen het erf van Martinus Stevens, 
priester, eenerzijds en dat van Willelmus Hals, priester, anderzijds; 
uit een huis met erf, staande tusschen het erf van Bartholomeus 
Grom, priester, eenerzijds en dat van Henricus Smit, priester, anderzijds 
en uit een stuk land, groot zeven hond, gelegen in de parochie van 
ACacharen tusschen het erf van Jacobus, den zoon van Henricus 
Janszoon eenerzijds en dat van Dirck van Macharen anderzijds, 
welke grondrente Katharina, de dochter van Hubert Wyten van 
Tilborch, gekocht had van Henrick, priester, den zoon van Henrick 
Janszn, waarna zij die bij haar testament had gelegateerd aan het 
Predikheerenklooster te 's Bosch, hebbende vervolgens de fraters 
Macharius Loenman, prior, Symon van Gisterhout, procurator, Petrus 
Lyscap en Johannes van Gerwen, kloosterlingen van gezegd klooster, 
ze verkocht aan m' Willem van den Bosch ten behoeve van Henrieus, 



— 90 - 

den zoon van Willem Meliszoon. Hierover waren als schepenen 
Hermanus van Deventher en Henricus Keymp. (Zie oorkonde n^ 107). 

214. 90 September 1540. 

De Aartspriester van Kempenland verleent op de voordracht van 
Willem de Castro, kanunnik van St Castor bij Coblenz en pastoor 
van de parochiekerk van St Petrus apostel te Boxmeer, wegens het 
vaceeren van het rectoraat van het altaar van den H. Geest in die 
kerk tengevolge van het overlijden van Johannes Fischers, priester, 
een institutiebrief voor dat rectoraat aan Heer Henrick Poortmans, 
priester. 

215. i5 December 1540. 

Schepenen, gezworenen, raden, die men noemt Mige iuyden^ 
dekenen van de ambachten, een deel der goede knapen en de 
geheele gemeene stad 's Bosch, verleenen eene erfrente aan Aleid, 
dochter van Goijard die Brouwer van Maren, begijn. 

216. 6 Februari 1541. 

Henrick (Proening) van Deventher en Jan die Wolff, schepenen van 
's Bosch, verklaren, dat de Rechter aldaar van wege den Keizer als 
hertog van Brabant en daartoe behoorende heerlijkheden, ten ver- 
zoeke van Heer en Meester Henrick Loekemans, priester en benefi- 
ciaat der St. Janskerk te 's Bosch, Qaes die Quade Janszoon van' 
Ravestein en Wouter Dircx Janszoon, als executeurs-testamentair 
van het testament van wijlen Katherijne, dochter van wijlen Jan 
Gijsbertszoon van der Leest en echtgenoot van Henrick Jacobszoon 

van (Hetgeen hierna volgt is grootendeels door 

de muizen opgegeten ; voor zooverre het uit het overgeblevene der 
akte nog is na te gaan betreft zij de deeling van eenige grondrenten 
met de familie van Wachtendonck). 

217. 7 Mei 1549. 

Willem Jacobszoon van Kuyck en (joetschalck Bueckelaar, sche« 
penen van Heusden, verklaren, dat zij een extract genomen hebben 
uit een van hunne stadsregisters, dat zij houden voor atuientijck en 
luidt als volgt : Heer Gielis Gieliszn, priester ende Jan (Seritszn 
die Bye, coster tot Huesden, hebben aangebracht by hoeren eeden 
als thijnsgenoten, die voorsr. Heer Gielis sijn hant op sijn borste 
liggende, dattet capittel binnen Huesden van Sinte Katherynen Kerck 



— 91 — 

jairlycx liggende heeft vier vaet rogs auder maten sjaers erffpachts, 
altijt verschynende op Sinte Lambertsdach, die gelegen sijn op drie 
mergen lants, gelegen in den Banne van Vlijmen, Jan Buys Jans« 
zoons erve oestwaert ende Michiel Goessenszoons erve westwaert, 
streckende van der straeten tot Folpaert Mallants erve toe ende dat 
een bekent pacht is opgeheven ende gebuert; datum op ten negen- 
tiensten dach in Octobri anno vijftienhondert ende twee voir scepen 
Dirck Spierincx, Ryckout Adriaanszn ende Zegerjacobszn van Kuyck. 

2i8a. 5 Juli 1549. 

Schepenen en Raden der stad den Bosch maken bekend aan de 
Schepenen, Gezworenen en gemeene naburen van Helmond, Aarle, 
Beek, Rixtel, Stiphout, Lieshout en Mierlo, dat in het Land van 
Gebre en vaa Eüeef of daaromtrent eene groote menigte van knechten 
en ruiters bijeen is, van wie zij vreezen, dat zij eenen aanslag op de 
Meierij zal doen en het daarom zeer noodzakelijk is dat zij, Sche- 
penen, gezworenen enz. en anderen der Meierij, die zij ook aangeschre- 
ven hebben, zoowel vroeg of laat op de been zijn, de wacht houden 
en desnoods aan de kwaadwilligen het hoofd bieden, alsmede dat een 
ieder hunner bevolen wordt met zijn geweer te volgen den Heer 
van Helmond, die van hen, Schepenen en Raden, opdracht heeft. 

219. 12 Februari 1543. 

Meester Henrick Fabri, 1) deken der St. Catharinakerk te Heusden 
en pastoor te Baardwijk, doet voor Schepenen van Heusden afstand 
van eene grondrente, die Henrick Wouter Evertszoon verleend had 
aan Henrick Korstiaan Zassenzoon uit eenen morgen lands, gelegen 
in den Ban van Baardwijk tusschen het erf der erfgenamen van 
Goessen Gerit Tielmanszoon Oostwaarts en Aert Beryszoon West- 
waarts en strekkende vanaf de straat tot aan de schut, — ten behoeve 
van het Kapittel van Heusden, onder voorwaarden, dat daarmede 
betaald zullen zijn de twee schilden, die m' Henrick zijn levenlang 
te betalen heeft uit het huis, dat weleer was van Adriaan van Haren 
en dat na zijnen dood het voorzegd Kapittel daarvoor zijn jaargetijde 
met waslicht zal houden in de maand Mei en die van Jan Smits 
Henrickszoon, zijne huisvrouw Lysbeth en hunne vrienden in de 
Passieweek, Hierover waren als schepenen Goetschalck Bueckelaer 
en Claes Buys Henrickszoon (eerstgenoemde zegelde met twee rug- 
gelings gekeerde zalmen). 

1) = Smits. 



— 92 — 

220. 14 AuffuatuB 1544. 

Mechteld weduwe van Rutger, den zoon van Johannes genaamd 
//iV cremcTy staat voor Schepenen van 's Bosch af aan Petrus, zoon 
van Egidius van Broeckhoven, als man van Jutte, de dochter van 
Mechteld en Rutger voornoemd, den tocht van de helft eener bouw- 
hoeve, gelegen te Oirschot ter plaatse genaamd die fVi^/tusschen het erf 
van Henrick van den Gasthuys eenerzijds endatvan Willem Mathijs- 
zoon anderzijds en zich uitstrekkende vanaf het erf van )ohannes van 
Elmpt Martinuszoon tot aau de gemeente. Hierover waren als sche- 
penen Gerardus van Berckel Johanneszoon en Marcelis Heymans. 

S21. n December 1544. 

Bartholomeus, zoon van Mathijs van Dinther en Bartholomea, 
de dochter van Herman die Mombair, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Petrus, zoon van Petrus die Huedemeker genaamd van 
Antwerpen, weiland, gelegen te Vucht parochie St Lambert ter 
plaatse genaamd in den Ham tusschen het erf \'an Mathijs Stooters 
Lambertszoon eenerzijds en dat van Henrick Geerlicx anderzijds en 
zich uitstrekkende vanaf eene openbare steeg tot aan de sloot genaamd 
sbussers sloot. Hierover waren als schepenen Walraaf van Erp Wal- 
raafszoon en Martinus die Greve. 

222. 1 Juli 1546. 

Amd Heym Janszoon verleent voor Schepenen van 's Bosch aan 
Heer en Meester Henrick Pelgrom, zanger der Collegiale Kerk van 
St. Jan Evangelist aldaar, ten behoeve van den Deken en de Kapittel- 
heeren van het Kapittel van gezegde kerk eene grondrente uit de 
hoeve Ten Velde, gelegen te St. Oedenrode ter plaatse genaamd 
Eversche. Hierover waren als schepenen Heer van den Wyngarde, 
ridder en Martinus de Greve. 

223. 2 November 1546, 

Willem Henricxzoon en Henrick van Weert, schepenen van Gestel 
bij Herlaer, getuigen, dat ten hunnen overstaan Henrick, zoon van 
Jacop Hammaycker als man van Anna; Lambrecht, zoon van wijlen 
Lambrecht van Cuyck als man van Yda en Jan, zoon van Henrick 
Ricarts, als man van Mariken, alle dochters van wijlen Goyfert, zoon 
van wijlen Berwout die Louwe; Mechteld en Jenneken, gezusters, 
ook dochters van voornoemden Goyfert, zoo voor zich en ails tich 



sterk makende voor Hanricxken, hunne zuster, onmondige dochter 
van Goyfert voornoemd, — overgedragen hebben aan Margriet, 
dochter van wijlen Henrick Willem Huybenzoon, eenen schepenbrief 
van 's Bosch, melding makende van eene grondrente. 

224. 92 Januari 1547. 

Jan van Heedel en Bartelmeeus Pau weiszoon, schepenen van 
Oosterhout, getuigen, dat ten hunnen overstaan Jan en Gysbrecht, 
gebroeders, zonen van wijlen Lauwreys Back en Henrick Henricx- 
zoon in den naam van Henrick, zoon van wijlen Lauwreys Back 
voornoemd, aan Juffrouw Margriet, dochter van wijlen Lauwreys 
Back, hunne zuster, verkocht hebben elk een zesde in de helft vap 
drie morgen beemd en in de helft van een bunder beemd, gelegen 
in de Wynstert. 

225. 20 Maart 1547. 

Marie van Tulden als priorin, zuster Katrijne van Coerttenbach 
als subpriorin, zuster Anna van Bosschuyssen als procuratrix en de 
zusters Paula van den Broeck, Ysabeelle van Keets, Agnes van 
Uden en Margriet Monicx als raadszusters van het klooster Sint 
Annenborch te Rosmalen en als zoodanig dat klooster vertegen- 
woordigende, verklaren, dat bijaldien aan hetzelve niet zoude worden 
voldaan de grondrente, welke Jan die Vriese Henrickszn van Nis- 
telroeij, wonende te 's Bosch in den roeden uhilt^ aan dat klooster 
had verleend zoo uit zes morgen lands, liggende in het dorp Ros 
malen ter plaatse genaamd die bossche bundere en door hem gekocht 
van de erfgenamen van wijlen Steven van Culenborch, als uit al 
zijne overige goederen, zij daarvoor geen ander goed zullen aan- 
spreken dan die zes morgen, ook al zouden die braak komen te 
liggen. Deze verklaring werd ten haren verzoeke met het klooster- 
zegel bezegeld door haren pater heer Jan Zweers alias Hacken. 

226. iO Juni 1547. 

Broeder Comelis van Eertbome, doctor in de godgeleerdheid en 
prior van het Predikheerenklooster te Antwerpen, broeder Machiel 
Dauwaert, supprior, broeder Karel Groelst, broeder Ferdinando de 
Vibero, broeder Gillis Wattiers» ouders van hetzelfde klooster, broeder 
Jan Beerens, broeder Amout van der Beken, broeder Jan Overloop, 
broeder Henrick van den Putte, allen conventualen van gezegd 



— Ö4 — 

klooster, verklaren voor zich en hunne medeconventualen van dat 
klooster, dat zij, te zamen vergaderd zijnde, volmacht gegeven 
hebben aan Anna Symons, huisvrouw van Pelgrum Petersen, moeder 
van hunnen genoemden medeconventuaal broeder Henrick van den 
Putte en woonachtig te 's Bosch, om te verkoopen eene grondrente, 
welke deze broeder vóór zijne professie bij testament aan meer- 
gezegd klooster vermaakt had. 

227. if Maart 1549. 

Heer Adrianus Preyker, priester en beneficiaat der Collegiale Kerk 
van St..]an Evangelist te 'sfiosch en Servatius, zoon van Johannes, 
den zoon van Servatius van der Stegen, als uitvoerders van den 
uitersten wil van Heer Servatius, priester en beneficiaat der gezegde 
kerk als hij leefde, en zoon van Servatius van der Stegen, verkoopen 
voor Schepenen van 's Bosch aan Henrick, zoon van Henrick, den 
zoon van Johannes van Tulden, eene grondrente, gaande uit de helft 
eener bouwhoeve, gelegen in de parochie van Oirschot ter plaatse 
genaamd die Vluet tusschen het erf van Henrick van den Gasthuys 
eenerzijds en dat van Willem Mathijszn anderzijds, welke grondrente 
genoemde priester van der Stegen den 14 Augustus 1544 verkregen 
had van Petrus, zoon van Egidius van Broeckhoven, als man van 
Jutte, dochter van Rutger, den zoon van Johannes genaamd dü 
cremer. Hierover waren als schepenen Wouter van Achel en Paulus 
Raessen. (Zie oorkonde n^ 220). 

228. iO MaaH i55i. 

Vonnis, door den Raad van Brabant gewezen tusschen Coenraed 
en Henrick van den Staecke, gebroeders c. s., impetranten in materie 
van reformatie ter eenre, en de Wethouders van 's Bosch, gedaagden 
en Henrick Aertszoon, geïntimeerde, ter andere zijde, waarbij deze 
laatste veroordeeld wordt aan genoemde impetranten eene roggepacht 
te betalen. Hierbij eene lastgeving, door gezegden Raad den 21 Maart 
1551 aan den Schout van 's Bosch gegeven om voormeld vonnis 
te executeeren. 

229. f i 3faavi i55i. 

Vermits Amolda weduwe van Godefridus, den zoon van Gerardus, 
den zoon van Godefridus Roverszoon, den tocht van een vierde 
in eene grondrente, die Reinier Becx, zoon van Johannes Becx, 



— 95 — 

verleend had aan Godefridus en Johannes, gebroeders, zonen van 
GerarduSy den zoon van Godefridus Roverszoon en aan Henricus 
Martenszoon als man van Ëmerentiana, dochter van laatstgenoemden 
Godefridus, alsmede aan Henrick, Paulus en Joseph, onmondige 
kinderen van Joachim, den zoon van genoemden Gerardus, den 
zoon van Godefridus Roverszoon, van een huis met erf en twee 
daaraan gelegen achterhuizen, staande te 's Bosch aan de Markt 
tusschen het huis van Henrick Houbraken eenerzijds en Willem van 
Boemel anderzijds, — had afgestaan aan Gerard, Henrick, Joseph, 
Jaspar, Paulus, Michael, Zwendeldis genaamd Zwenszen en Christina, 
kinderen van haar en Godefridus voornoemd, zoo hebben voor 
Schepenen van 's Bosch deze kinderen, alsmede Johannes, zoon van 
Gerard, den zoon van Godefridus Roverszoon en Henricus Martens- 
zoon als man van genoemde Emerentiana drie vierden in voor- 
schreven grondrente verkocht aan genoemden Henrick en Joseph, 
zonen van Joachim voornoemd. Hierover waren als schepenen Henrick 
van Ejmdhouts en Hubert van Loon. 

290. 98 Maart i55i. 

Raso, zoon van Natalis, den zoon van Johannes Christiaenszn, 
als man van Johanna, de dochter van Johannes, den zoon van 
Johannes, den zoon van Paulus genaamd Roever, den zoon van 
Rodolphus Coenen, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Gode- 
fridus Grootaert van Os, secretaris van die stad, de helft in eene 
grondrente, gaande uit eene boerderij, gelegen in de parochie Hel- 
voirt ter plaatse genaamd die Afterstraet, welke grondrente Paulus 
genaamd Roever, zoon van Rodolphus Coenen, verkregen had van 
zijnen zoon Johannes, den zoon van Paulus genaamd Roever Coenen- 
zoon. Hierover waren als schepenen Henricus van Eyndhouts en 
Goeswinus van Brecht, zoon van heer Johannes van Brecht, ridder. 
(Zie oorkonde n» 183). 

231. 7 ApHl i55i. 

Everard, zoon van Jan Rutgers, verkoopt voor Schepenen van 
*s Bosch, uit kracht van het testament van wijlen zijne echtgenoote 
Hadewig, dochter van Dirck Wagemans, aan Henrick, zoon van 
Petrus Eymberts, een huis met erf, staande in de vrijheid van 
's Bosch ter plaatse genaamd den Dungen aan de Litsche straat. 
Hierover waren als schepenen Laurentius Pelgrom en Rodolf die 
Bever Janszoon. 



— 96 — 

332a. S4 April i553. 

Brief van Adriaan van Achelen, secretaris van den fiosch, aan de 
Schepenen en den Vorster van Nederwetten. 

233a. i9 October i553. 

Karel V bevestigt de dorpen Son en Breugel in hun recht om 
drie jaarmarkten te houden en verleend hun het jecht om bruggeld 
te heffen voor het passeeren van de brug» liggende tusschen die beide 
dorpen over de Dommel. 

234a. fèO Februari i554 ent. 

Vier processtukken uit de zaak van den Procureur-generaal bij 
den Hove van Holland, Zeeland en Friesland tegen Jan van de 
Wouwere te Etten en Frans van de Wouwere te Breda. 

235. 6 ApHl 1554. 

Jan en Gerrit, gebroeders, zonen van Gerrit Willemszoon en 
Catharina, de dochter van Johannes Wellens, dragen voor schepenen 
van 's Bosch twee derde gedeelten in eene roggepacht, welke Henrick 
genaamd Gefken, zoon van Henrick gezegd Gefken Lambrechts, 
gevestigd had ten behoeve van Johannes gezegd Meynart, den 
zoon van Jan, op eenen akker, genaamd Beyntelsveld en gelegen 
te Nistelrode ter plaatse genaamd Vorstenbosch (zijnde deze grond- 
rente door Jan van den Hoevel Petruszoon, broeder Jan Want, 
conventuaal in het Predikheerenklooster te 's Bosch 1) en Stephanus 
Want, zijnen broeder, zonen van Henrick Want en Margaretha, 
dochter van genoemden Petrus van den Hoevel, Alardus Spycker, 
voogd over enz., Nycolaas die Quade van Ravesteijn als man van 
Margaretha, dochter van Henrick van den Hoevel, zoon van Petrus 
meergenoemd enz. overgedragen geweest aan Catharina, dochter van 
Johannes Wellens en echtgenoote van Andreas van Meerlaer, ten 
behoeve van enz. op 8 Februari 1537, over aan Dirck, zoon van Henrick 
van Tulden, en wel aan dezen in vruchtgebruik en aan zijne onmon- 
dige kinderen Henrick, Gerard, Peter en Elisabeth, door hem verwekt 
bij Richmoed, zijne eerste vrouw, dochter van Gerrit Willemszoon, 
in eigendom. Hierover waren als schepenen Frans van Balen en 
Petrus van Os. (Hierbij nog vier transporten van deze roggepacht, 
waarvan de laatste d.d. 14 Jan. 1749 ten behoeve van Ida Deckers 
weduwe van Dirck Sopers, wonende te 's Bosch.) 

1) Zie over hem Limburg*s Jaarboek IV blz 157. 



— 97 — 
S86. 19 Aprili554. 

Testament gemaakt voor Dyrck Aertszoon en Ghoris Buysen, 
schepenen van Breda, door den eersame ende voirzienige Jacop 
Tynagel en juffrouw Margriet Back, zijne echtgenoote, wonende te 
Oosterhout De broeder der testatrice was blijkens dit testament 
Laureys Back. 

237. 2i Juli 1554. 

Vermits Johannes, zoon van Dirck Ghybenszn, eene roggepacht, 
gaande uit een perceel, genaamd den Hooghen Acker, gelegen in 
de parochie van Vucht Sint Peter ter plaatse genaamd Wargarts- 
huysen tusschen het erf der kinderen van den Velde eenerzijds en 
dat van Elyas, zoon van Johannes van den Braken c.s. anderzijds, 
verkocht had aan Laurentius, zoon van £lyas genaamd Hubenszn 
en vermits vervolgens genoemde Laurentius bij zijn testament 
gelegateerd had aan Godefridus, zoon van Godefridus Peynenborch, 
den broeder van zijne vrouw Catharina, een deel dier roggepacht, 
welke Ëngelbertus Ghysbertszoon en Johannes Ghysbertszoon gehouden 
zijn te betalen, met bepaling dat bij gebrek aan kroost het zoude 
komen aan de erven van genoemde Catharina. Zoo hebben voor 
Schepenen van 's Bosch Eymbertus, zoon van Johannes Peynenborch, 
Walterus, zoon van Cornelis van der Meer en Angela, dochter van 
Wouter Peynenborch; Petrus, zoon van Gerard Jacopszoon, als man 
van Jutta, weduwe van Laurentius, den zoon van Adrianus Graten 
en Margareta, de dochter van Johannes Peynenborch; Johannes, 
zoon van Gommarus Peynenborch; Henrick, zoon van Henrick 
Pe3menborch ; Johannes van den Ameyden als man van Margareta en 
Ambrosius, zoon van Herman Broesszn, als man van Anna, dochters 
van genoemden Henrick Peynenborch ; Matheus, zoon van Gerongius 
Diericxszn en Aleid, dochter van Mathias Pe3menborch en Herman, 
zoon van Lambert, den zoon van Reinier Hoors, als man van 
Catharina, dochter van Johannes, den zoon van Laurentius EUenszn, 
allen als erfgenamen van genoemde Catharina, de huisvrouw van 
gezegden Laurentius, voorschreven roggepacht verkocht aan Johannes 
Lants van Luyk ten behoeve van Mathias, den zoon van Lambert 
Stooters. Hierover waren als schepenen Henrick Kuyst Gerardszoon 
en Paulus Raessen. 

7 



— 98 — 

288. i8 Aug. i554. 

Heer Willem van Os, ridder, als weduwnaar van Katharina, 
dochter van Henrick van der Kelen, tot het navolgende gemachtigd 
bij het testament door haar met hem gemaakt, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Johannes van Lyebergen, in diens hoedanigheid 
van proost der Lieve Vrouwe Broederschap aldaar, eene grondrente 
uit eene boerderij, gelegen in de parochie Oisterwijk ter plaatse ge- 
naamd Kerkhoven. Hierover waren als schepenen Henrick Kuyst 
Gerardszoon en Goeswijn van Hedel. 

989. 94 Sepi. 1554. 

Eymart Peterszoon, Henrick Rntgerszoon, Jan Aertszoon, Jan van 
Hautart Gijsbertszoon, Jan van Soechel Janszoon, Jan Herbartszoon 
en Rutger Henrickszoon, schepenen van Geffen, getuigen, dat ten 
hunnen overstaan Heer Aert van Hees, priester, — ter oorzake dat 
deze met Dirck, bastaard van wijlen Heer Dierck Peter Broeszoon, 
gekocht had van Heer Arien, priester, Goeyard, Aert, Rombouts, 
Ambrosius en Rombold, gebroeders en van Jacop Peter Eymartszoon 
als man van Hadewich, kinderen van Aerd Rombouts en L3rsbeth, 
de dochter van Peter Broeszoon, veertien hond lands, gelegen in 
het Marensch veld in de parochie van Maren, die ze geërfd hadden 
van Heer Dierck voornoemd, — de helft van dat land verkocht 
heeft aan genoemden bastaard. (Het aanhangend zegel vertoont een 
Heilige, hebbende naast zich in den hoek rechts een wapen, bestaande 
denkelijk uit twee ruiten en uit een vrijkwartier, beladen met?) 

240a. SS Oetober f555. 

Getuigenis van Karel Danielszn van Vlierden, omtrent 30 jaren, 
dat de knechts of jagers van den Heer van Oirschot te Moergestel zijn 
aangevallen door de zonen of knechts van den HoQgschout, die 
hun afnamen eene tromp en eenen jachtstok. 

341. 27 Juni i556. 

Heer Willem van Os, ridder, verleent voor Schepenen van 's Bosch 
aan m' Godefridus van Empel, ten behoeve van het Leprozenhuis 
te Hintham, eene grondrente uit een huis met plaats, staande te 
's Bosch op den Windmolenberg tusschen het van Deventhersgasthuis 
eenerzijds en het erf van Johannes, zoon van Mathias Stooters 



— 09 - 

anderzijds en zich uitstrekkende van af den Windmolenberg tot aan 
het water. Hierover waren ab schepenen Heer Willem van Os^ ridder 
en \Vouter van Achel. (Zie over gezegd gasthuis mijne Voorname 
Bossche huizen III p. 48.) 

342. 9 Sept. 1656. 

Heer Roelof van Eyck en Joost van Berckel als gemachtigden 
blijkens schepenakte der vrijheid van Gaesbeeck van Heer Phi- 
lippus van Bourgogne, heer van Reimerswael, als man van Mar- 
garetha van Edingen, dochter van Hercules van Edingen, heer van 
Keysteigate en Theodorica, dochter van Gerlach de Roever, verkoopen 
voor Schepenen van 's Bosch aan Henrick de Heusch, zoon van Amold 
de Heusch, hub met erf, plaats, brouwhuis en poort, staande aldaar 
aan den Papenhuls tusschen den Heerenkelder (penuarium) en twee 
huizen van den Deken en het Kapittel van de Collegiale Kerk van 
Stjan £v. van den Bosch Hinthamerstraatwaarts eenerzijds en het 
erf van Frans Bogart Lambrechtszoon Diezewaarts anderzijds en zich 
uitstrekkende van af de openbare straat tot aan het water, zoo en in 
dier voege als Heer en Meester Gerardus van Gameren, priester en 
kanunnik der gezegde kerk die thans in huur heeft (Zie over dit huis 
mijne Voorname Bossche huizen II p. 504}. 

348. S November i5Ö6. 

Willem Henricxzoon van Griensvenne en Henrick van Weert, 
schepenen te Gestel bij Herlaer, verklaren, dat ten hunnen overstaan 
Agnes, dochter van wijlen Dirck Aerts, eene grondrente, die aan 
Margaretha, dochtervan genoemden Dirck Aerts verleend was geweest, 
heeft overgedragen aan Henrick, zoon van Jacop Hammaycker als 
man van Anna; Lambrecht, zoon van wijlen Lambert van Cuyck, 
als man van Yken; Jan, zoon van wijlen Henrick Ricarts, als man 
van Mariken, en Mechteld, Jenneken en Henricxken, dochters van 
wijlen Bertrout die Louwe. 

244. 94 Jan. i557. 

Vermits Coenrardus, zoon van Stephanus Henricszoon en Maria, 
dochter van Coenrard van der Staeck, eene roggepacht, gaande uit 
eene hofstede te Haaren ter plaatse genaamd Belver, verkocht had 
aan Rombold Gerardszoon van Alckmar met beding van wederinkoop 



— 100 — 

en van dat beding op 8 Dec 1554 gebruik had gemaakt, zoo hebben Toor 
Schepenen van 's Bosch Gerard en Dymphna, kinderen van genoemden 
Coenrardus, gezegde grondrente wederom overgedragen aan Heylwig» 
echtgenoote van genoemden Rombold Gerardszoon van Alckmar, 
ten behoeve van dezen haren man. Hierover waren als schepenen 
Henrick van Eyndhouts en Johannes van Liebergen. 

245. iO Maart i5S7, 

Godefridus Grootart van Oss, secretaris van 's Bosch en Coenrard^ 
zoon van Johannes van Coblentz (de Confluentia), als lasthebbers van 
Anthonitts en Willem, gebroeders en Agnes en Catharina, gezusters, 
kinderen van Willem van Oss, ridder en Catharina, de dochter van 
Henrick van der Helen en Johanna, de dochter van Dirck de Roever, 
verkoopen voor Schepenen van 's Bosch huis, erf, plaatsen, boomgaard, 
grient, — > enz., gelegen nabij den stadswal aldaar aan de Windmolen- 
bergstraat naast het erf van Petrus, zoon van Johannes Muyckens aan 
de eene zijde en naast het Gasthuis van Henrick van Deveather aan 
de andere zijde, strekkende van gezegde straat tot aan den Stadswal, — 
aan m' Goeswyn, zoon van m'Jan van der Stegen. Hierover waren 
ab schepenen Goeswyn van Brecht, zoon van Heer Jan, ridder 
en Petrus van Oss. (Zie hierover oorkonde n^ 241). 

246. U Maart f557. 

Alzoo Philips Sebastiaansse ab man van Mechteld, dochter van 
wijlen £verard van Vlierden, zoo voor zich en als gemachtigde van 
Jan Hermansse als man van Margriete, dochter van genoemden 
Everard van Vlierden, blijkens volmacht hem voor Schepenen van 
Antwerpen verleend ; Elysabeth, weduwe van Jan Willemsse en dochter 
van Everard van Vlierden voornoemd en Christoffel van Vlierden, 
bastaardzoon van wijlen Daniel van Vlierden, zoon van Daniel den 
oude, zoo voor zich en als gemachtigde van Aert Henrickszoon van 
Someren, voor de eene helft ; en Henrick en Frans, zonen van wijlen 
Willem Andriesse, als gemachtigde bij testament van laatstgenoemden 
Frans en diens huisvrouw Margiiete, voor twee derde gedeelten der 
andere helft, als erfgenamen, voor wat betreft eenige perceelen, gelegen 
in de parochien van Kessel en Maren, van Jan van Vlierden Daniels- 
zoon en Qaerken Hacken, diens huisvrouw, die perceelen, zooals ge- 
noemde Jan van Vlierden Danielszoon ze vernaderd had, voor Schepenen 



— 101 — 

van 's Bosch verkocht hadden aan Jan, Beraard en Ghijsbert, zonen van 
Everard Gerardszoon, zoo hebben voor Schepenen van Maren Bemard 
en Ghysberty zonen van Ëverard Gerardszoon voornoemd, gezegde 
perceelen overgedragen aan hunnen vader Everard, den zoon van 
Gerard Everardszoon. Hierover waren als schepenen Jan Daemen en 
Herman Jansse. 

247. n Juli i558. 

Jan Baten Janszoon als man van Catelijn, dochter van wijlen Daem 
Stove, verkoopt voor Schepenen van Helmond aan Anna genaamd 
Vestersdochter een zille lind^ gelegen aldaar in de AmeyesiraeU 
Hierover waren als schepenen Gielis Weylants en Reynder Becx. 

248. fO September i558 

Ghysbert Pels en Goyart Lombarts, schepenen van 's Bosch, ge- 
tuigen, dat voor hen verschenen zijn m^ Henrick Pelgrom, zoon 
van wijlen m' Henrick, kanunnik en cantor der Collegiale kerk van 
St. Jan aldaar; Jan Beyens Pauwelszoon en Joost, zoon van Henrick 
Joosten, als provisors en regeerders van het Mannen Gasthuis, te 
Esch gefundeerd door wijlen Maarten van Elmpt en Yda, de dochter 
van wijlen Jan Roetarts, zijne eerste vrouw, welke verklaarden, dat 
de bezittingen van dat Gasthuis, zooals zij van de ingezetenen van 
Esch vernomen hadden, verwaarloosd waren geworden, zeer ten 
nadeele van dat Gasthuis, hetgeen zij tengevolge van hunnen ouderdom 
en impotentie niet meer konden herstellen en dat zij daarom 
verzochten andere provisors in hunne plaats te benoemen. Schepenen 
voornoemd hebben daarop ter hunner vervanging tot provisors van 
voorzegd Gasthuis benoemd de heeren en meesters Jan, zoon van 
Jan Goijartszoon, priester en vicecureit of substituut van den pastoor 
der parochiekerk van het dorp Esch, Herman van Akeren, schepen 
van dat dorp en Jan van der Masen, procureur te *s Bosch. 

249a. September i559. 

Eed door Philips II, in September 1559 te 's Hertogenbosch 
afgelegd en eed, door de Regeering van die stad in zijne handen 
afgelegd. 

250. ii September i559. 

Wilhelma, dochter van Dirck, den zoon van Gerard Roefis, en 
weduwe van Willem^ zoon van Gerard Colen, verkoopt voor Schepenen 



- 102 — 

van 's Bosch aan WUlem Folet als man van Geertruid, dochter van 
Dirck, den zoon van Gerard Roefis, eene grondrente, welke Lam- 
bertus, zoon van Baldewyn Zuerincx, den 7 September 1554 verleend 
had aan Maria, dochter van Dirck voornoemd, van uit een huis met 
ledige plaats, staande, toen hij dat huis kocht, te 's Bosch aan 
het eind der Ververstraat nabij de Kolperstraat, tusschen het huis 
de Blinde Spiegel eenerzijds en tusschen het erf der erven van Gerard 
van Casteren anderzijds en welke grondrente haar bij doode van 
Maria voornoemd was aanbestorven. Hierover waren als schepenen 
Frans van Balen en Henrick Bloeyman. (Zie oorkonde n» 188). 

251. il Jan. 1560. 

Rodolphus, zoen van Comelis Stephanus Claeszn, verleent voor 
Schepenen van *s Bosch aan Petrus, zoon van Dionysius Henrickszn, 
eene grondrente uit eene boerderij, gelegen in de parochie van Esch 
ter plaatse genaamd oen den Esschelaer tusschen de Bruggerstraat 
eenerzijds en het erf van Willem van Ghiersbergen anderzijds, en 
zich uitstrekkende van af het erf van Catharina, weduwe van Petrus 
Janszn en hare kinderen tot aan de straat, genaamd het Dasbroeck, 
enz. Hierover waren als schepenen Ghysbertus Heym en Goyart 
Lombarts. 

Hieraan eene akte van 20 September 1563, waarbij voor Amoldus 
van Campen enGoeswinusPynappel, schepenen van 's Bosch, genoemde 
Petrus, zoon van Dionysius Henrickszn, voorschreven grondrente 
verkoopt aan Barbara, weduwe van Godefridus Buysen. 

262a. il Juli iSeO. 

Philips II, Koning van Spanje, als Hertog van Brabant, handhaaft 
tegenover den Heer van Mierlo de gemeente Helmond in haar recht 
om de ingezetenen van Peelland in te gebieden. 

253. 23 October i56i. 

Johannes, zoon van Servatius van Weert; Johannes, zoon van 
Johannes van Doeme als man van Elizabeth en Gerardus, zoon van 
Johannes Fabri, als man van Maria, zijnde evenals genoemde Elizabeth 
dochter van voornoemden Servatius van Weert, voor zich zelven; 
voornoemde Johannes van Doeme en Gerardus Fabri, alsmede Johannes 
van Beerdonck en Petrus, zoon van Egidius van Broeckhoven, als 



— 103 — 

voogden over Gerard en Jacob, onmondige zonen van genoemden 
Servatius van Weert, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch tegen 
eene grondrente aan Johannes Kuysten Johanneszoon, een huis met 
erf, bakhuis, eesthuis, zomerhuis, boomgaard, kruidtuin en weide, 
staande en gelegen in de parochie van Vucht St. Peter tegenover 
het huisje (domunculus) van St. Nicolaas, genaamd SU Nycplaesttoch^ 
tusschen na te melden akker, genaamd den Braakakker, eenerzijds 
en een anderen akker, genaamd den Bnigakker anderzijds, en zich 
uitstrekkende van af het erf van Johannes van de Water tot aan den 
openbaren weg, alsmede voormelden Braakakker, gelegen in voor^ 
schreven parochie tusschen voorbedoeld erf eenerzijds en de erven 
van Nicolaes van der Stegen en de weduwe van Henrick van Deventher 
den jonge anderzijds en zich uitstrekkende van af het Gevoegh Steegsken 
tot aan den openbaren weg ; voorts den Brugakker, gelegen in voor- 
schreven parochie tusschen het erf van Johannes van de Water 
eenerzijds en den openbaren weg anderzijds en zich uitstrekkende met 
een eind tot aan voormeld huis; verder den Ëikakker, gelegen in 
voorschreven parochie tusschen het erf van Christina, weduwe van 
Henrick Janszn beiderzijds en zich uitstrekkende tot aan den Grooten 
akker; wijders den Grooten akker, gelegen in voorschreven parochie 
tusschen het erf van voornoemde weduwe eenerzijds en den openbaren 
weg anderzijds; ook nog den Koekamp, gelegen alsvoren tusschen 
het erf der verkoopers eenerzijds en het erf van Bartholomeus Loeff 
en meer anderen anderzijds en zich uitstrekkende van af het erf van 
Johannes van Bree en Bartholomeus Loeff tot aan het erf van Folcard 
Henricxzn van den Dyck en meer anderen; wijders een kamp, 
gelegen alsvoren tusschen den Koekamp voormeld eenerzijds en den 
openbaren weg anderzijds en zich uitstrekkende van af het erf van 
Johannes van Bree en meer anderen tot aan het erf van genoemden 
Folcard en meer anderen ; den Meerbeemd, gelegen alsvoren tusschen 
het erf van Bartholomeus Loeff eenerzijds en dat van het St. Geertrui- 
klooster te 's Bosch anderzijds en zich uitstrekkende tot aan de rivier 
de Dommel; een perceel hooiland, gelegen onder de vrijheid van 
's Bosch bij de plaats, genaamd die Leeghvonder^ waarover men gaat 
naar Vlijmen, tusschen het erf der weduwe van Henrick van Deventher 
eenerzijds en dat van de erven van Johannes Segerszn anderzijds en zich 
uitstrekkende van af eene openbare steeg tot aan den openbaren weg 
en eindelijk een rijdend perceel hooiland, gelegen met andere perceelen 
onder voorschreven vrijheid over de Dieze, tusschen het erf van 



— 104 — 

Kafel van Os en meer anderen eenerzijds en dat der erven van 
Ghybo genaamd Ghyb Heesters en meer anderen anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Zeger Adriaans en Henrick van Staeckenbroeck. 

Hieraan zijn gehecht de navolgende akten: 

a. eene akte van 9 Januari 1570» waarbij Hill^ondis, dochter 
van Philips Geerartszn en weduwe van Johannes Kuysten, bastaardzoon 
van Heer Johannes Kuysten, uit kracht van het testament door haar 
mét hem gemaakt, voor Amold van Campen en Frans van Hanen- 
bercfa, schepenen van 's Bosch, voorschreven goederen verkoopt aan 
Zeger, zoon van Johannes Damen van Scyndel. 

è. een brief van laatstgenoemde Schepenen van 9 Januari 1570, 
waarbij zij verklaren gezien te hebben een octrooi, door Philips, 
koning van Spanje, den 24 Juli 1561 aan Jan Kuysten, bastaard 
en door wijlen Heer Jan Kuysten, priester, in zijnen priesterlijken staat 
verwekt bij de ongehuwde Mechteld van Aken, en aan Hillegonde 
van Rode, zijne huisvrouw, wettige dochtervan wijlen Philips van Rode^ 
verleend om over al hunne goederen te beschikken, met bepaling, 
dat vermits genoemde echtelieden wettige kinderen hebben en ge- 
noemde Jan Kuysten een bastaard is, deze, voor het geval diens 
kinderen voor hem kwamen te overlijden, Ur causen van sijnder 
natuerlicheyt ende uyt saken van deser gratiën^ octroy ende consent 
gehouden zal zijn aan hem, Philips, eene goede som in verhouding 
tot zijn vermogen te betalen. 

c. een brief van dezelfde schepenen van 9 Januari 1570, waarbij 
zij verklaren gezien te hebben een testament, den 28 Juni 1570 ten 
overstaan van Heer en Meester Petrus Peelmans, priester en kapelaan 
of vicecuraat der parochiale kerk van St Jan Evangelist te 's Boscli, 
verleden in tegenwoordigheid van het Eerwaardig en Heilig Sacra* 
ment ten woonhuize van na te noemen erflaters, staande aldaar 
aan de Groote Markt bij die Gulden Coppe, bij welk testament Jan, 
bastaardzoon van Jan Kuysten, ziek van lichaam en Hilleken 
Philipsdochter, zijne wettige huisvrouw, de navolgende beschikkingen 
maakten, waartoe Jan Kuysten bij voorschreven octrooi gemachtigd 
was: lo. een legaat van een stuiver aan de Kerkfabriek van St.Jan 
te 's Bosch; 2o. machtiging op den langstlevende om over de goe- 
deren van den vooroverleden echtgenoot te beschikken ; 8o. last op 
den langstlevende om aan hunne dochter Jenneken, als zij tot den 
Godlycken siaet mocht komen, 800 car-guld mede te geven; 4o. een 
legaat aan Cornelis, bastaardzoon van den erflater, van 800 car-guld; 



— 105 — 

6o. benoeming door den erflater tot zijne executeurs-testamentair 
en momboiren overjenneken en Comelis voornoemd : Geerit Philipszn 
in de drie emmers en Adam van den Laer, zijne, testators, zwagers 
met toevoeging van Heer en Meester Peeter die Ruyter, iLanunnik, 
zijn, testators, broeder. 

254. 5 Hwi, i56i. 

Judocus, zoon van Rover Goyartszn, als gemachtigde van Mechteld, 
dochter van Gerard Martens en weduwe van OttoDircx; van Willelma, 
dochter alsvoren en weduwe van Baldewyn Drion en van Karel, zoon 
van Willelma en Baldewyn voornoemd, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Petrus, zoon van Henrick Corstiaens, twee kamers met 
erven, naast elkaar gelegen in de St. Jacobstraat te 's Bosch tusschen 
het erf van Johannes van Liebergen eenerzijds en dat van Mechteld 
weduwe van Rutger van Doem anderzijds en zich uitstrekkende 
van af gezegde straat tot aan het erf van Johannes Gerartszoon, 
/ader (smid). Hierover waren ak schepenen Henrick van Eyndhouts 
en Henrick van Staeckenbroeck. 

255. i Maart i562. 

Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten van 
het land Brabant, verklaren eene erfrente te hebben verkocht 
aan Jutken, dochter van wijlen Mathys Peters. 

256* S6 Mei i569. 

Jan, zoon van Marten van Loon, als man van Adriana, en Peter, 
zoon van Rombout Michiels als man van Aleid, dochters van Jan 
Papen Janszn en Heylwig, de dochter van Dirck, den zoon van 
Goijart Henricx, verdeelen de nalatenschappen hunner schoonouders, 
waartoe behooren landerijen, gelegen onder Empel en Orthen, huizen, 
-staande te 's Bosch in het Klein straatje van Best en aan het 
Ortheneind, grondrenten, enz. Hierover stonden als getuigen de 
Bossche schepenen Henrick van Eyndhouts en Henrick van 
Staeckenbroeck. 

2o7a. 30 Maart i563. 

Gerardus, zoon van Jacob Hermans en weduwnaar van Maria, 
dochter van Herman van Gasteren Jacobszoon en Arnolda, dochter 



~ 106 — 

van Johannes Arntszoon van Zambeeck, staat af aan Godefridus van 
Zambeeck, Henrick, zoon van Johannes Henrickszoon Wülems en 
Henrick de Bye, apotheker, als voogden over zijne minderjarige 
kinderen het vruchtgebruik van: V? stuk land, gelegen in de parochie 
van Empel ter plaatse genaamd Hencxtem, 7? stuk land, gelegen in 
de parochie van Empel onder de jurisdictie van Merewijk» 
de Kerkebeemd genaamd, V? stuk land gelegen beneden de vrijheid 
van 's Bosch achter de plaats genaamd de Vliedert ter plaatse ge- 
naamd Brentens peper en V? eener boerderij, gelegen te Nistelrode 
in 't Loo, welke boerderij Johanna, weduwe van Jacob Gasteren, 
8 April 1616 gekocht had van Martinus van Campen en Christianus 
Coenen als man van Mechteld, dochter van Amoldus van Campen, 
voor zich in vruchtgebruik en voor zijne kinderen in eigendom. 

258. f5 Mei i9dS 

Verklaring van Claes Jan Wellens en Peter Anthoniszoon, schepenen 
te Heze onder Rosmalen, dat ten hunnen overstaan Jan Roelofs met 
zijne moeder Hylwych Roelofs en als zich sterk makende voor Jan 
Jan Janszoon, zijnen zwager, verleend heeft aan Hylken Claessen 
eene grondrente uit al hunne goederen. 

259. 15 Januari i564. 

Vermits Lodovicus en Herbertus, zonen van Willem Joordens, een 
stuk bouwland, gelegen te Helvoirt ter plaatse genaamd de DysteU 
berch tusschen het erf van Ghijsbert Heym eenerzijds en dat van 
Anna, weduwe van Willem van Delft, anderzijds, den 19 November 
1663 tegen eene grondrente verkocht hadden aan Jacob, zoon van 
Everard van Arckell, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch ge- 
noemde Jacob van Arckell een stukje van voorbedeeld perceel 
bouwland verkocht aan Jonker Ghijsbert Heym voornoemd- Hierover 
waren als schepenen Henricus van Eyndhouts en Jeronimus Wynants. 

260. 9 Maart i564. 

Vermits aan Petrus van Keulen (de Colonia) Ghysbertszoon bij 
vonnis der Schepenbank van 's Bosch was toegewezen een huis met 
plaats en drie kamers, een erf, genaamd loyerye en eene aldaar zich 
bevindende pendula^ genaamd leyffne, — alles staande en gelden 
te 's Bosch aan den Vughterdijk tusschen de beide poorten en tusschen 



— 107 — 

het erf van Johannes, zoon van Rodolph Noppen, eenerzijds en 
tasschen het erf van Lambert, zoon van Wouter Colen, anderzijds en 
zich uitstrekkende van af gezegde straat tot aan het water, — ter 
zake van wanbetaling eener grondrente, die Tielman Willemszoon 
ten behoeve van Herman Reynierszoon Pottey bij koop van Gode- 
fridusy zoon van Petrus Goijartszoon van den Hovel, den 7 November 
1654 verkregen had — en vermits vervolgens genoemde Petrus van 
Keulen voorschreven gerechtelijke toewijzing had overgedragen aan 
Mathias Keyen, zoo heeft deze daarna voormeld goed verkocht aan 
Petrus van Keulen voornoemd. Hierover waren als schepenen van 
's Bosch Jeronimus Wijnants, Johannes van den Water en Goijart Loeflf. 

261. S5 April i564. 

Preiaten, Edelen en Steden, representeercnde de drie Staten van 
het land van Brabant, verleenen eene erfrente aan Elisabeth, dochter 
van Henrick van der Aa. 

Hieraan de volgende transiixen : 

Eene akte, waarbij voor Joris van Bemagien en Anthony van Oudt- 
heusden, schepenen van 's Bosch Jonker Marcelis Hovelmans, op 7 Oct 
1634 verkoopt aan Mr Amold van Broeckhoven, licentiaat in de 
rechten en oud-raad van 's Bosch, voorschreven erfrente, welke bij 
scheiding en deeling tusschen de kinderen en erfgenamen van wijlen 
Jonker Henrick Hovelmans, drossaard der Baronieën van Kranendonk 
en Eindhoven, door dezen verwekt bij zijne vrouw, wijlen Juffrouw 
Catharina van den Hovel, dpchter van wijlen Johan en Elisabeth van 
der Aa voornoemd, ten deel was gevallen aan gezegden Jonker Mar- 
celis Hovelmans, ook drossaard der voorschreven Baronieën. 

Eene akte, waarbij voor Johan vanBrecht en Peter Pelgrom, sche- 
penen van 's Bosch, Wouter Scellens, raad van gezegde stad en 
Adriaan Zegers ten behoeve van Sewit, dochter van Willem, den zoon 
van Adam van Constans, en ten behoeve van Anna, weduwe van 
Comelis, den zoon van Willem Adamszoon voornoemd, — zijnde 
dezen met Sewit, de dochter van voornoemden Comelis en Anna, de 
erfgenamen van Willem Adamszoon meergenoemd — en Henrick 
Adamszoon, op 26 Aug. 1596 afstand doen van hun recht op eene 
erfrente ten laste der Staten van Brabant, die Roelof, de zoon van 
Jan Lamberts en zijne vrouw Elsken, dochter van Adam van Constans, 
hadden gelegateerd aan de kinderen van Willem en Henrick Adamszoon 



- 108 — 

voornoemd, de broeders van genoemde Ëlsken, doch welk legaat deze 
na dood van haren man, ab wanneer zij te 's Bosch woonde, voor 
haar aandeel had herroepen/waama zij de helft in die rente gelegateerd 
had aan Wouter ScellensenAdriaanZegers, behoudens de verplichting 
van dezen om aan de kinderen van Willem en Henrick Adamszoon 
voornoemd uit te betalen de hoofdpenningen van de geheele rente, 
als die kinderen binnen 's Bosch zouden komen en om hun ook 
nog fl 12 reis- of teergeld te geven, zooals een en ander blijkt uit 
het testament, door haar op 29 Nov. 1589 gemaakt voor Gijsbert 
van den Velde, notaris en secretaris van 's Bosch. 

263. 99 ApsHl i564. 

Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten van 
het land van Brabant, verkoopen eene erfrente aan Jacobmyne Peeters, 
weduwe van Joris de Groette. Hieraan zijn gehecht: 

a eene akte, waarbij Jacomijncken Peetersdochter, weduwe van 
wijlen Joris de Groote, parochiaan van Noord-Monster, den 9 Dec. 1639 
voor schepenen van Middelburg aan de gemeene armen aldaar voor- 
schreven rente transporteert ; 

ó eene akte, waarbij op 18 Sept. 1649 Adriaen van Bullestraeten, 
raad en tresaurier der stad Middelburg, als ontvanger voor de armen 
aldaar, ten overstaan van Schepenen dier stad meeigezegde rente 
verkoopt aan Jacob Jansen Gysselen, wonende te *s Bosch. 

203. 37 Juni i564. 

Alzoo Ghysbrecht en Jacop die Cock, gebroeders, zonen van wijlen 
Jan die Cock; Margriet die Cock, hunne zuster, weduwe van Jan 
van Breugel; Willem van £ynde als gemachtigde van Lysbet die 
Cock, weduwe van Jan Sadoirvil, blijkens schepenbrief van Ant- 
werpen ; Jan, zoon van wijlen Jan Thomaszoon als man van Marie 
en Joost, zoon van Amd van Os, als man van Anna die Cock, 
dochters van Jan die Cock voomoemd,verklaarden, dat zij aan hunne 
zuster Barbara die Cock, zoomede aan Jonker Vits Herll en diens 
vrouw Catharina die Cock overgedragen hebben hun y^ part, (behoo- 
rende dezen de overige Vs parten te voren reeds toe) : a in twee huizen 
voor aan de straat met eene poort daarnaast en met eene plaats 
daarachter, alsmede met dertien kamers op die plaats staande, 
gelegen te 's Bosch aan de Orthenpoort tusschen het huis der 
weduwe Gerit Symons eenerzijds en de openbare straat anderzijds en 



— 109 — 

achterwaarts zich uitstrekkende tot aan den stadswal; ^. in twee huizeq 
voor aan de straat met zeven kamers daarnaast en daarachter, 
staande te 's Bosch aan den Ouden Huls op den hoek en in het 
straatje de Molensteeg tusschen den Stadswal eenerzijds en de open- 
bare straat anderzijds, zooals een en ander blijkt uit een Schepenbrief 
van 's Bosch van 20 December 1644. £n alzoo daarna Jan Thielmans 
als gemachtigde van Catharina, dochter van Jan die Cock, koopman 
en poorter van 's Bosch, hare helft in eenen houttuin met dertien 
kamers, waarvan twee kamers voor aan de straat staan, met de 
tuinen gelegen te 's Bosch in de Orthenstraat omtrent de stadspoort 
en aldaar van achteren uitkomende aan den stadswal, had overge* 
dragen aan Barbara, dochter van Jan die Cock voornoemd en weduwe 
van Jan van den Wiel, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch 
Peter die Cort, secretaris van die stad als gemachtigde van Catharina 
die Cock, dochter van wijlen Jan die Cock en Barbara van Keimes 
Lenardsdochter en weduwe van Erasmus Schetz, heer van Grobben- 
donck, de twee huizen voor aan de straat met eene poort daar* 
naast en eene plaats daarachter, alsmede dertien kamers op die 
plaats staande, gelegen te 's Bosch aan de Ortbenpoort, verkocht 
aan Wouter Scellens, zoon van wijlen Dirck Scellens, secretaris en 
griffier van *s Bosch. Hierover waren als schepenen Goeswijn van 
Brecht en Bartholomeus Loeff. 

d64a. Baardwyksche Kermiêdag id64. 

Brief door Peter die With Wouterszn, dienaar van de Vrijvrouwe 
van Bokhoven, geschreven aan Jacob Oem. (Hierachter eene ver- 
klaring van Frans Rljkersz, pastoor te Baardwijk, over de voldoening 
der schade, veroorzaakt door den manslag, door eenen Hack gepleegd). 

265. 23 Sept. i564. 

Johannes, zoon van Hugo Mathijszoon, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Adriaan, zo<m van Albert Kethelaer en weduwnaar 
van Aleid, dochter van Dierck van Vechel, ten behoeve van dezen 
als vruchtgebruiker en van diens kinderen als eigenaren, eene grond- 
rente uit een huis met erf en rosmolen, staande aldaar bij de /To'/^A 
Cruyspoart aan het eind der Vughterstraat naast het water eenerzijds 
en naast een straatje anderzijds, alsmede uit vier naast elkander 
gelegen kamers, staande te 's Bosch aan dit Mortel tusschen het erf 
van Yda Post eenerzijds en dat van den verleener anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Godefridus van Vechel en Johannes van Hede)» 



— 110 — 

266. 96 Oetoher i564. 

Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten van 
het land van Brabant, verleenen eene erfrente aan Jenneken, weduwe 
van Jan Hermans dü tnolder. 

267. S Nov. ib^i^. 

De Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten 
van het land van Brabant, verkoopen eene erfrente aan Marcus 
Aelbrechts ten behoeve van Willem Peterszoon van Engelen, genaamd 
Hoy Hoy, ter tocht en van zijne kinderen ten erfrecht 

Hieraan zijn gehecht de navolgende schepenakten : 

a. eene akte van 28 Mei 1578, waarbij voor Jan van der Stegen 
en Henrick van Broeckhoven, schepenen van 's Bosch, Aexken, 
dochter van Frans Amdszoon, den pasteibakker en weduwe van 
Willem Peterszoon voornoemd, in tegenwoordigheid en met consent 
van Marcus Aelbrechtszn, als executeur-testamentair van haren vader, 
voorschreven erfrente verkoopt aan Peter van Hees ten behoeve van 
Lambertken, onmondige dochter van Lambert Brugmans. 

b. eene akte van 8 Juli 1630, waarbij voor Ghysbrecht Pieck van 
Tienhoven en Jan van der Molen, schepenen van 's Bosch, Mathijs 
Aertszn Heselers, als man en voogd van Heylwich, dochter van 
wijlen m' Jacob Wyfiflieth en wijlen Lambertken, dochter van zal. 
Lambert Brugmans, meergezegde erfrente verkoopt aan Amd Aertszn 
van den Heuvel, ten behoeve van m' Gerard van Soemeren, licen* 
tiaat in de rechten en oud-raad van 's Bosch ter tocht en van zijnen 
zoon Willem, door hem verwekt bij Elizabeth OHviers, zijne tweede 
huisvrouw, ten erfrecht. 

268. i FébT\MLTi i565. 

Vermits Jan, zoon van Dirck Laureynszoon, als man van Mar- 
garetha weduwe van Petrus, zoon van Symon van Hedel, het vrucht- 
gebruik, haar toekomende op een huis met erf, staande te Berlicum 
ter plaatse genaamd Beekveld nabij het erf van het Klooster van 
Berne, alsmede op een paar erven te Berlicum gelegen, had afgestaan 
aan Symon en Jan, zonen van Petrus van Hedel en Margaretha 
voornoemd, en aan Rombout, gewoonlijk genaamd Rom, zoon van 
Thomas Mathijszoon, als man van Johanna, dochter van dezelfden, 
zoo hebben voor Schepenen van 's Bosch Symon en Jan van Hedel 



— 111 — 

gebroeders en genoemde Rombout als man van Johanna voorschreven 
onroerend goed verkocht aan Joost, zoon van Henrick, den zoon 
van Petras Eymbertszoon van Griensvenne. Hierover waren als 
schepenen Willem die Borcligreve en Arnold van Campen. 

269. i8 Octoher 1565. 

De Staten van Brabant verleenen eene erfrente aan de Armen 
van Middelburg, welke dezen 13 September 1689 verkoopen aan 
Jacob Gysselen Janszoon, wonende te 's Bosch. 

270. Si Juli 1566. 

Huybert van Ostaeyen, als gemachtigde van den rentmeester van 
het ELapittel binnen Heusden, verkoopt voor Schepenen van die 
stad wegens verschenen, erfcijns eenen morgen lands» genaamd de 
Lieve morgen, gelegen in de Ban van Herpt te Ophoven tusschen 
het erf van het Godshuis van Berne, aan Oth van Gellicom, waarna 
deze dien koop weder overdroeg aan genoemden van Ostaeyen. 
Hierover waren als Schepenen Jacob Willemszn van Wyck en Daniel 
van der Horst. 

371. 14 Februari 1567. 

Heer Henricus Janszoon, priester en rector der kapel van Heese 
te Rosmalen, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch, na bekomen 
machtiging van Frans Sonnius, bisschop van het Bisdom *s Bosch, 
aan ^Henrick, zoon van Goeswyn Ghysbertszoon, eene grondrente, 
welke Coenraad de slachter, zoon van Johannes van Haren Francks- 
zoon, aan ELatharma, weduwe van Rodolph den Backer, zoon vap 
Ghybo, verleend had van uit een huis en erf met stal, genaamd 
de Kleine ot Zwarte Draak^ staande in de Vughterstraat te 's Bosch 
tusschen het huis van Johannes van Keulen eenerzijds en het erf 
van Wouter van den Kerckhof (de Cymetherio) anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Bartholomeus Loeflf en Johannes van Hedel. 

272. 5 Juli 1567. 

Philips II, Koning van Spanje en Hertog van Brabant, beveelt 
op het verzoek van den Schout, Schepenen, Gezworenen, Kerk- 
meesters, H. Geestmeesters, Dierick Rutgers, Henrick Thielmam^ 
Peter Gieliszn en andere gemeene ingezetenen van het dorp en 



— 112 — 

parochie Son, — behalve van Maurits Happen, — welk venoek 
inhoudt, dat hoewel Hertog Jan van Brabant in het jaar 1855 hun 
en hunne voorzaten tegen zekeren cijns uitgegeven had zekere 
vroente of gemeente, binnen gezegde parochie gelegen ter plaatse, 
genaamd Desperheide en wel om die eeuwig te bezitten en te ge- 
bruiken, daarop te turven, te vlaggen en beesten te weiden, en dat 
hoewel zij en hunne voorzaten die vroente of gemeente steeds 
gebruikt en bezeten hebben, nochtans genoemde Maurits Happen en 
eenige anderen, ook namens de Karthuizers te den Bosch, voor 
Schepenen aldaar hun recht van bezit op die vroente of gemeente 
met vrucht hebben betwist, en dat zij daarom tegen de uitspraak 
van die Schepenen vragen provisie en opene brieven van reformatie, — 
den eersten deurwaarder van den Raad van Brabant om genoemde 
Schepenen te dagvaarden voor dien Raad ten einde te hooren eisch 
doen en concludeeren, dat hun voorzegd «vonnis zal worden nietig 
verklaard, gereformeerd of gecorrigeerd en dat tevens tegen denzelfden 
dag zullen worden geintimeerd genoemde Maurits Happen, de 
Karthuizers van den Bosch en alle anderen, die der zaak eenigxins 
aangaan, ten einde ook dezen zullen compareeren. 

278. i Juni 1569. 

Jacob Adriaan Aert Meeuszoon, wonende te Geertruidenberg, 
verkoopt voor Schepenen van Terheiden eenen beemd aldaar enz., 
aan Jan Back Franszoon. Hierover waren als schepenen Corstiaen 
Back Franszoon en Henrick van Asten Janszoon. 

274a. i4 December i569. 

Verklaring van P. Curtius, secretaris van den Bosch, dat de drie 
Leden van die stad M^ Frans van Balen, Bartholomeus Loeff, Jan 
van de Water, Jeronimus Wynants, Jan Otten en Jan Gerits 
gekozen hebben tot commissarissen om met de Gedeputeerden van 
het dorp Vught te verlengen het accoord, tusschen die gemeente en 
de stad den Bosch gesloten over de accijnzen van wijn, bier, andere 
dranken, brood, vleesch en andere victualiën, te Vught verorberd. 

275. Si Augustus i570, 

Adriaan van Uden Janszn verleent voor Schepenen van Helmond, 
aan Heer Bartholomeus, priester, ten behoeve van het Schuttersgilde 
van St. Joris aldaar, eene grondrente uit hooiland, gelegen aldaar ter 



— 118 — 

plaatse, genaamd .die Bosschen", ten einde uit de inkomsten 
daarvan te bestrijden „sekeren dienste in der kercken van Helmont 
tot behulp der middelmissen*. Hierover waren als schepenen Jan 
Scuermans en Adriaen Lauwreys Witlocx. 

276. i5 Maart i570. 

Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten van 
het Land en Hertogdom Brabant, verleenen eene erfrente aan Heer 
Servaes Willemszoon van Eyndoeven, priester te St. Oedenrode. 

277. iS Juli 1570. 

'. Henrick Henrickszn van Kreyelt en Barthelmeus Jacopszn, schepenen 
der vrijheid van Oerle, getuigen, dat Jan Peterszoon alias van Triecht 
en zijne vrouw Mariken Adriaansdochter hebben gewoond in de 
vrijheid van Oerle en aldaar altijd zijn gehouden geweest voor goede, 
eerbaar gehouden personen; dat genoemde Jan in desen voirUden 
tijt van troubU zich altijd stil en gehoorzaam aan Z. Koninkl. Majesteit 
of zijne ofBcieren heeft gedragen en gehouden ; dat noch hij noch 
zijne genoemde vrouw uit voorschreven vrijheid verjaagd of ver- 
bannen zijn geweest om eenigerlei heresie, secte of ketterij, hoedanig 
die ook wezen mogen, maar dat zij zich altijd hebben gesteld en 
gehouden onder de H« Roómsch Elatholieke Kerk, haere Sacramenten 
aldaer halende ende dUselve frequenterende gelijck een goet nahuer 
der voirs. vryfuit schuldich ende gewoynlijck is sulcx te doene ; dat 
zij ook niet uit de voorschreven vrijheid zijn gevlucht om eenigerlei 
zaken of delicten, hoedanig die ook zijn mogen, civiel of crimineel, 
maar daarin altijd mogen terugkomen mits zich gedragende, zooals 
zij zich tot nu toe gedroegen. 

Hieronder stond: Ita est. Guilielmus Betius, 'pastor in liberate 
de Oerle. 

'B. Stockelmans (secretarius). 

277a(6M;. 59 December 1570. 

Tusschen Jan Laureys Sgreven, schout, Adriaen Brouwers en 
Everard van Laerhoven, schepenen der Bank van Hilvarenbeek en 
Gerard Otten als procuratie hebbende der gemeente en parochie 
voornoemd, ter eenre en Jan van der Stegen en Jan van Lyebergen 
als fabriekmeesters der St. Janskerk te den Bosch, ter andere zijde, 

8 



- 114 - 

wordt geaccordeerd over de quota, welke gezegde kerk als tiend - 
hefster onder Hilvarenbeek heeft bij te dragen in de herstelling van 
de kerk en groote klok aldaar. 

278. Si Januari iSHi. 

Jan M' Wilms, Jonker Wilbroirt van Berghelen, Jan van der Beeck, 
M' Michiel Römbouts, Jacob Henricxss, Jan Goeyaetss en Peter 
Andrieszn, schepenen van Bergeik, getuigen, dat ten hunnen overstaan 
Roef Simons en Elizabeth, zijne dochter, met Peter, haren man en 
momboir, aan Heylwig, dochter van Wouter Conincx, eene grond- 
rente verleend hebben uit eene hofstede, gelegen onder de parochie 
Riethoven, naast het erf van Margriet van Baelen en de gemeente. 

Hieraan is vastgehecht eene akte van 18 December 1606, waarbij 
Marcus van Hombergen, Symon Adriaens, Jacob Comelis, Jan Stappers, 
Goyart Berchmans, Symon Janss en Jacob Jan Nyss, schepenen 
van Bergeik, getuigen, dat ten hunnen overstaan Wouter Henricus 
Heesborchs aan Jacob Comelis verkocht voorschreven grondrente, 
welke afkomstig was van voomoemde Heylwig, de moeder van 
den verkooper. 

279a. 98 Juni i57i. 

Leonardus, zoon van Andreas van Horrick, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Petrus, zoon van Petrus Mickarts genaamd van 
Antwerpen, eene grondrente uit eene boerderij, gelegen te Vechel 
ter plaatse genaamd Buekelaer, alsmede uit eenen akker, gelegen 
aldaar ter plaatse genaamd de Hoochbocht tusschen het erf van 
Jaspar Suermont en vele anderen. Hierover waren als schepenen 
Frans Haenenberch en Jan van Hedel. 

280. iS September i57i. 

Franchoys van Haenenberch en Jan van Hedel, schepenen van 
's Bosch, getuigen, dat de naaste vrienden en magen van Jan, 
onmondigen zoon van wijlen Jacop Claeszoon van Ravesteyn en 
Aleid, de dochter van wijlen Mathijs Stooters, hun bij verzoekschrift 
hadden medegedeeld, dat bij doode van genoemden Jacop aan 
gezegde Aleid in tocht en aan voorzegden onmondige in eigendom, 
onder anderen,waren gekomen twee zesde gedeelten in eene bouwhoeve, 
bestaande uit huis, erven, tuinen, akkerlanden, hooilanden, weilanden. 



- 115 - 

heiden, houtwasscheiiy enz., gelegen in de parochie Boxtel ter plaatse 
genaamd Munsel en in gebruik bij Jan Dierickszoon van Hees als 
laat, van welke hoeve drie zesde gedeelten toebehooren aan de 
Bruederscappt van Onser Liever Vrouwen binnen der stadt {*s Bosch) 
en het overige een zesde gedeelte aan de kinderen of erfgenamen van 
wijlen Heer Jacop Sanders; dat de voorschreven Bruederscappe van 
Onser Liever Vrouwen en de kinderen van wijlen Heer Jacop Sanders 
hunne parten in de hoeve gaarne ten hoochsten ende schoonsten zouden 
willen verkoopen, waarom zij die dan ook op 2^ndag te voren 
hadden doen veilen ; dat het beter en voordeeliger zoude zijn om 
de parten van genoemden onmondige nu ook te verkoopen dan ze 
te behouden, gemerct deseive tot seer vielen pryse inne toecomenden 
tyde voor den voorsr onmundigen f ouden moetin worden verco/itnézX 
het verhuren van laatstbedoelde parten op zich zelf ook zeer 
weinig zoude opbrengen, weshalve zij hun om machtiging verzochten 
om de parten van den mindeijarige tegelijk met de overige te 
verkoopen; dat zij hierover gedelibereerd hebbende, tot momboiren 
over dien onmondige aanstellen Jan, zoon van wijlen Nycolaes 
van Ravesteyn, Jan Nobelmans als getrouwd hebbende Agatha, 
dochter van genoemden Nycolaes van Ravesteyn, ooms van vaders- 
zijde, Lambert, zoon van wijlen Mathijs Stooters en Joost Hermanszoon 
die Bye, als getrouwd hebbende Elisabeth, dochter van denzelfden 
Mathijs Stooters, ooms van moederszijde van dezen minderjarige en 
hun machtiging geven om diens twee zesde gedeelten in het 
openbaar mede te verkoopen, mits zulks geschiede na behoorlijke 
voorafgaande proclamatien tn yeilingen en ten AooeAsten ende scAoonsten 
en de vruchtgebruikster eerst afstand doe van haren tocht. 

281. 8 Nov. i57i. 

Laurentius Metsius, bisschop van 's Bosch, geeft aan Cornelius van 
der Moeien en Jacobus Bacx, in hunne hoedanigheid van proosten 
der Lieve Vrouwe Broederschap te 's Bosch, machtiging, om, ten 
einde uit onverdeeldheid te geraken, te verkoopen de helft in eene 
boerderij, gelegen te Boxtel ter plaatse genaamd Munsel. Zie 
oorkonde n» 280. 

282. 9i Juni i572. 

Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten van 
het Land en Hertogdom Brabant, verkoopen eene erfrente aan Elizabeth, 
dochter van Jan Hoze en weduwe van Jacob Grotart, tot haren tocht 
en van hare beide kinderen ten erfrecht. 



— 116 - 

283. ims. 

Meester Cornelis Otto van Beeck verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Wouterken, dochter van zaliger Joost Lenartszoon, 
eene erfrente, hem door de Staten van Brabant verleend. Hierover 
waren als schepenen Rutger van Berckel en Henrick van Broeckhoven. 

284. 6 F^>ruari iffIS. 

Claudi Laureynszoon als man van Anneken, dochter van wijlen 
Thomas Degens en Geertruid weduwe van Jan, zoon van Thomas 
Degens voornoemd, verklaren voor Schepenen van 's Bosch, dat 
Dierick Loeckemans en Jutkene weduwe van Jan van Roye hun 
rekening en verantwoording hebbén gedaan van het beheer, dat Dierick 
Loeckemans en Jan van Roye voornoemd als voogden over ge- 
noemde kinderen van Thomas Degens over de goederen van dezen 
hebben gevoerd en dat zij hen te dier zake dechargeeren. Hierover 
waren als schepenen Jan van der Stegen en Henrick van Broeckhoven. 

285. id Februari i&75. 

Jan van der Stegen en Henrick van Broeckhoven, schepenen van 
's Bosch, getuigen, dat ten hunnen overstaan Henrick, zoon van 
Thomas Janszoon, Marten Bemtszoon van Soemeren, Jan en Christoffel 
Spyckers als geordonneerde momboiren over Aelken, Henricxken en 
Lysken, onmondige dochters van wijlen Henrick van Soemeren, hun 
bij verzoekschrift te kennen hadden gegeven, dat op genoemde 
onmondigen met drie harer andere zusters en broeders, welke mondig 
zijn, bij doode van Lambrecht van Oerle en Diericxken, zijne 
huisvrouw, uit kracht van het testament door genoemde Diericxken 
op 12 October 1578 1.1. gemaakt (».^. deze datum is juist overge- 
schreven), voor de eene helft waren verstorven verschillende 
onroerende goederen, waarvan de wederhelft door genoemden 
Lambrecht van Oerle was vermaakt aan Jan, zoon van Jan Darkennes 
en Aert Willemszoon, kremer; dat de nalatenschappen van genoemde 
erflaters zijn belast met vele schulden en processen ; dat de mondige 
erfgenamen daarom van oordeel zijn, dat de bedoelde onroerende goe* 
deren behooren te worden verkocht; dat zij, requestranten, zulks ook in 
her 'belang achten der voornoemde mindeijarigen en dat zij, schepenen, 
om die redenen hun machtiging geven om het aandeel dezer minder- 
jarigen in die goederen met hunne mede-erfgenamen in het openbaar 
te verkoopen. 



— 117 — 

2S6. i9 Maan i575. 

Jan van der Stegen en Henrick Heeren, schepenen van den Bosch, 
geven vidimus van eenen brief, waarbij Burgemeesters, Schepenen 
en Raden der stad Antwerpen verklaren, dat ten hunnen overstaan 
Alijt van Erpe Henricksdochter, weduwe van Willem Gheerartszn, 
wonende te Antwerpen, op 9 December 1673 machtigde Mathijs 
Eymberts en Jan Geubels, wonende te den Bosch, om te verkoopen en 
te transporteeren haren tocht op het één vierde van drie huizen, naast 
elkander staande in de St. Jorisstraat aldaar en van een huis, staande 
aldaar aan het Hinthamereind bij het huis de Halve MaaUy van 
welk een vierde den eigendom hebben hare wettige kinderen, terwijl 
van de overige parten Anthonis van £rpe en Henrick Herinck 
eigenaren zijn. (Hierbij nog eene koopakte van 19 Maart 1573, 
waarbij genoemde gemachtigden het vruchtgebruik van het een vierde 
in laatstbedoeld huis, dat is het huis de Blinde man^ overdragen 
aan voorbedoelde kinderen, die het daarop met Henrick Herinck 
Willemszn als man van Catharina, dochter van genoemden Henrick 
van Erpe en als gemachtigde van Anthonis, zoon van dienzelfden 
van Erpe, verkoopen aan Comelis, zoon van I^mbert Comeliszoon 
die Becker; hierbij eene koopakte, waarbij de weduwe van laatst- 
genoemde met haren tweeden man Amd van Schijndel dat huis 
21 Maart 1579 verkoopen aan haren zoon Lambert; eene akte, 
waarbij de rechtverkrijgers van laatstgenoemde dat huis 15 Februari 1616 
verkoopen ^n Henrick, zoon van Adriaan Henrickszn, wonende 
te den Bosch, alsmede eenige latere akten, betreffende datzelfde huis. 

287. n Maart i573. 

Jan, zoon van wijlen Jaspar Monicx, als man van Catharina, 
dochter van wijlen M' Goijart Grotarts van Os, 1) in leven secretaris van 
's Bosch en diens tweede huisvrouw Anna, draagt voor Schepenen 
aldaar over aan Arnolda Wolffs weduwe van voornoemden M' Goyart 
Grotarts eene roggepacht, gaande uit een huis en erf, gelegen onder 
Helvoirt. Hierover waren als schepenen Bartholomeus Loeff en 
Henrick van Broeckhoven. 

Hierbij eene akte, waarbij, — vermits Aleid, dochter van wijlen 



1) Hij had deze roggepacht 28 Maart 1551 gekocht van Raso, bastaard- 
zoon Tan Johannes Christiaanszoon, als man van Johanna, dochter van Johannes, 
zoon van Johannes, zoon van Paulus genaamd Roever, den zoon van Rodolf Coenen. 
(Zie oorkonde no 230). 



— 118 — 

M' Adriaan van Achelen, ook secretaris van gezegde stad en van 
voornoemde Amolda Wolffs, te voren weduwe van meergenoemden 
M' Goijart Grotarts van Os), weduwe van Nicolaas Jans, den tocht 
harer goederen had overgedragen aan Roelof Noppen Jans, ten be- 
hoeve van hare kinderen Nicolaas, Adriaan en Henrick Jans, — zoo 
hebben die kinderen van wie de beide eersten toen te Haarlem 
woonden, voor Jacob van Balen en Zeger M^ Zeger Adriaens sche- 
penen van 's Bosch, gemelde roggepacht overgedragen aan Franchoys 
Noppen, zoon van wijlen Roelof, den zoon van Jan Noppen; 
4 September 1614. 
Hierbij nog eenige latere transporten van deze roggepacht. 

288a. i9 Apnl i57S. 

Jan Willemszn Hoeck en Antonis Hermanszn huren van Dierck 
Loeft Henrickszn als weesmeester, M' Jan Staess als oom en voogd 
der voorkinderen van Jaspar Doedyns zal. en Gijsbertken Jan Staes- 
dochter en Wouter Jacobszn, ook weesmeester, een hoptuin met 
boomgaard, genaamd Costershof, gelegen in de banne van Genderen. 
Deze akte is medeonderteekend door Franciscus Eustachius Andelinus, 
priester en pastoor van Genderen. 

289. 8 Octoher i57S. 

Burgemeesteren, Schepenen en Raden der stad Antwerpen getuigen, 
dat ten hunnen overstaan Kathelyne Cocx, dochter van Gysbrecht 
Cock en weduwe van Jan de Arietta, kolonel over de Waalsche 
soldaten, verklaard heeft, dat zij voor nul en geener waarde houdt 
de verschillende processen, die Jan van Achelen, zich uitgevende 
van met wijlen Heer Coenraert del Vaille, ridder, haar voogd te zijn, 
voor verschillende gerechten begonnen heeft tegen Gysbrecht de 
Cock, haren vader en dat zij te dien einde eenige procureurs stelt 
om zulks namens haar voor gezegde gerechten te verklaren. 

290. 29 Maart i574. 

Jacoba, weduwe van Johannes Geraardszoon van Doorn en Nico- 
laus, zoon van Adrianus Danielszoon, als man van Elisabeth, dochter 
van Jacoba en Johannes van Doorn voornoemd, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch aan Nicolaus, zoon van Johannes, denzoon 
van Nicolaus Mathijszoon, twee aaneengebouwde huizen, waarvan 
het grootste genaamd is den Roosboonty met erven, plaats, put, achter- 



— 119 — 

huizen, stooiken en keuken, staande aldaar in de Kerkstraat tusschén 
het erf van den goudsmid Adrianus de Groot, üifarktwaarts eenerzijds, 
en het erf van Johannes van den WaterEverardszoon, aan de andere 
zijde en zich achterwaarts uitstrekkende tot aan het huis, geheeten den 
Roch^ toebehoorende aan Margaretha, weduwe van Petrus Loeckemans, 
en van meer anderen, hebbende het nog eenen uitgang met poortje 
in het Crullenstraatje. Hierover waren als schepenen Henricus van 
Ëyndhouts en Pauius Wynants. (Zie mijne Voorname Bossche huizen 
II p. 825). 

291. U September i574. 

Johannes die Louwe, kramer, Johannes Coenen, graankooper en 
Gerardus, zoon van Dirck Henricxzoon van Tulden, als voogden 
over de minderjarige kinderen van Christina, dochter van Henrick, 
zoon van Henrick Johanneszoon van Tulden, daartoe benoemd bij 
testament van Petra, weduwe van genoemden Henrick, zoon van 
Henrick Johanneszoon van Tulden, dragen ter voldoening van eene 
overeenkomst, aangegaan tusschén M' Henrick van Broeckhoven en 
genoemde Petra weduwe van Henrick van Tulden, voor Schepenen 
van 's Bosch over aan genoemden M' Henrick van Broeckhoven 
Petruszoon eene grondrente, gaande uit de helft van eenen ntansus 
(boerderij), gelegen in de parochie van Oirschot ter plaatse genaamd 
die Vluet tusschén het erf van Henrick van den Gasthuys eenerzijds 
en dat van Willem Mathijszoon anderzijds, welke grondrente Heer 
Adrianus Preyker, priester en beneficiaat in de Collegiale Kerk van 
St. Jan Evangelist te 'sJBosch, en Servatius, zoon van Jan, den zoon 
van Servatius van der Stegen, als uitvoerdejs van den uitersten wil 
van Heer Servatius, zoon van Servatius van der Stegen, priester 
alsmede beneficiaat van gezegde kerk, verkocht hadden aan meer- 
genoemden Henrick, zoon van Henrick Johanneszoon van Tulden, 
Hierover waren als schepenen Jan van der Stegen en Dirck van Vechel. 

Hierbij nog eene Bossche schepenakte van 15 September 1576, 
waarbij M' Henrick van Broeckhoven Petruszoon gezegde grondrente 
verkoopt aan M' Jacob Donck ten behoeve van de onmondige 
kinderen van Arnd de Raet Eliaszoon. (Zie oorkonde n^ 227). 

292. 50 Juni i575. 

Petrus, zoon van Anthony van den Wiel, als man van ^^^ab^^ 
en Franciscus Walravens, als man van Sophia, dochters ^^^";^ ^ 
van den Hezeacker en diens eerste vrouw Ghysberta van Middegael 



— 120 — 

Godfriedsdochter, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch gedeelten 
in een perceel weiland, gelegen te Empel ter plaatse genaamd 
In de Korte beemden naast de plaats genaamd Het Kwade stuk 
nabij den Zegedijk, aan Petrus, zoon van Petras Mickarts genaamd 
van Antwerpen. Hierover waren als schepenen Dierck van Vechel en 
Martinus Moins. 

293. S December ibl6. 

Henrick, zoon van Michiel Henrickszn van Zoemeren, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Petrus, zoon van Henrick van 
Middeler, een huis met erf, staande in de Postelstraat aldaar tusschen 
het huis van Johannes die Louwe, kramer (institor), eenerzijds en 
dat van de weduwe Jacob Hermans anderzijds en zich uitstrekkende 
van af gezegde straat tot aan het erf van Frans Kuysten. Hierover 
waren als schepenen Zeger Adriaans en Paulus Winants. (Dit huis 
is hetzelfde als dat waarvan de rede is in oorkonde n® 847). 

£94. 30 Oelober i577. 

Frater Gerardus Peterszn, procurator van het klooster van 
St. Salvator en St. Brigitta weduwe, genaamd Marienwater, staande 
in de parochie Rosmalen, tot het navolgende gemachtigd door ge- 
meld klooster en met toestemming van Laurentius Metsius, bisschop 
van 's Bosch, ruilt voor Schepenen van *s Bosch, met M' Henrick 
Oliviers van Berchuysen eene grondrente, gaande uit een kamp 
lands, gelegen in de parochie TepheUn^ ter plaatse genaamd Scebgheer, 
tusschen het erf van Johannes van Amstel eenerzijds en dat van 
Johannes genaamd Wijnricxzn anderzijds, door Judoca, dochter van 
Henrick Ëlen Eliaszn en Heylwig, den 14 Juni 1498 verleend aan 
Franck van Langel ten behoeve van gezegd klooster, tegen eene 
grondrente, gaande uit landerijen, gelegen te Rosmalen. Hierover 
waren als schepenen Judocus van Ouwen en Arnoldus van 
Broegel. 

293. f4 Fehruari 1578. 

Frans van Gestel Henrickszn als meester en rector van het 
Groot Ziekengasthuis te den Bosch verkoopt met machtiging van 
M^ Jacob van der Cammen, schepen van den Bosch, als provisor 
van gezegd gasthuis, voor Schepenen van den Bosch aan Martinus 



-- 121 ~ 

Janszn Ketelaer een huis met erf en daaraan annex huisje, staande 
aan de Hinthamerstraat aldaar op den hoek der Oude Gasthuisstraat 
(thans de Gasselstraat geheeten), tusschen die straat ex uno en het 
erf van Gerard Jacobszn en zijne kinderen, genaamd het Hazewindje^ 
ex alio. Hierover waren als schepenen Joost de Ouden en Jacob 
van der Cammen. 
Hierbij nog enkele latere akten, dit voormalig huis betreffende. 

296a. ^ Maarl 1579. 

Brief door Lambèrt Strick uit 's Bosch geschreven aan Derick 
Aertszoon, president-schepen van 's Bosch, toen te Antwerpen 
verblijvende, waarbij hij dezen verzoekt expeditie en provisie van 
zijn verzoek en mededeeling van den uitslag der bijeenkomst van 
de te Antwerpen tot het sluiten van vrede door de Staten Generaal 
gedeputeerden. Hij brengt hem daarbij tevens de groeten over zijner 
vrouw. 

297. i5 Juli 1519. 

Petrus, zoon van Henrick Corstiaens, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch tegen eene grondrente aan Georgius, zoon van Rombout 
Suyskens, twee kamers met erven onder een dak en naast elkaar gelegen 
in de St. Jacobstraat te 's Bosch tusschen het erf van Johannes van 
Liebergen eenerzijds en dat van Mechteld weduwe van Rutger van 
Doini anderzijds en zich uitstrekkende van af die straat tot aan het 
erf van Johannes Gerartszoon, faber^ welke kamers door hem op 
5 Nov. 1561 voor Schepenen van 's Bosch gekocht waren. Hierover 
waren als schepenen Godefridus Lombarts en Johannes Monicx. 
Op den rug der akte staat, dat op 17 December 1591 Joris Rommen 
alias Suysken voorschreven grondrente aan hare toenmalige hefster 
Juffrouw Jaab Ghysberts heeft afgelost in tegenwoordigheid van 
Sander Jacobszöon van Boesdonck en Dirick van Lieshout, poorters 
der stad 's Bosch. (Zie oorkonde n^ 254). 

296a. 29 hecemhti^ 1579. 

Paspoort door Henry Heylman dit de Sart, ridder en kapitein 
eener compagnie Waalsche Infanterie van het regiment van 
Monseigneur de Haultepenne, kolonel, enz., te Engelen uitgereikt 
aan Jan Jansen van Engelen. 



— 122 — 

299. i9 December i519. 

Schepenen van Mill verklaren, dat ten hunnen overstaan Derick Peter 
Reynenzoon en Mette, zijne huisvrouw, aan Jan Reynen, Joerden 
Peters, Jan Gerit Claeszn, Reyn Janszn, Maerten Franszn, Jan Wyffers 
Janszn en Roelof Amtz, als schepenen van Mill en aan Arnd 
Dericks en Wyllem Martens als heemraden in het HoUanderbroek, 
recht van aflossing hebben verleend van eenen erfschepenbrief van 
Mill van drie malder rogge, welke Schepenen en Heemraden voor- 
noemd in hunnen nood tegen geld verleend hadden aan Derick 
Peterszn en Mette, zijne huisvrouw voornoemd. 

900a. i9 Januari i580. 

Brief van Henry Heylman, dit de Sart, kommandant van de 
schans te Engelen. (Zie oorkonde n® 298). 

801. 29 April i580. 

Ricardus Rubbens, als daartoe voor Schepenen van Hedel ge* 
machtigd door Jacobus Sanders van Os als man van Elsbene, dochter 
van Henrick de Heusch, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch huis, 
erf, plaats, brouwhuis en poort, gelegen aldaar op den Papenhuls 
tusschen den Heerenkelder en twee huizen van den Deken en 
het Kapittel der Collegiale Kerk van St Jan Evangelist te 's Bosch 
Hinthamerstraatwaarts aan de eene zijde en het erf van Franciscus 
Bogart, zoon van Lambertus Bogart, Diezewaarts aan de andere zijde, 
welke voorschreven goederen Roelof van Eyck en Joost van Berckel 
als gemachtigden van Philips van Borgingen, heer van Ammervael, 
als man van Margaretha van Edingen, dochter van Hercules van 
Edingen en Theodorica, dochter van Gerlach de Roover, den 2 Sep- 
tember 1553 verkocht hadden aan genoemden Henrick de Heusch, zoon 
van Amold de Heusch, — aan Everard van de Water Janszoon, als 
man van Elisabeth, dochter van meergenoemden Henrick de Heusch. 
Hierover waren als schepenen Paulus Wynants en Godefridus van 
Vlierden. Zie mijne Voorname Bossche huizen II p. 505. 

301a (bii). 8 Juli 1580. 

Maria, weduwe van Laureyns Posz genaamd van Lent, in leven 
beeldhouwer, geboren te 's Bosch en overleden te Frankfort aan de 
Main, vraagt aan de Regeering van eerstgemelde stad om raad hoe 



— las- 
te handelen met de erfenis, die haar genoemde man verkregen had 
en met de nalatenschappen harer ouders. (In het Duitsch). 

d02a. ii Juli 1580, 

Burgemeester, Rechter en Raden der stad Linz in Oostenrijk 
verzoeken aan de Magistraat van *s Bosch, dat aan Maria, burgeres 
van Linz en weduwe van Lorenz Possen, beeldhouwer te 's Bosch, 
alsmede aan hun kind, de nalatenschap van genoemden Possen zal 
worden uitgekeerd. (Zie de vorige oorkonde). 

303. ie December i580. 

De Jurati en Judices pupillorum Baroniae in Pamella verklaren, 
dat ten hunnen overstaan Joannes en Philippus, zonen van Petrus 
de Mets, Joannes Valcke, als zijnde van wege zijne vrouw Pauline 
Petrusdochter de Mets erfgenaam; Marianne Petrusdochter de Mets 
weduwe van Andrée de Cordier en Marianna, dochter van Joannes 
de Clercq en Barbara Petrusdochter de Mets, deze met machtiging 
van haren man Jacob van Cuenebrouck, allen ingezetenen en burgers 
van Pamelle, bisdom Gent en germani fratres et sorores alsmede 
testamentaire erfgenamen van den 2^er Eerwaarden Heer Laurentius 
Petruszoon de Mets zaliger gedachtenis, in leven bisschop van 
's Hertogenl)osch, volmacht gegeven hebben aan Anthonius Wouterszoon 
van Heeswijck en Meester Martines Waget, kapelaan van genoemden 
bisschop, om diens nalatenschap, hun bij zijn testament vermaakt, 
in bezit te nemen. 

304a, ii Januari i58i. 

Verklaring van Jan Heymans, secretaris van Grave, dat Claes 
Michiels aan die stad heeft overgegeven eene missive der stad Heusden. 

305a. 23 Maart i58i. 

Adolf, Graaf van Neuwenaar, Meurs en Limburg, heer van Bedbur, 
Alpen, Weerdt, Altena, enz., bepaalt 1<> naar aanleiding der vele 
misdrijven, welke in zijn land van Altena gepleegd worden, dat 
elke schout in zijn dorp of territoir de macht zal hebben alle boos- 
doeners te denuncieeren,**aan te tasten en aan te houden, en om 
dezen voorts binnen de 24 uren aan zijnen drossaard of diens 
stadhouder over te leveren ; 2<> dat vermits tde procedures, welke 



— 124 — 

al4aar over dijkzaken voor zijnen dijkgraaf en heemraden gevoerd 
worden, verward geschieden, dat voortaan de gerechtsdagen opeene 
geschikte plaats zullen gehouden en van al het daar verhandelde 
procesverbaal zal opgemaakt worden; 8^ dat vermits de dijkgraaf de 
heemraden met groote kosten moet schadeloos stellen, dat zij, 
die voor den dijkgraaf iemand in rechten willen aanspreken, den 
dijkgraaf daarvoor zijne gerechtigheid in gereed geld zullen voldoen» 
behoudens hun verhaal op de tegenpartij, enz. 

806. 80 Mei i58i, 

Ghijsbert, zoon van wijlen Jacop van Uden en Jan Willemsaroon 
als weduwnaar van Maryken, dochter van Jacop van Uden voor- 
noemd, zoo voor zich en met M' Henrick Willemszoon en Henrick 
Henrickszn, bakker, als voogden over de minderjarige kinderen van 
Jan Willemszoon en Maryken voorzegd, verkodpen voor Schepenen 
van 's Bosch aan Roelof, zoon van Arnt Vastaerts, een stuk bouwland, 
genaamd de Vlashof, gelegen in de parochie van Boxtel tusschen 
de gemeene straat en het erf van voornoemden kooper eenerzijds 
en tusschen het erf van Robbert van Malsen anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Willem die Borchgreve en Jacob van 
der Cammen. 
« 

d07a. 6 Maart i582. 

Conclusie genomen voor Schepenen van 's Bosch door de Jonkers 
Nicolaes en Willem van Boshuysen, gebroeders, in de procedure, 
door hen ingesteld tegen Jan van Duynhoven, wonende te Rixtel, 
om hun te betalen eene roggepacht, die in 1358 voor Schepenen 
van 's Bosch gevestigd werd op goederen, gelegen te Rixtel en toen 
toebehoorende aan Amd van Heesbeen, zijnde die rente op hen 
vererfd van hunnen vader Willem van Boshuysen Rutgerszn. 

308a. 7 November i582. 

Jacob Franszoon Beyhaert als man van Peterken, dochter van 
Peter Peterszoon van Antwerpen genaamd Mickarts en Christina, 
dochter van Jan Gerards, alsmede Adam van de Laer in diens 
hoedanigheid van curator over de twee minderjarige kinderen van 
genoemde echtelieden van Antwerpen verkoopen den Vemoijenkamp 
onder Maren en het Hoogkijfkampke inde Putten te £mpel gelegen. 



— 126 — 
309. aO November 1582, 

Schepenen, Gezworenen, Raadslieden en Dekens van de Ambachten, 
representeerende de drie leden der stad 's Bosch, ordonneeren ten 
verzoeke van de Dekens, Gezworenen en Gemeene gezellen van het 
Molders- en Olieslagersambacht in die stad, na verhoor van de uit 
hun midden benoemde commissarissen M' Dierick van Vechel, 
gezworene, Amt van Broegel, raadsheer, Claes van Os en Peeter 
Govartszn, dekens van de Ambachten, dat zij, die van buiten de 
stad komen en daarin het molders- en olieslagersambacht willen 
uitoefenen eerst van hetgeen zij dienaangaande geleerd hebben 
bewijs moeten leveren aan de Dekens en Keurmeesters van dat 
ambacht en wel op de wijze als zulks bij deze ordonnantie is bepaald. 

310a. 2i Januari i583. 

Brief van W. van Ëmmerick, secretaris van den Bosch. 

311a. i JanuaH 1584. 

Brief door van Kelst, bevelhebber te Gemert, geschreven aan 
Johan Ratsche, luitenant van de Compagnie Lanciers van den Heer 
van Helmond. 

312. 8 Mei 1584, 

Amoldus van Beeck Jacobszoon verbindt zich voor Schepenen 
van 's Bosch met onderzetting van eèn huis, erf, ledige plaats, 
achterhuis en huisje, staande en gelegen aldaar aan de Hinthamer- 
straat tusschen het huis van M' Maarten Moons ex uno en het huis 
van Jan de Mooi, bakker en het Gruitstraatje ex alio en zich 
achterwaarts uitstrekkende tot een vrouwengasthuis (Brantsgasthuis), 
aan Anna, dochter van Leonius Janszn van Hedel en weduwe van 
Adrianus Lucaszn en aan Maria, dochter van Jan, den zoon van 
Petrus, den zoon van genoemden Leonius van Hedel, te betalen 
de som van 130 Car. guldens wegens den verkoop van gezegd 
huis. Hierover waren als schepenen Roelof Aertszn en Herman 
van Huemen. 

313. S5 Juni 1584. 

Alzoo Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten 
van het Land van Brabant, aan Ëlizabeth, dochter van Jan Hoze en 



— 126 — 

weduwe van Jacop Grootart, tot haren tocht en aan hare beide 
kinderen ten erfrecht op 21 Juni 1572 hadden verkocht eeneerfren te, 
zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Dierick, zoon van wijlen 
Jacop Grootart en wijlen EHzabeth, voor zich en als zich sterk 
makende voor Jacop Moers, man van Jaecxken, dochter alsvoren, 
voorschreven erfrente verkocht aan Rutger, zoon van wijlen Henrick 
Rutten, den messemaker. Hierover waren als schepenen Jacop van 
der Cammen en Herman van Huemen. (Zie oorkonde n^ 282). 

8i4. 7 December i585. 

De Baad van Brabant te Brussel verklaart Gevaert van Doeme 
in zijn verzoek tot indemniteit voor zijne gevangenhouding en rem- 
boursement van de door hem te dier zake gedane verschotten, 
door hem ingediend in zijne procedure tegen de gemeente Son 
en Breugel, niet-ontvankelijk. 

8i5a. 4 Juli i586. 

Brief van Philips Graaf van Hohenlo uit Zalt-Bommel geschreven 
aan Mons. Iselsteyn, gouverneur van Heusden, houdende diens 
,yVriendhlijck begheeren, dat de oudste compagnien aldaar uü de 
stad naar het bolwerk achter 't Gasteel verlegd en eenige nieuw 
aangeworven compagnien in de stad gelegerd worden." 

316. S9 SepUmher 1586, 

Michiel Piggen schrijft uit Breda aan Symon van den Werve te 
Brussel, dat hij zich verheugt, dat deze na het overgaan van Antwerpen 
nog in leven is, alsmede dat hij dezen tot het bekomen van geld 
noch hulp noch raad kan geven. 

317. i8 April 1587. 

Jan en Wouter, zonen van M ' Wouter van Achelen, doctor in de 
beide rechten en raad der stad 's Bosch en van diens eerste vrouw 
Elisabeth, dochter van Dirck Artssen den oude; Anthonius, zoon 
van Dirck de Raet, als man van Francisca en M' Zeger Haedriaenszn, 
schepen van 's Bosch, als man van Aleid, zijnde deze en genoemde 
Francisca dochters van genoemden M' Wouter van Achelen en 
£Hsabeth, genoemde mannen zoo voor zich en als zich sterk ma* 
kende voor Gerard en M' Roland, uitlandige zonen vaa. laatsf 
genoemde echtelieden van Achelen en voor Dirck, zoon van Lambert» 



— 127 — 

ook zoon van laatstgenoemde echtelieden, verkoopen voor Schepenen 
van 's Bosch aan Petrus Sonmans den jonge ten behoeve van Maria, 
dochter van M' Henrick de Bye, apotheker en weduwe van Johannes 
Michielszn, de helft van eene geheele grondrente, die M' Petrus 
Sonmans aan genoemden Lambert, Jan en Wouter, zonen van 
M' Wouter van Achelen en Ëlisabeth, aan M' 2^ger Adriaenszn, 
aan Anthonius de Raet, beide laatsten als mannen hunner genoemde 
vrouwen, en aan Gerard en M' Roland voornoemd 8 Febr. 1578 
verleend had uit een hois met erf en achterhuis, staande in de 
Vughterstraat te 's Bosch tusschen het huis van Maria weduwe van 
Johannes Willemszoon en hare kinderen eenerzijds en dat van 
Johannes van de Laer, genaamd de Ploegt anderzijds, tot welk huis 
nog behoorde het recht van gebruik van eene steenen brug, ge- 
legen over het daarbij gelegen water en dat van eene steeg, aldaar 
gelegen over het water en loopende naar het klooster der Kruis- 
broeders te 's Bosch. Hierover waren als schepenen Johannes Heym 
en Willem van Reys. 

318a. f5 ^oxiemhw ibSO — 24 Juni i587. 

Twee brieven van Gio. Brugmangno, een over de teruggaaf van 
een paard, ontnomen aan een zijner soldaten door eenen inwoner 
van den Bosch, en de ander over den overtocht van den vijand te 
Lith en over de gezindheid der Gravenaars. 

319a. 2 Juli i687. 

Brief, door Jacques de Gryse uit Geertruidenberg geschreven aan 
den luitenant-generaal Graaf van Hohenlohe. 

320. 90 AugusiuB i587. 

Comelia weduwe van Jacob, zoon van Gerard Jacopszoon, molenaar, 
doet voor Schepenen van 's Bosch ten behoeve harer kinderen Gerard, 
Adriaan en Henrick, voor wie optraden hunne voogden Cornelis 
Janszoon de Ridder en Johannes Henrickszoon, afstand van haar 
vruchtgebruik op eene grondrente, gaande uit land, gelegen te 
Rosmalen, ter plaatse genaamd op te buenre, nabij het land van de 
kerk aldaar. Hierover waren als schepenen Arnoldus van Broegel 
en Willem van Reys. 



- 128 — 

321. f7 November iS&l. 

Willem, zoon van Jan Reynerszoon, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Boudewijn, zoon van Lambert Thyszoon, teelland, ge- 
legen in de parochie van Boxtel onder het gebied van Liempde ter 
plaatse genaamd int smaelder. Hierover waren als schepenen 
Johannes van Campen en Ëverard die Borchgrave. 

3.2a. 9 Maart i588, 

Zoenbrief, verleden in de kerk te Leende ten overstaan van 
Peter Vriesen, Peter Bax en Andries Zwuesten, schepenen van Heeze 
en Leende. 

323 28 Sepfember 1588. 

Burgemeesters, Schepenen en Raad der Stad Antwerpen ver- 
klaren, dat ten hunnen overstaan Jonker Jacob de Cock en Margriet 
van der Cammen geld hebben opgenomen van Hans Baten, 
koopman te Hamburg en daarvoor hebben verbonden, eerstgenoemde 
hunner: eene grondrente, gaande uit den Grooten Tiend, genaamd de 
Tiend van Stiphout, toekomende aan de erfgenamen van den ouden 
Willem van Taterbeke en door eerstgenoemde hunner 1 Augustus 1579 
verkregen van Jonker Jan van Wittenhorst, heer van Horst en diens 
echtgenoote Margaretha ; eene geldrente ten laste der stad Antwerpen 
en voorts zijne heerlijkheid Wolfswinkel; laatstgenoemde hunner 
eenige geldrenten. 

324. W Oetoher i588, 

Henrica, dochter van Hcrbert Direckszoon van den Hoevel, ver- 
koopt voor Schepenen van 's Bosch aan Godefridus, soon van Paulus, 
den zoon van Henrick 's Heeren van Lieshout, eene grondrente, die 
Amoldus van Berckt Arnolduszoon als man van Johanna, dochter 
van Maurits Happen, 27 Maart 1584 verleend had aan genoemde 
verkoopster uit eenen akker, gelegen in de parochie van Son ter 
plaatse genaamd Boeckt tusschen de gemeene straat en het erf van 
Frans Thielmans^ alsmede uit den Boerenbeemd, gelegen in de 
parochie van Son tusschen het erf van het klooster van Hooydonk 
en dat van genoemden Amoldus van Berckt. Hierover waren als 
schepenen Johannes van der Stegen en Goijard van Engeland. 

Hierbij nog eene zelfde schepenakte, waarbij genoemde verkoopster 
aan genoemden kooper verkoopt eene grondrente, haar verleend 



— 129 — 

door denzelfde 18 Februari 1580 zoo uit eene bouwhoeve, gelegen in 
de parochie van Son ter plaatse genaamd Esp tusschen het erf van 
Dirck Herbertszoon en dat der erven van Thomas Matheuszoon, als 
uit den Boerenbeemd, gelegen in dezelfde parochie tusschen het erf 
van het klooster van Hooydonk en dat der erven van Maurits Happen. 

Alsmede eene Bossche schepenakte van 16 April 1609, waarbij 
Erxsken, weduwe van Paulus, den zoon van wijlen Godefridus, den 
zoon van wijlen Paulus, den zoon van wijlen Henrick 's Heeren, 
laatstbedoelde grondrente als huwelijksmedegave geeft aan haren 
zoon Gysbert *sHeeren. 

£n eene Bossche schepenakte van 11 November 1705, waarbij 
Guiliam van Breugel, burger van *s Bosch, de beide voorbedoelde 
grondrenten verkoopt aan Mechteld van Ingen, woonachtig aldaar. 

325. ii Maart ibS9. 

Sander, zoon van Gerard, den zoon van Johannes Mathyszoon, 
voor zich en ook nog met en benevens Petrus, zoon van genoemden 
Johannes Mathyszoon, in den naam en van wege de overige kinderen 
van genoemden Gerard, voor wie zij zich sterk maken, verkoopen 
voor Schepenen van 's Bosch aan Reinier, zoon van Lambert de 
Haze, zoo ten behoeve van dezen als van Mathys van der Meer, 
zoon van Reinier van der Meer, een huis met erf en plaats, staande 
te 's Bosch aan de Oude Dieze naast het erf van Johannes Monicx. 
Hierover waren als schepenen Nycolaus van Thulden en Godefridus 
van Engelant. 

326a. 99 Maart i589. 

Koning Philips van Spanje, Hertog van Brabant, machtigt Jacop 
de Cock om een te Antwerpen staand huis, dat dezen gelegateerd 
was door diens moei Catharina de Cock, weduwe van Erasmus Schetz, 
heer van Grobbendonck, te verkoopen, belasten enz., mits hij stelle 
zekerheid voor de betaling eener grondrente. 

327. S6 Juli i589. 

Philips, Koning van Spanje, Hertog van Brabant, enz. handhaaft 
de ingezetenen van Knegsel in het bezit van eenen vooraard^ gelegen 
voer de huyse van Knechsel, in welk bezit zij door die van Oerle 
waren gestoord. 

9 



— 180 — 

338. iS October 1589. 

Goyard van Alphen, Atdt van Berckt, Joost Wiilemszoon, Michiel 
Floriszoon Lobri, Ardt Ruth tsheeren en Gysbert Dirckszoon, 
schepenen te Son, verklaren, dat ten hunnen overstaan Catharina, 
dochter van wijlen Anthonis Comelis Schoeverszoon, aan haren 
broeder Comelis, zoon van wijlen Anthonis Comelis, verkocht heeft 
eene grondrente, gaande uit eene boerderij, gelegen te Breugel aan 
de Straat en door Nicolaa weduwe van Rutger Ardt Kutten daaruit 
op 9 Oct. 1570 verleend aan Willem Wouterszoon. 

329 S7 Januari i590. 

Peter de Cort, secretaris der stad 's Bosch, als gemachtigde van 
Symon Laureynszoon, draagt voor Schepenen aldaar over aan Gijsbrecht 
van den Velde ten behoeve van Jan du Carme junior, koopman te 
Antwerpen, eene grondrente, welke Mr Comelis Otto van Beeck als 
gemachtigde van Jan Beek, zoon van wijlen Jaspar Beek, had over- 
gedragen aan genoemden Symon, den zoon van Laureyns Bartholo- 
meuszoon en ging uit een huis met erf, toebehoorende aan Mathijs 
Back, den zoon van wijlen Willem Back en staande te 's Bosch bij 
den Hoogen Steenweg tusschen een straatje eenerzijds en het erf, 
toebehoorende, eertijds aan Claes die Huesch, daama aan Roelof 
de Bever, anderzijds. Hierover waren als schepenen Gerard van den 
Berch en Wouter Scellens. 

(Zie mijne Voorname Bossche huizen III p. 576). 

330. f7 Maart i590. 

Comelis, zoon van Anthonis Comeliszoon en Margaretha, de dochter 
van Willem, den zoon van Wouter Lambertszoon, verkoopt voor 
Schepenen van *s Bosch aan Petms, zoon van Jacob Johanneszn 
Goijartszoon, eene grondrente, gaande uit eene bouwhoeve, gelegen 
te Breugel ter plaatse genaamd de Straat, welke grondrente genoemde 
Willem, de zoon van Wouter Lambertszoon, den 19 October 1570 
verkregen had vap Nicolasina weduwe van Rutger, den zoon van 
Amold Rutten, en daama van Catharina, dochter van Anthonis 
Corneliszoon en Margaretha voornoemd, aan genoemden verkooper, 
haren broeder, was gekomen. Hierover waren als schepenen Gerard 
van den Berge en Wouter Scellens. (Zie oorkonde n*» 328). 

831. 2 Juni i590. 

Zeger Adriaanszoon en Henrick de Hont, schepenen van 's Bosch, 



— 181 — 

geven vidimus van een brief, waarbij de Staten van Brabant op 
15 September 1572 eene erfrente verleenden aan £lisabeth, dochter 
van wijlen Arnt Monicx. Hierna heeft ten hunnen overstaan Johannes 
de Moeije verklaard, dat hij dien brief zal bewaren zoo te zijnen 
behoeve als tot dien van Heer Johannes de Bever. 

332. iS September 1590. 

Hog. Kelders, officiaal van 's Bosch, maakt openbaar bekend, dat 
hij Johannes Berckmans, priester te Gemert, die twist heeft meten 
onrecht heeft aangedaan aan Johannes Hanschens, priester en rector 
van het O. L. V. Altaar in de kerk van Beek bij Aarle, over het 
celebreeren der Zondagsmis, voor zich gedagvaard heeft, doch dat 
deze niet voor hem heeft willen verschijnen, weshalve deze weder- 
spannig is ; hij zegt hem alsnu aan, dat wanneer hij binnen zeven 
dagen geene gegronde redenen wil opgeven, waarom hij niet tot 
het celebreeren der Zondagsmis gehouden is, hij hem schorsen zal 
(d. L verbieden om H. diensten te verrichten.) (Op de keerzijde 
staat de verklaring van den secretaris en notaris Homkens, dat hij 
op 17 September 1590 voorschreven bevelschrift van den Officiaal 
van 's Bosch in het openbaar afgekondigd en aan Johannes Berckmans 
beteekend heeft.) 

Hierbij nog een bevelschrift van genoemden Officiaal van 12 Oc- 
tober 1590, waarbij hij al de onder hem staande priesters, die het 
notaris- en tabellionambt uitoefenen, oproept om voor hem te 
verschijnen ten einde hen te overtuigen van de schuld van ge- 
noemden Johannes Berckmans, die volgens hem de straf der suspensio 
heeft beloopen. De vergadering van bedoelde priesters bekrachtigt 
daarop in het openbaar die straf, waarna voorzegde Homkens ver- 
klaart, dat hij op 22 October 1590 de suspensio a sacris aan Johannes 
Berckmans gefulmineerd heeft. 

333a. £5 OiXoher i590. 

Brief door F. van Bemuy van uit Breda geschreven aan Huges, 
secretaris van den Raad van State te den Haag. 

834. 23 Februari i59i. 

Petrus, zoon van Jacob Johanneszoon Goyarts, verkoopt voor Schepe- 
nen van 's Bosch aan Comelius, zoon van Amold Kemp, den zoon 
van Cornelius, eene grondrente, gaande uit eene hofstede, gelegen te 



- 182 — 

Breugel ter plaatse de Siraei nabij het erf van Maria weduwe van 
Dirk Tempelaers, welke grondrente Comelius, zoon van Anthonius 
Corneltszoon en Margaretha, de dochter van Willem, den 
zoon van Wouter Lambertszoon, den 17 Maart 1590 verkocht had 
aan genoemden verkooper. Hierover waren als schepenen Jeronimus 
Wynants en Amoldus van Broegel. 
(Zie oorkonde n» 330). 

835. ^ Maart i59i 

Vermits Petrus, zoon van Symon van Hedel, verleend had aan 
Willem, zoon van Amold Jacobszoon, eene grondrente uit een huis 
met erf, staande te Berlicum ter plaatse genaamd Beekveld, nabij 
het erf van het klooster van Beme, alsmede uit een paar andere 
erven te Berlicum gelegen, zooals blijkt uit schepenbrieven van 
's Bosch van 7 Febr. 1540 en vermits daarna die grondrente bij 
scheiding en deeling was ten deel gevallen aan Maria, dochter van 
genoemden Willem en weduwe van Hubert Emontszoon, zoo hebben 
voor Schepenen van 's Bosch Reinier, zoon van Mathias den kleer* 
maker (sartor\ als man van Catharina, dochter van Hubert 
Emontszoon en Maria voornoemd en Petrus, zoon van Michiel 
Dierickszoon als man van Johanna, dochter van Johan Hubertszoon 
en Maria, de dochter van Willem, den zoon van Amold Jacobszoon, 
welke Maria met Johan Hubertszoon in tweeden echt gehuwd was 
geweest, in tegenwoordigheid en met toestemming van Jan, zoon 
van Nicolaas, den zoon van Jan Willemszoon, als man van Adriana, 
dochter van Hubert en Maria meergenoemd, getuigd dat Joost, zoon 
van Henrick Peterszoon, eigenaar van voorschreven onroerend goed, 
de hun in gezegde grondrente toekomende helft afgelost heeft. Hier- 
over waren als schepenen Jeronymus Wynants en Franciscus 
Henrickszoon van Gestel. 

336. il April i590. 

Johanna en Eiisabeth, dochters van Arnd de Raet, den zoon van 
Elias en Willem Adriaanszoon als man van Henrica, de dochter 
van genoemden Arnd de Raet, voor zich zelven en alsnog gezegde 
Willem als gemachtigde, blijkens schepenbrieven der stad Hamburg, 
van Elias de Raet, zoon van denzelfden Arnd, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch aan Heer Nicolaus Vuchts, priester en 
kanunnik der St. Janskerk aldaar, ten behoeve van Frans, den zoon 



— 133 — 

van meergenoemden Arnd de Raet, vier vijfde gedeelten in eene 
grondrente, gaande uit de heift van eene hofdstede, gelegen te 
Oirschot ter plaatse genaamd de Vluet, welke grondrente M' Henrick 
van Broeckhoven, zoon van Petrus, verleend had aan M^ Jacob 
Donck ten behoeve van de onmondige kinderen van den dikwerf 
genoemden Arnd de Raet Hierover waren als schepenen Arnoldus 
van Broegel en Henrick de Hondt senior. (Zie oorkonde n» 291). 

337. 8 Apnl iG9i. 

Comelis, zoon van Arnold Kemp Comeliszoon, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Petrus van Asperen, zoon van Johannes 
en weduwnaar van Johanna, dochter van Natalis de Louwe, ten 
tocht en aan zijne kinderen ten erfrecht eene grondrente, gaande 
uit eene boerderij, gelegen in de parochie van Breugel ter plaatse 
genaamd die Straet tusschen het erf van Maria weduwe van Dirck 
Templers eenerzijds en dat van Gerardus Melen anderzijds, welke 
rente genoemde Cornelis verkregen had van Petrus, den zoon van 
Jacob, den zoon van Johannes Goyartszn. Hierover waren als 
schepenen Jeronimus Wynants en Franciscus Henricxzn van Gestel. 

(Zie oorkonde n<» 334). 

838. 90 April i59i. 

Herbertus, de zoon van Joachim, den zoon van Godefridus van 
den Wyer en Catharina, de dochter van Herbertus, zoon van Henrick 
Brant, bontwerker, [peilijex) en zijn broeder Cornelius van den Wyer 
verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Catharina weduwe van 
Everardus Janszoon eene grondrente, gaande uit een huis met erf, 
staande te *s Bosch aan de Hinthamerstraat tusschen het erf van 
Daniel de Hesenscoer eenerzijds en een openbaar straatje anderzijds, 
welke grondrente Arnoldus van den Broeck, zoon van Arnoldus, 
bakker, 12 December 1446 verleend had aan Herbertus Brant, 
zoon van den pdlifex Henrick Brant. Hierover waren als schepenen 
Hermanus van Heumen en Arnoldus Heym. 

839. iS Juli 159L 

Philips, Koning van Spanje, als Hertog van Brabant, verleent aan 
Jacob en Dierck, zonen van wijlen Jacob Peterszoon van Grinsven, 
octrooi om als momboiren over Ëlsken, dochter van Claes, den 
broeder van Goijart, zoon van Ambrosius Kepkens, overleden te 
Gefifen in April l.l, de nalatenschap van dien Goijart onder beneficie 
van inventaris te aanvaarden. 



— 184 — 

340. 95 Oclober id9i. 

Vermits Johannes, zoon van Rodolphus, den zoon van Jacobus, 
den zoon van Johannes Willemszoon, droogscheerder {rasor pannorum\ 
den 28 Augustus 1560 aan Margaretlia, dochter van Johannes Eeckers, 
de vrouw van Nicolaas Marceliszoon, had verleend eene grondrente 
uit een huis met erf, staande te 's Bosch aan die Boertsche straet 
tégenover de kapel van de H. Barbara, maagd en martelares, tus* 
schen het erf van Johannes, den zoon van Rodolphus Ambrosiuszoon 
eenerzijds en dat van Jordanus Int Scaepshooft als vruchtgebruiker 
der nalatenschap van zijne vrouw anderzijds, zoo heeft voor Schepenen 
van *s Bosch Jeronymus, zoon van Jeronymus Houbraken en Barbara, 
de dochter van Georgius van Straesborch den oude en Margaretha, de 
dochter van Johannes Eeckers, openlijk verklaard, dat Anna, weduwe 
van Johannes van Geldrop, als vruchtgebruikster van voorschreven 
huis met erf (contrapignora)^ hem voorbedoelde grondrente heeft 
afgelost, clamanB inde quitos et peniius absolutos. Hierover waren als 
als schepenen Martinus Moins en Grodefridus van Ëngelant 

341. 7 FelTxuiTi i5&2. 

Elisabeth, dochter van wijlen Aert Monicx, liet na eene erfrente 
ten laste van de Staten van Brabant, waarvan de helft erfde Hans 
de Moye, zoon van wijlen Nicolaes de Moye en Clara Ëndewijns, 
die ze overdroeg aan Jonker Jan de Bever Robbrechtszoon. Deze 
draagt ze daarop voor Schepenen van 's Bosch over aan Henrick, 
zoon van wijlen Jacob, den zoon van wijlen Henrick Hermanszn 
Vilts. Hierover waren als schepenen Herman Pelgrom en Jan 
van Brecht. 

342. iS November i592. 

Seger Hanricx en Peter Janszn Steymans, schepenen der heerlijkheid 
Zeelst, verklaren dat te hunnen overstaan Willem Andrieszn als 
voogd over de twee kinderen van Peter Jacops met Jan Blix als 
man van diens vrouw gerechtelijk gedeeld heeft verschillende onroe- 
rende goederen. 

843. iO November i593. 

Vermits Elizabeth, dochter van zaliger Goyart van Vlierden 
Danielszoon en weduwe van Segher Claeszoon den tocht eener 
erfrente, den 15 December 1540 door de Regeering van 's Bosch 



— 136 — 

verkocht aan Aleid, dochter van Goyart die Brouwer van Maren, 
begijn, en bij deeling toegescheiden aan genoemden Segher Claeszoon 
als man van Elizabeth voornoemd, had afgestaan aan Willem en 
Judith, kinderen van haar en haren genoemden man, zoo te hunnen 
behoeve als van hunne zusters Goyartken en Catharina, zoo hebben 
voor Schepenen van 's Bosch genoemde Willem en Judith, voor 
zich en als zich sterk makende voor hunne zusters Goyartken en 
Catharina, voorschreven erfrente verkocht aan Rumen Claessen van 
Linter, messenmaker. Hierover waren als schepenen Nicolaes van 
Thulden en Lambrecht Remmens. (Zie oorkonde n<* 216). 

344a. i2 Januari iSOA. 

Brief van Prins Maurits van Oranje aan de Burgemeesters, Schepenen 
en Raden der stad Bergen op Zoom, dat zij te dragen hebben de 
kosten, gevallen op het transporteeren van troepen van die stad 
naar Zeeland. 

345. 9i Januari i594. 

Gregoris van der Meer en Reynder de Haze, schepenen van 's Bosch, 
geven vidimus van eenen brief, waarbij de Staten van Brabant 
18 Juni 1568 eene erfrente verkoopen aan Joost van Ouwen Joostzoon. 

846 2i Januari i594. 

Catharijn, dochter van wijlen Jan Bacx en weduwe van Joost van 
Ouwen Joostzoon, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Henrick Boudewijns, ten behoeve van Arnolda weduwe van Jan 
Ëlkens eene erfrente, die de Staten van Brabant den 28 Juni 1568 
hadden verkocht aan genoemden Joost van Ouwen Joostzoon. Hier 
over waren als schepenen Gregoris van der Meer en Reijnder de Haze. 

847. 2i Februari i594. 

Johannes van der Stegen, raad van 's Bosch, zoon van M' Johannes 
van der Stegen, ook raad van die stad, verkoopt voor Schepenen 
aldaar aan Henrick van Gestel, eveneens raad van die stad, den 
zoon van Franciscus Henrickszoon, ten behoeve van Christina, 
weduwe van genoemden Franciscus Henrickszoon van Gestel, mede 
raad van die stad, als vruchtgebruikster en van de erven van laatst* 
genoemde als eigenaren eene erfrente ten laste der stad 's Bosch, 
welke deze op 4 Juni 1481 verleend had aan Wouter, zoon van 



— 136 — 

Godfried de Jeger en die eerstgenoemde Johannes van der Stegen 
den 2 Maart 1585 gekocht had van Eiisabeth weduwe van Godefridus 
Monicx. Hierover waren als schepenen Lambertus Remmens en 
Reynder de Haze. 

348. 97 April 1594. 

Alzoo Matheus Wals Christiaanszoon, priester, wonende te Oisterwijk. 
aan Jonker Jacques de Cock had overhandigd eene som van 328 car. 
gulden, zoo heeft deze zich voor Schepenen van Oisterwijk ver^ 
bonden hem te betalen 210 car. gulden van 20 stuiv. het stuk. 
Hierover waren als schepenen Wouter van Buerden Peterszoon en 
Wouter Henrick Bathen. 

349a. i Mei io94. 

Brief, door Amdt van Grunevdt van uit Hedel aan de Staten 
der provincie Utrecht geschreven, waarin hij hun onder anderen be- 
richt, dat de Bosschenaren op St. Jansdag eene groote processie 
hadden gehouden, meenende, dat Z- Exc. bij Coevorden verslagen 
was, hetgeen echter door de sterke hand van God niet was geschied. 

350. 15 Juli i594. 

Willem, zoon van Godefridus Wouterszoon, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Adrianus Wijnen een huis met erf en twee achter- 
huizen, genaamd de Blauwe handschoen^ staande aldaar aan den 
Vughterdijk tusschen de beide poorten tusschen het erf van Petrus 
Heze ecnerzijds en dat van den timmerman Pelgrom anderzijds en 
zich uitstrekkende van af de straat tot aan het water, welk huis genoemde 
Willem van Dirck die Gruyter gekocht had. Hierover waren als 
schepenen Godefridus van Vlierden en Reinier de Haze. 

351. 26Julii5&4. 

Bernardus, zoon van Johannes Ter Clocken, als man van Gertrudis, 
dochter van Simon, zoon van Johannes Aelbertszoon van Maren en 
Gertrudis, de dochter van Dirck van Vechel, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Arnold Uenrickszoon van Zutphen eene grond- 
rente, gaande uit een huis met erf en twee kamers, staande aldaar 
in de Karrestraat tusschen het huis van Egidius den kuiper eenerzijds 
en dat van Mechteld weduwe van Willem Weygerganx anderzijds. 



— 187 — 

welke grondrente Jacobus van de Staek als man van Catharina, 
dochter van Henrick Noyts en met toestemming van Heer Willem 
Ilammeker, priester en M' Gerard Selle van Herenthals als 
uitvoerders van den uitersten wil van Margaretha, weduwe van 
Johannes Rutten, had verkocht aan Dirck van Vechel Goijartszoon 
ten behoeve van diens zuster Sophia van Vechel, hebbende van die 
grondrente Johannes van Vechel, zoon van genoemden Dirck, den 
18 Mei 1557 een vierde overgedragen aan M' Goijart van Vechel 
Dirckszoon ten behoeve van Gertrudis, dochter van Dirck van Vechel 
en weduwe van Johannes van Maren Aelbertszoon, in vruchtgebruik 
en ten behoeve van de kinderen van genoemde Gertrudis en Johannes 
van Maren, haren eersten man, in eigendom en zijnde zij tenslotte 
bij deeling gekomen aan de echtelieden Bemardus en Gertrudis 
voonoemd. Hierover waren als schepenen Reynder de Haze en 
Rutger van Griensven. 

352. 7 December i594. 

Jan Michiels, Jan Verdonck, Remigiusjanssen, Jan Peters, Andries 
Zwuesten, Peter Driessen en Jan Ruenens, schepenen van Heeze en 
Leende, verklaren, dat te hunnen overstaan Yewen Jan Bloijssen 
zoon als man van Ëlisabeth, dochter van Marten Daem Pompen, 
verklaard heeft, dat hij met Adam, zoon van Marten voornoemd en 
diens tweede huisvrouw Jenneken, gedeeld heeft de nalatenschap 
van wijlen Marten meergenoemd, doch, zooals in deze akte staat 
omschreven, onder voorwaarde, dat zij zullen onderhouden Lysken, 
de weduwe van Marten Pompen, dikwerf genoemd en betalen hetgeen 
verschuldigd is aan Meester Gherit van Lierop, aan de ingezetenen 
van Leende en aan Henrick Pompen, hunnen oom. 

353a 2S Februari it95. 

Drie brieven van Gijsbertus Masius, bisschop van den Bosch. 

334. i Maart i595. 

Alzoe d'eerweerdige broderscap van onsz liever vrouwen, geerigeert 
in der kercke van Sint Jans Evangelisten binnen deeszer stadt van 
's hertogenbossche, in den jaere 15 hondert een ende tnegentich 
lestleden tot hen waerts weder heeft genomen alle alsulcke coren 
ofte rogpachten als beset, gemaect ende geordineert sijn geweest 
totter spijnden, die die voirs. broederscap uuyt oirsaecke van seeckere 



— 188 — 

fuodatieny by versceyden personen gefundeert, gehouden was te 
doene, weicke voirs. pachten diversche jaren bij den tafele van den 
heyligen geest, naevolgende de conventie metter tafele gemaect, sijn 
ontfangen omme de spijnden dair voer te doene. £nde alsoo nu 
bevonden wort ofte vele van de voirs. corenpachten van 

verscheyden jaeren ten achteren ende onbetaelt te staan ende omme 
tot betalingen deser gescapen soude wesen lange processen 

te moeten sustineren, omme dwelck te verhueden soe eest, dat de 
Heeren Proosten ende gemeyn mede broederen der voirs. broeder- 
scappe in notabelen getale vergadert sijnde met gemeynnen ende 
eendrachtigen advyse ende gevolge gecommiteert hebben ende com- 
mitteren mits desen, nefifens den tegen woordigen proesten, Goijverden 
van Vlierden, meester Marten Moins, M' Dierken van Vechel ende 
Aerden van Brogel, gesworen broederen der voirs. broederscappe, 
omme by denselven oft tmeestendeel van dyen in den naemen ende 
van wegen der voirs. broederscappe van de achterstelle der coren- 
pachten voirs., die die broederscappe jaerlicx is heffende, metten 
debiteuren ende gelders derselven ofte anderen sulx aengaende int 
minnelijck te veraccorderen, denselven achterstellen ende faulten 
daeraf onbetaelt staende te liquideren, modereeren ende redelicke 
quitsceldinge nae gelegentheyt der saecke daer aff doen, soe tselve 
gevuechelijxste sal connen gescieden. Gelovende de voirs. broeder- 
scappe inne goeder trouwen altijt vast, stedich ende van werden te 
houden allen tgene ende soe wes by den voirs. gecommitteerden in 
sgeens voirs. is gehandelt, gedaen ende voorts gekeert sal werden. 
Des t' oirconde hebben wy den zegel der voirs. broederscappen 
hieraen doen hangen. Gegeven den iersten dach der maend meert 
anno 15 hondert vijff ende tnegentich. Hieronder hangt een lang- 
werpig zegel in roode was, waarop afgedrukt staat de H. Moeder 
Gods met het kindje Jezus op den arm in eene nis met baldekijn 
daarboven en met het volgend randschrift: Sigillum Commune 
presbiterorum clericorum confraternitatis nostrae Dominae illustr. 

355. 9 Mei i595. 

Nicolaus Janszn als man van Petronella, dochter van Petrus, den 
zoon van Johannes Comeliszoon en eerder weduwe van Johannes 
Adams, voor zich en als zich sterk makende voor hare kinderen, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Petrus, zoon van Jacob 



— 189 - 

Filters en Catharina, de dochter van Johannes Comeliszoon, ten behoeve 
van hem en van Johannes en Maria, ook kinderen van genoemden 
Jacob Filters en Catharina, een achtste gedeelte eener grondrente, 
gaande uit twee derden van een huis mei erf^ staande aan de Zadel- 
straat te 's Bosch tusschen het huis van Willem die Becker eenerzijds 
en dat van Henrick die Cuyper anderzijds^ door Henrick en Willem^ 
zonen van Henrick Goetkijndt^ geërfd van Luytgardis^ hunne moeder 
en echtgenoote van laatstgenoemden Goetkijndt^ hebbende Mathijs, zoon 
van Johannes van Vladeracken, den 28 Juli 1508 deze rente in haar 
geheel verkocht aan Katharina weduwe van ComelisRoelofszn. Hier- 
over waren als schepenen Everardus de Borchgrave en Petrus Pelgrom. 
Hierbij eene akte van 8 April 1598, waarbij voor Arnoldus van 
Broegel en Godefridus van Ëngelant, schepenen van 's Bosch, Johannes, 
zoon van Jacob Henrickszn 't Filters en Henricus Lambertszn, als 
man van Maria, dochter van laatstgenoemden Filters, twee derden 
in voorschreven grondrente verkoopen aan Petrus, zoon van Jacob 
Henrickszn 't Filters. (Zie oorkonde n® 149). 

a56. ^ Mei i595. 

Jan, zoon van wijlen Jacop Goossens, als man van Margriet, dochter 
van Peter die Smit en Mariken, de dochter van Peter Dierckszn 
Celen en Barbara de Lou, de dochter van Hubert de Louwe, ver- 
koopt voor Schepenen van 's Bosch aan Henrick, zoon van Wouter 
Boudewyns, als zijnde een der momboiren over de onmondige kin- 
deren van Henrick Eelkens Janszoon en Anna, de dochter van 
Henrick de Hont, eene grondrente, gaande uit eene nieuwe steenen 
brug met een nieuw huis, daarop gebouwd en een groot stuk erf, 
daaraan gelegen, geheeten den Jongen Schut bogari^ gelegen te 's Bosch 
buiten de H. Kruispoort in de Vughterstraat tusschen het erf der 
erfgenamen van wijlen Heer Aerd Pels eenerzijds en de stadsmuren 
anderzijds, welke grondrente Jan Janssen, timmerman, erfelijk opge- 
dragen had aan va^ Gerard de Luwe, priester en beneficiaat der 
kerk van St.Jan Evangelist te 's Bosch en waarvan Jan, de zoon 
van Jacop Goossens, voornoemd als man van Margriet bij opdracht 
de helft verkregen had van Goyard, zoon van wijlen Henrick de 
Kempenaer, als man van Peterken, dochter van Peter de Smit 
Dionyszn. Hierover waren als schepenen Goyart van Ëngelant en 
Everard die Borchgrave. 



— 140 — 

357. 29 December i595. 

Voor Dirck van Vechel e» Henrick Franszoon van Gestel, sche- 
penen van 's Bosch, geeft Heer Bemard van Merode, heer van 
Grambais, Asten enz., als man van Catharina, dochter van wijlen 
Jonker Henrick van Brederode en Margaretha, volmacht aan Arnd van 
Vladeracken om te verkoopen de goederen door hem geörfd van Heer 
Gerard van Vladeracken, waaronder een deel in het huis de Moriaan op 
de Markt te 's Bosch. (Zie mijne Voorname Bossche huizen Hl p. 893). 

358. i Maart i596. 

Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten van 
het land van Brabant, verkoopen eene crfrente aan Peeterken, 
dochter van Henrick Suyskens. 

359a. i2 Odober i506. 

Wouter Janszn Heeren geeft aan Marten Janszn Keteler kwitantie 
voor de kooppenningen van eenen halven kamp land, gelegen te Maren. 

360. i6 September 1596. 

Testament, op de slaapkamer van de woning van Petrus van 
Hees Artszoon, secretaris der stad 's Bosch en openbaar notaris, 
staande aan de Postelstraat aldaar, ten overstaan van dien notaris 
in tegenwoordigheid van Arnd Kuysten Franchoyszoon, bierbrouwer 
en Corstiaan van Reeck Artszoon, wollenlakenkooper, burgers van 
's Bosch, gemaakt door Engelken, dochter van wijlen Gregoris van 
Eerssel en weduwe van Adriaan, zoon van Embrecht de Greve. 
inwoonster van 's Bosch. Zij vermaakte daarbij verscheidene legaten. 

3G1. i6 December 1596. 

Gielis Goossenszoon van der Borcht en Adriaan Peter Peynen- 
borch, schepenen van Oisterwijk, getuigen, dat vermits de Gezworenen, 
Kerkmeesters, H. Geestmeesters en gemeene ingezetenen van het 
het dorp Haaren bij Oisterwijk een verzoekschrift hadden ingediend 
aan den President en Leden van de Rekenkamer des Konings te 
Brussel, inhoudende Aoe dat zy overmidts die langhduerighe lasten 
van onderhoudt van souldaten^ uuytteringhe ende beroovinghe ende andere 
soe seer belast sijn geweest^ dat hen den noot gedrongen heeft opt te 
nemen groote sommen van penningen^ daervoir sy jaerlijcx groote 
interesten geloift hebben te betaelen boven de dagelyexe opcomende 



— 141 — 

lasten^ dewelcke soe groot inde swaer valUtiy dat hun nyet mogelijck 
en waere de voirs. oude lasten te betalen ende de nyeuwe te conti- 
nueren ende daerop sy in den Rade van Brabant gewonnen hadden 
open brieven van octroye^ uuyt crachte van de wekken sy luyden 
vercochi hadden tsestich bunderen van hender gemeynten^ moer dat de 
voirsr. tsestich bunderen int vercoopen soe vele nyet uuytgebrocht 
hadden zulcx dat sy supplianten metten penningen^ daeraff gecomen^ 
in verre nae nyet en cunnen vervullen de voirsr. lasten en de tachter* 
heden^ behalven alsnoch de lasten^ schaden ende pileringhe by hen 
geleden na dato van voirs. octroye ende vercoopinghe ende dat sy 
daardnere keur credit verloren hebben om enighe penningen voirder 
op interest op te lichten om de voirgaende lasten te verminderen ende 
dat ty, supplianten^ in desen heuren uuyttersten noot nyet en weeten 
noch en. hebben aen te wenden dan hunne voirsr. gemeynte^ en daarop 
van voorschreven Rekenkamer machtiging bekomen hadden om van 
hunne gemeente nog tweehonderd bunders te verkoopen, — 
Anthonis Embert Peynenborch en Aert Claeszoon van Vucht, oud- 
burgemeesters of gezworenen van het dorp, Adriaen Comeliszoon de 
Laet, oud-kerkmeester^ Jan Janszoon de Cort en Wouter Wouter 
Brockenzoon, oude-Heilige Geestmeesters van het dorp Haaren voor- 
noemd, als optredende voor dat geheele dorp, met goedvinden van de 
gemeene ingezetenen en naburen van hetzelve, na voorafgaande 
Zondagsche kerkgeboden of prociamatiën ten hoogste voor alle man en 
met uitgang van brandende kaarsen, te hunnen overstaan aan Goijard, 
zoon van wijlen Henrick Francken, verkocht hebben vier loopens 
zaad en zes en dertig roeden land van hunne gemeente, gelegen te 
Berkel ter plaatse genaamd de Creyten heide. 

Item, waarbij dezelfden aan denzelfde verkoopen drie loopens zaad 
en vijf en veertig roeden land van hunne gemeente, gelegen alsvoren. 

36*2. 5 Maart iS&7. 

Vermits Peter, zoon van Anthonis van den Wiel als man van 
Elisabeth en Frans Walravens als man van Sophia, dochters van 
Lambert van den Hezeacker en Gijsbertk^n, diens eerste vrouw, 
dochter van wijlen Goyaert van Middegael, twee vierde gedeelten 
en nog de helft van een vierde gedeelte in eenen kamp weiland, 
gelegen in de parochie van Empel ter plaatse genaamd de Korte 
Beemden bij de plaats, geheeten het Kwade stuk, nabij den dijk, 
geheeten den &egdijk, tusschen de erven van Jan van der Stegen, 



— 142 — 

zoon van M' Goessen van der Stegen aan de eene zijde en die 
der weduwe van Jonker Aert van Raveschot en diens kinderen 
aan de andere zijde, zich uitstrekkende van het erf van Peter, 
zoon van Aert Goitscalx en meer anderen tot den voorschreven 
Zeegdijk, verkocht hadden aan Peter, zoon van wijlen Peter Mickarts 
genaamd van Antwerpen en vermits daarna Engelken, dochter van 
wijlen genoemden Peter van Antwerpen, (zoon van wijlen Peter 
van Antwerpen Peterszoon genaamd Mickarts) en Christina, als* 
mede Jacop, zoon van wijlen Franchoys Beyhart en weduwnaar 
van Petronella, dochter van Peter en Christina voornoemd, voor 
hun zei ven en alsnog^ genoemde }acop Beyhart als zich sterk 
makende voor zijne kinderen, door hem verwekt bij zijne ge- 
noemde vrouw, ingevolge een accoord tusschen hen en Amolda 
weduwe van Jan Henrickszoon Eelkens, koopman in lijnwaad, aan- 
gegaan betreffende twee derde gedeelten, wezende het part van 
genoemde Engelken en Jacop, alsmede van diens kinderen in 
gemeld gedeelte van voorschreven stuk weiland, — die twee derde 
gedeelten verkocht hadden aan Wouter, zoon van genoemden Jan 
Eelkens ten behoeve van diens moeder Amolda weduwe van dezen 
Jan Eelkens, en vermits daarna genoemde Wouter Eelkens namens 
zijne moeder aan meergenoemde Engelken en Jacop Beyhart beloofd 
had, dat dezen voorschreven twee derde gedeelten ten allen tijde 
zouden mogen terugkoopen, zooals blijkt uit schepenbrieven van 
's Bosch, zoo heeft voor Schepenen van die stad Peter, zoon van 
genoemden wijlen Peter van Antwerpen alias Mickarts en Christina, 
het overblijvende een derde gedeelte in meergemelde gedeelten van 
het weiland verkocht aan genoemden Wouter Eelkens ten behoeve 
van diens moeder Amolda. Hierover waren als schepenen Philips 
van Brecht en Willem Oliviers. (Zie oorkonde n® 292). 

363. 28 Maart 1591. 

Alzoo Peter, zoon van wijlen Mathijs Buekentop en Peter, zoon 
van wijlen Goijart Adriaens, als voogden over de onmondige kin» 
deren van Jan Rut Geritszoon en Yken, dochter van Peter Diericx, 
hadden verkocht aan 2^ger, zoon van Peter Vuchts, eene hofstede, 
staande te Maren ter plaatse genoemd de Wyld tusschen de erfenis 
der erfgenamen Symon Loijen boven naast en Jonker Joost van 
Vladeracken beneden naast en zich uitstrekkende van af de gemeene 
straat tot aan de Kleine Maas, met last om daaruit grondrenten te 



— 143 — 

vergeiden aan de St. Anthonis kapel te 's Bosch, aan Jonker Jan 
van Herwynen, aan de Guldbroeders van Sint Odera te Alem en 
aan Goossen van der Stegen, alles uitwijzens schepenbrieven van 
's Bosch van 17 Aug. 1576, zoo heeft voor Schepenen van die stad 
Ariken weduwe van voornoemden 2^ger Vuchts voor haar zelve en 
als zich sterk makende voor Peter, hunnen onmondigen zoon, voor- 
schreven hofstede, waarvan het huis thans weggeruimd is, verkocht 
aan Jacop Henrickszoon Verstegen ais man van Jenneken, dochter 
van Jan Rut Geritszoon en Yken voornoemd. Hierover waren ais 
schepenen Matliijs van der Meer en Henrick van Horenl)eeck. 

364a. 15 ApHl iSSH. 

Brief van C. van Aerssen, griffier der Staten Generaal, geschreven 
van uit Princenhage. 

866. ii Juni i5Q7. 

Peter, zoon van Jan Peterszoon de Weyer, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Jan, zoon van wijlen Joachitn Marceliszoon, schoen- 
maker, een huis met erf, tuin en drie kamers, aan elkaar gelegen 
aldaar tusschen de beide poorten bij de St. Comeliskapel tegenover 
het huis de Valck en tusschen het erf van Arnt Hammaker eenerzijds 
en tusschen de erven van Mathijs, Willem en Henrick Gecx anderzijds, 
zijnde het verkochte door den verkooper den 12 Augustus 1593 
gekocht van Margaretha, dochter van wijlen Willem, den zoon van 
wijlen Willem van Meijlsfoirt, en weduwe van Lonis Hermanszoon 
van Wijck, en gaande daaruit o.a« eene grondrente aan Josyne, 
dochter van £verart van de Water den oude. Hierover waren als 
schepenen Rutger van Griensven en Henrick van Horenbeeck. 

366. 27 Juni 1597. 

Geertruid Sterck weduwe van Lambrecht, zoon van Dierck Aertszoon, 
doet voor Schepenen van 's Bosch afstand van tocht op eene ten laste 
der Staten van Brabant zijnde erfrente ten behoeve van de kinderen, 
gesproten uit haar huwelijk met voornoemden man, te weten Dierck 
en Lambrecht Hierover waren als schepenen Goyart Loeff en 
Ghysbert van der Stegen. 

367. 57 Juni 1507, 

Dierck, zoon van Lambrecht, den zoon van Dierck Aertszoon, 
en Geertruid Sterck, voor zich en als zich sterk makende voor zijnen 



— 144 — 

broeder Lambrecht, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Wouter, zoon van wijlen Jan Eelkens, in leven koopman in lijnwaad, 
eene erfrente, den 25 April 1564 door de Staten van Brabant verleend 
aan zijnen genoemden vader, haddende zijne moeder te voren afstand 
gedaan van haar vruchtgebruik op die rente ten behoeve harer beide 
voormelde zonen. Hierover waren als schepenen Goj^rt Loeff en 
Gysbert van der Stegen. (Zie de vorige oorkonde). 

368a. 8 Juli i5S7. 

Philips II, Koning van Spanje, als Hertog van Brabant, geeft 
vidimus van het charter, waarbij Hertog Jan van Brabant den 
16 April 1396 aan d€ goede luydcn van Haaren uitgaf de gemeente. 

369. 90 Augmiui i5Q7. 

De OfRciaal van het Bisdom 's Bosch gelast op de klacht van 
Heer Johannes Ëverardszoon Schovers, priester en pastoor of perpe* 
tueel vicaris van de parochiale kerk van Tongelre, aan na te melden tiend- 
pachters de grondrente, gaande uit de tienden van den Rector dier 
kerk, welke grondrente aan den perpetueelen vicaris van dezelve 
indertijd verleend was doch welke de pachters van die tienden niet 
wilden uitkeeren op grond, dat Heer Egidius Dielenus, cantor van 
de Collegiale kerk van St. Catharina te Eindhoven en pretens rector 
van gezegde parochiale kerk van Tongelre, hun die zoude verpacht 
hebben zonder melding te maken van gezegde grondrente, dezelve 
alsnog uit te keeren. 

370a. 25 Augustus 1597. 

Twee attestaties van Jacobus Basilius Junior, predikant te 
Bergen op 2k)om. 

371a. il September i507. 

Brief, door Tomas de Wyngarde van uit het fort St. Andries 
geschreven, om te zenden vier „petyttes pieres", welke zich op het 
fort Crèvecoeur bevinden. 

372. i6 Februari i598. 

M' Jan van Straesborch, zoon van wijlen Joris van Straesborch 
en Margriet, dochter van wijlen Jan Ëeckers en weduwe van Nicolaes 
Marcelissen, verklaart voor Schepenen van 's Bosch, dat Anneken 



— 146 — 

weduWe van Jan Dirckszóon van Geldfop aan' hem heeft afgelost 
eene grondrente, gaande uit een huis met tuin, staande in de 
Boertscke straat te 's Bosch tegenover de Kapel van St. Barbara, 
maagd en martelares, welke rente Jan, zoon van wijlen Roelof, den 
zoon van wijlen Jacop Jan Willemszoon, droogscheerder, den 
28 Augustus 1560 daaruit had verleend aan Margriet, dochter van 
wijlen Jan Ëeckers en echtgenoote van Nicolaes Marcelissen. Hierover 
waren als schepenen Claes van Tulden en Peter Pelgrom. 
(Zie oorkonde n<> 340). 

373a. m April 1596. 

Philips, Koning van Spanje, als Hertog vaft ftrabant, gelast ten 
verzoeke van Henrick Noppen als gemachtigde van Jaiv Déboutb, d^zen 
al» man van Hèylwtcfa, van Gielis Bormans, koopman als man van 
Beatrix en van Dierck Kneff den jonge als man van Ëlisabeth, allen 
dochters van wijlen Gijsbrecht Robben, den eersten deurwaarder om 
te dagvaarden de schepenen, burgemeesters en andere regeerders van 
Helmond, Eindhoven, Hilvarenbeek, Oss, Oisterwijk en alle andere 
gemeenten, die hunne zegels aan na te melden rentebrief hebben doen 
hangen, om te verschijnen voor Wethouders van 's Bosch ten einde 
genoemde verzoekers te hooren eischen betaling van eenen rentebrief, 
dien de stad 's Bosch en hare Meierij aan requestranten of hunne 
voorvoorouders verleend hadden. 

374. i5 Juni 1598. 

Vermits Hermanus, zoon van Wouter Peterszoon, had verleend 
aan Wouter, zoon van Boudewijn Janszoon, eene grondrente uit eene 
bouwhoeve, gelegen in de parochie Schijndel ter plaatse, genaamd 
in Lieshout, tusschen het erf van Jonker Willem van Lier eenèrzijds 
en dat van Corstiaan van der Aa anderzijds, alsmede uit een stuk 
land, genaamd die Bueners, gelegen in gezegde parochie tusschen 
het erf van Egidius Pennincx eenèrzijds en dat van de Tafel van 
den H. Geest te 's Bosch anderzijds, zooals blijkt uit eenen schepen- 
brief van die stad van 26 Juni 1573 ; en vermits daarna die grond- 
rente bij de scheiding en deeling der nalatenschap vaii genoemden 
Wouter, 20on van Boudewijn Janszn, is ten deel gevallen aan de 
kinderen van Ermgard, dochter van laatstgenoemden Wouter, den zoon 
van Boudewijn Janszoon, en van Anna, dochter van Frans, den zoon 
van Petrus Vuchts Janszoon, te weten aaii de kinderen, jgespxolcn u\t 

10 



— 146 — 

het huwelijk van Ermgard zoo met Amd de Raet Eliaszoon, haien 
eersten man, als met Johannes van Liebeigen, haren tweeden man, 
zooals blijkt uit eenen schepen brief van 's Bosch van 17 Maart 1590; 
en vermits die grondrente bij eene verdere deeling van 7 April 1590 
voorts is ten deel gevallen aan Frans, den zoon van genoemde Ermgard 
en Amd de Raet, zoo heeft deze Frans de Raet voor Schepenen 
van 's Bosch die grondrente verkocht aan Henrick van Gestel, raad 
van 's Bosch, zoon van Frans van Gestel, ook raad van die stad. 
Hierover waren als schepenen Jacob van Balen en Peter Pelgrom. 

375. i5 Juni iG98. 

Alzoo mr Henrick van Broeckhoven Peterszoon eene grondrente, 
te vergelden uit de helft eener boerderij, gelegen in de parochie 
Oirschot ter plaatse genaamd die Vlueth tusschen het erf van Henrick 
van den Gasthuys eenerzijds en het erf van Willem Mathijszoon 
anderzijds, op 15 September 1576 had overgedragen aan m' Jacob 
Donck ten behoeve van de onmondige kinderen van Amd, zoon van 
Elias de Raet, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Frans, zoon 
van Amd de Raet Eliaszoon, gezegde grondrente overgedragen aan 
Henrick van Gestel, raad van 's Bosch, zoon van Frans van Gestel, 
ook raad van die stad. Hierover waren ab schepenen Jacobus van 
Balen en Peter Pelgrom. (Zie oorkonde n« 8d6j. 

376. 29 Auguêtuê i598. 

Margaretha Becx, huisvrouw van Symon Pijnappel, voor zich en 
als gevolmachtigde van haren genoemden man blijkens akte, verleden 
voor Schepenen der Heerlijkheid Lith, verkoopt in afkorting van 
schuld wegens lijnwaad, door haren man op 20 Januari 1597 van 
na te noemen kooper gekocht, voor Schepenen van Helmond aan 
Henrick van Vucht een stuk bouwland, gelegen aldaar aan de 
Ameijestraat, haar aangekomen bij doode harer moeder. Hierover 
waren als schepenen Wolf Franck en Jan Pijnappel. 

377a. 98 September 1598, 

Brief door Hendrick Donck te Eindhoven geschreven aan m' Peter 
de Ruyter, kanunnik der kerk van St. Jan Ev. te 's Bosch. 

378a. St, WUlibrord 1598. 

Kaart van de Schutterij van den Voetboog te Esch. 



- U7 - 
3786*». 6 November 1599. 

Wouter, zoon van wijlen Jan Wouterszoon, wonende te Gefferi, 
als man van Joesken, dochter van wijlen Roelof, den ^oon van 
Willem Roelofszoon, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Peter, 
den zoon van wijlen Jan Symenszoon van Heeswijck, lakenkooper, 
als executeur van het testament van wijlen Margriete, de dochter 
van wijlen Heynderik, den zoon van wijlen Aert Willemszn van 
Uden, en weduwe van Symen Janszoon van Heeswijck, ten behoeve 
van Metkenen, onnoozele dochter van laatstgenoemde echtelieden 
van Heeswijck, eene grondrente uit eene bouwhoeve, gelegen te 
Geffen ter plaatse, genaamd „aen den Papendijck'', naast het Heyke. 
Hierover waren als schepenen Herman van Heumen en Willem 
Oliviers. 

Hierbij nog eene Bossche schepenakte van 7 Mei 1608, waarbij 
genoemde Peter van Heeswijck als krachtens apostille van Schepenen 
van *s Bosch op zijn request van 26 April 1603 daartoe gemachtigd 
en als oom van genoemde onnoozele Metken van Heeswijck voor* 
schreven grondrente overdraagt aan Heer Jacob van Berchem, meester 
van het Ziekengasthuis te 's Bosch, ten behoeve van hetzelve. 

379a. i600f 

Brief van Johan Blommesteyn aan Willem van Reys, raad van 
's Bosch. 

380. 20 Maart iOOO. 

Henrick Janszoon van Vucht draagt voor Schepenen van Helmond 
ingevolge vemadering over aan Mr Jacob Becx, licentiaat in de beide 
rechten, schout en secretaris te Helmond, een stuk land, genaamd op 
het Vossenbergsche pad, gelegen aan de Ameydestraat aldaar. Hier- 
over waren als schepenen Wolff Franck en Gabriel van Berchen. 

381. S December i60(K 

Daniel Peterszoon van Berlicom en Anthoni van Gemert, schepenen 
van Heusden, getuigen, dat Henrick Janssen, wonende te Nieuwkuik, 
hun heeft getoond eene volmacht, verleend door Coenraet Salomonszn 
Ketelaer, wonende te 's Bosch, zoo voor zich zelve als in den naam 
van Jan, zoon van wijlen Roelof Salomonszoon, buitenslands wonende 
en van zijne broeders en zusters, broeders- en zusterskihderen, voor 



- 148 - 

wie hij zich sterk maakt, houdende die volmacht in, dat Aert van 
Breugel en Peter Pelgrom, schepenen van 's Bosch, verklaard hebben, 
dat op 18 Nov. 1600 te hunnen overstaan Coenraet Salomonszóon 
Ketelaer, ingezetene van die stad, zoo voor zich zelve als in den 
naam als voorzegd, machtigt Henrick Janssen, wonende te Nieuw- 
kuik, om een hophof, gelegen te Hedikhuizen, te verkoopen aan 
Jan van Wijck Crijnszoon en om aan Pauwels Heymanszoon,yonende 
aldaar, te verkoopen een halven morgen, gelegen alsvoren ter plaatse, 
genoemd de Ham, *- alsmede, dat daarop genoemde lasthebber aan 
gezegden van Wijck verkocht heeft voorschreven hophof, gelegen 
tusschen het erf van Mary Roel Heymanszoon Noordwaarts en dat 
van Pauwels Roelofszoon Zuidwaarts en zich uitstrekkende van de 
Achterstraat tot aan den Hoogen dijk, de Kerkenwaard en Jan van 
Wijck's erf met den dijk, tuin, sloot, Maas en wetering, daartoe be- 
boorende. 

Hierbij eene akte van 5 Februari 1605, waarbij Ghijsbert Janszoon 
van Wijffliet en Adriaen van der Merwede, schepenen van Heusden, 
verklaren, dat Willem Marten Adriaenszn, wonende te Tilburg, als 
man van Alit Adriaensdochter, de zuster en erfgenaam van Lijsken 
AdriaenSj huisvrouw van Jan Quirijnszn, in zijn leven gewoond 
hebbende te Hedikhuizen, en als zich sterk makende voor alle andere 
erfgenamen van Peeter Adriaens kinderen, zoo te Gorinchem als te 
Woudrichem wonende, voorschreven hdphof te hunnen overstaan 
verkocht heeft aan Antonie Peterszoon, wonende te Hedikhuizen en 
dat daarop Jan Jacobszoon, wonende te Wijk en Gerrit Corneliszopn, 
wonende te Giessen, als man van Lijsken Huybrechtsdochter van 
Asperen, respectievelijke broederskinderen van zaL Jan Quirijnszoon 
van Wijck en als zoodanig diens naaste bloedverwanten zijnde, 
makende voornoemde Gerrit Comeliszooin zich ook nog sterk voor 
zijnen zwager Comelis Huybrechtszoon, verklaarden, dat zij geen 
aanspraak maken op de nalatenschap van Jan Quirijnszoon, maar die 
aan zijne schuldeischers overlaten. 

382. iS Januari iöOt 

Gerit Janssen, Sebastiaan Wouterszoon, Jan Peter Aertszoon, Aert 
Janssen van Uyden, Peter Hermanszoon, Jan Dierck Brooszoon en 
Jan Peter Gêrritszoon, schepenen te Heze onder Rosmalen, getuigen 

dat Seb^tiaaii Woutèrszoon en Jan Peterszoon , hunne mede* 

schepenen, hun hebben aangebracht en zij als schepenen, daarover 



— 149 — 

hebben gestaan, dat Arnout van Vladêracken, schout van het Kwartier 
van Maasland, ter instantie van Truyken, weduwe van Anaan 
Geritszoón en dochter van Willem de Haen en Willemken, en andere 
erfgenamen, omdat onder dezen onmondigen waren, heeft verdeeld de 
nalatenschappen van de echtelieden Willem de Haen en Willemken 
voornoemd, zooals in deze akte is omschreven. 

383. iS JanuariieOL 

Roelof Janszoon Glummer, als man van Elisabeth, dochter v 



Arnold Corneliszoon en Margaretha, de dochter van Petrus Yewa 
zoon, voor zich en voor zijne genoemde vrouw, alsmede voor 
kinderen, reeds geboren en nog geboren zullende worden, vóór wi ^^ 
Roelof, zich sterk maakt; Joost, zoon van Leonard Joosteti, as 
van Petra, dochter van Arnold en Margaretha voornoemd» * ^^^ 
genoemde Roelof en Joost, als gemachtigden blijkens ^^^^\i^yck 
Burgemeesters, Schepenen en Raden der stad Wezel van Eng^ ^^^^^ 
en Suzanna, diens huisvrouw, dochter van Arnold en ^^^ -^elius, 
meergenoemd, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan ^ j^entc, 
zoon van Henrick Wouterszoon van Ravesteijn, eene g^^ meWus 
gaande uit eene bouwhoeve te Helvoirt, en daaruit door ^y^oni^^^s 
Junior en Ghysbert, zonen van Adrianus van de Venne, A ^^^ 

Henrickszoon als man van Aleid en Johannes Arndszoon ^^^ 

van Belia, dochters van genoemden Adrianus van de ^^^'^^'j^cbtet 
24«« September 1651, verleend aan genoemde Margaretha, ^^^^tti. 
van Peter Yewaenszoon in tocht en aan hare kinderen in ^*^-^^s. 
Hierover waren als schepenen Peter Pelgrom en Leonardus 

384. 8 F^ruari iüOi. 

Charles de Bourgogne als stadhouder van den ^o^^^^^^^^^^l^o^v 
hove van Brabant beleent Jonker Daniel van ^^^^^,^.?^^^^e ^^^ 
van Daniel van Griecken en diens broeders en zusters bij ^^ ^^^ 
Jonker Peter van Griecken, hunnen vader, met ^^*??^ ,^ ^^e «»^ 
hoeve lands, gelegen te Berkel, parochie Oisterwijk, ais 
land, gelegen in de parochies Velthem en Wencscle. 

385 17 FebrtuM^ri iöOS. 

Verklaring van Aert Dierickszoon van ^^^^' ^'^^^^^^^ Dieriol 
van Sutphén, Jan Jacobs Janszoon, Jan Jans Vjoy 



— 150 — 

Seberts Brants, Aert Peters vait Overbeeck en Peter Gerits Geritszoon, 
schepenen van Boxtel, dat te hunnen overstaan Quinteyn, zoon van 
Aert Dierickszoon, aan Henrick, zoon van Goijaert Dierickszoon 
van HeeSy heeft verkocht een stuk akkerland, genaamd de Scherpen- 
hof, gelegen in de parochie Boxtel in den heerdgang van Munsel en 
zich uitstrekkende tot aan het erf van Jonker Robbert van Malsen. 

386. i8 December 1602. 

Alzoo Hanrick, zoon van wijlen Jaspar van Esch en weduwnaar 
van Mariken, zijne tweede vrouw, dochter van wijlen Aert van 
Laerhoven, 20 Juni 1600 had verkocht aan Lambert, zoon van wijlen 
Huybert van Herpen, eenen kamp lands, gelegen in de parochie 
Boxtel onder de jurisdictie van Liempde ter plaatse genaamd 
Gasteren tusschen het erf der kinderen van wijlen Jonker Huybert 
van Malsen aan de eene zijde en het erf van Hejman Willemszn, 
enz. aan de andere zijde, en strekkende van het erf van Wouter 
Peterszoon tot aan de gemeene straat, genaamd de Heirstrate, zoo 
heeft voor Schepenen van 's Bosch genoemde Lambert van Herpen 
voorschreven kamp weder verkocht aan Henrick van Esch voornoemd. 
Hierover waren als schepenen Goeyaert van Vlierden en Goeyaert 
van Engelant. 

387. 5 Juni 1604. 

Alzoo Jan, zoon van wijlen Niclaes Janszn van Berlicum, bier- 
brouwer, aan Heer Gooswyn, zoon van wijlen Peter Goossens, priester, 
ten behoeve van Elizabeth, dochter van wijlen Jan Gijsbertszn de 
Wilde, den 26 Maart 1664 had verleend eene grondrente uit een 
huis met tuin, achterhuis en brouwhuis, genaamd In St. Jan, staande 
te 's Bosch in de Hinthamerstraat tegenover het Zinnelooshuis, en 
vermits genoemde Elizabeth bij haar testament deze grondrente 
bestemd had voor eene wekelijksche Mis in A^t Kapelleke te Hintham^ 
waarna Adriaan Colen van Berlicum bij het verkoopen van een huis 
met erf, staande te Berlicum, gezegde rente uit dat huis met erf 
gegrooi had Joost Henrick Peterszoon van Griensven en derhalve 
door dezen moest vergolden worden, zoo heeft voor Schepenen van 
's Bosch Goyart van Engelant de jonge, als door Heer Gysbertus 
Masius, bisschop van 's Bosch, aangesteld tot administrateur over de 
goederen der SL Antoniuskapel te Hintham^ verklaard, dat Jan 
Comelis Henricxzn, velblooter, als man van Margriet, dochter van 



— 151 — 

wijlen Joost Henrick Feterszn voornoemd, in jsijne handen voor» 
schreven rente heeft afgelost Hierover waren als schepenen Art 
van Brogel en Everart de Borchgrave, 

388. f8 Augwtus 1604. 

Albert en Isabella, Aartshertog en •Hertogin van Oostenrijk, verleenen 
„op het verzoek van Henrick Franszoon van Gestel, kapitein te 
's Bosch, inhoudende, dat ingevolge recht van confiscatie hun toekomt 
eene grondrente, door hem te betalen van uit een oud en vervallen 
huisje, staande te 's Bosch, hem thans toebehoorende en te voren 
toebehoord hebbende aan Thomas Janszoon de Backer, welk huisje 
wegens achterstallige betaling der rente door hem was uitgewonnen ; 
dat hij, van Gestel, gedurende 24 achtereenvolgende jaren koning 
Philips II van Spanje getrouwelijk heeft gediend in het verdedigen 
en behouden van de stad 's Bosch voor het Katholiek geloof en 
Z. M. den Koning voornoemd en dat hij, zijne vrouw en kinderen 
daardoor groote schade geleden hebben, wat hem evenwel niet belette 
om dag en nacht voort te gaan met de verdediging van den Bosch, 
hebbende hij zich daarbij vooral in het beleg van November 1601 
dapper gedragen"; — alsmede op het advies van Maarten Fierlants, 
raad en rentmeester*generaal der domeinen van Brabant in het 
Kwartier van 's Bosch en op de getuigents van Anthoni baron van 
Grobbendoncq, krijgsraad en gouverneur van 's Bosch, getuigende 
van de getrouwheid en ijver van voornoemden van Gestel, — aan 
deze kwijtschelding van voorbedoelde grondrente. 

389. i5 September i604. 

Heer en broeder Dionys van Loemel, prior, heer en broeder Jan 
van Tilborch, subprior, heer en broeder Comelis van OisterwyiJ, 
procurator en heer en broeder Willem Henricxszn, kelwerder des 
Convent van der Bemelscher Poerten genoempt BaseUonck btnntn 
deu siadt van 's Hertogenbossche in den name desselve Canyents^ ve^-^ 
klaren voor Schepenen van 's Bosch, dat de timmering, ^JJ^^^^^^e 
maken in en aan den zydeltnuere oft wange van de brug ®^^^^^^ ^ 
stad, gelegen op den Papenhuls over de rivier de ^^^^^'^^g^^^-e oV 
bestaan, dat het voorschreven klooster zijne bleelt u , ^^^^^^ ^ 
deszelfs bleekerij, gelegen aan den overkant *^^V.^ oiweg a-'Vaaü 
timmeren boven de gracht, liggende tusschen ^^^ ^^^to. %yd^^^^^^ 
en de voorschreven bleekerij, en wel in deo g^*** 



— 152 — 

tegen die gracht staande en dat het daarin de balken der hut zal leggen, 
alsmede op dien muur ter hoogte van bedoelde nieuwe timmeringf 
zal metselen, zooals aan het voorschreven klooster ts vergund zonder 
eenig meerder recht op de gracht of brug te hebben dan daaraan 
vroeger is verleend, doch dat het klooster daarentegen gehouden is 
den zydelmuere der voorzegde brug over de lengte, waarop het 
daarin of dastrop zal hebben getimmerd en de drop dier timmering 
daarover zal uitsteken, ten allen tijde van den grond af op eigen 
kosten te onderhoudeii en de nieuwe timmering zoo te maken 
dat de pilaar, die tegen den muur tot stevigheid daarvan is gelegd, 
door den drop daarvan niet zal worden beschadigd maar onder 
den droge zal blijven, alsmede om geene deuren, vensters, glazen 
of andere openingen in de nieuwe timmering aan den kant van 
den weg of de brug te maken, terwijl als de stad aan de brug zal 
willen timmeren het klooster voorschreven timmering, voor zooverre 
die op stads erf zal komen te staan, zal afbreken. Hierover waren^ 
als schepenen Everaert de Borchgreve en Antonis Pijnappel. (Op 
den rug staat „betreft de Judasbrug bij de bleekhut van het Hazelaars- 
klooster" ; ter plaatse van deze hut staat thans het stedelijk Gym- 
nasium; zie mijne Voorname Bossche huizen II p. 495). 

390. n JanuaH iiX)5, 

Ëene erfrente, door de Staten van Brabant den 25 April 1564 
verleend aan Lambrecht, zoon van Dierick Aertszoon en daarna in 
vruchtgebruik gekomen aan diens weduwe Geertruid Sterck, wordt, 
nadat zij van dat vruchtgebruik had afstand gedaan ten behoeve 
van hun beider zonen Dierick en Lambrecht en nadat dezen ver- 
volgens die rente den 27 Juni 1597 hadden verkocht aan Wouter, 
zoon van wijlen Jan Eelkens, welke Wouter Eelkens daarna als 
weduwnaar van Maria, dochter van Ghysbrecht van den Kerckhove, 
eerder weduwe van Adriaen Goyaerts — ingevolge het accoord door 
hem, Wouter, getroffen met Jan van den Kerckhoff, Wouter Huybrechts 
van Capelle, Jacob Adriaenszoon en Matheus van Herlaer, als mom- 
boiren over Adriaentken, onmondige dochter van Adriaen Goyaerts 
en Maria voornoemd, — die rente den 24 Juni 1598 ^n voornoemde 
voogden ten behoeve van Adriaentken voorzegd had overgedragen — 
door 2^ger, zoon van wijlen mr. 2^ger Adriaenszoon, als man van 
meergezegde Adriaentken, voor Schepenen van 's Bosch overgedragen- 
smn Jonker Henrick Franszoon van Gestel, president-schepen vaa 



— 153 — 

die stad. Hierover waren als schepenen Peter Pelgrom en Adriaen 
Zegers Adriaenszoon. 

891. il Maart i605. 

Gerlach Ruys, zoon van mr Henrick Ruys, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan Steven, zoon van Albert Snelle, koopman, 
eene grondrente, gaande uit een huis, staande aldaar in den Minder* 
broederensirOetken bij de Markt tusschen het huis van Ygram Ze« 
brechtszoon eenerzijds en dat van Arnold Moers anderzijds, welke 
grondrente Henrick van Zoerendoncq, zoon van Jacob, voor zich 
en als gemachtigde van zijnen broeder Willem, wonende te Parijs, 
alsmede als zich sferk makende voor zijne broeders mr Philips en 
Mathias op 10 Febn 1605 had overgedragen aan Gerlach Ruys 
voornoemd. Hierover waren als schepenen Jacob van Balen en 
Peter Pelgrom. (Cf. Ned. Adelsboek 1916 p. 431). 

892. M Januari iOm. 

Sebertus, zoon van Lambert Vuchts Hendrikszoon en Maria, de 
dochter van Sebertus Jacobszoon, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch als rechtverkrijger van Johannes Hoemken aan Steven, zoon 
van Albert Hermanszoon Snelle van Swolle, eene graanrente, die 
Henrick van Kuyck, zoon van Ysebold van Bergelen en Margaretha, 
de bastaard van heer Henrick van Kuyck, ridder, den 21 Mei 1423 
aan genoemden Johannes Hoemken verleend had uit eene aan ge- 
noemden Ysebold toebehoorende bouwhoeve, genaamd ter Doot- 
leggen, gelegen in de parochie Aalst, alsmede uit een deel in eene 
bouwhoeve van meergenoemden Ysebold, gelegen te Asten ter plaatse 
genaamd Opheusden en uit een deel in eene bouwhoeve van den- 
zelfden Ysebold, gelegen in de parochie Deurne onder de jurisdictie 
van Vlierden ter plaatse genaamd Bergelen. Hierover waren. als. 
schepenen Goijart van Engelant en Petrus van Gestel. 

393a. i6 FehruaH 1607. 

Testament van Jan van Outelair, geboortig van St. Oedenrode. 
Hierbij een extract uit het Lecnregister van Brabant, blijkens het- 
welk Eymbert van Oetelaer Jansz. in 1531 koopt de hoeve ten Schoer, 
gelegen te St. Oedenrode onder het goed ten Bogaard en diens zQon 
Willem van Oetelaer, stadhouder van Peelland, in 1576 daarmede 
mrordt beleend. 



— 164 — 

394a. iS Maart 1608, 

Request aan den fiisschop van 's Bosch, waarbij de Pastoor en de 
Kerkmeesters der Parochiale kerk van St. Catharina aldaar, zijnde 
Johannes Boyen, pastoor, liev S3rmonszn, Peter Janszn Mutzarts, 
Peter van Asperen, Steven Albertszn Snelle, Peter Mathijssen van 
Weert en Gerard van Zoemeren, kerkmeesters, vertoonen, dat de 
fundamenten dier kerk gereed zijn en dat de stad bereid is om aan 
een timmerman fl. 2250 te betalen voor het maken van de daken 
dierzelfde kerk, onder voorwaarde, dat zij, requestranten, in den aan- 
staanden zomer het overige muurwerk ter hoogte van het koor der 
kerk zullen opbouwen, en dat daartoe noodig zal zijn, dat zij het 
oude dak der vorige kerk aan den meestbiedende verkoopen en ook 
twee, in dit request omschreven grondrenten dier kerk verkoopen, 
alsmede verzoek hun daartoe machtiging te verleenen. Hierbij de 
verlangde machtiging, geteekend door Jo. Bardoul, in margine. 

395a. 2 November 1608. 

Attestatie van Lambertus de Rycke, predikant te Bergen op Zoom. 

396. . . Maart 1609. 

De Eerwaardige Heer M' Johan Hanskens ab Aerle, priester, 
scholaster en kanunnik te St Oedenrode, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Jonker Henrick van Gestel, afgegaan president* 
schepen van die stad, eene grondrente, gaande uit eene boerderij, 
gelegen te Asten, ter plaatse genaamd Onstaden, welke grondrente 
den 7 Sept 16i6 voor Schepenen van 's Bosch daaruit was verleend 

aan Joseph van en m' Johan Hanskens voornoemd door 

.... van Beeck, zoon van Jonker Wouter van Beeck in den naam 

en als gemachtigde van dezen Wouter van Beeck van 

Juffrouw Maria van Boschuysen en door denzelfden Jonker Johan 

van Beeck zijn broeder, voor hen zei ven en als zich sterk 

makende voor Juffrouwen Maria, Heylwich en Wilhelma van Beeck, 

hunne van voornoemden Jonker Wouter van Beeck en 

Juffrouw Maria van Boschhuyseh. Hierover waren als schepenen 
Goyaert Loeff van der Sloot en Rombout Rombouts. (Het schrift 
dezer akte is gedeeltelijk door het vocht vergaan). 



- 165 — 

397. 16 April idOQ. 

Vermits Erxsken weduwe van Pauwels, zoon van wijlen Goyart, 
den zoon van wijlen Pauwels, den zoon van wijlen Henrick 'sHeeren, 
den tocht eener grondrente, gaande uit een huis, erf, tuin, schuur, 
schaapskooi en bouwland, staande en gelegen te Son ter plaatse 
genaamd Esp, alsmede uit een beemd, genaamd de Boerbeemd, ge- 
legen te Son tusschen het erf van het klooster van Hooydonk en 
dat der erfgenamen van wijlen Maurits Happen, had opgedragen 
aan haren zoon Ghijsberd, geboren uit haar huwelijk met Pauwels 
Goyartszoon, zoo heeft voornoemde Ghijsberd voor Schepenen van 
's Bosch voorschreven rente verkocht aan Henrick, zoon van wijlen 
Hendrick Dirckszn Houbraken van Vechel. Hierover waren als 
schepenen Rogier van Griensven en Henrick Heumen. (Zie oor- 
konde no 824.) 

898. 4 Juni id09. 

Joost Henrickszoon Seemtauwer als man van Aleid, dochter van 
wijlen Henrick Janszoon van Santen, voor zich en in zijne hoeda- 
nigheid van oom en voogd over Jacob en Lyntgen, kinderen van 
wijlen Jacob Janszoon, ook zeemtouwer, en Lyntken, dochter van 
voornoemden Henrick Janszoon van Santen, alsmede als gemachtigde 
van Bavo Janszoon, zeemtouwer, eveneens oom en voogd over voor- 
zegde kinderen ; voornoemde Catharina, dochter van Henrick Jans- 
zoon van Santen en weduwe van Jacob Janszoon voorzegd ; en Thomas 
Jacobszoon als man van Lysbeth Lucas weduwe van Marcelis, zoon 
van meergenoemden Henrick Janszoon van Santen, en als voogd 
over Dingentken, minderjarige dochter van Lysbeth Lucas en Marcelis, 
haren eersten man, met hun allen erfgenamen en rechtverkrijgers 
van den dikwerf genoemden Henrick Janszoon van Santen, verklaren 
voor Schepenen van den Bosch, dat Loenis Symonszoon, 1) bier- 
brouwer, als man van Catharina en Herman, zoon van A^ntonis 
Andrieszoon van der Moeien, als man van Geertruid, dochters van 
Henrick Janszoon van Santen meergenoemd, hun hebben afgedragen 
hun aandeel in de nalatenschap van voornoemden Jan "^^^^^^^ 
Hierover waren ais schepenen Rogier van Griensven en jo 
Broegel. 

i) Van der Patten? 



van 



— 166 — 

390. 28 Augustus 1609. 

Vermits de erfgenamen van wijlen Jan Larobert Millinck en wijten 
diens echtgenoot Ide, dochter van wijlen Pauwels Eyroberts van defi 
Bersselaer, gehouden waren aan Comelis Janszoon van Roy, ingebieder 
der stad 's Bosch, te voldoen eene geldrente, gaande uit een beemdje, 
thans toebehoorende aan Peter Jacobszoon van Rund en gelegen 
in de parochie Boxtel onder Lennesheuvel achter de Ploeg en 
vermits genoemde Peter Jacobszoon van Rund voorzegde grondrente 
gedurende eenige jaren van wege voorbedoeide erfgenamen heeft 
betaald aan voormelden ingebieder in de plaats van eene roggepacht, 
die hij verplicht was aan meerbedoelde erfgenamen te betalen uit 
de landenjen, door hem verkregen van Jan Peter Stoots en gelegen 
onder Lennesheuvel, zoo is verschenen voor Schepenen van Boxtel 
Peter Jacobszoon van Rund voornoemd en heeft zich jeg^s Philips, 
zoon van genoemden Jan Lambert Millinck en Ide en dezer overige 
erfgenamen verbonden om vooHschreveh geldrente in het vervolg uit 
zijne voormelde goederen te voldoen aan genoemden Comelis van 
Roy en zijn daarop voor dezelfde schepenen verschenen Philips 
Millinck voornoemd, Lambért, zoon van wijlen Lambert Millinck, 
Wouter Bemaerts als man van Catarina, dochter van wijlen Lambert 
Millinck voornoemd en Adriaan Janszoon als man van Elisabeth, 
dochter van wijlen Peter Millinck, zoo voor zich zelven en in den 
naam en vanwege alle hunne andere medeerfgenamen van wijlen 
Jan Lambert Millinck en Ide voornoemd, en hebben openlijk beleden, 
dat zij Peter Jacobszoon van Rund van voorschreven roggepacht 
ontslagen hebben. Hierover waren als schepenen Jan Alarts, Adriaan 
£ymberts Henrickszn, Henrick Seberts Brants, Jan Gerit Goossens, 
Aert Peters van Overbeeck, Henrick Jans Schellekens en Jan Jans 
Roefien. 

400. i7 Octoher i€09. 

Jacop, zoon van wijlen Comelis Jacopsen, wonende te Riethoven, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan M' Jan, zoon van H oog- 
hart Bartholomeuszoon Kelders, griffier van het Bisdom 's Eosch, 
a eene grondrente, welke Gheerit Dielis Genenzoon blijkens sche- 
penbrieven van Tergeik van 1 Dec. 1568 verleend had aan Frans 
Jacops uit eenen akker, gelegen te Westerhoven en genaamd de 
Roefsakker, en welke grondrente van genoemden Frans Jacops is 



— IBÏ — 

gekomen op diens kleinzoon Jacop voornoemd ; b eene grondrente, 
welke Franck Franszoon blijkens schepenbrieven van Bergeik van 
6 Dec. 1565 had verleend aan Goossen Willeroszoon uit eene beemd, 
geheeten de Cbppelfen, gelegen te Riethoven, en welke grondjrente 
Catharina, dochter van Maarten Goossens, met Jan Stappers, haren 
momboir aan meergenoemden Jacop, zoon van Cornelis Jacopsen, 
2 Maart 1599 voor Schepenen van Bergeik verkocht had \ c eene 
grondrente, welke RoefF Symons en zijne dochter Elisabeth met 
Peter haren man blijkens schepenbrieven van Bergeik van 81 Jan. 
1571 hadden verleend aan Heylwig, dochter van Wouter Coninx, 
van uit eene bouwhoeve te Riethoven, en welke grondrente Wouter 
Henrickszoon Heesborchs den 13 Dec. 1606 voor Schepenen van 
Bergeik aan den dikwerf genoemden Jacop verkocht had ; d eene 
grondrente, welke Dirick Dclis Gerritszoon blijkens schepenbrieven 
van Bergeik van 1 Febr. 1570 verleend had aan Frans Jacopszoon 
van Dommelen van uit eenen beemd, genaamd de Roest, gelegea te 
Riethoven, en welke grondrente van genoemden Frans op Comelis 
Franszoon zijnen zoon, den vader van den meermalen genoemden 
Jacop en ten slotte op dezen laatste vererfd was. Hierover waren 
als schepenen Geerardt van den Berge en Goeyaert Loeff. 

401. 5 l^owmher ie09. 

Jonker Ferdinandus Suerus als man Susanna, dochter van wijlen 
Jonker Constantijn van Lougenhaegen, zoon van wijlen Jacob, den 
zoon van Cornelis van Lougenhaegen en wijleta Henrica» diens huis- 
vrouw, dochter van wijlen Jan Marcelis van den Eeckart, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Goyard Scheffer^ zoon van Jan 
Scheffer den oude, eenen kamp land, gelegen in de parochie Ros- 
malen ter plaatse genaamd de Hooge Vlierdt en eenen kamp broek- 
land, gelegen in dezelfde parochie ter plaatse genaamd dü HHch 
VlUdert tusschen het erf der kinderen van wijlen Gysbert de Cock 
eenerzijds en dat van het Leprozenhuis op den Eykendonk anderzijds, 
zijnde deze beide kampen aan Jonker Ferdinandus Suerus als mian 
van Susanna aanbedeeld bij scheiding en deeling, den 8 November 
1609 opgemaakt tusschen hem en Jacob, Cornelis, Jan en Elisabeth, 
kinderen van voornoemden Cornelis van Lougenhaegen en He^rtca. 
Hierover waren als schepenen Góyard de Jeger en Goyard Loeff. 



— 168 — 

402. iS Februari iÖiO. 

Vermits Stephaen, zoon van wijlen Albert Snelle van Swoll, als 

man van Mariken, dochter van wijlen Jochim en weduwe 

van Jacop, zoon van wijlen Andries, den zoon van Gijsbrecht Voss, 
den tocht, haar competeerende van eene grondrente, gaande uit 
eenen beemd, gelegen in de parochie Oisterwijk ter plaatse genaamd 
Riedonck, had afgestaan aan Jan, zoon van Lonis Peeters, als man 
van Hillegonde, dochter van Mariken en wijlen Jacop Andrieszn 
voornoemd, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch genoemde Jan, 
als man van Hillegonde, voorschreven grondrente verkocht aan 
Stephaen Snelle voornoemd. Hierover waren als schepenen Peeter 
van Gestel en Robbert van Voorn, 

403. 96 April iGiO. 

Joris, zoon van Rom Suyskens van Geffen, verkoopt voor Sche« 
penen van 's Bosch aan zijne na te noemen nicht Elizabeth eene 
kamer of woning, zijnde de middelste kamer van drie kamers, met 
erf en plaatsje, staande en gelegen in de St. Jacobsstraat te 's Bosch, 
waarin Elizabeth, dochter van wijlen Jan Dierickszn van Dinther en 
Catharina, dochter van Rom Suyskens van Geffen voornoemd, woon- 
achtig is. Hierover waren als schepenen Gerart van den Berge en 
Peter Pelgrom. 

404. 9n April iöiO, 

Jan, zoon van wijlen Jan Willemszoon Verhagen, de jonge, als 
man van Anna, dochter van wijlen Henrick Janszoon In den Duijn 
en Nicolaas, zoon van wijlen Willem Thoniszoon voor zich en als 
man van Mariken, dochter van wijlen Henrick Marceliszoon, ver- 
leenen voor Schepenen van 's Bosch aan Comelis, zoon van wijlen 
Amd Corneliszoon van Horenbeeck, eene grondrente uit een perceel 
land, genaamd het Groot Loo, gelegen te St Oedenrode ter plaatse 
genaamd Aen d* Eerde] item uit eene hofstede, gelegen te St. Oeden- 
rode, ter plaatse genaamd Eerschot bij de parochiekerk aldaar en 
zich uitstrekkende tot aan de Dommel; item uit den Walbeemd, 
ook genaamd den Voorstenbeemd, gelegen nabij de voorschreven 
kerk; item enz., zijnde voorschreven goederen o.a. bezwaard met 
eenen cijns van eenen braaspenning int boeck van Helmont\ item 
van acht stuivers drie oort aan het Kapittel van St. Oedenrode ; 



— 159 — 

item van vijf vaten rogge aan den H. Geest te St Oedenrode ; item 
van dertig stuivers twee oort aan den H. Geest te 's Bosch, enz. 
Hierover waren als schepenen Grerard van den Berghe en Peter 
van Gestel. 

405a. 19 Juni i6i0. 

Philips, Prins van Oranje, bepaalt ten verzoeke van de bewoners 
van de Katerstraat te Breda, dat de hand zal worden gehouden aan 
de ordonnantie, waarbij het aan oudekleerkoopers en beddenmakers 
verboden is zich in die straat te vestigen. 

406. S7 Octoher i(HO. 

Gysbert, zoon van Paulus, (den zoon van Goyart, den zoon van 
Paulus, den zoon van Henrick 's Heeren van Lieshout) en Arca, de 
dochter van Gysbert, zoon van Henrick Drieszoon, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Henrick, zoon van Henrick Houbraken, 
eene grondrente, gaande uit den Boeckterkamp, gelegen te Son ter 
plaatse genaamd Boeckt en uit den Boerenbeemd, gelegen te Son bij 
het erf van het klooster Hooydonk, welke grondrente Henrica, dochter 
van Herbert Dierickszoon van den Hovel op 26 Oct 1588 had 
overgedragen aan Goyart, zoon van Paulus, den zoon van Henrick 
's Heeren van Lieshout voornoemd en waarvan genoemde Arca, die 
toen weduwe van diens zoon Paulus was, het vruchtgebruik aan 
haren genoemden zoon Gysbert had afgestaan. Hierover waren als 
schepenen Petrus van Gestel en Gerardus van Horenbeeck. (Zie 
oorkonde to« 397.) 

Affl dbe$t. 

408. 2 Maart i6ii. 

Arndt, zoon van wijlen Laureijns, den zoon van wijlen Goijaert 
Vreijnss, wonende te Erp, verleend voor Schepenen van 's Bosch 
aan Peeter, zoon van wijlen Thomas Janszoon van Nuenen, eene 
grondrente uit eene boerderij, gelegen te Erp ter plaatse genaamd 
aan het Looeind. Hierover waren als schepenen Jan Bardoul en 
Tielman, zoon van Jan Tielmans. 

409. i8 FebruaH i6ii. 

Heer Rutger van Broeckhoven, zoon van mr Henrick van Broeck- 
hoven, in leven raad van 's Bosch, als man van vrouwe Johanna, 



— 160 — 

dochter van Araoldus Corneliszoon van Horenbeeck, verkoopt voor 
Schepenen van gezegde stad aan ConieUtts, zOon van genoemden 
Amoldos van Horenbeeck, als voogd over de onmondige kinderen 
van mr Henrick van Horenbeeck, in leven raad van meergezegde 
stad en zoon van meergenoemden Amoldus van Horenbeeck : a eene 
grondrente, gaande uit eene bouwhoeve, gelegen in de parochie Dinther 
ter plaatse' genaamd Vorstenbosch, welke rente Aleid weduwe van 
den dikwerf genoemden Amoldus Corneliszoon van Horenbeeck 
den 15 Maart 160j gekocht had van Martinas, zoon van Johannes 
van Lier en Margaretha, . de dochter van Gerardus, den zoon van 
Dirck Petruszoon 's Heeren ; b eene grondrente, gaande uit twee 
bouwhoeven, gelegen alsvóren, welke door Abraham, zoon van Hen- 
rick Thomaszoon, als man van Catharina, dochter van Johannes de 
Wolff Lambertszn en diens tweede vrouw Elisabet, den 22 Augustus 
1597 verkocht was aan Ainoidus Corneliszoon ' van Horenbeeck 
meergenoemd als man van Aleid, dochter van Johannes de Wolff 
en Ëlisabet voornoemd, — voor zoovertè deze Amoldus daarin al niet 
reeds gerechtigd was. Hierover waren als schepenen Gerardus van 
Horenbeeck en Gerardus van Broeckhoven. 

410. 5 AuguÊttM iGii. 

Aartshertog Albert en Isabella gelasten op het vertoon van Loys 
van Torrmes, aartsbisschop en hertog van Reyms en abt vad 
St. Remy aldaar en in die hoedanigheid proost van Meerssen bij 
Maastricht: dat tot die proostdij o.a. behooren de tienden over het 
dorp Lithoijen, welke door zijnen tegenwoordigen rentmeester Jan 
Olislegers in pacht zijn uitgegeven aan Aeraout van Vladeracken, 
schout van het Kwartier van Maasland, en dat deze in het genot 
van die tienden gestoord wordt door Johan Clingen, bewerende. ze 
gepacht te hebben eerst van den laatst overleden Bisschop van 
Roermond en daarna van eenen Johan Dadenberge, die tot die 
verpachting niet was bevoegd, — genoemden Johan Clingen om de 
door hem daardoor veroorzaakte schade te vergoeden. 

411. ^ Augustus iOii. 

Willem Janszoon van den Weghe, Nicolaas Peterszoon van Zut- 
phen, Jan Janszoon Roeffen, Goessen Henrick Goossenszoon, Peter 
Geraerds Geritszoon, Henrick Janszoon ScheUekens en Mauritius 



— 161 — 



X«»ten schepenen van Boxtel, verklaren, ddt te huUnen oventaaü 

™ xochus Lemmius, licentiaat in de beide rechten en rentmeester 

«waaanderij van Boxtel, als gemachtigde van Heer Geiaert de Homesi 

^w van Bancighys, baanderheer van Boxtel, heer van Ovciysschci 

^en^es, «nz. verkocht heeft aan m' Gerit en Aerd, zonen van 

*9«ei Aerd Cofneliaioon van Hoerenbeeck, een houtwaHeke, genoemd 

e iumuigsdijk, gelegen in de parochie Boxtel, ter plaatse genaavd 

h*t'ïrf'^*°^'"° *** ^ van Jan Nicolaas Goessens eenernjds ea 

«erf der kinderen van wijlen Aert Coneliszoon van Hoerenb«eck 

oeiïijds, en strekkende van af de gemecne straat tot aan het 

heeft"! J*° *'"=«'««««>'» voornoemd, welk waUeketot dusver behoord 

eii tot de hoeve van den Heer van Boxtel, gelegen te Mnnsel 

onder de parochie Boxtel. 

412. 

S November i6U. 

zdT v^*° P^*'^ stadhouder en Goijart Lenardszn van Dyck, Jan, 

van Li*° **' ^ Stipdonck en Jan Peter Janszn, burgemeesters 

Bosch '"°^' ^*''**°*° namens dat dorp voor Schepenen van den 

lemszn *o *° iaartijkschen cijns van 180 car. gulden aan Jan Wil- 

de beurz °^' T®"**"*^ ** Gestel bij Eindhoven, ten behoeve van 

**octor ^®^®"*^''*"«. gemaakt door mr Peter van den Eynde, priester, 

ia de U • ^^«elecrdheid en president van het college van Viglius 

studeeren '**^*'^**®'* ^^n Leuv«n, om daarvan zes leerlingen te laten 

«ciepenen » *?* Jezuitenschool te den Bosch. Hierover waren als 

*ogier van Broeckhoven en Jan Bardoul. 
413. 

i4 December iGti. 

•Aelien drw-i, 

''ao Wijlen A^^^' van wijlen Jan Thomaszoon en Adriana, de dochter 

*»» ^mnch« *'* **" Gameren, verUaart voor Schepenen van 's Bosch, 

««ne grondr^^* Noppen, zoon van Roelof, aan haar heeft afgelost 

«taande ;„ !f' *' «aande uit het huis, genaamd de Groote Rounbt^om, 

Buckincks ^* kerkstraat te 's Bosch tusschen het huis van Gernt 

Adriana. WJl*** »>orduurstikker, aan den eenen 1^»» en dat va« 

^'". -rllC^Zl ■"*" H*"^»» ^^y^ goudsmid, aan ^^^ ^«^^^ J". 

' G^rard, 3E^*^**'««e Peter van der Schouth ^^^f^'"'^''^^ ^Zi 

•^»'<=Wor \.a^^,. «« Emerentiana van G«"-^v\"a htet vtn^l-' 

««'*«1 van ^?eï^*^ «» Emerentiana van Berckel. do^« va J ^^ 

'^'^*=kel en Maria, de dochter van w.jlen Goijat^ ^^ 



— 162 — 

è Panwels Robbyns als man van Catharina van Gulick, dochter als- 
voren, 29 April 1596 verkocht had aan Adriana, dochter van Aert 
van Gameren en weduwe van Franchoys Havens, haren eersten man, 
te haren behoeve ten tocht en ten behoeve van Maria, dochter van 
Franchoys Havens en genoemde Adriana, voor een derde part; van 
de kinderen van wijlen Dierck, soon van dezelfde echtelieden Havens 
en rentmeester van den Hertog van Brabant in het Kwartier van 
Leuven en Catharina van der Moelgp, voor een tweede part en van 
Aleid dochter van Jan Thomaszoon en Adriana voornoemd, voor het 
laatste derde part in eigendom. Hierover waren als schepenen 
Willem Oliviers en Anthonis PynappeL (Zie oorkonde n^ 290.) 

414. 29 December iöii. 

Mr Johannes Splinter van Voorn, licentiaat in de beide rechten, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan ApoUonia, dochter van 
Petrus Radermaker ad Aquisgrafw^ (van Aken), een huis met erf, 
plaats, brouwhuis en poort, staande aldaar aan den Papenhuls tus« 
schen den heerenkelder {penuarium) en twee huizen van de Heeren 
Deken en Kapittel der St. Janskerk van den Bosch Hinthamerstraat- 
waarts eenerzijds en tusschen het erf, voorheen van Frans Bogart 
Lambrechtszoon, nu van het Clarissenklooster vai) Boxtel, Dieze- 
waarts anderzijds en zich uitstrekkende van af den Papenhuls tot 
aan het water, welk huis met erf enz. genoemde verkooper den 12 
December 1586 gekocht had van Everard, zoon van Jan van de Water, 
als man van Elizabeth, dochter van Henrick, den zoon van Amold 
de Heusclu Genoemde verkooper, alsmede zijn zoon mr Robrecht van 
Voorn, licentiaat in de rechten en raad van den Bosch en Andreas 
Amou als man van Johanna, dochter van den verkooper, verbinden 
zich om de koopster ter zake van dezen koop te vrijwaren. Hierover 
waren als schepenen Rutger van Broeckhoven en Albert van BreugeL 
(Zie over dit huis mijne Voorname Bossche huizen II p 505.) 

415. n Maart i6i2. 

De Raad van Brabant te Brussel beslist in de zaak van Amout 
van Vladeracken, schout en dijkgraaf van Maasland, impetrant ratione 
officii tegen de erfgenamen van Marcelis Gijsberts, gedaagden, dat 
een stuk land, groot vier hond en gelegen te Kessel, niet gehouden 
is bij te dragen in de kosten van herstelling van den Maasdijk te- Lith. 



— 168 ^ 

416. f5 Mei i6i2. 

Adriaen Gerartszn van Weert voor zich en als echtgenoot van 
Comelia, dochter van wijlen Joost, (den zoon van Peter Rombouts) 
en wijlen Clara, (de dochter van Jan van Sambeeck), zijnde zijne 
vrouw weduwe van Christoffel Coenrartszn van den Grave, verkoopt 
voor Schepenen van 's J^sch aan Antonis Cloot, zoon van wijlen 
Lambert Jacopszn Cloot, twee morgen land, gelegen in de parochie 
Rosmalen tusschen het erf der Tafel van den H. Geest te 's Bosch 
en dat van Peter, zoon van wijlen Wouter Heeren, hebbende de ver- 
kooper een dier morgens aangekocht van Comelis Jacopszn van 
Bladel, als man van Claerken, de dochter van Reynder Pottey en 
Manken, de dochter van Joost Rombouts en Clara van Sambeeck 
voornoemd. Hierover waren als schepenen Wilhelm Oliviers en 
Jan Bardoul. 

417. S3 Mêi 1612. 

De Raad van Brabant te Brussel veroordeelt in de zaak van 
Johan Olislagers als rentmeester van de Proostdij van Meerssen ter 
eenre en Amout van Vladeracken, schout van het Kwartier van 
Maasland, ter andere zijde, deze partijen om na te komen de dading, 
welke zij ter beëindiging van hun proces over de aan genoemde 
Proostdij toebehoorende tiend van Lithoijen met elkaar hadden aan- 
gegaan. (Zie oorkonde n® 410.) 

418. 2 Juni 1612. 

Peter Wynnen en Henrick Goben dragen voor Schepenen van 
Helmond aan m' Jacob Becx, licentiaat in de rechten en secretaris 
van die stad, over alle recht, hun toekomende op eenen akker, 
gelegen in de jurisdictie van Helmond aan de Meijstraat, welken 
akker genoemde Becx op 20 Maart 1600 door vemadering verkregen 
had tegen Henrick van Vucht, alsmede op een erf, gelegen in de 
parochie Nuenen ter plaatse, genaamd Opwetten, welk erf meerge- 
noemde Becx op 20 April 1607 voor Schepenen van Helmond had 
overgedragen aan Wouter Jacobszoon ; daarentegen scheldt m' Jacob 
Becx hun kwijt alles, waartoe zij jegens hem door Schepenen van 
Helmond op 17 Juli 1608 veroordeeld waren. Hierover waren als 
schepenen Jan Martens en Peter die Louwe. 



— 164 — 

419. 6 Juni i6i2. 

Tielman, zoon van wijlen Jan Tielmans» raad van 's Bosch en 
Maria, de dochter van Jan Thomas, zijnde hij door zijne moeder bloed- 
verwant der kinderen, door Lambert, zoon van Jan de Woll, verwekt 
bij diens vrouw Barbara, ook dochter van Jan Thomas, vernadert 
ten overstaan van Schepenen van 's Bosch en in tegenwoordigheid 
van Jan, zoon van Aert Peters, Jenneken weduwe van Nicolaas 
Artszoon van Empel, Maryken, dochter van laatstgenoemde; van 
genoemden Jan, zoon van Aert Peters, in diens hoedanigheid van 
voogd over Aelken, dochter van meergenoemden Nicolaas Artszoon 
van Ëmpel en Jenneken, alsmede in tegenwoordigheid van Aert, 
zoon van Dierck Aertszoon en Jenneken voornoemd en Dierck 
Goossens als man van Diericken, dochter van laatstgenoemde ech- 
telieden Dierck Aertszoon en Jenneken, eenen kamp hooi- of weiland, 
gelegen in de parochie en heerlijkheid Empel en Meerwijk ter 
plaatse genaamd het Schurft, door voorzegden Jan en Nicolaas van 
de kinderen van Lambert de Wolf gekocht en door Jan van Lie- 
bergen, zoon van wijlen Jan van Liebergen en Johanna^ (de dochter 
van wijlen Jan de Wolf en Aleid, de dochter van wijlen Nicolaas 
van Boechem), voor zich en als gemachtigde van S' Willem Monicx, 
wonende te Haarlem, als man van Aleid, dochter van wijlen Jan 
van Liebergen en Johanna de Wolf voornoemd, in 1611 gevest. 
Hierover waren als schepenen Rogier van Broeckhoven en Antonis 
Pynappel. 

420. 5 Juni i6iS. 

Heer Michiel Janszoon van Stiphout, priester, eertijds pastoor 
te Heesch, geassisteerd door Willem Pauwelszoon, verkoopt voor 
Schepenen aldaar aan Heer Frans van Tulden, priester en pastoor 
te Heesch, de smalle tienden aldaar, welke Heer en Meester Franchojs 
van Uden, priester, bij zijn testament gelegateerd had aan de kinderen 
van Goyart de Jeger, waarna Hendrick Jasperszoon van Esch als 
bij schepenbrieven van Aerle gemachtigd door RasaRaessen, weduwe 
van Jonker Jan de Jeger, zoon van Goyart de Jeger, daartoe door 
dezen bij diens testament gemachtigd, en door Heylwich Raessen, 
weduwe van Jonker Wouter de Jeger, zoon van voornoemden Goyart 
de Jeger, zoo voor zich en als zich sterk makende voor hare kin- 
deren, bij haar door genoemden Wouter de Jeger verwekt, gezegde 



— 165 — 

tienden verkocht had aan Aerd van Breugel, raad der stad 's Bosch, 
zoon van m' Jan van Breugel, zooals vermeld staat in schepenbrievea 
van die stad van 5 Maart 1595, welke Aerd van Breugel ze ver- 
volgens verkocht aan Heer Michiel Janszoon van Stiphout voornoemd. 
Hierover waren als schepenen Laureyhs Lenaertszoon en Godschalck 
Danieiszoon. 

421. Octoher 1613. 

Aan Amoult van Vladeracken, schout van Maasland, wordt op 
diens request, inhoudende, dat hij : „die belast is met huysvrouwe 
ende acht kinderen, ende hem altijdt eerlycken in synen staet ende 
ofÜcie heeft gedraegen, syne gemeynte wel ende getrouwelijck ge- 
regeert ende voorgestaen ende oversulcx by een yeder (onberoemelijck 
gesproken) voor een vroem ende eerlijck officier is geacht ende 
gereputeert geweest, ^ anders dan dat ontrent twee jaeren geleden 
eenighe oproerighe geesten in de vryheyt van Oss hebben geinstigeert 
gehadt eenen Ermert Denyssen als man van Metken, dochter van Jan 
Henricx, omme (hem) suppliant voor den Ofïiciael van den Bischop 
van den Bossche te betrecken in rechte ten fine van dotatie ende 
vergoedinge der defloratie van de voors. Metken, die de voors. 
Ermert sustineerde door (hem) suppliant in den jaere 1601, ende 
alzoo staende des suppliants houwelijck bevrucht geweest te zyne 
aleer deselve met de voors. Ermert in houwelycken staet was ver- 
gaedert, ende alhoewel (die voorsr.) suppliant genoechsaeme redene 
wa» hebbende om den voors. Ermert synen eysch ende conclusie te 
doen ontseggen, enz.," (zijnde het ten laste gelegde) „synt eenighe 
faulte daerinne hy in syne jeucht door den dranck en de aenlockinghe 
van de voors. Metken mach gevallen zijn," — door de Aartshertogen 
Albert en Isabella abolitie verleend voor al hetgeen hij ter zake 
voorschreven mocht misdreven hebben. 

422. 8 Octoher U13. 

Jan Pijnappel, zoon van wijlen Franchoys Pynappel, als gemach- 
tigde bij brieven, verleden voor Schepenen van Helmond, van Jonker 
Wolphart Everart van Wittenhorst, heer van Deume, Rossum, enz., 
verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Dirck van Kessel ten 
behoeve van Jonker Rogier van Brouckhoven, zoon van wijlen den 
heer en meester Henrick van Brouckhoven, in leven rentmeester 
der Staten van Brabant in het Kwartier van 's Bosch, eene grond- 



— 166 — 

rente uit eenen hooibeemd, genaamd Dierdonck, gelegen in de parochie 
Bakel aan de Aa boven de hoeve Dierdonck ; eene boerderij gelegen 
in de parochie Deume aan het Kerkeind en eene boerderij, gelegen 
onder de jurisdictie van Vlierden en Deume en door genoemden 
lastgever bij vernadering verkregen van m' Rogier van Grinsven, 
litenciaat in de rechten en raad van 's Bosch. Hierover waren als 
schepenen Jacop van Balen en Tieleman, zoon van Jan Thielman. 

423. i Februari i6i4. 

Johanna, dochter van wijlen Jan, (den zoon van wijlen Jan Hen- 
ricxzoon van Gestel genaamd Franszoon) en Soetken, dochter van 
wijlen Nicolaas de Wolff, en weduwe van Nicolaas Kuysten Franszoon, 
doet afstand van den tocht eener erfrente ten laste van de stad 
's Bosch, — door deze 20 December 1521 verleend aan Hadewig, 
dochter van wijlen Jan de Wolff Qaaszn, ^ ten behoeve harer kinderen 
Nicolaas, Comelis, Aelken, Soetken, Frans, Jan, Catharina en Mar« 
garetha Kuysten, waarna dezen voor Schepenen van 's Bosch die rente 
verkoopen aan Willem Willemszn van £sch, gezworen bode van die 
stad. Hierover waren als schepenen Peter van Gestel en Zeger 
m' Zeger Adriaanszn. 

424. 4 Juli i6l4. 

Adriaan Janszoon van Geldrop, burger van 's Bosch, als gemachtigde 
blijkens schepenbrief der vrijheid van St. Oedenrode, van m' Gielissen» 
zoon van wijlen m' Adriaan Lueniszn, in leven secretaris der heer- 
lijkheid St. Michielsgestel, en van wijlen Jenneken Jacobsdochter 
van Heze, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aati Jan van der 
Sluys, zoon van wijlen Jan van der Sluys, eene erfrente, welke de 
Staten van Brabant 21 Augustus 1571 verkocht hadden aan Eustaes 
Coppeye en die ten slotte Gysbert, zoon van wijlen Antonis, den 
zoon van Jacop Goyartszoon. den 13 November 1589 verkocht had 
aan Jan van . Turnhout ten behoeve van genoemden m' Adriaan 
Louiszoon van Heze. Hierover waren als schepenen Zeger m' Zeger 
Adriaanszoon en Tielman Jan Tielmans. 

425. 2i Juli idU. 

Jan Blocmarts, burger der stad 's Bosch, als gemachtigde van de 
Eerwaardige Vrouwe Ysabella van Wachtendonck, abdis van het 



— 167 — 

Juffrouwen klooster Grevendaal genaamd Nieuwklooster (bij Goch), 
alsmede van de Edele Juffrouwen van dat klooster, draagt voor Sche* 
penen van 's Bosch over aan Heer en Meester Amd Swaens» priester, 
deken van Geertruidenberg, eene erfrente, welke dé stad 's Bosch 
20 Maart 1586 had verkocht aan Jonker Henrick Masschereel en 
die door den dood van de Juffrouwen^ Catharina en Ëlisabeth Mas- 
schereel, nonnen in gezegd klooster, aan hetzelve vererfd was. Hierover 
waren als schepenen Jacob van Balen en Zeger m' Zeger Adri* 
aanszoon. 

426. 8 October 1614, 

Heer en Meester Philips van Soerendoncq, als gemachtigde van 
de Zusters Maria Heym, mater, Maryken Andriessen, subpriorin, 
Nicolaa van Ravesteyn, procuratrix, Ëlisabeth van Berckel, Maria 
van Erp, Johanna van Antwerpen, Johanna Coenen en Catharina 
Aerts, allen senioren en conventualinnen van het Zusteren Convent 
Bethanien op den Windmolenberg te 's Bosch, en dat klooster ver- 
tegenwoordigende, verklaart voor Schepenen aldaar, dat Adriaan 
Janszoon van Geldrop als man van Christina, dochter van wijlen 
Matheus Adriaanszoon de Greve, door het verleenen van grondrenten 
uit onderpanden, onder Middelbeers en Oisterwijk gelegen, aan gezegd 
klooster voldaan heeft de som van fl 100, die Matheus Adriaanszoon 
de Greve, eertijds weduwnaar van Willemken, zijne tweede huisvrouw, 
dochter van wijlen Adriaan Dierckszoon van Dongen, en Peterken, 
weduwe van Peter Claes Eliszn, zijne latere vrouw, bij hun testament 
hadden schuldig ^beleden aan meergezegd klooster ter zake, dat hij, 
Matheus, Engelken, dochter van zijnen broeder, geplaatst had in dat 
klooster, alwaar zij was gekleed en geprofest. Hierover waren als 
schepenen Herman van Heumen en Peter van Gestel. 

427. 24 Octoher 1614. 

Henrick Peterszn van Oeffel draagt voor Schepenen van den Bosch 
aan mr Johan van Tulden, wethouder van die stad, over het recht 
van lossing eener erfrente van fl 25 'sjaars, deel uitmakende van 
eene rente van fi 100 'sjaars ten laste van het corpus der stadden 
Bosch, die door hem eenigen tijd geleden verkocht was aan Wouter 
Bormans. Hierover waren als schepenen Herman van Heumen en 
Peter van Gestel 



— 168 — 
428a. 20 November i6i4. 

Verklaring van Theodorus Verbraken, pastoor te Mierlo, dat ten 
overstaan van hem en van mr Henrick, den koster van Mierlo, Jan 
Claéssen in de gerfkamer der kerk aldaar, onmiddellijk na de Hoog- 
mis, tér uitvoering van een testament, aan Catharina, de dochter 
van wijlen }an Sprangers, heelt uitbetaald de som van fl 50. 

429a i5 Januari iöiö. 

Daniel van Emmerick, priester-kanunnik der Kathedrale kerk van 
St. Jao £v. te 's Bosch, Wauter van Cuyck, priester en kanunnik der 
Collegiale kerk van St Peter te Oirschot en Geraert van den Hqvel, 
priester en beneficiaat der eerstgemelde kerk, als executeurs- testamentair 
van Johan Daems van Nuenen, priester, kanunnik, vicedeken en 
scholaster der voorschreven Collegiale kerk van Oirschot, verkoopen 
een huis met poort, tuin en achterhuis, staande te *s Bosch aan de 
Peperstraat tegenover de Triniteit tusschen heterf van Willem Aertse 
van Meijelsfort, thans zijne erven en dat van Aleid en Thorothee, 
gezusters, kinderen van wijlen Baudewijn Henricx in de Klok ex uno 
en tusschen het erf, eertijds van Metken Steenhouwer, nu juffrouw 
Barbara van Grevenbroeck, ex alio, en zich uitstrekkende van de Peper- 
straat tot aan het erf van het Groot Gasthuis van 's Bosch, welk huis 
met toebehooren Jan, zoon van wijlen Herbert Roelofs, den 5 Dec. 
1592 had verkocht aan Jan Daems voornoemd, — aan mr Jan van 
der Wegen, doctor in de medicijnen, tegen eene grondrente van 50 
car. guldens 's jaars, te betalen ten behoeve van seeckere fondatie 
clericael van vijf beursiertn^ door meergenoemden Jan Daems gemaakt. 
(Zie over dit huis mijne Voorname Bossche huizen II p. 121). 

430a. 3t> UaaH i6i5. 

Ëxploit, bij hetwelk ten woonhuize van Alexandre Bonaventura, staande 
te Antwerpen en ten verzoeke van de Magistraat van den Bosch 
beteekend wordt eene beschikking van Aartshertog Albert, waarbi) 
ten verzoeke van die magistraat verklaard wordt, dat de bevoegdheid 
aan genoemden Bonaventurl verleend om in de gredsgamizoens- 
plaatsen een wijn- en bierkelder voor het garnizoen open te stellen, 
niet geldt voor den Bosch. ; _ 



— 169 — 

431. 9 April i6l5. 

Alzoo Henricxken, dochter van Jacob Donck en weduwe van 
Henrick 't Filters, genaamd in den Ruich^ zoon van Jacob Filters 
en Heylken, zijne eerste huisvrouw, dochter van Gerard Ooms, den 
tocht in Ve van alle goederen, door genoemden Henrick Jacobszoon 
Filters nagelaten, waarvan de verwachters zijn Gerard en Dierick, 
zonen van genoemden Jacob Filters, genaamd in den Ruich, en 
Heylken Ooms, aan deze ^ide laatsten had afgestaan, zoo hebben 
dezen die Ve voor Schepenen van 's Bosch overgedragen a^n Jan en 
Peter, zonen ^an meergenoemden Jacob Filters en diens tweede 
huisvrouw Catharina, dochter van Jan Cornelissen, en aan Benrick 
Lambertszoon van Herperscayk als man van Maryken, dochter van 
Jacob Filters en Catharina voornoemd. Hierover waren als schepenen 
Rogier van Broeckhoven en Arnd Monicx. 

432. Juni iül5. 

Albert en. Isabella, aartshertog en aartshertogin van Brabant, 
stellen Jan van Vladeracken, zoon van Arnoult van Vladeracken, 
den schout van het Kwartier van Maasland, aan tot secretaris en 
vorster van Rosmalen, Nuland en Maren. 

433. iO Juli i6ï5. 

De Ecnverdighe Heere ende Meesier Robertus Sweertius, licentiaat 
in de Heilige Godheid en plebaan der Kathedrale kerk van St. Jan 
Evangelist te 's Bosch ; mr Jacob van der Cammen, licentiaat in de 
rechten en raad van die stad en Peeter van Leeuwen, openbaar 
notaris, allen in hunne hoedanigheid van executeurs-testamentair 
van zaliger Hillegond, dochter van Peeter Andrieszn Hicksteyn en 
weduwe van Jan Fabri van Gemert, voor de eene helft ; Comeli^ en 
Jacob, gebroeders en Frensken, hunne zuster, kinderen van wijlen 
Dierck Fabri' van Gemert ; Dierick vsUi Gent als man van Mechteld 
en Jan Corstiaenszn van den Camp als man van Maria, dochters 
van voornoemden Dierck Fabri van Gemert ; Jan van Houthem als 
man van Mechteld, eenige dochter van wijlen Jan Fabri van Gemert; 
Ambrosius, zoon van wijlen Henrick Fabri van Gemert, voor zich 
en als gemachtigde van Sr Josepho van Geffen, schout te Helmond, 
in diens hoedanigheid van momboir over Jan en Diercxken, onmon- 
dige kihdereiii van wijlen Dierck Fabri, ih leven schout van Maasland^ 



— 170 — 

zoon van zaliger mr Geerard Fabri van Gemert en genoemde Jan 
Corstiaenszn van den Camp ook als momboir over deze minderjarigen; 
Maria, dochter van voornoemden wijlen mr Geerard Fabri van Gemert 
en weduwe van Lambrecht Becx; Jacques van der Meeren als man 
van Theodöra, dochter van mr Geerard Fabri reeds genoemd ; voor- 
zegde Ambrosius Fabri van Gemert ook nog als gemachtigde van 
Sr Josepho van Geffen als man van Mechteld, dochter van meerge* 
noemden mr Geerard Fabri^ blijkens schepenbrieven van Aarlebeek; 
dezelfde Ambrosius Fabri bovendien als gemachtigde van Sr Justus 
Fabritius, zoon van voorschreven mr. Gerard Fabri, blijkens sche* 
penbrieven van Aarlebeek ; genoemde Maria, Ambrosius en Jacques 
van der Meeren, als zich sterk makende voor mr Jan, zoon van 
genoemden mr Geerard Fabri, licentiaat in de rechten en advocaat 
bij den Hoogen Raad te Mechelen ; Johan de Becker als man van 
Elisabeth, dochter van Comelis Franszoon van Bethmer en wijlen 
Catharina, de dochter van wijlen Jan Fabri van Gemert ; Anthonetta, 
dochter van genoemden Comelis en Catharina, alsmede Franchoys, 
haar broeder, — allen als erfgenamen van genoemden Jan Janszoon 
Fabri van Gemert, in leven echtgenoot van genoemde Hillegond 
Hicksteyn, — voor de andere helft, — verkoopen voor Schepenen 
van 's Bosch aan Thielman, zoon van wijlen Jan Thielmanszn, raad 
van die stad, eene erfrente, door de Staten van Brabant den 18 
Januari 1578 verkocht aan Yken, weduwe van Peeter Andrieszn 
Hicksteyn en door Joseph, zoon van wijlen Geerard Verhouthert en 
Maryken, dochter van genoemden Peeter Andrieszoon, ovetgedragen 
aan voornoemden Jan !Smits van Gemert blijkens Schepenbrieven 
van 's Bosch van 17 Maart 1598. Hierover waren als schepenen 
Rogier van Broeckhoven en Amd Monicx. 

434. iO Juli iöiö. 

De 'Eerwaardige Heer en Meester Robertus Sweertius, licentiaat 
in de H. Godgeleerdheid en plebaan der Kathedrale kerk van St. 
Jan te 's Bosch ; mr Jacob van der Cammen, licentiaat in de rechten 
en raad van die stad en Peter van Leeuwen, notaris, als execu- 
teurs van het testament van zaliger Hillegond, dochter van Peter 
Andrieszoon Hicksteyn en weduwe van Jan Fabri van Gemert, 
verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Thielman, zoon van 
wijlen Jan Thielmanszn, raad van *s Bosch, éene erfrente door de Staten 



— 171 — 

van Brabant den 28 Januari 1572 verleend aan Yken, weduwe van 
Peeter Andrieszoon Hicksteyn. Hierover, waren als schepenen Rogier 
van Broeckhoven en Amd Monicx. 

435. iO Juli i6i5. 

Dezelfden, als in oorkonde n« 488 vermeld, verkoopen voor Sche- 
penen van 's Bosch eene rente, welke de Staten van het Hertogdom 
Brabant hadden verkocht aan Peeter, zoon van wijlen Andries van 
Hicksteyn ed die Willem Genurdszoon van der Hautart, zoon van 
Gerard en wijlen Maryken, dochter van wijlen Peeter Andrieszoon 
van Hicksteyn voornoemd, had opgedragen aan den voornoemden 
Jan Janszoon Fabri alias van Geroert als man van Hillegond, dochter 
van genoemden Peeter Andrieszoon, — aan Thielman, zoon van wijlen 
Jan Thielman, raad van 's Bosch. Hierover waren als schepenen 
Rogier van Broeckhoven en Amd Monicx. 

436. iO Juli iöiS. 

De Eerwaardige Heer en Meester Robbertus Sweertius, licentiaat 
in de H. Godgeleerdheid en plebaan der Kathedrale kerk van St. 
Jan Evangelist te 's Bosch ; mr. Jacob van der Cammen, licentiaat 
in de rechten en raadsheer van 's Bosch en Peter van Leeuwen, 
openbaar notaris, als executeurs-testamentair van Hillegond, dochter 
van Peeter Hicksteyn Andrieszoon en weduwe van Jan Fabri van 
Gemert, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Thielman, 
zoon van wijlen Jan Thielmanszn, raadsheer dier stad, eene erfrente, 
welke de Staten van Brabant den 28 Januari 1571 hadden verleend 
aan Peeter, zoon van wijlen Andries Hicksteyn. Hierover waren 
als schepenen Rogier van Broeckhoven en Amd Monicx. 

437. 30 Juli i6i5. 

Peter en Joost, gebroeders, zonen van wijlen Marten, den zoon 
van Joost Leonardszn van Vechel, en Jan, zoon van wijlen Jan 
Thomaszoon van Turnhout, als man van Lambertken, dochter van 
genoemden Marten van Vechel, deelen voor Schepenen van 's Bosch 
renten, hun aangekomen als erfgenamen van Aelkeh en Maryken, 
dochters van genoemden Joost Leonardszn van Vechel, hunne moeien, 
zijnde onder deze renten begrepen eene grondren te, welke Aert, zoon 



— 172 — 

van Cortielis Pleviers, den 20 Juni 1550, uit zijn huis, genaaind dt 
Haafty staande te 's Bosch aan de Maikt, had verleend aan Joost 
Leonardszn voornoemd ten behoeve der kinderen dogr dezen verwekt 
bij Margriet, zijne huisvrouw, dochter van Jan Martenszn van der 
Molen. Hierover waren als schepenen Jacob van Balen en Rogier 
van Broeckhoven. 

438. 6 Auguitui i6i5. 

Antonis Cloot, zoon van wijlen Lambert Jacobszn Cloot, verkoopt 
voor Schepenien van *s Bosch adn mr. Jacob van Balen, licentiaat in 
de beide rechten en president-sdiepen van die stad, twee morgen 
lands, wezende de helft van vier morgen lands, gelegen in de parochie 
Rosmalen tusschen het prf der Tafel van den H« Geest te *s Bosch 
eenerzijds en het erf van Peter, zoon van wijlen Wouter Heeren, 
anderzijds, welke beide morgen genoemde Antonis Cloot den 25'Mei 
1612 had gekocht van Adriaan Gerardszn van Weert en Comelia, 
dochter van wijlen Joost, den zoon van Peter Rombouts en Clara, 
de dochter van Jan van Sambeeck, echtelieden. Hierover waren als 
schepenen Rogier van Broeckhoven en Peter van Gestel. 
• Hierbij nog eene akte van 14 October 1767, waarbij Leendert 
Willem van Beusekom, notaris te 's Bosch, als gemachtigde van 
Frangois van Balen, wonende te Udenhout, weduwnaar en erfgenaam 
van Anna Maria de Leuw, voorschreven twee morgen, welke nu 
gezegd worden gelegen te zijn aan het Heeseind in eenen grooteren 
kamp van vier morgen, genaamd het Smalland, en die door hem 
van zijne ouders geörfd waren, voor S. Roosendael en Com. Lam- 
bertus Ackersdijk, schepenen van 's Bosch, verkoopt aan Johannes 
van Drunen. (Zie 'oorkonde no 416). 

439. 30 Januari i616. 

Gerard van Asten, groenroede der stad 's Bosch, als gemachtigde 
van Jonker Charles Cristiaen van Rodoan, heer van Perleghem, 
Damerval enz. en van Jonker Silvester van Mantanca, heer van 
Thillegem, f^m., zoo voor hen zei ven en als zich sterk makende voor 
Jonker Johan de Croesier, heer van Dennebroeucq, Andincthem, enz. 
en Jonker Bouduin Borluyt, heer van Scoonberge, enz blijkens 
prpcuratiebrieven yoor Schepenen van Brugge gepasseerd, mitsgaders 



— 178 — 

uit kracht der macht hem, lasthebber, daarbij verleend door voor- 
noemden Jonker Charles Cristiaen van Rodoan, Jonker Silvester de 
Mantanca, als man van Ëlisabeth de Rodoan, met sterkmaking als 
boven voor Jonker Johan de Croesier, als man van Catarina de Rodoain 
en Jonker Bauduwijn Borluyt, als man van Jacqueline de Rodoan, allen 
kinderen en erfgenamen van zaliger Jonker Philips de Rodoan, heer 
van Perlegem en Dammerval en Maximiliana van fiourgoigne, eenige 
dochter van Heer Philips van Bourgoigne, in zijn leven ridder en heer 
van Dammerval en Margaretha, de dochter van Heer Hercules van 
ËedingeUi ook ridder, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Jan Peterszoon Wonders voor de eene helft en Cornelis, zQon van 
wijlen Jan Corneliszoon, wonende te Rosmalen, voor de andere helft 
een stuk land, gelegen te Empel in de Hoeven, ter plaatse genaamd 
aan de Kwade Slinck tusschen het erf van Cornelis van Hoirenbeeck 
eenerzijds en dat van Mathys van den Ancker, als transport heb- 
bende van de erfgenamen van Gerard Pelgrom en Symon van 
Bethmeer, als gemachtigden van een Gasthuis, anderzijds en zich 
uitstrekkende van af den Hoeffdijk tot aan drie morgen, ook .toe- 
behoord hebbende aan voornoemde verkoopers en nu aan genoemden 
Jan Peterszoon Wonders van Rosmalen, bierbrouwer. Hierover 
waren als schepenen Arnd van Brouckhoven en Albert van Broegel. 
Hieraan eene akte van 80 Jan 1616, waarbij voor Amdt van 
Broegel en Albert van Eroegel, schepenen van 's Bosch, genoemde 
van Asten, gemachtigde van alsvoren, aan dezelfde koopers verkoopt 
bedoelde drie morgen land, gelegen alsvoren tusschen het erf der 
weduwe van mr Marten Moons, raad van 's Bosch, eenerzijds en dat 
van Jan Peterszoon Wonders van Rosmalen, bierbrouwer en Cornelis, 
zoon van wijlen Jan Corneliszoon, anderzijds en strekkende van af 
het bij de eerstgemelde akte verkochte tot aan heterf van Jenneken 
en Arnolda van Meer, gezusters. 

440. 29 Maart iöiö. 

Jonker Henrick Franszoon van Gestel, president-schepen van 
's Bosch, verkoopt voor Schepenen aldaar aan Jonker Jacop den 
jonge, zoon van Jonker Jacop de Gock den oude en wethouder 
van den Bosch, zoo ten behoeve van dezen als .ten behoeve vap 
zijne huisvrouw Hester van Gestel, eene erfren te, welke Larabrecht, 
zoon van wijlen Mathys Stooters, zoutkóoper, van gezegde stad 



— 174 — 

gekocht had en waarvan Henrick, zoon van wijlen Aert Luca^zoön 
van Roy op 6 October 1601 een gedeelte en Gerard, zoon van wijlen 
Dierck Henrickszoon van Tuldeny op 2 Mei 1606 het overige ge- 
deelte aan voornoemden Jonker Henrick van Gestel had verkocht; 
item eene erfrentey door de stad den Bosch verleend aan Henrick, 
zoon van wijlen Jacop van Engelen en op 20 Juli 1591 door Andries, 
zoon van wijlen Andries van Gerwen, als man van Elizabeth, dochter 
van Peter Loeffy verkocht aan voornoemden Jonker Henrick van 
Gestel ten behoeve van Franchoys van Gestel, zijnen vader; item 
eene erfrente, door de stad den Bosch verleend en door Maria, dochter 
van wijlen Comelis Joachims van den Wyer op i7 April 1601 ver* 
kocht aan meergenoemden Jonker Henrick van Gestel; en item 
een gedeelte van eene erfrente, die door de stad den Bosch was 
verleend aan Wouter, zoon van wijlen Goyart de Jeger en waarvan 
bedoeld gedeelte door meergenoemden Jonker Henrick van Gestel 
op 21 Februari 1594 gekocht was van Jan, zoon van wijlen Jan van 
der Stegen. Hierover waren als schepenen Anthony Pynappel en 
Goyart Loeff. 

441. 89 Maart i6i6. 

Jonker Henrick Franszoon van Gestel, president-schepen der stad 
's Hertogenbosch, verkoopt voor Schepenen aldaar aan Jonker Jacop 
de Cock, den jonge, zoon van Jonker Jacop de Cock, den oude, 
wethouder van 's Bosch, zoo te zijnen behoeve als ten behoeve van 
diens huisvrouw Hester van Gestel : a. eene erfrente, welke de Staten 
van Brabant verleend hadden aan Catharina van Kerckhove, weduwe 
van Henrick van Deventer en die genoemde verkooper 22 Januari 
1605 gekocht had van Zeger, zoon van wijlen m^ Zeger Adriaenszn 
en Aleid, de dochter van wijlen mr Wouter van Achelen ; d. eene 
erfrente, welke de Staten van Brabant verleend hadden aan Lamberd 
Diercks Amdszn en die genoemde verkooper op voormelden datum 
gekocht had van Zeger, zoon van wijlen m^ Zeger Adriaenszn, 
als man van Adriaentken, dochter van wijlen Adriaen Goyaertszn 
en Maryken van den KerkhofT; c. eene erfrente, welke de Staten 
van Brabant verleend hadden aan Jan Ysebrants en Henrick Heeren, 
als momboiren over de kinderen van Ghijsbrecht Ysebrants en die 
Herbert, zoon van Joachim van den Wyer, als man van Dorssken, 
dochter van wijlen Ghysbrecht Ysebrants voornoemd, den 7» No- 
vember 1575 had verkocht aan Jacop Donck ten behoeve van 



- 175 - 

Frans Henrickszn van Gestel, den vader des verkoopers. Hierover 
waren als schepenen Anthony Pynappel en Goyart Loeff. 

442. 29 Maart iÖiö, 

Thieleman Jans Thielemans, raad van 's Bosch, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Jonker Jacop de Cock, den jonge, zoon 
van Jonker Jacop de Cock, den oude, wethouder van die stad, zoo 
ten diens behoeve als ten behoeve van Juffrouw Hester van Gestel, 
zijne huisvrouw, eene erfrente ten laste der Staten van Brabant, 
welke de verkooper den 10" Juli 1615 gekocht had van m' Robertus 
Sweertius, priester, licentiaat in de Godgeleerdheid en plebaan der 
Kathedrale kerk van St Jan £v. te 'sBc^h, m' Jacop van der 
Cammen, licentiaat in de rechten en raad van die stad en Peter 
van Leeuwen als executeurs-testamentair van zal. Hillegond, dochter 
van Peter Andrieszoon Hicksteijn en weduwe van Jan Fabri Van 
Gemert, alsmede van de erfgenamen van deze. Hierover waren als 
schepenen Anthony Pynappel en Goyart Loeff. (Zie hierover de 
oorkonde no. 488j. 

443. SO Apnl ieiö. 

Mathys, zoon van wijlen Willem Peterszoon Belmaker, wonende 
te Someren, als man van Maryken, dochter van zaliger Willem Celen 
van Bussel, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Anneken, 
dochter van Adriaen van der Sprange, ten behoeve van Jan Govarts* 
20on van Sambeeck eene grondrento uit eene boerderij, gelegen in 
de parochie Someren ter plaatse genaamd aan fEiJnde Schoois^ 
alsmede uit verschillende aldaar gelegen perceelen. Hierover waren 
als schepenen Henrick Franszoon van Gestel en Antonis Pynappel. 

444. 26 Ajnil iölö. 

Anthonius Janszoon Damen, wonende te Someren, verleent voor 
Schepenen van 's Bosch aan Anna, dochter van Adriaan van Sprange, 
ten behoeve van Johan van Sambeeck eene grondrente uit eene 
bouwhoeve, gelegen te Someren aan éCEijnde Schoots en zich uitstrek- 
kende van af den Kerk weg tot aan de gemeene straat; item uit 
een stuk land, gelegen alsvoren en zich uitstrekkende van af den 
Kerkweg tot aan de Boevestraat, enz. Hierover waren als schepenen 
Henrick Franszoon van Gestel en Rogier van Griensven. 



— 176 ^ 

445. 7 Juli i6W. 

Arnd, zoon van wijlen Dierick Genitssoon, wonende te Erp, ver- 
leent voor Schepenen van 's Bosch aan Henrkk Janszoon van Beugen, 
vetUwariecreemer^^ eene jgrondrente uit eene.hoüstede, gelegen, te Erp 
ter plaatse genaamd op d^Erpscke Baerdonck^ alsmede- uit een perceel 
akkerland, genaamd de Cruijssesiraeieikeexi perceel akkerland, gelegen 
ter plaatse, genaamd in de Erpsche fuijfampen^ beiden ook onder 
Erp. Hierover waren als schepenen Antony Pynappel en Goyart 
LoefF. 

446. i5 Juli iOte. 

Herman Aertszoon van Yerssel, burger van 's Bosch, ak gemachtigde 
van mr Aert Swaens, deken van Geertruidenberg, draagt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan het Armen Vrouwenhuis te Oisterwijk over 
eene grondrente, gaande uit het huis Ia den Cluyty staande in de 
Ververstraat te 's Bosch, welke rente mr Jacob van Bercbem, als gemach- 
tigde van Walraaf van Erp, heer van Erp en Vechel, 12 Januari 1584 
verkocht had aan den secretaris mr van Emmerick, ten behoeve .van 
mr Aert van Goerl genaamd Swaens hiervoren bedoeld. Hierover 
waren als schepenen Antony Pynappel en Jacob de Cock. 

447. i6 December i6i6. 

Willem Aerts, zoon van Dirck Aerts, in leven raad van 's Bosch 
en Raese, genaamd Raesken, dochter van mr Gerard Hack, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan mr Gerard van Soemeren, licentiaat 
in de rechten en raad van die stad, eene grondrente, gaande uit 
eene hofstede, gelegen te Kessel tusschen het erf van Juffrouw 
Margaretha, weduwe van mr Aruold Keymp en hunne kinderen 
eenerzijds en dat van Amold, zoon van Henrick, anderzijds, als* 
mede uit eenen kamp, genaamd Heijnkenshoeve, ook gelegen te 
Kessel, welke grondrente Johannes en Henrick, gebroeders, zonen 
yan Jacob, den zoon van Henrick Jan Abenzoon den 26 November 
1500 verleend hadden aan Otto, zoon van Johannes Bolcx. Hier- 
over waren als schepenen Henrick Franszoon van Gestel enGoijart 
de Jeger. 



- 177 — 

44a i4 April ien. 

Testament van Pieter Middelman, bakker en Belijtgen Pieters- 
dochter, echtelieden, wonende te Leiden, gepasseerd ten overstaan 
van Adrianus Qaeszn Paedts, notaris aldaar. 

440, 59 September iöil. 

Apollonia, dochter van wijlen Peter Radermaecker, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Jan Bueckelius van Helmondt, priester, 
huis met erf, tuin, ledige plaats, brouwhuis, poort en vooiliuisje, 
staande en gelegen op den Papenhuls te 's Bosch bij den Heeren- 
kelder tusschen dien kelder en andere huizen van het Kapittel 
aldaar eenerzijds en het klooster der Arme Clarissen van Boxtel 
anderzijds en zich achterwaarts uitstrekkende tot aan de Dieze, door 
haar 29 December 1611 gekocht van mr Johannes Splinter van Voorn. 
Hierover waren als schepenen Bartholomeus Loeff en Jan van den 
Velde. (Zie hierover mijne Voorname Bossche huizen II p. 505). 

450. 7 Februari i6i8. 

Goyard Scheffers, zoon van Jan Scheffers den oude, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Gerard Donck, zoon van wijlen Gerard 
Jacopszoon Donck, een kamp land, gelegen te Rosmalen ter plaatse 
genaamd de Hooge Vlierdt, en een kamp broekland, gelegen te 
Rosmalen, ter plaatse genaamd de Hooch VlUdert^ naast het erf van 
het Leprozenhuis op den Ëikendonk, welke kampen Jonker Ferdi- 
nandus Suerus als man van Susanna, dochter van wijlen Jonker 
Constantijn van Longenhagen, zoon van wijlen Jacob, den zoon van 
Cornelis van Lougenhagen en diens vrouw Henrica, de dochter van 
wijlen Jan Marceliszoon van den Eeckart, den 5 November 1609 
verkocht had aan Goyard Scheffers voornoemd. Hiervoor waren ab 
schepenen Michiel de Borchgrave en Jacop de Cock de jonge. (Zie 
oorkonde n^ 401). 

451. S Uex i6iS. 

Michiel Colen, Jan Hendricx, Jan van Rest, Franchoys van Rut, 
Willem van den Berch en Hendrick Ysebouts, schepenen der heer- 
lijkheid Asten, verklaren, dat te hunnen overstaan Jacob Verdys- 
seldonck aan Jan Jan Philipszoon eene grondrente heeft verleend 

11 



— 178 — 

uit zijn huis, schuur, tuin en erf, gelegen in gezegde heerlijkheid en 
zich uitstrekkende tot aan de Aa, enz. 

452. 9n AfiguMtu* iÖiS. 

Jan Mathyszoon als man van Maryken, dochter van Henrick Aert 
Hellincx, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Dierck, zoon 
van wijlen Laureyns Joostzoon van Berckel, ten behoeve van Heer 
en Meester Peter Cuysten, priester, eene grondrente, gaande uit een 
huis en landerijen, gelegen te Schijndel ter plaatse genaamd Hermalen. 
Hierover waren als schepenen Tielman Jan Tielmans en Jacob de 
Cock de jonge. 

453. SO Augustus i6i8 

Jan Martenssen van den Biechelaer en Rutger Janssen Bolants, 
schrijnwerker, als momboiren over de twee onmondige kinderen 
van wijlen mr Laureyns Michielssen Goes, verwekt bij zijne huis- 
vrouw Henricken zal., dochter van Jan Bolants, accordeeren voor 
Schepenen van 's Bosch met Jan van der Stegen Nicolaaszoon over 
een anker en ijzeren garden, die deze onlangs had gelegd in eenen 
schoorsteen van zijn huis, staande te 's Bosch achter het Wild Varken 
en die hij had vastgemaakt aan het dak van het daarnaast staand 
huis, toebehoorende aan genoemde minderjarigen. Hierover waren 
als schepenen Jan van Broegel en Geeraerdt van Soemeren. (Zie 
over deze huizen mijne Voorname Bossche huizen II p. 122). 

454. 22 Januari i6i9. 

Vermits Johannes, zoon van Rodolph van der Stappen, den 8 Juni 
1426 voor Schepenen van 's Bosch uit eene boerderij, gelegen in de 
parochie Gemonde binnen het gebied der Dingbank van Rode, ter 
plaatse genaamd Beerselaer, aan Bemard van Scheyvel voor den 
duur van diens leven, en voor na diens dood, aan Godfried en Ghybo, 
Elizabeth en Catharina, kinderen van genoemden Bemard en Eliza- 
beth, had verleend eene grondrente en vermits vervolgens bij boe- 
delscheiding, 7 Juli 1580, verleden voor Schepenen van 's Bosch 
tusschen Wouter en Johanna, kinderen van Johannes van Oirle, aan 
eerstgenoemde hunner eeü deel van die rente was toebedeeld, zoo 
heeft voor Schepenen alsvoren Wouter van Oirle, de zoon van 
Johannes van Oirle Henrickszn alias van Herssel en Jacoba, de 



— 179 — 

dochter van Nicolaus Spyckers, dat deel verkocht aan Petrus, zoon 
van Jacob 's Filters. Hierover waren als schepenen Godefridus Loeff 
van der Sloot en Jacobus de Cock de oude. 

455a. 9 Augustus i6i9. 

Extract uit de voor Schepenen van 's Bosch verledene akte van 
boedelscheiding der nalatenschap van Elisabeth, dochter van Joost 
Leonardszoon van Vechel en weduwe van Joost Goossens. Daarbij 
werd eene grondrente toebedeeld aan Otto, zoon van wijlen Adriaan, 
den zoon van genoemden Joost van Vechel. 

456. i6 Augustus leiQ. 

Vermits Jan, zoon van wijlen Joachim Marcelissen, looier, als 
weduwnaar van Aelken, dochter van wijlen Gerart van Wel, den 
tocht van een huis, erf, tuin, looierij en achterhuis, staande en ge- 
legen te *s Hertogenbosch tusschen het huis en erf van Willem Hen- 
ricxzn van Bardwijck eenerzijds en dat van liiarten, den zeeldraaier, 
anderzijds en zich uitstrekkende van af de openbare straat tot aan het 
water, had afgestaan aan Elizabeth en Petronella, kinderen van hem 
en Aelken voornoemd, zoo hebben dezen voor Schepenen van 's Bosch 
uit voorschreven goed eene lijfrente verleend aan Gijsberd Dirckszn 
van Schuylenborch, weduwnaar van Elisabeth, dochter van voornoem- 
den Joachim Marcelissen. Hierover waren als schepenen Geerardt 
van Broeckhoven en Jacob de Cock de oude. 

457. Si Juguntus i6i9. 

Jan Rullen als man van Jenneken ; Hendrick Peter Snellarts als man 
van Heijlken ; Peter Stribosch als man van Iken en Marten Adam Mar- 
ten Pompen, allen erfgenamen en kinderen van Adam Marten Pompen 
en Jenneken, de dochter van Gerard van den Heuvel, verkoopen voor 
Schepenen van Helmond aan mr Jacop Becx, licentiaat in de rechten 
en secretaris aldaar, de helft eener erfrente op de Staten van Brabant, 
welke op 7 Dec. 1594 was ten deel gevallen aan Adam Marten 
Pompen voornoemd bij scheiding, tusschen hem en Yewen Jan 
Bluyssen zoon als man van Elizabeth, dochter van Marten Daem 
Pompen, voor Schepenen van Heeze gepasseerd. Hierover waren als 
schepenen Wolff Franck en Anthonis Huyberts. 



— 180 — 

458. 6 November i6i9. 

Alzoo de Staten van Brabant den 1 Maart 1&62 eene erfrente 
hadden rerkocht aan Jutken, dochter van Mathijs Peters en aboo 
daarna genoemde Jutken bij haar testament, verleden voor iUn Eerw. 
Heere ende Meester Robhert Sweerts^ licentiaet in der Godiheijt ende 
plebaen der Cathedrate Kercke van Sint Jan Evangelist (te 's Bosch), 
voorschreven rente gelegateerd had aan Herman, zoon van Robbert 
van Helvoert, haren neef, van wien die vererfde op diens vier kin- 
deren, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Robbert, zoon vaii 
wijlen Herman Robben voornoemd, wonende te Gouda, een vierde 
in bedoelde rente verkocht aan Adriaan Nyhoff, ten behoeve van 
Adam Daemszn, messenmaker. Hierover waren als schepenen Gerart 
van Broeckhoven en Willem Absolons. 

459. i5 November 1619. 

Adam Daems, messenmaker, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Seger, zoon van wijlen Wouter Eelkens, een vierde in eene 
erfrente, die voor het geheel door de Staten van Brabant verkocht 
was aan Jutken, dochter van Mathijs Peters en waarvan bedoeld 
een vierde gedeelte door Adriaan Nyhoff ten behoeve van hem, 
verkooper, den 6 November 1619 gekocht was van Robberd, zoon 
van wijlen Herman Robben, messenmaker. Hierover waren als 
schepenen Aelbert van den Dungen en Willem Absolons. (Zie de 
vorige oorkonde), 

460. 1620. 

Paus Paulus V geeft te Tusculum naar aanleiding van een ver- 
zoekschrift van Theodoricus, zoon van Theodoricus, leek en van 
Adriana Henricksdochter, vrouw van het Bisdom 's Bosch en wonende 
te Vucht, waarbij zij te kennen gaven, dat zij elkander bestaan in den 
tweeden en derden graad van bloedverwantschap ; dat hij met haar 
in ongeoorloofde verstandhouding heeft geteefd, niet uit zondige 
begeerte maar enkel tengevolge van de kracht van zijnen hartstocht; 
dat zij, als zij niet met hem zoude kunnen trouwen, geschandvlekt 
en ongehuwd zoude blijven en dat, om te voorkomen het onteerend 
gevolg van hunne ongeoorloofde samenleving, zij, requestranten, met 
elkander een wettig huwelijk wenschen aan te gaan, hetgeen zij 
echter wegens hunne bloedverwantschap niet kunnen doen zonder 
dispensatie van den H. Stoel, - opdracht aan den OfTiciaal van het 



— 181 — 

Bisdom 's Bosch om deze zaak te onderzoeken en naar bevinding 
de verzoekers te ontslaan van alle straffen, die zij tengevolge van 
hunne ontucht beloopen hebben en hun verlof te geven met elkander 
een wettig huwelijk aan te gaan volgens den door het Concilie van 
Trente voorgeschreven vorm. De Paus waarschuwt den Offlciaal 
van geene giften of gaven aan te nemen, zullende deze anders zelf 
de straf der excommunicatie op zich laden en de door hem te ver- 
kenen absolutie en dispensatie van nul en geener waarde zijn. 

46O6i0 ck 1690^29. 

Processtukken over den onderhoudsplicht eener looden goot, 
gelegen tusschen het huis van Antonis Nouwen, beneficiaat der 
St. Janskerk en cantor te Hilvarenbeek en dat van Eerken wede van 
den bakker Buttens, welk laatste huis stond in de Peperstraat 
tegenover de Pastorie van het Groot Begijnhof nabij de St. Janskerk 
te 's Bosch en wel naast het huis, dat grensde aan het hoekhuis, 
waarin Jacob de Cock woonde. 

461. SO itpriJ 1690. 

Helena, dochter van Peter Sonmans en wijlen Catharina, de dochter 
van wijlen den apotheker mr Henrick de Bye, den leeftijd van 24 
jaren gepasseerd zijnde, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Willem Sonmans, zijdenlakenverkooper, haren broeder, eene grond- 
rente, gaande uit een huis, erf, hof en achterhuis, staande en gelegen 
te 's Bosch aan de Vughterstraat tusschen het huis en erf, genaamd 
In de Ploegt zijnde het hoeUiuis van de Kruisbroederspoort aldaar, 
en toebehoorende aan Jan van den Laer den oude, eenerzijds en het 
huis van Jan, zoon van wijlen Jan, den zoon van wijlen Jan Henricx 
Willemszoon anderzijds, welke grondrente genoemde Peter Sonmans, 
zoon van wijlen mr Peter Sonmans en Margrieta, de dochter van Jan 
Sweers, den 20 Nov. 1609 verleend had aan Henrick van Zoeren- 
donck ten behoeve van Franchoys, Margrieta, Helena en Henricxken, 
onmondige kinderen van hem, Peter Sonmans, en Catharina, de dochter 
van genoemden mr Henrick de Bye en aan genoemde Helena bij deeling 
was toegescheiden. Hierover waren als schepenen Johan Bardoul 
en Goyart Loeff van den Sloot. (Zie oorkonde n® 817). 



_ 182 — 

462. 7 Mei iü90. 

Peter, toon van Andries Smits, Frans meester Jans Verdijseldoncq* 
Willem Peter Slaets, Willem Lenarts, Johan Peters Woijen en Thonis 
Willem Lomans, schepenen van Someren, getuigen, dat te hunnen 
overstaan Thonis, zoon van Thonis Jan Lomans, voor zich en als 
zich sterk makende voor Thonis Jan Lomans, zijnen afwezigen 
vader, Philips Fransen, Frans Daniel Colen en Tielman, zoon van 
Thonis Verryt, aan meester Jan, zoon van Henrick Delis en aan I^nard 
Marcelis hebben overgedragen hun recht op eene grondrente, gaande 
uit onderpanden, gelegen te Someren aan het Schoot en door hen 
geërfd van hunne ouders, te weten van meester Niclaes Kijvitszoon 
ten behoeve van Peter van Vossholen tot zijnen tocht en van zijne 
kinderen ten erfrecht, welke meester Niclaes Kivytszoon ze voor 
Schepenen van 's Bosch op 10 Febr. 1525 gekocht had van Lambert, 
zoon van Goijart Cocks. 

463. 30 Mei 1690. 

Alzoo Hilleken, dochter van wijlen Peter Janssen en weduwe van 
Anthonis van Kessel, den zoon van Antbonis Dierckszoon, den tocht, 
haar competeerende in een vierde gedeelte van een huis met erf 
en kelder, genaamd in den Gulden hamer ^ staande te 's Bosch in de 
Zadelstraat tusschen het huis de Samfson^ toebehoorende aan Loys 
Donckers, Marktwaarts en het huis het Gulden harnas^ toebehoorende 
aan de weduwe Andries van Bladel en hare kinderen, Vughter- 
straatwaarts, had afgestaan aan hare kinderen Anthonis, Maryken, 
echtgenoote van Peter Gerardszoon Blanckarts, Dierck, Anthonis, 
Ëlisabeth, Pirijntken en Jenneken van Kessel, zoo hebben Anthonis 
van Kessel en Peter Blanckarts voornoemd, alsmede Dirck en Jacob 
van Kessel, zonen van Anthonis Dierckszoon van Kessel, in hunne 
hoedanigheid van momboirs over Dierck, Anthonis, Ëlisabeth, Pirijnt- 
ken en Jenneken van Kessel voornoemd, alsmede Dirck en Jacob 
van Kessel voornoemd, deze laatste ook nog als actie en transport 
hebbende van zijnen broeder Gijsbert van Kessel, voorschreven huis 
voor Schepenen van 's Bosch verkocht aan laatstgenoemden Gijsbert 
van Kessel, ook zoon van Anthonis Dierckszoon. Hierover waren 
als schepenen Gerard van Broeckhoven en Willem d'Absalons, 



— 183 — 

461a. 99 Juni iöSO. 

Prins Maurits van Oranje bepaalt op het verzoek der vijf Am- 
bachten van Eindhoven om weder te benoemen vijf mannen, die 
als gezworenen of raden met de Dekens dier Ambachten zullen ge- 
hoord worden over alle belastingen, vervreemdingen, beden en andere 
belangrijke zaken, de gemeente Eindhoven betreffende, dat in het 
vervolg elk jaar ten tijde dat de burgemeesters en schepenen dier 
stad worden vernieuwd elk der voormelde ambachten aan hem 
zullen opgeven de namen van drie mannen, makende te zamen vijftien 
personen, waaruit hij of zijn Drossaard de voorbedoelde vijf mannen 
zullen kiezen, „die als raeden ende vroetschappen der voorsr. stadt 
neffens den voorsr. Burgemeesteren ende Schepenen gehouden ende 
mijt ende verplicht sullen wesen onser ende des stadts gerechticheden 
uaer haerluyden vermoghen voor te staen ende te mainteneren." 

465. i7 Maart i62i. 

Laurens Henrickx, Laurens Hessels, Jan Henrickx van den Zande, 
Henrick Everts Henricx, Henrick Jan Everts, Henrick Henrickx 
van der Braeken ende Goyaert Goyaertszn van den Bychelaer, 
schepenen van Liempde, verklaren, dat te hunnen overstaan Marten 
Huyberts Henricx aan Acrd, zoon van wijlen Wouter van Tuyl, 
zoo ten behoeve van dezen als van Jenneken, dochter van wijlen 
Jan Wouterszoon van Tuyl, verkocht heeft een gedeelte in eenen 
hooibeemd, genaamd het Roubroek, gelegen te Liempde ter plaatse 
genaamd deurde Wychmatis stechde, 

466a. il September i69i. 

Odilia van Breyel, dochter van wijlen ]^ Nyclaes van Brcyel en 
Heylwich van Gangelt Lambrechtsdochter en weduwe van Jo' 
Willem van Horion, verklaart voor Schepenen van 's Bosch, dat de 
Rentmeesters van die stad haar hebben afgelost de erfrente, welke 
de Regeering van die stad 6 April 1587 had verkocht aan Lambrecht 
van Gangelt en zijne huisvrouw Trina, burgers van Maastricht, enz. 
Hierover waren als schepenen Marten van Weremont en Jacob de 
Cock de jonge. 
467. i6 Ocioher iöH. 

Philips in, Koning van Spanje, als Hertog van Brabant, geeft 
op het vertoog van de Regenten en den Rector van het St. Joris- 



— 184 — 

gasthuis te Oirschot, dat de schuldenaren van de daaraan behoorende 
renten, cijnsen en pachten in gebreke blijven die te voldoen tot 
groot nadeel der armen, welke dientengevolge honger lijden en in 
armoede zullen moeten sterven, als daarin niet prompt wordt voorzien, 
— aan de eerste deurwaarders last om de achterstallige betalers in 
rechte tot het betalen van hunne schulden te noodzaken. 

468. i8 Juli iefB. 

Mr Jan Bunnens, secretaris van Zeelst, wordt beleend met eene 
erfrente, groot 25 gouden Carolusgulden, gaande uit de stad, het 
slot en de goederen van Eindhoven en van Cranendonck. 

469. iS September i622. 

Dierck, zoon van Thielman Aertszn, als man van Meryken, dochter 
van wijlen Goijaert Willemszn, wonende te Nuenen, verleent voor 
Schepenen van 's Bosch aan Henricxken, dochter van Peeter Janszn 
Smits en huisvrouw van Christoffel Janszn Outers, ten behoeve van 
dezen, eene grondrente uit een huis met erf, tuin en land, staande 
en gelegen binnen de parochie Nuenen ter plaatse genaamd Op 
d'een Eijnde. Hierover waren als schepenen Johan van Broegel en 
Gerart van Horenbeeck. 

470a. 95 Oetoher 1622. 

Brief over den veldtocht der Staatschen tegen de Spanjaarden 
in de omstreken van Bergen op Zoom. 

471. 2i November i622. 

Arndt, zoon van wijlen Thielman Henricxzn van Bladel en 
Matijsken, de dochter van Arnt Banier; Rombout, zoon vanGoijart 
Heeren, als man van Elizabet, zoo voor zich en als gemachtigde 
van zijnen zwager Andries Janszn, den man van Anneken, welke 
evenals zijne vrouw Elizabet de dochter is van Thielman van Bladel 
en Matijsken voornoemd; dezelfden als gemachtigden van de kin- 
deren van wijlen Zeger, den zoon van Thielman van Bladel en 
Matijsken voornoemd ; Jan, de zoon van wijlen Antonis Janszn, als 
man van Catharina, dochter van wijlen Arndt Ealthus en wijlen 
Aleijt, de dochter van denzelfden Thielman en Matijsken, zoo voor 
zich en als gemachtigde van Jan Ghijsberts als man van Amolda 



— 186 — 

en van Adriaen van Wijck, als man van Johanna, welke evenals 
genoemde Arnolda de dochter is van Floris Artszn en genoemde 
Aleijt, zoomede als gemachtigde van Jan Janssen Crèmes, den man 
van Anneken en van hare zuster Margriet, beiden dochters van Floris 
Artszn en Aleijt voornoemd, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch 
Ve in eene roggepacht, welke door Willem, zoon van wijlen Geerart 
Witen, voor de eene helft aan Laureyns van Bladel Amtszoon en 
voor de andere helft aan Aerden en Gielissen, zonen van laatstbe* 
doelden Amt, was verleend uit eenen windmolen, den Creytenmolen 
genaamd, staande in de parochie Oisterwijk met de hofstede, daarbij 
gelegen, tusschen de gemeente eenerzijds en het erf van Jan Can. 
tor van den Schoor anderzijds, en wel daarna den 13 October 1585 
voor Schepenen van 's Bosch door Jacob, zoon van wijlen Pauwels, 
den zoon van wijlen Jacob van Bladel, was overgedragen aan 
voornoemden Thielman Henricxzn van Bladel, — aan Vranck, den 
zoon van Jan Janssen, bakker en wijlen Catharina, de dochter 
van Thielman van Bladel en Matijsken meermalen genoemd, welke 
Franck het overige V« in die roggepacht reeds bezat. Hierover waren 
als schepenen Peter van Gestel en Jan van den Ven. 

472. S Februari i623. 

Catharina, dochter van wijlen Henrick Peterszoon, greelmaker, 
en van wijlen Dierickje, zijne huisvrouw, dochter van wijlen Floris 
Peterszoon van der Horst, begijn in het Groot Begijnhof te 's Bosch, 
voor een zesde gedeelte en ook als transport hebbende van haren 
broeder Pauwels voor een tweede zesde gedeelte ; Henrick Laureijns 
als .man van Margaretha voor het derde zesde gedeelte ; Anthonis 
Willems, messenmaker, als man van Peterken, voor het vierde zesde 
gedeelte, zijnde de beide laatstgenoemde vrouwen dochters als voor- 
zegd; voornoemde Anthonis Willems bovendien als zich sterk ma- 
kende voor Mathijs, onmondigen zoon van wijlen Jan, den zoon 
van Henrick en Dierickje voorzegd, voor het vijfde zesde gedeelte 
en Goyart Joachims als momboir over de drie onmondige kinderen 
van wijlen Bartholomeus, zoon alsvoren, voor het laatste zesde ge- 
deelte, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Willem Janszoon 
van der Hoeven, schoenmaker, een huis, staande in de Hinthamer- 
straat aldaar op de brug, genaamd de Zwengelbrug, tusschen het 
huis, genoemd de Wolzak^ toebehoorende aan Mathijs Janszoon van 
Autforst, aan de eene zijde en tusschen het huis van Philip Peters, 



— 186 — 

lintwerker, aan de andere zijde, strekkende van de straat achter- 
waarts tot aan de Dieze, welk huis Mr Lambert Sanders als man 
van Geertniid, dochter van wijlen Jan Amelis Maeszn, cum suis 
den 6n Mei 1611 had verkocht aan voornoemden Henrick Peters- 
zoon, den greelmaker, als man van Dierickje. Hierover waren als 
schepenen Rogier van Grinsven en Berthout WijfBiet. 

473. 7 Februari i6SS. 

Peter, zoon van wijlen Marten Joostzoon van Vechel, neemt onder 
verband van een huis met tuin en achterhuis, staande te 's Bosch 
aan de Peperstraat tusschen het huis van Comelis Janszoon Steen- 
houder eenerzijds en dat der erven van Catbarina Ooms van Dord- 
recht anderzijds en zich uitstrekkende van af gezegde straat tot aan 
het erf van André AmouU, eertijis die grcote schoU geweest zijndey 
die men noempde de Latijnsche schole^ eene gemeyne wende tussen 
beyde liggende^ voor Schepenen van 's Bosch geld op van Huybert 
Peterszoon van Roosmalen voor de eene helft en van Amdt en 
Dierck, gebroeders, zonen van wijlen Meester Willem van Donghen, 
Leonart, zoon van Peter Anthoniszoon van Gemert, en Peter de 
Vijver en Anna van Dongen, diens huisvrouw, voor de andere helft. 
Hierover waren als schepenen Rogier van Griensven en Peter van 
Gestel. 
474a. 8 Nowmher 1623. 

Robbert Harmenszoon, smid, inwoner van Gouda, voor een derde 
gedeelte erfgenaam van zijnen broeder Michiel Harmenszoon, verkoopt 
voor Burgemeesters, Schepenen en Raden van Gouda aan Lysken 
Zegers weduwe van 2^ger Wouterszn, wonende te 's Bosch, een derde 
gedeelte in een vierde van eenen rentebrief en machtigt Daem 
Daemszoon, messenmaker, wonende te 's Bosch, om daarvan het 
transport te doen. 

475. i4 November i623. 

Jan van den Velde en Gerard van Broeckhoven, schepenen van 
's Bosch, geven vidimus van eenen schepenbrief van die stad van 
11 Februari 1615, waarbij Jonker Michiel de Borchgrave, heer van 
Mereveldhoven en drossaard der Graafschap Megen, zoon van 
Jonker Everard de Borchgrave, heer van Oerle, aan Ghysbert 



— 187 — 

Danielszoon, Adriaan Henrickszoon van Sutphen en Arad Kuysten, 
als momboiren over de onmondige kinderen van Jan Gysselen en 
Jenneken, de dochter van wijlen Daniel Ghysbertszoon, verleende eene 
grondrente uit eene bouwhoeve, gelegen in de parochie Nuland op 
Vinkei, — alsmede getuigenis, dat Anneken» dochter van Jan Gys- 
selen Willemszoon, verklaard heeft gezegden brief te zullen bewaren 
voor zich en voor Gerard Artszoon van der Molen als man van 
Willemken, dochter van Jan Gysselen voornoemd, 

476. 18 April i694. 

: Vermits Lambert, zoon van wijlen Luenis, zoon van Jan Hen» 
rickszoon, als weduwnaar van Marijken, zijne eerste huisvrouw, 
dochter van Willem Mathyszoon, van zijn vruchtgebruik op eene 
boerderij, gelegen te Nistelrode, ter plaatse genaamd Vorstenbosch, 
nabij het erf van de aldaar staande kapel, had afstand gedaan ten 
behoeve van Oost Rutten, man van Jenneken, de eenige dochter 
van Lambert en Marijken voornoemd, zoo heeft genoemde Cost 
Rutten als man van genoemde Jenneken voor Schepenen van 's Bosch 
aan den Eerw. Heer en mr. Jan Typoots, priester en licentiaat in 
de H. Godgeleerdheid, zoon van wijlen mr. Jan Typoots, zoo ten 
behoeve van dezen als van zijnen broeder en zusters, allen kinderen 
van laatstgenoemden mr. Jan Typoots en van diens echtgenoot 
Maria van Gorop, eene grondrente uit voorschreven boerderij ver- 
leend. Hierover waren als schepenen Jaqop Vetcuylen en Guilliam 
d'Absloons. 

477. ii Juli i624. 

Henricksken, begijn in het Groot Begijnhof te *s Bosch, dochter 
van wijlen Peter Janszoon van Asperen en wijlen Jenneken, de dochter 
van Natael de Louw, verkoopt voor Schepenen aldaar aan Steven 
Albertszoon Snellen, koopman aldaar, eene grondrente, welke Cor- 
nelis, zoon van Arnd Kemp Corneliszoon, op 8 April 1591 verleend 
had aan genoemden Peter van Asperen uit eene boerderij, gelegen 
te Breugel ter plaatse genaamd de Straat Hierover waren als sche- 
penen Henrick Franszoon van Gestel en Jacop Vercuylen. 

478. 2i Augustus 1624. 

Alzoo de Staten van Brabant aan Ëlizabeth, dochter van wijlen 
Arnd Monicx, hadden verleend eene erfrente en alzoo daarna de 



— 188 - 

eene helft daarvan voor Schepenen van Antwerpen toebedeeld was 
aan Hanssen de Moije, zoon van wijlen Niclaes de Moij, wiens 
moeder was Clara Erdewijns en aizoo daarna voornoemde Hans de 
Moije die helft had overgedragen aan Jonker Jan de Bever Rob* 
brechtszoon en aizoo vervolgens deze Jonker Jan de Bever die helft 
wederom had overgedragen aan Henrick, zoon van wijlen Jacob, den 
zoon van wijlen Henrick Hermans Vilts, blijkens schepenbrieven 
van 's Bosch van 7 Febr. 1592, zoo hebben voor Schepenen aldaar 
Jan, zoon van voornoemden Jacob, (den zoon van wijlen Henrick 
Hermans Vilts), en Catharina, zijne tweede vrouw, dochter van Jan 
Comeliszoon, en Henrick Lamberts van Herperschaijck, als man van 
Marijken, dochter van Jacob en Catharina voornoemd, zijnde twee 
der erfgenamen van gezegden wijlen Henrick, zoon van meerge> 
noemden Jacob Henricks Hermans en hebbende ook transport van 
Gerard en Dierck, hunne halve broeders, zonen van Jacob Henricks 
dikwerf genoemd, blijkens schepenbrieven van 's Bosch van 9 April 
1615, — twee derde gedeelten in de heltt van voorschreven erfrente 
verkocht aan Peter, hunnen broeder, zoon van Jacob en Catharina 
meergenoemd, hebbende deze van die helft reeds het overige een 
derde. Hierover waren als schepenen Jan van den Velde en Laureijns 
Janszoon de Leeuw. (Zie oorkonde n^ 431). 

479a. i8 September 1624. 

Pieter Claessen Wagemakers en Raphael Boudewijns, schepenen 
van het dorp en heerlijkheid Wouw, verklaren, dat te hunnen over- 
staan Catharina Harmansdochter, dienstmaagd van heer Johannes 
van Basrode, pastoor van gezegd dorp, gemachtigd heeft hare zuster 
Diericxken Harmans, jonge dochter te Antwerpen, om te *s Bosch 
of elders binnen besloten steden hare ouderlijke goederen te verkoopen. 

480. 5 October i624. 

Aizoo Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten 
van het land van Brabant, den 1 Maart 1562 aan Jutken, dochter 
van Mathys Peeterszn, verkocht hadden eene erfrente van fl 12.10 
en den 11 November 1568 haar nog eene andere erfrente van 
fl 15 verkocht hadden, en ajzoo vervolgens genoemde Staten den 
14 Maart 1570 aan Jonker Everard Berwouts ten behoeve van voor- 
noemde Jutken ook nog verkocht hadden eene erfrente van fl 7 en 
vermits daarna meergenoemde Jutken bij haar testament, voor den 



— 189 — 

Eerw. Heer en Mr Robbert Sweertius, licentiaat in de Godheid en 
plebaan der Kathedrale kerk van St Jan Ev. te 's Bosch verledeni 
voorschreven erfrenten vermaakt had aan Herman, zoon van Robbert 
van Helvoirt, messen maker, haren neef en die voorts van dezen 
verérfd waren op diens vier kinderen, van welken Michiel onmondig 
gestorven is, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Diercxken, 
dochter van genoemden Herman Robberts van Helvoirt voor zich 
en in naam van hare zuster Catharina haar beider aandeelen in 
meerbedoelde erfrenten verkocht aan Henrick, zoon van wijlen Wouter 
Eelkens en aan Ëlizabeth, dochter van Rutger Henricxzn, en weduwe 
van Zeger, den zoon van genoemden Wouter Eelkens, Hierover waren 
als schepenen Aert van Boecop en Guilliam van Doijenbraecken. 

481. 5 Oeioher i6S4. 

Alzoo Robbert Hermanszn Smith, wonende te Gouda, als erf- 
genaam voor een derde part van zijnen broeder Michiel Her- 
manszoon, getransporteerd had aan Lysken Zegers weduwe van Zeger 
Wouterssen, wonende te 's Bosch, een derde in een vierdepart van 
eenen rentebrief, hem aangekomen bij overlijden van zijnen genoemden 
broeder Michiel en gemachtigd had Daem Daemsse, messenmaker, 
wonende te 's Bosch, of een ander om» bedoeld transport in den 
wettelijken vorm te doen, zoo hebben voor Schepenen van den Bosch 
Lysken weduwe van voornoemden Zeger, den zoon van wijlen Woutei 
EelkenSy uit kracht van diens testament; en Beelken, hare zuster, 
dochter van wijlen Ruth Henricxzn en weduwe van voornoemden 
messenmaker Daem Daemssen, zijnde daartoe gemachtigd bij diens 
testament, den 24 September 1624 voor den notaris Jan Somers 
verleden, de helft in bedoelden rentebrief, staande ten laste der 
Staten van Brabant, kwartier van 's Bosch, overgedragen aan Hen- 
rick, zoon van wijlen Wouter Eelkens. Hierover waren als schepenen 
Aert van Boecop en Guilliam van Doyenbraecken. (Zie oorkonden 
!!«• 459, 474 a en 480). 
482. 5 Oeioher iöU. 

Alzoo Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie Staten 
van het land van Brabant, twee erfrenten hadden verkocht dan 
Jutken, dochter van Mathys Peeterszn en daarna nog eene erfrente 
ten behoeve van dezelfde verkocht hadden aan Jonker Everard 
Berwouts, zooab blijkt uit hunne bezegelde brieven van 1562,68 en 
70; vermits daarna voornoemde Jutken bij haar testament voor den 



— 190 — 

Eerw. Heer en Mr. Robbert Swertsius, priester, licentiaat in de 
Heilige Godheid en plebaan der Kathedrale kerk van St. JanEvan- 
gel. te 's Bosch, opgemaakt, o. a. voorschreven renten had gelegateerd 
aan haren neef Herman, zoon van Robbert van Helvoirt, den 
messenmaker; vermits vervolgens deze renten door diens oveiiijden 
waren vererfd op diens vier kinderen ; vermits daarna Robbert, zoon 
van wijlen Herman Robben voornoemd, wonende te Gouda, een 
vierde in diezelfde renten had verkocht aan Adriaen Nijhoff ten 
behoeve van Adam Daemszn, den messenmaker, blijkens schepen- 
brieven van 's Bosch van 6 Nov. 1619 en vermits daarop laatstge- 
noemde dat een vierde op 15 Nov. 1619 had verkocht aan Seger, 
zoon van wijlen Wouter Eelkens, den nestelmaker, zoo heeft voor 
Schepenen van 's Bosch diens weduwe Lysken de helft in datzelfde 
een vierde overgedragen aan Henrick, zoon van genoemden Wouter 
Eelkens. Hierover waren als schepenen Amt van Boecop en Guilliam 
van Doyenbraecken. (Zie de vorige oorkonde). 

483. iO April 1625. 

Alzoo de Staten van Brabant eene erfrente verkocht hadden aan 
Elizabeth, dochter van wijlen Amt Monicx ; alzoo daarna de eene 
helft van die rente voor Schepenen van Antwerpen ten deel gevallen 
was aan Hans de Moy, zoon van Nycolaes de Moy, wiens moeder 
was Clara Erdewijns; alzoo daarna genoemde Hans de Moy die 
helft had verkocht aan J^' Jan de Bever Robbrechtszoon ; alzoo 
vervolgens deze Jonker Jan de Bever diezelfde helft had verkocht 
aan Henrick, zoon van wijlen Jacob, den zoon van Henrick Her- 
mans Vilts; alzoo daarna tengevolge van het overlijden van eerst- 
genoemden Vilts en van diens weduwe Henricxke Donck voorschreven 
helft was verstorven op Gerard, Dierick, Jan en Peter, Metken en 
Mariken, allen kinderen van Jacob Henrickszn Filters en diens 
echtgenooten Heijlken Ooms en Catharina; alzoo vervolgens Gerard 
en Dierick, zonen van Jacob Henrickszn Vilters en Heijlken Ooms, 
na cessie van den tocht daarop, door Henricxke Donck weduwe 
van Henrick Jacobszoon gedaan, Ve der nalatenschap van dezen 
Henrick Jacobszoon op 9 April 1615 verkocht hadden aan Jan 
en Peter, zonen van Jacob Henrickszn Filters voornoemd, en aan 
Henrick Lambertszoon van Herperscaijck, als man van voornoemde 
Mariken, en vermits genoemde Jan Filters en Henrick Lamberts- 
zoon als man van Mariken, als zijnde twee der erfgenamen van 



— 191 — 

voornoemden Henrick, den zoon van Jacob Henrickszoon Filters en 
als hebbende zij transport, als voorzegd, van Gerard en Dierick 
Filters, hunne halve broeders, Va in de helft der meerbedoelde rente 
den 21 Augustus 1624 verkocht hadden aan hunnen broeder Peter 
blijkens schepenbrieven van 's Bosch, zoodat deze nu in de helft 
dier rente voorV* gerechtigd werd, te weten voor V« als erfgenaam 
van zijnen broeder Henrick Jacobszoon Filters en voor Ve ter zake 
van koop, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Metken, dochter 
van Jacob Henrickszoon Filters, het overige V« in de helft der dikwerf 
bedoelde erfrcnte verkocht aan haren meergenoemden broeder Peter. 
Hierover waren als schepenen Willem Abselons en Willem van 
Doyenbraken. (Zie oorkonde n® 478). 
i84a. i8 Mei 1695. 

Prins Frederik Hendrik verleeht in het leger te den Dungen 
sauvegarde aan den Prelaat en de overige kloosterlingen der Abdij 
van Postel, alsmede aan hare beambten. 

485. S November 1625. 

Peter, zoon van wijlen Moijses Leonardszoon van Aelst, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Steven Albertszoon Snellen, koop* 
man, eene grondrente, gaande uit eene boerderij onder Breugel, 
welke grondrente Elizabeth, dochter van wijlen Jan Pijnappel en 
Maria, de dochter van wijlen Jacob Colen, den 8 Maart 1622 op- 
gedragen had aan hem, verkooper. Hierover waren als schepenen 
Robbrechtvan Voorn en Henrick van Zoerendoncq. 

486. 9 April 1696, 

Alzoo bij eene scheiding en deeling, den 23 Aug. 1625 voor 
Schepenen van 's Bosch tot stand gekomen tusschen de kinderen 
en erfgenamen van wijlen Guiliam Oliviers van Berchuijsen, 
raad van die stad en Anna van den Berge, mitsgaders bij eene 
renuntiatie en liquidatie, voor die Schepenen gepasseerd, goede- 
ren onverdeeld waren gelaten tusschen Mr Gerardt van Zoemeren 
als man van Elizabeth Oliviers en Anna Oliviers, opdat zij daarvan 
de schulden van Dierck en Jan Oliviers zouden betalen en ook 
zouden liquideeren hetgeen aan Anna Oliviers meer dan aan Elisa- 
beth voornoemd toekwam, zoo hebben voor Schepenen van 's Bosch 
Mr Gerardt yan Zoemeren en Anna Oliviers, deze geassisteerd met 



— 192 — 

Laure]m8 van Kessel, zoon van Dierck van Kessel, den secretaris 
der stad *s Bosch, die goederen alsnog verdeeld. Hierover waren als 
schepenen Nicolaes Donckers en Goijaert van Herlaer. 

487. £4 Apnl 1696. 

Walraven van den Boogaert, schout der Kommanderij van Gemeit 
en heerlijkheid Deume, verleent voor Schepenen van Helmond uit 
kracht der volmacht hem gegeven door Wilhelma Margareta van 
Wyttenhorst, douairière van Gelain en vrouwe van Rossum, Deune 
en Broekhuizen, met goedvinden van Emont Huyn d'Anstenraide, 
Duitsch Ordens ridder en kommandeur der ... . Biessen, heer 
van Gemert, Gru3'dtraidt, Peetersvouren, Ordinghen, van .... uit 
Huyn, heer van Gelain en pandheer van Wachtendonck en Johan 
van Wittenhorst, heer van • . . • , als voogden over genoemde 
douairière en hare twee minderjarige kinderen, — aan Johan Raidts 
van Frens, Duitsch Ordens ridder, eene grondrente uit eene boerderij 
gelegen te Vlierden ter plaatse genaamd op Brouwheu. Hierover 
waren als schepenen Comelis van der Schoot en ... . Poirters. (Deze 
akte is gedeeltelijk door de muizen opgevreten). 

488. f9 Apnl i696. 

Goijart van Stiphout verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aas 
Arnd van Hees ten behoeve van Antony Willemszoon van den Berge 
de helft in twee erfrenten op de Staten van Brabant, waarvan den 
tocht had zijn vader Henrick Goijartszoon van Stiphout, weduwnaar 
van Jenneken, dochter van Frans van Stiphout, doch dien deze 
hem, welke zijn eenige zoon was, had afgestaan. Hierover waren als 
schepenen Nicolaas Janszoon Donckers en Henrick van Soerendonck. 

480. i8 Mei 1626. 

Alzoo Dinghen huisvrouw van Jaspar Aelbertszoon, weduwe 
van wijlen Peter van Hynsberch, den tocht, haar toekomende op een 
huis met erf, staande te 's Bosch aan de Karstraat tusschen het huis 
In den ijzeren hoed der kinderen van Henrick Peters eenerzijds en dat 
van Lambrecht van Velp anderzijds, had afgestaan aan Jan en Barbara, 
kinderen van haar en wijlen Peter van Hynsberch voornoemd, zoo 
ten behoeve van dezen als van Maijken, hunne zuster, Nicolaes 
Pierson, als man van Claesken, dochter van haar, Dinghen, en Peter 



— 1«8 — 

van Hynsberch voornoemd en Peter, zoon alsvoren en vermits daarna 
voornoemde Dinghen, toen huisvrouw van Jaspar Aelbertszoon, 
alsmede hare kinderen Jan en Barbara van Hynsberch voor ziehen 
als zich sterk makende voor Maijken, hunne zuster, Nicolaes Pierson, 
hunnen zwager en Peter, hunnen ónmondigen broeder, den 24 Maart 
1626 eene grondrente uit voorschreven huis met erf verleend hadden 
aan mr Robbrecht van Voorn, licentiaat in de rechten en wethouder 
van 's Bosch, zoo heeft voor Schepenen aldaar mr Marten van der 
Hagen als gemachtigde van voornoemden Nicolaes Pierson, korpo* 
raal in garnizoen te Halen, als man van Claesken, dochter van 
Peter van Hynsberch, voorbedoelde bezwaring goedgekeurd. Hierover 
waren als schepenen Jan van Breugel en Henrick van Soerendonck. 

490. 15 December 1626. 

Rogier van Griensven en Franchoys Fierlants, leenmannen van 
Z. EL Majesteit in het Kwartier van 's Bosch, verklaren dat te hunnen 
overstaan Nicolaes Henricx en Gerart Geritssen, burgemeesters van 
het dorp Haaren ; Willem Joosten en Jan Adriaans de Boer, kerk- 
meesters; Wouter Gerits en Aert Henricx, H. Geestmeesters, met 
Willem Aert Martens en Aert Lombarts, gemeene naburen van het 
voormelde, onder de jurisdictie der vrijheid Oisterwijk ressorteerend 
dorp, in den naam en met consent van de gemeene naburen van 
dat dorp Haaren en uit kracht van het octrooi hun door den Koning 
van Spanje als Hertog van Brabant verleend, — aan mr Gerard van 
Zoemeren, licentiaat in de rechten, schepen der stad 's Bosch en 
medeleenman van Z. K, Majesteit, verkocht hebben een perceel van 
hunnen gemeentegrond, gelegen bij Kerkhoven. 

491. t Januari 1697, 

Alzoo Henrick Goyaertszn van Stiphout, weduwnaar van Jenneken, 
dochter van Frans van Stiphout, den tocht, hem competerende van de 
helft eener losrente, door de Staten van Brabant den 14 Sept. 1568 
verkocht aan Joost Verweyen Aertszn, en van eene andere rente had 
afgestaan aan Goyart, den eenigen zoon, door hem bij voornoemde 
Jenneken verwekt en vermits daarna voorzegde Goyart van Stip- 
hout voorschreven twee helften, zijnen vader aangekomen eensdeels 
bij erfopvolging en anderdeels door dezen en zijnen genoemden zoon 
bij verschillende transporten verkregen, den 29 April 1626 had ver- 
kocht aan Arnd van Hees ten behoeve van Antony Willemszn van 

13 



— 1Ö4 — 

den Berge, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Jaspar Diericxzn 
van Milly oudekleerkooper, als man van Elisabeth, dochter van wijlen 
Joris Janszn van der Borcht en Luytken, de dochter van wijlen Amt 
van Stiphout, voorschreven helften vemaderd. Hierover waren als 
schepenen Aelbert van den Dangen en Johan van den Bossche. (Zie 
oorkonde n« 488). 
4^2. SO December i6S7, 

Nycolaes Janszoon Donckers, raad en rector van het Groot Gast- 
huis van 's Bosch, in tegenwoordigheid en met consent van mr Jan 
van den Velde, licentiaat in de rechten en schepen van gezegde 
stad, als provisor van bedoeld gasthuis; Comelia, dochter van wijlen 
Frans Geritszoon de Vrieze, weduwe van mr Goyart Grootarts van 
Os den jonge, Lambrecht Gerards Moons, Clement Jans van Zomeren 
en Mechteld weduwe van Jacob Janszn van Someren, tijkwerker, 
deze laatste uit kracht van het testament, door haren genoemden 
man en haar voor Heer Gerard Kempen, priester, als openbaar 
notaris, op 28 Sept. 1627 opgemaakt, allen als testamentaire erfge- 
namen van Catharina, dochter van wijlen Jaspar Aartszn Monicx en 
Magdalena, diens huisvrouw zaliger, dochter van Heer Lambert 
Kyevits, priester en te voren weduwe van Hans Gerards Wellens, 
basconier der St. Janskerk te 's Bosch, blijkens testament door haar 
op 28 Sept. 1612 voor den notaris Jan Somers gemaakt, — verkoopen 
voor Schepenen van 's Bosch aan Dierick Dierckszoon van £rp, tim* 
merman, een voorhuis, middelhuis, erf, tuin, achterkamer, achterhuis, 
gang en poort, staande te 's Bosch üpie Alde Dieu^ tusschen het 
huis en erf van Dierick van den Velde, als man van Perijntken, 
dochter van wijlen Huybert Aerts Heesters, eenerzijds en tusschen 
het huis en erf van Margriete, dochter van wijlen Symon van Bell 
weduwe van Herman Goijarts van Sambeeck, anderzijds, — en 
zich uitstrekkende van af gezegde straat tot aan het water, welk 
voorschreven voorhuis met toebehooren Otto genaamd die Dorre, 
zoon van wijlen Alard en weduwnaar van Luytgard, dochter van 
wijlen Jan Martens, als daartoe gemachtigd bij haar testament, had 
verkocht aan Lambert, zoon van wijlen Peter Kievits, priester, blijkens 
schepenakte van ultimo Januari 1615 en dat daarna op voornoemde 
Catharina Monicx bij doode van Amd Janszoon Monicx, haren neef, 
was verstorven. Hierover waren als schepenen Jacob de Cock en 
Albert van den Dungen. (Zie over dit huis mijne Voorname Bossche 
huizen II p. 274). 



— 19B — 

493. 2f Januari i6S8. 

Adriaan, zoon van Jan Cornelis Goijartszoon, ingezetene der heer- 
lijkheid Moergestel» ook als man van Catharina, dochter van wijlen 
Matheus £liaszoon, verleent voor schepenen van 's Bosch aan Heer 
Goijard Henricxzn van Gorcum, priester, kapelaan of altarist in de 
kerk te Oisterwijk, eene grondrente uit eene bouwhoeve, gelegen in 
de parochie van Gestel bij Oisterwijk ter plaatse genaamd 't Colckven. 
Hierover waren als schepenen Peter van Gestel en Guliaem van 
Doyenbraecken. 

494. 28 Maart iö28. 

Mechteld, dochter van wijlen Dierck Fabri van Gemert en weduwe 
van Dierick Wouterszoon van Gendt, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Hans de Moy, zoon van wijlen Nicolaas de Moy, een 
huis, staande aldaar aan de Oude Gasthuisstraat, tusschen het huis 
van het Groot Gasthuis van 's-Bosch Kerkstraatwaarts aan de eene 
zijde en dat van de weduwe en kinderen van Peter van Dooveren, 
mandenmaker, Hinthamerstraatwaarts ter andere zijde en zich uit- 
strekkende achterwaarts tot aan het huis, genaamd In den Wolzak^ 
toebehoorende aan Henrick Huybertszoon van Liebergen en staande 
in de Hinthamerstraat, zijnde het verkochte door Maria, dochter 
van wijlen Jan Claeszoon en weduwe van Jan Gieliszoon van Orten 
den 25 Juni 1618 verkocht geweest aan genoemde verkoopster. 
Hierover waren als schepenen Guiliam van Doyenbraecken en Peter 
van den Berch. 

495a. t Juli iöSS. 

Brief van Antony Schetz, baron van Grobbendonck, gouverneur 
van den Bosch, aan Hendrik Graaf van den Bergh. 

496. 99 Augustus i628. 

Guilliam Marceliszoon van Hoochslraten, kleermaker, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Steven, zoon van wijlen Albert 
Snellen, koopman aldaar, eene grondrente, welke Mechteld, dochter 
van wijlen Jan Willemszoon van Druenen en weduwe van Jacob 
Goossenszoon van Oss, aan genoemden verkooper had verleend van 
uit een huis, erf, tuin, looierij en achterhuis, staande en gelegen aan 



— 196 — 

den Vughterdijk te 's Bosch tusschen de beide poorten en zich uit- 
strekkende vanaf gezegde straat tot aan de Dieze. Hierover waren 
als schepenen Peter van Gestel en Guilliam van Doijenbraecken. 

497. 3t Auguêiuê i6f8. 

Sr Daniel Buycx, schout, rentmeester en kastelein der heerlijkheid 
Loenhout, als lasthebber van den Edelen Welgeboren Heer, Heer 
Wynandt du Glimes, Wyngarde, Borchgravia van Geldenaken, zijnde 
deze door den Raad van Brabant gemachtigd om te verkoopen het na 
te melden goed, hem onder den last van fideicommis aangekomen 
van Wynand van Wyngarde, in leven groot-proost van de Domkerk 
te Luik, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Comelis, zoon 
van wijlen Jan Corneliszoon, velblooter, een akkertje, gelegen in de 
parochie Berlicum naast het erf van het Convent Coudewater te 
Rosmalen, welk stukje land genoemde domproost aan voornoemden 
Wynandt du Glimes had vermaakt. Hierover waren als schepenen 
Goijaerdt Loeff van der Sloot en Albert van den Dungen. (Op den 
rug staat : dit is den brief van het ackerken genoemt het Moele^ 
ackerken, competeert tegenwoordich aen Jufirouw Isabella Kuysten). 

498. 24 Oetober i698. 

Philips, Koning van Spanje, als Hertog van Brabant, handhaaft 
Catharina weduwe van Lambert Hermans in het bezit van eene goot, 
liggende in het erf van haar huis, staande in de Peperstraat te 
's Bosch tegenover de St. Janskerk. 

499. i4 Februari ieSQ. 

Gerard Hendrix, als man van Catherijn en zich sterk makende 
voor Heylken en Peterken, kinderen van wijlen Peter Wilberts en 
Catherijn, Hendrik 's Jelis de Cuyper's dochter, zijne eerste huis- 
vrouw, verkoopt voor Schepenen van Helmond aan Catharina van 
den Water weduwe mr Jacob Becx eene boerderij, gelegen te Helmond 
op' Bijsterveld. Hierover waren als schepenen Franco van den Heuvel 
en Jacop Bruystens. 

500. 23 FebruaH i629. 

Peter en Joost, gebroeders, zonen van wijlen Marten Joostzoon 
van Vechel en Jenncken, dochter van Peter Willemszoon Schuijlders, 



— 197 — 

deelen voor Schepenen van 's Bosch renten door hen geërfd van 
hunne moei Marijken, dochter van Joost Lenarts en weduwe van 
Roelof Wouterszoon van Berchem. Hierover waren als schepenen 
Henrick Franszoon van Gestel en Henrick van Zoerendonck« 

501. 9 Mei i6S9. 

Joris, zoon van wijlen Peter Dullix, als man van Mechteld, dochter 
van wijlen Gysbert Francken, draagt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Geerling Ruys ten behoeve van Anthony Lambrechtszoon Loeff 
en diens huisvrouw Marye» dochter van wijlen Peter Amdszoon 
van Hees, secretaris van 's Bosch, over de helft in eene grond- 
rente, welke Godschalck en Jacob, gebroeders, zonen van wijlen 
Henrick Noppen, als momboiren over Roelof, onmondigen zoon van 
wijlen Roelof Noppen Henrickszoon en Jacomijne, aan Joris, zoon 
van wijlen Peter Dullix, als man alsvoren in 1628 hadden verkocht 
en ging uit een huis en drie kamers daarnevens, eenen oliemolen 
en twee kamers, daaraan annex, alsmede uit eenen hof, staande en 
gelegen te 's Bosch aan den Vughterdijk tusschen de beide poorten 
naast het water. Hierover waren als schepenen Robbrecht van Voorn 
en Henrick van Zoerendonck. (Op den rug staat : betreft het huis 
de Rosmolen). 

502a. 99 September i689. 

Theodore van Asperen, licentiaat in de rechten en raad van 
's Bosch, verhuurt aan Peter Adriaan van Jongebode zijn huis dé 
Pauw, staande in de Ververstraat te 's Bosch, waarin toen woonde 
de huisvrouw van den kapitein Labarthois. (Hierbij eenige aantee- 
keningen over en het wapen van de familie van Asperen). 

503. 6 October 1629. 

Nicolaes, zoon van Gerardt de Bruyn zal., verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch eene grondrente, die Cornelis, zoon van Wouter Peters, 
bakker, hem 80 April 1622 had verleend uit drie woningen of 
kamers onder een dak, staande in de Postelstraat te 's Bosch tusschen 
het huis van Jacques van de Leemputte eenerzijds en het huis van 
Boudewijn Peterszoon van der Santvoert en Jan Janszoon van Beugen, 
kramer, anderzijds, — aan Jan, zoon van wijlen Jan Seberts, koopman 
te 's Bosch. Hierover waren als schepenen Ghysbrecht Pieck en Johan 
van der Molen. 



- 198 — 
5036u a. 4 November 1629. 

Brief van Jacobus Le Blea, geneesheer te Leiden^ aan de Magistraat 
van 's Bosch, waarbij hij haar een gedicht aanbiedt (zie daarover 
den Catalogus der Boekerij van het N.Brab. E^ovinciaal Genootschap 
I. 794) en zich aanbiedt voor de betrekking van geneesheer van die stad. 

504. SS Januari 1680. 

Creerart Anthoniszn van Bueren, kramer, verkoop voor Schepeiysn 
van 's Bosch aan Catharina, dochter van wijlen Jacob Adriaanszoon 
van Vechel, eene grondrente, gaande uit een huis met erf en ledig 
plaatsje, staande aldaar tegenover de Ververstraat tusschen het huis 
en erf van Anneken weduwe van wijlen Wouter Eelkens aan de 
eene zijde en het erf der kinderen van Adriaen Wilborts aan de 
andere zijde en zich uitstrekkende van af gezegde straat tot aan het 
erf van genoemde weduwe. Hierover waren als schepenen Henrick 
Kuysten en Johan Pelgrom. 

5a5. 26 Juni 1690, 

Vermits Cuynerken, dochter van Peter Henricxzoon van Midde- 
laer en weduwe van Matheus Baltus den tocht van een huis met 
erf, staande te 's Bosch in de Postelstraat tusschen het huis en erf, 
eertijds toebehoorende aan Jan de Louw, kramer, eenerzijds en dat 
van de weduwe van Jacob Hermans anderzijds, had afgestaan aan 
Jan Michielszoon en zijne vrouw Mechteld, eenige dochter van haar 
en genoemden haren man, zoo hebben genoemde Jan Michielszoon 
en zijne vrouw Mechteld voor Schepenen van 's Bosch voorschreven 
huis met erf, staande tusschen het erf, thans toebehoorende aan 
Mathys Heijmans, glazenmaker, eenerzijds en dat, thans toehoorende 
aan Herman Peterszoon, smid, anderzijds, en zich uitstrekkende van 
af gezegde straat tot aan het erf, eertijds toebehoorende aan Frans 
Kuysten, thans aan den chirurgijn mr Henrick Molengraeff, 1) verkocht 
aan Gerard, zoon van Henrick Gerardszoon, metselaar. Hierover 
waren als schepenen Robbert van Voorn en Johan van der Molen. 

506. 25 Juli 1630. 

Henrick Antoniszoon van Giessen, wonende in de Vrijheid Waal- 
wijk, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Peter Mutsarts ten 

1) Diens huis stond in de Vughterstraat. 



— 1Ö9 — 

behoeve van Maryken. weduwe van Henrick van Haubraken eene 
grondrente uit een huis met boomgaard en bouwland, gelegen in 
voorzegde vrijheid ter plaatse genaamd in den Hoefslag. Hierover 
waren als schepenen Herman de Bittere en Jan van der Molen. 

607. 7 Octohet* i690. 

Mathijs, zoon van wijlen Jan Goijarts, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Aerden, zoon van Jacob Ariens en Wouter Jan 
Jorissen, als voogden over de onmondige kinderen van dezen Wouter 
en diens huisvrouw Manken, dochter van Adriaen Henrickszn van 
Helmont, eene grondrente uit eene boerderij, gelegen te St. Michiels- 
Gestel aan de Moerscot aan 't Ven tusschen het erf van meester Jan 
van den Velde, licentiaat in de rechten en gewezen pensionaris van 
's Bosch, eenerzijds en eene steeg anderzijds. Hierover waren als 
schepenen Henrick Kuysten en Gijsbert Pieck. (Hierbij eene akte, 
waarbij de voogden over bedoelde kinderen voorschreven grondrente 
voor Adriaen Ploos van Amstel en Johan van Noort, schepenen 
van 's Bosch, den 5 Febr. 1689 verkoopen aan Cornelis Jacobszn van 
Vechel). 

508. 2S November 1690. 

Heer en Meester Johan Frederick Solinus, doctor in de beide 
rechten, wonende te Keulen, als man van Anna Bungaers, dochter 
van wijlen Jan Bungaers Janszoon, voor zich en als zich sterk 
makende voor de andere erfgenamen van genoemden Jan Bungaers, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Meester Arnoudt van 
Broeckhoven, licentiaat in de rechten en gewezen wethouder van die 
stad, twee vijfde gedeelten eener grondrente, gaande uit erven, 
gelegen onder Heeswijk, welk part Jan Heeren de jonge, zoon van 
wijlen Jan Heeren Jacopszoon, verkocht had aan Jan Bungaers 
Janszn voornoemd blijkens schepenbrieven van 's Bosch van 5 
December 1697. Hierover waren als schepenen Johan Pelgrom en 
Gijsbert Pieck. 

500. 7 Maart i6Si. 

Alzoo een proces of processen ontstaan was of waren tusschen 
Joris Peterszoon Telck en Mechteld zijne huisvrouw, mitsgaders 
Marijken, hare zuster, weduwe van wijlen Bartholomeus de Roose, 
beiden dochters van wijlen Ghijsbrecht van Os, supplianten ter 



— 200 — 

eenre, en Jacob Ghijsbrechtszoon, wonende in den Xosmolen^ rescri- 
bent en verweerder ter andere zijde en wel ter zake van een 
plaatsje^ gelegen achter de huizing van voorschreven rosmolen, 
staande te 's Bosch aan den Vughterdijk buiten de H. Kruispoort, 
voor welk plaatsje, ten verzoeke van genoemden Jacob Ghijsbrechts- 
zoon, door den Officier, Schepenen, Griffier en Paalmeesters der 
voorzegde stad op 21 Maart 1629 was gemaakt eene gerechtelijke 
grensscheiding (falinge)^ zoo hebben voor Schepenen van *s-Bosch 
Mechteld weduwe van Joris Peterszoon Telck, zoo voor zich en 
als zich sterk makende voor Marijken, hare zuster, ter eenre en 
meergenoemde Jacob Ghijsbrechtszoon, ter andere zijde, bij tusschen- 
spreken van goede heeren en vrienden, met elkander geaccordeerd, 
dat zij met voorbedoelde grensscheiding genoegen nemen. Hierover 
waren als schepenen Henrick Kuijsten en Ghijsbrecht Pieck van 
Tienhoven. (Zie oorkonde n» 501). 

510. 96 April i6Si. 

Franchois van Bree, zoon van wijlen Hans van Bree en wijlen 
Margareta van der Cammen, de dochter van wijlen Franchoys van 
der Cammen Danielszoon, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Peter Cottel, wijnkooper, de helft van eene erfrente, welke rente 
Symon Bacx Janszoon ten behoeve van de kinderen van wijlen 
Anthonis van Achel van de Staten van Brabant verkregen had en 
die daarna Gijsbert de Cock, zoon van wijlen Jan de Cock, als 
man van Agneesen, dochter van voornoemden Anthonis van Achel, 
den 17 November 1551 verkocht had aan voornoemden Franchoys 
van der Cammen Danielszoon, behoorende de wederhelft dezer rente 
toe aan Marie van Bree, zuster van genoemden Franchois van Bree. 
Hierover waren als schepenen David Swerts de Weert (zegel : een 
schild gedeeld en ingeboekt van vijf stukken, de punten over en 
weder de overzijde rakende) en Johan van der Meulen. 

511. i2 Auguilus i63i. 

Sr Jacques Domis, wonende te Deume buiten Antwerpen, als man 
van Anna Oliviers, dochter van wijlen Willem Oliviers van Berchuysen, 
in leven raad van 's Bosch, zoo voor zich en als gemachtigde van 
Sr Henrick Oliviers, koopman, wonende te Parijs, zoon van Willem 
Oliviers voornoemd, staat af voor Schepenen van 's Bosch aan mr 
Gerardt van Zoemeren, licentiaat in de rechten en oud-raad van 



— 201 — 

laatstgemelde stad, weduwnaar van Elisabeth Oliviers, zuster van 
genoemden Henrick, alle recht, dat hij, Domis, en zijn meergenoemde 
zwager Henrick Oliviers na doode van genoemden van Zoemeren 
zouden kunnen doen gelden op hetgeen voorzegde Elisabeth Oliviers 
van hare kinderen erfde en waarvan het vruchtgebruik door meer- 
genoemden van Zoemeren den 14 Aug. 1680 was afgestaan aan 
Willem, den laatsten zoon van hem en zijne genoemde huisvrouw 
Elisabeth Oliviers, zijnde daarna het recht op die nalatenschappen 
door den dood van zijnen zoon Willem voornoemd volgens de 
Costuimen van 's Bosch gekomen aan mr Gerardt van Zoemeren 
dikwerf genoemd. Hierover waren als schepenen Henrick Kuysten 
en Comelis Bawart. 

512. 4 September iöSi. 

Jonker Comelis Steegh, licentiaat in de rechten, heer tot Bubingen, 
als gemachtigde van zijne zuster Anna Johanna Steegh, dochter van 
mr Godefried Steegh, in leven lijfmedicus van Z. KeizerL Maj. en 
van diens tweede huisvrouw Aleidis van Henxtum alias van Delft, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Jan Henrickszoon Ver- 
camp, koopman te 's Bosch, eene erfrente, die de stad 's Bosch 
had verleend aan Henrick de Hoes, zoon van wijlen Amd de Hoes 
en die vervolgens Clara, dochter van wijlen Benrick van Curingen, 
begijn op het Groot Begijnhof te 's Bosch, 11 December 1618 ver- 
kocht had aan Guilliame van Delft, raad en rentmeester van die 
stad als een van de momboiren over de onmondige kinderen van 
wijlen Godefried Steegh, doctor in de medicijnen en lijf medicus van 
Z. Keizerl. Maj. van Rome, alsmede Comes Palatinus, en Aleidis 
van Henxtum alias van Delft, waarna zij bij deeling der nalaten* 
schap van genoemden doctor op 8 Februari 1629 was toegescheiden 
aan zijne voorzegde dochter Anna Johanna Steegh. Hierover waren 
als schepenen Jooris van Bemagien en David Sweerdts de Weerdt. 

Hierbij nog eene schepenakte van 's Bosch van 11 December 1618 
(schepenen Seger mr Zegers Adriaanszn en Thielman Jans Thielmans- 
zoon), waaruit blijkt, dat de stad 's Bosch 28 Augustus 1689 voor- 
zegde rente had verleend aan Henrick de Hoes, zoon van toen 
wijlen Amd de Hoes; dat Jan de Hoes, zoon van genoemden 
Henrick de Hoes (Hoesch), die op 18 November 1606 had verkocht 
aan Anthonis van den Wiel ten behoeve van Christina, dochtervan 
Wouter Janszn van Uden en weduwe van Jan Joost Leonardszoon, 



— 202 — 

tot haren tocht en ten behoeve van dezer kinderen : Joost, Wouter, 
Neesken, Margrieten en Aelken, in blooten eigendom ; dat daarna 
deze kinderen die op 24 November 1610 hadden verkocht aan 
Jacques Verscharen ten behoeve van Clara, dochter van wijlen 
Henrick van Curingen en dat deze laatste die daarop 11 December 
1618 verkocht aan genoemden momboir Goilliamevan Delft 

513a. f JanuaH i63f. 

Brief van de Gecommiteerden uit den Raad van State der Ver- 
eenigde Nederlanden aan de Regeering der stad Heusden, om op 
21 Januari 1632 een vasten- en bededag te houden uit dankbaar- 
heid voor de mislukking van de pogingen der Spanjaarden om de 
Nederlanden te onderwerpen. 

514. f April 1632. 

Alzoo Franchoys van Bree, zoon van wijlen Hans van Bree en 
wijlen Margaretha van der Cammen, dochter van wijlen Franchoys 
van der Cammen Danielszoon, de helft van eene grondrente, — welke 
Symon Bacx Janszoon ten behoeve van de kinderen van wijlen 
Anthonis van Achel bij koop verkregen had van Keizer Karel V 
als Hertog van Brabant en van Prelaten, Edelen en Steden van dat 
Hertogdom als vertegenwoordigende de drie Staten van hetzelve en 
die daarna Gijsbert de Cock, zoon van wijlen Jan de Cock, als 
man van Agneesken, dochter van voornoemden Anthonis van Achel, 
den 17 Nov. 1551 had verkocht aan voornoemden Franchoys van 
der Cammen Danielszoon, (behoorende de wederhelft daarvan thans 
toe aan Marie van Bree, zuster van Franchoys van Bree voorzegd) — ^ 
den 26 April 1681 had verkocht aan Peter Cottel, wijnkooper, zoo 
heeft voor Schepenen van 's Bosch Jonker Johan van der der Stegen 
als man van Margaretha, dochter van wijlen mr. Jacob Becx, licen- 
tiaat in de rechten en Catharina van den Water, dochter van Everaert 
van den Water en Josina, de dochter van Franchoys van der Cam- 
men, die helft vemaderd. Hierover waren als schepenen Isaac van 
de Graeff en Cornelis van Cuyk. (Zie oorkonde n^ 510). 

515. Sö Juli i632. 

Heer Jacob van der Cammen, licentiaat in de rechten en oud- 
raad van 's Bosch, verkoopt voor Schepenen aldaar, als daartoe bij 
schepenbrieven, verleden voor Schepenen en Raden van Antwerpen, 



gemachtigd door Maria van Breen en haren man Jaspar van der 
Hulst, conciergemeester van het stadhuis der laatstgemelde stad, aan 
Jonker Johan van der Stegen, oud-raad van 's Bosch, als man van 
Margaretha Becx, dochter van wijlen mr Jacob Becx, licentiaat in de 
rechten en Catharina van den Water, de dochter van wijlen Everaert 
van den Water den oude en Josina, de dochter van na te noemen 
Franchoys van der Cammen, de helft in eene erfrente, competee- 
rende aan genoemde lastgeefster Maria van Breen, welke de dochter 
is van wijlen Jan van Breen en wijlen Margerete van der Cammen, 
dochter van wijlen Franchoys van der Cammen, — zijnde de geheele 
rente door de Staten van Brabant uitgegeven geworden aan Symon 
Bacx Janszoon ten behoeve der kinderen van wijlen Anthonis van 
Achel, waarna Gysbert de Cock, zoon van wijlen Jan de Cock, als 
man van Agnesen, dochter van voornoemden Anthonis van Achel, 
die had overgedragen aan meergenoemden Franchoys van der 
Cammen, blijkens schepenbrieven van 's Bosch van 17 Nov, 1551. 
Hierover waren als schepenen Ysaac van de Graeff en Daniel van 
Hamel. (Zie oorkonde n<> 514), 

516. ii September i6S9. 

Arndt van den Heuvel als gemachtigde van Maria van Eerden- 
wech, dochter van wijlen mr Johan van Eerdenwech en Maria de 
Leuwe, dochter van wijlen mr. Dierick de Leuwe, blijkens procu- 
ratiebrieven verleden voor Schepenen van Leuven, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Jan van Dreijsschoit ten behoeve 
van mr Gerard van Someren, licentiaat in de rechten en 
oud*raad van die stad, eene erfrente, welke Steven Lambrechts 
Sanders van Culenborch van deze stad verkregen had en daarna 
aan Jacob van Arckel, Jacob van Delft, Dierick Mallants, Steven 
en Hadewig van Arckel bij scheiding en deeling was ten deel ge- 
vallen, hebbende vervolgens genoemde Dierick Mallants als man 
van Aleid, dochter van wijlen Everard van Arckel en Aleid, de 
dochter van Arndt Lambrechts, een vijfde in die rente aan Jacob 
van Arckel overgedragen, waarna voornoemde deelgenooten den 11 
October 1549 de rente verkochten aan Claes, den zoon van wijlen 
Henrick Janszoon de Leuwe ten behoeve van Dierick, den zoon 
van genoemden wijlen Henrick Janszoon de Leuwe. Hierover waren 
als schepenen Adriaen Ploos en Daniel van Hamel. 



— 204 — 

517. ^ Januari iGSS. 

Robbert de Bever en Johan van den Noort^ schepenen van 
's Bosch, stellen, — vermits hun van wegen de vijf onmondige kinderen 
van wijlen Adriaen Martenszoon van Vechel en Aertken, dochter 
van Huijbert Janszoon en Judith Aertsdochter zaliger, verklaard 
wai, dat de ouders van bedoelde kinderen eenige dagen geleden 
waren komen te overlijden, die kinderen nalatende zonder in der* 
zelver voogdij te hebben voorzien ; dat het daarom noodig was, 
zoo tot het aanvaarden der nalatenschappen hunner ouders als tot 
hunne verzorging, dat alsnog in die voogdij werd voorzien en dat 
Peter en Joost Martens van Vechel, broeders van genoemden Adriaen 
van Vechel, zijnde alzoo ooms van vaderszijde en Dierick en Panwels 
Wouters van Middelair, gebroeders, zonen van Wouter en Hen* 
ricksken Aerts, de zuster van genoemde Judith Aertsdochter, bloed- 
verwanten van moederszijde, bereid waren de voogdij te aanvaar- 
den, tot de benoeming waartoe zij schepenen voorzegd zeer ootmoedig 
baden, — uit kracht van de macht hun, schepenen, door Keizer Karel 
als Hertog van Brabant gegeven, bedoelde vier bloedverwanten aan 
tot voogden over meergenoemde minderjarigen. 

518. iO Februari i(iS4. 

Derick, zoon van Aerdt Eisen, doet ten behoeve van zijne dochter 
Katharijn, huisvrouw van Pauwei Hendricx, afstand van den tocht 
op na te melden onroerend goed, waarna deze voor Schepenen van 
Helmond aan Frensken, dochter van Adriaen Lucas, eene grond- 
rente verleent uit een huis, hof en hofstad, staande en gelegen 
aldaar aan de Kerkstraat naast het erf der weduwe Meriken Berthrams 
aan de eene zijde en dat van Jan Derick de Raijmaecker aan de 
andere zijde. Hierover waren als schepenen mr Adolph Becx en 
Johan Becx. 

519a. i6 Maart i6S4. 

Verklaring van Jacob Woutersz. van de Dooleggen, schout en 
Albert Artsz., schepen van Stratum, dat te hunnen overstaan 
Ëlisabeth, weduwe van Michiel Michielsz. en Margriet, weduwe van 
Goijart Gerardsz Schamparts, dochters van wijlen Willem van Tater- 
beeck en Catharina, de dochter van Mathijs van Strijp en Judith 
van Amersoijen, de dochter van Jonker Everhard van Amersoijen, 



volmacht gegeven hebben aan hunne respectieve zonen WQlem 
Michiels en Gerard Schamparts om afstand te doen van hunnen 
tocht op een vierde in de tienden van Heesch, waarna de bloote 
eigenaren daarvan, zijnde Elisabeth voornoemd, Michiel Michielsz., 
Ruth Michielsz., Dirck Franssen als man van Cathelijn Michielsz, 
kinderen van wijlen Michiel Michielsz en Elisabeth van Taterbeeck 
voornoemd en Margriet voornoemd, voor zich en als zich sterk 
makende voor hare kinderen, bij haar verwekt door Goijart Gerardsz. 
Schamparts, aan genoemde gemachtigden volmacht gaven om voor- 
schreven een vierde te verkoopen. 

520a. SO Maart 1654. 

Twee brieven van Charles Morgan, gouverneur van Bergen op 
Zoom. Zijne vrouw was Elisabeth, dochter van Philips van Mamix 
van St Aldegonde. 

521. i9 Mei i6S4. 

Johan Laureijnszoon van Diepenbeecke, buigerder stad Helmond, 
verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Aelken, dochter van 
Jacob Adriaanszoon van Vechel, 1) eene grondrente uit een huis» 
erf en tuin, gelegen te Helmond in de Biesestraat tusschen hét erf 
van Henrick Arndszoon Peters eenerzijds en het erf van Jan van 
Nistelroij anderzijds. Hierover waren als schepenen Henrick van 
Gasteren en Comelis van der Merendoncq. 

522. 98 September i6S4. 

Henrick van Beverst, als gemachtigde van vrouwe Lucia van 
Hohenstein, vrouwe der heerlijkheid Arendonck, Sensich, enz., weduwe 
van mr Peter van Broeckhoven, in zijn leven rentmeester der Staten 
van Brabant in het Kwartier van 's Bosch en raad van die stad, 
blijkens schepenbrieven der vrijheid en dingbank van Hilvarenbeek 
van 7 Nov. 1631, verkoopt uit kracht der macht aan zijne last- 
geefster bij het codicil van genoemden, haren man, gegeven voor 
Schepenen van 's Bosch aan Rombout RomboutSi doctor in de 
medicijnen en oud-raad van die stad, eene erfrente, welke de Staten 
van Brabant in 1554 verleend hadden aan Jonker Jan van Beeck 



i) Hij was ftmilie van den H. Leonardus van Vechel. 



— 906 — 

en die mr Peter van Broeckhoven voornoemd in 1606 gekocht had 
van Jonker Wouter van Beeck, zoon van Jan voornoemd, eensdeels als 
transport hebbende van Juffrouw Maria van den Bongaert, dochter van 
wijlen Jonker Jacop van den Bongaert en wijlen Juffrouw Geertmid 
van Beeck, dochter van Jan meergenoemd, voor twee derde gedeelten 
en van Jonker Henrick van Mher, zoon van wijlen Jonker Henrick 
van Mher en wijlen Juffrouw Maria van Beeck, ook dochter alsvoren, 
voor het overblijvend derde gedeelte. Hierover waren als schepenen 
Henrick van Gasteren en Gharles van Vlierden. 

523. i6 Maart 1635. 

Anthoni Willemszn van Jaebeeck bekent voor Schepenen van 
's Bosch geld schuldig te zijn aan de erven van zal. Nicolaes Janszn 
Donckers, in leven oud*raad van die stad, alsmede meester en rector 
van het Groot Gasthuis aldaar, voor de eene helft en aan de erven 
van zal. Anna van Jaebeeck, diens huisvrouw, voor de andere helft 
en verbindt voor die schuld een huis met erf, ledige plaats en 
koekhuisje, eertijds genaamd In din Rohoagen en nu het Btuftt^ 
staande met een ander huis, genaamd de Gulden Beer^ met eenen 
gevel onder een dak voor aan de straat en wel aan de Vughterstraat 
tusschen het huis en erf, genaamd In de drie nebeien^ eenerzijds en 
tusschen voorschreven huis de Gulden Beer anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Comelis van Cuyck en Nicolaes Wytmans. Op 
den rug staat: Mr Helias Donckers, licentiaat in de rechten, ver- 
klaart namens zijnen vader Melchior Donckers, dat Ëlisabeth van 
Esch weduwe van Anthoni van Jaebeeck een deel van voorschreven 
schuld afgelost heett 7 Mei 1642. 

524. i Mei om. 

Adriaan, zoon van Jan Comeliszoon de Brouwer, wonende te 
Moergestel, als man van Catharina, dochter van Matheus Elis, ver- 
leent voor Schepenen van 's Bosch aan Joost Martenszoon van 
Vecheli kramer, als zijnde een der momboiren over de onmondige 
kinderen van zijnen broeder Adriaan Martenszoon, ten behoeve van 
die onmondigen eene grondrente uit eene boerderij, gelegen te 
Moergestel ter plaatse genaamd aan 't Collickven, alsmede uit een 
perceel land, gelegen onder dezelfde gemeente. Hierover waren als 
schepenen Antony van Outheusden en Comelis van de Merendoncq. 



— 207 — 
525. 8 Mei i635. 

Gerard van den Hovel, priester, zoon van wijlen Aert van den 
Hovel en Gerartken, dochter van Gerard Colen Gerardszoon, in 
leven secretaris van 's Bosch, verleent aan Mathijs van den Ancker 
ten behoeve van het Officie, gefundeerd door Bartholomeus van 
Merlaer, in het Merlaers choortje, voor Schepenen van 's Bosch eene 
grondrente uit het vijfde gedeelte in een huis, erf en plaats genaamd de 
Witte Schoen^ staande in de Vughterstraat te 's Bosch tusschen het 
huis van Elisabeth weduwe van Joseph van Delft eenerzijds en 
het huis van Henrick Janszoon van Eerssel anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Gijsbert Pieck en Jacob van Lanschot. 

526a. 90 Juli i6S5. 

Peter van Berchem, zoon van wijlen mr. Gijsbrecht van Berchem 
Jacobszn en Pieterken, dochter van Jan Peterszn van Antwerpen, 
verkoopt aan Laureyns van Kessel eene grondrente, gaande uit 
landerijen» gelegen te Udenhout. 

527. 6 Octoher i(m. 

Adriaen Gerartssen van Weert, slotenmaker, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Henrick Gerartszoon van Boxmeer zoo te diens 
behoeve als ten behoeve van Peeterken Adams, zijne huisvrouw, 
eene grondrente uit een huis met erf, plaats en tuin, gewoonlijk 
genaamd de Pijlkoker^ staande te 's Bosch in de Lan^e Putstraat 
tusschen het huis met erf, toebehoorende aan de KApelanie der 
St. Jan Ev. kerk aldaar, eenerzijds en het huis en erf van Dierick 
Wouters, bakker, anderzijds en zich uitstrekkende van af de straat 
tot aan het erf van Jan den Snijder te Vechel. Hierover waren als 
schepenen Joris van Bemagien en Jacob van Lanschot. 

528. ii Octoher i635. 

Wouter en Adriaan, gebroeders, zonq;i van wijlen Jan Wouters- 
zoon van Esch, 1) wollenlakenkooper en Anneken van Roy en 
Wouter Aertszoon Kievits als momboir over Jan en Nicolaas, ge- 
broeders, onmondige zonen van genoemde echtelieden, en als ge- 
machtigde van S' Johan van den Hoevel, schout van Hapert, Hoogeloon 

t) In 1597 woonde te Oisterwijk Jan, zoon van wijlen Wouter van Esch 
Adriaanszoon en Magdalena, dochter van Jan Matheuszoon die Bunger. 



— 208 — 

en Gasteren, ook voogd orer gezegde kinderen, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch en in tegenwoordigheid van laatstgenoem- 
den Jan van Esch, zijnde gepasseerd den leeftijd van 22 jaren en 
gehuwd, eene erfrente, door de Staten van het Hertogdom Brabant 
den 12 April 1570 verkocht aan Jan Matheuszoon die Bunger en 
door Margriet, dochter van Wijlen Getird Snels (?) en weduwe van 
Comelis Jan Matheuszoon die Bunger uit kracht van diens testament 
den 4n Juli 1616 verkocht aan Jan Wouteiszoon van Esch, — aan 
Dierick van Kessel ten behoeve van mr Amout van Broeckhovcn, 
licentiaat in de rechten en oud-raad van 's Bosch en van Laureijns 
van KesseL Hierover waren als schepenen Joris van Bemagien en 
Johan van den Noort 

529. 98 Ociober i685. 

Jacob van Bladel bekent voor Schepenen van 's Bosch geld schul- 
dig te zijn aan Agnes, eenige dochter van wijlen Jan Lookemans 
en Elisabeth van Dieten, dochter van wijlen Jan Henricx van Dieten 
en verbindt daarvoor een huis met erf, tuin, drie kamers of wonin- 
gen aan elkander gebouwd, looierij, zes looikuipen, kalkkuil, twee 
aan een staande looihuisjes, een lang en een kort turfraam, staande 
te 's Bosch aan den Vughterdijk tusschen de beide poorten en met 
een gang zich uitstrekkende van af die straat en eene steenen water- 
trap tot aan de Dieze. Hierover waren als schepenen Rutger Tuile- 
keus en Laureijns van Berckel. 

530. 96 Juni 1636, 

Coendert van Brecht, zoon van wijlen Abraham van Brecht, den 
natuurlijken zoon van Jonker Coenrart van Brecht (den zoon van 
zaliger Heer Jan van Brecht, ridder, hoog- en laagschout der stad 
en Meierij van 's Bosch en Elisabeth van Hunnenberch) en Margriet 
van Dael Gerardsdochter, zoo voor zich en als gemachtigde van 
zijnen broeder en zuster Gerit en Maria van Brecht, blijkens schepen* 
brieven van Nijmegen, alsmede als zich sterk makende voor zijnen 
afwezigen broeder Willem van Brecht, alleen ook kinderen van 
Abraham van Brecht en Margariet van Dael voornoemd, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Tobias de Busson, zoon van wijlen 
Guiliam de Busson en Catharina, dochter van Gerard van Dael 
voornoemd, eene grondrente, gaande uit een stuk land, genaamd 
het Looterspeck, gelegen te Gestel bij Oisterwijk, door Aert, zoon 



— 209 — 

van Christiaen Peters, 7 December 1655 verleend aan Heer Jan van 
Brecht, ridder, zoon van wijlen Gooswijn van Brecht en welke 
grondrente aan voornoemden Jonker Coenrart van Brecht bij boedel- 
scheiding van 25 Mei 1571 was toebedeeld, zijnde daarvan aan 
genoemden Abraham van Brecht de constitutiebrief uitgereikt door 
mr. Daniel van Vlierden, agent van het Huis van Brecht, met 
consent van J°' Marcelis van Brecht en J^'Johan van Hambroeck, 
daartoe gemachtigd door Heer Johan van Brecht, ridder, den zoon 
van Heer Jan van Brecht voornoemd, overeenkomstig het testament 
van J®' Coenrart van Brecht, den vader van voornoemden Abraham 
van Brecht Hierover waren als schepenen Johan van den Noort en 
Willem van Houte. 

681. 9i Auguêiuê iüdd. 

Johan van den Noort en Willem Henricxssen van den Houté, 
schepenen van 's Bosch, getuigen, dat ten hunnen overstaan Maij- 
ken, weduwe van Andries Dierick Goossens en dochter van Jan 
Lonissen van Megen en Hilleken, de dochter van wijlen Jacob, 
(den zoon van mr. Andries Ghijsbertszoon) Vos en Manken, de 
dochter van Joachim Diericxzoon, alsmede Peter Walraven, bier- 
brouwer, als man van Alagonda, dochter van Jan Lonissen van 
Megen en Hilleken, verklaard hebben ontvangen te hebben van 
Steven Albertszoon Snelle, koopman te 's Bosch, hunnen behuwd- 
grootvader, de som, welke genoemde Mariken, dochter van Joachim 
Diericxzoon, toen huisvrouw van dien Steven Albertszoon Snelle, 
aan de kinderen van Jan Lonis en Hilleken voornoemd gelegateerd 
had bij haar testament, verleden voor den notaris Geerlingh Ruys 
op 19 Augustus 1621. 

532. i5 November 1636. 

Vermits de Staten van Brabant den 16 Nov. 1569 aan Heer 
Peeter, zoon van Lambert Boschmans, priester, verkocht hadden eene 
erfrente van zes carolus gulden en vijf stuivers en vermits daarna 
Heer Gerart, priester, zoon van wijlen Jan Boschmans van Someren, 
beneficiaat der Cathedrale kerk van St. Jan te 's Bosch, voorschre- 
ven rente opgedragen had aan Peeter Amdszn van Hees ten be- 
hoeve van Metken, dochter van wijlen Jan van Zoerendonck, met 
bepaling, dat di« na haren dood zoude geërfd worden door Peeter 

14 



— 210 — 

van Glabbeeck, zoon van Vitus en Heijlwich, de zuster van Heer 
Gerart voornoemd en dochter' van Jan Boschmans» ofwel in geval 
van zijn vooroverlijden door de wettige kinderen van hem, Peeter 
van Glabbeeck, zoo hebben voor Schepenen van 's Bosch Jan en 
Peterken, kinderen van wijlen Peeter Fijten voornoemd, JanGijs- 
bertszoon van den Achter als man van Heijlken, dochter van den- 
zelfden Peter Fijten, Peeter, zoon van Willem, den zoon van Peeter 
Fijten voormeld en Jan Janszoon van Heeze, wonende te 's Bosch, 
als gemachtigde van zijne zwagers Jan en Adriaan, zonen van 
meergezegden Peeter Fijten, wonende te Haarlem, voorschreven 
erfrente verkocht aan Goidtscalck Noppen ten behoeve van Grietken 
Antoniszoon van Schijndel. Hierover waren als schepenen Jan van 
der Meulen en David van den Bossche. 

Hierbij : 

a de brief, waarbij de Staten van Brabant den 16 Nov. 1669 
voorschreven erfrente verkochten aan den priester Peeter, zoon van 
Lambert Boschmans. 

b de akte, waarbij voor Henrick Franszoon van Gestel en Willem 
Oliviers, schepenen van 's Bosch, — overmits Heer Peeter, zoon van 
Lambert Boschmans, priester, de helft in voorschreven rente had 
gelegateerd aan Peeterken Jansdochter van Hedell ten erfrecht en 
de wederhelft in tocht met bepaling, dat den eigendom daarvan 
zouden hebben Willem en Jenneken, zijn neef en nicht, ofwel hunne 
kinderen; overmits daarna genoemde Peeterken Jansdochter van 
Hedell de eerstbedoelde helft den 1 Juni 1691 voor Schepenen van 
's Bosch verkocht had aan Heer Gerard, zoon van wijlen Jan Bosch- 
mans, priester en beneficiaat der St Janskerk van 's Bosch, en overmits 
vervolgens mr Sebastiaen van Poppel als man van Mariken, weduwe 
van Willem Boschmans, Art Goben als man van Anneken en Jan, 
zoon van wijlen Jenneken, de zuster van genoemden Willem, de weder- 
helft dier rente den 13 Januari 1699 voor Schepenen van Someren 
verkocht hadden aan Heer Gerard Boschmans voornoemd, — deze 
laatste de voorschreven rente den 26 Sept 1618 in haar geheel op- 
draagt aan Peeter Aertszoon van Hees ten behoeve van Metken, 
dochter van wijlen Jan van Zoerendonck, met bepaling als voorzegd. 

c de in deze akte bedoelde schepenakten van 's Bosch en Someren. 

d het extract uit het testament van Heer Gerart Janszoon Bosch* 
mans van Someren, beneficiaat der St. Janskerk te 's Bosch. 

€ de akte, waarbij voor Johan ^ranchoys Balbiaen en Quirinus van 



— 211 — 

Sonst, schepenen van 's Bosch, Johanna Cools als gemachtigde van 
haren man Johan de Bacquer voorschreven erfrente den 8 Mei 1685 
verkoopt aan Peter van Cuyck» burger van *s Bosch. 

533. 2i Janvari 1637. 

Peter Janszoon Mutsaerts als gemachtigde van Maximiliaan Hen* 
rickszoon van Maastricht, blijkens akte van volmacht, verleden te 
Antwerpen, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan mr Norbertus 
Mutsaerts, licentiaat in de rechten, eene grondrente uit eene bouw- 
hoeve, gelegen in de Vrijheid van Waalwijk ter plaatse, genoemd 
in den Hofslag, tusschen het erf der erfgenamen van Jan van 
Breehees eenerzijds en dat van Gerard Aertszoon van Andel an* 
derzijds, alsmede uit een stuk bouwland, gelegen alsvoren tusschen 
het erf van Henrick Anthoniszoon van Geffen eenerzijds en het erf 
van Gerard Aertszoon van Andel anderzijds, alsmede uit eenen kamp 
bouwland, gelegen alsvoren tusschen het erf van Thomas Corst Thomas 
eenerzijds en dat van genoemden Henrick Anthoniszoon anderzijds, 
welke grondrente meergenoemde Henrick Anthoniszn van Geffen, 
wonende in de Vrijheid van Waalwijk, den 24 Juli 1680 had ver- 
kocht aan Marijken weduwe van Hendrik van Haubraken, thans huis- 
vrouw van genoemden Maximiliaan Henrickszoon. Hierover waren 
als schepenen Charles van Vlierden en Charles van Vladeracken. 

534. 28 Ap'il i6S7. 

Nicolaes, zoon van Reynder Nicolaes Maessen, wonende te Smeer- 
maes, als een der erfgenamen van Maria, dochter van wijlen mr 
Nicolaes Albertszoon van der Heyden, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Adriaan Willem Henricxzoon van Engelen eene 
grondrente, gaande uit eenen beemd, genaamd de Horst, gelegen 
onder Breugel ter plaatse genaamd de 2^ndstraat en uit eenen weide- 
kamp, genaamd de Koeweide van Bollenhoeve, gelegen te Breugel 
ter plaatse genaamd Op Oerle in Bollenhoeve, welke rente Henrick, 
zoon van wijlen Jan Lathouwers en Dirick, zoon van wijlen Aert 
Lenaerts, beiden wonende te Breugel, den 18 Juni 1615 verkocht 
hadden aan voornoemde Maria van der Heyden. Hierover waren als 
schepenen Johan van der Meulen en Cornelis van der Meerendonck. 

5^0. SO Juli 1637. 

Henrick Faessen, bierbrouwer, veilt zijn huis St. Jacob, staande 
in de Kleine Korenstraat te den Bosch. 



— 212 — 

536 90 JanuaH i6S8. 

Jacob van Bladel, borger van 's Bosch, bekent voor Schepenen 
aldaar geld schuldig te zijn aan Mathijs van den Ancker, ten behoeve 

van Jan en Peter , en verbindt daarvoor een huis met erf, 

plaats en brug, staande te 's Bosch Achter het Wild varken, tusschen 
het erf der weduwe en kinderen Peter Adriaans de Post eenerzijds 
en het erf van Anthonis Danckloffs, genaamd Aet Trepken^ anderzijds 
en zich uitstrekkende van Achter d'Oude Raedihuijs tot aan het 
erf van het huis, genaamd den Groenen Kese. Hierover waren als 
schepenen Nicolaes Wytmans en Gerardt Tielemans. 

537. % Navemher 1688. 

Henrick, zoon van wijlen Geraert van Berlicum, wonende te 
Waalwijk, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan mr Norbertus 
Mutsaerts, licentiaat in de rechten, ten behoeve van mr Geraert van 
Zoemeren, ook licentiaat in de rechten en oud-raad van *s Bosch, 
eene grondrente uit huis, erf, tuin en zaailand, staande en gelegen 
binnen de heerlijkheid Waalwijk nabij de kerk aldaar. Hiervoor 
waren als schepenen Adriaan Ploos van Amstel en Rutger Tulleken. 

538. 24 November i6S8. 

Godtscalck, zoon van wijlen Henrick Noppen, ak weduwnaar 
van Petronella, dochter van wijlen Gijsbert van Swol, zijnde door 
haar tot het navolgende gemachtigd bij haar testamant, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Anneken, dochter van wijlen 
Jacob Ariaens van Vechel, eene grondrente, gaande uit een huis 
met erf en ledige plaats, staande en gelegen te 's Bosch achter de 
Minderbroederskerk tusschen het erf van Roelof GeritszoonNauwen, 
smid, eenerzijds en dat van Gijsbert van Broeckhoven anderzijds, 
welke grondrente voornoemde Godtscalck Noppen den 16 Nov. 
1612 verkregen had van zijnen broeder Roelof Noppen als ge- 
machtigde van Dierck Matheuszn in diens hoedanigheid van vader 
en voogd over zijne onmondige dochter Geertruijdt, verwekt bij 
Sara Rovers, van Bemart Bruijnincx, als getrouwd zijnde met de 
Bertken Boxhoim weduwe van Roemer Claeszn en anderen. Hier- 
over waren als schepenen Adriaan Ploos van Amstel en Johan van 
den Noort, (Zie oorkonde no. 211). 



-^ 218 — 

539. i Augustus i6S9. 

Rutger Tulle)cen en Johan van den Noort, schepenen van 's Bosch, 
getuigen, dat te hunnen overstaan Willem Henrickszoon van Wel* 
huijsen, als man van Goyaertken Davits, verklaard heelt van Adriaen 
van Herlaer, Jacob Laureijnszoon van Empel, Johan van Aelst en 
Peter Walravens, als testamentaire voogden over Jan, eenigen on- 
mondigen zoon en erfgenaam van wijlen Steven Aelbertszoon Snellen, 
ontvangen te hebben het legaat, dat genoemde Snellen bij zijn 
codicil aan genoemde Goyaertken Davits, zijne gewezene dienst- 
maagd, had gelegateerd. 

540. 9 Augustus i6S9. 

Marcelis van Megen als gemachtigde van den Edelen Heer Peter 
d'Assignies, ridder, heer van Planti, Ter Bruggen, Gageldonck enz., 
blijkens volmacht verleden voor Schepenen van Etten in de Baronie 
van Breda, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Servaes 
Jacopszoon van Weerdt eene grondrente uit zijne helft in de molens 
te Osch, Heesch, Nistelrode en Berchem met het daartoe behoorend 
recht van molendwang. Hierover waren als schepenen Johan van 
den Noort en Johan Vloots. 

5él. 26 September i699. 

Jacob Gysselen Janszoon verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan mr. Henrick van Engelen, licentiaat in de rechten, eene erf* 
rente, welke de Staten van Brabant verleend hadden aan de Alge- 
meene Armen van Middelburg en door dezen aan hem was verkocht. 

542. i9 Januari i640. 

Alzoo Henrick Wouter Eelkens als weduwnaar van Catharina, 
dochter van wijlen Goyart Janssen van Aken, den tocht van de 
helft in eenen rentebrief, door de Prelaten, Edelen en Steden, ver- 
tegenwoordigende de drie Staten van het land van Brabant, op 1 
Maart 1662 verleend aan Jutkenen, dochter van Mathijs Peeters, 
had afgestaan aan Sebert Janszn als man van Mayken, dochter van 
Henrick Wouter Eelkens en Catharina voornoemd, akmede aan 
Wouter, zoon van laatstgenoemde echtelieden, zoo heeft voor Sche- 
penen van 's Bosch Sebert Janszn, als man van Mayken en als 
zich sterk makende voor zijnen zwager Wouter, voorschreven helft 



— 214 — 

verkocht aan Franchoys Willemszn Vogels, schoenmaker, zoo te diens 
behoeve als ten behoeve van zijne huisvrouw Mechteld, dochter van 
wijlen Zeger Wouter Eelkens, welke reeds op de wederhelft gerechtigd 
was. Hierover waren als schepenen Henrick Kuysten en Mathijs Brul. 

543. i8 FAruaH iö40. 

Henrick Tielemans en Mathijs Brul, schepenen van 's Bosch, 
verklaren, dat te hunnen overstaan Marten en Huybert, mondige 
zonen van Adriaan, (zoon van Marten Joostzoon) van Vechel en 
Ariken, dochter van Huijbert Janssen, akmede Joost Martenszoon 
van Vechel en Dierick Wouterszoon van Midelaer, als momboiren 
over Judith en Eeken, onmondige dochters van Adriaan en Ariken 
voornoemd, de nalatenschappen van deze echtelieden verdeeld hebben. 

544. 3 Maart i640. 

Huijbert, zoon van wijlen- Adriaan Martenszn van Vechel en 
wijlen Amtken, dochter van Huijbert Janssen, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan zijnen oom Joost Martenszoon van Vechel 
de helft in eene grondrente, welke Adriaan, zoon van Comelis 
de Brouwer, wonende te Moergestel, als man van Catharina, dochter 
van Matheus £lis, op 1 Mei 1684 had verleend aan Joost Martenszn 
van Vechel voornoemd en aan de momboiren over de onmondige 
kinderen van diens broeder Adriaan uit eene bouwhoeve, gelegen 
te Moergestel ter plaatse genaamd aan het CoUickven. Hierover waren 
als schepenen Mathijs Brul en Lambert Pottey. (Zie oorkonden 
n<» 498 en 624). 

545. S Maart i640. 

De Raad van Brabant te 's Hage verleent op diens verzoekschrift 
aan Franchoys van Gestel, kanunnik en aartsdiaken der kerk van 
St. Jan Evangelist te 's Bosch, zoon van Henrick van Gestel en 
Johanna Vuchts, machtiging om bij uitersten wil over zijne leen- 
goederen te beschikken. 

546. 2i April i640. 

De Raad van Brabant te 's Hage verleent aan mr Geraert van 
Someren, advocaat te 's Bosch, octrooi om over zijne leengoederen 
te testeeren. 



- 215 — 

547a. ii Mêi 1640. 

Bij gerechtelijke uitwinning, geschied wegens wanbetaling eener 
grondrente, die op na te melden stuk land 14 November 1629 was 
verleend ten behoeve van nu wijlen Dirck Joostzoon van Bueren, 
koopen voor Peter Willemszoon van Tillaer en Marten Reijnders- 
zoon Dobbelijns, schepenen van St. Oedenrode, Wouter, zoon van 
wijlen Jan de Gruijter en Jan Hendrikszoon de Smidt een stuk 
zaailand, gelegen te St. Oedenrode ter plaatse genaamd Neijnsel. 

548. i5 Juni i640. 

Hendrik Kuysten en Henrick Tielemans, schepenen van 's Bosch, 
getuigen, dat te hunnen overstaan Judith, mondige dochter van 
Adtiaan, (den zoon van Marten Joostzoon van Vechel) en Arntken, 
dochter van Huijbert Janszoon, verklaard heeft, dat Joost Martens- 
zoon van Vechel en Dierick Wouterszoon van Middelaer, hare ge* 
wezen momboirs, haar behoorlijke rekening en verantwoording 
hebben gedaan van hun beheer als zoodanig, 

549. i5 Juni iöiO. 

Judith, dochter van wijlen Adriaan van Vechel Martenszoon en 
Arntken, de dochter van wijlen Huijbert Jansen, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan haren oom Joost van Vechel Martenszoon 
de helft van eene grondrente, gaande uit eene boerderij, gelegen 
te Moergestel ter plaatse genaamd aan '/ Collickven^ over het water 
aldaar, tusschen de gemeene straat eenerzijds en het erf van Margriet 
weduwe van Pauwei Joosten en hare kinderen anderzijds, welke 
grondrente Adriaan, zoon van Jan Cornelis de brouwer, wonende 
te Moergestel, als man van Catharina, dochter van Mathias Elis, 
den In Mei 1684 had verleend aan Joost van Vechel Martenszoon, 
als zijnde een der momboiren over de onmondige kinderen van 
zijnen broeder Adriaan Martenszoon. Hierover waren als schepenen 
Henrick Kuysten en Henrick Tielemans. (Zie oorkonde no. 544). 

550. 5 Juli 1640. 

Verklaring van Gielis van Bruessel en Lambrecht Potay, schepenen 
van 's Bosch, dat te hunnen overstaan mr Henrick Molengraefs, 
chiruigijn, als man van Mayken, dochter van wijlen Jan, gewet« 
tigden bastaardzoon van Anthonis Schenckebi verwekt bij Marijken, 



— 216 — 

dochter van wijlen Joachim Diercx, zoo voor zich en als zich sterk 
makende voor zijnen zwager Leunis Schenckels, zoon van Jan 
Anthoniszoon voornoemd, verklaard heeft uit handen van mr Thomas 
van Hijnsberchy notaris en klerk ter secretarie te *s Bosch, als curator 
over Jan, eenigen onmondigen zoon en erfgenaam van wijlen Steven 
Albertszoon Snellen, te hebben ontvangen het legaat, dat genoemde 
Marijken, dochter van Joachim Diercx, met toestemming van ge- 
noemde Steven Albertszoon Snellen, haren man, bij testament, op 
19 Augustus 1621 verleden voor den notaris Geerlingh Ruijs, had 
gemaakt aan Jan Schenckels voornoemd of in geval van voorover- 
lijden aan diens kinderen. 

651. il Juli 1640. 

Jacob Deniszoon van Espendonck als man van Aldegunda, doch- 
ter van wijlen Jan, gewettigden bastaardzoon van Anthonis Schenckels, 
door dezen verwekt bij Mariken, dochter van wijlen Joachim Diercx, 
zoo voor zich en als zich sterk makende voor Leunis Schenckels, 
zijnen zwager, zoon van Jan Anthoniszoon Schenckels voornoemd, 
bekent voor Schepenen van *s Bosch van mr Thomas van Heijns- 
berch, notaris en klerk ter secretarie aldaar, als curator over Jan, 
eenigen onmondigen zoon en erfgenaam van wijlen Steven Alberts 
Snellen, ontvangen te hebben de som van f 500, zijnde de helft 
der som, die genoemde Mariken Joachims met consent van haren 
man Steven Alberts Snellen bij haar testament vermaakt had aan 
genoemden Jan Schenckels. Hierover waren als schepenen Henrick 
Kuysten en Lambrecht Potay. 

552. i Maart i64i. 

Willem, zoon van wijlen Willem Willemszoon Auwkens, wonende 
in de parochie en heerlijkheid van Lithoijen, verleent voor Schepenen 
van *s Bosch aan Anthonij, zoon van wijlen Gijsbert van Kessel, 
zoo ten behoeve van dezen als van Johan, zijnen broeder en Maria 
zijne zuster, ook kinderen van voornoemden Gijsbert van Kessel, 
eene grondrente uit huis en erven, gelegen binnen voorschreven 
parochie en heerlijkheid. Hiervoor waren als schepen Johan van 
den Berch en Geraert Tielemans. 



— 217 — 
558. SS Maart i64i. 

Alzoo Servaes, zoon van wijlen Andries Servaeszoon, wonende te 
St. Michielsgestel, als man van Henricxken, dochter van wijlen Cors- 
tiaen Delis, een huis met erf en tuin, staande te 's Bosch aan de 
Diepstraat tusschen het erf van Gijsbert Bosch, een weg tusschen 
beiden liggende, eenerzijds en het huis en erf van Anneken Claess 
anderzijds en zich uitstrekkende vanaf gezegde straat tot aan het 
erf van Jenneken van Helmont, verkocht had aan Reijnder, zoon 
van wijlen Michiel Gijsbertszoon van den Ancker en aan Adriaan, 
zoon van Antony Danckeloffs, ten behoeve van Gerard Gijsberts- 
zoon van den Ancker voor de eene helft en van denzelfde ten tocht 
voor de andere helft, zoudende deze helft na diens dood in vollen 
eigendom komen aan de kinderen van voornoemden Michiel Gijs- 
bertszoon van den Ancker, een en ander blijkens schepenbrieven 
van 's Bosch van 28 Sept. 1684 en vermits daarna Gerard Gijsberts- 
zoon van den Ancker al zijne goederen had overgedragen aan 
Robbert Reijnderszoon van Berckenbosch en Reijnder Michielszoon 
van den Ancker blijkens schepenbrieven van diezelfde stad van M 
Dec. 1687, zijnde voorschreven huis met tuin thans veranderd in 
vier woonkamers met vier paardenstallen en erven, zoo hebben 
voor Schepenen van 's Bosch voornoemd Robbert Reijnderszoon 
van Berckenbosch en Bemart Lehardi als man van Jacomijntken, 
weduwe en erfgenaam van voornoemden Reijnder Michielszoon van 
den Ancker, ab transport hebbende van voornoemden Gerard Gijs- 
bertszoon, voüT de eene helft en Maryken, dochter van Michiel van 
den Ancker, genoemde Bemart Lehardi als man van gezegde Jaco- 
mijntken de erfgenaam van Reynder Michielszoon voornoemd, 
Adriaan Danckelofis als man van Magdalena, Jan Janszoon van 
Wolffswinckel als man van Beatrix, allen onmondige kinderen van 
Michiel Gijsbertszoon van den Ancker voornoemd, voor hen zelven 
en alsnog meergenoemde Robbert van Berckenbosch, Jan Degens 
en Jaspar Gast als momboiren over Goyartken, Elisabeth en Mi- 
cbiellette, onmondige dochters van Michiel Gijsbertszoon van den 
Ancker voornoemd, voor de andere kelft^ de eene helft en zeven 
achtste gedeelten van de andere helft van eene der voorbedoelde 
woonkamers, te weten die staande aan de Diepstraat tusschen het 
huis en erf van Anneken Claes de St. Anthonisstraatwaarts aan 
de eene zijde en tusschen de kamer daarnaast staande, die de 
verkoopers voornoemd heden verkocht hebben aan Jan Janszoon 



— 218 — 

van Wolffswinckel, aan de andere zijde, strekkende vanaf de Diep- 
straat tot aan eene kamer, welke de verkoopers heden verkochten 
aan Sebastiaan Willemszoon van Arnhem; item van eenen stal, 
staande achter de kamer, welke aan Adriaan Danckeloffs verkocht 
is, in den voorbedoelden gang of weg, die gelegen is tnsschen het 
oud-huis en erf voorschreven en het erf van Gysbert Bosch, dat 
zijnen ingang heeft in dien gang ; mitsgaders het vierde part van 
een plaatsje, gelegen achter de voormelde vier paardenstallen, welke 
voorbedoelde te verkoopen kamer, stal en vierde part van het plaatsje 
de ruiter Jan Daleken thans in gebruik heeft, — verkocht aan Gcrard 
Michielszoon van den Ancker, die daarvan het overblijvende achtste 
deel reeds had. Hierover waren als schepenen Johan Donckers en 
Gerart Tielemans (Op den rug der akte staat: competeert thans 
Isabella Kuysten). Zie mijne voorname Bossche huizen III p. 69. 

554. ^ Maart iö4i. 

Vermits juffrouw Catharina van Horenbeeck, dochter van wijlen 
Arnd van Horenbeeck en weduwe van mr Symon van Breugel, 
licentiaat in de rechten, den tocht van een huis met erf, tuin, ledige 
plaats, brouwhuis, poort en voorhuisje, staande en gelegen te 's Bosch 
op de Papenhuls bij den Heerenkelder aldaar tusschen dien kelder 
en andere huizen van het ELapittel te 's Hertogenbosch Hinthamer- 
straatwaarts eenerzijds en tusschen het huis en erf van het Klooster 
der Arme Clarissen te Boxtel Diezewaarts anderzijds, strekkende 
vanaf gezegde straat tot aan de Dieze, welk huis met toebehooren 
de £erw. Heer Johan Buchelius van Helmond, priester te Luik, den 
19 September 1680 had verkocht aan mr Symon van Breugel, — 
afgestaan had aan Laureijns van Kessel ten behoeve van de on- 
mondige kinderen, door haren man, mr Symon van Breugel voor- 
noemd, bij haar verwekt, — zoo hebben voor Schepenen van 's Bosch 
mr Albert van Breugel, mr Amoult van Broeckhoven en mrGevart 
van Horenbeeck, allen licentiaten in de rechten en oud-raden van 
's Bosch, als momboiren over de onmondige kinderen van mr Symon 
van Breugel en Catharina van Horenbeeck voornoemd, voorschreven 
huis met toebehooren verkocht aan den ritmeester Anthony van 
Soemeren. Hierover waren als schepenen Gevart Tielemans en 
Johan van den Berch. Zie over dit huis mijne Voorname Bossche 
huizen II p. 506. 



— 219 — 

555. i3 Mei i64L 

Jonker Philippe de Cock van Opijnen genaamd Vladeracken, 
heer van Geffen en van het leenhuis van Nuland, verleent voor 
Schepenen van 's Bosch aan Johan van Dreysschoir, secretaris van 
die stad, ten behoeve van Jacob Uijtter Oisterwijcx Gasthuis eenc 
grondrente, gaande uit eene bouwhoeve, gelegen gedeeltelijk in de 
parochie Nuland en gedeeltelijk in de parochie Rosmalen. Hierover 
waren als schepenen David van den Bosch en Otto Copes. 

556. 12 Juni i64i. 

Nicolaes de Moy, zoon van Johan de Moy, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan Jonker Christoffel van Boecop, zoon van 
Jonker Gerard van Boecop, zoo voor dezen zelve als voor Jonker 
Emest en Jufvrouwen Margaretha en Helena, zijnen broeder en 
zusters, kinderen van Jonker Gerard voornoemd, de helft van eene 
roggepacht, die Henrick genoemd Belensoon had verleend aan Thomas, 
zoon van wijlen Gerard van der Bruggen, uit eene boerderij, gelegen 
te Boxtel achter Stapelen en genoemd hef goed ten Bossche^ alsmede 
uit eenige andere erven, welke helft genoemde Jonker Gerard van 
Boecop verkocht had aan genoemden Nicolaas de Moy op 25 Aug. 
1627. Hiervoor waren als schepenen Johan Donckers en Laureijns 
van 's Gravesande. 

557a. % Augustus i64i. 

Paspoort, door Ferdinand Infant van Spanje, gouverneur der 
Zuidelijke Nederlanden, afgegeven aan Frans van den Eijnde, buiger 
van 's Bosch. 

558. 6 November i64i. 

Marten Janszoon de Leeuw, koperslager, als gemachtigde van mr 
Servaes van Rijssele Janszoon en diens huisvrouw Jenneken, dochter 
van Henrick Aertszoon, blijkens procuratiebrieven voor Schepenen 
der parochie en vierschaar van Waesmunster en Elversele, land 
van Waes, gepasseerd, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Johan Melot, wonende te Vucht, eene grondrente, gaande uit eene 
hofstede, gelegen te Geldrop in de Kerkstraat naast het erf van 
Laureijns In de Snvaen ; uit eenen akker, gelegen te Geldrop ter 



— 220 — 

plaatse genaamd Klein Braakhuijsen naast het erf van den Heer 
van Geldrop en uit eene hofstede, gelegen te Geldrop in de Lang^ 
straat, welke grondrente Willem, zoon van wijlen Willem Ghijsberts- 
zoon en mr Willem, zoon van wijlen Peter Neckels, als man van 
Anthonisken, dochter van Willem Willemszoon voornoemd, wonende 
te Geldrop, hadden verleend op 11 Febr. 1617 aan Geerling Ruijs 
ten behoeve van Heer Leonard Plas, priester en beneficiaat der 
Kathedrale kerk van St. Jan Evangelist te 's Bosch, die ze daarna 
bij zijne codicil, den 18 Maart 1634 verleden voor den notaris 
Dierck Fierens te Diest, had vermaakt aan Jenneken voornoemd. 
Hierover waren als schepenen Otto Copes en David van den Bosch. 

559a. i5 Nopember i64L 

J<w Jacob de Cock, oud-raad van 's Bosch, verklaart geld schuldig 
te zijn aan Magdalena van der Stappen, weduwe van Jan Janszoon 
Scheffers, terwijl Franchoys van Bree, wijntavernUr en burger van 
's Bosch en Elisabeth, dochter van Nicolaes van de Laer, zijne 
moei, verklaren hem deswege schadeloos te zullen houden, omdat 
J^' Jacob de Cock het schuldig bekend geld ten behoeve van hem, 
Franchoys van Bree, had opgenomen. 

560. 5 Februari i64f. 

Goyart van Hees, Comelis Marijnen, Hendrick Tera, Guiliam 
Ruys, Henrick Jans Aken ven. Jan Ru tien van den Bersselaer en 
Jan van Poppel, schepenen van Boxtel, verklaren, dat te hunnen 
overstaan Jan Nicolaes Goossens aan Thonissen Gijsbers heeft ver- 
kocht een perceel bouwland, genaamd de Roye Hoeffkens, gelegen 
in de Baronie van Boxtel ter plaatse genaamd Muntsel, tusschende 
erven van mr Gerart en Aert van Horenbeeck eenerzijds en liet 
erf der kindereu van Gijsbert Peeters anderzijds. 

561. 26 Juni i642. 

Reyner, zoon van wijlen Joost Reyner Gerritszoon, weduwnaar 
van Margriete, dochter van wijlen Gysbert, zoon van Laureys, den 
zoon van wijlen Jan Bertoults, voor zich en voor zijne kinderen, 
gesproten uit zijn huwelijk met haar, verkoopt voor Schepenen van 
Tilburg aan mr Norbertus Mutsaerts, licentiaat in de rechten, eene 
grondrente, die Jan, zoon van Nicolaas Stevens, uit zijne onder- 
panden en hoeven te Tilburg had verleend aan voornoemden Laureys. 



— 221 — 

Hierover waren als schepenen Peters Adriaanszoon van Gilse en 
Willem Gerit Geritssoon (Is get H. de Roy secret. (?)). 

562. ii Juli i642. 

Ten overstaan van Rutger Tulleken en Willem van Houte^ sche- 
penen van 's Bosch, verklaren Gerard en mr Norbert, licentiaat in 
de rechten, gebroeders en Adriana, hunne zuster, kinderen van 
wijlen Peter Janszoon Mutsaerts, in zijn leven rentmeester der Abdij 
van Tongerloo en Anna, de dochter van wijlen Jan van den Wiel, 
akmede Johan van den Velde, schout der heerlijkheid Geldrop, als 
man van Jenneken, dochter alsvoren, goed te keuren de en elkander 
te vrijwaren ter zake van de scheiding en deeling der nalatenschap- 
pen hunner ouders. 

563. 8 Juguêiui 1642. 

Henrick van Beverst als gemachtigde van Comelis Backer, oud- 
burgemeester van Haarlem, deze als oom en voogd van Jacob 
Outgertsson, onmondigen zoon van wijlen Ytgen Jacobsdochter, 
in leven huisvrouw van Outger Adriaanszoon, broeder van genoem- 
den Comelis Backer, deze ook nog als gekozen voogd ten deze 
over Aechtgen Jans, onmondige dochter van Jan Laurenssen en 
Maritgen Jacobsdochter, alsmede als gemachtigde van Vechter Jas- 
pers als man van Aelken Jacobsdochter, zijnde alle de drie ge- 
noemde Jacobsdochters kinderen van mr Jacob Gijsberts en Lijsken 
Michiels, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Jacob van 
Bladel, koopman, eene grondrente, gaande uit eenen wind- en 
eenen rosmolen met hunne erven, gemeenlijk genoemd de Litsche 
molens, staande in de heerlijkheid Lith, alsmede uit landerijen, ge- 
legen in de parochie Kessel, welke grondrente Henrick van den 
Hovel, zoon van wijlen Henrick van den Hovel, den 12 Mei 1615 
had verkocht aan Catharina, dochter van wijlen Michiel Wijnants en 
door deze bij haar testament, den 24 April 1683 gepasseerd voor den 
notaris Thomas van Hijnsberch, was vermaakt aan de genoemde 
drie kinderen van mr Jacob en Lijsken Michiels. Hierover waren als 
schepenen Rutger Tulleken en Willem van Hout. 

Seia. 30 September 1642. 

Brief van Jacob Zuerius (Sweerts), raad en rentmeester-generaal 
over de beden van Brabant te den Bosch, over den dood van zijnen 
eenigen broeder. 



565. 90 Dfcemher 1649. 

Philips, zoon van wijlen Wouter Lievens, als man van Hester, 
dochter van Jan Adriaanszn Strick, verkoopt ten overstaan van 
Schepenen van den Bosch aan Johan Maeszn een huis met erf en 
tuin, genaamd /n den hoerendansy staande aldaar buiten de Pijnap- 
pelsche poort op het Hinthamereind tusschen het huis eertijds van 
Jasper Comeliszn de Bruyn, nu Johan Maeszn voornoemd, ex uno 
en dat eertijds van Jan Amtszn, nu Jan Claeszn, ex alio^ en strek- 
kende achterwaarts zich uit tot aan de barakken, staande bij de 
fortificatie der gezegde stad, met het recht van te mogen gebruiken 
eenen weg, gelegen tusschen het verkochte huis en dat van Johan 
Maeszn meergenoemd, haddende Jan Adriaanszn Strick voornoemd 
het 27 Februari 1609 gekocht van Dierick, zoon van wijlen Lambert 
Maeszn van Geffen en zijnde het aan genoemde Hester Strick 12 
November 1641 toebedeeld geworden. Hierover waren als schepenen 
Otto Copes en Johan Pelgrom. 

566. iO Februari i64S. 

Elisabeth, dochter van wijlen Jan Dier cxzoon van Dinther, verkoopt 
voor Schepenen van *s Bosch aan Philips Wouterssen, timmerman en 
Pauwels Gielissen van Roy, metselaar, twee kamers of woningen 
onder een dak met hare gronden en plaatsje of tuin, naast elkander 
staande in de St. Jacobstraat te 's Bosch tusschen het erf van Jan 
van Mierlo alias Jan Groffen Hinthamerstraatwaarts eenerzijds en 
het erf van Jacob Henricxzn van Macharen St. Jacobskerkwaarts 
anderzijds, hebbende zij gekocht gehad een dier kamers van Joris, 
zoon van Rom Suyskens van Geffen, haren oom zaliger en het 
V( der andere kamer van Jan, zoon van wijlen Peter Janssen, 
als man van Mariken, dochter van Jan van Dinther en Lyntken, 
dochter van Rom Suyskens voornoemd en de overige erfgenamen 
van Joris Suyskens voorzegd. Hierover waren als schepenen David 
van den Bosch en Rutger Tulleken. 

567. i8 Juli 4643. 

Dierck van den Velde, zoon van wijlen den griffier van 's Bosch, 
Gijsbrecht van den Velde, als executeur-testamentair der nalatenschap 
van Jacob, zoon van wijlen Hans, (den zoon van Jacob Servaessen 
van Weerdt) en Henricxken, de dochter van Anthony tx>dowycx van 
der Lynden, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Jan Henricx- 



— 228 - 

zoon van der Last ten behoeve van de onmondige kinderen van 
Goyart Petruszoon van den Bichelaar en Margriet van der Last, 
eene grondrente» die mr. Peter van Berdonck, notaris en klerk ter 
secretarie te 'sBosch, zoon van Mr. Jan van Berdonk, had verleend 
aan Gerlingh Ruis ten behoeve van Margaretha weduwe van Daniel 
Anthoniszoon van der Lynden uit een huis met erf, genaamd In de 
stad van Utrecht^ staande aan de Haven te 's Bosch tusschen de 
Koren* en de Vischbrug aldaar naast het huis van Henrick Gerards- 
zoon van Dyck, bakker, eenerzijds en het huis van Marcelis Ver- 
hautert anderzijds, en welke grondrente laatstgenoemde weduwe den 
6 Augustus 1688 had getransporteerd aan Thomas Janszoon van 
Turnhout, notaris, ten behoeve van voornoemden Jacob, alstoen 
nog onmondig. Hierover waren als schepenen David van den Bosch 
en Willem vsln Houte. 

568a« S December 1643. 

Verkoop der heerlijkheid Stiphout aan Jonker Johan Baptist van 
Eelen. 
569. 4 Decemhet* i643. 

Qaes Huyberts, wonende te Berlicum, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Jenneken, dochter van Anthonis de Raedt en 
weduwe van Hans Reijniers van der Hukt ten tocht en aan Marcus 
Keysers, bakker, als man van Isabel, dochter van genoemde echte- 
lieden van der Hubt, in eigendom eene grondrente uit een huis met 
erf, kelder, brandput (barneput) en bouw- en weiland, gelegen in de 
parochie Rosmalen ter plaatse genaamd Engeland of Engelandsche 
Watermolen. Hierover waren als schepenen Gijsbert Pieck van 
Tienhoven en Laureijns van 's Gravesande. 

670. 4 Decemhei* 1643. 

Michiel, zoon van wijlen Joost Michielszoon van Ossch en Anneken, 
dochter van denzelfden Joost en huisvrouw van Peter Henricxzn 
van Heesch, als gemachtigde van dezen laatste, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch eene grondrente, welke Jan, zoon van wijlen 
Jan Peterszn, ingezetene van Nistelrode, voor zich en als man van 
Hilleken, dochter van Symon Gerartszoon, den 27 Januari 1628 aan 
genoemden Joost Michiebzoon van Ossch had verleend uit eene 
hotstede, gelegen in de parochie Nistelrode ter plaatse genaamd 
opten Cleynick, aan Aelken, dochter van wijlen Jacob Adriaanszoon 



— 224 — 

van Vechel, ten behoeve van hare zuster Anneken. Hierover mzKXL 
als schepenen Gerard Tielemans en Johan van den Berch. 

571a. Si December OM. 

Getuigenis, door Anthonis Handrick Lamberts Vuchts, inwoner 
der heerlijkheid Schijndel, ter requisitie van Paulus van de Leem- 
putte, rentmeester-generaal der Domeinen in het Kwartier van 
's Bosch, afgelegd over de schouw over de beek, loopende van den 
Mijldoom door het Donkerwoud tot onder het Spookbrugje door in 
de Aa, zoomede over de grensscheiding, welke deze beek steeds 
vormde tusschen Schijndel, den Dungen en Berlicum. 

572. 4 /oniMirt i(M. 

y^ Philippe de Cock van Opijnen genaempt Vladeracken, heer 
van Geffen en het Leenhuis van Nuland, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Laureijns van Kessel, secretaris van die stad, ten 
behoeve van Hester van Griensven, dochter van zal. mr. Rogier 
van Griensven, in zijn leven licentiaat in de rechten en oud*raad 
van gezegde stad, eene grondrente uit eene bouwhoevey gelegen 
gedeeltelijk onder de parochie Nuland en gedeeltelijk onder die van 
Rosmalen, alsmede uit het Huis Nuland metU Hngels daerommi^ 
koff ende boomgart ende ontrent veertich mergtn soo hoylani als toey- 
lani daeraeny gelegen onder de Heerlieheyt van Nulant tusschen dt 
bovengescreven hoeve aan d^ecn syde ende tussen erve van eene hom 
lants^ toecomende voor d*een helft den vo&rs. heere vercoopere ende 
voor d^ ander helft den heere Staeckenbroech ; gaande uit gemelde 
bouwhoeve nog grondrenten ten behoeve van : a Jan, onmondigen 
zoon van wijlen Steven Snellen Aelbertszoon ; b het Gasthuis van 
Jacob Uytteroisterwijc en c genoemde Hester van Griensven. Hier- 
over waren als schepenen Henrick Kuysten en Geraerd Tielemans. 

573. S6 Januari i644. 

Peter van Broeckhoven, priester en kanunnik te Xanthen, nu 
wonende te Leuven, verkoopt voor Schepenen aldaar als gemach- 
tigde zoo van Marie de Bocxhorn, dochter van Philips de Bocxhom, 
raad-ordinaris in den Raad van Brabant en Walrave Heym, dochter van 
J~ Jan Heym, als van J»' Ferdinandus de Bocxhorn, zoon van laatst- 
genoemde echtelieden, aan J*»' Guilliam d'Absolons, licentiaat in de 



rechten en oud raad van Leuven, eene bouwhoeve, gelegen in de 
parochie St. Oedenrode ter plaatse genaamd Ten Velde, welke 

hoeve Mechteld, dochter van wijlen Heymerick, zoon van 

Beirtkini genaamd van den Velde, in den avond van St. Matheus, 
apostel en evangelist, van het jaar 1414 had verkocht aan Jan Heym en 
die ten slotte was gekomen aan genoemde Walrave Heym, wordende 
zij thans in huur bezeten door Gijsbrecht Jan Rutten Cluytmans, 
president- schepen van St. Oedenrode. Hierover waren als schepenen 
Jonkheer Loys de Borchgrave en mr Petrus Gudelinus. 

574. i6 Februari i644. 

Alzoo Anthonetta van Beuningen weduwe van Anthony van Soe- 
meren, in leven ritmeester ten dienste dezer landen, den tocht van 
een huis met erf, hoven, ledige plaats, brouwhuis, poort en voorhuisje, 
staande te 's Bosch ter plaatse de Papenhuls bij den kelder van het 
Kapittel dier stad, tusschen dien kelder en andere huizen des Kapittels 
voornoemd Hinthamerstraatwaarts aan de eene zijde en tusschen het 
huis en erf van het voormalig Klooster der Clarissen te Boxtel, nu 
Franchois Blom, aan de andere zijde, strekkende van afdegemeene 
straat tot aan het water daarachter vlietende, had overgedragen aan 
Jonker Henryck Wylde, kapitein eener compagnie Ëngelsche Infan* 
terie, als man van Elisabeth, dochter van haar en Anthony van 
Soemeren voornoemd en aan mr Anthony van Outheusden, griffier 
van 's Bosch, als curator over Christina, onmondige dochter van 
Maurits van Lintdorp en Margriet, ook dochter van haar en Anthony 
van Soemeren meergenoemd, zoo hebben voor Schepenen van *s Bosch 
genoemde Henryck Wylde en mr. Anthony van Outheusden q.q. 
voorschreven huis met toebehooren verkocht aan Johan Abraham, 
kapitein. Hierover waren als schepenen Johan van den Berch en 
Laureyns van 's Gravesande. (Hierbij nog eene akte van denzelfden 
datum houdende den voorschreven afstand van vruchtgebruik). Men 
zie over dit huis mijne Voorname Bossche huizen II p. 506. 

575. SO Maart 1644. 

Willem, zoon van wijlen Willem Willemszoon, wonende in de 
parochie en heerlijkheid Lithoijen, verleent voor Schepenen van 
's Bosch aan Anthony, Jan en Maria van Kessel, kinderen van wijlen 
Gijsbert van Kessel, eene grondrente uit een stuk teelland, gelegen in 
de parochie en heerlijkheid Lithoijen op de Langeweyden. Hierover 
waren als schepenen Gerard Tielemans en Johan van den Berch. 

15 



57«a. S8 Mei i644. 

Het St Barbaragilde te 's Bosch verkoopt een stuk groes- of 
moerlandy gelegen te Vught, aan Aert van Boxtel. 

577. i5 Ocloher 1644. 

Franchois, zoon van wijlen Franchois Pynappel, als man van 
Jenneken, dochter van Peter Jacobszoon de Leeuw en wijlen Hen- 
ricxken, de dochter van wijlen Pauwei Comeliszoon, draagt voor Sche- 
penen van 's Bosch over aan mr. Wouter Crillaerts ten behoeve van 
diens dochter Hendricxken, verwekt bij zijne vrouw Lucie, dochter 
van genoemden Pauwei Comeliszoon, de helft van eene grondrente, 
gaande uit eene boerderij, gelegen in de parochie Someren aan 
d'Eynde Schoots, tusschen het erf van Anthonis, zoon van wijlen 
Marten Wylers eenerzijds en dat van Nicolaas Diercks Peterszoon 
anderzijds, strekkende vanaf den gemeenen Kerkweg tot aan de ge- 
meene straat, enz., welke grondrente Gevert, zoon van wijlen Aert 
Scheevdas 8 Januari 1601 had verkocht aan Anna, dochter van Comelis 
Pauwelszoon en oud-moei van de vrouw van transportant en van gene 
op deze vererfd was. Hierover waren als schepenen Johan van 
Noort en Henrick Tielemans. Vgl. oorkonde n« 444. 

578a. i7 OeUher i644. 

Brief van S. (?) van der Noot uit Grave aan „Monsieur de Suil- 
licom, chevalier, conseiller, secretaire de Son Altesse Monseigneur 
Ie Prince d'Orenge, k l'armée", om hem te bedanken voor diens 
bemoeiingen te zijnen gunste bij den Prins van Oranje. 

579. fH Juni i645. 

Philips, Koning van Spanje, als hertog van Brabant; verleent op 
het verzoek van Olivier de Vree, oud-burgemeester en schepen van 
Brugge, als executeur-testamentair van wijlen Godefroyd Montens, 
en van Comelis van der Locht, oud-schout van Breda, als oom en 
momboir van de weezen, achtergelaten door genoemden Godefroyd 
Montens van diens vrouw Catharina Goris, octrooi om te verkoopen 
de hoeve genaamd Berckel, gelegen onder Oisterwijk. 

580a. 23 Augu$iu$ 1645. 

Mr Guilliam van Boesdonck, schepen en apotheker te Helmond, 
machtigt mr Johan van Ravesteyn om namens hem met Comelis 



— 227 — 

van den Berckenbosch, als man van Mayken (zijne zuster), voor 
schepenen van 's Bosch aan Aert Willemszoon van Malssen te trans- 
porteeren twee grondrenten. 

581a. ii Odoher 1645. 

Mr Adolph Becx en Peeter van Hemselroij, schepenen van Hel- 
mond, verzoeken aan alle ambtenaren, die daartoe bevoegd zijn, 
mr Cristiaen van Empel, chirurgyn aldaar, behulpzaam te zijn om, 
•— ter voldoening aan een vonnis, door dezen verkregen als schuld- 
eischer en legataris van wijlen Henrick Janszn van Vucht, den 
behuwdoom zijner vrouw — , te lichten een schuldbrief, die genoemde 
van Vucht had ten laste van Hendrick van Sutphen. 

582. 5 December i645. 

Alzoo mr Guilliaem van der Boesdonck, apotheker, zoon van 
wijlen Henrick Sanderszn van der Boesdonck en Geertruyt, dochter 
van wijlen mr Comelis Helssemans; Frans Sebastiaen Deckers als 
man van Isabel; Comelis Reynders van den Berckenbos als man 
van Maria, zijnde evenals genoemde Isabel dochter van Henrick 
Sanderszn en Geertruyt voorzegd en Cornelis Crygels als man van 
Anthonia, dochter van mr Willem Molengraeff en weduwe van Jacob, 
zoon van Henrick Sanderszn en Geertruyt meergezegd, vier vijfden 
in eene roggepacht, gaande uit een huis met tuin, staande in de 
parochie Esch ter plaatse genoemd op Esscherakker, en uit een 
perceel, genaamd de Lange Akker, gelegen in voorschreven parochie, 
(welke roggepacht Willem, zoon van wijlen Jan Belienszn den 10 
Dec. 1443 voor Schepenen van 's Bosch verleend had aan Ghyselbert 
Roesmont ten behoeve van Philips, zoon van wijlen Herman Coenen), 
alsmede vier vijfden in eene roggepacht, (welke Willem, zoon van 
wijlen Jan genaamd Belienszoon, den 23 Mei 1433 voor Schepenen 
alsvoren verleend had aan Willem, zoon van wijlen Huybert, den 
zoon van Henrick Delyenzoon, uit een derde in een tuin, gelegen 
in de parochie Esch ter plaatse genoemd de Essche Laer en uit een 
huis met tuin, staande aldaar), — den 11 December 1632 voor 
Schepenen van 's Bosch verkocht hadden aan Franchoys van Eerssel, 
als man van Jacomina, dochter van Henrick Sanderszn en Geertruyt 
meergezegd, aan wie het overige een vijfde gedeelte daarin reeds 
toekwam ; vermits daarna Jacomyntken weduwe van Franchoys van 
Eerssel bij haar testament, daartoe bevoegd verklaard bij het 



testament, door haar met haren man in 1635 gemaakt voor den notaris 
Peeter de Louw, hare nalatenschap vermaakt had aan hare kinderen 
Margriet en Maryken van Eerssel met bepaling, dat als dezen zonder 
oir kwamen te overlijden, Guilliaem van der Boesdonck en Maria 
van der Boesdonck, haar broeder en zuster, hare nalatenschap zouden 
erven, edoch met dien verstand, dat laatstgenoemde het aandeel 
daarin slechts zoude erven ten tocht, zullende hare kinderen het dan 
verkrijgen ten erfrecht ; en vermits vervolgens Comelis Reynders van 
den Berckenbos als man van Maria van der Boesdonck den tocht, 
haar competeerende in de helft van voorschreven roggepachten, had 
afgestaan aan Laureynssen van Kessel ten behoeve van de kinderen 
door hem, Comelis, bij genoemde Maria van der Boesdonck ver- 
wekt, zoo hebben voor Schepenen van 's Bosch genoemde Comelis 
Reynders van den Berckenbos als vader der kinderen, door hem 
bij genoemde Maria van der Boesdonck verwekt, de eene helft en 
mr Johan van Ravensteyn, als gemachtigde van mr Guilliaem van 
der Boesdonck, schepen en apotheker te Helmond, blijkens procu- 
ratiebrieven voor den notaris Guiliaem van Camphen gepasseerd, 
de andere helft in meergezegde roggepachten verkocht aan Lau- 
reynssen van Kessel ten behoeve van Goyart van Asperen, onmon- 
digen zoon van wijlen den heer Theodore van Asperen, in leven 
licentiaat in de rechten en raad van 's Bosch. Hierover waren als 
schepenen Davidt van den Bosch en Johan Donkers. (Zie oorkonde 
no. bSOa.) 
583. 29 Juni 1646. 

De Raad van Brabant gelast op het verzoek van Barbara Goyaerts, 
ingezetene van 's Bosch, — inhoudende, dat, hoewel zij van Heer 
Dierck Brouwers, pastoor der stad en lande van Straelèn, haren 
moederlijken oom, met hare broeders en zuster a/ zijne onroerende 
goederen geërfd had, nochtans die van het Vicariaat van het Bisdom 
Roermond of eenigen, die daarvan gemachtigden beweren te zijn 
en de Officiaal van dat thans vaceerend Bisdom zich veroorloofd 
hebben het sterfhuis van genoemden pastoor met al diens nagelaten 
goederen, in den Lande van Straelèn en Gelder bevonden, aan te 
slaan onder voorwendsel, dat die pastoor niet zoude hebben ge* 
bruik gemaakt van het door hem verkregen verlof om te testeeren 
— en zulks ten nadeele van diens erfgenamen, welke allen weinig 
gefortuneerd zijn, wat inzonderheid suppliante is, die met ploegen 
haren kost moet verdienen, — den eersten Deurwaarder of bode om 



— 229 — 

de inkomsten van de goederen, die eertijds behoord hebben tot de 
Dekanie der vrijheid van St Oedenrode en thans aan het Bisdom 
Roermond zouden competeeren, ten verzoeke van suppliante in 
conservatoir arrest te nemen. 

584. i December i646. 

Peter Huyberts van Geldrop, bakker te 's Bosch, verleent voor 
Schepenen aldaar aan mr Geraerdt van 2k)emeren, licentiaat in de 
rechten en oud-raad van die stad, ten behoeve van Nicolaes van 
Zoemeren, als rector van een officie, eertijds door Bartholomeus 
Merlaer in de St. Janskerk te 's Bosch gefondeerd en t^ collatie 
van de weerlyke vrienden siaende^ eene grondrente uit een huis met 
erf en kamer, voorheen genaamd de Hooge Kamer^ thans één 
woning zijnde, geheeten in den Zoeten Naam Jezus ^ staande te 
's Bosch aan de Kerkstraat op den hoek van de Oude Gasthuisstraat 
tusschen deze straat en het huis van den glazenmaker Joost Pauwels. 
Hierover waren als schepenen Gerard Tielemans en Mathijs van BrulL 

585. id Maart 1647. 

Willem, zoon van wijlen Peter Willemszoon van Griensven, wo* 
nende binnen de parochie en heerlijkheid St Michiels-Gestel, ver- 
leent voor Schepenen van *s Bosch aan Anna, dochter van wijlen 
Jacob Adriaanszoon van Vechel, eene grondrente uit eene boerderij, 
gelegen in de parochie Schijndel ter plaatse genaamd aan het 
Heselaer aan den Mijldoren aldaar, enz. Hiervoor waren als sche- 
penen Peeter Lus en Jeronimus van Thulden. 

586a. 2i November 1647. 

Verklaringen, afgelegd ten overstaan van Daniel Wytvelt, notaris 
te Helmond en de getuigen Jan Wijnants van Amstel en Henrick 
Franssen omtrent de bedragen, waarvoor Jacob Willemszn van Hees- 
wyck, medepachter van molens der stad Helmond, in de beden 
was aangeslagen. 
587a« 28 December 1647. 

Akte van huwelijksvoorwaarden, te 's Bosch opgemaakt tusschen 
Herman Pika, gereformeerd luitenant onder den ritmeester Bloemen- 
dael en weduwnaar van Elisabeth Otterbeeck, ter eenre en Wilhelmina 
de Wijs, weduwe van Ancem van Houbraken, geassisteerd met hare 
moeder Beatrix de Wijs, ter andere zijde. 



588. fS Jantiari iöiS. 

Leonard Janszoon, Marten Jan Josten, Thomas Rynders, Reynder 
Peters, Thonis Janszoon van Hooff en Peter Art Stcrcken, sche- 
penen van Bakel, getuigen, dat te hunnen overstaan Thomas Peters 
Schepers, wonende te Bakel ter plaatse genaamd Milheeze, aan Lam- 
brecht Becx, schout der stad Helmond, verleend heeft eene grond- 
rente uit eene boerderij, gelegen te Milheeze in de Robbert, alsmede 
uit eenige perceelen land. 

589a. 8 Februari i648. 

J<>' CSiristiaen Bertram van Zeemont verleent aan J^ Johan Back 
van Wyffliet eene grondrente uit zijn een derde deel in eene te 
Someren gelegen bouwhoeve, genaamd „die alde hoeve op Veericken". 

5900. Si /uni i6i8. 

Verklaring van Guiliam van 2^meren, priester en rector van na 
te melden beneficie en van Nicolaes van Zoemeren, priester, als 
hebbende de collatie van hejtzelve, zijnde beiden geboren burgen 
van den Bosch, dat zij niet den origineelen stichtingsbrief bezitten, 
waarbij Bartholomeus Merlaer in het Koorke der St Janskerk te 
's Bosch, genaamd Merlaers koor, den 20 Juli 1688 twee missen met 
een beneficie fundeerde, maar dat hun daarover wel een en ander 
bekend is, hetgeen zij dan ook mededeelen. 

591. i Juli 1648. 

Joris Coppens, als gemachtigde van Sr Guillielmo van Taterbeeck, 
blijkens procuiatiebrieven voor notaris Ie Rousseau te Antwerpen 
verleden, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan mr Amout 
van Broeckhoven, licentiaat in de rechten en oud-raad van die stad, 
een vierde der tienden van Heesch, van ouds genaamd het Akker- 
veld. Beemd en Nyland. Hierover waren als schepenen Johan Gans 
en Gysbert van Hamel. 

592. 25 November 1648. 

Goijart van Reyl, zoon van wijlen Jan Peterszoon van Reyl, 
verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Jan Peterszoon van Boxmeer 
eene grondrente uit het huis in de Fortune^ staande aldaar in de 
Ververstraat op den hoek van de Waterstraat, lusschen deze straat 



— 281 — 

en het huis in den Kleinen Ketel^ toebehoorende aan Henrick van 
Susteren. Hierover waren als schepenen Jacob van Gasteren en 
Laureyns van Berckel. 

593. % Januari i649. 

Jan Peters van Tuyl en Stans Stanszoon Molenmaecker deelen 
voor Schepenen van Vught eenen akker, genaamd de Buswaeije, 
gelegen omtrent den Dryborcbt in de parochie Vught St. Peter 
tusschen het erf van mr Niclaes van Tulden eenerzijds en dat der 
erfgenamen van J®' Dirc van de Waeter anderzijds, door hen ge- 
meenschappelijk ten overstaan van Schepenen van 's Bosch 11 Maart 
1648 aangekocht van Maria, dochter van wijlen Ghysbert van den 
Velde en Petronella Heesters weduwe van Dirc van den Velde. 
Hierover waren als schepenen Luycas Hendricx en Tonis Ariens. 

594a. SO JanuaH i649. 

Thomas Peterszn Schepers verleent voor Schepenen van Helmond 
eene grondrente aan Lambrecht Becx, schout aldaar. 

5d5. 8 Maart i649. 

Adriaan Laureijnssen van St Oedenrode verleent voor Schepenen 
van Helmond aan den schout Becx eene grondrente uit eene 
bouwhoeve, gelegen te St. Oedenrode ter plaatse genaamd Olland. 
Hierover waren als schepenen Peter Bunnen en Guiliam van 
Boesdoncq. 

596. f7 Mei i649. 

De Raad en Leenhof van Brabant beleent Claes Aert Peters en 
Claes Hendricx Leenaerts, als provisors der Tafel van dehuisarmen 
te Mierlo, ten behoeve van die Tafel met eene roggepacht, gaande 
uit den windmolen aldaar. 

597. i Octoher i649. 

Thomas Janszoon van Geldrop, burger der stad Helmond, ver- 
koopt voor hare Schepenen aan Lambrecht Becx, schout van die 
stad, een grondrente, aan hem op 22 Februari 1640 voor hare 
schepenen Peter van Hemselroy en Willem van Empel verleend 
door Jan Rutten c. s. Hiervoor waren als schepenen Peter Bunnen 
en Jan Dircx Coolen. 



598. 25 November 1649. 

De Raad en Leenhof van Brabant beleent Jacob de Cock, als 
man van Hester van Gestel, ten gevolge van het overlijden van 
Heer Franchois van Gestel, priester en licentiaat in de rechten, 
met eene grondrente, gevestigd op den Grooten Tiend van Moer- 
gestel. 
599a. 6 Maart iöSO. 

Testament van Jonker Herman van Middegael, gemaakt op zijn 
kasteel de Brouwmeer onder St. Michielsgestel. 

600. 9 Maart i650. 

Emerentiana Tholincx, dochter van wijlen Dierck Remboutszoon 
Tholincx, notaris en procureur voor het Gerecht van 's Bosch en 
huisvrouw van Lambrecht van Balen, doctor in de medicijnen, ten 
deze namens hem optredende blijkens akte van volmacht, gepas- 
seerd te Luik, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Johanna 
van Balen, dochter van wijlen Peter van Balen, een derde in een 
stuk land, gelegen in de parochie Rosmalen ter plaatse genaamd 
in de Loe£faartsche hoeve tusschen het erf van het Klooster van 
Coudewater eenerzijds en dat van het St. Catharinagilde te 's Bosch 
anderzijds, welk een derde Jan Vos, zoon van wijlen mr Willem 
Vos en Beliken, de dochter van Wouter Tholincx en Maria van der 
Dass, weduwe van Wouter Vos, in leven notaris en procureur voor 
het Gerecht te 's Bosch, en zoon van wijlen mr Willem Vos en Beliken 
Tholincx voornoemd, aan genoemde Emerentiana Tholincx hadden 
verkocht. Hierover waren als schepenen Jacob van Gasteren en 
Laureijns van Berckel. 

601. 8 April 1650, 

Theodore Smets, licentiaat in de rechten, verkoopt voor schepenen 
van 's Bosch aan Aelbert Segers en Dries Janssen twee morgen 
land, gelegen in de Honderd morgen onder de parochie Vught 
St. Lambert tusschen het erf van Juffrouw van Gerwen naast 
d'Euteren eenerzijds en dat van de Juffrouwen Helena en Judith 
van den Water anderzijds en zich uitstrekkende vanaf den Honderd* 
morgenschen dijk tot aan het erf van Cornelia Martens weduwe 
van Anthoni Donckers, welk land de verkooper gekocht had van 
Johan Cruesen, Cornelis de Hase en Francisco Hcnricus Pelgrom c. s 



— 288 — 

Hierover waren als schepenen Jacob van Gasteren en Laureijns van 
Berkel. 

Hierbij nog eene akte, waarbij Nicolaas Cornée, wonende te 
's Hosch, voor de eene helft en Gerrit Hendrik van Hemert, markt- 
schipper van 's Bosch op Rotterdam, voor de andere helft, voor- 
schreven twee morgen den 14 November 1791 ten overstaan van 
Dr. Johannes Gisbertus Hopman en Mr Fran^ois Johan Gallé, sche- 
penen van 's Bosch, verkoopen aan Andries Bekkers, koopman aldaar. 

002. 54 April i650. 

Aert, eenige zoon van wijlen Aert A ertszoon J. Koogels en 
Henricken, dochter van Jan Claeszoon van Linter, messenmaker, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Joost Martenszoon van 
Vechel eene erfrente, welke de gemeente 's Bosch 15 December 
1540 had verleend aan Aleid, dochter van Goyart die brouwer van 
Maren, begijn en die daarna Willem en Judith, kinderen van Seger 
Claessen en £lisabeth, dochter van Goyart van Vlierden Danielszoon, 
den 10 November 1598 hadden verkocht aan voornoemden messen- 
maker Jan Claeszoon van Linter. Hiervoor waren als schepenen Jacob 
van Gasteren en Davidvan den Bosch. (Zie oorkonde n^. 848). 

603. i7 Mei i650. 

Jacob van Gasteren en Jacob Focanus, schepenen van 's Bosch, 
verklaren, dat te hunnen overstaan Eerken, dochter van wijlen 
Adriaan, (den zoon van wijlen Marten van Vechel Joostzoon) en 
Ariken, (de dochter van Huybert Janszoon), hare gewezen voogden 
Joost van Vechel Martenszoon en Dierck van Middelaer Wouters- 
zoon gedechargeerd heeft van hun beheer als zoodanig, 

604. 4 Mei i65t 

Anthonij van Kessel, koopman en burger van 's Bosch, verkoopt 
voor Schepenen aldaar als gemachtigde van Johan van Kessel, 
zijnen broeder, ook koopman en burger van die stad, aan Johanna 
van Balen een derde gedeelte van twee vijfde gedeelten van 
tien hond land, gelegen in de parochie Rosmalen ter plaatse ge- 
naamd In de Ix)eflfaertsche hoeve tusschen de erven van het Gon- 
vent Goudewater en het St. Gatharinagilde te 's Bosch, den last- 
gever aangekomen bij transport van Lucretia Donckers, huisvrouw 
van Jan van der Horst, raad van *s Bosch, in den naam en als 



— 284 — 

gemachtigde van Aert Teulincx, doctor in de medicijnen en Marten 
Pieterszoon Hagenaer, man van Manden Teulincx, beiden kinde- 
ren van zal. Hendrick Teulincx en Betken Claess, zooals blijkt uit 
eenen schepenbrief van 's Bosch van 15 Februari 1647. Hierover 
waren als schepenen Jacob van Gasteren en Gysbert Kuysten. (Zie 
oorkonde n«. 600). 
e05a if Juni ieSi. 

Testament van Hester van Griensven, dochter van mr Rogier, 
licentiaat in de rechten en raad van 's Bosch. Hierbij een proces- 
verbaal van opening van hetzelve, gedaan op den sterfdag van 
genoemde Hester van Griensven 14 December 1651 ten verzoeke 
van hare bloedverwanten Reynder van der Berckenbosch, Steven 
Nicolaaszn van Deursen, Jan Hermanszoon van Meerwijck als man 
van Maria de Nettin en mr Comelis van der Merendoncq, licentiaat 
in de rechten en raad van 's Bosch. 

606. 2% Juni i65i. 

Henrick, zoon van wijlen Jan Peters de Leppere, wonende te 
Enschot, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Anneken van 
Vechel eene grondrente «it eene boerderij, gelegen in de parochie 
Oisterwijk ter plaatse genoemd Berkel aan de Doyecraen, alsmede 
uit een erf, gelegen te Enschot. Hierover waren als schepenen Jacob 
van Gasteren en Gijsbert Kuysten. 

607. 8 Juli i65i. 

Maeijken weduwe van Jacob Peterszoon van Rund doet voor 
Schepenen der Baronie van Boxtel afstand van den tocht van een 
perceel hooiland, gelegen aldaar onder Lennisheuvel, ten behoeve 
der kinderen bij haar verwekt door genoemden haren man, waarna 
dezen, met namen Gerard Jacobszoon van Rund, Anna gehuwd met 
Peter Janszoon van de Laeck, Jenneken gehuwd met Jan Jacobs 
de la Vigme, Margriet, gehuwd met Jan Jan Peeters en Peryntgen, 
gemeld perceel verkoopen aan Jufvr. Gomeli Martens weduwe van 
Anthoni Donckers. Hierover waren als schepenen Comelis Diercx 
Marijnen, Peter Roeflfen, Roelant van Widenvelt, Henrick Peter 
Gerards, Dominicus Schenckels, Peter van Hove en Jan van Aken. 

608. 14 November i65i. 

Johan van Asten, notaris en schrijver van de evictito te 's Bosch^ 



— 385 — 

als gemachtigde van den Ecrw. frater Chrysanthus, prior en van 
de conventualen van het Eerw. Convent van Ste Barbaren huyse^ 
geheeten de Karthuizers te Keulen, zijnde dezen tot het navolgende 
gemachtigd door den Eerw. Pater Generaal en Provinciaal, frater 
Johannes, prior der Karthuizers en den Eerw. Pater, frater Miohael 
Amoldi, visitator van de Kijnprovincie en Saksen en prior der 
Karthuizers te Trier, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Johan Carsman, koopman aldaar, eene erfrente ten laste der Staten 
van Brabant, welke door dezen den 4 Dec. 1526 aan voorschreven 
Convent verkocht was. Hierover waren als schepenen Jacob Focanus 
en Willem van Houte. 

609. U December i65i. 

Vermits Keizer Karel V als hertog van Brabant en de SUten van 
Brabant den 26 Juli 1536 eene erfrente hadden verkocht aan den 
Pater en de Convente van den Goidtshuyse van de Chartroisen te 
Keulen, zoo heeft Johan van Asten, notaris en schrijver van de 
evictien aldaar, als gemachtigde van den Eerw. frater Chrysanthus, 
prior en van de conventualen van voorschreven klooster der Kart- 
huizers te Keulen, zijnde dezen tot het navolgende behoorlijk ge- 
machtigd, voor Schepenen van 's Bosch voorschreven rente verkocht 
aan Johan Karsman, koopman aldaar. Hierover waren als schepenen 
Jacob Focanus en Willem van Houte. Zie de vorige oorkonde. 

610. S Fehruarx idSt 

Theunis, zoon van wijlen Jacob Everts, wonende te Oirschot, ver- 
leent voor Schepenen van den Bosch aan Symon Leunus van der 
Putten eene grondrente uit huis en erven, gelegen te Oirschot. 
Hierover waren als schepenen Jacob van Casteren en Gijsbert Kuysten. 

611. 96 Juni 1652. 

Alzoo de Ridderschap, Edelen en Steden van Holland en West« 
Vriesland, representeerende de Staten van dat land, hadden verkocht 
een huis, grenzende noordwaarts aan het Raymaeckersstraatje en 
zuid-oostwaarts aan het huis en erf van Adriaen van Lieshout en 
zich uitstrekkende van af de straat ter breedte van het halve Geck- 
straatje, rijdende recht door tot aan het water, met de kamers, ge- 
merkt n^ 15, 16 en 17, onder den last van betaling van 4 ponden 



— 286 — 

payements aan den Rector van het St. Agatha-altaar in de St Jans- 
kerk van '8 Bosch, van ^Vs pond payements aan de erfgenamen van 
Henrick van den Heuvel en 1 pond payements aan de Coralien van 
gezegde kerk, alsmede onder de verplichting van eene afscheiding 
te moeten maken met den kooper van het huis daarnaast zijnde 
het verkochte afkomstig van de Abdij van Bern en onder de admi- 
nistratie van den rentmeester Dirck Crab, en vermits bij gezegden 
verkoop op 24 Augustus 1650 genoemde Adriaan van Lieshout van 
voorschreven huis met kamers kooper was geworden en gezegde 
Dirck Crab verklaard heeft de koopsom daarvan te hebben ontvangen, 
— zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Floris Kant, als een der 
Gecommitteerden van genoemde Staten, voorschreven huis met kamers, 
staande aan de Hinthamerstraat te 's Bosch over de Geerlingsebrug 
en zijnde, als gezegd, afkomstig van de Abdij van Bern, met toe- 
stemming van meergenoemden van Lieshout verkocht aan Comelis 
Verheye. Hierover waren als schepenen Jacob van Gasteren en 
Jacob Focanus. (Zie over dit huis mijne Voorname Bossche huizen 
III p. 118). 

612a. iO Mei 1653, 

Transactie, over eene geldschuld ten overstaan van Schepenen 
van Oisterwijk aangegaan tusschen Christina wed. Jacob Kempen, 
schuldeischeres en mr Jaspar Loos, chirurgijn te Oisterwijk, schuldenaar. 

613. i5 Mei 1653. 

De Raad van Brabant te 's Hage verleent op het verzoek van 
Hendnjck, zoon van wijlen Jacob Boyen en Elisaqeth van Lieber- 
gen, poorteres van 's Bosch, inhoudende, dat zijne genoemde moe- 
der hem na doode zijns vaders diens schoenmakersa£faire had over- 
gedragen ; dat zij thans is overleden ; dat hij gaarne die zaak zoude 
voortzetten, vermits het sluiten van den schoenwinkel te schadelijk 
zoude zijn en dat hij thans den leeftijd van 21 jaren is gepasseerd, 
aan genoemden Hendrijck Boyen venia aetatis. 

614. 26 Juli 1653. 

Catharina van den Velde, dochter van wijlen Peter van den 
Velde, weduwe en eenige testamentaire erfgenaam van Jacob Hen- 
ricxzoon van Lotthum, voor d'eene heltt; Gijsbert de oude, Peter, 
Adriaan en Gijsbert de jonge, gebroeders en zonen van wijlen 



— 287 — 

Reijnder, zoon van Gijsbert Diercxzoon den beenhouwer, voor zich 
zelven en Wilhelmus Donckers, notarisi als gemachtigde van Vincent 
van Tongerloo, weduwnaar van Maria Wynants, dochter van wijlen 
Peter Wijnants en Cunera, dochter van wijlen Gijsbert Diercxzoon voor- 
noemd, als vader en testamentairen voogd en van Osius van de Vis- 
scherye, pasteibakker en Daniel Bordiers, huikmaker, als geassumeerde 
en beeedigde voogden over de onmondige kinderen van Vincent van 
Tongerloo en Maria Wijnants voornoemd, blijkens procurati ebrieven 
voor Burgemeesters, Schepenen en Raden van Antwerpen verleden, voor 
de andere helft, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch aan Lau- 
reyns van Kessel, secretaris van die stad en Joost Martenszoon van 
Vechel als voogden over de onmondige kinderen van wijlen Anthonis 
Willemszoon van Jabeeck en £lisabeth van Esch Willemsdochter, 
eene grondrente, gaande uit eene hofstede, gelegen te Nuenen ter 
plaatse genaamd op d'Een einde, welke grondrente Jan, zoon van 
wijlen Michiel Laureijnszoon als man van Henricxken, dochter van 
wijlen Peter Janszoon Smits, te voren weduwe van Jan Outers, den 
22 Juni 1627 aan voornoemden Jacob, zoon van wijlen Henrick 
Jacobszoon van Lotthum, stoeldraaier, verleend had. Hierover waren 
als schepenen Petrus Lus en Comelis Kuchlinus. 

615. i9 September 1653. 

Jan, zoon van wijlen Reijnder Janszn, wonende in de parochie 
Nuland, als man van Marijken, dochter van wijlen Adriaen Jan 
Willemszoon, verleent voor Schepenen van 's Bosch aan Aelken, 
dochter van wijlen Jacob van Vechel, eene grondrente uit twee 
boerderijen, gelegen in de parochie Nuland ter plaatse genoemd 
de Wolfsdijck. Hierover waren als schepenen Ghijsbrecht Kuijsten 
en Laureijns van 's Gravesande. 

616. f7 Januari i654. 

Pieter Schuyl en Johan van Zutphen, schepenen van 's Bosch, 
verklaren, dat te hunnen overstaan Marten en Anthonet, kinderen 
van wijlen Peter van Vechel Martenszoon en Jenneken Lucas, hunne 
gewezen voogden Joost van Vechel Martenszoon en Huijbert van 
Capelle gedechargeerd hebben wegens hun beheer als zoodanig. 

617. 97 JanuaH i654. 

Alzoo Jan Everts van den Loeffaert en Comelis Verheijen eenigen 



- 288 - 

tijd geleden hadden gekocht van Nicolaes Blom huiren en erven, 
die deze had gekocht van de Staten van Holland en Westfriesland 1) 
en staan aan de Hinthamerstraat te 's Bosch over de Geerlingsche 
brug, zoo zijn genoemde koopers voor Schepenen aldaar overeenge- 
komen, dat het huis van Verheyen ten eeuwigen dage een vrijen 
uitgang zal hebben door een poortje, dat genoemde Everts te zijnen 
kosten zal maken voor aan de Hinthamerstraat tusschen hun beider 
erven, enz. Hiervoor waren als schepenen Pieter Schuijl en Gerart 
Hamel gezegd Bruynincx. (Zie oorkonde n^ 611). 

618. 9 April 1654. 

Ten overstaan van den notaris Thomas van Hijnsberch verkoopen 
Rogier, zoon van wijlen Lucas Cocx van Riethoven en mr Henrick 
Conincx, weduwnaar van Geertruid, dochter van voornoemden Lucas 
Cocx van Riethoven, als haar erfgenaam en als gemachtigde van 
Henrick, zoon van dienzelfden Lucas Cocx, blijkens procuratiebrieven 
voor Schepenen van Dingbank en Heerlijkheid van Bergeik, Wes- 
terhoven >n Riethoven gepasseerd, aan Maria Lopes de Villanova 
eene erfrente, door Henrick, zoon van Jan Cocx van Riethoven den 
1 Mei 1569 van de Staten van Brabant gekocht 

61da. 9 April i654. 

Verklaring van Johannes Slaetius, Hervormd predikant te Heusden, 
dat Adriana Mutsaers wed. van Dirck Overschie en Isaias Overschie, 
resp. moeder en oom van Aeltjen Overschie, toestemming hebben 
gegeven tot het huwelijk van deze met Arent Breehout, jongman, 
wonende te Delft. 

620. 93 April i654. 

Steven Vermeer en Johan Schoocki schepenen van 's Bosch, geven 
vidimus van een brief van octrooi, waarbij Aartshertog Albert en 
Isabelia op het verzoek van Heylwich Thielmans, dochter van wijlen 
Jan Thielmans, ingezetene van 's Bosch, haar den 17 December 
1618 machtigden om bij uitersten wil over hare leengoederen te 
beschikken. 

621. n Juni 1654. 

Jan Hendrick Abrahams, wonende te Milheeze onder de parochie 



1) Deze eigendommen behoorden tot de Abdij van Bern te 's Bosch. 



Bakel, als man van Jenneken, dochter van Bernhard Janszoon van 
den Spoer, wonende te Bakel en wijlen Geertje Slaets, verleent 
voor Schepenen van 's Bosch aan Hendrick Ruysch ten behoeve 
van Heer en Meester Lambert Becx, licentiaat in de rechten, eene 
grondrente uit twee naast elkaar staande huizen met daartoe be- 
hoorende landerijen, gelegen te Milheeze, parochie alsvoren, waarvan 
zijn genoemde schoonvader den tocht aan zijne vrouw had overge- 
dragen. Hierover waren als schepenen Justus Versterren enjohan 
van Oerle. 
622. d9 September i654. • 

Johan van der Horst, raad van 's Bosch, als man van Lucretia 
Donckers, voorheen weduwe van Adriaen Herincx, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan Huybert Peterszn van St. Truyen een 
huis met tuin en twee achterhuizen, uitkomende in de St. Clarastraat, 
staande en gelegen in de Hinthamerstraat te 's Bosch aan den hoek 
van de St Clarastraat en wel tusschen laatstgemelde straat en het 
huis en erf van Guiliam Danckarts en zich uitstrekkende van af de 
Hinthamerstraat tot aan den uitgang van het huis en erf van ge- 
noemden Danckers, zijnde voorschreven panden door den verkooper 
den 24 Juli 1654 bij gerechtelijke uitwinning gekocht geworden. 
Hierover waren als schepenen Johan van Zutphen en Gerart Hamel. 

Hierbij eene akte van 5 November 1685, waarbij voor Johan 
Schoock en Comelis Ackersdijck, schepenen van 's Bosch, Johan van 
den Borghals als vader en voogd over zijne dochter Maria, door 
hem verwekt bij Barbara, dochter van wijlen Huybert Peterszn van 
St. Truyen en Geerart van Noort als gemachtigde van Maria de 
Groen, dochter van Huybert, den zoon van Huybert Peterszoon van 
St. Truyen, voorschreven huis met erf en achterhuis, genaamd De 
drie Kaningen^ staande tusschen de St. Clarastraat en het huis, ge- 
naamd De vergulde ioelasty en zich uitstrekkende van af de Hint« 
hamerstraat tot aan na te melden twee huisjes, mede door na te 
noemen kooper gekocht en het erf van het huis De vergulde toelast^ 
alsmede twee huisjes, staande in de St. Clarastraat te 's Bosch 
tusschen het voorschreven huis De drie Koningen en eenen uitgang, 
— verkoopen aan Herman van Heesch. 

623a. i655. 

Verzoek door de Classis der Baronie van Breda gedaan aan de 
Heeren van den Rade en Rekeninge van den Prins van Oranje 



— 240 — 

om pastorien te verstrekken aan de predikanten van Oosterhont, 
Chaam, Alphen en Baarle. 

634. iO SepUmber i655. 

De Raad en Leenhoi van Brabant te 's Hage beleent Abraham 
Collijn met een bouwhuis, schuur, schaapskooi, varkensschot, paar- 
denstal, bakhuis, eikeboomen, rondom het bouwhuis staande, hei- 
velden, klaverweiden, akkers, beemden, alsmede land, gelegen in 
de Rosmalensche hoeyen, door hem geërfd van Johanna Maria 
Faustina, onmondige dochter van Maria van de Waeter. 

025. 9 Deeemher 1655. 

Vermits in het erfdeel, dat ten deel is gevallen aan Franchoijs 
Wonders als man van Josina, dochter van wijlen Pauwei Wijnants 
van Rosand en Johanna van Gasteren, bij de scheiding en deeling 
op 22 April 1658 voor Schepenen van 's Bosch tusschen de voor- en 
nakinderen van genoemden Pauwei Wijnants opgemaakt, abusievelijk 
is weggelaten een hond veld, gelegen in de parochie Schijndel ter 
plaatse genaamd Op de Beeck, zoo hebben voor Schepenen van 
's Bosch Herman, zoon van wijlen Pauwei Wijnants van Rosand en 
Johanna van Gasteren, Dierck Dierckszn van Kessel, Gornelis Jas- 
parszn van Heeswijck en Peeter Baudewijns van den Santvoirt, als 
momboirs over Jaspar en Barbara, onmondige kinderen van genoem- 
den Pauwei en diens tweede vrouw wijlen Judith, dochter van Jaspar 
Willemszoon van Heeswijck, voorbedoeld stuk land alsnog aan ge- 
noemden Franchoys Wonders toegescheiden. Hierover waren als 
schepenen Jacob van Gasteren en Joost Aertszn Ganters. 

623. 29 December 1655. 

Alzoo Schepenen, Gezworenen, Raadslieden, dit mennoempt ledighe 
luyden^ Dekenen van de Ambachten, een deel der goeder Knapen 
ende all dU gemeyn siadt van ^s Heriogenbossche den 20 October 
1483 eene erfrente verkocht hadden aan Aelberd, zoon van wijlen 
Aelbert Kethelers, zoo heeft voor Schepenen van 's Bosch Gornelis 
van Boxmeer als gemachtigde van Johan Baptista en Gornelis van 
Breugel, licentiaten in de rechten en zonen van wijlen Aelbert van 
Breugel, in leven ook licentiaat in de rechten, advocaat en oud-raad 
van den Bosch en wijlen Agnes Beyens, blijkens procuratiebrieven 



— 241 — 

gepasseerd voor Schepenen der stad Helmond, voorschreven rente 
getransporteerd aan Joost Martens van Vechel. Hierover waren als 
schepenen Jacob Focanus en Laureyns van 's Gravesande. 

627. S5 September iG56. 

Maria van Engelen weduwe van Jacob Gysselen verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch als gemachtigde van mr Roelof van Engelen 
een steenen huis of woning met erf en ledige plaats, staande te 
's Bosch aan de Oude Dieze tusschen het huis van Johan van den 
Bossche, stadhouder van den Hoogschout der Stad en Meierij van 
's Bosch, eenerzijds en het huis van Anna van Hambroeck ander- 
zijds, welk huis genoemde Roelot van Engelen den 16 Augustus te 
voren bij gerechtelijke uitwinning gekocht had, — aan Jonker 
Franchoys Beijharts, oud-drossaard der Baronie van Boxtel. Hierover 
waren als schepenen Gijsbert Kuysten en Joost Aertszoon Canters. 
(Op den rug staat : het huis gecomen van den heer van Nuenen (van 
£yck n. 1.) Zie hierover mijne Voorname Bossche huizen II p. 295. 

«28a. id57. 

Mr Maerten Pauw en Comelis Vlaming van Outshoom, gecom- 
mitteerden van den Raad van State, verkoopen aan mr Jan van 
Uden en Dries LambrechUe den Middelbloktiend onder Berlicum, 
afkomstig van de Abdij van Berne. 

Ö29. iS Januari iö57. 

Jan Matheuszoon van Bilsen als man van Henderske, dochter van 
Jaspar Gijsmaers van Meerwijck en als gemachtigde van Jan, zoon 
van Jaspar Gijsmaers zoon van Meerwijck, zijnen zwager, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Geertruid van Heerssel, weduwe 
van Hans de Helt alias Colen, eenc grondrente, gaande uit eene 
boerderij in de parochie Haaren, enz., welke Jon Willem Peters, 
wonende aldaar, als man van Jenneken Gijsberts 1 Juni 1643 had 
verkocht aan Aert van Boxtel, Dirck Comeliszoon Fabri en Jacob 
Gerards2oon, in hunne hoedanigheid van momboiren over de on- 
mondige kinderen van Jaspar Gijsmaerszoon van Meerwijck. Hier- 
over waren als schepenen Pieter Lus en WiUem van Houte. 

^^' 5 Februari i657. 

Hendrick Corstiaen Marcus en Marten Marten Ariens, schepenen 

16 



— 242 - 

der heerlijkheicl Liempde, getuigen, dat te hunnen overstaan 
Steven Anthonis Diercx* als man van Catelijn, dochter van wijlen 
Willem Peter Schuttiens, aan Adriaen, Geraert en Marijken, kin* 
deren van wijlen Willem Peter Schuttiens, verkocht heeft een per- 
ceel hooiland, genaamd de Korenput alias het Kleinder Liempdsveld, 
gelegen in de heerlijkheid Liempde. 

631. 17 Augustus i657. 

Marcelis van de Poll, drossaard van Hedel en rentmeester van 
Empel en Meerwijk, als gemachtigde in laatstgemelde hoedanigheid 
van den Heer van Empel en Meerwijk, eigenaar voor een derde 
gedeelte van een perceel hooiland, genaamd de Wasplagen, gelegen 
in voorschreven heerlijkheid aan den dijk, komt met eenige andere 
eigenaars van aldaar gelegen perceelen hooiland ten overstaan van 
Schepenen van den Bosch overeen, dat die perceelen over elkaar 
tot en met eerstgemeld perceel naar voormelden dijk ten eeuwigen 
dage zullen kunnen uitwegen Hierover waren als schepenen Willem 
van Houte en Marten Christiaan Zuerius. 

632. S8 September i6S7. 

Willem Thielemans, wonende te Mierlo, Jan Thielemans, wonende 
te Nuenen en Herman Anthoniszoon, wonende te Mierlo, als man 
van Lijsken Thielemans, allen kinderen van Dierck Thielemans, 
wonende te Mierlo en Merijken Goijarts Willemsdochter, verleenen 
voor Schepenen van 'sfiosch zoo voor zich en als gemachtigden 
van Goyart Thielemans, wonende te Zevenbergen, hunnen respec- 
tieven broeder en zwager, aan Joost Martens van Vechel eene grond* 
rente uit eene boerderij, gelegen te Nuenen. Hierover waren als 
schepenen Joost Nagel en Willem van Houte. 

633. 4 Octoher 1657. 

Vermits de Prelaten, Edelen en Steden, representeerende de drie 
Staten van het Land van Brabant, den 24 April 1564 aan Henrick, 
zoon van Goossen Heeren, eene erfrente hadden verkocht, zoo heeft 
voor Schepenen van 's Bosch Maria Martens, als eenige en universeele 
erfgenaam harer zuster Magdalena Martens, voorschreven erfrente 
overgedragen aan Dirck Reijnders van Rosmaer om ze na haren 
dood in genot te aanvaarden. Hierover waren als schepenen Johan 
van Zutphen en Huybert van Berckel. 



— 248 — 

Hierbij : 

a ccne akte van 1 December 1676, waarbij Pceter Alemans en 
Hendrick van Ravestijn, als momboirs over de drie onmondige 
kinderen van Joan Roeffens en Margaretha, dochter van Dirck 
Reijnders van Roesmaerl) voornoemd, voorschreven erfrente ver- 
koopen aan Gerardina Alemans. 

b eene akte van 28 October 1680, waarbij genoemde Peeter 
Alemans als testamentaire erfgenaam van genoemde Gerardina Alemans 
voorschreven erfrente verkoopt aan Jan Janssen van Ingen als voogd 
over de onmondige kinderen van Cornelis Adriaense van Deursen. 

634a. n Ocioher i657. 

lacobus, aartsbisschop van Ephese en vicaris-apostoliek, begiftigt 
Ludovicus van der Putten met het pastoraat der parochiale kerk 
van St Catharina te 's Bosch. 

635. S8 December i657. 

Pauwels Francken, wonende te Naastenbest onder Oirschot, ver- 
leent voor Schepenen van 's Bosch aan Nicolaas van Zoemeren, 
cantor te Hilvarenbeek, eene grondrente uit een kamp land, gelegen 
te Naastenbest. Hierover waren als schepenen Johan van Zutphen 
en Huybert van Berckel. 
633. 2i Juni i658. 

Jan Roeloeffs Kievits, weduwnaar van Margaretha van Cham 
Christoffelsdochter, door haar tot het navolgende gemachtigd bij het 
testament, door hen beiden op 24 Febr. 1655 voor den notaris 
Cornelis van Boxmeer gemaakt, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Joost van Berckel een huis met erf, tuin, plaats en achterhuis, 
geheeten de Engei^ staande aldaar aan de Vughterstraat tusschen 
het huis De drie nobels eenerzijds en het huis van Walbuich Tolinck 
anderzijds en zich uitstrekkende vanaf gezegde straat tot aan de Dieze, 
zijnde dit huis aan verkoopers vrouw aangekomen van hare ouders. 
Hierover waren als schepenen Johan van Zutphen en Johan Schoock. 

637. 55 Juni 1658. 

Mr Henrick Nagelmaeckers, licentiaat in de rechten en Cornelis 
Jacobszoon van Vechel als executeurs-testamentair van wijlen Jan 

1) In na te melden akte sub h heet hij van Roesmaelen. 



- 344 - 

Hennanszoon van Eerssel, zijnde diens testament op 7 Juli 1645 
gepasseerd voor den notaris Niclaes van Nyehoff en op 11 Juli 
1657 door notaris Thomas van Hynsberch geopend, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch aan Aeltjen, dochter van wijlen Jacob van 
Vechel, eene erfrente ten laste der Staten van Brabant, welke aan 
de momboiren over de onmondige kinderen van Herman Aertszoon 
van Ëerssel en Engelken Boudewijns bij de scheiding en deeling 
der nalatenschappen van de echtelieden Jan Noppen en Swaentjen, 
dochter van Gerard Henricx, op 27 April 1600 was toebedeeld. 
Hierover waren als schepenen Huybert van Berckel en Johan Schoock. 

638. S September i658. 

Ambroise baron van Maldegem, als man van Isabella Clara de 
Kesselaer de Marquette, eenige erfgename van Hesther van Griensven, 
verbindt den Ridder- of Vosselaerstiend onder Hilvarenbeek, leen* 
roerig aan den Leenhove van Brabant, om daaruit te voldoen 
eene roggepacht van 22 mudden, waarmede genoemde Hesther van 
Griensven bij haar testament de twee daarbij door haar te 's Bosch 
gestichte armengasthuizen had gedoteerd. Hierover waren als sche- 
penen van 's Bosch Pieter Lus en Gerardt Hamel Brujmincx. 

639. i2 December i658. 

Aert Jansen van Kreyl, Jan Jansen van Elreyl, Anthonis Ghys- 
bertsen van Mugheuvel als man van Jaxken, dochter van Jan Han- 
drikszoon van Kreyl en Mariken, dochter van Boudewijn Michielsen, 
alsmede Lambert Ghijsbertszoon en Willem Handrikszoon van Kreyl 
in hunne hoedanigheid van voogden over Aelken, onmondige dochter 
van wijlen Boudewijn, zoon van Jan Handrikszoon van Kreyl zal., 
verkoopen na afstand van den tocht, gedaan door Jan Handrikszoon 
van Kreyl, hunnen vader en grootvader van genoemde minderjarige, 
voor Schepenen der heerlijkheid Geffen aan Hendrikje Jans weduwe 
van Handrick Janszoon Olislager te 's Bosch een stuk land, gelegen 
te Geffen op den Kuyl. Hieroverover waren als schepenen Bemard 
Gerardssen, president en Adriaan Handrikszoon van Kreyl. 

640a. 2i Januari i659. 

Verklaring van den Ontvanger-Generaal mr Philippus Doublet, dat 
hij van Josephus d'Outelair, prior van de karthuizers te Antwerpen, 
heeft ontvangen de som van 56860 pond voor alle goederen, renten 



— 246 — 

en tienden, welke door de Staten Generaal der Vereenigde Neder* 
landen aan gezegd Klooster waren gecedeerd zoowel voor wat betreft 
die, gelegen binnen hun territoir als die, gelegen binnen het territoir 
van den Koning van Spanje. 

641. S9 Maart 1659, 

Johan van Dachverlies Willemszoon als man vanGerken, dochter 
van Dierck Dierckszn van £rp, timmerman, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan Johan Willemszn van de Graeff voorhuis, 
middelhuis, erf, tuin, achterkamer en achterhuis, gang en poort, 
staande en gelegen aldaar aan de Oude Dieze tusschen een huis en 
erf van den verkooper eenerzijds en het huis en ert van Margriet, 
dochter van Jans van Bel, weduwe van Herman van Sambeeck, 
anderzijds en zich uitstrekkende tot aan de Dieze. Hierover waren als 
schepenen Gijsbert Kuijsten en Gerard Hamel. Zie over dit huis 
mijne Voorname Bossche huizen II p, 276 en oorkonde no. 492. 

Hierbij een schepenbrief van 's Bosch van 16 Februari 1664 
waarbij Gerken, dochter alsvoren, in hare hoedanigheid van voogdes 
over de onmondige kinderen, bij haar verwekt door Johan van 
Dachverlies Willemszoon, aan genoemden van de Graeflf verkoopt 
eerstbedoeld aangrenzend huis. Denkelijk hebben betrekking op 
dit huis de navolgende bijliggende Bossche schepenbrieven : a een 
van 22 Dec. 1489, waarbij Arnoldus Mutsart Henrickszn aan Dirck, 
zoon van Petrus Janszoon, verkoopt een huis en erf, staande en 
gelegen te 's Bosch aan de Oude Dieze (antiqua Dyesa) ; b een van 
16 December van datzelfde jaar, waarbij Henricus van den Oever 
afstand doet ten behoeve van genoemden Mutsart van zijn recht 
van wederinkoop op dat huis en erf; c een van 28 September 
1625, waarbij Johannes' Pijnappel, zoon van Johannes Boudewijns- 
zoon, dat huis en erf verkoopt aan mr Gerard van Herenthals, 
rector der scholen te *s Bosch. 

642a. ie Mei i659. 

Rogier van Hauterive gezegd van Leefdael, heer van Deume, 
gelast op het verzoek van Abrahamus Huysingius, predikant van 
Deume en Vlierden, den Heiligen Geestmeester van Deume om 
Lambert Koellen „ten respecte van de Gereformeerde religie" te 
ondersteunen met een bedrag van fl 10. 



— 246 — 

64a. it Juli i659. 

Jan Herman Anthonissen van Wolffsberch verklaart voor Schepenen 
van 's Bosch geld schuldig te zijn aan Geertruid, dochter van Jan 
van Oers en weduwe van Gerard Anthonissen van Bueren ten tocht 
en aan Symon en Geertruid, kinderen van laatstgenoemde echtelieden, 
Comelis Jacobs als man van Jenneken en Nicolaas de la Ville als 
man van Judith, dochters alsvoren, ten erfrecht en verbindt daarvoor 
een huis met plaats, staande te 's Bosch tegenover de Ververstraat 
tusschen het huis van Joost Martenszoon van Vechel eenerzijds en 
het huis de Boterion anderzijds en zich uitstrekkende tot aan het erf 
van genoemden van Vechel. Hierover waren als schepenen Gerart 
Hamel Bruijnincx en Rutger Tulleken, 

644. iA Augu9iu$ i659. 

Maria, dochter van wijlen Thomas Henricxszn van Beugen en 
Catharina, de dochter van Willem van £sch, verkoopt voor Sche- 
penen van 's Bosch aan Joost Martenszoon van Vechel eene grond- 
rente, gaande uit eene hofstede, gelegen te £rp ter plaatse genaamd 
0p tPErpsche Boerdonck^ uit een stuk akkerland, genaamd de Cruysse- 
straat, ook gelegen te Erp, alsook uit een stuk akkerland, gelegen 
te Erp ter plaatse genaamd in de Erpsche heijcampen^ welke grond- 
rente door Aert, zoon van wijlen Dierck Geraertszoón, wonende te 
Erp, den 7 Juli 1616 was verleend aan Henrick Janszoon van 
Beugen, veitewariercreemer en vervolgens bij scheiding en deeling, 
tusschen de kinderen en erfgenamen van Thomas Henricszn van 
Beugen en Catharina van Esch voornoemd gemaakt, aan de ver- 
koopster was ten deel gevallen. Hierover waren als schepenen 
Gijsbrecht Kuysten en Herman Cuchlinus. (Zie oorkonde no. 446.) 

645a. n Octoher i659. 

Eugenius Albertus, bisschop van Roermond, geeft vergunning aan 
Henricus van Hegelsom, pastoor te Vierlingsbeek en vicaris te 
Horst, om bij testament over zijne goederen te beschikken, mits 
hij aan het Seminarie te Roermond 2 ponden Vlaamsch legateere. 

646a. iO Mei iöGO. 

Eenige geërfden van Loosbroek geven den Vorster te Dinther 
last om tegen de Schepenen aldaar te protesteeren wegens den door 
dezen onbevoeglijk gedanen verkoop van eene vroente of gemeente, 



— 247 — 

gelegen in de Loosbroeksche gemeente, zijnde toch die verkoop in 
strijd met een accoord en de brieven van maintenue van 1590. 

647. 30 Juli ieeo. 

Peerken Henrick Bunsaerts met Jacob Martens Verhees, haren 
man, verkoopt voor Schepenen van Princenhage aan Johan Henrick 
Dyrven, notaris te Breda, een perceel weiland, gelegen te Princen- 
hage. Hierover waren als schepenen Cornelis Adriaan Leyten en 
Comelis Adriaan 'sGraeuwen. 

648. S7 AuguUuê i6d0. 

Guilliaem Ciermans, raad en rekenmeester-ordinaris van Z. K. Maj. 
Rekenkamer van Brabant, resideerende te Brussel, zoon van wijlen 
Peter Ciermans 'en Ëlisabeth Thomas, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Jacob Henricxzoon Olislagers, ten behoeve van diens 
moeder Henricxke, een perceel akkerland, gelegen in de parochie 
en heerlijkheid van Geffen ter plaatse genaamd op den Doelen 
naast het land der Broederschap van Onze Lieve Vrouw te Geffen. 
Hierover waren als schepenen Franchoys Bruynincx en Johan Hamel. 

649a. i6 September 1660. 

Specificatie van de goederen Ter Borcht, gelegen onder Oister- 
wijk en nagelaten door J«' Godefroy Pynappel, in welke goederen 
J" Johan van de Poll, Spaansch kapitein, vanwege zijne moeder 
Pijnappel voor Vio gerechtigd is. 

650a. U October 1660. 

Akte, waarbij Jan Peters Rovers van Spreuwenborgh, oud-mole- 
naar van de watermolens te Geldrop en J^*' Charles de Boussele, 
drossaard der stad en lande van Diest, als man en momboir van 
Mechteld de Hornes, eigenares van bedoelde watermolens, op Sche- 
penen van den Bosch appelleeren van een vonnis, door Schepenen 
van Geldrop gewezen ten voordeele van J®' Amand de Hornes. 

651 ff. 29 Januari 1661. 

Brief van de Schepenen van Gestel bij Eindhoven, waarbij zij 
zenden de verklaring van Laureyns Sebastiaanszn van Esbeeck, oud- 
president-schepen dier heerlijkheid. 



— 248 — 

6>2a. iS^ Maart iüdi. 

Mr Franciscus van der Borcht, Catharina en Maria van der Borcht, 
kinderen van wijleh Goossen van der Borcht, schepen der vrijheid 
van Oisterwijk, eerstgenoemde ook nog namens Hendrick, onmondige 
zoon van wijlen zijnen broeder mr Embert van der Borcht, geven 
voor Schepenen van Nederweert volmacht aan Joris van Gulick om 
voor Schepenen van Oisterwijk over te dragen aan J«' Franco de 
Beveren, ontvanger der verpondingen over het Kwartier van Ois- 
terwijk, eene grondrente, gaande uit onderpanden, gelegen op den 
Hondsberg en door hen geërfd van hunne moei Helena van der 
Borcht 

653. i8 April imi. 

Johan Hamel en Gijsbert van Hamel, schepenen van 's Bosch, 
maken bekend, dat Maria, dochter van Marcelis van Haren en 
weduwe van Marten van Vechel, hun heeft verzocht om over haar 
onmondig zoontje van Vechel tot voogden te benoemen Joost Mar- 
tenszoon van Vechel, burger van 's Bosch, grootvader van hetzelve 
en Coenraad Janszoon van Cuyck, ook burger van 's Bosch, moeder- 
lijken oudoom van hetzelve en dat zij daarop dezen tot voogden 
over dat kind hebben aangesteld. 

654. S4 FebruaH 1662, 

Alzoo Wouter Goossens Peynenborch, weduwnaar van Heylwich, 
dochter van Dirck Gerritszoon van de Wiel, den tocht, hem als 
langstlevenden echtgenoot toekomende van een achtste van twee 
derde parten eener erfrente ten laste van de Staten van Brabant, 
kwartier van 's lïertogenbosch, had afgestaan aan Peter, Goossen, 
Henricken en Wouteren, gebroeders, zoo te hunnen behoeve als 
ten behoeve van Tonisken en Stijntje, gezusters, allen kinderen 
van hem en zijne genoemde vrouw, zoo hebben voor Schepenen 
van 's Bosch genoemde gebroeders voor zich en als zich sterk ma- 
kende voor hunne genoemde zusters, alsmede Comelis en Mathijs, 
gebroeders, zonen van wijlen Wijnant van Heusden, zoo voor zich 
en als zich sterk makende voor Adriaen Gysbertszn Verheyden, 
Wouter Goossens Pijnenborch voornoemd als momboir over de 
onmondige kinderen van wijlen Gerit Dirckszn van de Wiel en als 
zoodanig tot het navolgende gemachtigd door Schepenen van Ois- 
terwijk ; alsnog meergenoemde Wouter Goossens Peynenborch als 



— 249 — 

transport hebbende van Jan Wouterssen, wonende te Rucphen, door 
dezen verleend, zoo voor zich en als lasthebber van Evert Wouterssen, 
zijnen broeder, en Meeuws Pauwels, in diens hoedanigheid van 
man van Tanneken Wouterssen, zijne zuster, blijkens procuratie* 
brieven voor mr Marten van Hees, openbaar notaris te Oisterwijk, 
gepasseerd ; mr Thomas van Hijnsberch, notaris, als rentmeester 
van het Groot Begijnhof te ' s Bosch en in die qualiteit optredende 
voor de onnoozele Anna van Eerssel; dezelfde mr Thomas van 
Hynsberch als lasthebbende van den heer 'Franchoys Beyharts, erf- 
ridder des H. Rijks en oud-drossaard van Boxtel, door dezen ver- 
leend voor zich en mede als erfgenaam van den heer Gaspar Beyharts, 
in leven deken der Collegiale kerk van Boxtel, zoomede als zich 
sterk makende voor Jonker Anthony Beyharts, kapitein-luitenant 
van eene compagnie-ordinaris ten dienste van den Koning van Spanje, 
zijnde deze last gegeven bij procuratiebrieven, voor Jan van den 
Heuvel als openbaar notaris binnen de Baronie van Boxtel gepas* 
seerd; alsnog dezelfde mr Thomas van Hynsberch als gemachtigde 
van Sophia Heymans en Jacobus, haren broeder, hen gezamenlijk 
sterk gemaakt hebbende voor Elisabeth Heymans, hunne zuster en 
Peter Eflfermans, haren man, mitsgaders voor hunne zuster Cornelia 
Heymans, allen kinderen en erfgenamen van wijlen Wynant Heymans 
en Nelken Jacobs Roust ; mede nog als gemachtigde van Jan Govers 
en Gysbertje Govers, begijntje, hen sterk gemaakt hebbende voor 
hunnen afwezigen broeder Comelis Govers, kinderen en descendenten 
van Goyardt Gysbrechts en Anna Heymans, hebbende dezen volmacht 
gegeven voor J. van der Hooffstadt, openbaar notaris te Mechelen ; 
Aert, zoon van Wouter van Eerssel, voor zich en als gemachtigde 
van Jan Peters van Eerssel en Frans Franssen van Eerssel blijkens 
procuratiebrieven voor Schepenen van Gent verleden ; Adriaen, zoon 
van Jan van Eerssel» de jonge, voor zich en als gemachtigde van 
Barbara Wouter Colen weduwe van Adriaen van Eerssel den oude; 
Jan en Michiel, gebroeders, en Catharina, hunne zuster, kinderen 
van wijlen Adriaen van Eerssel en Barbara voornoemd, voor zich 
en als zich sterk makende voor hunne minderjarige broeders en 
zusters, blijkens procuratiebrieven voor Schepenen van Tilburg en 
Croirle gepasseerd ; voornoemde Adriaen van Eerssel de jonge alsnog 
als gemachtigde van Anneken van Eerssel, daartoe bijstand beko- 
men hebbende van haren man Nicolaes Henricx van Aelst, blijkens 
procuratiebrieven voor Schepenen van Turnhout gepasseerd ; Annekeni 



— 260 — 

dochter van wijlen Wouter van Eerssei en Jan van der Beeken, als 
gemachtigden van Sr Nicolaes van Gerwen» man van Adriaentje, 
dochter van Wouter van Eerssei voornoemd, blijkens procuratiebrieven 
door deze voor zich en als erfgenaam van wijlen hare zuster Cathalyn 
van Eerssei voor den openbaren notaris Joachim van Grinsven ver- 
leendt — zijnde al de voornoemde personen erfgenamen van de 
vaderlijke fideicommissaire goederen van wijlen Jan Hermans van 
Eerssely — voorschreven erfrente verkocht aan Thomas Christofifels 
van de Graeff. Hierover waren als schepenen Arnt van Tienen en 
Joost NageL 

655. 5 April iCet 

„Wilhelm Hendrick, Prince van Orange, grave van enz., heere van 
Breda, der stadt Grave ende den Lande van Cuyck, enz.,*' doet te 
weten, dat vermits wegens het ontslag, op grond van hoogen ouder- 
dom aan Elias Jansen als richterbode van Sambeek verleend, een 
opvolger van dezen behoort te worden benoemd, hij met goedvinden 
van de Princesse Douairière van Orange, zoo voor zich en als ge- 
machtigde van zijne voogden, tot richterbode aanstelt Jan Thonissen. 

656. 9S April i6GB. 

Dierck, zoon van wijlen Henrick Dierckszn, wonende teHelvoirt, 
als man van Henricxke, dochter van Adriaen Berckelmans, verleent 
voor Schepenen van 's Bosch aan Comelis Jacobszn van Vechel 
eene grondrente uit eene boerderij, gelegen binnen de heerlijkheid 
Helvoirt ter plaatse genaamd aan de Gesel naast het erf van Adriaen 
Willemszn Berten en meer anderen eenerzijds en het erf van Dierck 
Reijnders van Rosmaer, burger van 's Bosch, anderzijds. Hierover 
waren als schepenen Reijnier Tempelaer en Nicolaes de Lobel. 

657. 2i September 1662, 

Mr Adriaen de Weer als gemachtigde van mr Hendricus van 
Gorcum, priester, verkoopt voor Schepenen van Oisterwïjk aan 
Adriaan Corneliszoon van Beurden eene grondrente, gaande uit eene 
boerderij, gelegen onder Gestel bij Oisterwijk ter plaatse genaamd 
het Kolk en uit een perceel weiland, geheeten de Beemd, ook gelegen 
te Gestel en wel ter plaatse genoemd „In den hoogen inslag*', welke 
grondrente Adriaan, zoon van Jan Comelis Goijerts, als man van 
Catharina, dochter van wijlen Matheus Elias, den 21 Januari 1628 
Verleend had aan heer Goyerd Hendricx van Gorcum, in zijn leven 



— 251 — 

ook priester en die door genoemden mr Hendricus van Gorcum van 
dezen geërfd was. Hierover waren als schepenen Jan Janszn Tim. 
merman en Loenis Hendricx van Megen. (Zie oorkonde no. 493.) 

658. i December i662. 

De Raad van Brabant verleent op het verzoek van de Kanunniken 
van het Kapittel van St. Oédenrode, inhoudende, dat verschillende 
personen achterstallig zijn in het betalen van renten, cijnsen en 
pachten, tot hunne prebenden behoorende, brieven van executie. 

658a. 4 Januari {668. 

Testament van Johan Backers Jr (of de Bacquer) en diens echt- 
genoote Agnes Gysselen, beiden woonachtig te 's Bosch. 

660. 25 October i663, 

Marten, zoo voor zich en als man en momboir van Maria, doch* 
ter van Thomas van Beugen en Anneken zijne zuster, beiden kin- 
deren van wijlen Jaspar de Leeuw, verleehen voor Schepenen van 
's Bosch aan Mechteld weduwe van Peter Boons eene grondrente 
uit twee derde gedeelten in een huis, staande in de Karrestraat al- 
daar ; uit een derde gedeelte in een huis, staande aan de Markt aldaar 
naast het huis van Wouter van Achelen eenerzijds en dat van 
Henrick van de Gevel anderzijds en zich uitstrekkende vanaf de 
Markt tot aan de Dieze, en uit een vierde gedeelte in eene 
woning, staande met eene andere woning onder een dak aan ge* 
zegde Markt naast deze woning eenerzijds en het huis van Anthony 
van Bruaenen anderzijds en zich uitstrekkende vanaf de Markt tot 
aan het erf van Philips van Beugen. Hierover waren als schepenen 
Daniel van der Meulen en Henrick van Schrieck. 

6G1. 9 Februari ië64. 

Willem van Houte en Johan Daesdonck, schepenen van 's Bosch, 
verklaren, dat te hunnen overstaan Mathijs, zoon van wijlen 
Anthonis Willemszoon van Jabeeck en Elizabeth Willemsdochter 
van Esch, den leeftijd van 24 jaren gepasseerd zijnde, verklaard 
heeft, dat Laureijns van Kessel, oud-secretaris van genoemde stad 
en Joost Martens van Vechel, als zijne gewezen voogden, aan hem 
rekening en verantwoording van hun beheer hebben gedaan en hij 
hen te dier zake gedechargeerd heeft. 



— 252 — 
6620. if Februari 1606. 

Brief van J. Focanus, president-schepen van den Bosch. 

663. 4 Mei i666. 

Tieleman Aertszoon Klercx, wonende te Engelen, verklaart voor 
Schepenen van Heusden van Cornelis Jacobszoon van Vechel ter 
leen ontvangen te hebben de som van fl 650 en verbindt daarvoor 
het Baetenkampje, gelegen in het Engelensche Veld. Hierover waren 
als schepenen Willem Lookermans en Hendrick van Dninen. 

664. 4 Mei i666. 

De Raad en Leenhof van Brabant beleent mr JohanNagelmaeckers, 
advocaat te 's Bosch, als momboir over de onmondige kinderen van 
wijlen Rogier d'Abselons, zoon van wijlen GuUliam d'Abselons, ten 
behoeve van Godefroy d'Abselons, minderjarigen zoon van Rogier 
voornoemd, met de helft in de tienden van Heesch en de daartoe 
behoorende smalle tienden, zooals voornoemde GuiUiam d'Abselons 
die van Willem Berwouts 1) verkregen had en hem, Godefroy, bij 
doode van GuUliam d'Abselons meergenoemd aanbestorven waren. 

665. i September i667. 

Jacop de Bye, notaris te 's Bosch, als gemachtigde van Johan 
Snellen blijkens procuratiebrieven voor Jan Peynenborch, notaris te 
Oisterwijk verleden, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
mr Theodorus van Nyehoflf, licentiaat in de rechten en advocaat 
aldaar, ten behoeve van Johanna van Gierle weduwe van Johan van 
de Gracht, zijne schoonmoeder, eene grondrente, gaande uit een 
huis, stal en achterhuis, genaamd Tilburg^ staande te 's Bosch aan 
den Vughterdijk tusschen de beide poorten aldaar naast het huis 
van Jaspar Gast H. Kruispoortwaarts eenerzijds en dat van Magdalena 
van der Stappen weduwe van Jan Janszoon Scheffers Vughterpoort- 
waarts anderzijds, welke grondrente Wouter Adamszoon van Weerde, 
molenaar, den 12 Aug. 1643 had verkocht aan Jan, zoon van wijlen 
Steven Snellen. Hierover waren als schepenen Cornelis Cuchlinus 
en Martin Christiaen Zweerts. 



1) Hij was zoon van Jor Cornelis Berwouts en werd met voorschreven tienden 
in 1614 beleend bij doode van Jor Anthonis Berwouts, sijnen oom. 



666. iS April i&fj. 

Scheiding en deeling der nalatenschap van mr Bartholomeus Loeff 
van der Sloot 

667. 5 Ocloler i667. 

Henrick van Mil als man van Elisabeth, dochter van Jan Her- 
manszoon de Pesser, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Henricxken, zijne schoonzuster, dochter van Jan Hermanszoon de 
Pesser voornoemd en weduwe van Antoni van Esschaeren, eene 
grondrente, gaande uit eene hofstede, gelegen onder de parochie 
Gemonde en de jurisdictie van St Oedenrode ter plaatse genaamd 
op Bersselaer, welke grondrente den 8 Maart 1657 door Jan, zoon 
van wijlen Mathijs Bartholomeus, wonende in gezegde parochie, 
verleend was aan Henricxken, voornoemd ten behoeve van de on- 
mondige kinderen van wijlen Jan Hermanszoon de Pesser voor- 
noemd; item eene grondrente, gaande uit een stuk akkerland, gelegen 
te Dinther ter plaatse genaamd Int Retsel, welke grondrente den 
5 Jan. 1682 door Oth, zoon van wijlen Corst Otten, wonende te 
Dinther, verleend was aan Jan Hermanszoon de Pesser meergenoemd; 
item eene grondrente, gaande uit een derde eener bouwhoeve, ge* 
legen te Berlicum ter plaatse genaamd Loeffaert, welke grondrente 
den 17 Februari 1649 door Antoni, zoon van wijlen Herman Jans- 
zoon de Pesser en Elisabeth, dochter van wijlen Antoni Preeckers, 
verkocht was aan Geertruid, dochter van wijlen Jan Thomaszoon 
van Velp en weduwe van Jan, den zoon van wijlen Herman Jans- 
zoon de Pesser. Hierover waren als schepenen Joost Aertszoon 
Canters en Johan van Blotenburgh. 

668. 4 December i€67. 

Maijken, dochter van wijlen Dilis van der Aa en weduwe van - 
Peter van Meerhout, wonende te Schijndel, verleent voor Schepenen 
van 's Bosch aan Comelis Jacobuszoon van Vechel eene grondrente 
uit landerijen, gelegen te Schijndel. Hierover waren als schepenen 
Gerardt Tieiemans van Breugel en Gijsbrecht van Hamel. 

669. SO December i667. 

Maijken Steven Eelkens, weduwe en erfgename van Jan Aerts- 
zoon van Eschaeren, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 



— 264 — 

Margriet SchoenmanS; echtgenoot van mr Peter Everard van Olden- 
burch) een huis met een grooten tuin en daarachter staande woning, 
staande en gelegen te 's Bosch aan de Oude Dieze tusschen het 
huis der erven van Anna van Hambroeck eenerzijds en dat van 
Dirck de Pleijtmaecker anderzijds en zich uitstrekkende van af 
gezegde straat tot aan het erf van Henrick van den Broeck, licen- 
tiaat in de rechten. Hierover waren als schepenen Gerard Tielemans 
van Breugel en Joost Aertszoon Canters. Zie over dit huis mijne 
Voorname Bossche huizen II p. 288. 

670. i9 Januari i€68. 

Joris Vervoorden, inwonende poorter van 's Bosch, verleent voor 
Schepenen aldaar aan Maria van Doren eene grondrente uit een 
huis met erf, genaamd ii^ Blauwe hand^ staande in die stad aan 
den . Vughterdijk tusschen het erf der kinderen van Peter van 
Ge£fen eenerzijds en dat van Anthony Cinck anderzijds, en strek« 
kende van af gezegde straat tot aan den stadswal, de Dieze tus- 
schen beiden loopende, alsmede uit twee huisjens, naast elkander 
staande in een straatje achter het huis, genaamd In Breda. Hier- 
over waren als schepenen Geraert Tielmans van Breugel en Ghijs- 
brecht van Hamel. 

671. i5 l>eeemUr i668. 

Sr Johan de Backer de jonge als gemachtigde van den heer Jaco- 
bus Philippus van der Haven, gehuwd met Juffn Elisabeth de 
Backere, blijkens procuratiebrieven voor den notaris de Moor te 
Eeckeren gepasseerd, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan 
Johan van der Meulen, secretaris van die stad, ten behoeve van 
Catharina Hermans van Limborch eene grondrente, gaande uit eene 
bouwhoeve onder Oostelbeers, welke rente Jan, zoon van Nicolaes 
Rijckarts, den 11 Febr. 1640 had verleend aan Lysken weduwe van 
Herman van Eerssel, alsmede eene grondrente, gaande uitperceeien 
onder Breugel, welke Nicolaes, zoon van Reynder Nicolaes Maessen, 
wonende op de Smeermoes, als een der erfgenamen van Maria, 
dochter van Nicolaes Aelbertszoon van der Heijden, den 28 April 
1667 had verleend aan Adriaan Willem Henrickszoon van Engelen, 
zijnde deze beide grondrenten op 27 Augustus 1667 aan genoemde 
verkoopster ten deel gevallen bij scheiding en deeling der nalaten- 
schappen van Johan Backers en diens echtgenoote Agnes Gysselen. 



Hierover waren als schepenen Franchoys Bruijnincx en JacobZivert 
van Ziborch. 

672a. 5 Februari 1669. 

Dielis en Cornelis, zonen van wijlen Paulus Vos en Peter Theu-^ 
niszoon van de Velde, als man van Syken, dochter van Paulus Vos 
voornoemd, mitsgaders Jenneken weduwe van Guiliam, zoon van 
Paulus Vos meergenoemd, verkoopen aan Gerrit Michielszn van den 
Ancker een huis met erf, staande te 's Bosch in de St. Jacobstraat 
tusschen het huis van Margaretha Roeloifs Jansdochter, echtgenoote 
van Henrick Roeffs, eenerzijds en het huis van Jan Roelofszn Kivits, 
glazenmaker, anderzijds en zich achterwaarts uitstrekkende tot aan 
den tuin van Philip Wouterszn Livens, zijnde hunnen vader aan« 
gekomen bij scheiding en deeling, opgemaakt tusschen hem en Philip 
Wouterszn Lievens. 

073. 7 Februari 1669. 

Johan Davidts van Oerle en Jacob Ziverts van Zyborch, schepenen 
van 's Bosch, getuigen, dat te hunnen overstaan Anthony, zoon 
van Anthony Willemszoon van Jabeeck, verklaard heeft, dat zijn 
gewezen voogd Joost Martenszoon van Vechel hem behoorlijlce 
rekening en verantwoording gedaan heeft. 

67 i. 19 Februari 1669. 

Peter Schilders, schout te Vlijmen en Marten Reyner van Ingen, 
wonende aldaar, in hunne hoedanigheid van lasthebbers van Geerardt 
Wedda, vaandrig in de compagnie van den baron Casper Hara, 
heer van In- en Cniphuysen, in garnizoen te Groningen, als man 
van Mechteld Hoorn, doen voor Schepenen van Heusden afstand 
van diens recht op eenen halven morgen land, gelegen onder Engelen 
in den Rouwenkamp, ten behoeve vau Cornelis Jacobszoon van 
Vechel, wonende te *s Bosch. Hierover waren als schepenen Esalas 
d'Ouwerschie en Hendrik van Herpt 

674a (biê,) 7 Mei 1669. 

Request civiel van Maria Hack, vrouwe van den Triangel, tegen 
den Prior van Huybergen, 

675. 2 Auguêius 1669. 

Johan Davits van Oerle en Johan Fran^is Balbiaen, schepenen 



- 266 — 

van 's Bosch, geven vidimus van een schepenbrief van Heusden van 
14 Mei 1636, waarbij Jan Danielsen van Berlicum en Dirck Cornelis- 
zoon van Leckerkerck, schepenen van Heusden, verklaren, dat te 

hunnen overstaan Thonis , wonende te Veen, verkUuutle geld 

schuldig te zijn aan Jan Maesen, ruiter in de compagnie van den 

Heer Martin en daarvoor te verbinden vier morgen land, 

gelegen te Veen en grenzende aan de Pastorie aldaar, alsmede zeven 
hond land, mede gelegen te Veen en grenzende aan het erf van 
Sebastiaen Beelaerts. 

676. n AuguêluB 1669. 

Cathalijn, dochter van Willem Verbeeck, verklaart voor Schepenen 
van *s Bosch geld schuldig te zijn aan Jacomina, dochter van Comelis 
Jacobs van Vechel en wel ten behoeve van genoemden Comelis van 
Vechel. Hierover waren als schepenen Fran^is Bruynincx en Jacob 
Zywaert van Siborgh. 

677. 27 Januari {670. 

Willem van Houte en Laurens van 's Gravesande, schepenen van 
's Bosch, verklaren, dat te hunnen overstaan Helena van Zomeren, 
weduwe van mr Norbertus Mutsaerts, licentiaat in de rechten en 
Walburgh van Someren weduwe van mr Gijsbert Eelkens, licentiaat 
in de rechten en drossaard van Rethy, kinderen van wijlen mr Gerard 
van Zomeren, ook licentiaat in de rechten en oud-raad van 's Bosch, 
alsmede Johan Scheffers namens Nicolaes van Zomeren, licentiaat in 
de rechten en cantor te Hilvarenbeek, hebben goedgekeurd de 
scheiding en deeling van de goederen van wijlen hunne zuster 
Johanna van Zomeren. 

678a. S7 Maart imO. 

Verklaring van J. Verster, secretaris van den Bosch. 

679a. 54 JugusiuÉ (?) i670. 

Anneken Jacobs en hare kinderen geven aan Rogier van Leefdael, 
heer van Deume, diens Ofiiciér en aan Schepenen van Deume te 
kennen, dat Jacobs Goorts, de man van eerstgenoemde en vader 
van hare kinderen, sedert de ^voering van de Christelijke reformatie 
den Staat als ook den Heer van en de gemeente Deume als president- 
schepen en ook gedurende eenige jaren, als secretaris trouw en 



— 2B7 — 

ijverig gediend heeft; dat hij op de dreigementen van booze lieden 
in den avond van 26 Augustus 1670 in gezelschap van eenige inge- 
zetenen van Deurne is gegaan uit het erfhuis van Comelis Janssen 
de Jeger te Liessel, alwaar hij als gesubstitueerd secretaris de pen had 
gevoerd ; dat nadat hij aan zijn huis was gekomen en afscheid van zijn 
gezelschap had genomen, hij aan den dorpel zijner deur uit een 
roer van eenen onbekend gebleven moordenaar een schot van 50 
tot 60 korrels grooten ganzenhagel in den rug gekregen heeft, waar- 
door hij neerstortte en den 28 Augustus daaraanvolgende is over- 
leden; dat zij, Anneken en hare kinderen, dientengevolge thans in 
kommervolle omstandigheden verkeeren en daarom in den vreemde 
hunnen kost zullen moeten gaan zoeken ; dat het zoude kunnen 
gebeuren dat aldaar genoemde Goorts belasterd werd en dat zij 
daarom aan gerequestreerden verzoeken een attest omtrent diens 
eerlijkheid af te geven. 

680. i8 Juli i€7i. 

De President en Raadsleden van den Koning van Castilie, enz., 
Graaf van Vlaanderen, geordonneerd in Vlaanderen, getuigen, dat 
voor hun Hof Bemard Janssens en Willebrord Bartholomeeus, koop- 
lieden te Gent, de een als broeder en de ander als oom van den 
advocaat Mr Pieter Janssenius, verklaard hebben gezien te hebben 
een verzoekschrift, door dien advocaat gepresenteerd aan den Eooch- 
weerdigen Heere rector magnificq van de Universiteit te Leuven, 
met de appostille daarop door dezen gesteld en dat zij er in toe- 
stemmen, dat genoemde advocaat zal verkoopen al zoodanige 
renten, huizen, gronden, erven enz., als zijne drie kinderen, hunne 
nichten, bezitten in de stad en meierij van den Bosch. 

681. fO October i67i. 

Elisabeth, dochter van Herman Goijartszoon van Santbeeck, verkoopt 
voor Schepenen van 's Bosch aan Luycaes de Haes, procureur en 
raad der stad Helmond, ten behoeve van Geerloff Suyckers Junior, 
zoon van Geerloff Suyckers, secretaris van Helmond, eene grondrente, 
die Hendrik, zoon van Dirck Hendricx, den 11 April 1688 had 
verleend aan hare moeder Margaretha, weduwe van Herman Goijarts* 
zoon van Santbeeck, uit. eene boerderij, gelegen op den Beekschen 
Donk te Beek bij Aarle. Hierover waren als schepenen Frederik 
Hendrik Sweerts en Hendrik Copes. 

17 



— 268 — 

«82a. i9 Juli imft. 

Brief door Gb« de Manmaker, heer van Hoffwegen, geschreven te 
Bergen op Zoom over de gevangenneming van eenen FranscheD 
trompetter. 
683a iO Juli i&IS. 

Verklaring van G. Kirkpatrick, gouverneur van den Bosch. 

684. 5 November idlS. 

De Raad van Brabant te *sHage verbiedt op het verzoek van 
den Ambachte van de Melders binnen V Hertogenbosch aan Willem 
van Grimbergen, koopman aldaar, om als meester-mulder koren te 
malen, daar hij niet zijne twee leeijaren heeft volbracht 

685. 50 MaaH iei4. 

Aert van Geffen als man van Anneken, dochter van wijlen Jacob 
de Bruyn, voor zich en als gemachtigde van Comelis de Bruyn en 
Hillegonda van Roermont; Igrom van Roermond, zoon van wijlen 
Reynder Igromszn van Roermond en Alegonda, de dochter van 
voornoemden Jacob de Bruyn; genoemde Igrom en Herbert Ancems 
van Herpen als voogden over de twee onmondige kinderen van 
Reynder en Alegonda voornoemd en Peter Laersmans als man van 
Anna van Roermond, dochter van dezelfden, allen erfgenamen van 
meergenoemden Jacob de Bruyn, verkoopen voor Schepenen van 
's Bosch aan Henrich Matheuszoon van Bilsen een huis met middelhuis, 
tuin, bleekveld, achterhuis, acht looikuipen en twee kalkkuipen, ge- 
naamd de Keizerskroon^ staande te 's Bosch aan den Vughterdijk 
tusschen de beide poorten bij de St. Comeliskapel tegenover d< Valk 
en zich uitstrekkende van af gezegde straat tot aan het water, welk 
huis Jan Joachim Marcelissen, schoonvader van meergenoemden Jacob 
de Bruijn, den 11 Juni 1591 gekocht had van Peter Jan Peterszoon 
de Weyer, hebbende Anthony van Witvelt, stadhouder van de stad 
en meierij van Vilvorden, als man van Catharina de Bruyn Jacobs- 
dochter haar part aan voornoemde verkoopers verkocht. Hierover 
waren als schepenen Jacob Sy vert van Syburch en Reynder Tempelaer. 

686. 7 Augwim 1074. 

Jan Baptist Greyns en Peeter Happart, schepenen van Antwerpen, 
verklaren, dat te hunnen overstaan Maria Theresia van Egeraet, dochtei 



— 269 — 

van wijlen Hendrick van Egeraet en Anna Loeft van der Sloot, voor 
zich en in den naam van Adriaen en Adam Egeraet, hare twee 
uitlandige broeders, alsmede van Joanna Maim en Adriana Ange- 
lica Egeraet, hare twee minderjarige zusters, verkocht heeft aan 
Emerentiana Loeft* van der Sloot, dochter van wijlen Godevaert, 
het een vierde in een derde deel eener erfrente ten laste der stad 
Antwerpen, haar en hare genoemde broeders en zusters aanbestor- 
ven van hunne genoemde moeder, die de dochter was van Hen- 
drick Loeft' Van der Sloot, broeder van Bartholomeus Loeft* van 
der Sloot, van wien zij voor een derde part erfgenaam ab intestato 
was, zijnde voorschreven erfrente uitgegeven aan Bartholomeus Loeff 
van der Sloot van 's Hertogenbosch, die de vader was van voor* 
noemden Bartholomeeus. 

687flL 5 October i€74. 

Op de klacht van Johannes Alstorphius, predikant van Waalre 
en Valkenswaard, over de handelingen, door Cornelia van de Poll 
weduwe van Johan van den Cluse, heer van Waalre, Valkenswaard 
en Aalst, tot nadeel van de Gereformeerde religie en verachting 
van de justitie, „alles in vilipendentie van de orders en resolutiên 
der Staten Generaal verricht", gelasten dezen den Kwartierschout 
om den Schepenstoel te Waalre en Valkenswaard te veranderen 
en de Paapsche school te verbieden, alles ten koste der Vrouwe 
van de beide laatstgenoemde heerlijkheden; den klager zijne kosten 
te doen vergoeden en om voorts het schoutambt aldaar te bedienen of 
te doen bedienen totdat genoemde Vrouwe daartoe een persoon der 
Gereformeerde religie met hunne goedkeuring zal hebben benoemd. 

688a. i7 October 1674. 

Brief door L. A. S. de Chamilly te Grave, tijdens het beleg van 
die stad door den Prins van Oranje, geschreven, welke brief blijkens 
hetgeen er op aangeteekend staat, werd onderschept 

689. ^ 2 Febmari 1675. 

Mr Herman Kuchlinus, schepen van 's Bosch, als gemachtigde 
van Adriaen Pieterson, gecommitteerde ter vergadering van de 
Staten Generaal, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan mr Hen- 
drick van Breugel, als administrateur van de beurzen, gefondeerd 
door Hester van Griensven, a eene rente van fl 85 'sjaars, den 



— 260 — 

28 Juli 1652 verleend door J«' Dirck van Grevenbroeck, heer van 
Mierio, ten overstaan van Schepenen aldaar; b eene rente van 
fl 2.50 'sjaars, deif^elfden dag verleend door Herman Aelberts en 
door genoemden heer van Mierlo te zijnen laste genomen, welke 
beide renten Jan Jansse Kei, wonende te Batenburg, als man van 
Anneken, dochter van Comelis Gerritsse, den 17 Juni 1664 voor 
Schepenen van Helmond had verkocht aan Jacobus Pieterson en 
van dezen vererfd waren op voorzegden lastgever. Hierover waren 
als schepenen Steven van Teffelen en Simon Coenraet lintworm. 

690. 95 Mei i€75. 

Alzoo Maria Hovelmans weduwe van Grerard van Kelst den tocht 
van diens nalatenschap had afgestaan aan Jeronimus van Reist 
Johanneszoon als man van Catharina' van Kebt Gregoire en aan 
d'Ardenne als man van Alegonda van Kebt, zoo ten behoeve van die 
vrouwen als ten behoeve van de onmondige kinderen van Symon 
van Kelst en alle kinderen van haar Maria Hovelmans en Gerard van 
Kebt, zoo hebben voor Schepenen van *s-Bosch voornoemde Jero- 
nimus van Kebt Johanneszoon en Gregoire d'Ardenne in hunne 
voorschreven qualiteiten en ab zich sterk makende voor de onmondige 
kinderen van Symon van Kelst, verkocht aan Crerard van Bockholt 
ten behoeve van Comelb Jacobszoon van Vechel eene grondrente, 
gaande uit den Broekbeemd, gelegen te Oirschot in den heerdgang 
van Best aan de Bodemsteeg, naast het erf der kinderen Dirck Mar- 
tens van der Heyden 1), welke grondrente Jonker Anthonys van 
Grevenbroeck, zoon van Jonker Floris van Grevenbroeck, heer van 
Oumies en La fontaine, daaruit den 24 Mei 1689 had verleend; 
item eene grondrente, gaande uit eene bouwhoeve onder Oirschot, 
welke Marten en Andries, zonen van Jacob Hendricx van Ginhoven 
alias den Lubbert te Spoordonck, den 24 Aug. 1687 daaruit hadden 
verleend aan Gerard van Kebt; item enz. Hierover waren als sche- 
penen Assuerus Tulleken en Simon Coenraet Lintworm. 

691a. 6 December {675. 

De Staten Generaal der Vereenigde Nederlanden berichten naar 
aanleiding eener missive van Comelis Thooft, stadhouder van den 
Hoogschout te den Bosch, over het meisje Aletta van Osch, dat 

i) Hij was in 1593 schepen van Oirschot. 



— 261 — 

bij hare moei Adriana van Osch was opgehouden geweest, dat het 
nu bij een Gerefonneerden burger aldaar is uitbesteed. 

693. SO December i€75. 

Ludovicus van der Putten als executeur van het testament van 
Dr Johan Ransecremer verkoopt voor Schepenen van den Bosch 
aan Guillelmus van der Putten en diens zuster Catharina van der 
Putten eene halve hoeve lands, voor de wederhelft toebehoorende 
aan de kinderen en erfgenamen van Simon van der Putten en ge- 
legen te Loosbroek, parochie Heesch, welke hoeve Jan van Santen 
12 Maart 1674 gekocht had van Lambert van den Heesacker Lam- 
bertzn als man van Margaretha, dochter van Mathijs Lambertszn 
Stooters en waarvan de andere helft aan Herman Anthoniszn van 
der Meulen was aangekomen van de ouders zijner echtgenoote en 
aan genoemden Ransecremer nomine uxoris bij de deeling met de 
medeerfgenamen van genoemden van der Meulen. Hierover waren 
als schepenen Simon Coenraet Lintworm en Henrick van Gasteren. 

698. 5 MaaH 1676. 

Anthonetta, dochter van Henrick Colen, koopman te 's Bosch en 
Agnes van Roy, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Goijardken 
van den Ancker weduwe van Bemard Lehardy een huis met vier 
kamers of woningjes, daarachter staande, genaamd de Roy Leers^ 
staande te 's Bosch in de Hinthamerstraat tusschen het huis der 
erven Peter Becx eenerzijds en dat van Aert Tybosch, een gangske 
tusschen beiden liggende, anderzijds en zich uitstrekkende tot aan 
de Dieze, haar aangekomen uit de nalatenschappen harer ouders. 
Hierover waren als schepenen Marten Christiaan Sweerts, heer van 
Oirschot en Simon Coenraet Lintworm. 

694. 9i Noüemher i€76. 

Jan en Catelijn, kinderen van wijlen Thieleman Francken van 
Diepenbeeck en Hester, dochter van Daniel Schotelmans en Servaes 
Fabri van Gremert als man van Jenneken, dochter van genoemde 
echtelieden, gezamenlijk gerechtigd voor Vs* mitsgaders Julius Daniels- 
zoon Schotelmans, als gemachtigde, blijkens procuratiebrieven voor 
den notaris Hendrick van Ëijndhoven te 's Bosch gepasseerd, van 
Francq en Julius, ook kinderen van Thieleman en Hester voornoemd, 
als gerechtigd voor het overige Vsy verkoopen voor Schepenen van 



— 262 — 

*s Bosch aan mr Johan Louis van Cattenburch, secretaris van die 
stad, ten behoeve van Ruth Meliszoon van Roosmaelen eene kamer 
van drie kamers, staande binnen die stad onder een dak bij de Pijn- 
appelsche poort, hunnen vader ten deel gevallen bij scheiding en 
deeling, den 10 Oct 1687 voor Schepenen van 's Bosch gepasseerd. 
Hierover waren als schepenen Assuerus Tulleken en Simon Coenraet 
Lintworm. 

605a. 9 Maart iSn. 

Pero Verschey, burger van den Bosch, als man van Maria, dochter 
van Cornelis Goossens van Empel en als voogd over Hendrien en 
Grietjen, dochters alsvoren, verkoopt aan Adriaen Jonckers, inwoner 
van den Bosch, huis, erf, hof en rosmolen met vier woningen daar- 
achter, genaamd de JRosmeulen^ staande en gelegen aldaar buiten de 
H. Kruispoort op den Vughterdijk tusschen het huis en erf van 
Bemardt Goossens, den messenmaker, Vughterpoortwaarts eenerzijds, 
een gang tusschen beiden liggende en het water anderzijds, en zich 
uitstrekkende van af de straat tot aan het water, genaamd de Dieze, 
door den vader van verkoopers gekocht van Jan Roelofszoon Kievids 
op 10 Sept. 1664. 
695a QnB). 16 September i€T7, 

Verklaringen door getuigen ten overstaan van Schepenen van Oss 
afgelegd over hetgeen zij aan den coUecteur van den tol te Lith 
aldaar aan tolgeld hadden moeten betalen. 

696. 7 Maart i680. 

Paulus Wonders en Jan van Bilsen, burgers van 's Bosch, verklaren 
voor Schepenen aldaar geld opgenomen te hebben van Sr Anthony 
van Kessel ab gemachtigde van Theodora Andrea van Kessel. Hier- 
over waren ab schepenen Johan van Sutphen en Johan Francoys 
Balbiaen. 

697. 94 Mei i680. 

De Jonkers Willem Arnoudt en Jacobus Theodorus, zonen van 
Jonker Rogier, den zoon van mr Arnout van Broeckhoven en Johanna 
van Reys, mitsgaders Jonker Gaspar Cornelis de Voocht, heer van 
Formeseel, als man van Maria Isabella, dochter van genoemden 
Rogier, allen ab erfgenamen van dezen laatste, verkoopen voor 
Schepenen van 's Bosch aan Gerart Schoneus, chirurgyn aldaar, twee 



— 268 — 

vijfden in eene grondrente, gaande uit gronden onder H^eswijk, 
welke mr Johan Frederick Solimos, wonende te Keulen, als man 
van Anna Bungarts, dochter van Jan Bungarts Janssen, voor zich en 
voor de andere erfgenamen van genoemden Jan Bungarts verkocht 
had aan mr Arnout van Broeckhoven voornoemd. Hierover waren 
als schepenen Johan van Sutphen en Johan Francöys Balbiaen. 
(Zie hierover oorkonde no. 608). 

698. 5 Juni i680. 

Dirck Swaen verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan mr 
Fran^is Dominions van den Velde, advocaat aldaar, de helft in eene 
grondrente, welke Laureyns, zoon van wijlen Oth Janssen, uit onder- 
panden, gelegen in de parochie Kessel, den 12 April 1650 had ver- 
leend aan Adriana Mutsarts en welke helft hem bij scheiding harer 
nalatenschap was ten deel gevallen. Hierover waren als schepenen 
Johan Fran^ois Balbiaen en Jacob Syvert van Syburch. 

699 27 September 1680, 

Robbert de Lobell, schepen van 's Bosch, verkoopt voor Schepenen 
aldaar in diens hoedanigheid van regent van het Groot Gasthuis 
aldaar aan mr Roelandus van Niel, licentiaat in de rechten, ten 
behoeve van Ëlisabeth, Maria, Aldegonda, Catharina en Anna, dochters 
van wijlen Johan Willemszoon van de Graeff, als vruchtgebruiksters 
en van de langstlevende harer als eigenares, een huis met voorhuis, 
middelhuis, erf, tuin, achterkamer, achterhuis, gang en poort, staande 
te 's Bosch aan de Oude Dieze tusschen het huis en erf, eertijds 
toebehoorende aan Dirck van de Velde als man van Perijntje, dochter 
van wijlen Huijbert Aertszoon Heesters, ter eenre en het huis en erf 
van Margaretha, dochter van wijlen Simon van Bel en weduwe van 
Herman Croijarts van Sambeeck, ter andere zijde en zich uitstrekkende 
van af gezegde straat tot aan de Dieze, welk huis het Gasthuis in 
December 1679 verkregen had voor den dijkplicht, waarmede Lam- 
bert Peters van Hees aan het Heeseind onder Rosmalen belast was. 
Hierover waren als schepenen Joost Nagel en Jacob Siwaert van 
Siborgh. (Zie over dit huis mijne voorname Bossche huizen H p. 276). 

700. 26 April i68i. 

Johan Hermanszn van Wolfsbeigen, wonende te 's Bosch, verklaart 
voor Schepenen aldaar geld schuldig te zijn aan Henrick van Meurs, 



— 264 — 

Mathijs van Venroy en Nicolaas van Bruggen, allen dekens van het 
Smedenambacht aldaar, ten behoeve van dat gilde. Hierover waren 
als schepenen Gerard van Cromman en }ohan van Leefdael. 

701a. 29 April i68i. 

Verklaring van Schepenen van Lierop, dat door de Wetfaoudeis 
van dat dorp altijd zijn aangesteld gewest ijkmeesters, die steeds 
alle maten ongestoord hebben geijkt met de korenmaten als bier- 
maten, welke in hunne schepenkom berusten, totdat een zekere Lam- 
bert Slyckers eenige jaren geleden zich den ijk aangematigd en als 
generaal-ijkmeester tot zich genomen heeft 

702. 7 Auguêhiê i68i. 

Helena Gerrits van Rosmalen, eerst weduwe van Jan Pieters en 
daarna van Adriaen van de Zande, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Johan Louis van Cattenburgh, secretaris van die stad, 
ten behoeve van haren zoon Peter, geboren uit haar eerste huwelijk 
en haren zoon Johan, geboren uit haar tweede huwelijk, een vierde 
in een huis, staande aldaar aan de Postelstraat tusschen het erf der 
Weduwe van Vechel en een Gasthuis van Boxtel en zich uitstrekkende 
van af die straat tot aan het erf der laatstgenoemde weduwe, haar 
verkoopster aangekomen uit de nalatenschappen harer ouders. Hier- 
over waren als schepenen Johan Francoys Balbiaen en Gysbert van 
HameL (Dit huis is hetzelfde als dat waarvan de rede is in na te 
melden oorkonde van 1 Febr. 1767). 

703. 5 JanuaH i68^ 

Cornelis van Ingen, burger van 's Bosch, weduwnaar van Theodora 
van Vechel, tot het navolgende gemachtigd bij het testament door 
haar ten overstaan van den notaris G. van Camphen gemaakt, 
verklaart voor Schepenen van die stad geld schuldig te zijn aan mr 
Johan van der Meulen, secretaris van die stad, ten behoeve van 
Catharina Filters weduwe van Cornelis Jacobs van VecheL Hierover 
waren als schepenen Steven van Teffelen en Henrick Copes. 

704. eOctober i682. 

Johan van Ophuysen, wonende te Tilburg, verklaart voor Sche- 
penen van 's Bosch geld schuldig te zijn aan Johan Mond in diens 
hoedanigheid van voogd over Jacobus Mond. Hierover waren als 
schepenen Johan van Leefdael en Henrick Copes. 



— 265 — 

705. iS October i6S2. 

Peter van Ortten, inwonend burger van 's Bosch, bekent voor 
Schepenen aldaar geld schuldig te zijn aan Jacomina van Vechel, 
ook aldaar wonende* Hierover waren als schepenen Henrick Copes 
en Johan van Blotenburch. 

706. i8 Februari i683. 

Hendrick van der Hofstadt en Maria Botermans, beiden wonende 
te 's Boschy bekennen voor Schepenen aldaar geld schuldig te zijn 
aan Maria, dochter van Comelis Jacobszn van Vechel. Hierover waren 
als schepenen Henrick Copes en Comelis 't Hooft. 

707a. i7 Maart i68S. 

Antony Willem Hensen en Jan Goorts op het Vloeieind worden 
door Rogier van Leefdael, heer van Deume en Liessel, aangesteld 
tot burgemeesters van die beide dorpen. 

708a. i6 April i683. 

Johanna Donckers weduwe van Johannes Gysselen, moeder, en 
Adriaan en Johannes Gysselen, broeders van wijlen Anthonetta 
Gysselen, geven ten overstaan van Schepenen van 's Bosch kwijting 
aan Hendrick van der Coeveringh weduwnaar van voornoemde 
Anthonetta Gysselen. 
709. ie Mei i684. 

Jan Marten Tijssen van Wijck, wonende te St. Michiels-Gestel, 
verklaart voor Schepenen van 's Bosch geld schuldig te zijn aan 
Maria en Jacomina van Vechel. Hierover waren als schepenen 
Robbert de Lobel en Adriaen Blotenburch. 

710« iö November i684. 

Aelbert van Deursen, wonende te Gemert en zijne zuster Geertruijd 
van DeurseUy bekennen voor Schepenen van 's Bosch geld schuldig 
te zijn aan Maria van Vechel en hare zuster Jacomijne. Hierover 
waren als schepenen Johan Francoys Balbiaen en Quirinus Crollius. 

Hierbij eene akte van 8 April 1677, waaruit blijkt, dat mr Aelbert 
frvan Deursen tot vrouw had Jacomijne Bardoul, alsmede een inventaris 
der bezittingen van Luijtjen weduwe van Albert Bardoul, die waar- 
schijnlijk hare moeder was ; deze goederen lagen meerendeels onder 
Gemert. 



— 266 — 

711. se April ie85. 

Marcelis Visscher, gepasseerd zijnde den leeftijd van 24 jaren, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch, het achtste part in een huisje, 
staande in de Postelstraat aldaar, welk part hem was aangekomen 
bij doode zijner grootmoeder Hendersken Adriaens, — aan lijsbeth 
van GefTen weduwe van Jan Overmeer. Hierover waren als schepenen 
Johan Francois Balbiaen en Quirinus CroUius. 

712. 7 September i685. 

Josina van Vechel, Maria van Vechel en Comelis de Leeuw als 
man van Hester van Vechel, allen kinderen van Aert van Vechel 
en Elisabeth de Raet, verkoopen bij gerechtelijke uitwinning voor 
Schepenen van 's Bosch aan Reynier van Boxtel, burger van die 
stad, eene bouwhoeve, gelegen in de parochie Rosmalen omtrent 
de Kruisstraat, zijnde die hoeve ten Huysbergh genaamd. Hierover 
waren als schepenen Robbert de Lobell en Johan Fran9ois Balbiaen. 

713. ii Januari 1686. 

Jan Hendrickszoon Timmermans, wonende te Loon op Zand, 
doet ten behoeve zijner onmondige kinderen Marijken en Geertruid, 
gesproten uit zijn eerste huwelijk met Henderske, dochter van Anthonis 
Janszoon Vuchts, voor Drossaard en Schepenen van St Michiels- 
Gestel afstand van den tocht van een stuk akkerland, gelegen op 
de Heesakkers onder St. Michiels-Gestel, waarna hij. Jan Hendricks- 
zoon Timmermans, als vaderlijke momboir over genoemde minder- 
jarigen, het verkoopt aan Jan en Dingena, kinderen van genoemden 
Thonis Janszoon Vuchts. Hierover waren als drossaard J. Elsevier 
en als schepenen Andries Corsten van Aelst en Comelis Janszoon 
Maet. 
714a. ii Maart i686. 

Maurits Biben verkoopt bij executie aan den luitenant-kolonel 
Sei.liard een huis met stalling, koetshuis, erf, tuin en poort, staande 
aan den Papenhuls te 's Bosch tusschen het huis van de erven van 
Mevrouw Peyton walwaarts aan de eene zijde en het huis der kinderen 
van wijlen den kapitein Kerrweer en Mevrouw Schuyl aan de andere 
zijde en zich uitstrekkende van af gezegde straat met eene poort 
achterwaarts tot aan de Dieze. (Zie over dit huis mijne Voorname 
Bossche huizen II p. 506). 



— 267 — 

715a. il Mei i686. 

Testament van Godefrida van den Ancker weduwe van Bernard 
Le Hardy, inwoonster van den Bosch, waarbij zij aan haren zoon 
Michiel Le Hardy vooruit maakt haar huis de Jtoos^ staande in de 
Hinthamerstraat aldaar, met de daarin zich bevindende winkelwaren 
en tot hare erfgenamen instelt haren voornoemden zoon en Maria 
Catharina van de Coevering, gesproten uit het huwelijk van wijlen 
hare dochter Comelia Le Hardy met Henrick van de Ck>evering, 

716. U Juni 1686. 

Cornelis Verheye, inwonend burger van 's Bosch, verkoopt voor 
Schepenen aldaar aan Margrieta Biesters eeft^ schoane huysinge^ erve 
ende groeten hoff daerackter^ gestaen ende gelegen binnen (die) stadt 
in de Hinihamerstraei over de Geerlinxse brugge tusschen seecker 
straeiien genoemt het Raeymaeckers straetie aen d* een syde ende tusschen 
huys ende erve van Sr Johan ab Angeiis oen d* ander syde, strekkende 
voor van de Hinthamerstraet tot op het waeter de Diese genoemt, 
welcke huysinge, erve ende hoff^ gecomen van de Abdye van Bern^ den 
Heere Floris Kant als een van de Heeren Gecommiteerde Roeden van 
Staeten van HoUandt ende West VrUslant by appostiUe marginael, 
gesteit op de requeste aen haer Ed. Grootmog, tot dien eynde gepre* 
senteert by de coopers van eenige geestelijck goederen ende huysen^ 
gelegen binnen dese stadt, gecomen eensdeels van de Abdye van Bern 
ende eensdeels van V Clooster van Mariendonck buyten Heusden, wesende 
van der date dryentwintigsten April i6j2, uyt cracht hem daerby 
verleent^ wettelyck ende erffelijck opgedragen ende overgegeven hadde 
aen wylen Sr Cornelis Verheye^ des opdraegers vader, inne schepenen 
brieven deser stad, wesende van den date den ses entwintichsten funij 
j6^2 ende hem opgedragen daernaer by deylinge tusschen hem ende 
Juffr. Maria Verheye, syne sustere, weduwe Dominê Johannes de 
Bruyn, als erjfgenaemen van der voors. Cornelis Verheye gemaeckt op 
den vijfden November 1682 voor den notaris Hendrick van Heeswijck 
ende seeckere getuygen gepasseert ende daernaer voor Heeren Schepenen 
alhier gerenoveert^ is te deel gevallen. Hierover waren als schepenen 
Willem Schuyl de Walhorn en Cornelis Ackersdijck. 

(Zie over dit huis oorkonde no. 611). 



— 268 — 

717. 5 Jugusha i686. 

De WelEcL Jonker Gaspar de Voocht, heer van Geffen en Vor- 
menzeel en den Leenhuize van Nuland, als man van vrouw Maria 
Isabella van Broeckhoven, dochter van Jonker Rogier, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch aan heer Johan van Camphen, notaris en 
procureur aldaar, eene bouwhoeve, gelegen onder Esch, hem aan- 
gekomen van zijne schoonouders ingevolge akte van huwelijksvoor- 
waarden, op 26 Sept 1671 verleden voor notaris Comelis van Boxmeer. 
Hierover waren als schepenen Jacob Ferdinand Sweerts de Landas 
en Laureyns van 's Gravesande. 

718. 98 Auguêiuê i68d. 

Jan Thunnisz., soldaat in de compagnie van den kapitein Letten- 
dorp, behoorende tot het regiment der Walen, als man van Maijken 
Visschers, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Lysbeth van 
Geffen weduwe van Jan Overmeer het achtste part in een hui^e, 
staande aan de Postelstraat aldaar naast het erf van Juffr. I>onkers 
eenerzijds en een erf van een gasthuis van Boxtel anderzijds en zich 
uitstrekkende van af gezegde straat tot aan het erf van genoemde 
Juffr. Donkers, hebbende zijne vrouw dat part gefirfd van hare groot- 
moeder Hendersken Ancens. Hierover waren als schepenen Willem 
Schuyl de Walhorn en Comelis Ackersdyck. (Zie oorkonde no* 702). 

719. 3 Fehruan i687. 

Jonker Herman Pelgrom verkoopt voor Schepenen van 's Bosch 
aan Johan van Camphen, substituut-rentmeester der domeinen, 
notaris en procureur aldaar, een perceel weiland, genaamd de Ossen* 
weide, gelegen te £sch achter het Gasthuis aldaar. Hierover waren 
als schepenen Willem Schuyl de Walhorn en Abraham Daesdoncq. 

720. SO Maart i687. 

Leendert Aerts van de Ven, wonende te Gemonde, bekent voor 
Schepenen van 's Bosch geld schuldig te zijn aan Jacomink van 
Vechel, wonende aldaar. Hierover waren als schepenen Philip van 
Thienen en Abraham Daesdoncq. Hierbij nog eene schuldbekentenis 
aan haar en eene schuldbekentenis van 20 April 1704 ten behoeve 
van MechtUdis van Ingen. 



721. 27 Maart i687. 

Hendricusr Pijnappel en zijne zuster Josina, beiden wonende te 
's Bosch, verkoopen voor Schepenen van Rosmalen aan Reynier van 
Boxtel, burger van 's Bosch, eenen morgen hooi- of weiland, gelegen 
te Rosmalen op den Roomput naast de bouwhoeve, toebehoorende 
aan genoemden kooper. Hierover waren als schepenen Ariaen Willems 
van der Horst en Daem Otten de Leeuwe. 

722a. 37 Mei i687. 

Aanzegging aan den Vorster te Liessel, dat het neringhuis van 
Aef Buis van Liessel en bijbehoorende gronden, toebehoorende aan 
y^ Albada, bij gerechtelijke uitwinning is gesteld ten name van 
Amoldus Costerius Johanszn, rentmeester en schout der stad en lande 
van Weert en dat die nu voor een ieder te koop zullen worden 
gebracht in de herberg de Zwarte Arend te 's Hertogenbosch op 
Woensdag 18 Juni 1687 tusschen 8 en 4 uren des namiddags. (Men 
zie over het Blokhuis te Liessel, waartoe voormeld onroerend goed 
behoorde, Schepenakte van den Bosch van 9 Nov. 1690 (Reg.n^ 480 
f. 61), waarbij dat Blokhuis ten laste van J« Everhard Josephus van 
Albada aan Johan van Campen te den Bosch gerechtelijk werd ver- 
kocht; zoomede Schepenreg. van den Bosch n^. 580 f. 141). 

728. 5 JanuaH i688. 

Dierck Jansse van de Sande, wonende te St. Michiels Gestel, 
bekent voor Schepenen van 's Bosch geld schuldig te zijn aan Maria 
van Vechel ten behoeve harer zuster Jacomina, Hierover waren als 
schepenen Frederick Henrick Sweerts de Landas en Abraham Daes- 
doncq. 
724. 9 April i688. 

Ten overstaan van Adriaan Bemage, drossaard en Willem van 
Ophuysen, schepen der heerlijkheden Tilburg en Goirle, verkoopt 
Jan Gijsbert Beiris van Oerle aan Willem van Oerle de onverdeelde 
helft van een perceel weiland, gelegen te Tilburg ter plaatse genaamd 
Korvel. 
725a. 99 Juni i688. 

Brief, door Godard van Rheede, graaf van Athlone, vrijheer van 
Amerongen en veldmaarschalk der Vereenigde Nederlanden, geschreven 
van uit Tilburg. 



— 270 — 

726. i9 November i688. 

De Raad en Leenhof van Brabant beleent, na doode van Catha- 
rina Vilters weduwe van Cornelis Jacobszoon van Vechel ]), Jaco- 
mina en Maria van Vechel, wonende te 's Bosch, met een stuk 
hooiland, gelegen in de Rosmalensche Hoeven onder Rosmalen en 
deel uitmakende van de hoeve, genaamd Adriaan van Zutphens hoeve. 

727. 8 Mei 1690. 

Dirck Willems, wonende te Dinther, geeft voor Schepenen van 
*s Bosch eene schuldbekentenis af aan Peter ab Angelis ten behoeve 
van Magdalena van den Ancker weduwe Dancklofs. Hierover waren 
als schepenen Robbert de Lobel en Christoffel Seitz. 

727a (hiê). i8 Mei 1690. 

Akte van requisitie en protest van Pieter Zyberts te den Bosch 
voor de weduwe van Adriaan van Straelen (Maria Agnes Zyberts) 
tegen (Aug. Norbert) de Kennis, kloosterheer van de Abdij van 
Postel 2), om het huis van genoemde weduwe, staande te Helmond, 
aanstonds te verlaten, vermits hij daarin zonder recht zich bevindt, 
als hebbende hij het niet gehuurd en als willende de Heer van 
Helmond en diens officianten niet, dat hij er nog langer in verblijft 

728a. 98 Mei 1600. 

Overeenkomst tusschen mr Johan van Gemert, advocaat te 's Bosch 
en Michiel Le Hardy als respectievelijke eigenaren der aan de 
Hinthamerstraat te 's Bosch staande huizen Valckenhorgh en dt Roos. 

789a. ^ Juli i690. 

Brief van L. Turcq namens de Magistraat van Beigen op Zoom. 
Hierbij eene memorie van diezelfde Magistraat betreffende den 
procureur Schuringh. 

7a0a. Si April i69i. 

Koning Willem III als baron van Breda stelt ter vervanging van 
Adriaen Fran^is Beens Cornelis van Eyl aan tot secretaris van de 
Weeskamer te Breda. 



i) Hij was familie van den H. Leonardus ran Vechel. 

2) Men zie over hem Schutjes Gesch. Bisd. *8 Bosch IV p. 126. 



— 271 — 

731. 9 April 1699. 

Margriet Eelkens, wonende te Oirschot, verkoopt voor Schepenen 
van 's Bosch aan Catharina Theresa Verreyth ten behoeve van Daniel 
Jan Daniels, wonende te Tilburg, eene grondrente, gaande uit de 
helft van de molens te Osch, Heesch, Nistelrode en Berchem met 
het daarbij behoorend recht van molendwang, welke rente Marcelis 
van Megen als gemachtigde van Peter d*Assignies, ridder, heer van 
Planti, Terbruggen, In Tichelt en Gageldonck, den 2 Augustus 1689 
had verleend aan Servaes Jacobszoon van Weert en haar, verkoopster, 
was aangekomen als erfgenaam van Arnoldus Eelkens. Hierover 
waren als schepenen Frederick Hendrick Sweerts de Landas en Jacob 
van Gasteren. (Zie oorkonde no. 540). 

732. 21 Juli 1693. 

Dirck Jan Aertsen, wonende te St. Michiels-Gestel, verkoopt voor 
Schepenen van 's Bosch een stuk akkerland, gelegen onder eerstge- 
melde gemeente op den Heesakker en door hem in 1687 gekocht 
van Jan en Digna, kinderen van wijlen Thomas Janszoon Vuchts, 
— aan Maria van Vechel, wonende te 's Bosch. Hierover waren 
als schepenen Willem Schuyl de Walhorn en Hendrick Hamel. 

72i\. SI Juli 1693. 

Dirck Jan Aertsen als man van Jenneke, dochter van Willem 
Thijssen, verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Maria van 
Vechel, wonende aldaar, de helft in een stuk moerland, gelegen te 
Vught in de parochie St. Pieter aan het Vlasmeer. Hierover waren 
als schepenen Willem Schuyl de Walhorn en Hendrick Hamel. 

734a. 16 November 1693. 

Dirck Dijckhoff, schout te Lith, vraagt aan Schepenen van de 
heerlijkheid Groot Lith verbeurdverklaring van twee zwarte paarden, 
die hij op 11 November 1693 heeft in beslag genomen, omdat hij 
meende, dat zij zouden worden uitgevoerd in strijd met het plakkaat 
van 80 Maart 1698, alsmede veroordeeling van ieder van de houders 
dier paarden tot eene geldboete van fl 200. 

735. S4 September 1694. 

Hendrick Ackersdyck en Cornelis van Blotenburg, schepenen van 
*s Bosch, getuigen, dat Cornelis Verheyen, wonende aldaar, verklaard 



- 272 — 

heeft, dat Nicolaes van Heeswyck, als gekocht hebbende het huis 
van Margrieta fiiesters, staande in de Hinthamerstraat aldaar naast 
het Ratijmakersstraetje^ hem heeft betaald de restant-kooppenningen 
van dat huis. (Zie over dit huis oorkonde no. 716). 

738. i5 Met imb. 

Schepenen, Burgemeester, Kerk- en H. Geestmeester der parochie 
Esch, als representeerende de gemeente Esch, verkoopen aan Guilliam 
van Campen, procureur te 's Bosch, ten behoeve van Maria Boons 
weduwe van Johan van Campen, een perceel van de communale 
gronden dier gemeente, gelegen aldaar aan de Scheurvoort achter 
de hoeve van voornoemden van Campen. 

737. i9 Noüember im5. 

Theodorus van Asten, klerk ter secretarie van 's Bosch, neemt 
voor Schepenen aldaar van Maria Clara van der Meulen geld op 
onder verband van een huis met erf, staande te 's Bosch aan de 
Peperstraat, begrensd Noordwaarts door dat van Peter en Antonetta 
Marttens en Zuidwaarts door dat van Peter Geraerts van Boxtel en 
zich uitstrekkende van af de Peperstraat tot aan de Papt Schok. 
Hierover waren als schepenen Comelis Ackersdyck en Gillis van 
Berckel. 

738. ^ Tthruari {696. 

De heer Jacobus van de Velde verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Juffrouw Jacomina van Vechel eene grondrente, gaande 
uit eene halve hoeve lands, genaamd de Erabantsche hoeve, gelegen 
in de parochie Oisterwijk; item eene grondrente, gaande uit eenen 
hof, gelegen in voorschreven parochie ter plaatse genaamd Udenhout 
aan het erf van her ELlooster Marienwater; item eene grondrente, 
gaande uit onderpanden, gelegen onder Udenhout ter plaatse ge- 
naamd Riedonck. Hierover waren als schepenen Abraham Daes- 
doncq en Comelis Ackersdijck. (Zie oorkonde n^ SO, 89 en 402). 

739. SO April i69Ü. 

Adriaan Jonckers weduwnaar van Maria Adriaan Pauwels van 
Gerwen, als daartoe door deze bij haar testament gemachtigd, ver* 
koopt voor Schepenen van 's Bosch aan Hendrick Anthonij van de 
Graeff, postmeester aldaar, een huis met stal en plaats, genaamd 



— 273 — 

de Rosmolen^ staande aldaar aan den Vughterdyk tegenover den 
Jongen Schuttersboogaard en naast het gemeene water stadwaarts. 
Hierover waren als schepenen Comelis 't Hooft en Cornelis Ackersdyck. 
(Zie oorkonde n« 695a.) 

740a Mei 1696. 

Commissarissen uit de Regeering van 's Bosch adviseeren deze om 
aan Hendrick Anthonij van de Graeff, wagenpostmeester van 's Bosch 
op Maastricht, ten behoeve zijner posterij te verkoopen een plaatsje, 
gelegen aan de Vughterbinnenpoort te 's Bosch. 

741. 3 September i696. 

Ten overstaan van Cornelis Ackersdyck en Johan van Gooien, 
schepenen van den Bosch, verkoopt Herman Cremers, deurwaarder, 
in den naam vaa Adriaen van Blyenbnich, heer van Naaldwijk, in 
den oud-raad van Dordrecht, in diens hoedanigheid van ontvanger 
der gemeene middelen in het Kwartier van Kempenland, bij ge- 
rechtelijke uitwinning aan Thomas Martenszn Bisschop een paar 
perceelen land, gelegen te Helmond. 

743. 90 September i696. 

Sr Wouter van Vechel verkoopt als gemachtigde van Guilelmus 
de Froy, pensionaris der stad Leuven, voor Schepenen van 's Bosch 
aan Johan Kuysten, koopman te 's Bosch, eenen kamp land, gelegen 
in de parochie Osch in de Holbeemden. Hierover waren als sche« 
penen Comelis Ackersdijck en Gillis van Berckeh 

742. 2i Juli i698. 

Schepenen, Burgemeesters, Gezworenen, Kerk- en H. Geestmeesters 
mitsgaders de principaalste gegoeden en geërfden, representeerende 
het corpus van het dorp en de gemeente Esch, gelegen in het Kwartier 
van Oisterwijk, tot het navolgende geoctroieerd door de Staten 
Generaal, verkoopen aan Herman Pelgrom (de Bye) een perceel 
gemeentegrond, genaamd de Blijkheuvel, gelegen naast het erf van 
den kooper. 

744. 6 Augustus i696. 

Jonker Petrus van de Velde voor zich en als gemachtigde van 
Jonker Johan Dominicus van de Velde, kapitein in dienst van den 

18 



— 274 - 

Koning van Spanje; Jonker Jacobus Theodorus van de Velde^ 
luitenant-kolonel ten dienste van denzelfden Koning en gouverneur 
van het fort Margriet ; Jonker Melchior van de Velde, raad en rent- 
meester-generaal der Staten van Brabant in het Kwartier van Brussel 
en Juffrouw Maria Sibilla van de Velde, allen kinderen en erfge* 
namen van wijlen David van de Velde, ridder, raad en rentmeester- 
generaal van de Staten van Brabant, verkoopt voor Schepenen van 
's Bosch aan Christina van Vechel weduwe van Marten de Leeuw 
eene grondrente, gaande uit een huis met erf en tuin, staande aldaar 
bij de poort, genaamd de H. ELruispoort, aan het einde der Vugh- 
terstraat, tusschen het water en een straatje, welke rente Herman 
(Johannes ?), de zoon van wijlen Hugo Mathijszn, den 28 Sept 1564 
had verleend aan Adrianus, den zoon van wijlen Albertus (Ket) 
Helaer cum suis. Hierover waren als schepenen Henrick Copes en 
J. Festus van Breugel. (Zie oorkonden n<" 265 en 695a). 

745a. i699. 

De Raad en Leenhof van Brabant schorst Philip van Thienen in 
de uitoefening zijner heerlijke rechten, ab zijnde hij verdacht van 
als heer van Berlicum en Middelrode zich te hebben schuldig gemaakt 
aan knevelarij. 

746. 25 Mei ie&9. 

Alzoo Laurents Gerrits Veraa weduwnaar van Jenneke Jansse 
Cuyper den tocht harer nalatenschap had afgestaan aan hun beider 
vier onmondige kinderen, zoo heeft hij namens die kinderen onder 
verband hunner goederen voor Schepenen van 's Bosch 400 car. 
gulden schuldig bekend aan Maria Bruynincx weduwe van Henrick 
van Grinsven. Hierover waren als schepenen Frederik Hendrik Sweerts 
de Landas en Adriaan van Bloten burg. 

747a. 9» Maart i700. 

Op eene vraag, door den Gecommitteerde in de Rekenkamer der 
Generaliteit, gedaan aan mr Frans van Heum, rentmeester der Geeste- 
lijke goederen in Peelland, of het waar is, dat hij vijf percent inhoudt 
van de beneficién en prebenden, die hij als zoodanig heeft uit te 
keeren, antwoordt deze, dat zulks waar is doch dat hij zich daartoe 
gerechtigd acht, omdat zijne voorgangers zulks altijd hadden gedaan. 



— 275 — 

748. 99 Januari HOL 

Vermits Jan van Eijck, inwonend burger van 's Bosch, als man 
van Maria van der Ven, eerder huisvrouw van Willem van Helvoirt, 
den tocht, haar competeerende op een huis meterfen tuin, genaamd 
de Simme^ staande te 's Bosch op den Vughterdijk, had afgestaan 
aan de drie kinderen van haar en Willem van Helvoirt voornoemd, 
zoo hebben Jan van Eijck en Maria van der Ven voorzegd namens 
de drie hiervoren bedoelde onmondige kinderen voor Schepenen van 
's Bosch onder verband van voorschreven huis geld opgenomen van 
Anna Catharina van lügen weduwe van Comelis van Ceulen. Hier- 
over waren als schepenen Jeuriaen van Luinen en Jan Adriaan 
Ruijsch. 
749a. 7 A'pril ilOL 

Brief door P. Nuyts van uit Etten geschreven aan Fr. Hesselius. 

750a. 99 Augustus HOL 

J. D. van Heeckeren geeft aan de Regeering van den Bosch kennis 
van het overlijden van zijnen broeder Walraven van Heeckeren van 
Nettelhorst, hoog« en laagschout van de stad en meierij van den 
Bosch. 
75ia. i5 October HOL 

De Staten Generaal keuren goed de collatie, door Johan van Leef- 
dael, heer van Deume en Liessel, van verschillende lalcale vicarién, 
gefundeerd in de kerk te Deume, gedaan op Gerardus Suljaert, 
wonende te 's Bosch. 
752. i5 December HOL 

Johan de Caron en Hendrick van Berckel, schepenen van 's Bosch, 
getuigen, dat te hunnen overstaan heer en meester Hermanus van 
Breugel, raad en gewezen rentmeester van 's Bosch en in die qualiteit 
tot het volgende speciaal gemachtigd door Schepenen van die stad, 
heeft opgedragen twee huisjens of kamers, staande aldaar bij de 
Pijnappelsche poort ter plaatse genaamd de Hofstad achter het 
hoekhuis aldaar, welke huisjes toebehoorden aan Govaert van Crom* 
voirt en door genoemden rentmeester ten overstaan van twee Com- 
missarissen bij uitwinning verkocht waren aan Joris van Biben ten 
behoeve van diens moeder ten einde uit de opbrengst te verhalen de 
huurpenningen, die door genoemden van Cromvoirt aan het kantoor 



— 276 — 

van gezegden Rentmeester waren verschuldigd als borg voor de huur 
van de Kraan te 's Bosch, alsmede wegens restant van het gemaal, 
— aan voornoemden Joris van Bilsen ten behoeve zijner moeder de 
weduwe Johan van Bilsen. 

753. S Juli i70i. 

De Raad en Leenhof van Brabant verleent aan Hendrick Musch, 
heer van Milheze, brief van daagsel tegen diens nalatige cijnsplichtigen. 

754. S8 April i70S. 

Coletta van Wamel, voor zich en als gemachtigde van bare zuster 
Elisabeth van Wamel, Antonetta Colen en Henrick van Berckel, 
raad en stadhouder van 's Bosch^ voor zich en als gemachtigde van 
zijnen broeder en zusters, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch 
aan Amoldus Kievits het huis d^ Vergulde Camp^ staande aan de 
Groote Markt aldaar tusschen het huis der erfgenamen van Willem 
Janszoon Want eenerzijds en dat van Guiljam van Rynshoven 1) 
anderzijds, welk huis Maria Abraham Thomaszoon 12 Januari 1637 
had verkocht aan Balthazar, zoon van Adriaan W3mants en aan 
verkoopers was aangekomen als erfgenamen van Catharina, dochter 
van genoemden Balthazar. Hierover waren als schepenen Jacob 
Cromans en Abraham Hubert 

755. iS FehruaH i704. 

De Raad en Leenhof van Brabant beleent Heribertus Huygermans, 
poorter van 's Bosch, met de helft van een derde part in de smalle 
tienden van Heesch, alsmede met de helft van vijf mudden rogge, 
gaande vooruit uit de tienden aldaar, door hem 9 Januari 1686 
gekocht van Alerd Adriaen de Rockeny. 

756. i2 November i704. 

Gielen en Comelis, zonen van Hendrik van de Ven, verkoopen 
voor Schepenen van 's Bosch een perceel teel- en weiland, gelegen 
te £sch, aan Adriaan van de Ven, zoon van Gielen voornoemd, 
in tocht en aan de andere kinderen van denzelfden Gielen in 
eigendom. Hierover waren als schepenen Francis van Rotterdam 
en Gerrit Willem van Grimbergen. 



1) Het huis de Gulden Poort. 



- 277 — 

757. S December i704. 

Hendiick de Bye, notaris en procureur te 's Bosch, als gemachtigde 
van Gerardina Maria Vervoort weduwe van Johau Cremers Wijkens 
procuratiebrieven, voor notaris Johan den Man te Breda gepasseerd, 
verkoopt voor Schepenen van 's Bosch aan Adrian Gielén van de 
Ven, wonende te Boxtel, eene grondrente, gaande uit een perceel 
teel- en weiland te Esch, aan de lastgeefster aangekomen bij scheiding 
en deeling, tusschen haar en Franciscus en Gerardus Cremers in 
1697 gemaakt van de nalatenschap van Sr Adolph Cremers. Hier- 
over waren als schepenen Isaacq Verster en Francis van Rotterdam. 

758a. 9 Juli 1705. 

Leendert van Hulst, sergeant in het Regiment van den kolonel 
Junius en in de compagnie van den kapitein Cornelis van Vliet, 
verklaart voor den tijd van een jaar geëngageerd te hebben Richardt 
van Esch, geboortig van 's Bosch. 

759. iS October i706. 

Lambertus van Brummen, wonende te 's Bosch, verleent voor 
Schepenen aldaar, ter voldoening van den koopprijs van na te melden 
huis, aan Samuel Kuckenius in diens hoedanigheid van regent van 
het Weeshuis en de fundatie der Leprozen te 's Bosch, eene grond- 
rente van 200 car. guldens uit een huis, staande in de Ververstraat 
te 's Bosch, door hem aangekocht van voornoemden regent en behoord 
hebbende aan voorschreven fundatie. Hierover waren als schepenen 
Guiljam van der Helst en Nicolaes de BlanckendaeL 

760. 2i Mei 1707. 

Christoffel Storm, wonende te 's Bosch, verklaart voor Schepenen 
aldaar geld schuldig te zijn aan Mechtildis van Ingen, ook aldaar 
wonende. Hierover waren als schepenen Jacob Cormans en Nicolaes 
de BlanckendaeL 

761. 18 Juli 17(Ï7. 

Adriaantje Willems weduwe van Adriaan Hendrikszoon van Kak- 
ker ; Jan Adriaanszoon van Kalcker ; Cornelis Janssen als man van 
Laureijnsken en Adriaan Peters als momboir over Neesken, Hendrinen 
en Jenneken, allen dochters van Adriaan van Kalcker voornoemd, 
mitsgaders Hendrik Joordens van Kalcker, allen wonende te Orthen, 



— 278 — 

vrijdom van 's Bosch, bekennen voor Schepenen van 's Bosch geld 
schuldig te zijn aan Jacobus van der Meuten, koopman aldaar. Hier- 
over waren als schepenen Jacob van der Hoeven en Nicolaes de 
BlanckendaeL 
762. 2i November ilUJ. 

Adriaen van Onsenoort, timmerman te 's Bosch, bekent voor Sch^ 
penen aldaar geld schuldig te zijn aan Lambert Prince, inwonend 
burger van die stad. Hierover waren als schepenen Coenraed Cuper 
van Holthuijsen en mr. Gerardt van Breugel. 

768. iS Januari HOS. 

Jacobus Compagnie, mr schoenmaker te 's Bosch, bekent voor 
Schepenen aldaar geld schuldig te zijn aan Thomas de Leeuw, ook 
aldaar wonende. Hierover waren als schepenen Piet^r van 's Grave- 
sande en Daniel de, 

764a. i October 1708. 

Schout en . Gerechten van Werkendam verzoeken aan de Gecom- 
mitteerde Raden der Staten van Holland en West- Vriesland approbatie 
van het contract, door hen op 21 September 1708 gesloten met 
Hermanus Hamelton en Hendrick Blanck, directeuren van loterijen 
te Amsterdam, tot het houden eener loterij van fl 500000, waarvoor 
zij van den Raad van State, tot delging van de schulden van het 
dorp Werkendam, octrooi hadden verkregen. Hierbij de gevraagde 
approbatie. 

765. 3i Mei iliO, 

Isbrant van Broechuijsen en Pieter Pijll, schepenen van Heusden, 
verklaren, dat te hunnen overstaan Gerrit Veercom, wonende te 
Vlijmen, afstand heeft gedaan van zijn recht op : a de helft van 
een huis met vijf hond hopland, staande op de Haarsteeg onder 
Vlijmen ; h twee hond land, zijnde bosch en moeras, gelegen onder 
Hedikhuizen en c de helft van twee en een half hond hopland, 
gelegen onder Vlijmen, — ten behoeve van Wijnant Murray, schout 
van Engelen en Vlijmen. 

766. 9 Mei ilii. 

Willem van Lier, koopman te 's Bosch, Johan Boudewijn van 
Beverwijk, secretaris te Vught, Nicolaes van Blotenburg en Hendrik 



— 279 — 

de Bye, procureurs bij het gerecht te 's Bosch, als curators over den 
boedel van Johan van Lier, verkoopen voor Schepenen van 's Bosch 
aan Jacob van der Meulen, burger en koopman aldaar, eene schoone 
ter neringh staende huysinghe met zijn voorhuys, cameren^ hoff^agier» 
camer en agterhuys^ uyt» en toegank aen de riviere de Diese^ genaamd 
de Engel, staande aan de Vughterstraat, eenerzijds naast het huis 
van den heer Schenk en anderzijds naast dat van den heer Boude- 
wijn Vloots en zich uitstrekkende van af die straat tot aan de Dieze, 
door genoemden Johan van Lier den 24 Maart 1689 gekocht van 
Matthias Neesen. Hierover waren als schepenen Abraham Daasdonk 
en Abraham Hubert 

767. U Juh ilii 

De Raad en Leenhof van Brabant ontslaat op het verzoekschrift, 
aan denzelve ingediend door Comelis van Ertryck, als in huwelijk 
hebbende Catharina Anna Cnaepen — waarbij hij stelde, dat Anthony 
Cnaepen en Anna van Molendyck, echtelieden, ouders zijner vrouw, 
voor van Heusden, notaris te Breda, op 12 Maart 1685 hadden 
gemaakt hun testament, waarbij zij elkander tot erfgenamen instelden 
met last op den langstlevende om hunne genoemde oudste dochter 
fl 1000 uit te keeren; dat daarna, na doode van haren man, ge- 
noemde Anna van Molendyck haar testament herroepen en op 6 Aug. 
1704 voor den te Breda resideerenden notaris van £yl hare genoemde 
dochter onterfd heeft op de legitieme portie na, met bepaling, dat 
zij van het overige van haar erfdeel slechts zoude hebben den tocht 
tot onderhoud van haar zelve en hare kinderen, edoch met dien 
verstande, dat als die kinderen zonder nakomelingen overleden, de 
eigendom zoude komen aan de jongste dochter der testatrice, Alde- 
gonda Clara Cnaepen genaamd; dat dit nadeelig voor hem en zijn 
kind b, daar hij van de inkomsten van bedoeld restant zijn kind 
niet kan onderhouden, — de erfenis zijner vrouw van het daarop 
door genoemde testatrice gelegd fideicommissair verband. 

768. 98 Octoher ilii. 

Francis Devenijns, schepen en heemraad van Oijen, als gemachtigde 
van Jacob Dirck Sweerts de Landas, vrijheer van Oijen ; Jan Franssen, 
president, Hendrick Jansen, Rijnder van den Acker, schepenen ; Jan 
Bastiaens de Gaey en Dirck Jansen, burgemeester en Peter de Kesel, 
kerkmeester en H. Geestmeester, als vertegenwoordigende het corpus 
van Oijen, nemen ten overstaan van Schepenen van 's Bosch voor 



— 280 -^ 

de gemeente Oijen geld op van Anthonetta ab Angelis, wonende te 
*s Bosch. Hierover waren als schepenen Abraham Daasdonck en 
Francois Chatvelt 
769a. i7 October iliS, 

Ten overstaan van Pero de Cassemajor, notaris te 's Bosch, komen 
Daniel Chambrie, brigadier en kolonel ten dienste der Vereenigde 
Nederlanden, als eigenaar van een huis, gelegen naast k<f Refugiehuis 
der Adellijke Abdij van Si. Geerlruid te Leuven, staande te 's Bosch en 
Victor van Beughem, ridder, ordinaris — gecommitteerde van de Staten 
der Landen en Hertogdommen van Brabant bij de Staten -Generaal 
der Vereenigde Nederlanden, in zijne hoedanigheid van gemachtigde 
van Alexander baron van Pallandt, abt der Adellijke Abdij van 
St. Geertniid te Leuven, ordinaris-gedeputeerde uit het eerste lid 
der gezegde Staten, als eigenaar van voormeld Refugiehuis, met 
elkander overeen over den opbouw van een houten koetshuis, door 
den contractant ter eenre te maken tegen den zijgevel van het Refugie- 
huis. (Zie over deze huizen mijne Voorname Bossche huizen I p. 412.) 

770. 6 Maart iJiS. 

Roelof Anthonisse van Kilsdonck en Jan van Kilsdonck, gebroeders, 
wonende te Beek bij Aarle, alsmede Corstiaen van de Ven, wonende 
te Vechel, verklaren voor Schepenen van 's Bosch geld schuldig te 
zijn aan Anthonetta ab Angelis, wonende aldaar. Hierover waren als 
schepenen Johan Amende en Mathias de Vlamingh. 

771a. f!0 September iliS. 

Brief van Jacob Koppens te Bergen op Zoom, bediende bij den 
dienst der accijnsen aldaar, waarbij hij bericht dat de heer Houkgeest, 
wiens moeder was eene dochter van Thomas de Rouck, buigemeester 
van Bergen op Zoom, en zijne zuster Mevrouw de Wed. Braams, 
hem verklaard hebben, dat het hun niet bekend is, dat genoemde 
de Rouck, die schrijver is geweest van „den Nederlanschen Herauld^\ 
heeft nagelaten geschriften en papieren „betrefifende de wapenen en 
genealogien der Edelen en voornaamste geslagten deser landen, 
voornamelijk rakende de Oude Marquisen van Bergen op Zoom"; 
wel wisten zij, dat hun genoemde grootvader door het schrijven van 
gemeld boek : „veel dienst en plaisier hadde gedaen aan 't Marqui- 
senhof, selfs met te benadeelen syne goederen, sonder de minste 
voordeelige erkentenis daervan te hebben ontfangen". 



— 281 — 

772. 22 Mei iliA. 

Christiaan van Woerkum, wonende te Eindhoven, bekent voor 
Schepenen van 's Bosch geld schuldig te zijn aan de erfgenamen 
van Jaspar de Leeuw en diens weduwe Helena Boyen. Hierover 
waren als schepenen Nicolaes de Blanckendael en Comelis van 
Blotenburg. 

773. 23 Mei 1114. 

Johanna Adriana Donder, oud 28 jaren, wonende te 's Bosch, 
verbindt voor Schepenen aldaar ten behoeve van Hester en Johanna 
Maria van Orthen een huis met erf, tuin, put, achterhuis, waschhuis 
en plaatsje, uitkomende op de Dieze en staande engelegen te 's Bosch 
aan de St. Jorisstraat tusschen het huis van Pieter van Hijnsbergen 
eenerzijds en dat van van der Horst anderzijds. Hierover waren als 
schepenen Abraham Hubert en Nicolaes de Blanckendael. 

774. 25 September 1714. 

Johan van Proyen, notaris en klerk ter stadssecretarie te 's Bosch, 
realiseert als houder eener schuldbekentenis voor Schepenen van 
*s Bosch eene som van 1200 car. gulden, zijnde een gedeelte eener 
som, welke Hendrik Schalckmans, koopman te 's Bosch en Maria 
van den Heuvel weduwe van Jan Winters, eveneens aldaar wonende, 
op 25 Sept. 1714 voor den notaris Theodoor van Asten wegens 
hun geleverde wijnen, brandewijnen, enz., aan Frangois van Rotter- 
dam, oud-raad van 's Bosch, ten behoeve van Comelis Schraef^wegh 
Schrijvens, Osey en Schraeftwegh, kooplieden te Rotterdam, bij ge- 
zegde akte hadden schuldig beleden. Hierover waren als schepenen 
Jacob Lodevicus Sweerts de Landas en Nicolaes de Blanckendael. 

775. 15 1715. 

Jacobus van Ruth, burger van 's Bosch, verkoopt voor Schepenen 
aldaar aan Johan Steenhuysen, wonende aldaar, een huis met erf, 
genaamd d^ Blompot^ staande te 's Bosch aan de Ververstraat, 
tusschen het huis van zal. Willem van Heeswijck eenerzijds en dat 
van Juffr. van Vliert anderzijds, door zijnen vader den 29 Augustus 
1677 gekocht van Michiel Withuy q.q. Hierover waren als schepenen 
Abraham Daasdonck en Frangois Chatvelt 

Hierbij nog eene akte van 10 Mei 1720, waarbij voor Cornelis 
van Blotenburg en Hendrik Anthony van der Graaff, schepenen 



— 282 — 

van 's Bosch, Belia Corle weduwe van Johannes Steenhuys, in leven 
krankenbezoeker of ziekentrooster van gezegde stad, uit kracht van 
diens testament gezegd huis verkoopt aan hare kinderen Jan, Hen- 
drik, Jacobus en Mechlina Steenhuys, waarna zij namens Jan en 
Hendrick Steenhuys, hare uitlandige zonen en namens hare overige 
kinderen Jacobus en Mechlina Steenhuys, alsmede met consent van 
Anna en Hermannus van Accooy, datzelfde huis verkoopt aan 
Johannes van Leu warden, buiger van 's Bosch. 

Alsmede eene akte van 18 September 1762, waarbij voor Willem 
Bopp en Johan Philip van £ys, schepenen van 's Bosch, Johannes 
Harthout, burger van die stad, meergezegd huis, dat nu gezegd 
wordt te grenzen aan het erf van van Keulen eenerzijds en dat 
van van Beugen anderzijds en zich uit te strekken tot aan het erf 
van Beeseman en dat hem was aangekomen van zijnen schoonvader 
Jan van Leuwaarden, verkoopt aan Johannes van Leuwaarden den 
jonge. 

776. 2 Juli me. 

De Raad van Brabant te 's Hage geeft in de procedure van Tomas 
van Gulick, wonende te Boxtel, eerst impretant van mandement van 
evocatie en nu rauwelijks eischer, tegen Gijsbert van den Boer en 
Comelis van de Ven of diens moeder, mede wonende te Boxtel, 
eerst gedaagden en nu verweerders in voorschreven cas, zijnen eersten 
deurwaarder last om getuigen te dagvaarden. 

777a. i9 September iliS. 

Mr Paulus Suyskens, advocaat te 's Bosch, koopt van de erfgenamen 
van de echtelieden Willem Zyberts en Maria Donckers, zoomede 
van mr Pieter Zyberts, het huis de Zwarte bok^ staande in de Vugh- 
terstraat te 's Bosch. (Zie hierover mijne Voorname Bossche huizen 
I p. 362). 

778. ii Februari Uil. 

Monsieur Jacob van Lier, burger van 's Bosch, verkoopt voor 
Schepenen aldaar aan SrJasparSpijckers, wonende aldaar, een moigen 
land, gelegen in de Ëmpelsche Hoeven nabij de Kooi aldaar naast 
het perceel van den kooper en den verkooper aangekomen nit 
de nalatenschappen zijner ouders. Hierover waren als schepenen 
Cornelis van Blotenburg en Jacob Hasevoet 



— 288 — 

779a. 1 April iW. 

Het corpus van Heeswijk verkoopt aan diverse personen eenige 
perceelen communalen grond. 

780. 90 Juni Uil. 

Voor Peter Cremers, als gesubstitueerden schout en voor Jan van 
Els en Thomas Chairlis, als schepenen der Dingbank van Sambeek, 
verkoopen de gezamenlijke erfgenamen van wijlen Symen van de 
Water, abmede Michiel Jacobs en Peter Coppen, als momboirs over 
Gertruy van de Water en hare onmondigen, aan de echtelieden Reyn 
Biermans en Geesken Gerits een stuk bouwland, gelegen onder het 
Gerecht van Sambeek op het Hersselsveld. (Aan deze akte hangt het 
schepenzegel van Sambeek, gedeeld links Grave en rechts Nassau, 
met het randschrift: Sigil. scabinorum Sanbeke), 

78i. 8 Octoher Uil. 

Aert Wynants en Adriaantje, zijne zuster, wonende te Halder onder 
St. Michielsgestel, bekennen voor Schepenen van *s Bosch geld schuldig 
te zijn aan mr. Quirinus CroUius, secretaris van die stad ten behoeve 
van Juffrouw Mechtildis van Ingen, wonende te Heusden, onder 
speciaal verband van een vijfde in een kapitaal, gehypothekeerd op 
de Tienden van Vechel, toebehoorende aan den heer Dirx, hoog- 
schout te Roermond, alsmede van een huis met tuin en landerijen, 
staande en gelegen te Halder tusschen het huis van Gijsbert Elias 
eenerzijds en het erf van Adriaan Hoeffnagels anderzijds, enz. Hier- 
over waren als schepenen Daniel de Lobell en Jacob Philip van 
Thienen. 
782a. 4 April 1190. 

Jonker Gaspar de Voocht, wonende bij Eindhoven, verkoopt voor 
zich en als gemachtigde van Jonker Amold de Voocht, Margaretha 
en Isabella de Voocht, zijnde alle vier kinderen van wijlen Jonker 
Gaspar de Voocht en Maria Isabella van Broeckhoven, heer en 
vrouwe van Geffen en Vormeseele, aan mr Nicolaas de Gyselaer, 
advocaat te 's Bosch, een grafkelder, gedekt met eene zerk, waarop 
het wapen van van Broeckhoven èn gelegen achter het groot choor 
der St. Janskerk te 's Bosch, door verkoopers geërfd van hunne ooms 
Jor Willem Arnoud en Jacobus Theodorus van Hammen (van Broeck- 
hoven?). (Denkelijk de grafzerk n» 189, afgebeeld in Dr X. Smits: 
De grafzerken in de St. Janskerk te 's Bosch). 



— 284 — 



7830. ii Mei 1790. 



De Staten Generaal gelasten den Kwartierschout van Kempenland 
om een monnik van de Abdy van Postel, die te Eersel kerkelijke 
bedieningen kwam uitoefenen, uit die gemeente te verwijderen evenals 
elk anderen regulieren priester. 

784a. 2 April ilfi. 

Martinus van Alphen en Guiiliam Spierincx als dekenen van de 
schutterij, genaamd de Cloveniers, te Helmond, verkoopen ten over- 
staan van Schepenen aldaar aan Gerardus de Mater, burger van die 
stad, eenen rentebrief ten laste van diezelfde stad. Hierover waren 
als schepenen G^rard Huberti en Comelis de Graeff. 

785. 6 ApHl i723. 

De Raad en Leenhof van Brabant te 's Hage verlengt op het 
verzoek van Isabella Maria van der Meulen, weduwe van mr Johan 
van Nyhoff, advocaat te 's Bosch, inhoudende, dat Margo Becx, hare 
moei matemel, haar tot uiiiverseele erfgenaam heeft ingesteld, doch 
dat deze bij vier onderhandsche briefjens aanzienlijke legaten heeft 
vermaakt en dat dezelfde mr Norbert Snellen, advocaat te 's Bosch, 
tot executeur-testamentair heeft aangesteld met macht om alles buiten 
haar om te doen, zoodat zij van den staat der erfenis onkundig is ; 
dat de erflaatster op 10 Januari 1782 is overleden en dat de termijn 
van drie maanden tot het aanvaarden onder voorrecht van boedel- 
beschrijving staat te verstrijken, — dien termijn voor een tijdvak 
van nog drie maanden. 

786a. ii Juli ilfS. 

Request aan den Raad van State van de ingezetenen en naburen der 
R. K. parochie Woensel, houdende verzoek te bepalen, dat Christiaan 
Coppens aldaar de eenige pastoor zal zijn en dat wanneer er een tweede 
priester zoude mogen zijn, deze aan hem als kapelaan zal onderge- 
schikt wezen (de eerste onderteekenaar wasj. C. de Jeger d'Eeckaert). 

787a. il24. 

Extract uit het cijnsboek van het Klooster van Corssendonck, be- 
treffende de cijnsen, die het te Enschot kan heffen, o. a. van den 
Ridderhof aldaar. 



788. i Mei i7S5. 

Jan Jansen van den Bergh, wonende te Lieropde, als in huwelijk 
hebbende Maria Michieben van de Ven, c. s., verkoopt voor Sche- 
penen van Esch aan Jacobus van der Meulen den oude, wonende 
te 's Bosch, een huisje en bakhuis met akker- en weiland, gelegen 
onder de Dingbank van Esch ter plaatse genaamd aan *t Crayen- 
broeck. Hierover waren als schepenen Adriaan van Kasteren en 
Comelis van der Braacken. 

789. i8 September i7S6. 

Hendrick de Bye, notaris en procureur te 's Bosch, ab gemachtigde 
van Gerardus Assuerus Ludovicus baron de Horion Colonster, heer 
van Colonster, Angleur, Goor, Buggenum, grand majoor van Luik 
en gedeputeerde van de Adellijke Staten des lands van Luik en 
graafschap Loon en zijn Hoogheids ordinaris raad, transporteert 
voor Schepenen van 's Bosch aan Johannes Christophorus baron de 
Bertholt, heer van Balen, enz., hoog-drossaard van het Hertogdom 
Limburg, eene roggepacht, gaande uit gronden onder Boxtel en 
vergolden wordende door de Wed. Adriaan Vorstenbosch te Olland, 
Dirck Evert Beeckmans te Boxtel en de Wed. Marten van de Laar- 
schot te Schijndely den transportant aangekomen bij testament van 
Anna Wilhelmina barones van Doeme, zijne echtgenoote. Hierover 
waren als schepenen Daniël de Lobell en Jacob Massingh. 

790. $5 Septenibei^ 1726. 

Jan Pels, president, Willem Aanhuys, Jan van Grinsven, Aert 
Franssen van Hassel, Zeger Claessen, Adriaan van Veghel en Claas 
Nelissen, schepenen van Rosmalen, verkoopen aan Sinj